U bent hier

De voorzitter

Algemene bespreking

Dames en heren, aan de orde is het ontwerp van decreet houdende wijziging van het decreet van 20 december 1996 tot regeling van de rol van de lokale adviescommissie in het kader van het recht op minimumlevering van elektriciteit, gas en water en van het Energiedecreet van 8 mei 2009, wat betreft de invoering van een regulerend kader voor warmte- of koudenetten.

De algemene bespreking is geopend.

De heer Danen heeft het woord.

Voorzitter, iedereen heeft het verslag kunnen lezen, maar ik wil toch kort even iets zeggen. Wij zullen dit ontwerp van decreet steunen. Waarom gaan we dat steunen? Het huidige aandeel van aansluitingen op warmte- of koudenetten door huishoudens en bedrijven is nog steeds lager dan 1 procent. Dat is dus een heel laag cijfer, veel lager dan in een aantal andere landen, die het op het vlak van klimaat en energie beter doen dan Vlaanderen.

Heel wat steden en gemeenten zijn daarmee bezig. Er zullen zeker nog heel wat koude- en warmtenetten volgen. Het is belangrijk dat de regelgeving wordt aangepast, om die koude- en warmtenetten alle kansen te geven. Wij zijn dus van mening dat een aantal zaken goed moeten worden geregeld. Maar we moeten niet alles tegelijk regelen omdat je op die manier bepaalde middelen gaat fnuiken. Dat kunnen we hier wel missen als kiespijn. Ik denk dat deze regelgeving ook weer aan verandering onderhevig zal zijn de komende jaren. We willen daar natuurlijk graag aan meewerken.

De Vlaamse overheid moet dit omarmen. Dit is des te belangrijker omdat dergelijke netten de inzet van hernieuwbare energie en het gebruik van restwarmte faciliteren. Daarmee draagt dit bij tot de klimaatdoelstellingen, wat sowieso niet zo gemakkelijk en evident zal zijn. We steunen alles wat daartoe bijdraagt. Daar moet zeker ook een tand worden bijgestoken.

Het decreet regelt een aantal zaken, zoals de openbaredienstverplichtingen. Wij blijven ons vragen stellen over de prijs. Maar ik heb begrepen dat dat vooral een federale bevoegdheid is. Momenteel zijn de meeste Vlamingen het gewoon om een individuele verwarmingsinstallatie te hebben. Als ze zouden moeten overgaan tot een collectievere vorm, zou dat een zekere gedragsverandering met zich meebrengen. Dan moet die prijs dus zeker beter zijn.

Wij stellen ons ook vragen bij het verplichte karakter van de aansluiting. Dat zit nu niet in het decreet. We pleiten ervoor om dat wel verplichtend te maken.

Ondanks het feit dat er een aantal zaken in zitten die ons niet 100 procent aanstaan, zullen wij dit toch steunen omdat iedere stap vooruit in de ontwikkeling van warmte- en koudenetten belangrijk is.

De voorzitter

De heer Gryffroy heeft het woord.

Ik wil eerst en vooral de diensten en de verslaggevers bedanken voor het feit dat men dit ontwerp van decreet versneld naar de plenaire vergadering heeft gebracht. Dat is belangrijk, want we zitten met warmtenetten die al uitgebouwd zijn, zoals ECLUSE. Maar er zijn ook warmtenetten die in de toekomst, bijvoorbeeld in de gemeente Dessel, sowieso ook ter sprake zullen komen. Daarom is het goed dat er een regulerend decretaal kader is, dat dan later met ministeriële besluiten moet worden aangevuld. Daarom waren wij zeer sterk vragende partij om dit heel snel te regelen.

Er zit nog een artikel in, dat niets met warmte- of koudenetten te maken heeft, maar dat toch zeer belangrijk is voor zonnepanelen op grote daken of grote installaties. Het 36 maanden wachten wordt nu geschrapt. Hiermee kunnen we vooral ook uitvoering geven aan datgene waarover we in de commissie al maanden spreken om warmtenetten een duidelijk decretaal kader te kunnen geven. Dat is nodig voor de gebruikers en voor diegenen die zich daarop aansluiten als producenten.

De voorzitter

Mevrouw Hostekint heeft het woord.

Michèle Hostekint (sp·a)

Minister, wij zijn absolute believers van de warmtenetten. We zijn dus zeer tevreden dat hier een kader wordt voorgelegd dat het juridische vacuüm dicht waarin we ons vandaag bevinden en dat dreigde de bestaande initiatieven en de vandaag al bestaande warmtenetten af te remmen. Dat wordt hiermee deels opgelost.

