U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Schauvliege heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, de afgelopen weken hebben we de vervuiling gezien in de Schelde. Op 9 april vond er een dijkbreuk plaats in Frankrijk, in de buurt van Cambrai, op ongeveer vijftig kilometer opwaarts van de grens met Vlaanderen. De afbraak van een gigantische hoeveelheid bietenpulp haalde de zuurstof uit het water, wat een enorme impact heeft op de ecologie van de Schelde, in het bijzonder op het visbestand.

Pas op vrijdag 17 april hebben wij aan de hand van metingen gemerkt dat er iets fout was. Eigenlijk zijn we pas op 21 april in gang kunnen schieten omdat we zagen dat het zuurstofgehalte in de Schelde naar nul procent verzadiging was geëvolueerd.

Gelukkig hebben we dankzij de inzet van heel veel gemotiveerde ambtenaren en instellingen een gigantische ramp kunnen voorkomen, maar we hebben natuurlijk niet kunnen voorkomen dat veel vissen zijn afgestorven. Vanuit mijn fractie en wellicht vanuit heel deze commissie nog eens een woord van dank voor de inzet van heel wat ambtenaren, instellingen en hulpdiensten om die ramp te voorkomen.

Dit roept toch heel wat vragen op. Hoe is dit kunnen gebeuren? Hoe kan het dat wij zo laat gealarmeerd zijn of eigenlijk zelfs niet actief gealarmeerd zijn? En hoe kunnen we ervoor zorgen dat dit kan worden voorkomen?

Minister, de verontreiniging vond plaats op 9 april. De verontreiniging bereikte pas op 21 april Vlaanderen. Wanneer werd Vlaanderen echt verwittigd? Ik begrijp vanop de site van de Internationale Scheldecommissie dat we eigenlijk zelfs niet actief zijn verwittigd omdat er geen probleem was met de scheepvaart, zo werd gemeld.

Hebt u al overleg gehad met uw Franse collega’s? Werden er in Frankrijk maatregelen genomen om te voorkomen dat de verontreiniging naar Vlaanderen stroomde?

We hebben zelf zeer actief en proactief gewerkt, maar desondanks zijn veel vissen dood. Welke acties zullen nu ondernomen worden om de ecologie in de Schelde zo goed mogelijk te herstellen? Wie zal deze acties financieren?

Zal Vlaanderen juridische stappen ondernemen richting de veroorzaker van de massale verontreiniging of tegen de Franse overheid?

Welke maatregelen kunnen we nemen om in de toekomst dergelijke ecologische rampen te voorkomen?

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Dit is een zeer pertinente vraag. Ik kan een overzicht geven van hoe het allemaal is verlopen, maar het komt er eigenlijk op neer dat de melding rijkelijk laat is gekomen.

Het incident werd via het Waarschuwings- en Alarmsysteem Schelde (WASS) gesignaleerd. Dit volgde op een vraag om informatie van Vlaanderen en Brussel op 16 april 2020, nadat het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) eerder die de dag melding maakte van een probleem op de Schelde in Frankrijk. Dat gebeurde naar aanleiding van een persbericht van het Franse L'Office français de la biodiversité (OFB) van 15 april 2020 over een incident dat zich voordeed op 9 april 2020. 

Op 21 april heeft de Service de la Pêche van Le Département de la Nature et des Forêts (DNF) van de Waalse overheid het ANB op de hoogte gebracht van een vervuiling in de Boven-Schelde die vanuit Frankrijk binnengekomen was. Zelf was deze dienst door wandelaars op 20 april op de hoogte gebracht van een grote vissterfte. Ik wil de wandelaars die dit meldden, ook bedanken.

Omdat er geen verwittiging is gekomen vanuit Frankrijk werd via het Nationaal Crisiscentrum (NCCN), dat fungeert als internationaal meldingspunt, meer informatie gevraagd aan haar Franse collega’s.

