U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werden deze vragen om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Almaci heeft het woord.

Minister, we hebben hierover al een paar keer van gedachten gewisseld, maar in tussentijd evolueert een en ander.

In december 2020 doken er filmpjes op waarin te zien is hoe meerdere nertsen losliepen op een nertsenbedrijf. Waarschijnlijk konden ze ontsnappen op het moment dat ze vergast gingen worden. Het ging om vier of vijf verschillende dieren. Dit was al de tweede keer op korte tijd dat Animal Rights loslopende nertsen filmde op kwekerijen in Vlaanderen. De filmpjes zijn online beschikbaar.

Ook in Nederland zijn loslopende nertsen ontdekt, waarvan er minstens twee besmet bleken te zijn met het coronavirus. We hebben al gemerkt dat er bij nertsen mutaties van het coronavirus kunnen optreden. Ik heb in mijn vragen al een aantal keren gewaarschuwd voor de problematiek van mutaties bij dieren. We weten dat nertsen met het coronavirus worden besmet in kwekerijen. We weten ook dat er een specifieke mutatie van het virus bij nertsen is ontdekt in Denemarken. In Nederland zijn enkele gevallen bekend van mogelijke dier-op-mensbesmettingen op nertsenbedrijven, waar nertsen besmet waren met het virus. Dat is bijzonder verontrustend en boezemt allerminst vertrouwen in.

Over de diepgaande problematiek van de sluiting van nertsenkwekerijen hebben we al veel van gedachten gewisseld, maar in deze coronacrisis en met de extra uitdaging van de varianten die sneller en heftiger lijken te zijn dan het originele coronavirus, wil ik u vragen of u op de hoogte bent van deze nertsenuitbraken en het feit dat dieren losliepen. Welke maatregelen werden er getroffen, gelet op het potentiële gevaar voor de volksgezondheid en het dierenwelzijn? Dat heet dan ‘low probability, high impact’.

Wat wordt er gedaan om uitbraken te voorkomen, zeker in deze coronatijden? Gelet op de context van de mutaties die zorgen baren, gelet op de marktdynamiek en de jaarcyclus voor de opkweek van nertsen, houdt u nog altijd dezelfde visie aan of kan ik u toch overtuigen om over te gaan tot het vervroegd sluiten van nertsenkwekerijen omdat er geen enkele objectieve reden meer is om te blijven volhouden en de risico's alleen maar groeien?

Mevrouw Sterckx heeft het woord.

De acht laatste nertsenhouderijen liggen momenteel stil. Dat zegt de Belgische Bontfederatie in Landbouwleven, maar voegt eraan toe dat wegens de gestegen bontprijzen fokkers een heropstart zouden kunnen overwegen. Zo hopen ze de verliezen van vorige jaren enigszins te compenseren.

De nertsenfokkerij kent een jaarcyclus: in maart worden de reuen en moederdieren gepaard, eind april-begin mei worden de pups geboren, in juni worden de jongen gespeend en wanneer ze zeven maanden oud zijn worden ze eind november en december vergast voor hun huid. De reuen worden normalerwijs deze en volgende maand handmatig bij de fokmoeders geplaatst en dat gebeurt in meerdere keren. Het is een tijd van zeer intensief contact tussen de nertsen en medewerkers op nertsenfokkerijen. De besmettingscijfers zijn nog steeds hoog en de vaccinatie komt pas zeer langzaam op gang. Wanneer een medewerker een nerts besmet, volgt een razendsnelle virusoverdracht van nerts op nerts. Dit is vorig jaar gebleken in Nederland, Zweden, Spanje, Griekenland en Frankrijk. Nertsen kunnen vervolgens ook weer mensen besmetten.

