U bent hier

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

Joris Vandenbroucke (sp·a)

Voorzitter, minister, de vraag is al een tijd geleden ingediend. Op dat moment bogen de raden van bestuur binnen Eandis zich over de wijziging van de organisatie- en aandeelhoudersstructuur. Drie beslissingen lagen of liggen op tafel: de fusie van de bestaande distributienetbeheerders (DNB’s) binnen de Eandisgroep vanaf januari 2016, de invoering van een eenvormig tarief in 2019 en het aandeelhouderschap van de groep, meer bepaald over de introductie van een privépartner.

Over deze laatste beslissing, wil ik u ondervragen, minister. De Eandisgroep is op zoek naar zwaar kapitaal, ze wensen hun eigen vermogen te versterken door het aantrekken van een private of andere speler. Wie zal zoiets doen? Aan welke criteria deze private partner moet voldoen, is onduidelijk. Dat baart me zorgen omdat het distributienetbeheer een grote rol speelt, zowel inzake sociaal energiebeleid als inzake de transitie naar een duurzaam energielandschap.

Bovendien vormt het Vlaams distributienet een zogenaamd natuurlijk monopolie, waardoor geen winstmotieven mogen meespelen bij het beheer. Een eventuele partner mag niet alleen op korte termijn denken en streven naar quick wins, maar moet oog hebben voor de lange termijn en geen buitensporige rendementen nastreven.

Minister, is de Vlaamse overheid bereid zelf – of binnen een consortium met andere publieke of institutionele beleggers – toe te treden tot de aandeelhoudersstructuur van de gefusioneerde Eandisgroep? Is de Vlaamse Regering bereid de schuld van de lokale overheden te verlichten, waardoor zij in de mogelijkheid worden gesteld sterker te participeren, eventueel binnen een consortium met andere publieke of institutionele beleggers?

De heer Danen heeft het woord.

Het distributienetbeheer staat voor grote uitdagingen, de heer Vandenbroucke heeft dat al toegelicht. Electrabel stapte vorig jaar uit het kapitaal van de intercommunales. Aan de gemeenten die met de DNB Eandis werken, worden nu een aantal beslissingen voorgelegd, met name de fusie van de bestaande DNB’s binnen de Eandisgroep vanaf 2016, een uniform tarief op termijn en intrede van private partner.

De fusie van de DNB’s en het uniforme tarief vinden wij zeker een goede zaak. Toch missen we een grondig debat op Vlaams niveau op basis van onderbouwde studies over het toekomstig beheer van de distributienetten. We verwijzen hierbij naar het decreet dat Groen in de vorige legislatuur heeft ingediend met het voorstel om een Vlaams energiedistributienetbedrijf te ontwikkelen. Zowel de VREG als de SERV hebben hierover een advies gegeven, waarbij ze er allebei voor pleiten om verschillende beleidsopties te analyseren om na te gaan welke structuur het best in staat zal zijn om de uitdagingen aan te gaan waar het distributienet vandaag voor staat en dit in het licht van de belangrijke maatschappelijke opdracht van het distributienet, de belangrijke investeringen die zullen moeten gebeuren en de rol die de netten spelen in het kader van de energietransitie.

Werden de verschillende mogelijke opties voor het distributienetbeheer in kaart gebracht en met elkaar vergeleken qua voor- en nadelen, ook op basis van buitenlandse voorbeelden? Is de Vlaamse overheid bereid om hierover een diepgaand debat te voeren op basis van grondige studies, zodat op een meer onderbouwde manier kan worden beslist over de toekomstige structuur?

Overweegt de Vlaamse overheid om ook zelf mee te stappen in het kapitaal en de structuur van de distributienetbeheerders, zodat het distributienet maximaal in openbare handen kan blijven en de maatschappelijke opdracht zo efficiënt mogelijk wordt vervuld en wordt vermeden dat bepaalde tarieven verder stijgen omwille van de winstverwachtingen die door een privépartner zouden kunnen worden gesteld? Overweegt de Vlaamse overheid om te evolueren naar een gecentraliseerde distributienetbeheerder voor Vlaanderen, al dan niet in de vorm van een extern verzelfstandigd agentschap (EVA)? Indien niet, waarom kiest u daar niet voor?

Minister Turtelboom heeft het woord.

Minister Annemie Turtelboom

De Vlaamse distributienetbeheerders voor elektriciteit en aardgas hebben het statuut van intergemeentelijk samenwerkingsverband. Het Vlaams regeerakkoord bepaalt, in de paragraaf over de evaluatie van het decreet Intergemeentelijke Samenwerking, het volgende: “Daarbij krijgen de gemeenten onder meer de mogelijkheid om, met respect voor de Europese regelgeving ter zake, met een private partner in intergemeentelijk verband samen te werken in de sectoren afval en energiedistributie (inzake energie met uitzondering van producenten en leveranciers). De in het huidige decreet opgenomen beperkingen op de doelstellingen zullen versoepeld worden.”

