U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 15 mei 2013, 14.00u

van Björn Rzoska aan minister Philippe Muyters
314 (2012-2013)
van Martine Fournier aan minister Philippe Muyters
315 (2012-2013)
van Chris Janssens aan minister Philippe Muyters
316 (2012-2013)
van Else De Wachter aan minister Philippe Muyters
317 (2012-2013)
De voorzitter

De heer Verfaillie heeft het woord.

Jan Verfaillie

Voorzitter, ik wil u melden dat ik hierover verleden jaar, meer bepaald op 20 december, een vraag om uitleg heb ingediend bij de bevoegde minister. Die vraag om uitleg is toen echter geweigerd door de bevoegde commissievoorzitter. Zij heeft in haar mededeling geschreven dat een schriftelijk initiatief meer op zijn plaats is. Ik stel vast dat de realiteit vandaag aantoont dat hier blijkbaar wel actuele vragen over kunnen worden gesteld.

Nu, ik weet dat u als voorzitter niet in de mogelijkheid bent om de commissievoorzitters daarover te sturen, maar misschien kunt u in uw Uitgebreid Bureau wat betere afspraken maken over de ontvankelijkheid of onontvankelijkheid van vragen om uitleg.

De voorzitter

Mijnheer Verfaillie, de vragen die u hebt over ontvankelijkheid of onontvankelijkheid van vragen om uitleg moet u, conform het reglement, in de regeling der werkzaamheden aan de commissievoorzitter stellen. De voorzitter heeft daar gelukkig geen enkele bevoegdheid in. Ik prijs me daar zeer gelukkig mee.

Jan Verfaillie

Voorzitter, het is toch zeer eigenaardig dat er, wanneer er plots een artikel verschijnt in de media, daar dan wel actuele vragen over kunnen worden gesteld. Voordat het item in de media kwam, werden gemeentebesturen erover aangeschreven dat de VDAB die plannen zou uitvoeren. Het is toch eigenaardig dat wanneer je op dat moment actie onderneemt, de commissievoorzitter oordeelt dat het geen vraag om uitleg waard is. Dat vind ik toch de omgekeerde wereld.

De voorzitter

De heer Rzoska heeft het woord.

Ik kan de heer Verfaillie bijtreden. Ik heb zelf meermaals geprobeerd. Aanvankelijk werden mijn vragen om uitleg ook afgewezen. Maar op het moment dat ik nieuwe cijfers in de pers breng, kan het blijkbaar wel.

Minister, de laatste twintig jaar is het systeem van de computers met Werkinformatiesysteem (WIS) goed ingeburgerd in Vlaanderen. We vinden ze eigenlijk overal terug. Maar binnenkort zullen we ze niet meer terugvinden, want u bent ze systematisch aan het weghalen. We vinden de WIS-computers momenteel nog terug in heel wat gemeente- en stadhuizen, in sporthallen, stationsgebouwen, tot zelfs winkelcentra toe. Die WIS-computers zijn een heel belangrijk instrument om zeer moeilijke doelgroepen op de arbeidsmarkt, zeer moeilijk te bereiken werklozen, te bereiken.

Uit recente cijfers die ik van de VDAB kreeg, blijkt dat de WIS-computers vandaag nog altijd zeer intensief worden gebruikt: maar liefst 185.000 raadplegingen per maand. Dat komt neer op iets meer dan 2 miljoen raadplegingen per jaar, op een moment dat de arbeidsmarkt voor een stuk onder druk staat. Die cijfers wijzen op een zeer grote inburgering van het systeem en het gegeven dat mensen de weg naar die WIS-computers ook wel vinden.

Ondanks die succescijfers bent u die WIS-computers systematisch aan het weghalen. Op basis waarvan neemt u die beslissing?

De voorzitter

Mevrouw Fournier heeft het woord.

Voorzitter, volgens ons stelt niemand in dit halfrond zich vragen bij de vaststelling dat de VDAB moet besparen. Iedereen moet besparen. De VDAB moet dit zeker ook doen. Nu en dan kunnen we echter wel eens kanttekeningen maken bij bepaalde voorliggende besparingsvoorstellen.

