U bent hier

De heer Maertens heeft het woord.

Vorig jaar heb ik een gelijkaardige vraag gesteld, omdat we ook toen een periode kenden van zeer warm weer, met weinig neerslag, een beetje zoals nu. Ik heb wel de indruk dat de problematiek nu iets anders is, dat ze iets kleiner is. De overheid legt minder maatregelen op, en de lokale besturen moeten minder maatregelen treffen. Toch is voor het bevaarbaar houden van onze waterwegen een laag waterpeil door droogte problematisch. De waterwegbeheerders nemen al enkele jaren een reeks maatregelen om de problemen te beperken. Zo moesten vorig jaar binnenschepen op het Albertkanaal in groep door de sluis van Wijnegem om zo water uit te sparen. Voor de pleziervaart werden er nog stringentere maatregelen genomen. Ook dit jaar ondervinden we in juni en juli een aanhoudende droogte.

In die context heb ik de volgende vragen: zorgt de aanhoudende droogte momenteel al voor problemen voor de binnenvaart? Zo ja, welke?

Bent u van oordeel dat de waterwegbeheerders vandaag over een beter uitgewerkt instrumentarium beschikken dan vorig jaar om proactief maatregelen te nemen om het effect van de droogte op de binnenvaart te beperken?

Welke maatregelen nemen de waterwegbeheerders deze zomer ten gevolge de aanhoudende droogte? Welke maatregelen of mogelijke stappen kunnen er zeer binnenkort nog volgen?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Het is niet dat er zich nu door de droogte heel specifieke of grote problemen manifesteren inzake de binnenvaart, wat niet wegneemt dat we er wel proactief mee bezig zijn. We hebben dit jaar een droogtecommissie opgericht, waarbij we de droogte-indicatoren als een soort waarschuwingssysteem opvolgen en waarbij we proberen te anticiperen op de droogtesituatie over alle waterwegbeheerders en bevoegdheden heen. De droogtecommissie moet op een gestructureerde wijze zorgen voor afstemming van waterbesparende maatregelen en informatie-uitwisseling in periodes met waterschaarste en droogte. Op het niveau van De Vlaamse Waterweg nv – voor alle duidelijkheid: wij bevinden ons op het niveau van de bevaarbare waterlopen – zijn de droogte-indicatoren geïnspireerd op de ervaringen van het vorig droogtejaar 2017. Dat laat ons toe om nu veel meer te anticiperen en het water te verdelen over de waterwegen en waterlopen, en bijvoorbeeld in communicatie te treden met polderbesturen die water inlaten in de polders.

In deze lange periode van droogte werden enkele algemene maatregelen vooropgesteld, onder meer een actieve waterallocatie naar de kustregio; een dynamisch stuwbeheer met als doel om maximale streefpeilen aan te houden in panden die een bufferfunctie vervullen, als buffer voor panden waar een hogere watervraag is; het afdichten van stuwconstructies met verlies; en het systemisch verwerken van de vele watercaptatie-aanvragen en een eerste communicatie naar de nautische sector omtrent de toestand en evolutie van de droogte en waterstanden. De situatie wordt continu opgevolgd en heeft wel al geleid tot een hele serie van concrete ingrepen op verschillende tracés. Bijvoorbeeld in de IJzer en kustzone is de IJzer momenteel 20 centimeter onder haar normaalpeil gezakt, waardoor een waarschuwing voor beperktere diepgang relevant wordt. Er werden diepgangbeperkingen ingesteld op verschillende trajecten, bijvoorbeeld op het traject Nieuwpoort-Fintele, waar de diepgang beperkt is van 1,80 tot 1,90 meter naar 1,60 meter.  Op het Albertkanaal en de Kempische kanalen is door de droogte de afvoer van de Maas gedaald van ongeveer 300 kubieke meter per seconde half juni naar minder dan 100 kubieke meter per seconde vandaag. Dat is dus een vermindering van een derde. Gezien de lagere Maasafvoeren, die onder meer dienen voor het handhaven van de waterpeilen in het kanalenstelsel Albertkanaal-Kempense kanalen, hebben we ook hier reeds enkele waterbesparende maatregelen moeten treffen om enerzijds te voldoen aan het Maasafvoerverdrag – want we zijn daar bijna contractueel toe verbonden – en anderzijds de waterpeilen in het kanalenstelsel te waarborgen.

De ingevoerde maatregelen omvatten het stilzetten van de waterkrachtcentrale op het sluizencomplex van Wijnegem en het terugpompen van het schutdebiet van de sluizencomplexen van Olen en Ham.

De waterstand van het kanaal naar Charleroi is natuurlijk ook laag. Normaal is de maximale diepgang op de vaarweg van het kanaal 2,5 meter. Tussen sluis 9 in Ruisbroek en sluis 6 in Lembeek, een traject van ongeveer 11 kilometer, is de maximaal toegelaten diepgang naar Charleroi ten gevolge van de lage waterstand en het gebrek aan voedingwater 2,3 meter. Aangezien het hellend vlak van Ronquières defect is, is de scheepvaart op het kanaal sowieso beperkt.

Ter hoogte van de sluis in Zemst wordt water van het benedenpand stroomafwaarts naar het bovenpand van het Zeekanaal Brussel-Schelde teruggepompt. Tevens wordt bij hoogtij op de Zeeschelde ter hoogte van de sluis van Wintam water in het Zeekanaal Brussel-Schelde gelaten. Voor de Boven-Schelde en de Zeeschelde wordt gewerkt met een minimumdebiet van de Boven-Schelde ter hoogte van de stuw in Merelbeke. Zo wordt voorzien in een vermindering van de vertroebeling en de verzilting van de Zeeschelde.

Los van die concrete maatregelen kunnen nog meer algemene en drastische maatregelen worden genomen, zoals een verbod op extra captaties uit waterwegen en, bij uitbreiding uit alle al dan niet rioolgebonden onbevaarbare waterlopen, een aan de situatie gebonden sluisplanning of minder frequente schuttingen in de grootste sluizen, met voorrang voor de beroepsvaart. Dit wordt, voor alle duidelijkheid, momenteel nog niet toegepast, maar het zouden hypothetische maatregelen kunnen zijn. In elk geval wordt de situatie op de voet gevolgd. We doen er uiteraard alles aan om de economische impact op de binnenvaart maximaal te beperken.

De heer Maertens heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Het is goed dat er lessen uit het verleden worden getrokken. Het gaat om het heel recente verleden, namelijk vorig jaar. U hebt een aantal concrete maatregelen opgenoemd. Ik heb echter nog een vraag. Er zijn uiteraard een aantal grensoverschrijdende waterlopen. De problematiek is uiteraard dezelfde. Er zijn afspraken met Nederland en Frankrijk over wat er dan gebeurt. Worden die afspraken geactualiseerd? Is er overleg tijdens droogteperiodes? Hoe gaat dat in zijn werk?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Wat Nederland betreft, is de problematiek van de Maas het belangrijkste. De contacten lopen goed. Er zijn concrete engagementen die op dergelijke casuïstiek anticiperen. Er zijn concrete afspraken inzake de toevoer van water van de Maas in de richting van de Vlaamse waterlopen. Er zijn natuurlijk ook afspraken met de Fransen. Dat wordt in samenspraak gemonitord.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.