Op 21 april heeft het Franse crisiscentrum aan het NCCN laten weten dat er op 9 april inderdaad een dijkbreuk is geweest in een bezinkingsbekken van een suikerfabriek. De  Franse hulpdiensten zijn daarbij tussengekomen. Het interventieverslag van de hulpdiensten geeft aan dat er geen problemen waren qua vervuiling en voor de scheepvaart. Op basis van dit verslag heeft de verantwoordelijke dienst besloten om geen melding te doen aan België. Hun antwoord werd ook via het WASS aan de andere hoofdwaarschuwingsposten gemeld op 20 april 2020.

Voor zover wij weten heeft Frankrijk dus geen maatregelen genomen om te voorkomen dat de verontreiniging in België, eerst op Waals grondgebied, en later in Vlaanderen terechtkwam.

Deze werkwijze is voor een goede buur onaanvaardbaar. Er zijn internationale waarschuwingssystemen opgezet om dergelijke voorvallen te melden en zo de schade te beperken. Ik vind het onbegrijpelijk dat dit niet is gebeurd. Je kunt in zulke situaties niet omzichtig genoeg te werk gaan. De melding die er uiteindelijk dan toch kwam op 21 april, twaalf dagen na het voorval, was dan ook rijkelijk te laat.

Het spreekt voor zich dat we dit op alle mogelijke manieren zullen aankaarten bij de Franse autoriteiten en zullen vragen om dit te verantwoorden. Onze eerste prioriteit was het beperken van de schade, wat dankzij de ongezien goede samenwerking op het terrein goed gelukt is.

De volgende prioriteit is het aanspreken van zowel het bedrijf als de Franse autoriteiten op hun verantwoordelijkheid.

Momenteel is het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO), samen met de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) en het ANB een onderzoek opgestart om de impact in kaart te brengen. Op basis van de resultaten van dit onderzoek zal bepaald worden welke acties nodig zijn om de ecologie op de Schelde te herstellen. Eventuele herstelmaatregelen zullen voorgefinancierd worden door de Vlaamse overheidsdiensten, de kosten zullen verhaald worden op de veroorzaker van deze vervuiling.

Op dit moment is het veel te vroeg om te concluderen dat de massale vissterfte niet voorkomen kon worden. De inspanningen die geleverd werden, hebben resultaat. In opdracht van het ANB Visserijfonds wordt op regelmatige basis grootschalig visonderzoek in de Boven-Schelde uitgevoerd. De meest recente bemonsteringen dateren van 2018 en kunnen dienen als referentietoestand. In het najaar 2020 of voorjaar 2021, afhankelijk van de evolutie van het coronavirus, plant het ANB Visserijfonds een extra visonderzoek zodat daardoor een objectieve vergelijking gemaakt kan worden. De Vlaamse Waterweg en het ANB Visserijfonds werken gezamenlijk aan het realiseren van vrije vismigratie doorheen het hele Vlaamse traject.

De impact op zuurstofhuishouding wordt online opgevolgd met behulp van multiparametersondes van de grens in Spiere tot in Vinderhoute. De zuurstofverzadiging in de Schelde zou normaal tussen de 70 procent en 120 procent moeten liggen. Als de verontreinigingspluim passeert, daalt de zuurstofverzading in enkele uren naar 0 procent. Het duurt meer dan twee dagen vooraleer de zuurstof boven de 50 procent stijgt. Door de inbreng van zuurstof op verschillende plaatsen langsheen de Boven-Schelde, de rechtstreekse waterzuivering van vervuild Scheldewater door Aquafin via de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) van Oudenaarde en het gericht schutten en lossen van water uit zijkanalen en zijrivieren kon de vuilvracht grotendeels gezuiverd en verdund worden in de rivier zelf. De impact op het biologisch leven is voorlopig nog niet exact in te schatten maar vermoedelijk beperkt tot het deel Spiere-Kerkhove aangezien verder stroomafwaarts het zuurstofgehalte nergens meer helemaal tot nul is teruggevallen dankzij alle genomen maatregelen. Behalve de dode vissen zal er ook impact zijn op de aanwezige micro-invertebraten. De voorlopige inschatting op basis van directe mortaliteit van vissen is dat ruim 90 tot 95 procent van de visbestanden in de Boven-Schelde kon worden gered. Verder onderzoek moet daarover meer uitsluitsel geven.

