U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Ik zal mijn vraag om uitleg niet helemaal verwoorden, omdat een aantal zaken hier al aan bod zijn gekomen. In deze crisistijd is er elke dag nieuw nieuws. Toen ik mijn vraag om uitleg vorige week opstelde, was er net een oproep van de sector om aan de alarmbel te trekken omdat de prijzen helemaal waren ineengestort en omdat er grote problemen waren met de rendabiliteit om nog uit te varen.

Een paar weken geleden hebben we hierover van gedachten gewisseld. Toen zegden we allemaal hoeveel respect we hadden voor het feit dat in deze moeilijke context de vaartuigen bleven uitvaren en dat de vissers bleven beslissen om een rol te blijven spelen en om hun passie en job te blijven doen, en dat dat niet altijd evident was binnen de geldende gezondheidsmaatregelen.

Toen ik daarnet mijn vraag nog even overliep, dacht ik aan iets heel specifieks. De afgelopen maanden hebben we geregeld onze bezorgdheid geuit over de toekomst van de visserij en dat hebben we ook gedeeld in deze commissie. We hebben wel altijd kunnen zeggen dat op dat moment de prijzen het lichtpunt waren voor de sector. We komen uit een periode dat de sector aangaf dat de prijzen konden worden binnengehaald voor de vis die werd gevangen, dat die goed waren en historisch op een redelijk hoog niveau stonden.

Ondanks alle onzekerheid met brexit en andere factoren was dat toch het lichtpunt voor de sector. Vandaag is mijn grootste bezorgdheid dat dat lichtpunt verdwenen is en dat alle andere structurele uitdagingen voor de sector op een versnelde manier op die sector afkomen.

Minister, hoe kijkt u zelf naar deze nieuwe prijsdalingen? Ik heb begrepen dat er een overleg is geweest met de Rederscentrale, waarin ook het Vlaams Infocentrum Land- en Tuinbouw (VILT) is betrokken. Welke rol kan het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM) spelen om onze visserij nu extra te ondersteunen? Waarschijnlijk gaat het niet alleen om financiële ondersteuningsmaatregelen, maar ook om een zoektocht naar hoe we onze vissector kunnen laten aantrekken op het moment dat de horeca weer opengaat. Hoe kunnen we dat versneld doen? Hoe vermijden we dat de aanvoer volledig stilvalt en visliefhebbers zich occasioneel of structureel moeten behelpen met ingevoerde exotische diepvriesvis? Hoe is de situatie in de aquacultuursector? Staat de prijs daar evenzeer onder druk? Op welke manier is dat gedeelte van de sector geïmpacteerd door deze crisis?

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

De visserijsector is de voorbije weken al meermaals aan bod gekomen in deze commissie. Ik zal niet opnieuw in detail ingaan op de prijsevolutie, maar ik vind het belangrijk dat jullie weten dat de prijzen gemiddeld met één derde gedaald zijn en voor tong – onze vissers zijn grote liefhebbers van het vissen op tong – zelfs met de helft. Een bijkomende indicatie hiervoor is de hoeveelheid opgehouden vis, wat sinds de tweede week van april geregeld voorkomt voor tongschar, hondshaai en rog.

Sinds het paasweekend stagneert de aanvoer rond de 80 ton per veildag, terwijl de grens van 100 ton een goede vuistregel is voor een voldoende en noodzakelijke marktwerking. Als antwoord hierop wordt de aanvoer wat getemperd vanuit de sector zelf. Alhoewel alle vaartuigen nog altijd vissen, behalve enkele schepen die vissen op langoustine, merken we duidelijk een daling in het aantal visuren, als een indicatie voor de hoeveelheid visactiviteit.

Een meevaller is de dalende gasolieprijs. In januari was de daling al ingezet, maar sinds maart duikt die prijs verder naar beneden. Dat is een van de belangrijkste redenen waarom op dit moment onze vissersvaartuigen nog net flirten met de verlieslatendheid. De kosten zijn dus een beetje gezakt.

Het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing houdt tijdens de coronacrisis de vinger aan de pols voor alle sectoren, ook voor de visserij. Zo is op de website ‘Lekker van bij ons’ een lijst gepubliceerd met alle lokale vishandelaars die tijdens de crisis open blijven. De link naar deze pagina wordt ook op de Facebookpagina van 'Lekker van bij ons' gepusht. Vishandelaars die zich hiervoor nog niet opgegeven hebben, kunnen zich ook aanmelden via Versondernemer.be: 'Is jouw zaak open tijdens de coronacrisis?' Dat zijn zeer goede initiatieven die er ook voor zorgen dat zelfs de verkoop van vis online kan gebeuren.

