U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werden deze vragen om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Mijn bezorgdheid van daarnet is hier nog groter, met name over het respecteren van het bezoekrecht in de woonzorgcentra. Tijdens de eerste coronagolf werden de woonzorgcentra van het ene op het andere moment afgesloten van de buitenwereld. Maandenlang hebben bewoners geen contact kunnen hebben met hun naasten, ze mochten geen bezoek ontvangen. De impact op hun mentale gezondheid was zeer, zeer groot. Dat hebben we allemaal kunnen vaststellen tijdens de vele hoorzittingen die er in de coronacommissie zijn geweest. We hebben daar vele getuigenissen over gehoord.

Minister, ik heb ook u daar vaak een lans voor horen breken. We moeten meer aandacht hebben voor het mentaal welzijn van de bewoners. We waren zeer bezorgd en begaan met hun fysieke gezondheid en veiligheid, en dat was de reden voor het afsluiten van het bezoek. Maar er waren toen geen beschermingsmiddelen enzovoort. Vandaag zitten we in een andere situatie. Een van de 95 aanbevelingen van de coronacommissie is dat er garantie werd gevraagd voor de toepassing van het bezoekrecht.

De Taskforce COVID-19 Zorg heeft dit vertaald in concrete richtlijnen voor de woonzorgcentra. De basisregel is dat mensen die in een woonzorgcentrum verblijven hetzelfde recht hebben op sociaal contact als de rest van de bevolking, en dit conform de heersende coronamaatregelen. Enkel indien er een uitbraak is in het woonzorgcentrum, kunnen er bovenop de nationale coronamaatregelen bijkomende beperkingen worden opgelegd. Dit moet altijd heel tijdelijk zijn, en ook bij besmetting is een garantie van minimaal één bezoeker per week voorzien. Het is heel belangrijk dat er altijd minimaal één bezoeker per week op bezoek moet kunnen komen bij de bewoner in een woonzorgcentrum. Bovendien moet bij levenseinde contactbeperking absoluut worden vermeden.

Wat we de afgelopen weken op het terrein op heel wat plaatsen zien gebeuren, gaat in tegen de aanbevelingen van de coronacommissie, maar strookt ook niet altijd met de geldende richtlijnen van de taskforce. Zo zijn er woonzorgcentra die het bezoek nog steeds minimaal houden en sluiten sommige woonzorgcentra bij besmetting de deuren nog volledig. Nog voor de vaccinaties startten, hebben vele collega's de voorbije weken verhalen gehoord van familieleden in een woonzorgcentrum die gedurende weken waren afgesloten. Ik zeg dit met het nodige begrip voor de directies en de medewerkers van woonzorgcentra, want zij staan voor moeilijke evenwichtsoefeningen tussen veiligheid, fysieke gezondheid en mentaal welzijn. Vandaag zijn er toch al heel wat middelen voorhanden, zoals de beschermingsmiddelen die er in de eerste golf niet waren, om bezoek op een veilige manier te kunnen laten plaatsvinden.

Niet alleen in de voorbije periode hebben heel wat woonzorgcentra bezoek verder beperkt dan de nationale coronamaatregelen, en zelfs volledig gesloten.

In afwachting van de vaccinaties hebben we ook gezien, en zien we nu, dat verschillende woonzorgcentra de bezoekregeling ook terugschroeven tot het absolute minimum van één bezoeker per bewoner per week. Maar er zijn er zelfs die preventief een volledig bezoekverbod opleggen. Bovendien geldt de bezoekbeperking voor langere tijd, voor verschillende weken, hoewel dit volgens de richtlijnen maar van heel korte duur mag zijn.

Het hoeft niet meer gezegd dat dit een grote impact heeft op het welzijn van de bewoners van de woonzorgcentra en hun familie. Nogmaals, ik heb begrip voor de moeilijke situatie waarin directies en medewerkers zich bevinden. De angst voor het virus is groot. Het blijft een evenwichtsoefening tussen veiligheid en welzijn. Maar in tegenstelling tot de eerste golf kan bezoek nu op een veilige manier verlopen, met naleving van de richtlijnen, gebruik van beschermingsmateriaal, enzovoort. Het baart me dan ook echt zorgen dat het bezoekrecht toch in die mate en zo gemakkelijk wordt ingeperkt.