Enkele weken geleden heb ik hier een actuele vraag over de werkwinkels gesteld. Een veertigtal werkwinkels in Vlaanderen zouden verdwijnen. Nu gaat het om de verdwijning van de WIS-computers. Dit baart me zorgen.

Volgens mij zal deze maatregel vooral de zwaksten onder ons treffen. Dit zal een impact hebben op de mensen die minder mobiel zijn, op de kansengroepen, op de laaggeschoolden en op al die andere mensen. Deze mensen bevinden zich op een langere afstand van de arbeidsmarkt. In deze economisch moeilijke tijden met meer werkloosheid is dit een zeer belangrijk punt.

Minister, u voert al sinds jaar en dag een activeringsbeleid. U wilt meer mensen aan het werk krijgen. De werkzaamheidsgraad moet stijgen. Denkt u niet dat deze maatregel een bepaalde impact zal hebben op het activeringsbeleid om meer mensen en dan vooral laaggeschoolden aan het werk te krijgen?

De voorzitter

De heer Janssens heeft het woord.

Voorzitter, de vorige sprekers hebben al een aantal essentiële elementen aangehaald. Ik zal een bescheiden poging wagen hier nog eentje aan toe te voegen. Na een begin dit jaar begonnen afbouwscenario zullen de WIS-computers tegen het einde van dit jaar uit het straatbeeld verdwijnen. De WIS-computers, waarop werkzoekenden niet enkel vacatures kunnen raadplegen, maar zich ook als werkzoekende kunnen inschrijven en opleidingen kunnen zoeken, kennen nochtans heel wat gebruikers. Door het veelvuldige gebruik zijn de WIS-computers doorheen de jaren zelfs tot de basisdienstverlening van de VDAB gaan behoren.

Als alternatief verwijst de VDAB naar de website. Niet iedereen heeft echter een computer en niet iedereen die een computer heeft, beschikt ook over een internetverbinding. We kunnen bijgevolg vrezen dat de laaggeschoolden en de mensen in armoede de eerste slachtoffers zullen worden van de verdwijning van de WIS-kiosken.

De VDAB verwijst tevens naar de werkwinkels. De mensen kunnen daar de zelfbedieningscomputers gebruiken. De werkwinkels worden echter ook stelselmatig afgebouwd. Bijgevolg dreigt voor een heel aantal werkzoekenden geen alternatief voor de jobcomputers over te blijven.

Minister, wie beter dan uzelf kan ik in dit verband citeren? Op 8 december 2010, toch niet zo lang geleden, hebt u in de commissie Economie het volgende verklaard: “WIS is een laagdrempelige methode en een instrument voor de werkzoekenden. We hebben sterk de indruk dat we op deze manier een aantal werkzoekenden en niet-beroepsactieven bereiken die we anders moeilijk zouden bereiken. Niet iedereen beschikt, bijvoorbeeld, over internet.”

Minister, ik vraag me af of er op twee jaar tijd zo veel is veranderd. Zo ja, hoor ik dat graag van u. Ik neem aan dat de VDAB deze beslissing in overleg met u of minstens na ruggespraak met u heeft genomen. Wat heeft u doen veranderen van mening ten opzichte van het standpunt dat u ongeveer twee jaar geleden in de commissie hebt ingenomen?

De voorzitter

Mevrouw De Wachter heeft het woord.

Else De Wachter

Voorzitter, ik sluit me graag bij de vorige sprekers aan. Ik wil vooral mijn bekommernis uiten. Dit hele dossier roept op het terrein vragen op over de maatregelen die de VDAB met betrekking tot de arbeidstoeleiding van specifieke doelgroepen neemt.

Er is al verwezen naar de discussie die we de voorbije weken over de afbouw van de werkwinkels hebben gevoerd. Ik wil er de nadruk op leggen dat dit voor bepaalde mensen zeer moeilijk ligt op het vlak van bereikbaarheid en sociale mobiliteit. Nu wordt dit gevolgd door een zichtbare maatregel, met name het weghalen van de WIS-computers. Beide concrete maatregelen kunnen in het straatbeeld worden waargenomen.

De VDAB wil als alternatief een digitaal webportaal aanbieden. Iedereen kan op dit portaal terecht. Voor sommige doelgroepen blijft het echter een belangrijk en moeilijk gegeven enkel over een digitaal portaal te kunnen beschikken.