Nu de nertsenhouderijen stilliggen, lijkt het moment gekomen om ze onmiddellijk te sluiten en het houden van nertsen nu al te verbieden. Hoe evalueert u de risico’s inzake virusoverdracht in nertsenhouderijen en welke conclusies trekt u daaruit? Zult u onmiddellijk tot actie overgaan en het houden van nertsen per direct verbieden? Indien wel, onder welke voorwaarden? Indien niet, welke andere initiatieven neemt u dan wel?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Ik apprecieer natuurlijk de pogingen om mijn bevoegdhedenpakket uitgebreid te zien, maar vooralsnog, tot op heden, is in dezen mijn bevoegdheid beperkt tot dierenwelzijn en niet tot volksgezondheid of dierengezondheid. Ik heb geen bevoegdheid om maatregelen te nemen met betrekking tot de COVID-19-crisis in pelsdierhouderijbedrijven. Ik heb dat al een paar keer trachten toe te lichten.

Vanuit dierenwelzijnsoogpunt is de situatie overigens niet veranderd, en alleszins niet ten slechte. Ik zie momenteel geen aanleiding om in bedrijven te gaan ruimen of dieren plots te gaan doden. Bovendien is de situatie net ten goede veranderd, in die zin dat alle Vlaamse nertsenhouders hun activiteiten inmiddels hebben stopgezet. Het is inderdaad zo dat de nertsenhouders nog de mogelijkheid hebben om die te hervatten, net gelet op de decretaal voorziene overgangsperiode die we tot 30 november 2023 hebben voorzien.

Ik vind ook dat er geen onmiddellijke aanleiding is. En ten tweede hebben we duidelijke afspraken gemaakt. Ik sluit akkoorden en ik respecteer die. Als we een breed gedragen ambitieus dierenwelzijnsbeleid willen voeren, en afspraken maken met sectoren, wil ik er ook voor zorgen dat die afspraken gehonoreerd worden. Ik denk dat we erin geslaagd zijn om verregaande afspraken te maken, zelfs als het gaat over de uitbaters van de ponycarrousels. We zijn erin geslaagd om afspraken te maken, ook met de nertsenhouders en de producenten van foie gras om die activiteiten te staken of af te bouwen. Maar we moeten die afspraken dan ook honoreren. Zelfs in deze kwestie is er geen aanleiding tot zo’n maatregel, omdat ze hun activiteiten inmiddels hebben stopgezet. Ik wil me ook altijd tonen als een betrouwbare gesprekspartner die niet altijd terugkomt op gemaakte afspraken.

Wat de vergoedingsdossiers betreft, wil ik nog meegeven dat ondertussen acht pelsdierhouderijen een aanvraag hebben ingediend in het kader van de wettelijke regeling van de vergoeding bij bedrijfsstopzetting en bedrijfsreconversie van pelsdierhouderijen; zeven voor een stopzetting en een voor een renovatie. Voor een van die acht bedrijven heeft de landcommissie ook al een beslissing genomen met betrekking tot de volledigheid van het dossier. Dus ook daar zetten we een goede stap vooruit. Andere dossiers zullen ongetwijfeld spoedig volgen.

De landcommissie nam inmiddels ook een beslissing over de pelsdierhouder die een aanvraag heeft ingediend via de IHD-PAS-regeling (instandhoudingsdoelstelling, Programmatische Aanpak Stikstof). De landcommissie gaat daar eerstdaags een officieel aanbod doen aan de pelsdierhouder. Het bedrijf kan dan ook in beroep gaan bij de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) als dat bedrijf het opportuun acht. Maar zodra de bedrijfsleider het aanbod aanvaardt, kan worden overgegaan tot de uitbetaling. In totaal hebben dus al negen pelsdierhouderijen een aanvraag ingediend voor vergoedingen. Die bal is serieus aan het rollen gegaan, we gaan daar absoluut naar een uitdoving. Dat is opnieuw een gigantische stap vooruit. Ik zie in dezen ook niet waarom we gemaakte afspraken niet zouden honoreren.

In verband met de vergoedingen wil ik toch eens meegeven dat de vergoeding jaarlijks daalt met 10 procent. Er is dus afdoende stimulus om ervoor te zorgen dat bedrijven wel degelijk versneld zullen sluiten. De indieningsdatum van de aanvraag geldt als referentiedatum. De pelsdierhouders hebben er dus alle belang bij om hun activiteiten zo snel mogelijk stop te zetten. En we zien ook stelselmatig dat er steeds meer wordt ingegaan op dat aanbod.

