U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werden deze vragen om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Vanlouwe heeft het woord.

Minister-president, de onderhandelaars van de lidstaten en het Europees Parlement hebben op 10 november 2020, enkele weken geleden, een princiepsakkoord bereikt over het nieuwe meerjarig financieel kader (MFK), de Europese meerjarenbegroting voor 2021 tot 2027. Om de deal te beklinken, moeten alle Europese lidstaten het licht op groen zetten, maar Hongarije en Polen dreigen met verzet. Aangezien de begroting unaniem moet worden aangenomen, hebben de regeringen in Boedapest en Warschau de facto een vetorecht. En als ik het goed voorheb, heeft ook Slovenië zijn bedenkingen bij het MFK.

Afgelopen zomer hadden de lidstaten onderling reeds een akkoord bereikt, maar dit stuitte op verzet van het Europees Parlement, dat traditioneel meer middelen eist. Na maanden van heronderhandelingen ligt er nu een nieuw compromis op tafel. Het voorgestelde MFK klopt nu af op ongeveer 1089 miljard euro, zo’n 15 miljard euro meer dan het voorstel in juli.

Hoofdonderhandelaar voor het Europees Parlement Johan Van Overtveldt, uiteraard samen met een delegatie van de begrotingscommissie, reageerde tevreden, vooral door de extra focus die wordt gelegd op toekomstgerichte en innovatieve Europese programma’s die echt van belang zijn voor Vlaanderen, zoals Horizon, InvestEU, HealthEU en Erasmus+. De Europese meerjarenbegroting is ook de sleutel tot de opstart van het veelbesproken Europese herstelfonds van 750 miljard euro.

Het is nu dus vooral uitkijken naar de houding van Hongarije, Polen en, in mindere mate, Slovenië. Zij verzetten zich tegen het feit dat deze Europese middelen gekoppeld zouden worden aan het debat over het respect voor de rechtsstaat en de Europese fundamentele waarden.

Wat is de reactie van de Vlaamse Regering op het nieuwe akkoord met betrekking tot het MFK 2021-2027? In hoeverre loopt deze positie gelijk met of verschilt ze van het standpunt dat België verkondigt op het Europese niveau?

Wat is uw reactie op het verzet vanuit Hongarije, Polen en Slovenië?

De heer Deckmyn heeft het woord.

Minister-president, op 16 november hebben de diplomatieke vertegenwoordigers van Polen en Hongarije zich uitgesproken tegen het goedkeuren van de Europese meerjarenbegroting voor de periode 2021-2027 en het daarbij aansluitende coronafonds. Zij stellen zo een veto, aangezien die begroting bij consensus van alle lidstaten moet worden goedgekeurd. De twee landen laten daarmee hun ongenoegen blijken over de koppeling van het ontvangen van gelden uit die begroting aan zogenaamde regels met betrekking tot de rechtsstaat.

Beide landen voelen zich onterecht geviseerd, en daar valt toch wat begrip voor op te brengen wanneer men de harde retoriek vanuit de Europese Commissie en – bij uitstek – vanuit het Europese Parlement ten aanzien van de twee democratische Europese lidstaten de laatste jaren in ogenschouw neemt. Vooral het Europees Parlement drong aan op het zogenaamde rechtsstaatmechanisme. Europees Parlementslid Guy Verhofstadt stelde, na consequent te verwijzen naar de legitieme regeringen van zowel Polen als Hongarije als zogezegd autoritaire regimes, dat deze landen nu ook coronadoden op hun geweten zullen hebben. Zijn eigen verantwoordelijkheid en die van linkse en extreemlinkse Europarlementsleden die het conflict op de spits hebben gedreven, erkende hij hierbij jammer genoeg niet. Het activisme van het Europees Parlement werd trouwens ook door de nieuwe paars-groene Federale Regering gesteund in haar regeerverklaring.

Nu dreigt echter ook Vlaanderen het slachtoffer te worden van het geëscaleerde conflict. Deze Vlaamse Regering steunt haar relancebeleid namelijk ook grotendeels op de gelden die het uit de meerjarenbegroting zou ontvangen.

