U bent hier

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Minister, vorige week bent u met de Vlaamse Regering op bezoek geweest in Namen bij de Franstalige collega’s en u hebt daar een gezamenlijke ministerraad gehouden. Er zijn enkele dossiers op tafel gekomen die al lang meegaan, heikele dossiers zoals het cultureel verdrag tussen Vlaanderen en Wallonië, de Plantentuin in Meise en blijkbaar ook de radiofrequenties.

Al bijna twintig jaar zijn we bezig met die radiofrequenties: het feit dat de Franstalige zenders onze Vlaamse zenders hinderen, vooral in en rond Brussel. Vorig jaar heb ik u daarover een vraag gesteld, omdat men toen aan Franstalige kant dertien nieuwe frequenties in gebruik wou nemen zonder rekening te houden met mogelijke hinder voor de Vlaamse zenders. U klonk toen heel strijdbaar. We waren toen heel blij met uw antwoord, want u zei dat u het ook niet vond kunnen en u zou naar de Raad van State gaan. Dat hebt u ook gedaan.

Nu zijn we iets minder blij als we horen dat u vrijdag tijdens het bezoek aan de collega’s hebt gezegd dat u de procedure bij de Raad van State wilt intrekken of invriezen en dat u via een gezamenlijke database van frequenties de problemen wilt detecteren.

Ik heb heel wat vragen, maar ik kan die in één vraag samenballen: wat hebt u precies afgesproken vorige vrijdag?

De voorzitter

De heer Wienen heeft het woord.

Wim Wienen

Voorzitter, minister, collega’s, ik stel vast dat u vorige vrijdag in een zeer ‘goedjonstige’ bui was, minister. Misschien heeft dat te maken met het feit dat we de kerstperiode naderen. Dan is de boodschap natuurlijk: vrede op aarde aan iedereen van goede wil. Maar laat nu dat net het probleem zijn, minister: wat de FM-frequenties betreft, is men aan de andere kant van de taalgrens niet van goede wil.

Wij hebben al een heel palmares van incidenten over de FM-frequenties met de Franse Gemeenschap. De heer Vandaele haalde net aan dat u naar de Raad van State bent gestapt om dertien frequenties van de Franse Gemeenschap aan te vechten. Nu zegt u plots dat u die procedures zult opschorten en dat u gaat samenwerken. U gaat werken aan een frequentiedatabank en spreken met de Franse Gemeenschap om het probleem op te lossen.

Ik denk dat het niet zo eenvoudig is. Toen ik dat hoorde, had ik een enorm déjà-vugevoel. Ik herinner me het Overlegcomité van 17 november 2006, waar ook een overkoepelend akkoord is gesloten tussen de Franse Gemeenschap, de Federale Regering en het Vlaamse Gewest over die FM-frequenties, het toepassen van de etherpolitie door het Belgisch Instituut voor Postdiensten en Telecommunicatie (BIPT).

Gelet op alle slechte ervaringen die we hebben gehad, vraag ik me af wat u tot die ‘goedjonstigheid’ heeft gestemd, om toe te geven aan de Franse Gemeenschap, de klachten bij de Raad van State te begraven en nu plots te gaan samenwerken. Wat zijn de signalen die u hebt gekregen van de Franse Gemeenschap dat het op dit moment gaat lukken? Ik heb er behoorlijk weinig vertrouwen in.

De voorzitter

Minister Lieten heeft het woord.

Minister Ingrid Lieten

Voorzitter, dames en heren, vrijdag zijn er inderdaad een aantal dossiers besproken op de gemeenschappelijke ministerraad. Ze werden de voorbije maanden zorgvuldig voorbereid. Eén dossier is dat van de radiofrequenties, waar we beiden, voor de radiozenders zowel in Vlaanderen als in de Franse taalgemeenschap, in een juridisch vacuüm terechtkomen.

Het klopt dat als nieuwe frequenties worden toegekend aan Franstalige zijde, wij naar de Raad van State gaan en schorsing en vernietiging van die beslissing vragen. Maar omgekeerd gebeurt dat ook. Negen frequenties uit het radiofrequentieplan zijn ondertussen, begin september, geschorst door de Raad van State. De Raad van State heeft toen ook duidelijke signalen gegeven aan beide gemeenschappen om te zeggen dat, zolang we geen goede samenwerkingsovereenkomst hebben waarin voorzien is en die al die aanspraken regelt, de raad in een moeilijk parket blijft zitten en de dossiers niet goed kan behandelen.

