U bent hier

Mevrouw Gennez heeft het woord.

Minister, op 28 mei 2016 keurde de Vlaamse Regering de conceptnota Bestuurlijke Optimalisatie (BOS) goed. Uiteraard gaat het om een conceptnota, dus er is waarschijnlijk nog ruimte voor discussie. Maar toch heeft de conceptnota ook al voor wat vragen gezorgd in het leerplichtonderwijs.

Eerst en vooral wil ik stellen dat wij vanuit sp.a uiteraard voorstander zijn van bestuurlijke optimalisatie. Scholengroepen, scholengemeenschappen, het opwaarderen van de bestuurskracht, het kan alleen maar de kwaliteit van ons onderwijs versterken. Maar we hebben een aantal heel concrete vragen.

Wat is vandaag de stand van zaken van de uitvoering van de conceptnota? Op welke manier werden scholen, schoolbesturen en lokale overheden geïnformeerd over de inhoud en de timing van de conceptnota? Ziet u vandaag al effecten op het veld? Een van de effecten waar we ons mogelijk vragen bij stellen, is de impact van de conceptnota op de samenwerking binnen het officiële onderwijs.

U voorziet in de conceptnota ook in algemene stimuli voor wie zich inschrijft in de principes van de nieuwe organisatiemodellen. Wat met scholen en scholengemeenschappen die reeds voorafgaand aan de implementatie van de conceptnota een soortgelijk organisatiemodel aannamen? Zij zijn immers mogelijk benadeeld.

Op welke manier zijn er in de conceptnota stimuli ingebouwd om de samenwerking binnen het officiële onderwijs te bevorderen?

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Voorzitter, collega’s, op 28 mei 2016 stemde de Vlaamse Regering inderdaad in met de conceptnota Bestuurlijke Optimalisatie. Voor het bestuurlijke onderwijslandschap worden in de conceptnota drie modellen naar voren geschoven. Vooreerst is er het individueel schoolbestuur: het schoolbestuur dat er niet voor kiest om samen te werken in een groter geheel. Voorts is er de Vereniging van schoolbesturen (VVS): schoolbesturen die nauw willen samenwerken en ervoor kiezen een aantal zaken samen te doen. Ten slotte is er iets nieuw: het Schoolbestuur met bijzondere kenmerken (SBK): een groter schoolbestuur dat voldoet aan allerlei kenmerken op het vlak van onder meer leerlingenaantallen. De conceptnota werd toegelicht op allerhande fora en tijdens de Ronde van Vlaanderen die ik samen met mijn administratie heb gehouden.

De conceptnota voorziet in de mogelijkheid dat schoolbesturen met hun basisonderwijs, secundair onderwijs, deeltijds kunstonderwijs en volwassenenonderwijs – die twee laatste zijn niet onbelangrijk – deel kunnen uitmaken van een vereniging van schoolbesturen die netoverschrijdend kan zijn. In die mogelijkheid is dus expliciet voorzien. De conceptnota voorziet ook in overleg met de onderwijspartners om de vooropgestelde principes, bijvoorbeeld inzake de nog te concretiseren stimuli, verder te operationaliseren. Deze gesprekken werden op het eind van vorig schooljaar opgestart. Aangezien dit zowel de schoolbesturen als het personeel aanbelangt, is het van belang dat men de diverse zorgen goed kent alvorens verdere stappen te zetten.

Het gevoerde overleg heeft een inzicht in de spanningsvelden opgeleverd. Het kan ook niet volledig los worden gezien van de elementen die in het loopbaandebat aan bod komen. Scholen die goed samenwerken, kunnen immers ook gezamenlijk personeel inzetten. De conceptnota bevat stimuli om tot grotere besturen te komen, ook voor het officieel onderwijs. Deze stimuli zijn immers niet verschillend voor het vrij of voor het officieel onderwijs. Ze moeten wel nog worden geconcretiseerd, en dat wil ik samen met het veld aanpakken.

In de gemeenschappelijke verklaring van 26 januari 2016 hebben de verstrekkers van het publiek onderwijs aangekondigd dat een taskforce zal worden opgericht met vertegenwoordigers uit het GO!, de Onderwijskoepel van Steden en Gemeenten (OVSG) en het Provinciaal Onderwijs Vlaanderen (POV) om pilootprojecten op het vlak van bestuurlijke samenwerking te monitoren om samenwerking te stimuleren, te faciliteren, te initiëren en te ondersteunen. Gevolgen van een conceptnota ‘op zich’ zijn uiteraard moeilijk vast te stellen. Gesprekken over bestuurlijke schaalvergroting lopen wel, ook in het vrij onderwijs. De conceptnota geeft een richting aan, al moet nog wel wat worden geconcretiseerd. Er moet ook nog regelgeving komen. Ik heb vrij veel tijd aan het overleg besteed, en suggesties zal ik met dank aanvaarden. Een concreet antwoord op uw vragen kan ik nog niet geven, precies omdat we alles nog willen concretiseren, samen met de onderwijspartners.