Minister-president, wat is de visie van de Vlaamse Regering op het zogenaamde rechtsstaatmechanisme? Bent u van mening dat het hier om een politiek instrument gaat waarmee Polen en Hongarije onterecht hard geviseerd worden, terwijl landen die de regels van de democratische rechtsstaat openlijk met de voeten treden, zoals Spanje, grotendeels ontzien worden?

Hebt u naar aanleiding van de passage in het federale regeerakkoord die ijvert voor een Europees rechtsstaatmechanisme, contact opgenomen met de Federale Regering om te bespreken wat de mogelijke impact zou kunnen zijn op de activering van de fondsen? Indien niet, zult u nog contact opnemen met de Federale Regering hieromtrent?

Minister-president Jambon heeft het woord.

Minister-president Jan Jambon

Ik ga eerst in op de vraag van collega Vanlouwe, die vroeg wat onze reactie is. De Vlaamse Regering is tevreden dat er na lange onderhandelingen tussen de Europese Raad en het Europees Parlement een akkoord is gevonden over de meerjarenbegroting en het herstelfonds. Ik moet wel zeggen dat het akkoord over dat herstelfonds nog niet volledig is. Er is tussen het Europees Parlement en de Europese Raad nog altijd discussie over de parameters. Dat is dus nog niet afgerond.

Het akkoord tussen de Raad en het Europees Parlement respecteert in grote lijnen het politieke akkoord dat de staats- en regeringsleiders sloten op de bijeenkomst van de Europese Raad in juli jongstleden.

Enerzijds werden de correcties die het Europees Parlement vroeg beperkt, en anderzijds werden een aantal programma’s met hoge Europese meerwaarde versterkt, zoals Horizon Europe, het programma voor onderzoek en innovatie, het Erasmusprogramma, InvestEU, enzovoort. Dat sluit in grote mate aan bij de standpunten die de Vlaamse Regering heeft aangenomen tijdens de onderhandelingen over het MFK en het herstelfonds in de Raad.

U vroeg ook in hoeverre die positie gelijkloopt met de Belgische positie. In de laatste fase van de onderhandelingen, namelijk tussen de Raad, vertegenwoordigd door het Duits EU-voorzitterschap, en het Europees Parlement, vertegenwoordigd door de voorzitter van de begrotingscommissie, Johan Van Overtveldt, was het zaak om tijdig tot een akkoord te komen binnen de krijtlijnen van het akkoord dat de staatshoofden en regeringsleiders sloten op de bijeenkomst van de Europese Raad in juli jongstleden. In die zin was er geen continue terugkoppeling tussen het voorzitterschap en de lidstaten en deelstaten en dus ook geen DGE-coördinatie (directie-generaal Europese Zaken en Coördinatie). Zoals gezegd, zijn de wijzigingen tussen het bereikte compromis en het akkoord binnen de Europese Raad eerder beperkt.

U vroeg ten slotte wat mijn reactie is op het mogelijke verzet vanuit Hongarije en Polen. Ik betreur de houding van de Hongaarse en Poolse regering en de steunbetuiging aan hun adres van de Sloveense premier. De regeringen van deze landen stemden in juli jongstleden op de Europese Raad in met een akkoord over het meerjarig financieel kader en het herstelfonds. Ik betreur dat ze daarop terugkomen vanwege andere politieke redenen, zeker in de context waarin we nu zitten, met de brexit en de coronacrisis. Het kan allemaal wel volstaan om daar politieke spelletjes rond te spelen.