Mevrouw Almaci heeft het woord.

Minister, u bent bevoegd voor Sport, en ik weet dat dat veel overleg vraagt. En ik weet dat u niet de bevoegdheid voor covid hebt. Maar het gaat natuurlijk wel over dat kruispunt, en daar hebt u wel een verantwoordelijkheid.

Ik vind het werkelijk bijzonder belangrijk dat een politicus aan betrouwbaar en voorspelbaar beleid doet. Maar in dit geval, als de omstandigheden wijzigen, moet u ook op die omstandigheden inspelen. Mijn vraag ging over dieren, over ontsnapte nertsen die drager zijn van het virus, nertsen bij wie er mutaties van dat virus komen, met een potentieel desastreus effect op de volksgezondheid. En dan is het zowel vanuit het oogpunt van dierenwelzijn – uw bevoegdheid – als volksgezondheid niet goed dat er dieren ontsnappen en los kunnen rondlopen.

Wat betreft de problematiek van het uitdoven van de nertskwekerij, is het de positie van de groene partij om nu de gelegenheid te grijpen om ze te sluiten. We gaan allebei voor het uitdoofbeleid, maar wij zeggen dat COVID-19 een nieuwe context heeft geschapen die maakt dat nu speculeren op de toekomstige winst van voorlopig uitdoven en dan opnieuw een cyclus opstarten omdat in andere landen het uitdoofbeleid sneller gaat, niet goed is voor het dierenwelzijn en potentieel gevaarlijk voor de volksgezondheid. Dit is een virus dat hier helaas nog even zal blijven. Ik hoop echt dat we onze bevolking perspectief kunnen geven over de vaccinaties en dat dat snel kan. Het mag allemaal sneller, absoluut, maar in tussentijd is het ook aan ons, politici, om een voorzichtig beleid te voeren en om te zorgen dat die nieuwe mutaties in elk geval al niet kunnen ontstaan en rondwaren. Ik denk dat u die insteek toch wel minimaliseert. Mijn bekommernis is wel degelijk ingegeven door dierenwelzijn omdat ik het gevaar zie opduiken van een veranderde context waarop nertsenkwekerijen inspelen, wat ook aangegeven wordt. De prijs die in de toekomst misschien zal worden betaald op de markt, zal veel hoger zijn. Men zegt: ‘Dit jaar even niet, maar in 2022 en 2023 wel als het nog goed kan, en dan doven we definitief uit’. Dat is voor mij geen wenselijk beleid, dat is een 'stop-and-go'-beleid op de kap van het dierenwelzijn, met een potentieel gevaar op vlak van volksgezondheid. Zoals ik al zei: ‘low probability’ maar ‘high impact’. Dat is wat een pandemie is, dat is het kenmerk van een pandemie.

Ik ben het dus niet met u eens, maar dat weet u al. Ik geloof nogal dat ‘when the facts change’ wij daar als beleidsmakers ook op moeten inspelen, uiteraard met een zo voorspelbaar en degelijk mogelijk beleid. Maar ik geloof ook wel dat wij een verantwoordelijkheid hebben die breder gaat, vandaar mijn vraag. U bent niet ingegaan op mijn vraag of u op de hoogte was van die uitbraken en op welke manier u sowieso voor de toekomst, als er een nieuwe cyclus zou worden opgestart, uitbraken zult willen voorkomen. We stellen vast dat we op dat vlak niet op hetzelfde spoor zitten. Ik vind dat jammer, zeker omdat u zelf verwijst naar die dalende vergoeding. Dat weten we, dat hebben we in eerdere debatten ook besproken. Als de vergoeding daalt, zal men nog meer de rekening maken of het de moeite loont om te speculeren op die stijgende marktprijzen de komende jaren. Ik blijf dus met mijn bezorgdheid zitten. Ik vind het jammer dat er van u geen openheid is naar wat in andere landen die ook aan goed, behoorlijk en voorspelbaar bestuur doen, wel gebeurt, namelijk de datum van de uitdoving te vervroegen.

