U bent hier

Commissievergadering

donderdag 21 januari 2016, 14.00u

Voorzitter

Mevrouw Bastiaens heeft het woord.

Minister, in maart 2015 stelde ik u reeds een vraag over de regularisering van de gescoprojecten. In antwoord op mijn vragen tijdens de bespreking van de begroting verduidelijkte u dat vanaf 2016 de gescomiddelen niet meer betaald worden door het beleidsdomein Werk, maar dat deze middelen zijn overgedragen naar de bevoegde sectoren.

Voor de bevoegdheden Cultuur, Media en Jeugd is hiervoor een budget ingeschreven van 14 miljoen euro. De gescomiddelen zullen in 2016 worden overgedragen aan de begunstigde organisaties, weliswaar met de gekende 5 procent korting. 2016 wordt een overgangsjaar en in 2017 zullen de middelen worden geïntegreerd in de werkingssubsidies. Achteraf hebt u me nog een uitvoerig overzicht bezorgd van alle betrokken organisaties en hun gescoprojecten.

De Vlaamse Regering heeft op 18 december jongstleden een aangepast uitvoeringsbesluit goedgekeurd. Minister, wanneer zullen de gescosubsidies door u in 2016 worden uitbetaald? Zullen de middelen worden berekend op basis van de effectieve uitbetalingen in 2014? Zullen deze middelen in 2016 ook worden geïndexeerd? Hoe zult u de integratie in de werkingssubsidies vanaf 2017 concreet realiseren? Welke oplossing plant u voor de organisaties die geen decretale werkingssubsidies ontvangen?

Minister Gatz heeft het woord.

Minister Sven Gatz

De subsidies voor 2016 die werden overgedragen door het departement Werk, zijnde 95 procent van de loonpremie en 95 procent van de RSZ-vermindering, worden in dit overgangsjaar uitbetaald als facultatieve subsidies aan de organisaties met geregulariseerde gescoprojecten.

Een ministerieel besluit daartoe wordt binnenkort door mij ondertekend. Dat zal nog deze week gebeuren. De organisaties zullen eind januari, ten laatste begin februari een eerste schijf van 40 procent van de toegezegde subsidie ontvangen. Een tweede schijf van 40 procent volgt in juli, de derde en laatste schijf van 20 procent in november 2016. Op die manier zorgen we ervoor dat de organisaties met geregulariseerde gescowerknemers in dienst geen financiële problemen ondervinden bij de uitbetaling van hun lonen.

Zoals ik net al aangaf, zijn de door het Departement Werk en Sociale Economie (WSE) overgedragen middelen als volgt berekend: 95 procent van de subsidie die in 2014 werd toegekend voor de financiering van de loonkosten van de gescowerknemers, en 95 procent van de verminderde werkgeversbijdrage voor gescowerknemers. Daarbij werd, zoals u weet, door WSE een ‘foto’ genomen, een momentopname op basis van de cijfers die beschikbaar waren tijdens het laatste kwartaal van 2014. De middelen werden door WSE op basis van die gegevens berekend en overgedragen, en zullen ook op basis van die gegevens aan de organisaties worden doorgestort.

Dan was er de vraag over de indexering. Binnen de begroting is dit ingeschreven als een loonkrediet, en dus zal het bij een eventuele indexsprong ook zo worden behandeld.

Vervolgens waren er de vragen over de toekomst vanaf 2017 en de organisaties die geen decretale werkingssubsidies ontvangen. De eerste stap in het proces aangaande de regularisatie van de gescowerknemers was het garanderen van rechtszekerheid en financiële zekerheid met betrekking tot de lopende engagementen. Die stap is nu gezet, zodat er in het komende jaar alvast geen problemen kunnen rijzen. De precieze modaliteiten voor de verdere integratie van de overgekomen middelen in de budgetten en werkingsmiddelen van de organisaties zullen in de komende weken verder worden uitgewerkt. Ik moet ook u dus vragen nog even geduld te oefenen. Zoals u weet, is dit een complex dossier, waarin tal van factoren in rekening moeten worden genomen.

Mevrouw Bastiaens heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord, waarin ik toch een aantal positieve elementen hoor. U hebt terecht aangegeven dat moet worden gezorgd voor rechtszekerheid voor de betrokken organisaties. Mijn vraag was ook daardoor ingegeven. Het lijkt me dan ook belangrijk dat u zegt dat ministerieel besluit nog deze week of voor het einde van maand te zullen kunnen ondertekenen, zodat ook duidelijk is op welke moment organisaties zullen kunnen beschikken over die middelen, zodat ze daar ook rekening mee kunnen houden in hun financiële planning.

Ik vind het ook zeer positief dat, wanneer er een indexsprong zou zijn, die ook zal worden toegepast, aangezien het over lonen gaat.

Wat die foto betreft, is een en ander me nog niet helemaal duidelijk. U zegt dat er een foto is gemaakt op basis van het laatste kwartaal van 2014, maar ging het dan over de mensen die op dat moment daadwerkelijk aan de slag waren? U weet immers dat er toch wel wat vragen waren over de mensen die op dat moment tijdelijk aanwezig waren wegens ziekte, bevallingsverlof enzovoort. Omdat zij niet aanwezig waren, stonden ze niet op de foto. Daar bleek nog wel wat ongerustheid en onduidelijkheid over te bestaan. Kunt u dat nog even ophelderen? Misschien was ik niet snel genoeg in het volgen van uw antwoord.

Wat 2017 betreft, begrijp ik dat u nog een beetje tijd vraagt. Ik wil u die tijd zeker gunnen, ook vanuit uw invalshoek van het proberen zo veel mogelijk rechtszekerheid te bieden. Als we naar een nieuw systeem gaan, moet er voldoende tijd zijn, en moeten er voldoende overgangsmaatregelen zijn voor eventueel betrokken organisaties en verenigingen. In dat licht wil ik u ook vragen om voldoende te overleggen met de betrokken organisaties en stakeholders in dezen. Ik weet dat u daar veel belang aan hecht, maar bij dezen doe ik nog eens een oproep om dat in dit dossier zeker ook te blijven doen.

Minister Gatz heeft het woord.

Minister Sven Gatz

Wat de foto van het laatste kwartaal van 2014 betreft, het gaat wel degelijk om de mensen die actief in dienst waren in 2014.

Het overleg waarop u hoopt, zal zeker plaatsvinden. Daarop kunt u rekenen.

Mevrouw Bastiaens heeft het woord.

Het antwoord was duidelijk. Eerlijk gezegd had ik op iets anders gehoopt, maar het is nu wel duidelijk. We kunnen niet altijd scoren, helaas. Ik vind wel dat dit iets is om mee in het achterhoofd te houden, ook in functie van 2017 en de vraag hoe we daar dan verder mee omgaan.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.