Mijnheer Deckmyn, wat is onze visie op het zogenaamde rechtsstaatmechanisme? De Vlaamse Regering stond van meet af aan achter een mechanisme dat de Europese begroting beschermt tegen schendingen van de beginselen van de rechtsstaat en een slecht beheer van Europese middelen. Schendingen van de beginselen van de rechtsstaat, met name deze die gevolgen hebben voor de behoorlijke werking van overheidsinstanties en effectieve rechterlijke toetsing, kunnen de financiële belangen van de EU ernstig schaden. Laat ons niet vergeten dat de Europese begroting grotendeels uit belastinggeld van Europese inwoners bestaat. Ik denk dat het in ieders voordeel is dat die middelen correct worden besteed en dat daar in elk land ook de nodige controle op kan gebeuren.

De Commissie zal een grondige kwalitatieve beoordeling moeten verrichten. Die beoordeling moet objectief, onpartijdig en billijk zijn en relevante informatie in acht nemen, zoals: arresten van het Hof van Justitie; het jaarlijks verslag over de rechtsstaat van de Commissie; de verslagen van het Europees Bureau voor Fraudebestrijding (OLAF); de Europese netwerken van hoogste gerechtshoven en van raden voor justitie voor de rechtspraak, enzovoort.

Er was tijdens de Europese onderhandelingen over het rechtsstaatmechanisme geen verschil in positie tussen de Vlaamse en de Federale Regering.

De heer Vanlouwe heeft het woord.

Minister-president, u hebt terecht opgemerkt dat er nog steeds een debat loopt over de parameters of de criteria voor het herstelfonds. Bleek dat daar ook al bepaalde wijzigingen zijn toegepast. U weet eveneens dat de aanvankelijke criteria voor het verkrijgen van een bijdrage in dat herstelfonds voorzien waren om de periode voorafgaand aan de crisis te bekijken, terwijl dit nu reeds rechtgezet is. Ik ben ervan overtuigd dat de Vlaamse Regering dit goed zal opvolgen.

Verder denk ik dat er goede aspecten zitten in dit meerjarig financieel kader, deze meerjarenbegroting. U hebt ze reeds opgesomd. Voor Vlaanderen zijn er inderdaad voordelen. Er zullen belangrijke fondsen ter beschikking zijn: voor onderzoek en ontwikkeling, Horizon Europe 2020, het Erasmusprogramma en InvestEU. Tegelijkertijd gaat er minder naar de welbekende cohesiefondsen. Ik hoop dat de Vlaamse Regering dit goed zal blijven opvolgen.

Verder is het uitkijken naar wat de houding zal zijn van Hongarije, Slovenië en Polen.

De heer Deckmyn heeft het woord.

Minister-president, u betreurt dat men om andere politieke redenen deze zaak blokkeert. U zegt dat er politieke spelletjes worden gespeeld. Dat klopt. Maar niet door Polen en Hongarije. Die zogenaamde andere politieke redenen zijn door Europa in dit akkoord ingevoerd. Wie speelt er hier dus politieke spelletjes?

Ik blijf het gevaarlijk vinden om bepaalde andere voorwaarden in zo’n akkoord in te voeren, want dat leidt zeker tot problemen in de toekomst. Ik verwijs hiervoor naar professor Hendrik Vos – toch geen rechtse jongen, denk ik –, die onlangs in de krant stelde: “Elk land heeft wel zijn dossiertjes die niet helemaal in orde zijn. Denk maar aan het rapport van Amnesty International, dat België schendingen van de mensenrechten aanwreef in de woonzorgcentra.” Pak dat aan! Er is daar een probleem, mocht Europa ook dergelijke voorwaarden importeren en wij daar dan het slachtoffer van zouden zijn.

Ik wil er duidelijk op wijzen dat wij vinden dat er inderdaad geen politieke spelletjes moeten worden gespeeld en dat bepaalde voorwaarden echt niet altijd thuishoren op bepaalde plaatsen. Ik moet daar de ongelooflijke negatie van de rechtsstaat in Spanje aan koppelen. Dat wordt hier allemaal eventjes buiten beschouwing gelaten.

