U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 28 november 2007, 14.03u

van Monique Moens aan minister Frank Vandenbroucke
84 (2007-2008)
De voorzitter

Mevrouw Moens heeft het woord. Ik wil benadrukken dat het niet de bedoeling is vooruit te lopen op de bespreking van het ontwerp van decreet, die voor januari gepland is en waar gisteren in de commissie ook aandacht voor gevraagd is.

Monique Moens

Mijnheer de minister, morgen om 11 uur zullen de studenten betogen in Gent en op 6 december is er een nationale betoging in Brussel. De reden van die betogingen is de onderfinanciering van de hogescholen. Vanaf volgend jaar zullen de inschrijvingsgelden in de hogescholen voor bepaalde categorieën worden verdubbeld.

Als studenten bissen of een speciale opleiding volgen, zullen ze minstens het dubbele inschrijvingsgeld moeten betalen.

Aan de andere kant trekt de Vlaamse overheid zo'n 125 miljoen euro extra werkingsmiddelen uit voor het lager en secundair onderwijs. Het totale bedrag dat voor het lager en het secundair onderwijs wordt vrijgemaakt bedraagt ongeveer 800 miljoen euro. Eigenlijk worden de hogescholen naar onze mening stiefmoederlijk behandeld. De leerlingen die willen verder studeren en vooral de leerlingen die bijkomende opleidingen willen volgen of die moeten bissen, worden daarmee afgestraft.

Kunnen de extra middelen die u vrijmaakt, niet verdeeld worden over het hele onderwijs? Hoe wilt u het structurele probleem van die studenten en de hogescholen in de toekomst aanpakken? Hoe legt u uit aan kinderen die extra middelen krijgen in het lager en het secundair onderwijs, dat ze geen middelen meer krijgen als ze verder willen studeren? Wat vertelt u als ze worden geconfronteerd met hoge inschrijvingsgelden?

De voorzitter

Minister Vandenbroucke heeft het woord.

Minister Frank Vandenbroucke

Ik ben nogal verbaasd over deze vraag. Ik kan moeilijk geloven dat mevrouw Moens en Lijst Dedecker er nu voor pleiten om minder geld te geven aan de basisscholen.

Monique Moens

Neen, dat zeg ik niet!

Minister Frank Vandenbroucke

Jawel, dat zegt u wel. We kunnen de geluidsopname altijd opnieuw laten afspelen.

Monique Moens

Dat mag.

Minister Frank Vandenbroucke

Ik probeer te herhalen wat u gezegd hebt. U hebt gevraagd: kunt u geen deel van dat geld gebruiken voor de financiering van het hoger onderwijs? Als Lijst Dedecker vindt dat we te veel geld spenderen aan de basisscholen en aan het secundair onderwijs en bovendien een soort academisch toerisme van studenten die nooit ergens voor slagen moeten subsidiëren, dan is dat verbazingwekkend. Ik wil u vergeven dat u niet helemaal op de hoogte bent. U hebt nog geen debatten bijgewoond in de commissie voor Onderwijs.

Eigenlijk ben ik bezig met drie financieringsvraagstukken. Die zijn voor mij alle drie even belangrijk. U weet dat ik inzet voor gelijke kansen op uitstekend onderwijs voor alle kinderen en jonge mensen, zonder onderscheid. Het eerste wat men dan moet doen, is het financieringssysteem aanpassen. Dat is niet de enige stap, maar de eerste. Ik heb het onderwijs opgeroepen tot een echte tienkamp voor gelijke kansen. De eerste proef heeft te maken met de financiering van scholen, hogescholen en universiteiten. Daarna volgen er nog negen andere. Dat zijn ook geen gemakkelijke. Het zal inspanning vragen van iedereen, ook van studenten.

In die eerste proef gaat het over de centen. Ik heb reeds met dit parlement een nieuw financieringsmodel besproken voor het volwassenenonderwijs, wat moet zorgen voor meer kwaliteit en meer slagingskansen. Als u mijn voorstel zou bekijken, zou u zien dat we op relatief korte termijn in het hoger onderwijs in vergelijking met de startsituatie bij het begin van deze legislatuur 110 miljoen euro extra inbrengen. Dat is een stijging van 10 percent van de middelen voor het hoger onderwijs, zelfs bij gelijkblijvend studentenaantal. Maar de ziel van dat nieuwe model van financiering is dat we zeggen: rekruteer studenten, groei en u zult nog meer geld krijgen. Dat was tot vandaag niet het geval want de enveloppen zijn bevroren. Die studenten moeten wel slagen in hun studies.

Daarnaast heb ik nu het derde onderdeel van dat financieringsverhaal afgerond, in overleg met de onderwijspartners. Het gaat dus als het ware om een drieluik, een trilogie. Dat was wat nog ontbrak: de financiering van het leerplichtonderwijs, inclusief het kleuteronderwijs. Daar versterken we de werkingsbudgetten met 125 miljoen euro.

Ik vind eerlijk gezegd dat er een mooi evenwicht is tussen de drie delen van de trilogie. Ten eerste stoppen we extra geld in het volwassenenonderwijs. Dat is geen diepgaande hervorming, maar de financiering wordt veel beter en helderder. Ten tweede stoppen we veel extra geld in het hoger onderwijs. En ten derde stoppen we veel extra geld in het leerplichtonderwijs.