Minister, volgens de laatste berichten zijn er momenteel meer dan 120 woonzorgcentra waar een bezoekverbod geldt. We krijgen daar heel wat vragen over van bewoners. Ik weet dat men zegt dat het maar voor tijdelijk is, voor een maand of 6 weken. Maar voor oudere mensen is dat echt zeer lang. Ik zie ook dat er vanuit sommige hoeken zelfs een oproep komt om te vragen waarom een bezoekverbod niet aangewezen is tot de tweede vaccinatie in alle woonzorgcentra in Vlaanderen is uitgevoerd. Onze aanbeveling was zo breed gedragen en wij waren er allemaal zo van overtuigd, dat ik niet gedacht had dat intussen zelfs heel wat collega’s die deze aanbevelingen mee goedgekeurd hebben in ons parlement, daarnaar zouden teruggrijpen.

Minister, in hoeverre zijn woonzorgcentra verplicht om te melden aan het Agentschap Zorg en Gezondheid dat ze een bezoekverbod of een beperking opleggen? Hoeveel meldingen zijn er al geweest?

Hebt u er zicht op hoeveel woonzorgcentra sedert de goedkeuring van de resolutie, ik bedoel de 95 aanbevelingen, en de uitwerking van de nieuwe richtlijnen met betrekking tot het bezoekrecht, het bezoekrecht beperkten tot één bezoeker per bewoner en voor welke periode dit gebeurde? Hoeveel woonzorgcentra beslisten nog tot een algemeen bezoekverbod, en voor welke periode? Werden deze maatregelen telkens genomen naar aanleiding van een besmetting?

Werd en wordt vanuit de taskforce of het agentschap contact opgenomen met woonzorgcentra die een beperking of een volledig verbod willen opleggen, om hen te begeleiden bij het organiseren van een veilige bezoekregeling? Voor hoeveel woonzorgcentra gebeurde dit de voorbije periode?

Ik heb ook de aankondiging gelezen dat er sedert gisteren gebruik wordt gemaakt van sneltesten om woonzorgcentra te helpen om op een veilige manier het bezoek te kunnen laten plaatsvinden. Ook dat is ongetwijfeld een nieuw element.

Zal het Agentschap Zorg en Gezondheid op een andere manier optreden tegen woonzorgcentra die de richtlijnen rond de bezoekregeling niet opvolgen?

In hoeverre is het noodzakelijk om tot een verstrenging van de bezoekregeling over te gaan tijdens de vaccinatiecampagne, dit in het licht van het psychisch welzijn van de bewoners? Zijn hierover richtlijnen uitgewerkt? Zo ja, wat zijn deze richtlijnen? Zo neen, zal de taskforce dit nog doen?

Minister, ik wil er echt op wijzen dat niet alleen het opleggen van bezoekbeperkingen een grote impact heeft op het mentale welzijn van de bewoners, maar ook het feit dat het risico bestaat dat de woonzorgcentra morgen opnieuw zullen dichtgaan. Heel veel bewoners en familieleden waren heel blij met de aanbeveling van de coronacommissie, namelijk dat ze sowieso, zelfs in gevallen van besmetting, zeker konden zijn dat er toch altijd één bezoeker per week zou kunnen langskomen.

Hebt u weet van woonzorgcentra of andere residentiële voorzieningen die maatregelen nemen met betrekking tot de beperking van het bezoek in afwachting van de vaccinaties? Mijn vraag is al een aantal dagen geleden ingediend. Ondertussen hebben we natuurlijk al een aantal cijfergegevens in de pers kunnen lezen. Ik kijk er toch naar uit, minister, om ze door u al dan niet bevestigd te zien.

Mevrouw Saeys heeft het woord.

We zien inderdaad dat in heel wat woonzorgcentra het bezoek aan de bewoners verboden is, ook wanneer er geen besmettingen zijn in het woonzorgcentrum en wanneer er in de betreffende gemeente geen abnormaal hoge besmettingscijfers worden genoteerd. Dat leidt uiteraard tot zeer grote frustraties bij de bewoners en hun familieleden.

De richtlijnen ten aanzien van de woonzorgcentra kregen een update op 20 januari.

Het basisprincipe met betrekking tot het bezoekrecht is één vast nauw contact en één sociaal contact. Indien er geen besmettingen zijn is er in principe geen beperking qua aantal bezoekers, momenten of frequentie van bezoek bovenop de nationale richtlijnen. Bij besmetting in het woonzorgcentrum of een betekenisvolle toename van het aantal besmettingen in de gemeente of een combinatie van beide zijn bezoekbeperkingen mogelijk, maar die moeten altijd proportioneel zijn en er moet ook altijd een perspectief worden gegeven over de herneming van het bezoek.

De richtlijn stelt dat hoe precair een besmettingssituatie in een woonzorgcentrum ook is, er steeds minimaal één bezoeker per bewoner per week moet worden toegelaten.

