U bent hier

De voorzitter

De heer Martens heeft het woord.

Bart Martens

Voorzitter, minister, beste collega’s, ik las vandaag in De Tijd dat de hoogmis van de rioleringswereld in Vlaanderen, de VLARIO-studiedag gisteren in Antwerpen, duidelijk maakte dat driekwart van onze gemeentebesturen niet van plan is om de volgende gemeentelijke legislatuur meer te investeren in de uitbouw, de exploitatie en het onderhoud van de rioolstelsels. Minister, als dat waar is, denk ik dat we met een levensgroot probleem zitten. We hebben recent in de commissie Leefmilieu nog gezien dat er een verdubbeling van het investeringsritme nodig is om de Europese doelstellingen te kunnen halen.

Uit dezelfde enquête bij de gemeenten bleek dat een op drie gemeenten pas zinnens is zijn huidige riolen te vervangen na 100 of zelfs 200 jaar. We hebben in het verleden allemaal gezien waartoe dat leidt: wegverzakkingen en verkeersellende tot en met. Het is geen optie dat we onze lokale besturen met de voeten laten slepen. Zij moeten wel degelijk aangepord worden om de uitbouw van het rioolnetwerk ter harte te nemen om de Europese doelstellingen te halen en om al het afvalwater op een gedegen manier te kunnen afvoeren. Minister, als dat niet gebeurt, zal ons dat heel duur te staan komen. Europa zal ons bij het niet halen van de richtlijnen een boete opleggen van 20 miljoen euro, 60.000 euro per dag. Die factuur zal uiteindelijk niet bij de gemeenten terechtkomen maar bij u, bij de Vlaamse Regering.

We hebben in onze commissie al suggesties geleverd hoe we de gemeenten bij de les kunnen houden en hoe we kunnen zorgen voor een alternatieve financiering. Bijvoorbeeld door het invoeren van een vermijdbare heffing op zeer grote verharde oppervlakken die al het regenwater in de riolen lozen.

Minister, hoe kunt u garanderen dat de gemeenten toch bij de les blijven en dat zij de noodzakelijke investeringen zullen doorvoeren om onze Europese verplichtingen na te komen en om het rioolnetwerk in stand te houden?

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Mijnheer Martens, u baseert zich op de VLARIO-studiedag van gisteren. Ik was daar trouwens aanwezig. Daar is een bevraging gebeurd ter plaatse, per knop. Maar er is ook een wetenschappelijke bevraging gebeurd door de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM). Daaruit blijkt dat 60 procent van de rioolbeheerders en de gemeenten bereid is om middelen te investeren in rioleringen. Dat is veel geruststellender dan wat gisteren aan de deelnemers is gevraagd tijdens de VLARIO-dag. Ik heb nog altijd meer vertrouwen in een wetenschappelijke bevraging.

We hebben in de commissie al uitvoerig over dit onderwerp van gedachten gewisseld. U verwijst er zelf naar. U weet dat we de Europese doelstellingen moeten halen. Dat vraagt gigantische investeringen. De uitdaging om aan die Europese doelstellingen te voldoen, is er niet enkel op het vlak van waterzuivering, er zijn ook zaken als vergunningenbeleid, en bepaalde sectoren moeten bijkomende inspanningen doen.

Voor mij is het belangrijk dat er planmatig wordt gewerkt. Bij het begin van de volgende legislatuur moeten de gemeentebesturen een plan opmaken, zodat de prijzen niet onder druk komen, de werken goed kunnen worden gespreid en de markt niet oververhit geraakt. Ook belangrijk is dat de gemeenten volop inzetten op hun gebiedsdekkende uitvoeringsplannen. Die zijn volop in de maak, door de gemeentebesturen samen met de VMM. Ik hoop dat heel die planmatige aanpak effectief tot zijn recht kan komen.

Een ander belangrijk aspect is dat de bestaande rioleringen onderhouden en vervangen moeten worden. Ik verwijs naar de omzendbrief en de code voor goede praktijk die we hebben ingevoerd. Dat zijn twee belangrijke stappen die we hebben gezet.

U vraagt wat ik ga doen. Er staan 1400 projecten op de lijst, goed voor 1,8 miljard euro investeringen, die we vanuit Vlaanderen zouden moeten doen. We doen forse inspanningen, 210 miljoen euro per jaar, maar we hebben niet in één jaar 1,8 miljard euro ter beschikking. Gemeenten hebben 270 miljoen euro ter beschikking en moeten dat bedrag volop inzetten.

