Plenaire vergadering

woensdag 19 februari 2014, 14.02u

Voorzitter
Actuele vraag over de stand van zaken in het dossier IJzeren Rijn, naar aanleiding van de verklaringen ter zake van de minister-president in Berlijn
van Jan Penris aan minister Kris Peeters
219 (2013-2014)

De heer Penris heeft het woord.

De heer Jan Penris

Minister-president, er zijn dossiers die u een hele politieke carrière kunnen achtervolgen. Een van de dossiers dat nooit opgelost geraakte, was Oosterweel uiteraard. Daarnaast is er de luchthaven van Antwerpen, maar ook de IJzeren Rijn. Elke keer dat er nieuwe meldingen over komen, krijgt een politicus hoop dat er eindelijk een doorbraak gaat worden gerealiseerd. U was begin deze week in Berlijn, waar u contacten hebt gehad met een aantal belangrijke beleidsmakers, neem ik aan, die lieten uitschijnen – zo communiceerde u tenminste – dat er in het dossier van de IJzeren Rijn eindelijk doorbraken verwacht zouden kunnen worden, al was het maar omdat men langs Duitse zijde positief stond tegenover het project.

U weet dat men er in Nederland kritischer over is; ook in Noordrijn-Westfalen is er niet altijd eensgezindheid over dit project. Maar u hebt in Berlijn blijkbaar signalen opgevangen die u ervan hebben overtuigd dat de IJzeren Rijn alsnog snel gerealiseerd zal kunnen worden. Minstens zegt u dat er in Duitsland, en dan vraag ik me af op welk niveau, een zeker sympathie bestaat voor dit project. Kunt u ons meer duiding geven?

Minister-president Peeters heeft het woord.

Minister-president Kris Peeters

Voorzitter, collega’s, mijnheer Penris, zeer gaarne geef ik u wat meer duiding. U hebt gelijk dat het een belangrijk dossier is voor Vlaanderen, dat spijtig genoeg al een tijdje aansleept.

Nu heeft men in Duitsland een nieuwe regering op federaal niveau. Op het niveau van de Länder heb ik de minister voor Bondsaangelegenheden, Europa en Media van Noordrijn-Westfalen gezien. Wat is er nu gebeurd? De minister van Verkeer Groschek van Noordrijn-Westfalen heeft een brief geschreven naar de nieuwe minister van Verkeer van de federale regering Dobrindt. In die brief heeft Noordrijn-Westfalen duidelijk aangegeven dat het ook voor hen een belangrijk dossier is. Noordrijn-Westfalen ziet nu dat ook zij in een bottleneck komen, en ze willen vooruit. Dat is positief. Verder staat er in die brief dat ze een rondetafel willen organiseren met alle betrokkenen: Noordrijn-Westfalen, Duitsland, België, Vlaanderen en Nederland.

Ik heb enkel kunnen toejuichen dat ook Noordrijn-Westfalen vooruitgang wil boeken. Wij doen er vanuit Vlaanderen ook alles aan om stappen vooruit te zetten. Nog niet zo lang geleden heb ik in het kader van het Strategisch Plan voor Limburg in het Kwadraat (SALK) minister Labille gezien, en hem gezegd dat het ook voor ons belangrijk is dat de Federale Regering dat memorandum of understanding met Nederland zo snel mogelijk finaliseert. Hij ging dat verder bekijken, er zou nog een interkabinettenwerkgroep komen.

U kent het dossier zo goed als ik, mijnheer Penris. Internationaalverdragsrechtelijk hebben wij het historisch tracé. Noordrijn-Westfalen heeft mij nog eens duidelijk gemaakt dat voor hen dat historisch tracé bijna ‘imbuvable’ is. Natuurlijk heb ik erop gewezen dat we dat internationaalrechtelijk hebben vastgelegd. Tot voor kort was de Bundesbahn ook voor dat historisch tracé. Wat is nu het standpunt van Duitsland, heb ik gevraagd: is er nog altijd een verschil tussen het federale niveau en de Länder of zitten ze op één lijn?