De druk om toch tot een win-winsituatie te komen, is dus groot, zeker en vast in het licht van de rechtszekerheid die ook onze radiozenders nodig hebben. Nu zijn er negen radiofrequenties uit het Vlaams radiofrequentieplan geschorst en dat levert toch een bepaalde rechtsonzekerheid op voor die radio’s.

We hebben regelmatig overleg gehad met het kabinet van minister Laanan en de voorbije maanden is dat overleg in een stroomversnelling geraakt. We hebben een modus vivendi gevonden en een stappenplan gemaakt om eruit te geraken. Dat stappenplan bestaat er in de eerste plaats in dat we afspraken zullen maken om een gemeenschappelijke databank te maken. Er is nu geen gemeenschappelijke databank. Wij hebben onze data, zij hebben hun data, maar die worden niet uitgewisseld. We hebben nu afspraken gemaakt om één gemeenschappelijke databank te maken, waardoor we een heel correcte stand van zaken krijgen van alle toegewezen frequenties en ook van de storingen. Ten tweede is er ook afgesproken dat we met de ingenieurs van beide zijden tot één gemeenschappelijke berekeningsmethode zullen komen. Ten derde is er afgesproken dat op basis van die gemeenschappelijke berekeningsmethode alle frequenties waar geen probleem mee is, opgelijst worden zodat we elkaar over die frequenties rechtszekerheid kunnen bieden en zodat we er op een pragmatische manier mee kunnen omgaan. En dan blijft de lijst van frequenties waarop wel storingen en problemen zijn nog over en daarover moeten we wel nog politiek trancheren.

Er is dus afgesproken dat er nu een samenwerkingsovereenkomst wordt opgemaakt waarin de basis van die samenwerking staat en dat we ondertussen aan de Raad van State vragen om de dossiers voorlopig te schorsen. Dat is ondertussen, op 6 december, gebeurd in een gemeenschappelijke brief van ons beider advocaten. We trekken de dossiers dus niet in, we blijven onze ijzers in het vuur houden, maar we schorsen langs beide kanten en vragen aan de Raad van State om nu geen verdere behandeling van die dossiers te doen. Op die manier krijgen we een beetje windstilte, een vredesmoment, dat ons alle kansen geeft om gemeenschappelijk tot een samenwerkingsakkoord te komen en om het tot in de details uit te voeren.

Mocht dat niet lukken – wat ik niet verhoop, want ik denk echt dat er nu wederzijds een goede sfeer is om de problemen op een pragmatische manier op te lossen –, dan kunnen de procedures nog altijd voortgezet worden, zowel door ons als door de Franse Gemeenschap voor de procedures die zij heeft ingesteld.

Ik ben er dus eigenlijk van overtuigd dat we hiermee een doorbraak hebben bereikt om toch, met respect voor elkaar, naar een win-winsituatie te zoeken, naar een manier om op een pragmatische manier om te gaan met de juridische geschillen die zich al 20 jaar lang ophopen, en vooral om rechtszekerheid te kunnen bieden aan al onze radiozenders.

Minister, ik dank u. Het is ongetwijfeld nuttig om een gezamenlijke databank aan te leggen. Er is, denk ik, vandaag ook een databank van het BIPT. Het eigenaardige aan die dertien zenders waar we het over hebben, is dat twaalf ervan al in die databank zitten. Alleen is het zo dat men in de praktijk uitzendt met een veel hoger vermogen dan men zegt.

Als we het dan hebben over die dertien radiofrequenties, dan hebben we het over zenders met 9000, 10.000 of 20.000 watt terwijl bij ons een gewone radio met 100 tot 1000 watt toekomt. De grote zendmast van een landelijke omroep heeft ongeveer 40000 watt. Tussen de praktijk en de theorie ligt er natuurlijk altijd een kloof. Het is wel goed dat u zegt de ijzers in het vuur te houden. Dat is belangrijk.

U zegt dat wij daar ook schuld aan hebben. Het kan zijn dat wij hier of daar ook eens uit de bocht gaan – we zijn ook niet heiliger dan de paus. De cijfers van de Franstalige dossiers zijn echter indrukwekkend. Zo werden tien frequenties van VRT bedreigd, negen van JOE fm en twee van Q-music.

Wim Wienen

Minister, ik ben enigszins verbaasd over uw goedgelovigheid. Ik ken u anders. Het verbaast me ook van de Vlaamse Regering als geheel. Net in die Vlaamse Regering zit een man die ook dacht dat hij de doorbraak had gemaakt. Ik heb het over een voormalig minister van Media, Geert Bourgeois om zijn naam niet te noemen. Na het overkoepelend overleg op het Overlegcomité van 17 november 2006 was minister Bourgeois ervan overtuigd dat dit de doorbraak was.

