U bent hier

De voorzitter

De heer Bertels heeft het woord.

Jan Bertels (sp·a)

Minister, de classificatie van de ziekenhuizen binnen ESR2010, het Europees stelsel van nationale en regionale rekeningen dat de overheidsuitgaven en -ontvangsten volgens een aantal macro-economische criteria rangschikt teneinde een betrouwbare en vergelijkbare kwantitatieve beschrijving van de economieën van lidstaten te verkrijgen, is niet onbelangrijk. Ik denk hierbij ook aan de discussie over het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden. Vandaag was er nog de publicatie van het lenterapport van de Europese Commissie omtrent de ‘slechte’ begrotingsresultaten van België. Het is dan ook niet onbelangrijk dat we correcte informatie en cijfers krijgen.

Er was de lange discussie met betrekking tot de classificatie van de ziekenhuizen. Die loopt al sinds 2014 tussen het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) en Eurostat, met wederzijdse bezoeken en nota’s. Die discussie is nu blijkbaar beslecht door Eurostat. In het officiële advies van 5 april aan het Instituut voor de Nationale Rekeningen gaf Eurostat aan dat alle Belgische ziekenhuizen moeten worden beschouwd als deel van de overheid aangezien er geen beslissingsautonomie is voor alle grote beslissingen zoals grote investeringen, het aantal bedden of het type zorg dat wordt aangeboden. Daar is telkens een goedkeuring voor nodig van de overheid.

Dat betekent dat alle ziekenhuizen in Vlaanderen ook moeten worden beschouwd als deel van de overheid en dus onder meer deel uitmaken van de overheidsschuld. Aangezien ook de woonzorgcentra onderworpen zijn aan voorafgaande machtiging en programmering, betekent dit dan naar analogie dat alle Vlaamse woonzorgcentra beschouwd dienen te worden als deel van de overheid? Ik ben daar bezorgd over, en ik neem aan u ook. Is hierover een discussie bezig tussen het INR en Eurostat? Geldt dat bij uitbreiding ook voor andere welzijnsinstellingen die aan gelijkaardige criteria onderhevig zijn? Welke welzijnsinstellingen dienen als gevolg van dit officiële advies van Eurostat te worden geconsolideerd binnen de overheid?

De voorzitter

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

Mijnheer Bertels, het onderzoek van Eurostat en het INR heeft op dit ogenblik enkel betrekking op een eventuele consolidatie van de totaliteit van de ziekenhuizen. Er is daarin op vandaag geen verwijzing naar een onderzoek naar de andere sectoren binnen Welzijn. In een volgende fase zou het inderdaad kunnen dat Eurostat de focus legt op de woonzorgcentra en/of op de welzijnsinstellingen, maar dat is nu formeel nog niet aan de orde. Mocht zich dat voordoen, dan zal dit uiteraard verdere grondige uitklaring vragen.

Op vandaag worden de ziekenhuizen geconsolideerd voor wat de investeringen betreft. Zoals u weet, en wat hier overigens al vaak aan bod is gekomen, heeft dit een zeer grote budgettaire consequentie voor de begroting van de Vlaamse overheid, zeker ook in combinatie met een nog onbekende inschatting van de FOD Volksgezondheid inzake lasten uit het verleden. Vandaar dat we volop bezig zijn met de ontwikkeling van een forfaitair systeem inzake investeringen in ziekenhuisinfrastructuur dat aan de normen van Europa moet beantwoorden.

Inzake een consolidatie van het geheel van de ziekenhuisfinanciering is de federale overheid met ons in overleg over hoe hiermee omgegaan zal worden en welke entiteit de budgettaire consequenties zal dragen. Dat is ook nog niet helemaal duidelijk. Bovendien heb ik begrepen dat het kan zijn dat als je op de ene iets aanrekent, het kan zijn dat dit op de andere iets neutraliseert. Het is een heel moeilijke oefening die momenteel technisch wordt uitgezocht.

De voorzitter

De heer Bertels heeft het woord.

Jan Bertels (sp·a)

Minister, ik ben ervan overtuigd dat het complex zou kunnen zijn, anders waren er geen jarenlange discussies geweest tussen het INR en Eurostat. Ik ga ervan uit dat Vlaanderen op zijn minst in overleg met het INR voorbereidingen treft met betrekking tot de analyse van de criteria die Eurostat gebruikt heeft voor de ziekenhuizen. We moeten ons voorbereiden op de volgende fase die er eventueel zou kunnen aankomen. We lopen echt wel een risico. Zijn we daarmee bezig? Ik hoop van wel.

Eurostat geeft ons enige tijd om niet alles in een keer te moeten binnenbrengen, gelet op de impact en de werklast. Hebt u al een idee van de impact op de overheidsschuld en/of op het vorderingensaldo van de Vlaamse overheid?

U hebt zelf verwezen naar de discussie met de federale overheid over de lasten van het verleden en wie die moet dragen. Ik heb in het strategisch rapport gelezen dat Vlaanderen vraagt dat de lasten in 2018 door iemand ten laste zouden worden genomen. Het is mij een raadsel wie die iemand dan wel mag wezen. Kunt u daarover iets zeggen?

De voorzitter

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

De heer Bertels heeft gelijk dat als we de redeneringen volgen, het wel eens zou kunnen dat ze ook zullen kijken naar de woonzorgcentra. Het zal u niet verbazen dat we daar echt geen vragende partij voor zijn op dit ogenblik. We nemen daar geen initiatief. Het is ook niet aan ons om in de voorhoede te lopen.

Over de verdeling van de effecten van een consolidatieoefening van de ziekenhuizen moet nog een heel stuk analyse komen. Voor de Europese instanties behoren de ziekenhuizen tot de sociale zekerheid, en dus tot entiteit I. Gelet op het feit dat er zich een aantal zaken bevinden op het gemeenschapsniveau, is het een complexe oefening om na te gaan welk effect zich waar bevindt. We zijn nog niet in een fase dat dit helder afgebakend kan worden.

Dat is gelinkt, maar niet chronologisch te situeren. Eerst was er in het Overlegcomité het debat over de manier waarop de investeringsinspanningen ESR-matig moeten worden aangerekend en het feit dat we nog niet goed weten wat de impact is van de voorbije jaren. Het is pas nadat die discussie op het Overlegcomité een paar keren aan bod is gekomen, dat het advies van Eurostat en de consolidatie van de ziekenhuizen daaraan is toegevoegd. Het is niet andersom gegaan. Dat heeft tot gevolg dat het debat over de investeringen niet bepaald eenvoudiger is geworden.

Jan Bertels (sp·a)

Minister, we moeten niet met de fanfare vooroplopen. Dat vraag ik zeker niet. We moeten ons wel voorbereiden om te vermijden dat we een gelijkaardige discussie krijgen als bij de ziekenhuizen. Ik zeg niet dat u een brief moet schrijven naar Eurostat om te vragen dat de woon- en zorgcentra worden geconsolideerd. Ik vraag u wel om ons voor te bereiden zodat we de criteria die in de analyses van Eurostat staan, al dan niet kunnen weerleggen. We moeten proberen te vermijden dat we geblokkeerd worden voor enkele jaren.

U hebt gelijk dat voor Eurostat de ziekenhuissector – maar ook andere sectoren die onder uw bevoegdheid vallen – onder de federale sociale zekerheid valt in de classificatie. Dat belet niet dat we intra-Belgisch een oplossing moeten zoeken. Het zal ergens toegerekend worden. Het zal volgens de Europese regels – en terecht – niet weggeschreven kunnen worden uit de begroting, zij het de Belgische, zij het de Vlaamse.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.