Minister, welk concreet alternatief zult u de lokale besturen en de lokale actoren aanbieden om op arbeidstoeleiding te kunnen inzetten? Binnen die doelgroepen gaat het vaak om digitaal onwetende werkzoekenden. Wat zullen de alternatieven zijn?

Het is tevens belangrijk te weten dat tegelijkertijd met die maatregelen van de VDAB, de afbouw van bepaalde functies, vanuit het beleidsdomein Welzijn wordt ingezet op laagdrempelige projecten in functie van de tewerkstelling en de arbeidstoeleiding, zoals W2, de werk-welzijnstrajecten, waarin de lokale besturen en OCMW’s wordt gevraagd mee vorm te geven aan het werkgelegenheidsaspect.

Minister, hoe rijmt u dat en wat zijn de alternatieven?

De voorzitter

Minister Muyters heeft het woord.

In twee jaar tijd verandert er veel. Indien dat niet zo was, dan zou u hier zeggen dat ik niets doe en niets verander. De arbeidsmarkt verandert en is er is een continue crisis. Ik denk wel dat er een evolutie is. Als we vergelijken wat een computer twee jaar geleden deed en wat die nu kan, dan blijkt dat ook die computer is veranderd.

Dit is geen nieuwe beslissing. Mijnheer Verfaillie, u hebt gelijk, dit is al besproken in de raad van bestuur van de VDAB, dus met de sociale partners. In november was er een brief aan de gemeenten en in april volgde er een tweede brief. De VDAB heeft geen enkele negatieve reactie gekregen op dit nieuws vanuit de gemeenten. Iedereen heeft ook de kans gehad om daar in de commissie over te praten. Toen Fons Leroy op 18 februari de hervorming van de arbeidsmarkt heeft toegelicht in de commissie, is de volledige afbouw van de WIS-computers aan bod gekomen. Dat staat zo in het verslag.

De eerste tachtig computers zijn afgebouwd in 2011. Ook dat is niet nieuw.

Er wordt hier met cijfers gegoocheld. Zo zou er een enorme daling zijn van het aantal gebruikers van de WIS-computers of -kiosken. Het is natuurlijk de bedoeling dat niemand in de kou blijft staan en dat kan ik u eigenlijk wel garanderen.

Drie maanden voor een WIS-computer wordt afgebouwd, wordt er een verwittiging gegeven. Daarbij worden ook de alternatieven meegedeeld. Het alternatief is niet alleen dat men op een gewone computer of een zelfcomputer de website kan raadplegen. Die website is nog laagdrempeliger gemaakt dan hij al was en kan veel meer dan alleen inschrijven of de vacatures bepalen.

Verder is er ook de serviceline. Men wekt hier de indruk dat als er geen WIS-computer is, zelfs al is er een laagdrempelige website die met de zelfcomputer of met de gewone computer kan worden geraadpleegd, sommige mensen die geen internet of computer hebben, geen computer zouden kunnen raadplegen. In elke bibliotheek en gemeente staat een computer ter beschikking. Ook in de werkwinkels zijn er computers beschikbaar. Ook die worden afgebouwd, maar we maken afspraken met de Vereniging van Vlaamse Gemeenten en Steden over de wijze waarop we de sluiting van een aantal werkwinkels zullen opvangen. In elk opleidings- en competentiecentrum van de VDAB zullen ook computers staan. We vervangen de ietwat ouderwetse WIS-computers door iets dat beter en meer kan inspelen op de noden.

We mogen niet de indruk geven dat die WIS-computers het ideale instrument zouden zijn voor de zwakkeren. Als die mensen een vacature halen uit die WIS-computer, dan zijn zij niet zelfredzaam genoeg om zelf alle stappen te zetten tot aan werk. Het is dus niet dat dit de ideale oplossing is. Het is zelfs zo dat we dankzij het gebruik van de website van de VDAB veel beter zullen kunnen inspelen op het competentiebeleid in plaats van op de klassieke vacatures. We hebben de instructeurs en consulenten gevraagd om meer aandacht te hebben voor wie ICT-onvaardig is. Die personen moeten beter begeleid worden. Dat zal nu wel mogelijk zijn omdat we ze op veel plaatsen zullen kunnen zien en volgen.