Dank voor het antwoord, minister. Ik heb een heel concrete suggestie, waarvan ik hoop dat die in de commissie een draagvlak heeft: het lijkt me zinvol om de onderwijsverstrekkers over dit thema eens te horen. We doen dat wel vaker met conceptnota’s. De temperatuur meten en constructieve voorstellen aanhoren, zal helpen om de conceptnota te concretiseren.

De heer Van Dijck heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, dank aan de vraagsteller en ook dank voor het antwoord. De conceptnota is een belangrijk document. De toon van het antwoord verbaast me niet. Soms kan men zeggen dat het allemaal wat lang duurt. Maar in dit geval moet worden opgemerkt dat het om een heel gevoelige materie gaat. Ik verwijs naar het overleg tussen de onderwijsverstrekkers van het officieel onderwijs. We mogen de conceptnota natuurlijk niet uitsluitend vanuit het perspectief van het officieel onderwijs bekijken. In dit land geldt de actieve onderwijsvrijheid. Er is de vrijheid van inrichting van onderwijs. Daarmee rekening houdend kunnen we ideeën en voorstellen verwoorden, maar het behoort in grote mate tot de autonomie van de onderwijsverstrekkers om samenwerkingsverbanden al dan niet aan te gaan.

Onze ervaring met scholengemeenschappen en de intentie om nu niveauoverschrijdend te gaan werken, is rijk genoeg om ons onderwijs vooruit te kunnen helpen, steunend op de gedachte dat we moeten uitgaan van wat er op lokaal vlak gebeurt, dus geen top-downbenadering maar wel een bottom-upbenadering. Op lokaal niveau ervaart men dat samenwerking en het bundelen van krachten goed is. Dat geldt voor de vier niveaus, en niet alleen voor het leerplichtonderwijs: ook het deeltijds kunstonderwijs en het volwassenenonderwijs moeten daarbij worden betrokken. Want de verschillende niveaus versterken elkaar, en op die manier kunnen we een sterk onderwijsveld creëren.

Mijn tijd is beperkt, maar toch nog dit: mijn fractie staat honderd procent achter de conceptnota. Toch moeten we kritisch blijven kijken naar wat de mogelijkheden voor samenwerking in een VVS of een SBK qua omvang oplevert. Kijk naar het buitenland, en dan bijvoorbeeld Nederland, waar men vandaag nadenkt over het ‘defusioneren’ van schoolbesturen omdat de schaalvergroting volgens hen te ver is doorgedreven. Er is dus een goed evenwicht nodig dat de lokale partners niet mag worden opgelegd. Het is onze taak om de juiste stimuli te geven, zodat er goede modellen uit de bus komen.

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, ik denk dat de conceptnota erg belangrijk is. Het is ook vrij normaal dat wijzigingen in het onderwijsveld zorgen voor wat commotie. Dat is nooit anders geweest. Het is belangrijk dat we bij het zetten van stappen zorgen voor de nodige draagkracht in het onderwijsveld.

Minister, ik heb een concrete vraag. Kunt u wat ingaan op de gevolgen van de implementatie van de conceptnota voor de bestaande scholengemeenschappen? Is er al wat duidelijkheid over het moment waarop men uit die scholengemeenschappen zou kunnen stappen, als men dat tenminste zou wensen?

Minister Hilde Crevits

Ik dank u voor de aanvullende opmerkingen, collega’s. Mijnheer De Meyer, er is een voorstel tot verlenging met 1 jaar. Dat is in het ontwerp van Onderwijsdecreet XXVII opgenomen. Voorlopig betreft het een verlenging met 1 jaar. Die verlenging moet de kans bieden de instrumenten uit te werken. Naargelang het dossier vordert, zorgen we voor aanpassingen. Ik laat het u nog weten. Overigens: het Vlaams Parlement moet zich daarover nog uitspreken.

Ik pleit voor de organisatie van een hoorzitting over dit onderwerp, en stel voor dat tijdens de regeling der werkzaamheden te bespreken.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.