Plenaire vergadering

woensdag 4 december 2013, 14.00u

Voorzitter
Actuele vraag over de Vlaamse aanvullende maatregelen bij het federale concurrentiepact
van Lode Vereeck aan minister Kris Peeters, beantwoord door minister Ingrid Lieten
111 (2013-2014)
Actuele vraag over de reactie van de Vlaamse Regering op het federale concurrentiepact
van Joris Van Hauthem aan minister Kris Peeters, beantwoord door minister Ingrid Lieten
112 (2013-2014)

Het antwoord wordt gegeven door minister Lieten.

De heer Vereeck heeft het woord.

De heer Lode Vereeck

Minister, ik hoef u, als Limburgs minister, er zeker niet van te overtuigen dat het noodzakelijk is dat we hard werken aan het herstel van onze provincie. Daarvoor is het Strategisch Actieplan voor Limburg in het Kwadraat (SALK), dat reconversieplan, een noodzakelijke, maar op zich eigenlijk niet voldoende voorwaarde om ervoor te zorgen dat onze provincie er economisch bovenop komt. Er is nog een tweede element nodig, namelijk een interfederaal concurrentiepact. Waarom? Omdat wij in Limburg heel snel hebben gevoeld dat buitenlandse investeerders onze provincie links laten liggen. Dat gebeurt niet wegens de randvoorwaarden die de Vlaamse Regering schept qua strategische investeringssteun, opleidingssteun en gronden. Wat dat betreft, zijn Nederland en België ongeveer aan elkaar gewaagd. Er zijn echter buitenlandse investeerders die voor Nederlands-Limburg kiezen, enkel en alleen door dat loonkostenverschil, door die loonkostenhandicap. Zo is ook bij de minister-president – ere wie ere toekomt – het idee ontstaan van dat concurrentiepact. De Federale Regering is ondertussen bevallen van een aantal maatregelen.

In een bijna pre-electorale sfeer is het natuurlijk niet gemakkelijk om nog tot grote bedragen of grote engagementen te komen. Het enige dat ik daarover kan zeggen, is dat voor mij het signaal dat werd gegeven met het concurrentiepact, alvast het correcte signaal is, namelijk dat we wat moeten doen aan die loonlasten. De grootteorde is uiteraard onvoldoende. We hebben het over een loonlastenhandicap van ongeveer 20 miljard euro. We moeten dus nog heel veel bijkomende inspanningen doen ter zake.

Minister, de evaluatie van de minister-president was dat het concurrentiepact in de goede richting ging. De evaluatie van minister Muyters was dat dit pact eigenlijk op niets leek. Dat is trouwens heel verwarrend voor de burger, niet het minst de Limburgse burger. Wat is nu eigenlijk het standpunt over dat federale concurrentiepact? Hoe zult u die Vlaamse maatregelen daarop doen inhaken?

De heer Van Hauthem heeft het woord.

De heer Joris Van Hauthem

Voorzitter, minister, mijn vraag gaat in dezelfde richting. We zijn nu al een paar maanden bezig over het concurrentiepact dat moet worden afgesloten tussen alle overheden, en liefst niet in concurrentie, maar in samenwerking. Dat is althans de theorie. De praktijk is inderdaad anders. Ik zal de door de Federale Regering voorgestelde maatregelen niet allemaal opsommen. We kennen die. De reacties binnen uw regering liepen echter alweer uiteen. Minister Muyters vindt dit te weinig en te laat, terwijl de minister-president zegt dat het de goede richting uitgaat. Zelfs de verlaging van de btw op de elektriciteit, die niet door de CD&V was gevraagd, was noodzakelijk om tot een compromis te komen. Vandaar ook mijn vraag: wat is nu eigenlijk het standpunt van de hele Vlaamse Regering? Het wordt op den duur inderdaad moeilijk. Voor wie gisteren het debat in de commissie Financiën bekeek, was het moeilijk om nog uit te maken wie tot de meerderheid en wie tot de oppositie behoorde.

Bovendien hebt u inderdaad in 166 miljoen euro voorzien, waarvan 83 miljoen euro cash volgend jaar. Dat is eigenlijk bijzonder weinig.

In zijn Septemberverklaring heeft minister-president Peeters gezegd dat hij voorstellen ging doen. De Vlaamse Regering heeft er een aantal op papier, maar ze zijn nog niet concreet. De Federale Regering zou daarop haar maatregelen en beslissingen enten. Ik heb de indruk dat het omgekeerde het geval is.

Wat is het standpunt van de hele Vlaamse Regering over het voorgestelde relanceplan? Hoe vult u uw eigen maatregelen in?

Minister Lieten heeft het woord.