Daarmee is aangetoond dat er in geen geval een zwart gat komt. Via de website, de serviceline, het aanwezige aanbod en de aandacht van de consulenten zullen die zwakkeren juist meer kansen krijgen dan vroeger door het uithalen van vacatures. Ik denk dat iedereen wel beseft dat die zwakkeren niet diegenen zijn die met die vacatures zelf volledig aan de slag kunnen gaan, integendeel. Wie wel een computer gebruikte, kan nu een beroep doen op een betere toepassing die in elk gemeente aanwezig zal zijn.

Dit getuigt, op twee jaar tijd, van een evolutie die we moeten doormaken en die de VDAB autonoom doormaakt. Dit behoort tot de autonomie van de VDAB. Ik vind dat de VDAB hier de juiste beslissing heeft genomen. Ik sta er 100 procent achter. Dit is een element van de dagelijkse werking van de VDAB. Dit werd doorgesproken met de sociale partners en met de gemeenten. Ik zie daar dus weinig problemen.

Minister, ik kan u misschien uw eigen argumenten van 2010, waarnaar al is verwezen, gewoon voor de voeten gooien. U hebt toen letterlijk in de commissie gezegd dat de WIS-computer wel degelijk werkt voor mensen die kwetsbaar zijn op de arbeidsmarkt. Het tweede argument dat u expliciet gebruikte, was dat de dalende trend van het gebruik ons er niet van mag overtuigen om het systeem weg te gooien. Het derde argument was dat de mensen er, naast de vacatures, wel degelijk ook opleidingen konden op raadplegen. En het vierde argument was het argument van het internet.

Minister, wat is er die voorbije twee jaar veranderd? Hebt u argumenten om te zeggen dat de digitale kloof gedicht is? Het Vlaams Steunpunt Nieuwe Geletterdheid heeft in 2009 zijn recentste rapport uitgebracht. Daaruit blijkt dat de digitale kloof niet gedicht is.

Minister, dank u voor uw uitgebreide antwoord. We moeten opletten dat we niet besparen om te besparen. Dat kan ten dele contraproductief werken. Ik sluit mij aan bij de heer Rzoska: u overschat de digitale weerbaarheid van sommige mensen. Er is nog altijd een grote digitale kloof bij de kansarmen. Het gebruik van de WIS-computers was inderdaad laagdrempelig. Er waren ongeveer 2 miljoen raadplegingen per jaar. Dat is niet niets. Ik vraag u dus nogmaals uitdrukkelijk om er toch over te waken dat dit geen grote gevolgen zal hebben voor de zwaksten op de arbeidsmarkt.

Minister, ik zou de waarheid geweld aandoen indien ik zou zeggen dat ik tevreden ben met uw nochtans uitgebreide antwoord. U verwijst naar de gedachtewisseling met de heer Leroy in de commissie Economie. Het ging inderdaad over het afschaffen van de WIS-computers, maar wel onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat ze zouden worden vervangen door wat hij de ‘zelfbeheer-pc’s’ noemt, die dan onder meer in de webwinkels ter beschikking zouden staan. Maar als u dan die webwinkels gaat afschaffen, gaat u per definitie ook de WIS-kiosken afschaffen. Daarom biedt u volgens mij geen voldoende alternatief voor de jobcomputers.

Als u bovendien, net als de VDAB, verwijst naar de website van de VDAB, kan ik alleen maar zeggen dat tot op heden het gebruik van die website complementair was aan het gebruik van de WIS-kiosken. Uit het jaarverslag 2010 van de VDAB haal ik volgende cijfers: er werden 30 miljoen online bezoeken geregistreerd op de website van de VDAB, en daarenboven zijn er 18 miljoen contacten via het WIS-systeem. Het ene sluit het andere dus niet uit. Het ene is zeker geen vervanging van het andere.

Minister, de VDAB zal het halverwege volgend jaar met driehonderd personeelsleden minder moeten doen. Hoe zal de VDAB het waarmaken om nog meer werkzoekenden met minder personeel en minder middelen op te vangen?