De op 20 januari aangepaste richtlijn wijst de woonzorgcentra erop dat het invoeren van een volledige opschorting van de fysieke bezoekmogelijkheid vanwege geplande vaccinaties eerder een vals gevoel van veiligheid geeft dan dat het een effectieve en verantwoorde manier is om besmettingen te voorkomen.

Sinds 7 december 2020 moet elk woonzorgcentrum het e-loket van Zorg en Gezondheid elke tijdelijke of volledige opschorting van de fysieke bezoekmogelijkheden van een voorziening melden. Een dergelijke melding kan ook aanleiding geven tot een informerend contact door Zorg en Gezondheid. Dat maakt dat Zorg en Gezondheid in principe een goed overzicht moet hebben over hoeveel woonzorgcentra het bezoekrecht verbieden.

Minister, hoeveel woonzorgcentra hebben via het e-loket een tijdelijke of volledige opschorting van de fysieke bezoekmogelijkheid gemeld?

Stelt Zorg en Gezondheid op basis van de contactname met de woonzorgcentra vast dat woonzorgcentra ten onrechte het fysieke bezoek verbieden? Zo ja, om welke redenen? In welke mate zijn de komende vaccinatie of de vrees voor de Britse of Zuid-Afrikaanse variant voor woonzorgcentra elementen in hun beslissing tot tijdelijke stopzetting van fysiek bezoek?

Indien er ten onrechte een verbod van fysiek bezoek is, wordt er dan contact opgenomen met het woonzorgcentrum en welke actie onderneemt Zorg en Gezondheid dan?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Collega’s, voorzieningen die een volledig bezoekverbod invoeren, moeten dit melden aan Zorg en Gezondheid via het e-loket. De vraag is opgenomen in de dagelijkse bevraging.

In de bevraging van de week van 19 januari tot 26 januari gaven 152 voorzieningen aan dat er een bezoekverbod van kracht was. In 55 woonzorgcentra ging het om een volledig bezoekverbod voor minder dan 7 dagen; in 97 woonzorgcentra gold het verbod 7 dagen of meer. Het bezoekverbod duurde gemiddeld 12 dagen, met een minimum van 1 en een maximum van 39 dagen.

Er zijn drie belangrijke redenen voor de bezoekbeperkingen. Een eerste groep zijn woonzorgcentra waar er grote uitbraken bij bewoners en personeel zijn, die het extreem moeilijk maken om bezoek georganiseerd te krijgen; een tweede groep zijn de woonzorgcentra die bezoek beperken om de vaccinatie veilig te laten verlopen; een derde groep zijn de woonzorgcentra die een bezoekbeperking opleggen uit angst voor de verdere verspreiding van de Britse en Zuid-Afrikaanse variant, die lokaal werd vastgesteld.

Een bezoekverbod komt in de laatste twee groepen ook vaak bij besluit van een lokaal bestuur, in het kader van een bredere lokale strategie, aan bod.

De Taskforce heeft gekozen voor een aanklampende aanpak van de voorzieningen die  een bezoekverbod afkondigen.

Concreet is er met de koepelorganisaties afgesproken dat zij contact nemen met die voorzieningen die een bezoekverbod opleggen terwijl hun besmettingsgraad minder dan 10 procent is.

De koepelorganisaties krijgen wekelijks een overzicht van de betrokken voorzieningen die bij hen zijn aangesloten. De resultaten van deze belrondes worden wekelijks besproken met het agentschap. Voorzieningen die geen koepel hebben, worden opgebeld door het agentschap.

In het contact wordt beklemtoond dat er altijd noodzaak is aan proportionele maatregelen. Het herinnert eraan dat een beperking in tijd nodig is, met een duidelijk perspectief over een heropstart van het bezoek. Daarbij moeten de alternatieve mogelijkheden waaronder raambezoek, videogesprekken enzovoort, altijd mogelijk blijven.

Voor de volledigheid wil ik nog melden dat daarnaast de Woonzorglijn nog steeds contact opneemt met voorzieningen wanneer er klachten van gebruikers binnenkomen.

De Taskforce Zorg heeft dit onderwerp besproken en beslist dat er geen aanpassing van de bezoekregeling nodig is. Er zijn voldoende mogelijkheden binnen de huidige richtlijnen om het bezoek, indien nodig, te beperken.

Zoals ik zojuist al aangaf, zijn er inderdaad voorzieningen die in het kader van de vaccinaties een beperking van de bezoekregeling opleggen om op die manier de kans op besmetting zoveel mogelijk te beperken.

