U bent hier

De voorzitter

De heer Lantmeeters heeft het woord.

Voorzitter, minister-president, collega’s, ik sta hier op dit ogenblik in mijn hoedanigheid van Vlaams Parlementslid – maak u geen zorgen – en niet alleen als Limburger. U weet dat er de laatste week heel wat commotie was naar aanleiding van een bepaalde studie die zou zijn uitgegeven waarin zou zijn beweerd dat onze provincie zou zijn tekortgedaan in reguliere middelen.

Minister-president, begrijp me niet verkeerd. Ik sta hier vandaag niet om bijkomende middelen te vragen. Ik sta hier om aandacht te vragen. Ik sta hier niet om een bijkomende studie te vragen. Ik denk dat de problemen van onze provincie meer dan genoeg gekend zijn. Ik sta hier ook niet als een cijferfetisjist. Ik wil hier geen cijfers naast elkaar leggen en geen provincies met elkaar vergelijken. Ik sta hier als een positief mens, maar de Limburgers maken zich zorgen. Die zorgen zijn er gekomen door enkele persartikels van de laatste week.

We weten dat wij het Strategisch Actieplan voor Limburg in het Kwadraat (SALK) hebben en wij weten dat wij reguliere middelen krijgen, maar de Limburgers hebben nu de indruk dat er wel eens iets mis zou kunnen zijn, dat we eventueel minder reguliere middelen zullen krijgen en dat SALK die reguliere middelen op een bepaald ogenblik zou vervangen.

Minister-president, op welke wijze kunt u ervoor zorgen en erover waken dat de SALK-middelen niet in de plaats komen van de reguliere middelen en dat Limburg zijn deel krijgt van de reguliere middelen? Ik bedoel met ‘zijn deel’ datgene waar we recht op hebben om onze problemen de baas te kunnen.

De voorzitter

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Mijnheer Lantmeeters, u en de mensen in Limburg maken zich onterecht zorgen. De vorige regering heeft beslist om voor het SALK-plan heel wat middelen vrij te maken. In totaal zijn er 317,5 miljoen euro middelen vrijgemaakt: Europese, Vlaamse, provinciale en Genkse middelen. Dit gaat niet ten koste van de reguliere kredieten, integendeel. Er zullen zelfs bijkomende reguliere kredieten worden aangewend voor Limburg. Ik denk bijvoorbeeld aan het Europees Sociaal Fonds (ESF) en het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) met 66,5 miljoen euro die gefinancierd moeten worden. Dat zal niet alleen gebeuren met SALK-middelen, maar ook met bijkomende reguliere middelen. Ik denk ook aan de noord-zuidverbinding, waar minister Weyts eind 2014 45 miljoen euro bijkomende middelen uit het Financieringsfonds voor Schuldafbouw en Eenmalige Investeringsuitgaven (FFEU) heeft vrijgemaakt voor de zware en dure onteigeningen.

Ik ben blij dat u zegt dat u geen cijferfetisjist bent. Het is verre van mij om te zeggen dat Limburg zich onterecht zorgen maakt. U moet zich echter geen zorgen maken over de inspanningen van de overheid. Men heeft zich terecht zorgen gemaakt over de sluiting van Ford Genk. Het is nu noodzakelijk en goed om geloof in eigen kunnen te etaleren, om geloof in de toekomst te etaleren.

De eerste tekenen zijn ook positief. Meer dan 1600 mensen – 1612 om precies te zijn – van Ford Genk hebben een andere job op dit ogenblik, dankzij het uitstekende outplacementwerk van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB). In het vierde kwartaal van 2014 waren er 25 procent meer starters in Limburg. Met de KlimOp-leningen die we verstrekken via de Limburgse Reconversiemaatschappij (LRM) zijn er al 66 initiatieven ondersteund. Dat zijn kleine leningen voor kleine kmo’s. Ik heb altijd gezegd dat dit massaal moest gebeuren. Dit leidt al tot het behoud van meer dan 500 jobs en bijkomend nog eens 314 jobs.