Mevrouw Sterckx heeft het woord.

Minister, ik ben blij dat ondertussen al acht of negen bedrijven een vergoedingsaanvraag hebben gedaan. Dat wil zeggen dat ze eventueel de intentie hebben om te stoppen. Ik snap dus niet goed waarom u dan niet wilt overgaan tot de definitieve stopzetting. Ik begrijp dat er afspraken gemaakt zijn en dat die moeten worden gerespecteerd, maar corona is een onvoorziene gebeurtenis die ons de mogelijkheid geeft om sneller over te gaan tot het sluiten van de pelsdierkwekerijen. Dat bevordert ook het dierenwelzijn en dat is toch uw verantwoordelijkheid. U zegt dat de gezondheid van dieren niet uw bevoegdheid is, maar dat kan men niet los zien van dierenwelzijn. Het welzijn van een dier is belangrijk en daar hoort ook de gezondheid van het dier bij.

Ik moet mijn collega Almaci bijtreden dat dit een zeer gemiste kans is om nu vroegtijdig de pelsdierkwekerijen te sluiten. Ze zijn allemaal al aanvragen aan het doen. Als u nu beslist om het nu definitief stop te zetten, dan betaalt u gewoon de hogere vergoeding uit. Als ze dan toch hun aanvragen al gedaan hebben, dan denk ik dat iedereen er gelukkig mee is. Ook de dieren zijn gelukkig. De pelsdierkwekerijen hebben dan nog een verhoogde tegemoetkoming gekregen. Het kan in andere landen, minister, waarom kan het dan niet in Vlaanderen? Wij willen toch voortrekker zijn in dierenwelzijn, dat zegt u geregeld. Als het in andere landen kan, dan moet het toch ook in Vlaanderen realiseerbaar zijn.

Mevrouw De Vroe heeft het woord.

Minister, ik denk dat we in Vlaanderen momenteel nog van geluk mogen spreken en dat er nog geen enkele nerts besmet geraakte met COVID-19. Dat is een goede zaak en we moeten hopen dat dat zo blijft.

Ik verneem dat Finland klaar zou zijn met een vaccin tegen covid voor nertsen. Hebt u daar nieuws over, voor het geval dat? Maar nogmaals, laat ons hopen dat we hiervan gespaard blijven.

Ten tweede is het toch wel belangrijk en nodig om een heel duidelijke kijk te hebben op het aantal nertsen dat we momenteel in Vlaanderen hebben. Het aantal nertsenhouderijen kennen we, maar hoe functioneren ze momenteel nog allemaal? Het is belangrijk om dat heel duidelijk in kaart te brengen. Ik ga ervan uit dat men dat wel weet, maar het aantal dieren is misschien nog niet in detail gekend.

De beste manier om zo snel mogelijk het potentiële probleem op te lossen, is natuurlijk zo snel mogelijk de stopzetting van de nertsenhouderijen af te handelen. We weten met z’n allen ook dat nertsenhouders die nog in aanmerking willen komen voor een volledige vergoeding, een aanvraag moeten indienen voor 1 april; anders zal die vergoeding jaarlijks met 10 procent verlagen. Het is toch belangrijk om daar druk op te zetten. Maar, minister, ik blijf vernemen – ik ga niet alles herhalen wat ik wat dit betreft in het verleden al heb gezegd – dat men het gevoel heeft dat er nog getalmd wordt, dat er soms twee, drie jaren overheen gaan vooraleer men met een aanbod zou komen. Ik zou toch willen vragen om dat goed en kort door uw diensten te laten opvolgen, zodanig dat men de andere bedrijven toch wel met de vergoeding kan tegemoetkomen.

Verder hoor ik, minister, dat er binnen de sector geruchten zijn dat ook voor andere pelsdierhouderijen vanuit de bevoegde commissie zou worden gepusht naar een regeling in het kader van de PAS. Klopt dit of gaat dit om een loos gerucht?

Mevrouw Joosen heeft het woord.