U verwijst naar de hemelwaterheffing, mijnheer Martens. Ook daarover hebben wij al uitvoerig van gedachten gewisseld. Die piste moet worden onderzocht. Ik ben geen voorstander van extra heffingen. Het is mee opgenomen in het regeerakkoord. Laat ons rustig onderzoeken hoe dat op een haalbare manier mogelijk is en kijken of het eventueel in de toekomst kan worden ingevoerd, maar in deze legislatuur zal dat niet gebeuren.

Bart Martens

Ik ben blij dat u net als ons planmatig te werk wilt gaan, minister. Wij geloven ook sterk in die gebiedsdekkende rioleringuitvoeringsplannen, die in opmaak zijn. Maar papier is geduldig. We hebben een stok achter de deur nodig om de gemeenten die weigeren uitvoering te geven aan die plannen, aan te zetten tot concrete daden. We hebben destijds, minister, gevraagd aan de Vlaamse Regering in dit parlement om te zorgen voor een ambtshalve indeplaatsstelling van lokale besturen die ook na aanmaning weigeren hun taken op het vlak van uitbouw van rioolnetten ter harte te nemen. Ik denk dat u die resolutie in maart 2008 nog zelf mee hebt ingediend. Zo’n stok achter de deur hebben we nodig.

We kunnen twijfelen aan het wetenschappelijke gehalte van de enquête van gisteren. Er waren nochtans 700 aanwezigen. Zo weinig is dat niet. Als de VMM-bevraging leert dat slechts 60 procent van de lokale besturen bereid is om extra te investeren, terwijl we volgens de VMM een verdubbeling van het investeringsritme nodig hebben, denk ik dat we meer nodig hebben om alle lokale besturen tot daden aan te zetten.

De voorzitter

Mevrouw De Vroe heeft het woord.

Minister, het is inderdaad belangrijk dat er een planmatige aanpak is, zodat er gespreid kan worden geïnvesteerd. Onze gemeenten en steden staan voor gigantische financiële uitdagingen. Het is heel belangrijk dat zij door het Vlaamse Gewest zo goed mogelijk worden ondersteund in het uitvoeren van hun saneringstaken. Uiteraard hebben gemeenten en gemeentelijke rioolbeheerders hun gemeentelijke autonomie om zelf hun rioleringen te onderhouden en uit te breiden, maar het is wel heel belangrijk dat het Vlaamse Gewest hen maximaal steunt.

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Collega Martens heeft net gewezen op het recent onderzoek door de VMM waaruit blijkt dat de mensen nog steeds te weinig beseffen hoe belangrijk waterzuivering en rioleringen wel zijn. We moeten samen met de gemeenten het draagvlak bewaken om daarin te blijven investeren. Ik wil mevrouw De Vroe even tegenspreken. Het spreekt vanzelf dat de Vlaamse overheid zal blijven investeren, maar tegelijkertijd moeten we een kat een kat blijven noemen en beseffen dat het in de eerste plaats de gemeenten zijn die hun verantwoordelijkheid moeten dragen. Dat kunnen ze door de saneringsbijdrage licht te verhogen. Daartoe is er nog de nodige ruimte. Daarnaast kunnen ze ook putten uit eigen middelen.

Ik herhaal dus nogmaals dat we in alle eerlijkheid moeten zeggen dat het de gemeenten zijn die hier de kar moeten trekken.

De voorzitter

De heer Huybrechts heeft het woord.

Pieter Huybrechts

Een drietal weken geleden werd in de commissie Leefmilieu nogmaals over deze problematiek gedebatteerd. U hebt toen geantwoord dat het in de eerste plaats aan de gemeenten en aan de gemeentelijke rioolbeheerders toekomt om hun rioleringen aan te leggen en te onderhouden.

VLARIO meldt evenwel dat de budgetten die beschikbaar zijn voor rioolwaterzuivering, te laag zijn. Op de studiedag van VLARIO is gebleken dat een ernstig financieringstekort dreigt te ontstaan. Nochtans dwingt Europa ons tegen 2015 alle waterlichamen in goede staat te brengen. Hoe zal dat concreet verwezenlijkt worden? Waar zal de Vlaamse Regering die 2 miljard euro per jaar tegen 2015 vinden?

De voorzitter

Mijnheer Huybrechts, mag ik u er aan herinneren dat u slechts één vraag mag stellen?