Tot nu toe zijn alle afspraken die al zijn gemaakt dode letter gebleven. Dat ligt niet aan de welwillendheid van de Vlaamse Regering die daar altijd is geweest. Minister Bourgeois heeft ooit zijn technici een hele vakantie vastgehouden om te kunnen onderhandelen met de Franse Gemeenschap en daar is nooit iets van gekomen.

Ik vroeg u welke signalen u hebt gekregen dat het dit keer wel zou lukken. Daarop heb ik eigenlijk geen antwoord gekregen.

De voorzitter

De heer Yüksel heeft het woord.

Veli Yüksel

Minister, we moeten dit akkoord een kans geven. Dit akkoord is een goed voorbeeld van samenwerkingsfederalisme waarbij we respect hebben voor elkaars bevoegdheden en voor elkaar.

U hebt een akkoord, maar hoe zal dit akkoord passen in de behoefte- en marktanalyseopdracht die u in het kader van het nieuwe Vlaamse radiofrequentieplan wilt vastleggen en die uiteindelijk moet leiden tot de nieuwe erkenningsronde in 2016? We moeten eerst ons eigen huiswerk maken en pas dan kijken naar de overkant.

De voorzitter

De heer van Rouveroij heeft het woord.

Sas van Rouveroij

Minister, samenwerken is beter dan procederen. Deze afspraken zijn voor ons dan ook hoopvol. Ze moeten natuurlijk wel tot resultaat leiden. Voor zover ons bekend, zal er in 2016 een volledig nieuw Vlaams radiofrequentieplan zijn. We moeten ervoor zorgen dat tegen dan alle meningsverschillen zijn uitgeklaard zodat we alsnog niet opnieuw verzeild geraken in allerlei juridische geschillen.

De voorzitter

De heer De Coene heeft het woord.

Philippe De Coene

Minister, ik begrijp uit uw antwoord dat er in tegenstelling tot wat de vraagstellers misschien suggereren, geen sprake is van een abdicatie van de kant van de Vlaamse Gemeenschap. Door een uitspraak van de Raad van State streeft u wel naar een duurzame overeenkomst met de Franse Gemeenschap.

Om te weten wat de reële impact is van de contentieux nu, is de vraag of er de voorbije jaren merkwaardig veel klachten daarover binnengekomen zijn bij de regulatoren. Ik wil graag weten waar het eigenlijk om te doen is.

De voorzitter

De heer Verstrepen heeft het woord.

Jurgen Verstrepen

Voorzitter, ik hoor graag dat het om een juridisch vacuüm zou gaan, maar ik heb de indruk dat er Franstalig zand in de ogen van de minister wordt gestrooid. Het zandmannetje van de vijf legendes is langsgekomen.

Dit dossier gaat al veel langer mee. Ik vermoed dat het ook nu niet zal worden opgelost. Volgens de minister is er veel druk om een win-winsituatie te creëren. Ik vind dit vreemd. Vlaanderen heeft in verband met dit dossier tot nu toe nooit krachtdadig gereageerd of opgetreden.

Het gaat hier om een agressieve frequentiepolitiek van Franstalig België, van Wallonië en Brussel, met als enige doel de eigen zenders storingsvrij tot over de taalgrens te duwen. De praktijk bewijst het. Er zijn genoeg klachten.

Volgens de minister gaat het om een win-winsituatie. Ik hoop eindelijk eens een minister van Media te zien of te horen die werk zal maken van de overtredingen van de RTBF in Wallonië. De RTBF richt haar signalen op een technisch verkeerde manier met veel te grote vermogens op Vlaanderen omdat het de bedoeling is die zenders tot aan de Nederlandse grens te laten ontvangen.

Minister, u bent de zoveelste minister aan wie ik deze vragen stel. Wanneer zal iemand eens optreden? Voor het overige meen ik dat u in verband met dit dossier in slaap wordt gewiegd.

Minister Ingrid Lieten

Ik ben het eens met de heer van Rouveroij. Het is belangrijk dat we nu in elk geval proberen tot een compromis te komen. Op die manier kunnen we het landschap wat uitzuiveren. Dit zou de beste voorwaarden creëren. Op basis van de impactstudie zal een nieuw frequentieplan voor ons radiolandschap worden opgesteld. Dit nieuw frequentieplan moet de komende jaren stabiliteit creëren.