De website https://www.lekkervanbijons.be en de daarbij horende socialmediakanalen zetten volop in op de hashtag ‘lekkerinuwkot’ waarbij de consument geïnspireerd wordt om tijdens deze crisis thuis aan de slag te gaan met producten van bij ons waaronder producten uit de visserij- en aquacultuursector.

Tot slot werd een televisiecampagne gestart waarbij we via een spot heel wat producten uit de VLAM-korf aan bod lieten komen, waaronder visserijproducten. De spotjes waren te zien op Eén. Er zal binnenkort ook nog ingezet worden op een brandingcampagne van Lekker van bij ons, waarvan gerechtjes met vis een actief onderdeel uitmaken.

VLAM wil via de bestaande campagne ‘Vis van bij ons’ de Vlaamse consument meer en andere soorten Noordzeevis doen eten, gevangen door onze vissers of gekweekt door onze aquacultuurproducenten, dit zonder afbreuk te doen aan de duurzaamheidsgedachte. Om deze doelstelling op lange termijn te bereiken worden er elk seizoen drie verschillende Noordzeevissen in de kijker gezet, zowel in het verkooppunt, in de media als op visevents.

Via een driemaandelijkse nieuwsbrief spoort VLAM de vishandelaars, reders en veilingen aan om actief mee te werken aan de acties. Aan de verkooppunten wordt bijkomend materiaal bezorgd: winkelaffiches en folders in een handige toonbankdisplay met productinformatie. Het materiaal is eveneens beschikbaar in een Franstalige versie. Het maandelijks bereik wordt geschat op 250.000 tot 300.000 klantenbezoeken.

De campagne richt zich ook rechtstreeks tot de consument waarbij er afwisselend aandacht is voor het belang van het kiezen voor lokale vis, verduurzaming, vis en gezondheid. Dit gebeurt door middel van artikels in weekbladen, getuigenissen en video’s.

Tot slot zet VLAM jaarlijks een vissoort die een duwtje in de rug kan gebruiken in de schijnwerpers. In 2020 is de ‘Vis van het Jaar’ aan zijn 32ste editie toe.

Er is ook heel veel aandacht voor lokale initiatieven die nu, tijdens de coronacrisis, nog meer aandacht krijgen dan voordien.

Doordat de sector sinds het begin van de crisis heeft ingezet op een continue voedselbevoorrading en het behoud van een goede ketenwerking, acht ik de kans heel klein dat de aanvoer van verse vis volledig stil zal vallen. Door een sterke daling van de vraag, als gevolg van het sluiten van restaurants en openbare markten, wordt men op dit moment wel met een te groot en te divers aanbod geconfronteerd. Een oplossing moet dus gezocht worden in de afstemming van het aanbod op de vraag, zonder hierbij voorbij te gaan aan de regelgeving over de aanlandplicht en het gemeenschappelijk visserijbeleid.

We hebben met de sector afgesproken om net als in de ons omringende landen het systeem van tijdelijke gedeeltelijke stillegging in werking te laten treden. Een van de basisprincipes van die regeling is dat de continue aanvoer verzekerd wordt en er geen marktverstoring optreedt. Tussen de vissers wordt afgesproken wie op welke moment stilligt.

De Vlaamse Regering bekijkt momenteel de mogelijkheid om een stillegvergoeding te geven die in verhouding moet staan tot het verlies dat men lijdt. Dat is dus geen volledige compensatie. Wij bekijken dus de budgettaire kant omdat daar ook Europese middelen voor kunnen worden ingezet en de vissers proberen uiterlijk tegen vanavond een afspraak te maken over die stillegregeling. Ik zal dat niet zomaar in actie laten treden, want dat zou kunnen leiden tot verstoringen tussen de vissers. We wachten op groen licht van hen, zij moeten het dus eerst eens zijn over de aanpak. Ik hoop dat daar deze week afspraken over kunnen worden gemaakt zodat we daar een regeringsdossier voor kunnen maken.

