U bent hier

De voorzitter

Het antwoord wordt gegeven door minister Muyters.

De heer Van Rompuy heeft het woord.

Minister, gisteren is er aangekondigd dat men vanuit China een investering zal doen in een incubatiecentrum in Wallonië. Het was weer prijs, er stond een artikel in de krant met de titel ‘Steekt Wallonië Vlaanderen de loef af?’.

Ik ga het niet hebben over het dossier van de incubator zelf, over panda’s of over Willebroek, maar wel over de kern, namelijk: wat is het Vlaamse beleid om buitenlandse investeringen naar onze regio te trekken? We weten allemaal dat Wallonië Vlaanderen helemaal niet de loef afsteekt. Vorig jaar nog was de investering in kapitaal maar ook in werkgelegenheid het dubbele van Wallonië. Het was zelfs een recordjaar. Ik denk dat Vlaanderen gewoon blij mag zijn dat er geïnvesteerd wordt in het zuiden van het land.

We mogen in deze thematiek ook niet zelfgenoegzaam zijn. We moeten ons niet vergelijken met Wallonië, maar eerder met de Europese top. Daarover is er recent een rapport verschenen van de Vrijdaggroep, weliswaar over België – daar moet ik duidelijk over zijn – waarin men ook de desinvesteringen in rekening brengt en niet alleen de investeringen. Daar komen ze tot de analyse dat België, niet Vlaanderen, netto gezien een van de slechtste prestaties neerzet van de landen waarmee ze vergeleken hebben en die vergelijkbaar zijn.

Mijn vraag is: hoe zal deze regering in deze legislatuur een echte boost geven aan de buitenlandse investeringen in onze regio? Het belang daarvan voor onze welvaart is immers essentieel.

De voorzitter

Minister Muyters heeft het woord.

Ik ga niet in detail in op wat minister-president Bourgeois allemaal doet voor het aantrekken van investeringen, want daar heb je een beleidsnota voor en daar heb je ook het ondernemingsplan van Flanders Investment & Trade (FIT) voor, waar dat in detail wordt weergegeven. Als ik naar het beleid kijk dat de collega voert, dan vind ik een mix van de klassieke instrumenten, missies, aantrekken van investeringen, lange voorbereidingen, want een missie is gewoonlijk maar een klein stapje in een lang proces waar er jarenlang met mensen wordt gesproken vanuit het buitenland en waar dan een missie soms een drukkingsmiddel kan zijn om op een bepaald moment iets af te sluiten. Maar dan is er ook nog altijd de nazorg die zo belangrijk is en waar de collega veel aandacht aan besteedt bij de werking van FIT.

Naast die klassieke dingen heb je ook het nieuwe en het innovatieve dat FIT telkens opnieuw probeert. Ik heb begrepen dat er nu Welcome Teams worden samengesteld, gewone Welcome Teams waarbij je op voorhand een aantal teams samenstelt waardoor er beter informatie kan worden gegeven aan potentiële investeerders, maar ook nog specifieke Welcome Teams. Een van die specifieke teams waar nu een proef rond gebeurt, is life sciences, waar de Vrije Universiteit Brussel (VUB), het Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT), FlandersBio, FIT samen een Welcome Team vormen. Een grote troef van een dergelijk Welcome Team is dat je meer de proactieve troeven kunt duidelijk maken die vanuit Vlaanderen bestaan naar mogelijke investeerders. Ik denk dat dat een heel positief punt is.

U zei het al, ik denk dat de resultaten heel positief zijn. Of je nu de resultaten neemt van Ernst & Young of die van FIT en het Agence wallonne à l'Exportation et aux Investissements étrangers (AWEX), dan zie je – ik wil Vlaanderen niet alleen afwegen tegenover Wallonië maar zelfs internationaal – dat we vorig jaar 121 investeringen hadden die goed waren voor 2,77 miljard euro en niet minder dan 4.196 nieuwe jobs.

Ik denk ook dat we niet moeten concurreren met Wallonië. Ik ben het dus niet eens met die titel ‘Steekt Wallonië Vlaanderen de loef af’. Als je de cijfers vergelijkt, hebben wij per jaar meer dan dubbel zoveel resultaten als Wallonië. We moeten ons niet als concurrent van Wallonië zien. Meestal als er een nieuwe investering is, is het niet Vlaanderen versus Wallonië maar Vlaanderen versus het noorden van Frankrijk, versus Nederland en versus Duitsland en daarmee moeten we sterk concurreren.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Om de investeringen die FIT doet en die goed werk leveren, echt te doen renderen, is de essentie dat we gewoon een sterk economisch klimaat hebben, dat we de competitiviteit van onze regio herstellen, dat we de loonkosthandicap, waar al belangrijke vooruitgang in geboekt is, kunnen wegwerken en misschien zelfs ietsje beter doen en dat we echts iets maken van het doelgroepenbeleid dat u in handen hebt.

Het is ook een oproep in verband met uw innovatiebeleid, het clusterbeleid dat binnenkort moet worden uitgevoerd. De keuzes die we daar maken, zullen toch wel heel belangrijk zijn voor de toekomstige aantrekkingskracht van Vlaanderen.