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik wil verwijzen naar de coronacommissie waar we heel veel getuigenissen hebben gehoord over hoe zwaar een verbod op bezoek kon wegen op het mentale welzijn van de bewoners. Die getuigenissen hebben we gehoord in de bijdrage van de Ombudsdienst maar er waren ook anonieme getuigenissen, getuigenissen van familieleden, bewoners en medewerkers. Verder waren er ook getuigenissen tijdens de zestien hoorzittingen en plein public van directies, van medewerkers, van organisaties die zich bezighouden met ouderen enzovoort. Die getuigenissen waren eigenlijk unisono: er moet meer evenwicht zijn tussen de bezorgdheden over de fysieke gezondheid en veiligheid enerzijds en het mentale welzijn anderzijds. Daarom hebben we, over grenzen van meerderheid en oppositie, als een van de belangrijkste aanbevelingen uitgewerkt dat er nooit meer een volledig bezoekverbod mag komen maar dat er altijd minimaal één bezoeker per week moet kunnen komen. Dat is ook zo opgenomen in de richtlijnen. Ik moet zeggen dat ik ontzettend ontgoocheld ben wanneer ik dan zie wat er vandaag op het terrein gebeurt en hoe toch heel snel wordt teruggegrepen naar bezoekbeperkingen en zelfs naar een volledig bezoekverbod.

Dat heeft een enorme impact op het welzijn van die mensen. Het gaat dan niet alleen over het verbod zelf maar ook over het risico dat er een verbod zou kunnen komen. Het gaat over ouderen in een woonzorgcentrum die het idee hebben dat ze de week nadien of twee weken later hun dochter, zoon, partner niet zouden kunnen zien.

We krijgen ook getuigenissen van mensen wier ouders zwaar zorgbehoevend zijn en die zich in de laatste periode van hun leven bevinden, bijvoorbeeld mensen met dementie. Wanneer zij hun ouders een aantal weken niet kunnen bezoeken, maakt dat het proces alleen maar zwaarder.

Als ik u goed heb gehoord, hebt u daarnet gezegd dat er vorige week niet minder dan 152 woonzorgcentra waren met een bezoekverbod. Ik sta daarvan versteld en ik vraag me ook af waar we de hele tijd mee bezig geweest zijn in de coronacommissie. Hoe komt het dat we toen, op een moment dat de eerste golf wat was gaan liggen, allemaal hetzelfde dachten, namelijk dat er nooit meer een bezoekverbod mocht komen, en dat daar nu toch zo snel naar teruggegrepen wordt? De richtlijnen zijn nochtans duidelijk, minister. U zegt dat het agentschap contact opneemt met de koepels en dat de koepels contact opnemen met de betrokken woonzorgcentra.

Minister, u hebt nu sneltesten ter beschikking gesteld, waardoor we nog veel geruster kunnen zijn dat iedereen die in een woonzorgcentrum wordt toegelaten een negatieve sneltest heeft afgelegd. Ik vraag u echt om daar waar mogelijk nog meer op in te zetten, want het is gewoon een recht. Het gaat om een thuisvervangende omgeving voor de ouderen.

Na wat ik als Vlaams volksvertegenwoordiger en als lid van de Commissie ad hoc voor de Evaluatie en Verdere Uitvoering van het Vlaamse Coronabeleid heb gehoord, valt dit me eigenlijk heel zwaar. Ik begrijp dat op heel wat plekken de burgemeester die beslissing neemt, maar ik heb gehoord dat er burgemeesters zijn die deze beslissing op vraag van een woonzorgcentrum nemen. Dan is de vraag waar het begint en waar het eindigt. Het komt erop aan iedereen te laten weten dat bezoek op een veilige manier momenteel kan. We vragen hen allemaal dat bezoekrecht op een veilige manier te garanderen. Ik wil u vragen dit te blijven opnemen tot alle vaccinaties zijn gebeurd.

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Ik ben toch ook enorm geschokt door dat aantal. Ik zie dat soms zelfs tot een sluiting van 37 of 39 dagen wordt overgegaan. Dat baart me enorm veel zorgen. Zoals al gezegd, hebben we in de Commissie ad hoc voor de Evaluatie en Verdere Uitvoering van het Vlaamse Coronabeleid echt schrijnende zaken gehoord. We hebben hierover gesteld dat er nooit nog een dergelijk bezoekverbod mocht komen en dat altijd minimaal een bezoeker per week zou mogen komen. Dit was echt een schending van de mensenrechten.