Dan was er de vraag over de aquacultuur. Die heeft nog niet zo’n grote omvang. Er zijn ook onderlinge verschillen tussen de productiebedrijven. Het is dus niet zo vanzelfsprekend om al een eenduidig antwoord te kunnen geven. Vooral aquacultuurbedrijven die zich richten op export en horeca ondervinden op dit moment moeilijkheden om hun reguliere verkoopvolumes te bereiken, wat vanzelfsprekend druk zet op de prijszetting. Er zijn ook bedrijven die zich voornamelijk richten op afzet via de detailhandel, en daardoor amper of geen effecten voelen van de huidige situatie. De druk op de prijszetting moet in de aquacultuursector dus van geval tot geval worden bekeken. Je kunt daar niet zomaar maatregelen nemen die voor iedereen zullen gelden.

Collega’s, we volgen dit dossier dus met bijzonder veel aandacht. Ik hoop hier iets meer info te hebben gegeven, naar aanleiding ook van de vraag van collega Sintobin, over wat we precies aan het bespreken waren.

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Hoewel dit bij diverse vragen inderdaad al een beetje is behandeld, ga ik toch nog kort een paar kleine vervolgvragen stellen. Het was inderdaad een ruim antwoord. Ik heb ook het gevoel dat dit nauwgezet wordt gevolgd en dat het naar goede gewoonte ook volledig in overleg met de sector is. De visserij is een kleine, maar belangrijke sector. Het is dus belangrijk om ook de reders ten volle te betrekken en mee voor hun verantwoordelijkheid te plaatsen om naar een stillegplan te gaan. Het lijkt me goed dat we proberen dat zo minimaal mogelijk te houden. We hebben altijd de mening gedeeld dat stilleggen niet het beste scenario is, maar in dezen kan het op geen andere manier, zeker als we kijken naar de buurlanden. De aanvoer die noodzakelijk is, of die op dit moment wel aan de man of vrouw kan worden gebracht, moet uiteraard wel zijn verzekerd.

Ik ben het er ook mee eens dat de structurele verankering van ‘Lekker van bij ons’ een belangrijk aandachtspunt is. Collega Tommelein wees er daarnet ook al op dat het niet onbelangrijk is om deze kans op lokale verankering en lokale handel op dit moment te grijpen, en dat in de komende weken en maanden ook aan te houden. Wij steunen dat dus absoluut.

Een bezorgdheid voor mij is wel nog op dit moment het gevolg hiervan voor de verdere keten. Dan denk ik vooral aan de veilingen. Als daar een bepaald kritisch niveau van aanlanding van vangst niet meer wordt gehaald, dan komen die financieel qua werking ook wel in de problemen. In welke mate is dus ook bekeken of er nood is aan steunmaatregelen voor de veilingen? Dat is niet onbelangrijk, denk ik.

Er is ook uiteraard de vaststelling dat 2018 en 2019 qua hoeveelheid te vangen vis eigenlijk al sowieso geen goede jaren waren. De crisis gaat dus sowieso al wat breder dan puur corona. Dat had ook te maken met de overbevissing in de voorbije jaren, die wat onze fractie betreft nog altijd een grote bezorgdheid is en waarop er toch wel wat antwoorden moeten worden gegeven.

Gekoppeld aan de brexit, waarnaar ik daarnet verwees, en de huidige prijzen en de stilleggingsmaatregelen, werpt dat toch de vraag op of het niet nodig is om in de komende maanden werk te maken van een plan op iets langere termijn, als er wat meer duidelijkheid is over de brexitkeuzes die worden gemaakt, over de vraag hoe we deze sector in de komende tien jaar gaan rechthouden. De Vlaamse overheid, zeker als het gaat over gouwgenoten, in een provincie die toch wakker ligt van die visserijsector, moet toch echt bekijken hoe we naar een duurzame en toekomstgerichte vissector kunnen gaan, die niet van de ene crisisperiode naar de andere strompelt.

De heer Sintobin heeft het woord.

Eerst en vooral mijn excuses aan collega Vaneeckhout. Het was niet mijn bedoeling om het gras voor zijn voeten weg te maaien, maar ik was bij de vorige vraag om uitleg even in de war met de agenda door de weggevallen vragen van collega Vandenhove.

Geen enkel probleem.