Het is een thema dat hier al een heel aantal keren aan bod is gekomen in een aantal vragen, onder andere eind januari nog. De evoluties in de andere EU-landen zijn ongunstig, maar die evoluties zien we natuurlijk op dit moment niet bij ons. Gezondheid is een federale bevoegdheid, dat werd gezegd. Ik denk dat er natuurlijk ook argumenten zijn om dat anders aan te pakken. Ik had dat zelf ook liever anders gezien, maar dat zijn natuurlijk wel de feiten waar we vandaag mee zitten. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat Vlaanderen niet de vinger aan de pols moet houden, en ik denk ook dat we dat doen, dat is ook te belangrijk. Vlaanderen volgt dat op en indien nodig kan er natuurlijk snel geanticipeerd worden.

Wat het uitdoofscenario zelf betreft: het vergoedingssysteem werd vastgelegd bij besluit van de Vlaamse Regering. Die beslissing tot stopzetting is genomen en de Europese toets werd doorstaan. Ik denk dus dat het ondertussen echt wel voldoende duidelijk is op dat vlak en dat die afspraken gemaakt zijn.

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Ik wil graag even tussenkomen in deze vraagstelling. We hebben hier inderdaad in het verleden ook al over gesproken. Ik wil toch wel enige klaarheid vragen rond de dreiging qua volksgezondheid die er zou zijn en waar collega’s ook heel fel naar verwijzen, met voorbeelden uit andere landen. Dat is natuurlijk een manier om naar een zaak te kijken, maar ik denk dat het belangrijk is dat we bij de feiten blijven, ook Vlaanderen. We kunnen natuurlijk van elk dossier een staatshervormingsdossier maken, ik denk niet dat dat hier de bedoeling kan zijn. Het klopt wel dat hier verschillende bevoegdheden op verschillende beleidsniveaus liggen, maar ik ga ervan uit – althans dat is toch de opdracht – dat er heel goed wordt samengewerkt.

En in dezen minister, wil ik u dan ook heel duidelijk vragen: zouden er signalen zijn dat de nertsenkwekerijen in Vlaanderen een bedreiging zouden zijn voor de volksgezondheid?

Ik stel die vraag heel duidelijk omdat in alle voorgaande vragen duidelijk is gesteld dat u vanuit het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) het signaal had gekregen dat dit niet het geval zou zijn. Bij dezen dus opnieuw de vraag of daar andere signalen zijn waarop moet worden geanticipeerd, dan wel of wij enkel reageren op beleidskeuzes die men in andere landen maakt. Wanneer we de analyse van de andere landen maken, stellen we ook daar pro’s en contra’s vast die we toch niet kunnen ontkennen. Hebt u daar signalen van en bent u daarover in overleg met de bevoegde diensten?

Collega De Vroe vroeg inderdaad ook al of er signalen zijn over de erkenning van eventuele vaccins in het kader van de dierengezondheid en de nertsen. Volgt u die evolutie ook?

Tot slot wil ik ook even stilstaan bij uw uitspraak dat u een betrouwbare overheid en minister wilt zijn en dat afspraken die zijn gemaakt ook moeten worden nagekomen en uitgevoerd. Ik kan u alleen maar dankbaar zijn dat u dit serieus neemt en daar effectief een punt van wilt maken. Ik wil echter wel mijn bezorgdheid uiten, zoals ik ook in het verleden al heb gedaan, dat wanneer het op het terrein gaat over het snel en accuraat handelen, een vlotte samenwerking tussen de dossieraanvragers, het snel reageren en terugkoppelen van de voelingen waar men al dan niet voor in aanmerking komt, het vlot overleggen, bemiddelen en onderhandelen daarover, daar toch een ander gevoel leeft op het terrein. Voelt u dit ook zo aan? Komen die signalen tot bij u? Welke maatregelen zult u eventueel nemen om dat vertrouwen dat u nastreeft, effectief op het terrein waar te maken? Ik wil gewoon duidelijkheid krijgen waar de knelpunten zitten en hoe we die eventueel kunnen oplossen.