De beleidsnota Binnenlands Bestuur en Stedenbeleid van minister Homans bouwt hierop voort en stelt dat deze wijzigingen in 2015 aan de Vlaamse Regering en het Vlaams Parlement zullen worden voorgelegd, wat dus met de goedkeuring door de Vlaamse Regering van het ontwerpdecreet wordt uitgevoerd. De Vlaamse Regering keurde op 17 juli 2015 een voorontwerp van decreet goed dat de verplichting om voor 100 procent publiek te zijn, wil schrappen wat de distributienetbeheerders en de afvalintercommunales betreft. Dat werd ook zo opgenomen in het Vlaams regeerakkoord.

In de sector energiedistributie zal het in de toekomst toegelaten zijn dat private partners aandelen bezitten, maar we zullen uiteraard een aantal belangrijke voorwaarden inbouwen: de private deelnemers mogen geen controlerende of blokkerende macht kunnen uitoefenen in een intergemeentelijk samenwerkingsverband, de private deelnemers kunnen geen beslissende invloed uitoefenen op de vereniging, en in de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden actief in de sector van de energiedistributie mag de eventueel deelnemende privaatrechtelijke persoon geen belangen hebben in de deelsectoren energieproductie en energielevering.

Het voorontwerp van decreet werd voor advies voorgelegd aan de SERV en de Raad van State. Voor de discussie over dit voorontwerp van decreet verwijs ik naar minister Homans en de bespreking van het decreet in het Vlaams Parlement.

De Vlaamse overheid overweegt momenteel niet om ook zelf mee te stappen in het kapitaal en de structuur van de distributienetbeheerders. Er kan namelijk niet worden gesteld dat een privépartner enkel oog zou hebben voor de quick wins. Er is namelijk ook bepaald dat de privépartner geen doorslaggevende stem heeft. Hij moet ervoor zorgen met de distributienetbeheerder dat de maatschappelijke opdracht op een zo efficiënt mogelijke manier vervuld wordt. Bovendien is er nog steeds de controle van de VREG op de distributienetbeheerdertarieven.

De evolutie naar een gecentraliseerde distributienetbeheerder voor Vlaanderen, in welke vorm dan ook, is niet aan de orde.

De vraag of de Vlaamse Regering bereid is de schuld van de lokale overheden te verlichten, waardoor ze nog meer zouden participeren, is niet aan de orde, aangezien net de omgekeerde beweging opgezet is, namelijk een sterke privépartner binnenbrengen in de organisatie van een gemengde distributienetbeheerder.

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

Joris Vandenbroucke (sp·a)

Minister, ik dank u voor uw antwoord. U beschrijft wat we allemaal al weten. De vraag is natuurlijk wat voor een partner er aan boord wordt gehesen. De ene privépartner is de andere niet. U hebt een aantal voorwaarden opgesomd. Dat zijn inderdaad minimale voorwaarden.

Voor de sp.a-fractie is en blijft in de transitie naar een duurzame en decentrale energievoorziening de publieke hand zeer belangrijk, al is het maar omdat de energiedistributie-infrastructuur vandaag grotendeels is gefinancierd met publieke middelen en een veel langere economische levensduur heeft dan de boekhoudkundige. De eventuele ‘windfall profits’ die daaruit kunnen vallen, moeten ten goede blijven komen van het algemene belang. Dat is ons standpunt.

We zullen zien wanneer de regering komt met een versoepeling van het decreet waarvan sprake, welke evolutie zich binnen Eandis nog zal aftekenen en welke partners zich zullen aandienen. Wat ons betreft is het duidelijk aan welke voorwaarden die zouden moeten voldoen.

De heer Danen heeft het woord.

U zet de deur open om private partners te laten deelnemen, maar ze mogen geen doorslaggevende stem hebben. Wat definieert u als een doorslaggevende stem? Bent u gevat door een Europese verordening die maakt dat u verplicht bent om partners toe te laten of is het een keuze van de Vlaamse Regering zelf?

De heer Lantmeeters heeft het woord.

Ik heb met aandacht geluisterd naar uw vraag, mijnheer Vandenbroucke. Er is een duidelijk verschil in visie dat we altijd hebben. We wilden die samenwerkingsverbanden geven aan het gemeentelijk niveau. Ik vraag om daar ook vertrouwen in te hebben. Dus laat het op het gemeentelijk niveau, waar het op dit ogenblik wordt beslist, ook de fusies die eraan komen. Dit stoort me af en toe, niet van u persoonlijk. Het zijn toch ook uw vertegenwoordigers in die distributienetbeheerders ter plaatse die er altijd mee akkoord zijn gegaan.