Ik heb daarjuist al het economisch belang van de sector onderschreven, en ik denk dat iedereen in deze commissie het daarmee eens is. Maar ik wil er nog kort even op terugkomen. Ik vind ook het platform Lekker van bij ons een heel goede zaak. Niet alleen de landbouwsector heeft de afgelopen weken, of sinds het begin van de crisis, dergelijke online platforms gelanceerd, maar ook de visserij. Ik vind dat een hele goede zaak. Collega Vaneeckhout heeft natuurlijk gelijk als hij zegt dat we dat in de toekomst ook moeten blijven promoten en verankeren.

Ik doe dat persoonlijk ook online, bijvoorbeeld via de Buurderij. Dat is een samenwerking van verschillende landbouwers bij wie je een bestelling kunt plaatsen. Ik denk dat dat in veel gemeenten bestaat. Dat is echt een piste die we moeten bewandelen, die korte keten. Hetzelfde bestaat ook voor de visserij. Er kan niet alleen online worden besteld; bij mij komt er bijvoorbeeld elke week een vishandelaar langs. Ik weet niet in hoeverre dat ook wordt vermeld op die online platformen. Ik denk dat we in de toekomst de mensen ervan moeten overtuigen om gebruik te maken van die korte keten, want dat komt ook de voedselveiligheid ten goede.

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Ik wil hier toch ook even aansluiten. Ik bedank de minister om zo kort op de bal te spelen. We hadden vorige week al het signaal dat die visprijzen zo snel aan het dalen waren. We hebben inderdaad met de hele commissie de lijn aangehouden waarbij de vissers moeten vissen zo lang ze dat kunnen. Maar als het water natuurlijk zo hoog aan de lippen staat, moeten we uitkijken naar andere oplossingen.

Ik denk dat de nadruk op tijdelijke en gedeeltelijke stillegging absoluut van groot belang is. We moeten daar ook het voorbeeld volgen van onze buurlanden. We moeten het overleg binnen de sector alle kansen geven. Het is zeer goed dat we dat samen met hen doen.

Maar we zullen als Vlaamse Regering ook verder moeten kijken hoe we die stillegvergoeding kunnen geven. Ik hoor u zeggen dat dat ook met EU-middelen kan. Worden die dan automatisch daarin vrijgegeven als we kunnen aantonen waarom we het doen? Moet daarover verder worden onderhandeld met de EU? En is dat dan ook in cofinanciering met de Vlaamse Regering? We hebben wellicht nog geen zicht op de impact voor Vlaanderen. Maar ik denk dat het alle hens aan dek is om die Vlaamse visserijsector te redden. Ik denk dat dat ook de bedoeling is van de Vlaamse Regering. Ik ben benieuwd in welke zin we dit verder kunnen aanpakken.

Ik wil ook nog aangeven dat alle activiteiten van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing en van Lekker van bij ons in deze crisisperiode enorm belangrijk zijn, niet alleen voor de visserijsector, maar voor een hele brede waaier aan economische sectoren. Ik denk dat we daar in de toekomst verder op moeten inzetten. Ik dank u.

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Dank u wel, collega's, ook voor de grote interesse in de visserijsector. U weet dat de vissers het verslag van de commissievergadering ook altijd lezen of zelfs meeluisteren. Dat wordt dus heel fel gewaardeerd.

Collega Vaneeckhout, misschien had ik dat ook in mijn antwoord kunnen zeggen, maar de veilingen kunnen sowieso ook gebruik maken van de reguliere maatregelen. Er is de compensatiepremie, er is het recht op overbrugging, er is tijdelijke werkloosheid, maar de aanvoer moet verzekerd worden tijdens de stillegging. Het is van groot belang dat de keten niet stilvalt en dat er geen marktverstoring plaatsvindt.

Wat duurzame quota betreft, weet u dat de quota elk jaar worden toegekend. Ik heb het voor de eerste keer mogen meemaken. Collega Joke Schauvliege heeft heel veel ervaring met het bijzondere karakter van zulke visserijnachten en -dagen. Dat gebeurt in samenspraak met andere lidstaten en op basis van wetenschappelijk advies. Ik deel absoluut de bezorgdheid over de langetermijnperspectieven inzake de duurzaamheid van de sector in het geheel.

We hebben het daarnet al gehad over de brexit. De vissers die ik gezien heb eergisteren waren enkele maanden geleden apetrots om te kunnen melden dat ze nieuwe boten hadden besteld en dat alles goed ging. Ze waren ook heel blij met de onderhandelingen met de prijzen voor tong. En nu slaat alles om en zit iedereen met hele grote problemen, dus we moeten daar begrip voor proberen te hebben en we moeten proberen om die weerbaarheid – de sector toont zich als een kleine, maar zeer weerbare sector – te vergroten.

