U bent hier

De voorzitter

Mevrouw Soens heeft het woord.

Tine Soens (sp·a)

Op 22 mei 2018 stelde mijn collega Peter Vanvelthoven in de Commissie voor de Financiën en de Begroting in de Kamer een vraag over de werking van de douanediensten. De vraag werd gesteld naar aanleiding van de illegale uitvoer van isopropanol vanuit Vlaanderen naar Syrië. Hij vroeg er onder meer naar de communicatie over de vergunningsplicht en de samenwerking tussen de douane en de regionale diensten. Over dat laatste kon de minister al zeggen dat de douane aandringt op het intensifiëren van de samenwerking, zeker wanneer het over gevoelige materie gaat. 

Uit het dossier blijkt dat er een foutieve code werd gebruikt in het systeem van de douane, zo zegt de minister. De goederen die vergunningsplichtig zijn, opgelijst in de Europese verordening met betrekking tot Syrië, zijn opgenomen in de Integrated Tariff of the European Communities (TARIC), de Europese databank van de Europese Commissie. Daar hoort isopropanol bij. Deze databank wordt rechtstreeks opgenomen in het nationale TARBEL-systeem van de douane. Het onderzoek naar de export van isopropanol naar Syrië moet in kaart brengen wat er precies mis is gelopen. Op basis van die gegevens wil de federale overheid een actieplan opstellen om de IT-systemen en de procedures bij de douane te optimaliseren. Dat blijkt allemaal uit het antwoord van de minister op de vraag van mijn collega.

Hoe dan ook blijft het absurd te denken dat de oplettendheid minimaal was bij de controle van de zendingen naar Syrië. Dergelijke voorvallen kunnen en mogen niet meer gebeuren. We hebben een paar maanden geleden hier in de plenaire unaniem gezegd dat dat absoluut niet meer kan voorvallen.

Minister-president, kunt u de intensivering van de samenwerking tussen de regionale diensten en de douane toelichten? In wat uit zich dat?  Is er al duidelijkheid over de rol van de dienst Controle Strategische Goederen in het dossier? Zo ja, kunt u deze toelichten? Wanneer denkt men het intern onderzoek af te ronden? Zijn er al voorlopige conclusies? Zo ja, kunt u deze toelichten?  Is de dienst Controle Strategische Goederen betrokken bij het opstellen van het actieplan voor de douane?

De voorzitter

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Eerst en vooral, collega, de frequentie van de formele vergaderingen tussen de dienst Controle Strategische Goederen, de Veiligheid van de Staat en de Algemene Administratie van de Douane en Accijnzen omtrent risicobeheer is opgetrokken van jaarlijks naar trimestrieel. Naast die formele vergaderingen overleggen die drie diensten geregeld omtrent specifieke uitvoerdossiers en meer algemene exportcontroleproblematieken. Uiteraard onderhouden zij ook nauwe informele contacten.

Wat de rol van de dienst Controle Strategische Goederen in het dossier betreft, kan ik u alleen maar verwijzen naar het antwoord dat ik in de plenaire heb gegeven in antwoord op de vraag van de commissievoorzitter toen. Er is geen enkele rol van de dienst Controle Strategische Goederen in dit dossier om de eenvoudige reden dat er nooit een aanvraag voor een uitvoervergunning is ingediend bij de dienst Controle Strategische Goederen. Ik en de Vlaamse administratie hebben uiteraard geen zicht op het intern onderzoek binnen de Algemene Administratie van de Douane en de Accijnzen. Die vragen kan ik niet beantwoorden.

De dienst Controle Strategische Goederen is niet formeel betrokken bij het opstellen van een actieplan door de Algemene Administratie van Douane en Accijnzen. Uiteraard verwijs ik naar het antwoord op uw eerste vraag waarin ik u gezegd heb dat de formele contacten geïntensifieerd zijn tot een keer per trimester en dat er ook nauw informeel overleg is, zowel over problematieken die zich voordoen als over concrete dossiers.

De voorzitter

Mevrouw Soens heeft het woord

Tine Soens (sp·a)

Minister-president, dank u voor het antwoord. U zegt dat de dienst geen enkele rol heeft gespeeld, maar in uw antwoord in de plenaire vergadering op de actuele vragen zei u dat de dienst Controle Strategische Goederen de douane op de hoogte heeft gebracht nadat hij door Nederland op de hoogte werd gebracht van het feit dat dit product uitgevoerd was. Dat is een beetje in tegenspraak met wat federaal minister Van Overtveldt in de commissie in de Kamer zei, namelijk dat het de douane was die de dienst Controle Strategische Goederen op de hoogte heeft gebracht en dat daarna de dienst Controle Strategische Goederen officieel het dossier heeft ingediend. Ik zou graag uitgeklaard willen zien wat daar precies aan de hand is.