Over de desinvesteringen zijn er begrijpelijkerwijs minder cijfers dan over de investeringen. We moeten daar duidelijkheid over kunnen krijgen, zodat we de echte staat van het land kunnen kennen. Die desinvesteringen zijn de kanarie in de koolmijn van de competitiviteit voor onze regio. Als we die trend van desinvesteringen kunnen keren en een nieuw elan kunnen geven aan de investeringen, dan denk ik dat we met deze regering geslaagd zijn.

De voorzitter

De heer Vanbesien heeft het woord.

De heer Wouter Vanbesien (Groen)

Minister, ik ben ook van mening dat de internationale investeringen in onze regio niet problematisch zijn en nog altijd op koers zitten. We mogen nooit zelfgenoegzaam zijn, maar dit is niet problematisch. Toch vind ik het wel interessant om even in te gaan op deze case, met de vraag waarom de Chinezen ervoor hebben gekozen om een incubatiecentrum in Wallonië te zetten, en niet hier. Als Vlaams-nationalist kunt u in dezen natuurlijk niet zeggen dat dit met het federale niveau te maken heeft, want we zitten in dezelfde federatie. Het lijkt me heel duidelijk dat men in dit geval heeft gekozen voor agglomeratievoordelen, voor het feit dat men zich kan inbedden in een excellentiepool daar. Ik sluit me aan bij wat de heer Van Rompuy op het einde heeft gezegd, zij het wat bedekt. Ik zou het hier toch iets scherper willen zeggen. Ik denk dat er een gebrek is aan keuzes in het innovatiebeleid en het uitbouwen van excellentiepolen hier Vlaanderen. Ik meen dat u daar veel meer keuzes in moet maken, en er veel meer werk van moet maken.

De voorzitter

De heer Van Overmeire heeft het woord.

De heer Karim Van Overmeire (N-VA)

Voorzitter, collega’s, het lijkt me in dezen eigenlijk vrij moeilijk om regio's met elkaar te vergelijken. Je kunt het aantal investeringsdossiers vergelijken. Je kunt het totaalbudget aan investeringen vergelijken. Je kunt het aantal aangekondigde jobs vergelijken. Je kunt ook het aantal daadwerkelijk gerealiseerde jobs vergelijken. Soms zit er daar wel eens wat spanning op. Een wedstrijd Vlaanderen-Wallonië 0-1 lijkt me dus wat moeilijk. Het zou eigenlijk wat jammer zijn, mocht Wallonië geen enkele investering aantrekken. Dat is zeker niet de bedoeling. Ik denk dat elke regio moet inzetten op de eigen troeven. Ik begrijp ook dat FIT niet zozeer focust op enkele grote dossiers, maar veel meer op een groter aantal kleinere dossiers. Dat lijkt me een verstandige strategie. Ik heb ook begrepen dat er in de marge van deze missie toch een honderdtal contracten zullen worden ondertekend, waaronder ook een aantal investeringscontracten. Zelfgenoegzaamheid is uit den boze: dat is absoluut juist. De loonkostenhandicap is een belangrijk element. Er is ook het instrument FIT, dat zichzelf voortdurend in vraag stelt, zich afvraagt of het nog beter kan. Ik denk dat die oefening permanent moet worden gemaakt.

Collega’s, ik stel voor dat we, wanneer de minister-president terug is, liefst met bagage trouwens, in de commissie Buitenlands Beleid eens het debat voeren, met alle cijfers die we hebben over investeringen in China, om te zien of we ons de Chinese kaas niet van het brood laten eten.

De voorzitter

Mevrouw Turan heeft het woord.

Mevrouw Güler Turan (sp·a)

De Chinese kaas, inderdaad. Ik herinner me nog dat we hier in 2012 zaten, toen Kris Peeters minister van Economie en minister-president was. Hij had toen ook een grote Chinese investering aangekondigd in Willebroek. Er zijn diverse investeringen gedaan door Vlaanderen om die Chinese exporteurs naar Willebroek te halen. Ondanks de investeringen hebben we hier geen Chinezen gezien. Het is de Walen wel degelijk gegund, maar om internationale investeerders aan te trekken, moeten we ook verder inzetten op een aantal dingen die de minister-president zelf al heeft aangekondigd. Minister, ik weet niet in welke mate dat voor u zal zijn en hoever hij staat met de internationalisering van onze kmo’s, wat ook een fundament is. Er is de administratieve vereenvoudiging. Minister, dat is ook een belangrijk item voor u. Er is inderdaad ook de desinvestering in onze economie, maar wat Vlaanderen ook heeft gedaan is minder investeren in FIT. Voor FIT is in minder budget voorzien, terwijl het nu juist veel meer taken heeft en we er veel meer van verwachten. Collega Van Overmeire, een grondig debat zal hier dus zeker op zijn plaats zijn, maar ik ben ook geïnteresseerd in wat er is gebeurd met de Chinezen die naar Willebroek zouden komen.

