U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Ceyssens heeft het woord.

Dank u wel. Minister, op de ministerraad van 19 maart 2021 stond het ontwerp van besluit tot wijziging van VLAREME, wat betreft de aangifte en het register voor kunstmest en de bemesting geagendeerd. Het besluit heeft de bestaande regels rond de aangifte en het register voor kunstmesthandelaren aangepast en voegt ook nadere regels toe voor het kunstmestregister voor landbouwers.

De nota haalt aan dat een snelle registratie essentieel is voor opvolging en controleerbaarheid. Als algemene regel is opgenomen dat het register ingevuld moet worden uiterlijk de dag na de dag waarin de feiten die in het register vermeld moeten gebeurden. Doordat er digitaal gewerkt wordt, kan een langere termijn gehanteerd worden. Langer is wel relatief, want voor kunstmesthandelaren betekent dat twee dagen.

Waarom is de termijn van registratie vastgelegd op twee dagen? Was het niet wenselijk om gegevens van een iets langere periode gebundeld aan te reiken?

Is dit systeem analoog aan andere gewesten of buurlanden? Zijn kunstmesthandelaren uit het buitenland die leveren in Vlaanderen, onderworpen aan dezelfde regelgeving?

Hoe schat u de impact in op de sector, zowel de kunstmesthandelaren als de landbouwers? Is voorafgaand aan de beslissing overleg gepleegd met betrokkenen?

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Dank u wel, collega Ceyssens. We hebben uiteraard heel lang met de sector overleg gehad rond de digitale kunstmestregistratie. Voor alle duidelijkheid, ik doe dat niet voor mijn plezier. Integendeel, ik zet vanuit Leefmilieu alles op alles om de waterkwaliteit te verhogen, want die is gewoon barslecht in Vlaanderen. Dat wil zeggen dat je helaas maatregelen moet nemen die misschien niet altijd even plezant zijn. Ik had het ook graag anders gewild.

Waarom twee dagen? Het doel is om heel snel, onmiddellijk, over correcte data te beschikken. Niet enkel om het kunstmestgebruik in kaart te brengen, maar natuurlijk ook om zeer snel gerichte terreincontroles mogelijk te maken. Dat is eigenlijk de reden voor die twee dagen. Het transport van dierlijk mest en andere meststoffen wordt opgevolgd via AGR-GPS, dus in realtime. Het verkoopsregister is de enige manier om kunstmest van dichtbij op te volgen. Ik ga ervan uit dat kunstmesthandelaars bedrijven zijn die vertrouwd zijn met digitale systemen, zodat het doorgeven van de kunstmestgegevens geautomatiseerd zal worden. In het besluit zijn er overgangsbepalingen opgenomen, zodat men in 2021 de gegevens maandelijks kan registeren. Zo wordt voldoende tijd geboden om dit te kunnen automatiseren, zodat een registratie binnen twee dagen dan ook geen enkel probleem zou mogen zijn. Dat is dus met het oog op controle, zeer gerichte terreincontroles, om het kunstmestgebruik in kaart te brengen. Ook in Denemarken is een kunstmestregister verplicht. In Noord-Ierland en het Verenigd Koninkrijk zijn de gesprekken gestart om een bemestingsregister in te voeren. We zijn dus niet de enige regio waar een gedetailleerdere opvolging van het kunstmestgebruik aan de orde is.

Voor alle duidelijkheid, ook de buitenlandse kunstmesthandelaars die leveren in Vlaanderen, zijn onderworpen aan deze regelgeving. Vlaanderen kan dus regels opleggen aan alle actoren die ook activiteiten uitvoeren op Vlaams grondgebied. Zodra een buitenlandse handelaar ook kunstmest levert aan Vlaamse landbouwers, moet die ook een kunstmestregister bijhouden, op dezelfde manier zoals dat is bepaald voor de Vlaamse kunstmesthandelaars. Dat lijkt me ook het meest correcte.

Ik zal niet ontkennen dat dit natuurlijk inspanningen vergt van zowel de kunstmesthandelaars als de landbouwbedrijven. Ik ben me daarvan bewust. Ik heb dat ook gezegd. Ik doe dat niet voor het plezier. Helaas, ik had het anders gewild, maar de huidige waterkwaliteit dwingt ons tot een striktere opvolging van het kunstmestgebruik, en maakt dat noodzakelijk. Via de jaarlijkse aangifte wordt momenteel naar schatting ongeveer de helft van het reële kunstmestgebruik aangegeven. Ik denk dat we het er toch wel over eens zijn dat dat gewoon niet goed is en dat dat echt moet worden aangepakt. Andere meststoffen en dierlijke mest worden opgevolgd via de AGR-GPS-app tijdens het transport, dus realtime. Een snelle registratie van de kunstmestleveringen en het kunstmestgebruik is dus zeker te verantwoorden.