Het is een goede zaak dat hiermee ook de sociale openbaredienstverplichtingen, de wanbetalersbeschermingen tegen afsluiting, worden geregeld. Ook de rol die u de VREG toedicht, in weerwil van het advies van de Raad van State, kunnen we ondersteunen. Het lijkt ons evident dat we hier wat is geregeld voor de gas- en elektriciteitsmarkt, doortrekken naar de warmtenetten. Maar het lijkt ons ook zeer evident – en ik hoop dat u daar snel werk van maakt – dat u de consequenties en de impact van die bijkomende taken op de werking van de VREG zeer snel in kaart brengt en dat u daar ook het passende gevolg aan zult geven.

Wat ons in dit kader wel bezorgd maakt – en ik heb dat ook in de commissie gezegd – is het element van de prijssetting, de tarifering en de facturering. Dat is een heel belangrijk element. U wilt met het ontwerp van decreet naar eigen zeggen ook het draagvlak voor warmtenetten vergroten. Dan denk ik dat het net de prijs is die, eerder dan de bekendheid van warmtenetten, het draagvlak al dan niet zal vergroten.

Ik denk dat de prijs en de tarieven de cruciale factor zullen zijn in het al dan niet succesvol zijn van de warmtenetten en het al dan niet verder kunnen uitrollen van die warmtenetten. Als we dat maatschappelijke draagvlak voor de warmtenetten inderdaad willen versterken en vergroten, dan zal de bezorgdheid die we met zijn allen delen rond het klimaat, niet volstaan. Mensen zullen naar hun facturen kijken. Mensen zullen naar hun portemonnee kijken. En dat zal zijn wat hen al dan niet over de streep zal trekken, vooral ook omdat men niet de vrijheid heeft om een leverancier te kiezen en men ook niet zomaar van leverancier kan veranderen.

We hebben in het verleden altijd het niet-meer-dan-anders-principe naar voren geschoven. Het is jammer dat dat in dit ontwerp van decreet niet meer aan bod komt. Niettemin, minister, vinden wij het belangrijk dat er met dit ontwerp eindelijk een basis is en dat het juridische vacuüm, dat vandaag die initiatieven dreigde af te remmen, is weggewerkt. Er is nog heel wat werk aan de winkel op het vlak van regulering en het faciliteren van de warmtenetten, als we ervoor willen zorgen dat die warmtenetten inderdaad een echte doorbraak kunnen kennen. Maar omdat we willen dat het vooruitgaat, omdat we elke stap die u in deze zet, van ganser harte toejuichen, en omdat we hopen dat u snel verdere stappen zult zetten, zullen we dit ontwerp van decreet steunen.

De voorzitter

Minister Tommelein heeft het woord.

Voorzitter, collega’s, het is inderdaad zo dat wij hier een belangrijke stap vooruit zetten in het decretale kader voor warmtenetten en dat dat zeker in het kader van ons energieplan en onze doelstellingen voor hernieuwbare energie een heel belangrijk element is. Door de uitbouw van warmte- of koudenetten komen we tegemoet aan het 20-20-20-kader binnen Europa. U weet wat dat bekent: 20 procent vermindering van de broeikasgasemissies, 20 procent energie-efficiëntie en 20 procent aandeel hernieuwbare energiebronnen.

Ik begrijp dat er wat ongerustheid is over het niet-meer-dan-anders-principe. Het klopt dat er in Nederland een niet-meer-dan-anders-principe vastgelegd is, een maximumprijs voor de warmte. De discussie over hoe die berekend zou moeten worden, heeft een slordige vijftien jaar geduurd. En uiteindelijk is het principe danig afgezwakt. Men betaalt nu elk jaar een maximumprijs voor warmte. Desalniettemin kan de leverancier zijn warmtetarief tussentijds veranderen.

Maar zelfs al zouden we dat willen, wij kunnen het niet. Vlaanderen heeft geen bevoegdheid voor de tarieven van warmte, dus ook niet voor sociale tarieven, zoals u weet. In Vlaanderen is elke leverancier dus vrij om zijn eigen tarief te bepalen. Ik heb u gezegd, mevrouw Hostekint, dat hij zijn prijs toch schappelijk zal moeten houden, om concurrentieel te blijven met andere alternatieven. Dus de facto zul je toch naar een niet-meer-dan-anders-principe evolueren. Ik blijf erbij dat de markt zal zorgen voor ‘niet meer dan anders’. Een warmteleverancier die hoge prijzen zal vragen, zal ook geen zaken doen.