Het zijn ook uw vertegenwoordigers die mee zullen spreken over wie die privépartner zal zijn. Ik denk dat we daar vertrouwen in moeten hebben. Ik begrijp uw bekommernis. We spreken hier over gemeenschapsgeld, en dat moet goed worden beheerd. Daarmee ben ik het helemaal eens, vanzelfsprekend. Het mag echter ook niet alleen aan de politiek liggen, want wij weten ook niet alles, politici weten ook niet alles. In het kader van corporate governance is het heel dikwijls wel nodig dat er een privépartner bijkomt, want die mensen hebben wat meer knowhow. Als we dus vertrouwen hebben in die privépartner, als we vertrouwen hebben in het gemeentelijke niveau, en de Vlaamse Regering zet daar een grens op, namelijk dat men niet meer dan 49 procent van het kapitaal mag hebben, dat men geen zeggenschap of geen blokkeringsminderheid mag hebben, dan is dat voldoende voor ons. Ik denk dat we er enig vertrouwen in mogen hebben dat het op die manier allemaal wel goed zal komen. Als u er zich zorgen over maakt dat iemand voor quick wins gaat, dan zijn het de lokale vertegenwoordigers die er zorg voor zullen dragen dat dat niet het geval zal zijn.

De heer Schiltz heeft het woord.

Collega’s, in de energiesector zijn er al een aantal bewegingen in die richting gemaakt. Ik denk ook aan de zeer succesvolle beursgang van Fluxys, ook een monopolistische netbeheerder. Een aantal institutionele beleggers hebben daar spontaan op ingetekend omwille van de voorvoorwaarden: nooit meer dan een meerderheidsstem en dergelijke meer. Bovendien is het een bedrijf dat met investeringen op lange termijn werkt. Dat is terecht aangehaald. De afschrijvingstermijnen zijn zeer lang. Dat geldt echter ook voor de instap in het kapitaal. Als die investeringskalenders vastliggen, dan moet dat geld daarin worden gepompt, vooraleer men winsten begint te genereren. Dat is zeker en vast geen structuur die daarvoor gevaar oplevert. Integendeel, het lijkt ons dat de injectie van vers kapitaal en ook expertise van buitenaf, uit de bedrijfswereld, in iets dat state-governed is, er net voor kan zorgen dat die bedrijven op een performante en moderne manier worden gemanaged en kunnen worden geïnspireerd of versterkt. Het lijkt me dus een zeer goede zaak dat er meer privékapitaal in de netbeheerders zou kunnen komen, en het lijkt me absoluut niet nodig dat de Vlaamse overheid zelf aandeelhouder zou worden in de netbeheerder. Ze heeft een regelgevend kader, legt een aantal dienstverplichtingen op, kijkt toe op de beleidsrichtsnoeren, of op de richtsnoeren inzake tarifering, tenminste. Daarmee lijkt er me voldoende garantie te zijn.

Ik sluit me aan bij de collega’s van de meerderheid met betrekking tot het idee van een private minderheidsaandeelhouder in de Vlaamse distributienetbeheerder. Ik denk dat de Vlaamse Regering een aantal juiste keuzes maakt en ook een aantal grendels inbouwt, waarbij de positie van lokale besturen als belangrijke en dominante factor in het distributienetbeheer ook wordt gevrijwaard. Daar staan we dus ten volle achter.

Mijnheer Vandenbroucke, ten gronde verwondert me een klein beetje dat u hier deze vragen stelt. In het bestuur van Eandis is uw partij heel nadrukkelijk vertegenwoordigd. Ik denk dat de burgemeester van Leuven ondervoorzitter is. Sven Taeldeman is een bestuurder die uit uw stad komt en mee achter deze keuze staat. Het lijkt me dus wat raar dat uw fractie daar op Vlaams niveau vragen bij heeft, terwijl uw eigen partij op lokaal niveau mee dezelfde keuzes maakt als deze Vlaamse meerderheid.

Minister Turtelboom heeft het woord.

Minister Annemie Turtelboom

We maken inderdaad een aantal logische keuzes om privékapitaal in te brengen, maar bouwen ook een aantal voorwaarden in. Het blijft immers uiteraard een publieke dienstverlening. Daarom kunnen ze nooit een bepalende stem hebben, gaat het om een minderheid enzovoort. Men mag zelf geen banden hebben met de energiemarkt van de productie of de leveranciers. Op die manier zorgen we er dus voor dat het echt een kapitaalsondersteuning is. Ik sluit me echter ook aan bij wat leden hier hebben gezegd: dit is, denk ik, doorgesproken met alle politieke partijen die er zijn. Ik zou dus toch wel opletten dat u uzelf daar niet opnieuw tegenkomt.

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

Joris Vandenbroucke (sp·a)

U hebt me niet horen betwisten dat deze operatie gebeurt. Die beslissing wordt inderdaad op dit moment genomen binnen de Eandis-groep. Ik weet wel pertinent zeker dat ook de vertegenwoordigers van mijn partij de opmerking hebben gemaakt dat het openstellen van kapitaal het liefst niet mag uitsluiten dat bijvoorbeeld Vlaanderen zelf intreedt in het kapitaal of dat het aandeel van de gemeenten, waarin we zeer veel vertrouwen hebben, collega Lantmeeters, zou worden versterkt. Ik denk dus dat ik mezelf helemaal niet tegenkom. Ik geef uiting aan een bekommernis en ik vind dat dit absoluut op zijn plaats is, gelet op het feit dat wij toch de decreetgever zijn in dezen.

Het is goed dat u de partijlijn nog eens verduidelijkt.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.