U bent hier

Mevrouw Fournier heeft het woord.

Minister, tijdens de herfst- en winterperiode is het tijdens de ochtendspits van scholieren vaak nog te donker wanneer de reguliere wegverlichting en de daarmee parallelgeschakelde overhangende lichtornamenten of accentverlichting aan de drukke oversteekplaatsen worden uitgeschakeld. Anderzijds wordt, bij invallende duisternis ’s namiddags, de accentverlichting aan de oversteekplaatsen te laat ontstoken. Het gros van de scholieren is onderweg tussen 7.30 uur en 8.30 uur ’s morgens en tussen 15.30 uur en 17.00 uur ’s avonds, dus vaak op momenten dat de accentverlichting niet meer of nog niet in werking is.

Autobestuurders daarentegen rijden in die donkere periodes met de dimlichten aan en dit meestal samen met led-daglichten. Vooral bij duisternis gecombineerd met neerslag zijn de autobestuurders door de weerspiegeling van het wegdek vlugger verblind door tegenliggers, en door die sterk verminderde zichtbaarheid zijn voetgangers en fietsers aan onverlichte oversteekplaatsen nauwelijks of te laat zichtbaar.

Voetgangers en fietsers beseffen vaak ook niet dat ze door die omstandigheden nauwelijks of niet worden opgemerkt door het wegverkeer, met alle risico’s die daaraan verbonden zijn. Een recente studie van november 2019 van de Nederlandse Algemene Nederlandsche Wielrijders-Bond (ANWB), uitgevoerd samen met zusterclubs uit Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland, heeft aan het licht gebracht dat de huidige generatie ledlampen de tegenliggers soms erg verblinden.

Momenteel wordt de reguliere wegverlichting van op grote afstand aangestuurd door de distributienetbeheerder, vanop een plaats waar dus totaal andere weersomstandigheden kunnen gelden. Rekening houdend met de zomer- en wintertijd, de opkomst en ondergang van de zon en de daarmee gepaard gaande burgerlijke schemering is het aangewezen dat de wegbeheerder de accentverlichting aan oversteekplaatsen separaat kan laten aansturen. Dit is mogelijk door een eenvoudige technische aanpassing op de bestaande accentverlichting en die aanpassing kan worden uitgevoerd door de distributienetbeheerder, met een minimale kost en voor een maximale veiligheid.

Kortom, je zou kunnen zeggen dat door een consequente separate aansturing van de accentverlichting tijdens de donkerste herfst- en winterdagen het voor de kwetsbare weggebruiker veel veiliger wordt. Het wegverkeer ziet dan vanop afstand dat er een oversteekplaats zit aan te komen. Bovendien komt men tegemoet aan de initiële bedoeling van het investeren in accentverlichting: het optimaal beveiligen van de oversteekplaatsen, ook en vooral tijdens de spitsuren van de scholieren.

Deelt u de mening dat separate aansturing van accentverlichting een positieve bijdrage kan leveren aan de verkeersveiligheid van onze schoolgaande jeugd, in het bijzonder tijdens de schoolspitsuren?

Zult u het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) opdragen om een separate aansturing te onderzoeken en in te voeren? Indien dit reeds werd onderzocht, wat waren de conclusies?

Wanneer en op welke wijze zal AWV de separate aansturing van accentverlichting minstens tijdens de schoolspitsuren invoeren in Vlaanderen?

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Dank u, mevrouw Fournier, voor uw vragen.

We hebben het een en ander nagevraagd bij AWV. Dat meldt ons dat de verlichting op de autosnelweg meestal wel geschakeld wordt met een afstandsbewakings- en -bedieningssysteem van AWV, maar dat dat niet gebeurt op onze gewestwegen. Het agentschap zegt ook duidelijk dat het de mening niet is toegedaan dat een separate aansturing voor accentverlichting nodig is. AWV heeft ervoor gekozen om de oversteken buiten de kruispunten uit te rusten met een galgpaal inclusief accentverlichting. Deze verlichting garandeert al ruim voldoende de zichtbaarheid bij duisternis, terwijl de galgpaal in geel-zwart de zichtbaarheid van de oversteekplaats op afstand overdag verhoogt.