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde

Minister, ik heb u gisteren in de commissie Leefmilieu gefeliciteerd met uw standpunt over de broeikasgasreductienorm van 30 procent. In dit dossier rond waterzuivering danst u evenwel steeds rondom de hete brij. We weten vandaag dat we voor een gigantische investering staan waarin de gemeenten hun verantwoordelijkheid zullen moeten nemen.

VLARIO heeft berekend dat het hier om ongeveer 9,9 miljard euro gaat tot 2027. Welnu, heel wat gemeenten bevinden zich thans in een crisis. Niet alleen vanwege hun financiële situatie, maar omdat bijvoorbeeld een veel te duur gemeentehuis werd gebouwd.

Wat gaat u doen als die noodzakelijke investeringen door gemeenten in rioleringen niet plaatsvinden? De piste van de hemelwaterheffing is perfect te vermijden, maar is wel voordelig voor ons rioleringssysteem.

De voorzitter

De heer de Kort heeft het woord.

Dirk de Kort

De meeste uiteenzettingen in dit dossier worden gehouden vanuit leefmilieuoogpunt. Ook de rioleringssubsidies worden hoofdzakelijk vanuit dit leefmilieuoogpunt bekeken. We mogen echter niet uit het oog verliezen dat heel wat projecten die mede door de gemeenten worden aangedragen, ook vanuit nog andere aspecten worden benaderd. Ik denk daarbij bijvoorbeeld aan bovenlokale of veiligheidsaspecten. Moet ook daar niet de nodige aandacht aan worden besteed? Ik denk bijvoorbeeld aan doortochtprogramma’s of de heraanleg van de schoolomgeving. Moet ook daar geen goedkeuring vanuit Vlaanderen worden verleend?

Collega’s, uit de waterfactuur putten de gemeenten ook inkomsten die zij kunnen herinvesteren in riolering. In totaal gaat het hier om 270 miljoen euro per jaar die ter beschikking staat van de lokale besturen. Mocht elke gemeente het maximum toelaatbare aanrekenen, dan gaat het zelfs om 320 miljoen euro.

De gemeenten moeten de saneringsbijdrage opnieuw investeren. Daarnaast moeten natuurlijk ook een aantal algemene middelen van de lokale besturen of rioolbeheerders worden geïnvesteerd in rioleringen. Uit de bevraging van de VMM blijkt dat 0,6 procent van de algemene middelen van de algemene besturen geïnvesteerd wordt in riolering. Dat is bijzonder laag. Er kan nog een bijkomende inspanning worden geleverd. Via de omzendbrief Code Goede Praktijk worden ook wel incentives gegeven aan lokale besturen om er effectief werk van te maken.

Investeringen in rioleringen, waterzuivering, dat zijn in de eerste plaats gemeentelijke verantwoordelijkheden. Ik heb wel vertrouwen in lokale besturen. Mijnheer Martens, mijnheer Sanctorum, ik heb een beetje de indruk dat u wat wantrouwig bent. Ik geloof in die lokale besturen. We hebben goede bestuurders, die ook weten wat goed is voor hun gemeente, en dat ze ook absoluut willen investeren in waterzuivering. Op de studiedag waar die vraag werd gesteld, waren 700 mensen aanwezig. Die vertegenwoordigden niet allemaal gemeentebesturen. Ook ik was daar aanwezig. Als men dan vraagt of men zo maar meer geld wil investeren, dan kan die vraag in alle richtingen worden geïnterpreteerd. Ik ben dan ook niet verbaasd dat het antwoord neen was. De vraag moet beter worden geplaatst. Op dat vlak heb ik veel meer vertrouwen in de wetenschappelijke bevraging door de VMM. Daarin wordt een heel andere tendens aangegeven.

Er werd ook verwezen naar de deadline van 2015. Ik wil toch enige nuancering aanbrengen. U weet dat we twee keer op basis van de planmatige aanpak een uitstel kunnen krijgen. Eigenlijk is de deadline voor Europa 2027. Wat gaan we doen? Ik heb gezegd dat het niet alleen over waterzuivering gaat. Het gaat ook over een vergunningenbeleid, over een aantal economische sectoren in Vlaanderen, die ook bijkomende inspanningen moeten doen. Op al die vlakken werken wij en wordt ook absoluut uitvoering gegeven aan wat Europa ons oplegt.