Zoals u zelf ook stelde, minister, wordt hier een grote stap gezet in een bedrijfsstopzetting. Het is de eerste keer dat dit gebeurt. Als we hier de bal misslaan, zal dat niet goed zijn voor het vertrouwen in eventueel toekomstige dossiers over een uitdoofbeleid en zullen die altijd met argusogen worden bekeken. Hoe ervaart u dit en hoe volgt u dit op? Zijn eventuele bijsturingen mogelijk?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Er zijn enkele vragenstellers die heel enthousiast zijn over het volgen van buitenlandse voorbeelden waarbij men plots heeft beslist om het bedrijf te ruimen en dieren massaal af te slachten. Ik ga daar niet in mee. Ik denk dat het belang van dierenwelzijn daar niet bepaald mee gebaat is. De activiteiten in de Vlaamse bedrijven zijn trouwens gestaakt. Op het vlak van dierenwelzijn zie ik geen winst, niet op korte termijn en wellicht ook niet op lange termijn. Ook vanuit de coronadreiging zie ik geen aanleiding aangezien de activiteiten zijn gestaakt.

Mevrouw Almaci, wanneer u op grond van uw inzichten, virologisch of anders, wel aanleiding ziet om op te treden vanuit de volksgezondheid, ‘you are barking up the wrong tree’. ‘Go barking up the right tree, it’s your own tree’. Het is de Federale Regering die ter zake bevoegd is. Als u dat zo essentieel vindt en meent dat we dit toch moeten doen vanuit de volksgezondheid, dan kunt u zich richten tot de bevoegde federale minister. Ik begrijp ten volle dat die dat niet doet, dat die ter zake niet optreedt gelet op het feit dat de activiteiten zijn gestaakt.

Wat de vragen betreft of wij worden gebrieft en of wij een vinger aan de pols houden, kan ik bevestigend antwoorden.

Het FAVV controleert ook de Vlaamse bedrijven op COVID-19. Het FAVV heeft bloedtesten afgenomen om te zien of de dieren antilichamen hebben tegen dat virus. Er is geen enkel spoor van coronabesmetting vastgesteld. Het is trouwens ook zo dat al sinds juni COVID-19 bij dieren onderworpen is aan de meldingsplicht. Er zijn bij het FAVV geen meldingen binnengekomen. We houden daar dus wel de vinger aan de pols. Als u vindt dat dat allemaal niet genoeg is, dan houd ik geen federale initiatieven tegen. U hebt daar meer te zeggen dan ikzelf.

Conclusie: er is geen winst op het vlak van corona. Er is geen winst op de korte termijn inzake dierenwelzijn. En er is ook op langere termijn geen winst inzake dierenwelzijn want ik wil toch wel een betrouwbaar en rechtszeker dierenwelzijnsbeleid waarmee ik duidelijke afspraken kan maken. We bieden de mogelijkheid aan bedrijven om versneld te sluiten. Zij hebben daar ook voordeel bij. Ik zie dat ze van die mogelijkheid gebruikmaken. Ik ga ervan uit dat we versneld zullen kunnen schakelen zodat de datum 30 november 2023 het resultaat kan zijn van een ambitieus en doordacht en betrouwbaar beleid.

Mevrouw Almaci heeft het woord.

Minister, ik begrijp eigenlijk de agressieve toon niet. Ik vind dat echt spijtig. Ik heb eerder in dit dossier over de nertsenkwekerijen en de sluiting ervan aangegeven dat wij voorstander zijn van het uitdoofbeleid. U mag met mij van mening verschillen over de timing. Maar wij zeggen dat er een bijzondere context is, een context die twee elementen in zich draagt: volksgezondheid en marktspeculatie. Als minister van Dierenwelzijn hebt u een unieke kans om te doen wat andere ministers van Dierenwelzijn in andere landen doen: vanuit die context uw beleid bijsturen, zodat het effectiever is op al die fronten. U mag zich daaraan onttrekken. U mag continu zeggen dat u liever meer bevoegdheden had gehad en dat u het fijn vindt dat mensen u meer bevoegdheden willen verlenen. Mijn enige vraag is: binnen uw bevoegdheid als minister van Dierenwelzijn komt het aan u toe om over te gaan naar een vervroegde sluiting. Die macht hebt u. U moet daarbij niet denigrerend doen ten aanzien van andere niveaus. U hoeft daarbij niet te zeggen wat anderen moeten zeggen. Vlaanderen is wat betreft het toedienen van de vaccins en de strategieën … Vanavond komt er een heel interessante Panoreportage op de VRT, ik hoop dat u ze bekijkt. Daar zijn nog wel wat issues te tackelen.