De boodschap is dat we wensen dat jonge mensen over een hoge lat raken. We werken nu met een systeem van studiepunten, waarbij de studenten zich punt na punt kunnen inschrijven, en niet meer jaar na jaar. Wij wensen dat studenten vooruitgang boeken. We geven aan jonge mensen een kapitaal mee, uitgedrukt in studiepunten, waarvan de overheid het overgrote deel op tafel legt. De inschrijvingsgelden in Vlaanderen zijn laag in vergelijking met de rest van de wereld: 533 euro voor studiepunten in een hogeschool of universiteit, dat is veel lager dan eender waar in de wereld. Ik verhoog die inschrijvingsgelden ook niet.

Je kunt je inschrijven voor 140 punten. Daarmee kun je zoeken en tasten, eens proberen, eens mislukken. Iemand die er absoluut niets van bakt en na twee jaar voor geen enkel punt geslaagd is, is niet iemand die wat tegenslag gehad heeft. Dat is niet iemand die het moeilijk heeft of verkeerd gekozen heeft. Dat is een academische toerist. Aan zulke mensen maken we duidelijk dat de geldkraan van de overheid niet eeuwig kan openstaan en dat ze zelf eens hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Ze moeten toch eens een inspanning doen.

Nu komt u mij vertellen dat ik mensen die er niets van bakken - de echte academische toeristen -, moet blijven betalen. Dat begrijp ik niet. Ik ben voor gelijke kansen, maar in een verhaal van gelijke kansen gaat het ook over inspanningen van iedereen - van instellingen, proffen en leerkrachten, maar ook van de studenten.

Dit is absoluut geen hardvochtig systeem. Je kunt concreet berekenen hoe het zit. Je schrijft je bijvoorbeeld in voor 60 studiepunten. Als je slaagt voor 20 punten en faalt voor 40, krijg je die 20 punten dubbel terug. Als je nog eens probeert en opnieuw maar voor 20 punten slaagt, krijg je die opnieuw dubbel terug. Dan heb je weer evenveel punten als je nodig hebt om je nog eens een vol jaar in te schrijven. Dat is dus allesbehalve hardvochtig.

We mogen aan de samenleving zeggen dat we gaan voor gelijke kansen en uitstekend onderwijs. We vragen daarbij een inspanning van iedereen. Wij zijn, net als wellicht een grote meerderheid van de mensen, niet voor academisch toerisme. Misschien is Lijst Dedecker daarvoor, maar wij niet.

Ik ben verder ook verwonderd over een aantal andere zaken die u in uw schriftelijke vraag gesteld hebt, maar die u hier niet herhaald hebt. U vindt bijvoorbeeld dat wij de hogescholen en universiteiten moeten toelaten om externe financiering te zoeken. Dat doen ze vandaag al. Dat is geen enkel probleem. Ik begrijp uw punt niet.

Ik maak mij geen zorgen over het feit dat de studenten betogen. Ik vind het uitstekend dat de studenten kritisch zijn. Ze moeten hardnekkig zijn, en ik zal u een anekdote vertellen om dat te illustreren. Een dertigtal jaar geleden zat ik in de grote aula van de K.U.Leuven. De toenmalige minister van Onderwijs, Jef Ramaekers, kwam spreken. Ik viel hem virulent aan, want ik vond dat zijn beleid op niets trok. Een van de punten waarop ik hem bekritiseerde, was de discriminatie in de sociale voorzieningen tussen hogescholen en universiteiten.

De heer Ramaekers was een beetje verveeld. Ik kende er wel wat van want ik vertegenwoordigde toen de VVS in de Hoge Raad voor Studietoelagen. Wel, ik ben bijzonder trots dat ik dertig jaar later die discriminatie eindelijk kan wegwerken. We gaan de sociale voorzieningen van de hogescholen immers gelijktrekken met die van de universiteiten. (Applaus bij sp.a-spirit en bij CD&V)

Ik vind het goed dat de studenten betogen. Ze moeten hardnekkig zijn. Soms moet je lang wachten, maar als je gelijk hebt, krijg je het.

Monique Moens

Mijnheer de minister, ik zal dit dossier blijven opvolgen en overleg plegen met de studenten en de hogescholen.

De voorzitter

De heer Pieters heeft het woord.

Mijnheer de minister, u houdt hier een pleidooi maar u gaat niet in op het inhoudelijke. Ook in de commissie is het laatste woord nog niet gezegd. Er zijn nog wat onenigheden. Ik hoop dat er in dit parlement nog een uitvoerig debat komt en dat we het nieuws niet via de krant moeten vernemen.

De voorzitter

De heer De Cock heeft het woord.

Dirk De Cock

Mijnheer de minister, ik sluit me bij u aan. Het debat dat gisteren in de commissie is begonnen met een gedachtewisseling, moeten we niet hier voeren. Dat moet in de commissie worden voortgezet. U hebt deze week bewezen dat u in het leerplichtonderwijs de lat gelijk legt voor de financiering van alle leerlingen via de leerlingenfinanciering en niet meer via de netten. U had dat aangekondigd bij uw aantreden en u hebt woord gehouden. U zult gelijke kansen inbouwen in het hoger onderwijs. Ik heb vertrouwen in de afwikkeling van dit dossier. Ik feliciteer u met de financiële gelijkberechtiging en de leerlinggestuurde financiering voor het leerplichtonderwijs. (Applaus bij sp.a-spirit)

De voorzitter

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.