Ik lees dat een ruime bevraging van de ondernemers in Limburg aantoont dat zes op de tien onder hen denkt te zullen investeren. De federale maatregelen zoals de loonkostverlaging van 5 procent met daarbovenop de Vlaamse loonkostverlaging via het doelgroepenbeleid en de erkenning van de ontwrichte zones, zijn allemaal middelen, zeker voor een grensregio als Limburg, die ertoe zullen bijdragen dat er geïnvesteerd wordt en dat de tewerkstelling kan groeien.

Ik wil een positieve oproep doen. Ik doe het elke keer als ik in Limburg kom, er toespraken of interviews geef. Geloof in eigen kunnen en de toekomst! De overheid voorziet in ondersteuning en in infrastructuur. De overheid moet niet zelf de initiatieven nemen, maar we creëren de mogelijkheden. Benut ze ook! (Applaus bij de N-VA)

Minister-president, ik dank u voor het antwoord. Begrijp me heel goed, ik ben een positief mens en ik denk dat Limburgers positieve mensen zijn. We zijn geen klagers, maar doeners. We zijn mensen die de toekomst in handen nemen. We zijn zeer blij dat de Vlaamse Regering ons daarbij helpt. U zult begrijpen dat mijn rol als parlementslid ervoor zorgt dat ik erop moet toezien dat Limburg krijgt waar het recht op heeft en dat de economie wordt ondersteund. Ik ben daar erg blij mee.

U kent de problemen van onze provincie. We hebben een probleem met de ontsluiting en met kmo’s. Dat probleem vermindert inderdaad door het grote aantal starters. U weet dat we ook een probleem hebben met het onderwijs. Ik ben blij dat u op de hoogte bent van de problemen en dat u ervoor zult zorgen dat de reguliere middelen aan ons blijven toekomen. Ik dien u te verwittigen dat het mijn plicht en die van ons allemaal is om toe te zien dat Limburg niets tekortkomt. (Applaus bij de N-VA en CD&V)

De voorzitter

De heer Ceyssens heeft het woord.

Voorzitter, het zou er nog aan mankeren dat de SALK-middelen de reguliere middelen vervangen. We gaan er in Limburg allemaal van uit dat die erbovenop komen, want anders is het SALK-plan een lege doos.

Minister-president, ik wil stilstaan bij de investeringen bij uitstek die welvaart creëren. In de middeleeuwen was het al zo dat steden zich vormden rond de belangrijke waterlopen. Als het gaat over ontsluiting, hebben we in Limburg nog een hele inhaalbeweging te maken. Er zijn beslissingen genomen, in 2008 al over de Noord-Zuid. Ik ben blij dat we, onlangs de tegenslagen, op hetzelfde spoor zijn gebleven.

En daarmee kom ik tot het grote knelpunt: het spoor. In februari 2013 hebben we de Vlaamse Spoorstrategie goedgekeurd, die over cruciale dossiers gaat. Uw fractie heeft in het verleden gezegd dat de minister-president en de minister van Openbare Werken harder moeten aandringen bij het federale niveau om dat in te schrijven in het meerjarenprogramma van Infrabel. Welke initiatieven hebt u daarvoor al genomen of zult u nemen?

De voorzitter

De heer Keulen heeft het woord.

Minister-president, u hebt een goede reactie gegeven. We zijn allemaal bekommerd dat het reguliere beleid niet mag verdwijnen omdat het SALK er is, een bijzonder programma voor Limburg. Het gaat over een inhaalbeweging, dat is dus de optelsom van het reguliere beleid en het SALK. U had het daarnet ook, minister-president, over een erkenning als ontwrichte zone. Dat betekent een gevoelige vermindering van de bedrijfsvoorheffing voor het werkgeversgedeelte. Dat zijn de maatregelen die ons structureel vooruithelpen.

De voorzitter

Mevrouw Lieten heeft het woord.