Minister Ingrid Lieten

Vorige week vrijdag hebben wij een constructieve vergadering gehad met het Overlegcomité. Er was daar belangrijk nieuws. De Federale Regering heeft uitleg gegeven over de voorstellen waarover zij binnen haar eigen bevoegdheid heeft beslist als een bijdrage aan het competitiviteits- en werkgelegenheidspact. Zij heeft een aanzienlijke hoeveelheid bijkomende initiatieven bekendgemaakt. U hebt daar al naar verwezen. Men zet verder in op de vermindering van de arbeidskost en de ondersteuning van de koopkracht. Er is onder meer ook de tijdelijke btw-verlaging naar 6 procent, waarvan men een positief effect verwacht op de inflatie en de enveloppes voor lastenverlaging. Men heeft een duidelijke inventaris gegeven van bijkomende maatregelen. Volgens de Federale Regering zal haar maatregelenpakket tegen 2019 leiden tot een arbeidskostvermindering van 2,96 procent. Al vanaf 2014 zouden een aantal van deze maatregelen effectief zijn en tot een kostenverlaging van 1,81 procent leiden. Ik kan het lijstje opsommen, maar dat zou mij waarschijnlijk te ver leiden.

In elk geval waren minister Muyters, minister-president Peeters en ikzelf daar aanwezig. Wij hebben hetzelfde gedaan als de andere deelregeringen. Het hele comité heeft akte genomen van het feit dat de Federale Regering haar bijdrage aan het competitiviteits- en werkgelegenheidspact heeft afgerond en ingediend. Er werd ook afgesproken dat de bijdragen van de gewesten en dus ook de notificaties in verband met de synergieën tussen de verschillende entiteiten zullen worden afgerond voor het Overlegcomité van 11 december 2013. Dat betekent dat wij ons hebben geëngageerd om voor het Overlegcomité van 11 december 2013 onder elkaar te bekijken wat wij vanuit Vlaanderen en vanuit onze bevoegdheden nog bijkomend kunnen doen. Daarvoor hebben wij inderdaad in 2014 een budget van 160 miljoen euro gereserveerd. Wij zullen daarover de volgende dagen verdere afspraken maken en bepalen welke de prioriteiten zullen zijn. Wij beginnen daarbij niet met een wit blad. De Vlaamse Regering heeft zelf al een inventaris gemaakt van maatregelen die mogelijk zouden kunnen zijn. Wij hebben deze inventaris ingediend tijdens het Overlegcomité van oktober. Wij moeten daar nu keuzes maken. Wij zullen dat de volgende dagen doen. Zo kunnen wij op het Overlegcomité van 11 december onze inbreng doen. Zo komen we tot een concurrentiepact waartoe elke regering vanuit haar bevoegdheid een steentje bijdraagt. Het geheel zou moeten bijdragen tot de verhoging van de competitiviteit van onze bedrijven.

De heer Lode Vereeck

Minister, ik merk dat uzelf en de minister van Begroting niet op dezelfde lijn zitten. U hebt het over “aanzienlijke bedragen” voor het herstel van onze concurrentiekracht, terwijl de Vlaamse minister van Begroting dit eigenlijk helemaal wegwuifde. Misschien moet u daarover binnen de meerderheid toch nog eens overleggen.

Minister, hoe gaat u daar nu op inhaken? Het is de bedoeling dat het tot een interfederaal concurrentiepact komt. Er zijn twee mogelijkheden. We moeten de totale loonhandicap schatten op ongeveer 20 miljard euro. U hebt 83 miljoen euro ter beschikking. Wat gaat u daarmee doen? Gaat u dat besteden aan Onderzoek & Ontwikkeling? Gaat u dat inzetten om er een stukje van de mobiliteitsknoop mee te ontwarren – want uiteindelijk vormt die toch een enorme ‘strain’ op de Vlaamse economie? Maar u zou het bedrag ook ten dele kunnen inzetten voor de loonlasten. De Vlaamse Regering kan immers premies verschaffen op de sociale lasten. Zo wordt dat één coherent pact voor de verlaging van de loonlasten. Zo kunnen wij onze concurrentiekracht herstellen. Bent u bereid om als Vlaamse overheid, binnen de op dit moment beperkte bevoegdheden die u hebt, in te zetten op loonlastenverlaging?

De heer Joris Van Hauthem

Minister, we zijn niet veel wijzer geworden door uw antwoord. Er blijft een tweespalt binnen uw coalitie. Ik neem aan dat u namens de minister-president en de Vlaamse Regering antwoordt, daar twijfel ik geen seconde aan. Toch zitten we, of het nu over dit concurrentiepact gaat of over iets anders, telkens met een tweespalt. Sommige ministers van een bepaalde partij kunnen vanuit de Vlaamse Regering kritiek geven naar de buitenwereld. Ik ben het ermee eens dat u nu een vrij positief antwoord geeft, minister, maar dat is wat anders. De Vlaamse Regering evalueert de maatregelen als een stap in de goede richting, met inderdaad aanzienlijke bedragen, zoals de minister-president ook heeft gezegd. Maar we blijven met die tweespalt zitten.