Else De Wachter

Minister, uw antwoord verontrust mij een beetje. U mag de digitale onwetendheid en de digitale kloof echt niet onderschatten. Dat wil ik heel duidelijk beklemtonen. We worden er elke dag mee geconfronteerd. U zegt dat een van de alternatieven het feit is dat we toch niet kunnen ontkennen dat er bijvoorbeeld in openbare besturen zoals bibliotheken en gemeenschapscentra computers staan. Dat klopt. Maar de vraag is dan wel wie die mensen, die digitaal onwetend zijn, op dat moment zal begeleiden. Is dat dan bijvoorbeeld de bibliothecaris? Hoe ziet u dat concreet? Dat heeft wel een impact op de werking van de organisaties waar die computers zich op dat moment bevinden.

Lydia Peeters

Minister, ik wil u bijtreden, want inderdaad, in de commissievergadering van 18 februari heeft Fons Leroy aangekondigd dat de WIS-computers zouden verdwijnen. Die dateren uiteindelijk ook al van 1993. Twintig jaar, dat heeft zijn tijd wel gehad.

Ik begrijp ook wel de vraagstellers en hun bekommernissen: enerzijds almaar meer werklozen, almaar meer werkzoekenden, anderzijds de besparingen bij de VDAB en het sluiten van de werkwinkels. Ik wil de vraagstellers een suggestie aanreiken. Als lokaal bestuur hebben we gisteren met VDAB Limburg een engagementsverklaring getekend, waarbij we samen zullen zoeken naar hoe we initiatieven kunnen nemen op de arbeidsmarkt om de werkzoekenden beter te begeleiden naar een job. We gaan een groot aantal concrete, individuele begeleidingsacties opzetten. Er komen ook honderd extra begeleidingsacties. Ik zou iedereen willen oproepen om in communicatie te gaan met de VDAB. Als de lokale besturen met de VDAB zo concreet samenwerken, dan zullen we de negatieve elementen die hier naar voren worden gebracht, naar een positief verhaal kunnen ombuigen.

Goedele Vermeiren

We kunnen er allemaal akkoord mee gaan dat de zoektocht naar werk zo laagdrempelig mogelijk moet zijn, zeker voor degenen voor wie het niet zo vanzelfsprekend is, de langdurig werklozen, laaggeschoolden die het niet zo gemakkelijk hebben.

De WIS-computers zijn oud en aan vervanging toe. Er moest iets mee gebeuren. Men kon er vacatures op raadplegen, maar vaak was het zo dat men toch naar de VDAB moest – dat bedoel ik niet negatief – en dat men daar in contact kwam met iemand van de VDAB. Het is niet slecht, zeker voor de kwetsbare groepen, dat ze persoonlijk contact hebben en een oriëntering en trajectbegeleiding krijgen. We moeten hier zeker blijven op inzetten, en ook op netwerken, zoals de Antwerpse talentenfabriek. Daar is een samenwerking met de VDAB en de bedrijfswereld. Daar kunnen werkzoekenden hun competenties uitbouwen en kennismaken met de werkvloer. Daarop moeten we blijven inzetten.

Mevrouw Peeters en mevrouw Vermeiren, ik ben het 100 procent met jullie eens. Die gesprekken worden gevoerd door de VDAB op verschillende plaatsen. Die kiosken gaven in het verleden vooral vacatures en opleidingen, maar je moest dan nog steeds verdere stappen zetten.

Waarom ik van mening ben veranderd ten opzichte van 2010, is omdat er een alternatief wordt aangeboden dat beter is. Het is niet alleen een computer. Ik besef heel goed dat we met de digitale weerbaarheid rekening moeten houden. Dat is een essentieel element. Vroeger ging het met een computer, nu gaat het ook met een computer. De servicelijn is ook heel laagdrempelig. Men kan naar een werkwinkel gaan.

We staan heel dicht bij een akkoord met de VVSG om ervoor te zorgen dat als er een probleem is in een gemeente, de VDAB samen met de gemeente naar oplossingen zoekt om een antwoord te bieden. Het blijft essentieel dat we iedereen kunnen bereiken, maar er is een alternatief ten opzichte van het verleden. Er zijn zelfbeheer-pc’s, er zijn werkwinkels, maar er zijn ook de pc’s die worden aangeboden op verschillende plaatsen. De laagdrempeligheid van de nieuwe website maakt dat dit zeker een alternatief is – in het verleden was het dat veel minder – voor de WIS-computer.