Momenteel maken onder meer Vlaamse overheidsinstanties zoals De Vlaamse Waterweg, de VMM, het ANB en het INBO talrijke kosten om de impact van de verontreiniging zoveel mogelijk te beperken met inzet van mensen en materiaal. Dit zijn kosten die op basis van het aansprakelijkheidsrecht teruggevorderd kunnen worden van de veroorzakers van de schade, ook al gaat het om een Frans bedrijf. Maatregelen tot herstel moeten ook vergoed worden en kunnen eveneens teruggevorderd worden. De milieuschaderegeling die in Vlaanderen vervat zit in het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, maar ook het gewone aansprakelijkheidsrecht biedt daarvoor de nodige aanknopingspunten. Het is nog te vroeg om uit te maken of en hoe de Franse overheid medeaansprakelijk kan worden gesteld voor deze milieuramp, maar het is een mogelijkheid die meegenomen wordt. Wij bekijken dat dus juridisch. Het tart natuurlijk alle verbeelding dat men ons niet op tijd verwittigd heeft, anders had men, zeker in Wallonië, de schade meer kunnen beperken.

Het Verdrag van Helsinki voorziet dat landen elkaar op de hoogte brengen bij grensoverschrijdende milieuvervuiling. In dit geval heeft Frankrijk de impact van deze vervuiling misschien onderschat waardoor de melding aan België niet is gebeurd. Ik weet niet wat precies de reden was. Het waarschuwingssysteem werd ontwikkeld binnen de Internationale Scheldecommissie en wordt gebruikt om bij een verontreiniging met een mogelijk grensoverschrijdende impact de stroomafwaartse partijen tijdig te waarschuwen. Het is aan de lokale autoriteit om te beoordelen of de vervuiling een grensoverschrijdende impact kan hebben en/of lokaal reeds is opgelost. De verschillende delegaties zijn naar aanleiding van dit incident reeds gewezen op de verplichtingen en de te volgen procedures rond het melden van dergelijke incidenten. Op het volgende delegatieleidersoverleg, in juni van dit jaar, en op de volgende gezamenlijke jaarlijkse workshop van de Internationale Maas- en de Internationale Scheldecommissie (IMC-ISC) op 22 september 2020, zal dit nogmaals benadrukt worden. De Vlaamse delegatie zal  eveneens vragen dat de Franse delegatie op het volgende delegatieleidersoverleg een uitgebreide toelichting geeft over dit incident met een analyse waarom de procedures van het waarschuwingssysteem niet gevolgd werden. Elk land is verantwoordelijk voor de handhaving op de naleving van de milieuregelgeving. Frankrijk zal erop moeten toezien dat het bedrijf in kwestie voldoende preventieve maatregelen neemt om herhaling van dit incident in de toekomst te vermijden.

Mevrouw Schauvliege heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw omstandig antwoord. Het is inderdaad niet te begrijpen dat dit is kunnen gebeuren. Ook de berichtgeving op de website van de Internationale Scheldecommissie is onbegrijpelijk. Zelfs daar geeft men toe dat men enkel richting scheepvaart heeft gekeken. Maar goed, ik hoor dat u het heel nauwgezet opvolgt, waarvoor dank.

Toch heb ik nog een bijkomende vraag voor u. De afgelopen dagen vernemen we dat er ten gevolge van dit ongeval een – gelukkig – levende otter, maar ook een dood exemplaar van een heel zeldzame vissoort, de elft, werd teruggevonden. Op zich is het natuurlijk jammer dat die dood is teruggevonden, maar goed nieuws was wel dat die soort teruggekomen was. Het is natuurlijk jammer dat we dit nu vaststellen, naar aanleiding van een effectieve ramp. Wijst het feit dat we nu vaststellen dat die soort aanwezig is, er niet op dat we het visbestand op de Schelde te weinig monitoren? Is dat monitoringsprogramma wel voldoende? Kunnen we dat niet opnieuw opdrijven, om de ecologische toestand van de Schelde blijvend in kaart te brengen? De laatste cijfers dateren van 2018. Dat is toch al twee jaar geleden. Het lijkt me toch wel zeer essentieel dat we echt goed meten wat de toestand is.