Ik begrijp goed dat er een evenwicht tussen de veiligheid en het mentaal welzijn moet zijn en dat het niet altijd evident is die beslissing te nemen. Dat gebeurt meestal in overleg tussen de directie, de coördinerend en raadgevend arts (CRA) en eventueel het lokaal bestuur. Ik begrijp dat er angst is, maar dat is geen reden om ervoor te zorgen dat mensen in een thuisvervangende situatie, die even veel recht als wij hebben om bezoek te krijgen, een verbod wordt opgelegd. Dat is niet enkel voor hen, maar ook voor hun familie heel zwaar. Die mensen zitten in hun laatste levensfase. Dat zijn geen mensen die nog jaren zullen leven. Dat maakt het des te schrijnender.

Naar aanleiding van de vaccinatie heeft het agentschap gesteld dat het om een vals veiligheidsgevoel gaat. Dat klopt, want vooraan wordt het woonzorgcentrum dichtgemetst en achteraan staat de deur open. Het personeel loopt elke dag binnen en buiten en kan het virus met veel gemak binnendragen. Een verbod zal dat niet verhelpen.

Minister, er rest me nog een vraag. Wat zal met het bezoekrecht gebeuren als de bewoners een tweede vaccin is toegediend? Zal het die mensen dan nog altijd worden verboden bezoek te krijgen?

Er wordt altijd over de inspraak van de bewoners gesproken, maar jammer genoeg moet ik in de praktijk weer eens vaststellen dat dit veel te weinig gebeurt. Ik vraag u echt met aandrang om de angst in de woonzorgcentra gedeeltelijk weg te nemen. Ik weet dat u op dezelfde lijn zit. Er zijn nu sneltesten om de bezoekregeling gemakkelijker te maken. Die testen moeten ook worden gebruikt en het gevolg moet zijn dat bezoek effectief wordt toegelaten. Ik wil er echt op aandringen dat u ervoor zorgt dat bezoek in de woonzorgcentra mogelijk blijft. Die mensen verdienen dat.

Mevrouw De Martelaer heeft het woord.

Mevrouw Schryvers, mevrouw Saeys, we horen hier heel duidelijk jullie kwaadheid. Ik zal dat niet herhalen, maar ik vraag me wel af hoe dat komt. We hebben een resolutie met aanbevelingen opgesteld. Mijns inziens geven we onze ouderen geen enkel instrument in handen om echt op hun rechten te staan.

Wat kunnen mensen die in een woonzorgcentrum wonen of hun familie doen? Zij kunnen klacht indienen in het woonzorgcentrum. Ze kunnen klacht indienen bij de Woonzorglijn. Er zijn slechts 4 zorginspecties geweest op de 292 klachten. Er wordt ook advies gegeven, bijvoorbeeld door de Vlaamse Ouderenraad, maar we geven hun geen strijdmiddelen in handen. Misschien kan een ouderrrechtencommissaris een oplossing zijn in de toekomst, maar we moeten hun vandaag een middel in handen geven, zodat ze kunnen opkomen voor hun rechten, zodat ze bezoek kunnen afdwingen, zowel de ouderen zelf als hun familie. De enige actiemogelijkheid die ze nu hebben – ik trek het een beetje op flessen –, is massaal sterven. We mogen niet verwachten dat deze mensen op straat komen, want dat kunnen ze gewoon niet. Minister, welke actiemiddel zult u hun geven om vandaag, niet morgen, hun rechten te laten opeisen?

De heer De Reuse heeft het woord.

Naar aanleiding van de vaccinatiegedachtewisseling vorige week had ik deze vraag ook al geuit. Ik heb daar toen geen volledig antwoord op gekregen. Het is goed dat dit nu terugkeert, want het is inderdaad een heel groot probleem. De collega's hebben sterke woorden gebruikt die recht uit het hart kwamen en ook terecht zijn.

Ik wil kort herhalen wat ik daarnet heb gezegd in verband met de sneltesten. Sneltesten kunnen geen vervanging zijn. Ze moeten worden afgenomen door een verpleegkundige en de foutenmarge is nog te groot. Het moet gewoon correct verlopen en een correct verloop betekent dat als er geen uitbraak is, het woonzorgcentrum open moet zijn, conform de regels in de resolutie die in dit parlement is goedgekeurd. Dat is duidelijk.

Het zijn echter niet enkel de woonzorgcentra die de opdracht geven tot sluiting, maar ook de lokale besturen. Ik kijk in mijn eigen provincie, met de uitbraak in Houthulst. Middelkerke, Diksmuide en Nieuwpoort zijn woonzorgcentra tot sluiting overgegaan. Er kwam ook een advies van de eerstelijnszone Oostende-Bredene om bezoekers te weren. Dit is dan al een bovenliggend bestuur. De burgemeester van De Haan, de heer Vandaele, heeft zijn woonzorgcentra de opdracht gegeven om te sluiten. Ik heb de brief bij mij waarin staat: “In opdracht van de gouverneur vaardigt de stad De Haan een burgemeestersbesluit uit waarbij bezoek in woonzorgcentra verboden is tussen het toedienen van de eerste en de tweede vaccinatie, en dit tot tien dagen na het tweede vaccin. Gedurende deze periode zijn geen externe bezoeken toegelaten.” Het is natuurlijk heel moeilijk als wij, volksvertegenwoordigers die de coronacommissie hebben gevolgd – de heer Vandaele was daar ook lid van – en de resolutie hebben goedgekeurd, al niet het voorbeeld geven. Dit wordt dan ook nog aangevuurd door de gouverneur van West-Vlaanderen.

