U bent hier

De voorzitter

De heer Persyn heeft het woord.

Peter Persyn (N-VA)

Voorzitter, minister, collega’s, vorige week werd de conceptnota Vlaamse sociale bescherming toegelicht en vond er een gedachtewisseling plaats. Daarbij kwamen ook de zorgkassen aan bod.

Er zijn – of beter waren – zeven zorgkassen: vijf die gelieerd zijn aan de vijf grote, traditionele ziekenfondsen, één private zorgverzekeraar, namelijk DKV, en ten slotte de Vlaamse Zorgkas van overheidswege, vergelijkbaar met de Hulpkas voor Werkloosheidsuitkeringen. 

DKV heeft in de zomer van 2015 aangegeven dat, gelet op de nieuwe verwachtingen en bevoegdheden die naar de zorgkassen worden toegeschoven in het kader van de Vlaamse sociale bescherming, ze dat niet langer konden waarnemen en stopten met hun diensten als zorgkas.

Dat is een interne beslissing, die wij hier uiteraard niet ter discussie zullen stellen. Ik moest echter de wenkbrauwen fronsen toen ik vernam hoe de herverdeling van de aangeslotenen bij DKV zou gebeuren. Op 31 december liepen de aansluitingen bij DKV ten einde. Nadien zouden alle DKV-leden een uitnodiging krijgen met het voorstel om hun premie voor de Vlaamse zorgverzekering voortaan te betalen bij het ziekenfonds waarbij ze zijn aangesloten. Ik heb begrepen dat die regeling werd uitgewerkt in overleg met de verschillende betrokken partijen.

Indien de personen zich in de loop van 2016 niet zouden aansluiten bij hun ziekenfonds, zouden ze in 2017 worden aangeschreven door de Vlaamse Zorgkas om hun premie dan alsnog bij de Vlaamse Zorgkas te betalen.

Waarom fronste ik de wenkbrauwen? Omdat dat toch wat contrasteert met wat we in de conceptnota lezen over marktwerking en concurrentie die moeten bijdragen tot cliëntgericht werken. De persoon met een zorgbehoefte zou de zorgkas kunnen kiezen indien hij niet tevreden is over de dienstverlening. Ook staat er verder vermeld dat het werken met zorgkassen de burger de keuzevrijheid moet geven en dat die concurrentie een incentive moet zijn voor kwaliteitsverbetering van de dienstverlening. Het vertrouwen van de burger is immers belangrijk.

Minister, ik heb een aantal vragen met betrekking tot de regeling en de werking van de zorgkassen.

We weten dat momenteel bij de vijf traditionele – laat ons ze zo noemen – zorgkassen een andere regel geldt, namelijk dat aansluiting enkel mogelijk is indien men ook aangesloten is bij het ziekenfonds dat achter die zorgkas staat. Hoe valt dat te rijmen met de vrije keuze van de burger? Is er een mogelijkheid om in de toekomst van die regel af te wijken zodat het gemakkelijker is om over te schakelen op een andere zorgkas?

We zien dat de enige private speler inmiddels al is afgehaakt. Welke maatregelen zult u nemen om de concurrentie binnen de markt voldoende te waarborgen? 

De voorzitter

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

Collega’s, DKV heeft inderdaad beslist om haar activiteiten inzake de zorgverzekering stop te zetten om zich te concentreren op haar kernactiviteiten van aanvullende verzekeringen. De verplichte zorgverzekering uitvoeren, past niet meer in dit kader. DKV wenste, net als wij, een vlekkeloze en klantvriendelijke overdracht van haar leden. Zij is daarover in overleg getreden met het Vlaams Zorgfonds, onder meer om te vermijden dat er problemen van continuïteit zouden rijzen voor de betalingen van de zorgbehoevenden.