Collega’s, er zijn wel degelijk heel veel Catalaanse parlementsleden gewoon in de gevangenis opgesloten, voor meerdere jaren, en blijkbaar is dat allemaal normaal in de rechtsstaatbeschouwing van Europa. Daar wordt niets van gezegd. Daar zwijgt men zedig over. Oké, er is af en toe wel eens iemand die roept, maar resultaten zijn er niet. Die Catalaanse parlementsleden blijven daar in de gevangenis, wegens hun mening. Ik snap dus niet dat men altijd bepaalde landen viseert, maar zedig wegkijkt als het gaat over landen waar men blijkbaar niet durft in te grijpen.

Ik heb nog een bijkomende vraag. Minister-president, ziet u in dat zogenaamde rechtsstaatmechanisme een gevaar op een ‘slippery slope’, waarbij de EU zich het recht zou toe-eigenen om zich te mengen in interne politieke kwesties? Ik heb daarjuist een paar voorbeelden gegeven van waartoe dat zou kunnen leiden. Wat met het Grondwettelijk Hof in dit land? Zijn politieke benoemingen, bijvoorbeeld, in overeenstemming met de Europese waarden van vrijheid en democratie? Als het Europees Parlement of de Commissie morgen oordeelt dat politieke benoemingen het of haar niet zint, wat zult u dan ondernemen om een dergelijke ‘slippery slope’ te verhinderen? U begrijpt dat we in dezen op een hellend vlak zitten. Ik heb begrip voor landen zoals Hongarije en Polen die zich daartegen verzetten, want de laatste keer dat ik dat heb gecheckt, waren die landen nog altijd democratieën, met een regering die is verkozen via democratische verkiezingen. Als Europa zegt dat dat allemaal niet kan ... Ik heb een voorstel: luister misschien eerst eens naar de kiezers van die landen. Het zijn toch nog altijd de kiezers die een regering kunnen wegstemmen, en vooralsnog heb ik niet de indruk dat de kiezers in Polen en in Hongarije niet mogen gaan kiezen.

Mevrouw Talpe heeft het woord.

Minister-president, begin november was er nog euforie, toen werd gescandeerd dat er een deal was, maar die vreugde was helaas van korte duur. Hongarije en Polen stellen hun veto, en daarmee blokkeren ze niet alleen de begroting en het Europees herstelfonds, maar ook het brexitfonds. Daar hebt u ook naar verwezen. Ik vind het intriest dat we door die stellingname vastzitten, dat we geen stappen vooruit kunnen zetten. Wij vinden dat we absoluut niet mogen toegeven wat de koppeling van de subsidies aan het handhaven van de rechtsstaat betreft. Dat moet overeind worden gehouden. Over de grondrechten en -waarden is er geen enkele discussie mogelijk. Daar kunnen we geen compromissen over sluiten. Als we hiervoor buigen, dan komen we terecht in een cultuur van afpersing via veto’s. Dat kan toch niet de nieuwe politieke realiteit zijn in de Europese Unie, waar we allemaal samen voor dezelfde zaak zouden moeten kunnen vechten.

De premier heeft ook al een oproep gedaan wat dit betreft. Hoe kunnen we Polen en Hongarije overtuigen? Moeten we er energie aan besteden opdat ze alsnog mee zouden doen aan dit akkoord? Minister-president, daarom kijk ik ook in uw richting. Ziet u opties om ook een bijdrage te leveren aan die overtuigingskracht, zodat we uiteindelijk kunnen landen met een goedgekeurde begroting, herstelfonds en definitief brexitfonds?

Mevrouw Brouwers heeft het woord.

Eigenlijk is het gewoon schandalig dat, op het ogenblik dat Europa – en de wereld – met de grootste economische crisis sinds de Tweede Wereldoorlog wordt geconfronteerd en daadwerkelijk kapitaal zal inzetten om de lidstaten te helpen de komende jaren uit die crisis te geraken, nu net landen die misschien een pak meer middelen zouden krijgen uit die fondsen dan ons eigen landje, op de rem gaan staan. De redenen daarvoor zijn eigenlijk hallucinant: respect voor mensenrechten, voor vrije media, een onafhankelijke rechterlijke macht. Als we dat nog niet van elkaar mogen vragen binnen die Europese Unie ... Ik denk dat dat toch essentiële zaken zijn, waarop moeilijk kan worden toegegeven.