De heer Tobback heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik apprecieer het dat dit heel duidelijk serieus wordt genomen en dat er inderdaad ernstig kan worden gekeken naar de verantwoordelijken en naar de mogelijke oplossingen. Wat dat betreft, van harte bedankt.

Er is echter wel iets dat me van het hart moet. Misschien is het een naïeve vraag. We hebben zoiets als de Internationale Scheldecommissie en we investeren al jaren miljoenen euro’s in de waterkwaliteit van de Schelde en in het terugkeren van een aantal diersoorten. Ik vind het dan toch zeer eigenaardig dat we, voor de melding van dit soort van incidenten, met het vaststellen van bijvoorbeeld het totaal verdwijnen van zuurstof in die stroom, compleet afhankelijk zijn van bij wijze van spreken een telegram van een Franse departementsprefect en de boodschap van een aantal wandelaars die dode vissen zien drijven. Het is misschien een naïeve vraag, maar als we in deze tijden met een camera kunnen zien of iemand koorts heeft, waarom hebben we dan geen automatische opvolging en motivering van bijvoorbeeld standaardparameters zoals het zuurstofniveau in waterlopen en veel meer en veel betere ‘early warning’-systemen die automatisch zouden kunnen gebeuren? Ik weet dat ik de vraag ‘out of the blue’ stel. Maar het lijkt mij toch raar dat we in deze tijden met dit soort van procedures moeten leven, zeker als we de gevolgen zien.

Mevrouw Perdaens heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Een dikke pluim op de hoed van de Vlaamse diensten, die ongelooflijk snel hebben ingegrepen.

Ik denk dat u heel erg terecht aanhaalt dat we de Fransen moeten aanspreken – en we kunnen daarvoor niet ferm genoeg zijn in onze bewoordingen – omdat die alarmsystemen niet tijdig werden gebruikt. Ik vind het heel erg opmerkelijk dat dat in deze tijden, waarin de communicatie vrij vlot moet kunnen gaan, niet is gebeurd. Het is hallucinant in een opzicht. Eén bedrijf in Frankrijk heeft 100 kilometer aan vis kunnen uitroeien. Dat vertelt ons ook dat we voor wat waterbescherming betreft, de grootst mogelijke zorg in acht moeten nemen dat dit soort zaken niet kunnen gebeuren. Minister, ik vertrouw erop dat u dat meeneemt in het beleid.

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Gisteren heb ik bij de bespreking van de waterbeleidsnota verwezen naar de internationale samenwerking. Iedereen is verbolgen dat het waarschuwingssysteem blijkbaar voorziet in de procedures, maar dat we eigenlijk niet op de hoogte zijn gebracht. Dat roept heel veel vragen op.

Minister, ik ben wel blij dat u duidelijk aangeeft dat het verder zal worden uitgeklaard en besproken om te zien op welke manier dit kan worden vermeden. Collega Tobback verwijst naar technieken. Als dat mogelijk is, is het een interessante piste om te bewandelen, hoewel ik betwijfel of we alles al kunnen automatiseren op dat vlak. Het is zeer terecht dat dit op de agenda wordt gezet, en dat er wordt nagegaan op welke manier we kunnen vermijden dat dit in de toekomst gebeurt. Dit heeft grote gevolgen en is ontoelaatbaar.

Minister, ik wil u dan ook ondersteunen in de acties die u wenst te ondernemen. Bovendien wil ik me aansluiten bij de woorden van dank voor alle diensten, die heel accuraat hebben gereageerd. Op het moment dat de signalen binnenkwamen dat er een knelpunt was, hebben we samengewerkt om uit te zoeken hoe we de calamiteiten zo snel mogelijk konden indijken.

Een andere bezorgdheid is hoe we met onze Waalse collega's kunnen samenwerken. Hun water, hun visbestand en hun businessplan zijn momenteel harder getroffen. We moeten bekijken hoe we samen acties kunnen ondernemen om de waterkwaliteit en het visbestand te herstellen.