Aangezien er geen procedure is vastgelegd voor de overdracht van leden bij stopzetting, heeft DKV toen zelf voorstellen geformuleerd. Het Zorgfonds heeft daarbij gewezen op het respecteren van de keuzevrijheid voor de leden van DKV om hetzij aan te sluiten bij de zorgkas van hun ziekenfonds, hetzij bij de Vlaamse Zorgkas. DKV heeft, rekening houdend met de richtlijn van het Zorgfonds, gezocht naar een overgangsscenario dat, naar hun inzicht, klantvriendelijkheid en keuzevrijheid verzoende.

Daarbij werd een brief opgesteld aan de leden die informatie geeft over de stopzetting. De brief is bedoeld om een antwoord te geven op de vraag wat de leden moesten doen na de stopzetting. De formulering in de brief, waar DKV uiteraard vrij over kon oordelen, luidt als volgt: “Alle aansluitingen bij DKV Zorgkas vzw worden automatisch stopgezet op 31/12/2015. Momenteel hoeft u zelf niets te doen. In januari 2016 zal de zorgkas van uw ziekenfonds u een uitnodiging tot betalen bezorgen. Door het betalen van de bijdrage 2016 bij die zorgkas nemen zij uw lidmaatschap over op 01/01/2016. Betaalt u geen bijdrage aan de zorgkas van uw ziekenfonds, dan zal u in 2017 aangeschreven worden door de Vlaamse Zorgkas met de vraag om de bijdragen 2016 én 2017 te betalen. Wie al vanaf 2016 wenst aan te sluiten bij de Vlaamse Zorgkas kan dat aan ons melden. Wij doen het nodige.”

In overleg met alle betrokken partners is voor deze werkwijze gekozen, om de overstap naar een nieuwe zorgkas voor de DKV-leden met zo weinig mogelijk administratieve overlast te laten verlopen – wel wetende, voor alle duidelijkheid, dat men verplicht is om aan te sluiten in Vlaanderen. Als men niet is aangesloten is en er wordt een recht geopend, kan dat heel wat discussies met zich meebrengen.

Van de overige 80.000 aangesloten leden bij DKV-zorgkas is ondertussen van 391 leden geweten dat ze wensen over te stappen naar de Vlaamse Zorgkas. De leden met een tegemoetkoming zorgverzekering bij DKV-Zorgkas hadden al eerder een brief gekregen van DKV waarin hun werd gevraagd om de nieuwe zorgkas van hun keuze aan DKV mee te delen. Vervolgens heeft DKV-Zorgkas alle noodzakelijke gegevens in verband met de tegemoetkoming aan de nieuwe zorgkas bezorgd zodat tegemoetkomingen vanaf 2016 verder konden worden uitbetaald. Dat betreft dus degenen die een uitkering hebben. Voor die beperkte groep leden van DKV was het van belang de continuïteit van betaling te kunnen waarborgen. Deze arbeidsintensieve procedure was enkel mogelijk omdat het hier om een relatief beperkte groep ging. Van de 1525 DKV-leden met een tegemoetkoming zorgverzekering hebben er ondertussen 128 aangegeven te willen aansluiten bij de Vlaamse Zorgkas.

Het is correct dat gezien het juridisch statuut van de zorgkassen die ingebed zijn in de ziekenfondsen het niet mogelijk is om aan te sluiten bij een zorgkas van een ander ziekenfonds. Dat is reeds de hele periode van bij het bestaan van de Vlaamse zorgverzekering het geval. De wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen – een federale wet – laat niet toe dat zorgkassen die opgericht zijn door een ziekenfonds, personen aansluiten die lid zijn van een ander ziekenfonds. Deze regel geldt voor alle mutualistische zorgkassen. Wijzigingen daaraan zijn een federale bevoegdheid. Die regel is niet in strijd met de vrije keuze, want leden kunnen inderdaad jaarlijks overstappen naar een andere zorgkas. Aansluiting bij de Vlaamse Zorgkas is altijd mogelijk. Die mogelijkheid is ook expliciet opgenomen in de brief die DKV aan haar leden bezorgde: uiteraard staat het iedereen vrij om ook van zorgkas te veranderen. Ik denk dat u daarin gelijk hebt dat dit belangrijk is, maar veranderen van zorgkas is jaarlijks mogelijk. Als bijkomende voorwaarde voor veranderen van mutualistische zorgkas geldt dan inderdaad dat betrokkene ook voor de ziekteverzekering overstapt naar het ziekenfonds dat de zorgkas heeft opgericht. U kunt dus kiezen: de Vlaamse kas of de kas van een andere mutualiteit. Die procedure is beschreven op de website van de zorgverzekering.