Ik heb er al naar verwezen: er is overleg gepleegd met de landbouwsector en de kunstmestsector. Hun opmerkingen werden ook zeker geëvalueerd, maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat alle opmerkingen kunnen worden gehonoreerd. Zo niet heb je geen minister van Leefmilieu nodig, denk ik. Ik zou mezelf overbodig maken, mocht ik gewoon klakkeloos alles overnemen. Als ze echter tegemoetkomen aan dezelfde doelstelling, met name de waterkwaliteit verhogen, dan staan we uiteraard ook wel open voor de opmerkingen en nemen we die natuurlijk ook wel mee.

Uiteindelijk wil ik ook een correct beeld krijgen van het kunstmestgebruik op de Vlaamse landbouwgronden. Dat is helaas alleen mogelijk via een snelle en gedetailleerde digitale registratie. Het zou kunnen dat collega’s andere voorstellen hebben. We hebben dat heel lang onderzocht, maar dit lijkt ons wel het meest adequate.

De heer Ceyssens heeft het woord.

Minister, dank u wel voor uw antwoord. Ik ben ook blij uit uw antwoord te vernemen dat ook buitenlandse kunstmesthandelaars aan dezelfde verplichtingen onderworpen zijn, want mijn bezorgdheid betreft dat eigenlijk. Als ik kijk naar de verordening EG 2003/2003 en het koninklijk besluit van 28 januari 2013, dan geeft dat vrij verkeer van de handel in bemestingsproducten, binnen de Europese Unie en België. Volgens mij is een kunstmesthandelaar aangifte- en registerplichtig als hij minstens 10.000 kilo stikstof per jaar aan kunstmest in Vlaanderen importeert én levert aan verdelers in Vlaanderen of aan aangifteplichtige landbouwpercelen in Vlaanderen. Kunnen wij dat vandaag hardmaken? Ik zie zelfs berichtjes verschijnen van Nederlandse kunstmesthandelaars die daar letterlijk aan toevoegen dat ze zelf geen aangifte doen bij de Belgische overheid over de afzet van meststoffen naar België. Dat is natuurlijk iets wat me heel bezorgd maakt, want dan zou het voor een stukje misgaan met alle goede bedoelingen die er ongetwijfeld zijn indien we in Vlaanderen strikt gaan registreren en men via de achterpoort vanuit Nederland of Wallonië kunstmest naar hier importeert. Dat zou niet alleen concurrentievervalsend zijn voor de kunstmesthandelaars hier in Vlaanderen, het zou natuurlijk ook betekenen dat we het doel dat we hiermee willen bereiken, eigenlijk niet gaan halen. Minister, vandaar mijn bezorgdheid en mijn bijkomende vraag: hoe kunnen wij controleren en dus ook garanderen dat die kunstmest dan niet illegaal via buitenlandse handelaars in Vlaanderen wordt geïmporteerd?

De heer Coenegrachts heeft het woord.

Collega Ceyssens, bedankt voor de interessante vraag.

Minister, ik denk dat het verbeteren van onze waterkwaliteit inderdaad een bezorgdheid is die we allemaal delen. Kunstmeststoffen spelen daar een belangrijke rol in. Op dit moment hebben we daar inderdaad te weinig zicht en vat op. Er moesten initiatieven genomen worden – alle begrip daarvoor – om dat beeld correct te krijgen, zoals u het terecht zegt. De vraag is alleen of dit systeem tot dat resultaat zal leiden. Ik ben inwoner van de grensstreek. Ik woon naast Nederland en naast Wallonië. En het kan best zijn dat Nederlandse of andere bedrijven die in Vlaanderen leveren, ook aangifteplichtig zijn. Ik vraag me alleen af hoe u dat kunt afdwingen aan de Nederlandse kant van de grens, bijvoorbeeld.