Mevrouw Ingrid Lieten (sp·a)

Collega’s, alles is begonnen met een studie van senator en professor Vereeck, die heeft berekend dat elke Limburger elk jaar 381 euro te weinig krijgt in vergelijking met mensen in andere provincies. Ik wou u daarover ondervragen, minister-president, net zoals de heer Lantmeeters vandaag. Ik heb een interpellatieverzoek ingediend in maart 2015. Dat is geweigerd door het Bureau met de motivering dat men twijfels had bij de methodologie, de cijfers en de resultaten van het onderzoek van professor Vereeck, en dat de financiering van de provincie Limburg al uitgebreid aan bod is gekomen bij de periodieke SALK-rapportages. Ik mocht mijn vraag dus niet stellen.

Ik heb dan samen met de heer Danen van Groen een voorstel ingediend om in de commissie een hoorzitting te houden, zodat we professor Vereeck eens zelf konden laten uitleggen hoe het zat. Dat werd weggestemd door de N-VA, CD&V en Open Vld. Nu moet ik vaststellen dat de heer Lantmeeters vandaag dezelfde vraag wel stelt. Moet ik me bedrogen voelen door de heer Lantmeeters? Of heeft hij begrepen dat hij vorige week ongelijk had? Misschien wil hij het nu goedmaken met de Limburgers. (Rumoer)

Minister-president, waarom mag professor Vereeck in dit parlement zijn studie niet komen uitleggen? Waarom houdt de meerderheid dat tegen? Dat is mijn vraag. (Applaus bij sp.a)

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Ik vind het een vreemde vraag. Was het dan ooit een optie om de reguliere middelen voor Limburg te vervangen door SALK-middelen? Ik dacht het toch echt niet. Als dat ooit bij iemand is opgekomen, zou ik dat een heel vreemde gedachtesprong vinden. Dat terzijde.

Mijn vraag is heel concreet. Binnenkort gebeurt er weer een evaluatie van het SALK. Er is een monitoringsysteem opgesteld. Ik merk op dat in heel wat van die fiches de reguliere middelen ontbreken. Daar is geen informatie over. Minister-president, als u eind juni of begin juli in de commissie komt, kunt u dan die fiches laten vervolledigen, zodat we een duidelijk zicht hebben op welke middelen van het SALK komen en welke regulier zijn? Enkel zo kunnen we een echte afweging maken. (Applaus bij Groen)

Minister-president Geert Bourgeois

Ik ben het ermee eens, mijnheer Ceyssens, dat de ontsluiting van Limburg een van de grote prioriteiten is. De Vlaamse Regering doet een heel belangrijke investering met de Noord-Zuid. Er is nog een andere noord-zuidverbinding: het spoor. Dat is even belangrijk. U hebt een punt. We staan nu voor een cruciale fase met betrekking tot de regionale investeringen van het spoor. U kunt ervan op aan dat onze regering er een prioriteit van zal maken dat de ontsluitingsplannen voor Limburg aan bod komen in dat spoorplan. Tot nu toe is het nog altijd een beetje koffiedik kijken voor het federale luik van het SALK. Ik denk aan de gevangenis en de spoorinvesteringen.

En als we het dan toch over de studie van de professor hebben, dan moet ik zeggen dat de helft van de bedragen waarvan hij beweert dat ze Limburg ten onrechte niet toekomen, betrekking heeft op het spoor, en dus niet op Vlaamse bevoegdheden.

U hebt een punt, maar er zijn andere prioriteiten. Collega Lantmeeters heeft er al een paar van opgesomd. Er is behoefte aan onderzoek en ontwikkeling. Ook daarover is een beslissing genomen door de vorige regering, namelijk om het Strategisch Onderzoekscentrum (SOC) Maakindustrie daar te laten ontwikkelen. Dat is heel belangrijk voor de toekomst van onze industrie. Er moeten meer kmo’s komen. Er moet een weefsel van kmo’s komen, van kleine initiatieven. KlimOp-leningen zijn daar heel goed voor. We horen ook dat er een goed vooruitzicht is bij de ondernemers om daarin te gaan investeren.