Dat DKV haar activiteiten als zorgkas heeft stopgezet, valt te betreuren. Het huidige decreet op de Vlaamse zorgverzekering geeft aan dat om een zorgkas te kunnen oprichten – en dat is nog altijd mogelijk – men ofwel een ziekenfonds moet zijn dan wel een verzekeringsmaatschappij. Wij betreuren dat DKV stopt: de samenwerking met de DKV- zorgkas is altijd in een constructieve sfeer en in partnership verlopen. Als een actor in de zorgverzekering en de Vlaamse sociale bescherming beslist om zijn werkzaamheden niet voort te zetten, dan leidt dat onmiskenbaar tot een zekere verschraling van het aanbod. Maar uiteraard moeten wij als overheid de strategische keuzes van een commerciële partner respecteren. De context waarbinnen DKV werkte, was dezelfde als die van de andere zorgkassen. De erkenningscriteria en de criteria voor het toekennen van werkingssubsidies waren precies dezelfde, maar, en dat is natuurlijk wel een punt, de leefbaarheid van een zorgkas vereist wel een minimum aan middelen.

Mijnheer Persyn, als uw zorg of verwachting in de toekomst zou zijn dat anderen die een verzekeringsmaatschappij zijn, interesse betonen om een zorgkas op te richten, kan dat in de huidige omstandigheden. Ik kan me wel voorstellen dat velen die interesse zullen laten afhangen van de vraag of de werking van die kas natuurlijk voldoende gefinancierd is. Dat is natuurlijk een van de grote vraagstukken. Ik neem aan dat dit bij DKV ook wel een rol heeft gespeeld. Er komen nieuwe taken, maar de administratieve flow die hoe dan ook, waar die taak ook wordt uitgevoerd, toch een bepaalde kost heeft, zal vergoed worden.

Een zorgkas heeft een minimum aan middelen nodig, zeker nu er heel wat taken bijkomen, en ik denk ook een minimale schaalgrootte, als men dat allemaal kostenefficiënt wil doen, wat uiteraard ook vanuit onze positie een must is. Het blijft dus mogelijk dat nieuwe spelers zich aandienen. Het decreet Zorgverzekering laat dit uitdrukkelijk toe. We gaan er ook in onze communicatie voor zorgen dat de informatie over de mogelijkheid om van zorgkas te veranderen als men niet tevreden is over de dienstverlening, ook effectief voldoende wordt meegegeven. Uw aandacht voor dat punt willen we echt wel meenemen in de manier waarop we daarover in de toekomst zullen communiceren.

De voorzitter

De heer Persyn heeft het woord.

Peter Persyn (N-VA)

Minister, ik dank u voor de toelichting en voor de zorgvuldigheid die gehanteerd is bij de regeling van de overgang, in overleg met DKV, het Vlaams Zorgfonds en de andere betrokkenen. Ik dank u ook voor de gedeelde bezorgdheid om toch voldoende mogelijkheden open te laten voor personen of mantelzorgers om desgevallend over te schakelen naar het Vlaams Fonds.

Ik stel me wel vragen bij de haalbaarheid voor nieuwe partners om eventueel toch nog in te treden in het scenario. Als een grote speler als DKV de pijp aan Maarten geeft, dan vrees ik dat er niet veel andere gegadigden zullen zijn om zich nog op deze markt te begeven.

Ik heb geen bijkomende vragen.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.