Minister, hebt u hierover contact opgenomen met de gouverneur van West-Vlaanderen? U kent hem ongetwijfeld goed. Hebt u hem gewezen op wat er in de coronaresolutie staat en op het feit dat dit niet strookt met het advies dat hij geeft? Als u weet hebt van dergelijke oproepen zowel door de gouverneur of een bestuur als een eerstelijnszone, neem dan met hen contact op en laat hen weten dat dit niet de bedoeling kan zijn. Mensen in woonzorgcentra hebben recht op bezoek, zeker als er geen uitbraak is.

De heer Daniëls heeft het woord.

Dit is een belangrijke vraag en het laat de N-VA ook niet onberoerd. Ik kan net als de collega’s met klem benadrukken dat bezoek een absoluut recht is.

Een kamer in een woonzorgcentrum is een huis in de straat. Als je tegen mensen zegt dat er niemand meer binnen mag, dan is dat een vrijheidsberovende maatregel. Dat is voor de procureur des Konings.

We hebben ook begrip voor de angst bij personeel, maar ook bij familie, dat het virus binnen zou komen. Daar zijn gemodereerde afspraken mogelijk. In geval van een besmetting kunnen er maatregelen worden genomen, maar beperkt. Niet alles moet voor onbepaalde tijd op slot. Dat is wat we hebben voorkomen in de resolutie. Minister, die oproep moet u met steun van heel deze commissie herhalen.

Als de koepel signaleert dat het eigenlijk niet de bedoeling is dat u de inperking van bezoek aanhoudt, en een woonzorgcentrum blijft het bezoek toch inperken, kunt u die lokale maatregel dan opheffen? Kunt u daartegen optreden? Of kunt u alleen maar bellen en brieven schrijven om dat toch niet te doen?

Er was ook sprake van een sneltest voor bezoekers, maar bezoekers hoeven die niet noodzakelijk te gebruiken. Een mogelijke oplossing is om bezoekers te sensibiliseren over het gevoel dat er bij het personeel is om het bezoek maximaal buiten te houden. Zo kan het bezoek maximaal worden gevrijwaard.

Minister, wilt u de woonzorgcentra oproepen om, indien ze toch het bezoek beperkt en tijdelijk willen inperken, daarover heel duidelijk te communiceren aan zowel de bezoekers als aan de bewoners, en dat ze alternatieven geven, zoals bijvoorbeeld digitale communicatie. Ze moeten niet gewoon tegen de mensen zeggen: u komt er niet in.

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Collega's, we hebben hier al vaak over gesproken in deze commissie. Ik herinner me zeer goed dat ik in maart vorig jaar de handrem heb opgetrokken en een besluit heb genomen om bezoekrecht op te schorten. Ik herinner me ook heel goed dat ik in mei dat besluit heb ingetrokken om het bezoekrecht weer toe te laten. Dat kwam na heel wat overwegingen in deze commissie, alsook op andere plaatsen, en nadat we de randvoorwaarden om bezoek terug mogelijk te maken, zoals testen, terug op orde hadden.

Sindsdien heb ik die handrem niet meer gebruikt, in de wetenschap dat het een risico kon zijn, dat wanneer de besmettingen in de samenleving terug zouden stijgen, dat ook terug in de woonzorgcentra mogelijk was. Daarom hebben we in het najaar sneltesten ingevoerd voor symptomatische patiënten, om kort op de bal te kunnen spelen. Die sneltesten stellen we nu ook ter beschikking voor bezoek.

152 woonzorgcentra hebben de bezoekregeling opgeschort, sommige voor 1 dag of een paar dagen, in extreme gevallen voor 39 dagen. Dat wil ook zeggen dat meer dan 85 procent van de woonzorgcentra zich houdt aan de richtlijn die we samen naar voren hebben geschoven. Sinds mei ben ik een scrupuleuze bewaker van deze richtlijnen en heb ik zowel de taskforce als mijn administratie de opdracht gegeven om daarover te waken. Ik heb vooral de handrem niet meer opgetrokken. Dat is niet alleen omdat we dat hier hebben afgesproken, maar ook omdat het mijn fundamentele persoonlijke overtuiging was.