U hebt niet geantwoord op het volgende. In tegenstelling tot wat de minister-president hier in september is komen verklaren, namelijk dat u maatregelen zou voorstellen, zijn er concreet nog altijd geen maatregelen vanuit de Vlaamse Regering.

De heer Van den Heuvel heeft het woord.

Het is altijd moeilijk voor sommige mensen om te beseffen in welk parlement ze zitten. Het federale concurrentiepact komt ter sprake in het federale parlement, mijnheer Van Hauthem. Uw partijgenoten kunnen er daar hun appreciatie over uitspreken.

Hier zitten we in het Vlaams Parlement. Minister Lieten heeft heel duidelijk de houding van de Vlaamse Regering bevestigd. Dat is ook heel duidelijk uitgesproken door de minister-president. Men neemt akte. Er is duidelijke vooruitgang. Er is een dwingend kader afgesproken om de loonkloof tegen 2018-2019 te dichten. In vergelijking met enkele maanden geleden, voor de vraag van de minister-president om de loonkloof echt op de politieke agenda te zetten, hebben we veel stappen in de goede richting gezet.

De uitdaging is nu: de invulling van het Vlaamse deel van het concurrentiepact, van dus die 83 of 166 miljoen euro. Voor onze fractie is heel duidelijk dat we volop gaan voor de versterking van onze Vlaamse bedrijven, binnen het kader dat we nu hebben. Het wordt verruimd in de loop van 2014. We gaan volop voor een Vlaamse bijdrage tot een loonlastenvermindering.

De heer Van Mechelen heeft het woord.

De heer Dirk Van Mechelen

Minister, het aantal falingen en de stijging van de werkloosheid zijn ook in Vlaanderen historisch. Daar moeten we echt niet fier op zijn. Het is vijf over twaalf. De Vlaamse Regering schrijft in haar begroting een beleidskrediet van 166 miljoen euro, wat niet niks is, maar wat vooral moet worden ingevuld. Tijdens de begrotingsbesprekingen hebben we geen antwoord gekregen. Er staat een betaling gepland voor 2014 van de helft van dat bedrag, 83 miljoen euro. Mijn eenvoudige vraag is nog niet zozeer welke maatregelen u gaat nemen, maar vooral wanneer die maatregelen in werking zullen treden. Is dat 1 januari of later?

De heer Van Malderen heeft het woord.

Mijnheer Van den Heuvel, ik ga in op uw vraag om hier geen evaluatie te maken van een federale maatregel, maar het is in elk geval wel zo dat in vergelijking met het budget dat Vlaanderen er tegenover kan zetten, die federale maatregelen aanzienlijk zijn. Dat is reden te meer om ervoor te zorgen dat de Vlaamse maatregelen zo gericht, zo efficiënt en zo creatief mogelijk worden ingezet. Ik laat de gelegenheid niet voorbijgaan om nogmaals, zoals bijna elke week de laatste maanden, ervoor te pleiten om daarbij aandacht te besteden aan degenen die het hardst getroffen zijn door de crisis, laaggeschoolde jongeren en laaggeschoolde werklozen, en er via het verhogen van de innovatiemiddelen tegelijk voor te zorgen dat bedrijven klaar zijn voor de uitdagingen van morgen, verder dan de bestaande loonkostsubsidie.

De heer Diependaele heeft het woord.

Inderdaad, wij hebben een andere mening. Wij vinden dat het concurrentiepact te weinig is en dat het de last doorschuift naar de volgende regering, maar ik zie het probleem niet. We zijn het ook niet altijd eens over beslissingen van de EU. Waarom zouden we het eens moeten zijn over beslissingen die een federale overheid neemt? Daarvoor zitten we niet samen in de Vlaamse Regering. We zitten daar voor ons eigen regeerprogramma. Mij valt vooral op dat zowel de minister als de heer Van den Heuvel heeft bevestigd dat het niet gaat om een pact.

Het gaat hier niet om een samenwerkingspact tussen de federale overheid en de Vlaamse overheid, het gaat niet om enige complementariteit, we nemen enkel en alleen akte van elkaars initiatieven. Er was nochtans vooropgesteld, ook door de minister-president, dat er complementariteit zou zijn, maar hier is helemaal geen sprake van enig samenwerkingsfederalisme en dat is onze grootste zorg.

Het is inderdaad zo dat de volgende stap zal zijn dat de Vlaamse overheid haar initiatieven kenbaar moet maken. En wij gaan graag het debat daarover aan.