Ik vind het ook vreemd dat u zegt dat de administratie op geen enkele manier is betrokken bij het actieplan van de douane want ons vergunningenbeleid staat of valt met de controle ervan. De controle zit federaal, dat is de douane. Het lijkt me dus vreemd dat daar geen enkele formele betrokkenheid is van uw dienst om die controle te verbeteren wanneer je ziet dat dergelijke dingen kunnen gebeuren. Ik wil u dus vragen om daar een actievere rol in op te nemen met uw federale collega Van Overtveldt om ervoor te zorgen dat die samenwerking tussen de douane en de dienst Controle Strategische Goederen beter gebeurt.

De betrokken bedrijven zeggen ook dat zij niet op de hoogte waren van de vergunningsplicht. Dat lijkt mij ook vreemd te zijn. Een bedrijf zou op de hoogte moeten zijn van wat er vergund moet worden en wat niet. Uw dienst zet daarom erg in op ‘outreachment’. Blijkbaar is dat vandaag nog niet voldoende want bedrijven zeggen dat zij daar toch nog niet van op de hoogte waren. Zijn er maatregelen om het ‘outreachende’ van uw dienst toch nog te versterken zodat bedrijven niet meer met het excuus kunnen afkomen dat ze niet op de hoogte waren van de geldende wetgeving?

De voorzitter

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Ik weet natuurlijk niet wat de minister daaromtrent gezegd heeft. Ik heb destijds, in de plenaire denk ik, ook gezegd en ik blijf daar ook bij dat het als volgt is verlopen. Nederland heeft contact opgenomen met onze dienst Controle Strategische Goederen en heeft erop geattendeerd dat er mogelijk problemen waren met dat bedrijf. Onze dienst heeft de douane daarvan op de hoogte gebracht. Zo is het wel degelijk verlopen.

Ik weet niet of het bedrijf beweert niet op de hoogte te zijn geweest. Ten eerste moet het bedrijf de wet kennen, ‘nemo censetur ignorare legem’. Ten tweede heeft de dienst Controle Strategische Goederen wel degelijk en zelfs per e-mail al op 28 september 2015, op vraag van dat bedrijf laten weten dat er wel degelijk vergunningsplicht is ten aanzien van die goederen, en dat de sancties ten aanzien van Syrië de stof isopropanol in een concentratie van 95 procent of meer onder vergunningsplicht plaatsen. Dat bedrijf wordt geacht de wet te kennen en na te leven, en moet dat ook doen als het bedrijf dat wenst te exporteren. Bovendien is het er nog eens van op de hoogte gebracht door de dienst Controle.

Wat het actieplan betreft: als er vragen zijn om een nog nauwere samenwerking te hebben, zullen we daar uiteraard op ingaan. Ik heb u gezegd dat het formele overleg is geïntensifieerd en dat het trimestrieel gebeurt. Als de douane een actieplan onderneemt om haar werking te verbeteren en denkt dat er nog een betere afstemming kan gebeuren met onze diensten, dan zijn wij bereid om daarover in overleg te gaan.

Dit actieplan is in de eerste plaats een interne aangelegenheid van de douane. Ik kreeg ook nog de informatie dat er jaarlijks twee seminaries worden georganiseerd in verband met dual use. Op de website staat ook alle mogelijke informatie.

De voorzitter

Mevrouw Soens heeft het woord.

Tine Soens (sp·a)

Het laatste woord is altijd aan de volksvertegenwoordiger.

Minister-president, dank u voor uw bijkomend antwoord. Ik stel voor dat u er toch even de woorden van federaal minister Van Overtveldt in de commissie op naleest, omdat daar duidelijk wordt gesteld dat het op 23 januari was dat de douane de informatie heeft gekregen en dat op 25 januari de dienst Controle Strategische Goederen officieel het dossier heeft overgemaakt aan de douane om dat verder te onderzoeken. Blijkbaar stemmen de versies niet overeen.

Ik ben blij dat u toch wilt ingaan op de vraag om in dat actieplan een rol voor de dienst Controle Strategische Goederen op te nemen. Dat is belangrijk omdat we zien dat er vandaag problemen kunnen zijn tussen de douane die de vergunningen moet controleren en de vergunningverlenende overheid. Het is goed dat we die samenwerking zo goed mogelijk proberen te maken. Als de Vlaamse overheid daarin een rol kan spelen, moeten we dat ook doen.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.