Hebben wij overleg met de gouverneurs daarover? We hebben contact opgenomen met de gouverneur van West-Vlaanderen. Wij hebben vorige woensdag met de Vlaamse Regering een overleg gehad met alle gouverneurs. Ook dit punt is toen aan bod gekomen. Er werd heel duidelijk gezegd wat de regels en instructies zijn.

Wanneer er een besmettingsgevaar is in een bepaalde gemeente, kan men in overleg met de eerstelijnszone en na een formele beslissing van een burgemeester of een gouverneur tijdelijk, zolang het echt nodig is, dat bezoek even on hold zetten. Dat is een uitzondering. Dat is niet de regel. Het is dus niet helemaal verboden. Maar we hebben wel aan de gouverneurs heel duidelijk gevraagd om te bewaken dat dit op een juiste manier aan bod zou komen, zoals we in een ander dossier, dat van de quarantaineopvolging, aan de gouverneurs hebben gevraagd dat dit op een evenwichtige en proportionele manier zou worden toegepast.

Van de 152 gevallen waarover we nu spreken, dat is 15 procent, waren er 52 in West-Vlaanderen. Dat zijn cijfers van vorige week. En dat vooral door toedoen van hoge besmettingsgraden in een aantal gemeenten, waar men dat in het overleg naar voren heeft gebracht. Dan is gebeurd wat er is gebeurd. Om die reden heeft men ook de timing tussen de eerste en de tweede vaccinatie, gezien het besmettingsgevaar in de lokale context, even on hold gezet, om de tweede vaccinatie niet ook in het gedrang te brengen. Dat is wat ons gesignaleerd is geworden vanuit de eerstelijnszones en het Agentschap Binnenlands Bestuur.

Wij hebben beslist, in overleg en na bespreking in de taskforce, om die sneltesten ook te zien als een bijkomende mogelijkheid om te detecteren waar er superverspreiders zijn, indien die via de bezoekers zouden binnenkomen, en als een extra beschermingsmiddel, waar men anders de woonzorgcentra zou moeten sluiten voor bezoekers. We geven hier dus een bijkomende extra hefboom.

Als er een bezoekverbod is, wordt er contact opgenomen met dat woonzorgcentrum om te bekijken wat precies het probleem is en om te bekijken hoe we hen kunnen begeleiden om toch veilig bezoek mogelijk te maken. Dat is hoe we te werk gaan. We hebben daar ook afspraken over met de koepels. De koepels hebben zich geëngageerd om daar ook een actieve rol in te spelen.

Als er klachten zijn, wordt er steeds een opvolging gegeven door de Woonzorglijn en wordt er gezocht naar andere oplossingen. Dat is hoe we te werk gaan.

Ik heb vorige week van de gelegenheid van de wekelijkse persbriefing gebruikgemaakt om de bekommernis die we allemaal hebben ook nog eens opnieuw onder de aandacht te brengen. We hebben daar gezegd wat men de volgende weken in de woonzorgcentra kan verwachten met betrekking tot de vaccinaties. Van die gelegenheid heb ik gebruikgemaakt om nog eens het belang van het respecteren van de bezoekregelingen onder de aandacht te brengen. Nu hebben we met de sneltesten een extra instrument voorhanden. Ik begrijp dat men op veilig wil spelen wanneer er in een lokale context Britse en andere varianten zijn. Dan wil men zeer voorzichtig zijn. Men wil kort op de bal spelen. Sneltesten kunnen daarin een rol spelen.

Ik denk dat dit een element is. In 85 procent van de gevallen wordt het wel gerespecteerd.

In het gros van de gevallen gaat het over een heel duidelijke pauzeknop die wordt ingeduwd. Er is nergens een permanent bezoekverbod. De 39 dagen zijn uitzonderingen. Maar ik ben het met u eens dat we er alles aan moeten doen om de bezoekregelingen mogelijk te maken, het bezoekverbod tot een minimum te beperken en de mensen de instrumenten te geven die mogelijk zijn.