Minister Ingrid Lieten

We hebben al een voorzet gegeven van wat we gaan doen. We hebben een nota gemaakt en die valt uiteen in een aantal hoofdstukken. Ze gaat over een competitiviteitspact en dat betekent dat er loonlastenverlagende maatregelen in kunnen zitten. We hebben ook een inventaris gemaakt van mogelijke loonlastenverlagende maatregelen, bijvoorbeeld in functie van langdurig jonge werklozen of van laaggeschoolde werklozen voor wie we iets zouden kunnen doen. We hebben een aantal mogelijkheden opgesomd over energiekostverlagende actieve maatregelen die we kunnen nemen. We hebben maatregelen die we kunnen nemen om de private investeringen te stimuleren. En er zijn maatregelen mogelijk om de publieke investeringen te stimuleren, zoals in onderzoek en ontwikkeling voor schoolinfrastructuur of publieke infrastructuur.

We hebben dus een longlist gemaakt en die werd meegedeeld. We hebben dan gewacht en eventjes getemporiseerd omdat we toch synergieën wilden zoeken. De Federale Regering heeft nu duidelijk, ook op verschillende domeinen en ze betreffen ook loonlasten en investeringen, een aantal maatregelen genomen.

Wij hebben afgesproken dat we het sowieso voor 11 december zullen doen. De volgende dagen zullen we dus samen bekijken welke keuzes wij gaan maken binnen onze bevoegdheden. We willen vast en zeker klaar zijn tegen het volgende Overlegcomité om dan ons pakket maatregelen toe te voegen. Ik heb begrepen dat ook de andere deelregeringen dat zullen doen om zo toch wel een consistente aanpak te krijgen.

Op het moment dat we de beslissing genomen hebben, mijnheer Van Mechelen, zullen we het parlement er zeker over rapporteren, dat zal niet meer zo lang duren.

De heer Lode Vereeck

Voorzitter, collega’s, natuurlijk komt dit federale concurrentievoorstel binnen het concurrentiepact aan bod in het Vlaams Parlement. Waarom? Omdat de ministers Peeters, Lieten en Muyters ook aanwezig zijn in het Overlegcomité. En het is van absoluut belang dat die drie ministers op dezelfde lijn zitten. Want ofwel zegt de Vlaamse Regering: “We doen mee, we schrijven ons in en we gaan ook voor een loonlastenverlaging”. Ofwel zegt de Vlaamse Regering: “Het is allemaal flauwekul, we schrijven ons niet in”. Dat is dus een absoluut pertinente vraag. Het feit dat die twee ministers buitenkomen met een verschillende visie, is een probleem.

Ik ben wel aangenaam verrast om te horen dat men vooral zal blijven inzetten op een loonlastenverlaging. Tot nu circuleerde al de maatregel op de belasting op materieel en outillage. Dat is een vermindering van belasting op machines, ik zie liever een vermindering van de belasting op arbeid.

Dat u daarnaast ook nog inspanningen zult doen inzake energiekosten, private investeringen en publieke investeringen, dat lijkt me eerlijk gezegd een beetje hoog gegrepen voor 83 miljoen euro. 

De heer Joris Van Hauthem

Mijnheer Diependaele, van twee dingen één. U zegt dat er geen sprake is van een pact en mevrouw Lieten komt namens de Vlaamse Regering stellen dat er sprake is van een pact. Van twee dingen één. De heer Vereeck heeft gelijk. Ofwel gaat u naar het Overlegcomité, en dat is dan om te overleggen en om eventueel samen te werken. En u kent ook onze mening over wat federaal gebeurt wat het concurrentiepact betreft, onze kritiek is gelijklopend, daar gaat het niet over. Ofwel gaat u dus mee naar het Overlegcomité, ofwel doet u dat niet.

Als u zegt dat er geen pact is en dat we dan maar op eigen manier zullen doen wat we moeten doen, dan is dat mij niet gelaten, maar van twee dingen één! Ofwel blijft op 11 december Muyters thuis, ofwel gaat hij mee. Als hij thuisblijft, dan bekent u tenminste kleur. Als hij meegaat, dan zit u hier praat voor de vaak te verkopen en draait u uw kiezers een rad voor de ogen. (Applaus bij het Vlaams Belang)

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Regeling van de werkzaamheden
Actuele vraag over de toegankelijkheid van het Vlaams openbaar vervoer voor mensen met een beperking
van Helga Stevens aan minister Hilde Crevits
113 (2013-2014)
Actuele vraag over de toegankelijkheid van het Vlaams openbaar vervoer voor mensen met een beperking
van Jan Roegiers aan minister Hilde Crevits
114 (2013-2014)

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of het Jaaroverzicht 2015-2016 (pdf)voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.