De accentverlichting ter hoogte van oversteekplaatsen heeft een nauwe wisselwerking met de algemene verlichting door zowel de huidige bekabeling van de verlichtingstoestellen als het te bereiken verlichtingsniveau. Het niveau waarop de accentverlichting werkt, 40 lux, heeft weinig toegevoegde waarde als de verlichting op het juiste niveau is geschakeld. De accentverlichting moet volledig gelijklopen met de verlichting als dusdanig.

Indien er door het uitschakelen of nog niet ingeschakeld zijn een onvoldoende zichtbaarheid zou zijn, dan is dat het gevolg van een niet-adequate aansturing van zowel de algemene verlichting als de accentverlichting. Dan moet dat in zijn globaliteit bekeken worden. Een eventuele oplossing moet dan ook gezocht worden in het doeltreffender aansteken van het geheel, maar men is geen voorstander van het loskoppelen van de twee.

Dit schakelsysteem wordt niet toegepast op de algemene verlichting op de gewestwegen. In het kader van de ‘verledding’ van de verlichting op de gewestwegen zullen de bestaande systemen ook op de gewestwegen zoveel mogelijk vervangen worden, in die zin dat men eigenlijk met een signaal van de distributienetbeheerder zal werken, die ook verder instaat voor het aan- en uitschakelen.

Het afstandsbewakings- en bedieningssysteem van AWV, dat nu gebruikt wordt op de snelwegen, is een heel ander systeem dan dat wat Fluvius specifiek gebruikt voor de gewestwegen.

Op uw vraag of AWV daaromtrent nog verder onderzoek voert, zeggen ze dat het niet nodig is om opnieuw het hele verhaal van separate bekabeling en belichting te onderzoeken, maar dat ze het gelijkgeschakeld willen houden.

Op uw vraag wanneer AWV een separate aansturing wil invoeren, antwoordt AWV dat men dat niet wil doen. Specifiek wat betreft de schoolomgevingen en de schoolspitsuren wordt verwezen naar de hele lichtvisie die in 2017 nog is aangepast en waarmee men heel duidelijk aangeeft hoe men zowel de kruispunten als de schoolomgevingen, de dorpskernen en ook andere oversteken en dergelijke meer wil verlichten. Men houdt op dit ogenblik vast aan dat verhaal.

Mevrouw Fournier heeft het woord.

Minister, dank u wel. Het is een heel duidelijk antwoord: AWV wil dit niet doen en vind dit ook niet nodig. Ik ga ervan uit dat dat ook uw standpunt is. U verwijst constant naar het standpunt van AWV en dus ga ik ervan uit dat u dat standpunt volgt. Ik vind dat wel jammer, omdat we toch moeten gaan voor een maximale verkeersveiligheid, zeker voor onze zwakke weggebruikers. In verband hiermee is het ook een feit dat er op veel zebrapaden langs gewestwegen geen verlichting is. Ik wil hier toch een groot pleidooi houden om alle zebrapaden, vooral als ze gelegen zijn in kernachtig gebied of aan scholen, maximaal van verlichting te voorzien.

Dan heb ik nog een kleine opmerking. Wanneer er dan verlichting is, kan het soms een kakofonie van soorten verlichting zijn. Ik zou hier durven pleiten voor meer uniformiteit in de verlichting aan zebrapaden, zodat een automobilist al van ver kan zien dat er een zebrapad is. Zijn er bepaalde richtlijnen van AWV om verlichting te voorzien aan zebrapaden? Kan er uniformiteit zijn?

Ik vind het jammer dat die separate aansturing niet verder kan worden onderzocht, omdat de verkeersveiligheid vooral voor onze zwakke weggebruikers cruciaal is en dat de weersomstandigheden in bepaalde gebieden niet altijd dezelfde zijn. Als er separate aansturing zou zijn, zou dat de verkeersveiligheid verhogen.