Ik heb nog een laatste punt. Wat als iedereen voor een tweede keer gevaccineerd is? We hebben daar daarnet al over gesproken. Dat zal de vraag zijn naar: doorbreekt het vaccin de transmissie? Want stel u voor – en we hebben al gesproken over die Israëlische onderzoeken, maar het is op dit ogenblik nog niet bevestigd, dus wat dat betreft moeten toch enige voorzichtigheid aan de dag leggen – dat de mensen gevaccineerd zijn, voldoende weerstand hebben opgebouwd in de woonzorgcentra, maar het virus nog altijd kunnen doorgeven. Met het dagelijkse bezoek van partners van eenzelfde leeftijd, eenzelfde kwetsbaarheid enzovoort zou dat ook wel eens bijzonder nare gevolgen kunnen hebben. Daarom zeggen we dat gevaccineerd zijn op dit ogenblik geen enkele reden is om de voorzichtigheidsmaatregelen die we nemen rond afstand houden, rond de mondmaskerplicht, rond de handhygiëne en andere, niet te respecteren. Die maatregelen moeten nog altijd worden gerespecteerd, tot nader order.

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Minister ik dank u voor uw antwoord. De voorbije periode hoorden we overal de roep naar meer aandacht voor het mentale welzijn: bij jongeren, bij andere groepen in de bevolking. En dat is heel terecht. Maar ook onze ouderen horen daarbij. En juist die aandacht voor dat mentale welzijn was mee de reden waarom we met de Coronacommissie gekomen zijn tot de aanbeveling dat een algemeen bezoekverbod niet meer mogelijk zou mogen zijn en dat er altijd, zelfs in geval van besmetting, minimaal één bezoeker zou moeten worden toegelaten.

Ik heb het daarnet al gezegd: ik heb natuurlijk begrip voor de moeilijke situatie, het moeilijke evenwicht dat directies en medewerkers zoeken tussen enerzijds die fysieke gezondheid en anderzijds het mentale welzijn. De angst voor het virus zit er inderdaad nog diep in en dat is begrijpelijk. Maar ik zeg nogmaals: er zijn ondertussen toch heel wat omkaderende maatregelen die maken dat bezoek veilig kan verlopen. U hebt daar zelf ook heel wat inspanningen voor gedaan, zoals deze week nog met de terbeschikkingstelling van de sneltesten.

Bij woonzorgcentra die toch overgaan tot een bezoekverbod of waar de burgemeester dat heeft opgelegd, wordt een begeleiding gedaan door Zorg en Gezondheid, in samenwerking met de koepels. Dat is heel goed. Ik wil u vragen om daar verder op in te zetten.

Ik las daarnet een persbericht van de koepels. Daarin zeggen zij dat, als die tweede vaccinatie gebeurd is, we toch nog heel voorzichtig moeten zijn met versoepelingen. Dat lijkt mij terecht en ik heb daar ook begrip voor. We moeten eerst meer zekerheid hebben, zoals ook over de transmissie van het virus, zoals u terecht zegt. Maar anderzijds moeten we er ook voor zorgen dat onze ouderen zich goed kunnen voelen in dat woonzorgcentrum, ondanks de angst die er momenteel is.

Daarom dank ik u, minister, omdat u uw bekommernissen – en dat zijn ook de bekommernissen van deze commissie, zo heb ik nu toch wel gehoord uit de vragen – ook vorige week opnieuw hebt overgemaakt aan de taskforce. Ik wil u vragen om dat te blijven doen, om te blijven zorgen voor de begeleiding van de woonzorgcentra, zodat mensen die daar wonen het plezier, maar ook de gemoedsrust kunnen hebben dat ze hun naasten kunnen zien. Ik dank u.

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Ik weet dat het moeilijk is om een evenwicht te vinden tussen veiligheid en mentaal welzijn. Dat is niet evident. En ik begrijp ook de bezorgdheden van lokale besturen en directies. Maar we mogen niet vergeten dat we tijdens die eerste golf hebben gezien dat mensenrechten echt werden geschaad. Wij wilden absoluut vermijden dat dat nog een tweede keer zou gebeuren. 

Daarom hebben we gezegd dat minimum één bezoeker per inwoner per week mogelijk moet zijn. Ik vind dat men zich daar echt aan moet houden. Het gaat vaak over mensen die niet voor zichzelf kunnen opkomen, over kwetsbare mensen die in een thuisvervangende situatie zitten en die evenveel rechten hebben als u en ik. Dat maakt het des te schrijnender wanneer men dan toch overgaat tot een bezoekverbod. Minister, ik ben heel blij dat u alles uit de kast haalt, zoals nu die sneltesten, maar we moeten die dan ook gebruiken. Die moeten ertoe leiden dat er opnieuw bezoek mogelijk wordt. Ik vraag u ervoor te zorgen dat woonzorgcentra niet meer op slot gaan. Het geeft een vals gevoel van veiligheid wanneer het gaat over het beschermen van de vaccinatie. Je boetseert ze vooraan dicht, maar achteraan blijft ze wagenwijd openstaan. Dus, alstublieft, stop met het bezoekverbod op deze manier in te voeren.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.