Als ik het goed heb begrepen, zijn de Nederlanders, bijvoorbeeld, niet van plan op dat vlak toe te geven. Ik neem dat aan dat ons land dat ook niet zal doen, maar de Nederlandse premier slaagt erin dat nogal straf te zeggen. Ik hoop dat het Duits voorzitterschap een voorstel kan doen om uit de impasse te geraken, zodat de middelen tenminste kunnen vrijkomen. We zullen ze hard nodig hebben.

Minister-president, u hebt er zelf naar verwezen. Het gaat niet enkel om de coronacrisis, maar de brexit zal in Vlaanderen hoe dan ook bijzonder hard aankomen. Is dat hetzelfde? Zullen ze dat ook tegenhouden? Dat is me nog niet duidelijk. Die onderhandelingen waren toen ook bezig. Is er al enige duidelijkheid over de verdeling van de middelen in dat brexitfonds?

Minister-president Jambon heeft het woord.

Minister-president Jan Jambon

Mijnheer Deckmyn, wat Spanje betreft, zit ik volledig op uw lijn. Het zijn echter twee maten en twee gewichten. U hebt tegelijkertijd gezegd dat we ons niet in interne politieke kwesties mogen mengen. Dat is nu net een argument om de EU op te roepen zich niet in het Spaans debat te mengen.

Een ander element wat Polen en Hongarije betreft, is dat het om democratisch verkozen regeringen met een democratisch draagvlak gaat. Ze hebben wel beslist lid van een club te worden, en in die club heersen spelregels. Als een voetbaltrainer met grote instemming van de supporters een voetbalploeg opstelt, moeten die voetballers zich tijdens de match nog altijd aan de spelregels houden. Zelfs als de supporters vinden dat ze iemand de schenen mogen overstampen, mogen ze dat nog niet.

Ze kunnen natuurlijk beslissen, zoals het Verenigd Koninkrijk heeft gedaan, dat ze het niet meer eens zijn met de spelregels en dat ze uit de club treden. Zolang ze in de club blijven, moeten ze zich aan de lidmaatschapsvoorwaarden en de spelregels houden, zelfs al hebben ze in hun eigen democratie een gigantisch draagvlak om het tegenovergestelde te doen, wat niet het geval is. Dat is heel helder.

Mevrouw Talpe, wat mijn bijdrage als minister-president betreft, heb ik premier Orbán tijdens een beleefdheidsbezoek eens ontmoet. Dit is echt iets dat onder staats- en regeringsleiders moet gebeuren. Ik ben een regeringsleider en ik hoop dat iemand die mijn functie bekleedt, ooit in de EU mee aan tafel zal zitten. Dat hoop ik uit de grond van mijn hart en het is de inzet van mijn politiek streven. Dat is dan een andere positie dan de positie die ik nu bekleed. Ik wil gerust eens naar premier Orbán gaan, maar ik weet niet of ik daar enorm veel indruk zal maken.

Mevrouw Brouwers, ik weet niet of ze zich ook tegen het brexitfonds verzetten. Daar moet ik het antwoord schuldig op blijven. Wat ik wel weet, is dat de parameters voor de verdeling tussen de lidstaten nog niet vastliggen. Zoals ik al heb gezegd, kan dat ook niet voor het akkoord al dan niet is gesloten. Ik geef altijd hetzelfde voorbeeld. Als een akkoord wordt gesloten en de visserijquota drastisch dalen, is het evident dat veel van die middelen naar de visserij gaan. In het andere uiterste worden de geldende visquota voortgezet, wat niet het geval zal zijn, en is het duidelijk dat niet veel steun naar die sector moet gaan. We moeten eerst weten wat het akkoord of non-akkoord is voor we kunnen beslissen waar de steun naartoe moet gaan. In die zin vind ik het logisch dat de criteria nog niet vastliggen. De heer Barnier heeft in deze commissie en tijdens bilaterale gesprekken gezegd dat het de intentie is dit geld naar de meest getroffen regio’s te laten gaan. Er moet echter een akkoord zijn om te weten wie hoe intens door wat wordt getroffen. Ik kan intellectueel begrijpen dat de criteria nog niet vastliggen.