Ik heb gezegd dat wij uiteraard bereid zijn om rond de tafel te gaan zitten, maar dat wij vetrekken van het historisch tracé. Wij willen dat absoluut gerealiseerd krijgen en zo snel mogelijk. Daarvoor hebben ook dat memorandum of understanding van de federale overheid nodig. Als de rondetafel doorgaat, zullen we verder tekst en uitleg geven in dit parlement over ons standpunt. Maar het positieve is dat er beweging in de zaak is gekomen, doordat er een nieuwe federale regering is in Duitsland en dat men vanuit Noordrijn-Westfalen absoluut vooruitgang wenst te boeken in dit dossier.

De heer Jan Penris

Welke contacten hebt u gehad? Op Bondsniveau of op Länderniveau? Op het niveau van Nordrhein-Westfalen? Ik kan me voorstellen dat bondskanselier Merkel zich minder zorgen maakt over de realisatie van zo’n tracé, maar dat zo’n deelstaat – terecht – zich wel zorgen maakt. Zij hebben een aantal specifieke eisen gesteld en kunnen die ook te stellen. Wie was uw gesprekspartner? Was dat de Bondsregering? Of de regering van Nordrhein-Westfalen? Wat hebben zij concreet gezegd? Ze zijn geïnteresseerd, maar … Wat betekent die ‘maar’? Daar zit altijd het meeste in.

Mevrouw Bastiaens heeft het woord.

De aanleg van de IJzeren Rijn zou mee een oplossing moeten bieden voor de mobiliteitsknoop. Die aanleg zou volgens mij, en met mij velen in dit parlement, een bijdrage kunnen leveren aan de ontsluiting van de Antwerpse haven. Hij moet vooral een ‘modal shift’ mogelijk maken naar meer spoorvervoer.

Ik wil u dan ook bedanken, minister-president. U hebt afgelopen maandag in Berlijn, en in heel de voorbije periode, dit dossier bepleit en op de agenda gehouden. U probeert onze buurlanden te overtuigen van het belang van de aanleg van de IJzeren Rijn.

U hebt het al even aangehaald: los van de evoluties in de buurlanden hebt u op het federale niveau nog eens aangedrongen op de MOU. Hebt u enig idee wanneer we daaromtrent witte rook mogen verwachten?

De heer Keulen heeft het woord.

Collega’s, minister-president, voor dit project kunnen we niet genoeg naar bondgenoten zoeken, hier te lande, bij de provincies Antwerpen en Limburg, bij de Federale Regering en internationaal bij de Duitsers en de Nederlanders. Vooral die laatsten zult u heel erg bij de les moeten houden, want we zitten daar met dat natuurgebied in de omgeving van Roermond. Verder is het een zaak voor elke Vlaamse minister van Buitenlands Beleid om zulke economisch belangrijke dossiers te promoten en daar elke gelegenheid voor aan te grijpen. Het is goed dat dat gebeurt.

Mevrouw De Ridder heeft het woord.

Voorzitter, minister-president, ik ben overtuigd van uw goede bedoelingen. U herhaalt dat u het belangrijk vindt dat de MOU wordt gefinaliseerd, dat u dat al herhaaldelijk aan minister Labille hebt gemeld. Het is goed dat er goed nieuws komt uit de buurlanden, uit Duitsland bijvoorbeeld. Het grootste probleem situeert zich intern, dat weten we allemaal.

U hebt hier vorige zomer al op aangedrongen, in november, u hebt al een brief gestuurd. Ik weet dat u op de tafel slaat, maar doet u dat wel hard genoeg? Welke stappen zult u de komende maanden nog zetten om dit zo belangrijke dossier in de komende maanden te deblokkeren binnen België? Daar immers zit het geblokkeerd.

Wat is de stand van zaken van het memorandum?

In november was er sprake van dat er een verslag van de Inspectie van Financiën ontbrak. Is dat nog altijd zo? U hebt bij minister Labille al aangedrongen op het MOU, kunt u dat ook doen bij uw eigen collega’s in de Federale Regering?

Collega’s, u kunt één opmerking maken of één vraag stellen. U kunt natuurlijk geen vier vragen stellen. Dat is niet de bedoeling.