U hebt zelfs in ons een bondgenoot om betere oplossingen te krijgen. Maar wat ik niet wil, is dat u als minister van Dierenwelzijn zegt: ‘Wacht efkens, dit is mijn rol niet.’ Het is uw rol wel. Ik heb u een vraag gesteld over uitbraken. U hebt op die vraag niet geantwoord. U zegt dat het er nu niet meer toe doet omdat het op dit moment stilligt. Ik zeg dat er op een bepaald moment, omwille van de marktdruk, opnieuw overwegingen zullen komen over de mogelijke winst die kan worden gemaakt door de evoluties in andere landen, die naar aanleiding van covid wel belangrijke beslissingen tot vervroeging hebben genomen. Dan zult u opnieuw worden geconfronteerd met de problematiek van uitbraken, die blijkbaar nog bestaat, met de problematiek dat men gaat speculeren omdat iets nog winstgevend is, zelfs voor die paar jaar die er nog resten, gezien de cyclus van die dieren, enzovoort.

Ik wil niet te technisch worden, maar het is wel duidelijk dat u dit ten gronde niet wilt. Ik mag dat ten gronde spijtig vinden. Daar hoort niet over van alles en nog wat een retoriek bij die dat moet verhullen. Het is au fond wel uw positie. Ik vind dat jammer vanuit de positie van Dierenwelzijn. En ik vind dat jammer in een context waarvan ik hoop dat we ons er allemaal toe engageren. Een context die lastig en problematisch is qua volksgezondheid en waar er ook een samenhang is – of we dat nu willen of niet – met wat we leren uit wat er in het buitenland is gebeurd, zodat we niet wachten tot het ook hier gebeurt.

Dus, bon, ik betreur deze manier van debatteren. Misschien ligt het ook aan de manier waarop we het digitaal moeten doen. Als het de bedoeling is dat hierover geen vragen meer zullen worden gesteld, dan hoop ik dat er in de toekomst in ieder geval niet gespeculeerd zal worden en dat we niet in een context terechtkomen waarin de vragen die we nu stellen zich realiseren. Ik hoop dat oprecht maar ik was daar liever beter op voorbereid geweest en ik had liever gedaan wat andere landen ook deden: gebruikmaken van de context en de beslissingen nemen die van goed bestuur zouden getuigen.

Ik hoef daarvoor niet ‘up anyone’s tree’ te ‘barken’ en dat heb ik ten aanzien van u ook niet gedaan. Ik heb mijn parlementaire plicht gedaan en een aantal vragen gesteld. Moeilijker dan dat is het niet.

En wees gerust, ik heb uw boodschap goed begrepen. Ik reken op de steun van de N-VA om ook federaal rond Volksgezondheid te doen wat nodig is, en zeker ook om op Vlaams niveau zelfs met deze regering die fakkel op te nemen. Want daar is het resultaat ook niet min.

Mevrouw Sterckx heeft het woord.

Minister, bedankt voor de antwoorden. Ik ben blij dat de activiteiten op dit moment gestaakt zijn, maar zoals de collega ook zegt, staat die nertsenhouderijen niets in de weg om weer op te starten. U geeft aan dat u de indruk hebt dat er versneld geschakeld zal worden om over te gaan tot sluiting, maar u kunt dit dus wel een handje helpen door zelf te zeggen dat we versneld gaan sluiten. Ik heb de indruk dat u niet van plan bent om dit te doen en dat u deze crisis dus niet aangrijpt om de moed te hebben om de nertsenhouderijen vroeger te sluiten. Dit was een ultieme kans om vervroegd over te gaan tot sluiting en ik denk dat het een gemiste kans is om deze niet aan te grijpen.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.