De heer Pieters heeft het woord.

Het is natuurlijk een spijtige zaak om te zien dat de vele inspanningen van jaren op een heel korte periode worden tenietgedaan. Ik ondersteun het voorstel van de heer Tobback. We hebben meetpunten op onze rivieren waarmee we het debiet en de waterstand kunnen nagaan. Dat is allemaal digitaal in orde. Op zaken als zuurstofgehalte en milieunormen moeten ook metingen gebeuren. Technisch is dat niet zo simpel als voor andere metingen, maar het moet toch mogelijk zijn in de gebieden waarvoor we bevoegd zijn. Aan Wallonië moeten we doorgeven dat zij daar ook werk van maken. We moeten dat kunnen meten en duiden vooraleer wandelaars melden dat ze dode vissen zien.

Het is natuurlijk fijn dat we meerdere soorten in onze waterlopen aantreffen, maar we moeten opletten dat de inspanningen die we al hebben gedaan, niet worden tenietgedaan, zodat we daar allemaal samen de voordelen van kunnen plukken.

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Mevrouw Schauvliege, ik neem uw suggestie mee voor wat de monitoring betreft. We bekijken dat. De recentste bemonsteringen dateren van 2018. Normaal is er in het najaar 2020 of begin 2021 een nieuw visonderzoek, maar ik bekijk de zaak.

Nu, wat de procedure en het waarschuwingssysteem betreft: het is natuurlijk niet de bedoeling om te overleggen om te overleggen of te structureren om te structureren. Het is de eerste keer in mijn ministerschap dat ik met deze internationale structureren in contact ben gekomen. Er zijn waarschuwingssystemen opgezet, de procedure is er. Stel dat wij hier bij ons toch een alarmsysteem zouden hebben, dan is het meestal toch te laat. Als het naar rood gaat, is het te laat. Het systeem dat internationaal is opgezet om ons te waarschuwen, moet ons ook wel effectief op tijd waarschuwen, anders is het sowieso te laat.

Ik ga dit incident sowieso aangrijpen om alles kritisch te bekijken, daar mag u op rekenen. Wij hebben in Vlaanderen redelijk veel kunnen redden omdat het bij alle diensten alle hens aan dek was: dikke pluim voor de diensten. Ten tweede is dat ook omdat onze Waalse collega’s ons goed op tijd hebben verwittigd. Als zij dat niet hadden gedaan, was het voor ons ook te laat geweest. Bij dezen ook een dankjewel om ons te verwittigen vanuit Wallonië. Dat is heel snel gegaan.

Het probleem zit in Frankrijk. Het is nu de eerste keer dat we dat meemaken bij de commissie. We hebben de Vlaamse delegatie gevraagd om in kaart te brengen hoe het komt dat de geijkte procedure niet heeft gewerkt. Waarom heeft men niet aan de alarmbel getrokken? Want dan was het voor Wallonië ook nog op tijd gekomen. Dat gaan we doen.

Dat neemt niet weg dat ik de suggesties van de commissieleden meeneem. Naar aanleiding van dit incident gaan we wel alles eens grondig bekijken.

Mevrouw Schauvliege heeft het woord.

Hartelijk dank, minister. Ik denk dat we allemaal onze bezorgdheid hebben geuit. Het zou interessant zijn dat we ook actief op de hoogte worden gesteld van de volgende stappen. Ik vertrouw er wel op dat u de Franse overheid heel duidelijk stelt waarop het staat. Het toont ook nog maar eens het belang aan van een goede samenwerking, ook met Wallonië, maar vooral tussen de zeer gemotiveerde ambtenaren, die alles hebben gegeven om veel erger te voorkomen. Ik denk dat een woord van dank hier op zijn plaats is.

Maar er is ook de zorg om dat ambtenarenapparaat in stand te houden, zodat we echt wel stappen vooruitzetten in Vlaanderen. Daar wilde ik toch ook nog aandacht voor vragen. Maar ik dank u alvast voor uw inzet en uw antwoord.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.