Je kunt het naast elkaar blijven gebruiken. Als je ziet dat het ene instrument elk jaar enorm stijgt, en het andere instrument elk jaar enorm daalt, dan moet je de kostprijs van het instrument dat elk jaar verlieslatend is, afbouwen. Dan moet je het instrument dat wel slaagt, nog beter maken. Mevrouw Fournier, u hebt verwezen naar de rendabiliteit en besparingen die de VDAB moet doen.

De dingen die slecht zijn, moet je wegwerken, door aan de consulenten aandacht te vragen, door de servicelijn verder uit te bouwen en door de website laagdrempelig te maken.

Mijnheer Janssens, ik zou met u nog een heel debat kunnen voeren over de 300 personeelsleden minder – 6 procent – bij de VDAB tussen 2009 en 2014. Ik hoor hier vaak zeggen dat 6 procent veel te weinig is. Ik denk dat de VDAB meer efficiëntiewinsten, zelfs met stijgende werkloosheid, kan realiseren, met een extra budget via het loopbaanakkoord, met een extra budget voor de jeugdwerkloosheid. We zullen kunnen rekenen op een VDAB die daar op een volwassen manier op ingaat met medewerkers die het verlies aan personeel mee willen opvangen. De VDAB zet de stappen die moeten worden gezet.

Minister, ik voel me wel comfortabel met de steun van de collega’s van CD&V en sp.a voor de WIS-computers. Dat betekent dat men op dit ogenblik binnen de meerderheidspartijen niet op één lijn zit. Naast de werkwinkels, zijn de WIS-computers opnieuw een instrument dat u afbouwt en dat moeilijk te bereiken groepen op de arbeidsmarkt in de kou zet.

Minister, ik zal u zeggen wat er veranderd is tussen december 2010 en vandaag. Wat er is veranderd, is dat de werkloosheid met 10 procent is gestegen, dat een op twee werklozen laaggeschoold is en dat de armoede stijgt. Dat is er veranderd. Ik doe een oproep aan de Vlaamse Regering, en specifiek aan CD&V en sp.a, om twee keer na te denken voor u een succesvol systeem zomaar weggooit. Het kind met het badwater weggooien, is geen goede zaak.

Ter verduidelijking: ik heb hier niet gepleit om alle WIS-computers te laten staan. Ik heb gewoon aan de minister gevraagd om met het verdwijnen van de WIS-computers, ervoor te zorgen dat de kansarmen en de laaggeschoolden niet in het gedrang komen. Dat was mijn pleidooi, naast een pleidooi tot besparen.

Mevrouw Peeters, het zou goed zijn dat u die engagementsverklaring doorstuurt naar de andere provincies omdat we dan een goed voorbeeld hebben van hoe we kunnen samenwerken met de VDAB.

Minister, u hebt me nog niet overtuigd van voldoende alternatieven die er zouden zijn ter vervanging van de WIS-computers.

Laat me afronden met een boutade die we zeker moeten voorkomen. Bij de gedachtewisseling in de commissie Economie zei Fons Leroy dat hij 2012 het jaar van de eekhoorn noemde vanwege de harde noten die moesten worden gekraakt door de sociaal-economische situatie. Laat ons voorkomen dat de VDAB door het afschaffen van werkwinkels en jobcomputers zijn basisdienstverlening zodanig gaat afbouwen dat 2013 voor de VDAB het jaar van de ezel zal worden. Het zou vooral voor de toenemende groep werkzoekenden een heel spijtige zaak zijn.

Else De Wachter

Minister, ik vind dat sommige collega’s kort door de bocht gaan. Mijn vraag was zeer concreet: wat is het alternatief? Ik zou u willen oproepen om na te gaan wat die alternatieven ons te bieden hebben en om de tijd te nemen om ze te evalueren met de lokale actoren. Zij worden dag in dag uit geconfronteerd met die doelgroepen, met kansarmoede, met de digitaal onwetenden. Laat ons afwachten hoe het verloopt. Dat is het belangrijkste.

De voorzitter

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.