Binnenkort zal trouwens het nieuwe Milieurapport Vlaanderen (MIRA-rapport) worden bekendgemaakt. U zult zien dat op dat vlak de tendens inzake de toestand van onze waterlopen positief is.

Collega’s, ik wil nog eens herhalen dat ik geen voorstander ben om nog maar eens een nieuwe heffing op te leggen. De waterfactuur is al hoog. Ik krijg van een aantal collega’s vragen over de hoogte van de waterfactuur. Mijnheer Martens, van u krijg ik nu de vraag om een extra heffing op te leggen, zodat de factuur nog hoger wordt. Dat staat niet in het regeerakkoord. Ik denk niet dat we die tijdens deze legislatuur moeten invoeren. Als er een piste kan worden bewandeld, moeten we de zaak goed bekijken en zien dat ze administratief en in de praktijk kan worden uitgevoerd.

Collega’s, de uitdagingen zijn groot. 1400 projecten staan bij mij momenteel op de lijst. In totaal zou ik 1,8 miljard euro moeten hebben om al die gemeentelijke projecten bijkomend te financieren. Ik heb 210 miljoen euro per jaar. Mijnheer de Kort, we moeten prioriteiten vastleggen. We doen dat op basis van een aantal objectieve criteria: we kijken wat economisch verantwoord is, wat het meest ecologische effect heeft, wat ter plaatse de toestand van het water ten goede komt. Daarnaast proberen we ook te kijken waar we lokale, gemeentelijke projecten kunnen koppelen aan gewestelijke projecten. U doet de suggestie om ook rekening te houden met verkeersveiligheid en veiligheid tout court. In een aantal gevallen wordt dat punt meegenomen. Het blijft echter een moeilijke oefening om een goede rangschikking te geven aan de 1400 projecten. Het is niet altijd evident om al die trajecten, die dikwijls ook de aanleg van fietspaden met zich meebrengen – en dat zijn natuurlijk goede investeringen –, telkens te koppelen aan een rioleringsdossier. Het is niet altijd evident om te wachten op de subsidie van het gewest. De lokale besturen moeten zelf zien wat de prioriteiten zijn, welke rioleringen ze eerst aanpakken, en moeten zelf met de saneringsbijdrage een deel van de verantwoordelijkheid opnemen.

Samengevat, ik heb vertrouwen in de lokale besturen. Dat neemt niet weg dat we waakzaam moeten zijn, dat we ervoor moeten zorgen dat die planmatige aanpak loont, dat die ook wordt uitgevoerd. Ik heb er alle vertrouwen in dat de lokale besturen dat zullen doen. Gisteren heb ik de lokale bestuurders opgeroepen om vanaf de volgende legislatuur, begin 2013, te voorzien in een goede planmatige aanpak, te zorgen voor een spreiding over een periode van zes jaar, zodat er een zo groot mogelijk effect is op onze waterlopen.

Bart Martens

Als het een beetje meezit, krijgen we van Europa de toestemming om de inspanningen tot 2027 te spreiden. We krijgen dan twee keer een periode van zes jaar uitstel. Dat is voor Europa ook de uiterste limiet. Maar de VMM heeft ook uitgerekend dat tot 2027 niet minder dan 9,9 miljard euro moet worden geïnvesteerd, terwijl de gemeentelijke saneringsbijdrage in diezelfde periode maar 5,5 miljard euro aan opbrengsten zou genereren.

Met andere woorden, er is een tekort van 4,4 miljard euro, zelfs als alle gemeenten het maximum aan gemeentelijke saneringsbijdragen op de drinkwaterfactuur zouden innen. Nu kunt u zeggen dat u er alle vertrouwen in hebt dat al die lokale besturen die 4,4 miljard euro in die periode gaan bijpassen uit hun algemene middelenbegroting. Ik twijfel daar zeer sterk aan.

Minister, het klopt dat die vermijdbare heffing op niet van het riool afgekoppelde verharde oppervlakten niet in het regeerakkoord stond. Het stond wel in een resolutie van maart 2008, die hier kamerbreed is gesteund. Het gaat om een vermijdbare heffing. Als de exploitanten van die verharde oppervlakten erin slagen om dat regenwater plaatselijk te infiltreren, moet het rioolstelsel ook minder groot worden gedimensioneerd en kunnen we heel wat investeringskosten uitsparen. Dat is een positieve zaak voor de drinkwaterconsumenten.

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.