En nog belangrijker is: wat met landbouwers die in Nederland of in Wallonië hun meststoffen gaan halen? Die handelaren aan Nederlandse kant leveren niet in België. Die leveren in Nederland en vallen dus volgens mij zelfs buiten de verplichting tot registratie, zoals u die net hebt uitgelegd. Dat soort achterpoortjes, die heel groot zijn en waar een regio zoals de onze, die heel veel grenzen heeft, heel vatbaar voor is, maken toch dat dat beeld misschien niet zo correct wordt. Dat dreigt ook ten koste te gaan van een effectieve inspanning voor de verbetering van de waterkwaliteit.

Ik ben dus een beetje bang dat de manier waarop we omgaan met buitenlandse firma's, of bijna de concurrentievervalsing tussen Vlaamse en Nederlandse handelaren, ertoe gaat leiden dat het effect niet groot zal zijn. De vraag is wat we daaraan kunnen doen, samen met de collega's in de buurlanden, om te kijken dat de concurrentie eerlijk blijft, maar vooral dat het effect op de waterkwaliteit effectief kan worden gerealiseerd.

De heer Steenwegen heeft het woord.

Ik dank de minister en de vraagsteller.

U weet dat wij voorstander zijn van zo’n kunstmestregister, omdat er inderdaad onvoldoende zicht is op het kunstmestgebruik. Ik volg de redenering van de collega's en de bezorgdheid die er is. Ik heb natuurlijk nog een andere bezorgdheid, vanuit de kant van de landbouwers zelf. In aanloop naar dit systeem waren er veel opmerkingen en bezorgdheden in verband met administratieve overlast voor onze boeren. Dat ging onder andere over het feit dat er per perceel moest worden geregistreerd en zo verder.

In dat verband is mijn vraag of er een evaluatiemoment voorzien is om bepaalde effecten of bepaalde moeilijkheden die zich voordoen bij de implementatie van dat register, te evalueren en bij te sturen waar nodig. Dat kan gaan over het zorgen voor een gelijk speelveld met het buitenland, maar bijvoorbeeld ook over het wegnemen van administratieve last waar die niet nodig is, met uiteindelijk altijd in het achterhoofd de betere waterkwaliteit en het goed op de hoogte zijn van het kunstmestgebruik.

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Ik wil me kort aansluiten bij deze vraagstelling. Dat de waterkwaliteit moet verhogen, minister, daar zijn we het allemaal over eens. Dat kunstmest daar ook een rol in speelt, daar zijn we het ook over eens. Maar in dezen denk ik dat het belangrijk is dat we werken met systemen die minimale administratieve lasten opleggen en die zo effectief mogelijk zijn.

Vanuit dat kader wil ik vier elementen aanstippen. Wat betreft de buitenlandse en Waalse handelaars: daar zijn de collega's al voldoende op ingegaan, maar ik stel mij eveneens de bezorgde vraag hoe we dat gaan controleren. Wat moet men precies doen? Hoe gaan we daar effectief grip op hebben, zodat we niet gewoon een verschuiving krijgen?

Verder wil ik even ingaan op het gebruiksgemak van dit digitaal kunstmestregister. Minister, ik weet niet of u als eens de gelegenheid te baat hebt genomen om zelf eens te kijken naar het register en om het te proberen in te vullen en te zien wat dit met zich meebrengt. Ik heb ook een schriftelijke vraag gesteld over dat gebruiksgemak. Ik moet vaststellen, minister, bijvoorbeeld dat het eigenlijk technisch wel mogelijk moet zijn om de dubbele registratie – dat de handelaar enerzijds en de landbouwer anderzijds moet registreren – te vereenvoudigen, doordat er eigenlijk gewoon een bevestiging gebeurt door de landbouwer van datgene dat de handelaar heeft ingegeven. Momenteel maken we blijkbaar de keuze om dat niet te doen. Ik denk dat daar toch een belangrijke administratieve vereenvoudiging mogelijk zou zijn waarbij iedereen zijn of haar verantwoordelijkheid draagt.

Een tweede element is ook de koppeling met andere teeltregistratiesystemen. Ik moet vaststellen – en ik betreur dat ten zeerste – dat daar niet vanaf het begin rekening mee gehouden is om dat uit te bouwen. Het register is al geïmplementeerd, en men is nu pas, terwijl iedereen er al rekening mee moet houden en dat moet invullen, aan het kijken om een koppeling te doen met de teeltregistratiesystemen. Ik moet vaststellen dat er nu vijf aanvragen zijn, wat heel beperkt is. Ik hoop dat daar heel snel verder op ingezet wordt, maar het is spijtig dat dat nu pas op het einde van het proces komt, terwijl dat systeem eigenlijk al vorig jaar in de zomer ingevoerd moest zijn.