Ik ben het niet eens met de mensen die enigszins pessimistisch zijn ingesteld. Ik heb duidelijk vermeld dat ook tegen ons procedures worden ingeleid. We zitten in een juridisch opbod: telkens als een gemeenschap iets doet, stapt de andere gemeenschap naar de Raad van State. Dat is ook niet goed voor de rechtszekerheid van onze radiozenders.

Ik zal mijn best blijven doen om tot een aanvaardbare werkwijze te komen. Ik heb dat in 2010 al geprobeerd. Ook voormalig minister van Media Bourgeois heeft hieraan gewerkt. Tot nu toe zijn we nog niet ver geraakt. Nu is dat veranderd. We hebben een werkwijze afgesproken. Beide advocaten hebben gemeenschappelijk een brief aan de Raad van State geschreven. Langs beide zijden is een duidelijk engagement uitgesproken. Dat is allemaal duidelijk meegedeeld. Ik ben dan ook veeleer hoopvol ingesteld. Er is een wil om te komen tot een aanvaardbare oplossing die iedereen respecteert. Ik zal daar absoluut aan blijven werken.

Ik wil ook nog even op de opmerkingen van de heer Vandaele en de heer De Coene ingaan. Er wordt natuurlijk veel gezegd. Ik krijg heel wat informele meldingen van mensen die me meedelen dat bepaalde zenders met een te groot vermogen uitzenden. We melden die mensen telkens dat er een procedure bestaat en dat ze bij de VRM een klacht kunnen neerleggen. We moeten echter vaststellen dat niemand dat uiteindelijk doet. Misschien is iedereen een beetje in hetzelfde bedje ziek. Wie een klacht indient, moet zelf natuurlijk volledig clean zijn. Anders dreigt de boemerang terug te komen.

In het huidig landschap vormt het juridisch opbod in feite de regel. Er is een groot verschil tussen wat formeel en wat informeel wordt gezegd. Het lijkt erop dat we met beide gemeenschappen proberen hier op een transparante wijze duidelijkheid in te verschaffen. Dit is in het belang van de rechtszekerheid van de radiozenders en in het belang van de luisteraars van al die radiozenders.

Minister, we hopen natuurlijk dat u dit keer slaagt. Uw voorgangers zijn er niet in geslaagd. Misschien is de tijdsgeest nu anders. Ik ben in elk geval minder optimistisch dan u. Ik wil dan ook met een korte anekdote afronden.

Enkele dagen geleden hebben een paar mensen van de commissie Media een werkbezoek aan de VMMa afgelegd. Daar is ons een leuke anekdote verteld. De baas van een of andere Franstalige zender heeft een optrekje in Knokke. Hij heeft dan maar het vermogen van zijn zender verzwaard. Hij vindt immers dat hij die zender ook moet kunnen ontvangen als hij naar zijn optrekje in Knokke rijdt.

Indien u tegen een dergelijke mentaliteit moet opboksen, vrees ik dat een duurzame oplossing er nog lang niet is.

Wim Wienen

Voorzitter, ik wil nog drie opmerkingen maken.

Mijnheer Yüksel, u mag dergelijke opmerkingen niet meer maken. Zeker als ik rechtsta, mag u niet meer beweren dat dit een goed voorbeeld van samenwerkingsfederalisme zou zijn. Ik zou van het schrikken kunnen omvallen. In dit onzalige land is er niet zoiets als samenwerkingsfederalisme. Dat is in dit land een contradictio in terminis.

Minister, ik kan in het verre Antwerpen – toch een heel eind van Luik en de andere Waalse gemeenten – nog altijd perfect Franstalige zenders ontvangen. Maar in de eigen Vlaamse hoofdstad, Brussel, kan ik heel moeilijk de eigen openbare omroep ontvangen. Dat is vandaag nog altijd een probleem.

Wat uw houding in dit dossier betreft, zouden we kunnen denken dat u katholiek bent en het evangelie toepast, dat zegt dat u, wanneer men u op de ene wang slaat, u de andere wang moet aanbieden. Maar die optie heb ik geschrapt, want als socialiste zou het mij verbazen dat u katholiek bent. Dus kan ik maar één conclusie trekken: u bent totaal naïef in dit dossier. Dit zal de zaak niet vooruithelpen. U hebt u spijtig genoeg laten rollen in het Elysette. (Applaus bij het Vlaams Belang)

De voorzitter

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.