Collega Sintobin, ik ben heel blij met uw voorbeeld. ‘Lekker van bij ons’ heeft sinds de uitbraak van corona een recordaantal bezoekers geregistreerd. Het coronavirus is slecht in alle opzichten, maar het heeft er wel voor gezorgd dat het online gebeuren wereldberoemd geworden is in Vlaanderen; dat was tot nog toe niet het geval. Je ziet dus dat heel veel Vlamingen grote interesse hebben in producten van bij ons, zeker als het over voeding gaat. De korte keten is nog nooit zo populair geweest. Dat is natuurlijk heel belangrijk.

Een heel mooi voorbeeldje dat de vissers mij ook gaven, is de Vistrap in Oostende, waar vissers rechtstreeks verkopen, ook nu nog. Die vissers zijn natuurlijk zeer ongelukkig met het verbod op niet-essentiële verplaatsingen, omdat mensen van overal naar de Vistrap komen om Belgische vis te kopen. We moeten nu hopen dat ze van dichterbij zullen komen. Zodra dat verbod opgeheven wordt, hoop ik dat dat een boost zal geven aan het geheel. Het is dus een en-enverhaal: én online verkoop én lokale verkoop, zoals bij het voorbeeld dat ik gaf over de Vistrap.

Ik ga dus zeker akkoord met uw opmerking en die van de collega's dat de aandacht voor de korte keten en ook voor het online gebeuren niet mag verslappen. Het zal een belangrijk deel uitmaken van de relancestrategie. Iemand zei me gisteren: “De relance zal digitaal zijn.” Ik geloof dat ook: we moeten het digitale veel meer gaan stimuleren. Je ziet dat ook in het beleidsdomein Werk: online sollicitaties en zo, alles wat vroeger met een scheef oog bekeken werd, kan nu opeens toch. Als het gaat over de korte keten en lokale producten, dan zullen we daar zeer fel op inzetten.

Collega Coudyser, wat extra steun betreft, hebben we ons uiteraard tot de Europese Unie gericht. Er is vanuit het Europese niveau niet in extra steun voorzien, maar er is wel een heel soepele regeling om niet-gebruikte middelen te herbestemmen. Wij hebben nog een beetje niet-gebruikte middelen die we daarvoor kunnen inzetten. Dat gaat voor een stukje over cofinanciering, maar het gros van de middelen kan dus Europees zijn. Sowieso is er daar wel wat budgettaire ruimte om steun te kunnen verlenen. Ik kan nu nog niet zeggen hoe dat precies zal verlopen, omdat dat nog binnen de regering besproken moet worden en omdat er eerst een akkoord met de vissers moet komen. Ik heb ook aan hen niet gezegd hoeveel ik zou geven of wat ik kan doen, dus het zou gek zijn dat ik dat nu wel doe. Zij moeten eerst een akkoord bereiken. Een stillegging kan maximaal vier weken duren; willen zij vier weken of minder, dat laat ik aan hen over. Dan kunnen wij onze steun daarop afstemmen.

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Ik denk dat het goed is dat het zo nauw opgevolgd wordt. Ik ben blij dat er volop geïnvesteerd wordt in het overleg met de sector. De urgentie is heel duidelijk, niet alleen op de korte termijn, maar ook op de lange termijn. Een en ander zal ook afhangen van wanneer er duidelijkheid is over wanneer de horecasector opnieuw kan opstarten. Ik hoop ook op de nodige flexibiliteit, mocht alles nog veel langer blijken te duren, zodat er ook flexibel kan worden omgesprongen met ondersteuning op de langere termijn.

Ik houd hier alvast een pleidooi om de korte keten centraal te stellen in de relancestrategie en om in september, als er wat meer zicht is op het brexitakkoord, misschien eens van gedachten te wisselen over de langetermijnstrategie voor de visserijsector. Ik heb inderdaad ook wel wat contacten binnen de sector en veel mensen slaken noodkreten of zijn bezorgd. Een paar weken of maanden geleden waren de mensen nog relatief enthousiast over wat er in de toekomst allemaal kon, maar nu is iedereen toch wel heel bezorgd.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.