Minister-president Kris Peeters

Mijnheer Penris, ik heb in Noordrijn-Westfalen gesproken met de minister van Bondsaangelegenheden, Europa en Media Schwall-Düren. Ze is naar Berlijn gekomen om daar met ons over te praten. Ik ben me er zeer goed van bewust dat dit dossier al een tijdje aansleept en dat we waarschijnlijk niet voor de verkiezingen een zware doorbraak krijgen. Zoals collega’s hier al gezegd hebben, ik doe wat ik kan om de mensen daarover aan te spreken als ik de kans krijg.

Ik herhaal: er is een nieuw feit in Duitsland. Noordrijn-Westfalen geeft prioriteit aan dit dossier en nu is er een nieuwe federale regering.

Ten tweede, het MOU met Nederland is zo goed als rond, maar moet zo snel mogelijk door de Belgische Federale Regering worden goedgekeurd. Ik heb daar minister Labille ook over aangesproken.

Ten derde, men kondigt een rondetafel aan, dat vind ik een interessante gedachte. Vanuit Noordrijn-Westfalen wordt gezegd dat ze het historisch tracé kennen, maar dat het voor hen ‘imbuvable’ is. De A52 vinden ze al iets beter, en ze hebben zelfs nog een derde weg voorgesteld. Ik heb gezegd dat we al studies genoeg hebben, dat ik niet in het Vlaams Parlement zou komen zeggen dat we nogmaals een studie zullen doen over de derde weg, wat die ook mag wezen.

Daar staan we nu. Ik ga ervan uit dat de rondetafel wordt georganiseerd, hetzij voor 25 mei, hetzij na 25 mei. Het zou wijs zijn als de MOU met Nederland getekend zou zijn voor de rondetafel plaatsvindt. Nederland zegt dat het voor het historisch tracé is, waardoor het dossier natuurlijk niet vooruitgaat doordat Duitsland blokkeert. Wij hebben een internationale verdragstekst waarmee we voor het historisch tracé zijn. Als we een oplossing zouden vinden, moet die natuurlijk van gewapend beton zijn.

Dat is de stand van zaken. Daar zullen we de volgende weken verder aan werken. We zullen er bij minister Labille op aandringen dat de MOU zo snel mogelijk wordt ondertekend. Er komt een rondetafel, maar daarvoor ligt de datum nog niet vast. Het antwoord van de minister van Verkeer Dobrindt is nog niet binnen. Ook daar kijken we naar uit.

Maar, voorzitter, het is zeker dat een nieuw dossier zich aandient, en daarover zullen in de toekomst nog tal van vragen worden gesteld.

De heer Jan Penris

Minister-president, met de N-VA in de meerderheid hebt u geen oppositie meer nodig.

Ik waardeer alleszins, samen met de heer Keulen, de inspanningen die u hebt gedaan in dit moeilijke, maar voor de haven van Antwerpen belangrijke dossier. Ik hoop dat u die inspanningen zult blijven doen, aangezien de resultaten nog mager zijn. We twijfelen daar niet aan, maar ik vrees dat onze opvolgers op het einde van de volgende legislatuur zullen mogen vaststellen dat er nog altijd geen IJzeren Rijn ligt. Het ligt niet aan ons: wij hebben ons best gedaan.

De actuele vraag is afgehandeld.

Regeling van de werkzaamheden
Actuele vraag over het CREG-rapport met betrekking tot de gaslevering van Electrabel via GDF SUEZ en de financiële weerslag ervan voor steden en gemeenten
van Peter Reekmans aan minister Geert Bourgeois
220 (2013-2014)
Actuele vraag over het onderzoek naar vermeende belastingontwijking door Electrabel en de gevolgen ervan voor de Vlaamse steden en gemeenten
van Jan Verfaillie aan minister Geert Bourgeois
221 (2013-2014)
Actuele vraag over de wijze waarop de lokale besturen hun belangen kunnen verdedigen in het dossier van mogelijke fraude door GDF SUEZ/Electrabel, naar aanleiding van de recente CREG-analyse ter zake
van Willy Segers aan minister Geert Bourgeois
222 (2013-2014)
Actuele vraag over het onderzoek naar mogelijke belastingontwijking bij GDF SUEZ en de verklaringen ter zake van de minister
van Bart Martens aan minister Geert Bourgeois
223 (2013-2014)

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of het Jaaroverzicht 2015-2016 (pdf)voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.