Mevrouw Turan, mijnheer Van Overmeire, mijnheer Vanbesien, misschien zal ik toch wat extra cijfers geven. Als ik u zo hoor, lijkt het alsof die ene gemiste kans van die Chinezen naar Willebroek duidelijk maakt dat we een slecht beleid hebben gevoerd. Mijnheer Vanbesien, u zegt dat het niet problematisch is. Maar mevrouw Turan zegt dat we die Chinezen hebben gemist. Tussen 2013 en 2014 was er een stijging van 50 procent, niet in het aantal, want daar is er een lichte daling, maar in het bedrag dat is geïnvesteerd, naar 2,77 miljard euro. Ik denk dat we daar dus al effectief sterk hebben gescoord. Ik vergelijk toch even met Wallonië: 640 miljoen euro in 2014. 2,7 miljard euro tegenover 640 miljoen euro: ik denk dat we een sterk cijfer naar voren brengen, 4000 jobs bij ons en 1900 in Wallonië. Ik denk dat we kunnen zeggen dat de investeringen die we hebben aangetrokken hun effect hebben gehad.

Collega’s, als ik een iets langere termijn bekijk, zie ik een stijgende trend. In 2009 trokken we 1,16 miljard euro aan, vorig jaar was het 2,77 miljard euro. Ik zie een stijgende trend. Ik heb de statistieken gekregen. Op één jaar na zijn we mooi aan het stijgen doorheen de jaren.

Ik ben het er ook mee eens dat we niet kunnen zeggen dat Wallonië op dit vlak Vlaanderen de loef afsteekt. Het is niet zo dat ik vind dat Wallonië effectief niets mag binnenhalen. U hebt ook gelijk: laat hen hun specialiteiten maar uitspelen. Ik had het daarnet over die Welcome Teams. Er wordt nu een Welcome Team opgezet rond life sciences. Ik ben ervan overtuigd dat we met VUB, IWT en FlandersBio ook onze troeven uitspelen. Dat is ook een focus in ons onderzoeksbeleid. Als ik zie wat het Interuniversitair Micro-elektronicacentrum (IMEC) doet en hoeveel het aan internationale investeringen kan aantrekken, dan zie ik dat we ook daar focus hebben.

Ik vind dat de focus niet door de overheid moet worden opgelegd. Wij moeten niet gaan zeggen wat de specialiteit is. Wij ondersteunen wat leeft in het veld. Wij nemen de drempels weg om de initiatieven te laten nemen. Dat lijkt mij de juiste weg.

U hebt het over het herstellen van de competentie. In mijn eerste antwoord heb ik uiteraard vooral gefocust op het aantrekken van investeringen, vanuit wat wij zelf kunnen en mogen doen. Dat had u gevraagd. Als we loonkostmatig niets zouden kunnen betekenen of veel te duur zouden zijn ten opzichte van anderen, wat vaak het geval is, dan heb je een handicap. Zoals u al zei, heeft de Federale Regering daarin gelukkig de nodige maatregelen genomen. Ik las vandaag in de krant dat de loonkosthandicap vorig jaar fundamenteel is verminderd door de maatregelen die de huidige Federale Regering heeft genomen. Die maatregelen beginnen dus hun effect te hebben. Als je de doelgroepkorting daar op een administratief eenvoudige manier bovenop zet, denk ik dat we troeven maken. U hebt natuurlijk ook gelijk dat we de administratieve lasten verder moeten verlagen. U sprak van clusterbeleid. Ik wil daarbij zeker de kmo-portefeuille voegen. Ik wil daar effectief op inzetten, zodat een potentiële investeerder vooraf duidelijk en zo veel mogelijk weet welke hulp hij kan hebben.

Het clusterbeleid is voor mij essentieel, omdat we daardoor internationaal meer zullen kunnen aantrekken om een samenwerking te hebben tussen bedrijven van verschillende sectoren, maar ook met de universiteiten en hogescholen. We hebben hier zeer sterk onderzoekpotentieel dat ook kan worden waargemaakt op de markt. We kunnen met onze eigen bedrijven die er al zijn, maar evengoed met buitenlandse bedrijven samen een sterk product maken dat concurrentieel kan zijn in de toekomst.

Ik sluit af. We boeken goede resultaten in dat beleid. We hebben een goede ‘track record’. We zetten de klassieke wapens samen met de nieuwe wapens in. We zijn innovatief. In 2015 hebben we toch al een aantal grote investeringen binnengehaald of aangekondigd gekregen.

Het punt dat ik wil maken, is dat de buitenlandse investeringen een van de slagaders van de Vlaamse economie zijn. Wanneer hebben wij als Vlaanderen Wallonië de loef afgestoken? In de jaren 50 en 60, wanneer de Europese Unie er is gekomen en investeringen via de Antwerpse haven – men onderschat het belang van de Antwerpse haven voor onze welvaart – naar ons gekomen zijn en de welvaart van de Vlamingen hebben verdubbeld op tien jaar tijd.

Die buitenlandse investeringen zijn dus essentieel. Die komen naar hier als wij de competitiviteit kunnen herstellen. Minister, we zullen samen werken aan die competitiviteit. We hebben het goede elan, maar we moeten absoluut de desinvesteringen stoppen en een nieuwe boost geven aan de investeringen in onze regio.

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.