De heer Vanlouwe heeft het woord.

Minister-president, dank u wel voor uw aanvulling. Ik sluit mij natuurlijk volledig aan. Ik heb nog één bedenking; ik had het daarstraks misschien ook duidelijker moeten zeggen. De spelregels gelden inderdaad voor iedereen die toetreedt tot die club, inclusief Polen en Hongarije, maar natuurlijk ook voor Spanje. Die spelregels moeten daar ook op een correcte manier toegepast worden. Soms heb ik toch wel de indruk dat de spelregels wat anders worden geïnterpreteerd wanneer het gaat over Hongarije, wanneer men daar een mediawet of de samenstelling van het Hooggerechtshof wenst te wijzigen, wanneer men daar wetgeving wijzigt, en hoe men bepaalde wetgeving interpreteert in Spanje. Men gaat met een vergrootglas kijken naar Polen en Hongarije, en men kijkt absoluut weg van de situatie in Spanje, met de Catalaanse gevangenen. Niet vergeten: daar zullen negen parlementsleden, verkozen en met een mandaat van hun partij, voor de derde maal Kerstmis niet thuis, maar in de cel moeten vieren, zonder hun familie. Na drie jaar zitten zij nog altijd in de gevangenis. We hebben bij ons in het parlement een resolutie goedgekeurd over deze schandalige situatie, en ik stel dan vast dat de Europese instellingen absoluut blijven wegkijken van die situatie.

De heer Deckmyn heeft het woord.

Polen en Hongarije hebben inderdaad beslist om toe te treden tot de club, en daar gelden bepaalde spelregels. Maar natuurlijk moeten spelregels voor iedereen dezelfde zijn, want anders kan men moeilijk een werkbare federatie hebben, als ik het zo mag zeggen. Niet iedereen is gelijk voor de wet hier. Ik ben blij dat collega Vanlouwe dit hier bijtreedt. Waarom stelt men bijvoorbeeld niet dat landen die politieke gevangenen houden, uitgesloten moeten worden? Dat kan toch ook wel een duidelijke spelregel van de club zijn. Dat zou toch een logische spelregel zijn als een land als Spanje toetreedt tot die Europese club. Voor zover ik weet, is het houden van politieke gevangenen niet toegelaten in onze club. Men moet opletten als men een bepaalde argumentatie gebruikt.

Ik vind altijd dat Europa zichzelf in de voet geschoten heeft. Het is natuurlijk niet aan ons om elke beslissing die het bestuur in Polen of Hongarije neemt, te gaan motiveren of te gaan verdedigen. Evenmin is het ook aan ons of de Europese Unie om ze te gaan veroordelen. Ik heb het daarnet ook gezegd: dat is eigenlijk iets voor de kiezers in deze landen. Als zij het beleid niet willen dat gevoerd wordt in Polen of Hongarije, kunnen ze hun bestuur toch nog altijd wegstemmen. Wat is dat nu? Ik noem dat toch nog altijd soevereiniteit. Die landen mogen toch nog altijd bestuurd worden door de regering die zij wensen. Zoiets heet tot nader order ‘democratie’. Minister-president, ik hoop dat u het gevaar van een hellend vlak inziet en dat u zich niet laat meeslepen in een bepaalde hysterie. Het stemt tot nadenken hoe snel men wil overgaan tot het ontnemen van stemrecht van soevereine staten die vrijwillig in een samenwerkingsverband gestapt zijn, omdat ze niet in een ideologisch keurslijf geduwd willen worden. Wij hopen dan ook dat u, minister-president, voorzichtiger met dit onderwerp wilt omspringen dan het activisme dat sommigen hier graag tentoonspreiden.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.