Een ander pijnpunt is het onderwijs. Ook daarover is een beslissing genomen, door collega Crevits en collega Muyters. Die technologische campus komt er – de afkorting ervan ontsnapt mij nu even. Het is heel belangrijk om die te gaan ontwikkelen

Een ander belangrijk punt is de schoolse uitval. De schoolse achterstand is zeer hoog in Limburg, in Genk alleen al bijna 20 procent. Je ziet dat ook in andere steden met grote concentraties van kinderen en kleinkinderen van vreemde origine. Dat is een pijnpunt voor ons allemaal. We hebben daar een maatregel voor uitgewerkt in het kader van het masterplan secundair onderwijs. Ik roep de scholen ook op om daarop in te gaan, met de taaltest, met de taalbaden. Die kinderen zijn niet minder intelligent, maar verliezen vaak het spoor in het curriculum door taal- en andere achterstanden: de thuistaal die niet het Nederlands is, uit een andere cultuur komen enzovoort. Dat is een heel belangrijk pijnpunt. Ik roep iedereen op om daar intens aan mee te werken. Dat zijn, samen met onderzoek en ontwikkeling, heel belangrijke zaken.

Collega Lieten, eigenlijk hebt u geen vraag aan mij gesteld. Het is misschien een techniek om elkaar hier te beginnen ondervragen. Ik apprecieer dat, ik wil gerust een stapje achteruit zetten. Ik zal dus niet antwoorden op uw vraag. Ik ben tot nu toe niet bezig met de beslissingen die genomen worden in het Bureau of door de commissievoorzitters.

Collega Danen, ik zal kijken of we uw vraag kunnen meenemen, maar dat is niet eenvoudig. Bijvoorbeeld voor ESF-middelen (Europees Sociaal Fonds) en EFRO-middelen (Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling) is die vastlegging nog niet gebeurd. Wat er exact uit SALK en uit de reguliere middelen zal komen, dat moet nog vastgelegd worden. Ik weet niet of die opdelingen statistisch ter beschikking zijn. De vooruitgangsrapportage moet er mijns inziens vooral op slaan dat we kijken naar de implementatie van dat plan.

Men kan studies blijven maken, collega’s. Ik kan zo voor de vuist weg een aantal punten van kritiek geven op de studie waaraan hier gerefereerd is, maar dat helpt ons allemaal niets vooruit. We hebben ons SALK-plan gemaakt, collega Lieten, op basis van een expertenrapport, onder leiding van professor Daems. We hebben dat gevalideerd. Zij hebben de problemen voor Limburg vastgelegd en hebben sporen getrokken van wat we moeten doen op het vlak van infrastructuur, onderzoek en ontwikkeling, onderwijs, nieuwe investeringen in kmo’s. Wel, we zijn dat aan het uitrollen.

Ik wil nog eens zeggen, ook aan alle Limburgers, dat het aan de overheid is om te investeren in infrastructuur om een aantal basisvoorwaarden te creëren en ervoor te zorgen dat er geïnvesteerd kan worden in onderzoek en ontwikkeling, onderwijs enzovoort, maar dat de economische initiatieven om duurzame welvaart te creëren, van onderuit moeten komen, gebruikmakend van de nu toch wel mooie middelen die aangeboden worden, zowel met de KlimOp-lening als met de driedubbele loonkostverlaging die voor Limburg geldt. Collega Keulen heeft terecht gewezen op de verlaging van de bedrijfsvoorheffing in de ontwrichte zones.

Dank u wel, minister-president. Ik stel vast dat u volledig op de hoogte bent van onze problemen en dat u weet wat u eraan gaat doen. Wij zullen als Limburgse parlementsleden aan uw zijde staan op dat vlak en dat proces blijven opvolgen.

Mevrouw Lieten, u kijkt naar het verleden. U wilt een studie laten uitvoeren, die onvolledig is, over een periode waarin u minister was. U wilt nu dus zeggen dat u uw eigen provincie destijds te kort hebt gedaan. Ik vind dat heel erg. (Applaus bij de N-VA en Open Vld)

Het heeft heel weinig zin om naar het verleden te blijven kijken, het heeft zin om in de toekomst te kijken. We hebben de problemen. We zullen alles opvolgen. Blijven graven in het verleden heeft geen enkele zin, mevrouw Lieten. (Applaus bij de N-VA, CD&V en Open Vld)

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.