Minister, een laatste element zijn inderdaad die termijnen. Ik begrijp dat u op korte termijn wilt werken. Die AGR-GPS is natuurlijk een systeem dat in de tractor met een eenvoudige app ingegeven kan worden. Dit systeem leent zich daar vandaag niet toe. Vooral voor landbouwers die vandaag een beroep doen op anderen om hun aangifte te doen, is de termijn van zeven dagen om een kunstmestregister op perceelsniveau in te voeren, wel erg kort. Als je moet rekenen op consulenten of derden – ze geven in het antwoord op de schriftelijke vraag aan dat men maar moet rekenen op familie of buren –, wil dat zeggen dat die termijn van zeven dagen wel erg kort is om dat gebolwerkt te krijgen. Ik stel me dan ook de vraag of dat effectief de handhaving gaat bevorderen of het verschil gaat maken. In die zin doe ik toch de suggestie – mijn collega heeft er ook al naar verwezen – om eventueel een evaluatie te doen, maar toch nog eens ten gronde in overleg te gaan om te kijken hoe we naar nog meer administratieve vereenvoudiging kunnen gaan met dit systeem.

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Dank u wel, collega’s. Ik hoop dat jullie wel weten dat er al koppelingen met andere databanken mogelijk zijn en dat we ook info die in een bepaalde databank zit, automatisch kunnen overzetten in het digitale kunstmestregister. Dat is ook al aangeven tijdens het overleg vorige zomer. Er zijn ook overgangsbepalingen, zoals jullie weten. Dit jaar kan de aangifte nog gebeuren binnen de maand, net vanwege het feit dat we aan de administratie hebben gevraagd om erop in te zetten om een aantal momenten te voorzien om gebruikersoverleg te organiseren met de landbouwers, omdat die ondersteuning zeker bij de 55-plussers misschien ook nodig is. Dat komt er ook aan.

Wij hebben ook gevraagd aan de administratie om sowieso altijd met de administraties van de buurlanden contacten te leggen en na te gaan of er een ongelijk speelveld is. De Vlaamse Landmaatschappij (VLM), de Mestbank, zal de Nederlandse handelaar die de regels overtreedt, handhaven. Want een landbouwer die bijvoorbeeld zelf gaat aankopen in Nederland, moet die aankoop ook registreren. Wij kunnen dan ook zien of de Nederlander bij wie de landbouwer is gaan aankopen, ook de registratie doet en op een juiste manier. In het systeem zitten ook voldoende alarmbellen die zullen afgaan.

We voorzien ook een evaluatie. Ik denk dat dat ook heel belangrijk is, dat we kijken wat het effect is, of het al dan niet helpt, dat we kijken waar we nog verder kunnen vereenvoudigen en kijken dat bepaalde gegevens die ingegeven moeten worden, geen tien keer ingevoerd moeten worden, enzovoort. Dat is allemaal voorzien.

Ik zal sowieso nogmaals aan de administratie vragen om het gebruikersoverleg met sommige landbouwers die daar nood aan hebben, effectief te doen.

De heer Ceyssens heeft het woord.

Minister, ik wil mijn oproep nog eens herhalen dat we echt goed moeten waken. De intenties zijn duidelijk en we staan er allemaal achter. We moeten ten koste van alles vermijden dat de goede intenties worden ondergraven door import vanuit het buitenland. Het is oneerlijk ten opzichte van de handelaars hier en het gaat ons doel voorbijschieten. Op dit moment is dat nog moeilijk. Misschien is het goed om daarover nog eens overleg te plegen, zowel aan Nederlandse als aan Waalse zijde.

Inzake gebruiksvriendelijkheid kunnen er inderdaad nog een aantal stappen vooruit worden gezet. Ik heb begrepen dat daarvoor initiatieven worden genomen. Ik hoop dat vanaf het moment dat de overgangsmaatregelen afgelopen zijn, we een gebruiksvriendelijk systeem zullen hebben.

Ten slotte is het misschien ook goed dat een aantal onduidelijkheden uit de weg worden gewerkt. Daar moeten we hier niet dieper op ingaan. Het is een discussie over organische en organo-minerale meststoffen, en of die al of niet moeten worden opgenomen. Het is in het belang van iedereen dat er zo snel mogelijk duidelijkheid over wordt gecreëerd en dat dat breed wordt gecommuniceerd.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.