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Mevrouw Fournier, u vraagt of dit ook mijn standpunt is. U zult begrijpen dat er een duidelijk verschil is tussen onze autosnelwegen enerzijds, waar dat schakelsysteem kan worden gebruikt, en de bekabeling anderzijds, die meestal in handen is van de netbeheerder, van Fluvius. Daar is het iets moeilijker. Daarvan zegt AWV heel duidelijk dat de verlichting zoals ze algemeen geldt, ook voldoende moet zijn voor de oversteekplaatsen. Is dat niet het geval, dan moet dat in zijn totaliteit worden aangepast, maar ze blijven wel gelijklopend. Ik denk dat ze wat dat betreft wel een punt hebben en dat het moeilijk is om alles overal te gaan ombouwen naar het systeem zoals het op de autosnelwegen geldt.

U hebt het over de veiligheid. Ik denk dat we die allemaal hoog in het vaandel dragen. Als er bepaalde zebrapaden zijn die niet verlicht zijn, zeker op de gewestwegen, dan moeten we er zo snel mogelijk werk van maken om dat wel te doen. Ik heb specifiek opgevraagd hoe het nu zit met de verkeersoversteken, en zeker die in de schoolomgevingen. Men heeft laten weten dat op dit ogenblik een 167-tal voetgangersoversteekplaatsen voorzien zijn van accentverlichting of galgpalen, zoals ze ook worden genoemd. Die zijn heel goed verlicht. Opnieuw, als er nog een aantal zebrapaden zijn die niet voldoende verlicht zijn, dan mag u ons dat zeker doorgeven, want een aanpassing kan de veiligheid alleen maar ten goede komen. Zelf heb ik het al een paar keer gezien dat mensen zeggen dat op bepaalde plaatsen te weinig verlichting is en dat ze dan een lichtstudie gaan bestellen. Ook daar denk ik dat we snel moeten kunnen handelen. Soms gaat het over fietsoversteken of voetgangersoversteken. Moet daar dan een studie voor komen? Ik heb zelf nog eens de lichtvisie van 2017 erbij genomen. Als men weet hoeveel lichtsterkte men moet hebben, kan men dat aan de hand van de lichtvisie heel eenvoudig meten. Als er te weinig licht is, moet men er in het kader van de veiligheid zo snel mogelijk voor zorgen dat er voldoende verlichting is om de veiligheid maximaal te garanderen, zeker voor de zwakke weggebruikers.

Ik denk dat AWV daar wel een punt heeft.

Men zegt mij hier dat, zodra er een verledding is, een aparte aansturing wel kan.

Dan moet ik naar de lichtvisies zelf verwijzen. De verlichting op onze gewestwegen is een ander verhaal dan langs onze autosnelwegen. Daar kan men het, om ecologische of energetische of nog andere redenen, wel afbouwen. Langs de gewestwegen, waar heel veel woningen staan, is het ook een onderdeel van sociale controle en het veiligheidsgevoel. Daar is er veel minder vraag of neiging om ook een afschakelsysteem toe te staan. Dat zou in het kader van de verledding, die sowieso ecologisch veel meer verantwoord is, wel kunnen. Daar zou men kunnen schakelen, maar ik denk dat onze oversteekplaatsen het best zoveel mogelijk verlicht zijn. Er zijn ook technologische vernieuwingen mogelijk waarbij alles hel verlicht wordt wanneer er een fietser of een voetganger aan komt. Dat zou natuurlijk de ideale situatie zijn, maar het zal nog wel wat tijd vragen vooraleer we dat over heel Vlaanderen hebben uitgerold.

Mevrouw Fournier heeft het woord.

Ik heb het toch goed begrepen, dat er bij verledding een aparte aansturing mogelijk is, maar dat die niet wordt toegepast?

U zei dat er 167 zebrapaden langs gewestwegen verlicht zijn. Maar u hebt waarschijnlijk geen idee hoeveel er nog niet verlicht zijn? Ik zal hierover een schriftelijke vraag stellen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.