Als er vaste prijzen opgelegd worden, zorgt dat voor een ontwrichting van de markt. U begrijpt dat ik dat absoluut niet wens. Want gratis bestaat niet, en vroeg of laat krijgt iemand anders toch de rekening gepresenteerd. Ik denk dat het verstandiger is om niet regulerend op te treden.

Ik denk dat een verplichte aansluiting ook niet wenselijk is, want dan zou ik al garanties over de prijs moeten kunnen geven op lange termijn, en dat kan nu absoluut nog niet.

Wij zullen dit ontwerp van decreet inderdaad steunen, maar rond de prijszetting heeft Vlaanderen weinig te zeggen, dus ik ga er ook heel kort over zijn. Maar ik wil toch voor de duidelijkheid en voor het verslag zeggen dat wij het niet-meer-dan-anders-principe ook ondersteunen en dat wij op dat vlak ook niet willen toegeven, omdat wij er niet in geloven dat warmtenetten kansen zullen krijgen als je die prijszetting niet goed gaat reguleren. Want stel je eens voor dat je een hele wijk gaat aansluiten op zo’n warmtenet. Iedereen is aangesloten, en de jaren erna laat de leverancier de prijs elk jaar opnieuw met 5 procent stijgen. Mensen gaan dan niet ineens plotsklaps naar individuele verwarmingstoestellen overgaan. Ze gaan een tijdje bij die leverancier blijven. En dan krijg je een heel slordige manier van werken. Ik denk dus toch dat er op dat vlak nog heel wat gewerkt moet worden om dat goed te krijgen. Maar ik heb begrepen dat dit aspect zelf geen voorwerp van dit ontwerp van decreet uitmaakt. Daarom zullen wij het wel steunen, omdat wij ons wel kunnen vinden in de zaken die er wel voorwerp van uitmaken.

De heer Danen heeft die opmerking ook gemaakt in de commissie. Ik heb toen ook geantwoord wat de principes zijn op de markt van warmtenetten. Elk contract met warmtenetten gaat ervan uit dat de kostprijs die men aanrekent voor een megawattuur warmte lager moet zijn dan een megawattuur gas. In alle contracten zult u dat terugvinden. Als de gasprijs naar omlaag gaat, dan gaat de prijs voor een megawattuur warmte ook naar omlaag. Stijgt de gasprijs, dan stijgt ook de prijs voor warmte. Ik denk dat het systeem dat Roeselare toepast ook zo is. Ik heb trouwens verwezen naar het voorbeeld van dit Vlaams Parlement. Er staat hier een warmte-krachtkoppelingsinstallatie, gebouwd door Sibelgas, die de warmte verkoopt op de collector van de verwarmingsinstallatie van het Vlaams Parlement. De prijzen daarvoor zijn contractueel afgesproken en liggen 10 procent lager dan de gasprijs. Dat is standaard zo. Je moet niet proberen mensen daar bang over te maken. Het federale niveau moet wel beslissen wat de sociale tarieven zijn voor warmtenetten. Maar dat warmtenetten gebruik zouden kunnen maken van prijzen die elk jaar 5 procent stijgen, is niet marktconform. 

Ik denk niet dat ik aan bangmakerij doe. Het gaat er net om dat ik zie dat in een sterk gereguleerde markt zoals de elektriciteitsmarkt en de gasmarkt heel wat leveranciers daar de kantjes van af lopen, wat wettelijk kan. Ik vrees dat als je de prijs rond warmtenetten niet goed reguleert, dit nog meer het geval zal zijn. Ik blijf daar aandacht voor vragen, en ik blijf me daar zorgen over maken. Ik hoop dat het federale niveau dat wel goed reguleert, zodat we hier geen ongelukken krijgen.

De voorzitter

Vraagt nog iemand het woord? (Neen)

De algemene bespreking is gesloten.

De voorzitter

Artikelsgewijze bespreking

Dames en heren, aan de orde is de artikelsgewijze bespreking van het ontwerp van decreet.

De door de commissie aangenomen tekst wordt als basis voor de bespreking genomen. (Zie Parl.St. Vl.Parl. 2016-17, nr. 1056/3)

– De artikelen 1 tot en met 31 worden zonder opmerkingen aangenomen.

De artikelsgewijze bespreking is gesloten.

We zullen straks de hoofdelijke stemming over het ontwerp van decreet houden.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.