U bent hier

De voorzitter

Mevrouw Meuleman heeft het woord.

Minister, ik had gedacht dat ik mij vanmorgen nog eens kon omdraaien in mijn bed in de veronderstelling dat het een rustige onderwijsweek ging zijn. Ik dacht dat we vorige week zowat alles gehad hadden. Ik trek mijn krant open en ik zie dat er opnieuw een non-paper is gelekt, dit keer over de lerarenloopbaan. Ik ben er zeer verbaasd over. Ik contacteer een aantal mensen in het veld die ook stomverbaasd zijn over het feit dat die nota er sowieso is. De vakbonden hebben blijkbaar geen weet van een loopbaandebat dat gaande zou zijn. Ze hebben dat ook gezegd in een officieel persbericht.

Deze nota zou een zeer vertrouwelijke nota zijn. Ze zou enkel circuleren binnen de meerderheidspartijen en bij een aantal parlementsleden uit de commissie Onderwijs die ook in die werkgroep zitten die zich buigt over het secundair onderwijs. Die nota komt nu in de pers.

Ik vraag me dan af wat er gaande is. Wie heeft er belang bij? Waarom komt die nota in de pers? Op welke wijze zal het lekken van die nota ervoor zorgen dat het onderwijsveld erbij gebaat is en dat het dossier van het lerarenloopbaandebat dat zo essentieel is voor deze legislatuur, vooruit zal gaan? Wat zit erachter? Zorgt het voor vertraging? Is het een nieuwe operatie ‘beschadiging’? Wat gebeurt er, minister? Hoe zult u, op deze manier en met deze werkwijze, ervoor zorgen dat er aan het einde van deze legislatuur in 2014 concrete maatregelen zullen zijn om het nijpende lerarentekort effectief terug te dringen?

De voorzitter

Minister Smet heeft het woord.

Minister Pascal Smet

Mevrouw Meuleman, ik heb dat net zoals u vernomen. Ik wist het gisteren al tijdens mijn gymuurtje omdat een journalist mijn woordvoerder belde – daar ging dus mijn gymuurtje. Ik ben daar ook niet blij mee, maar het is zo.

We hebben de afgelopen maanden heel hard gewerkt aan die nota. Als u die leest, zult u merken dat er heel goed over is nagedacht. Tot de zomer zijn er met de vakbonden, maar ook met de inrichtende machten, over bijna alle ideeën die in de nota staan, langdurige gesprekken gevoerd. Dat wil niet zeggen dat ze de nota in haar uiteindelijke vorm hebben gezien. In juli is binnen de regering afgesproken om de hervorming van het secundair onderwijs tegelijk met het Loopbaanpact – beiden zijn een beetje met elkaar verbonden – uit te praten. Dat konden we doen omdat er al enig goed voorbereidend werk was gebeurd. Op dit moment zijn we die Loopbaanpactnota op een constructieve manier ook aan het bespreken in de regering. We gaan dat ook blijven doen.

We hebben nog zeventien maanden. Sommigen lijken te denken dat deze Vlaamse Regering nu moet ophouden met regeren. Ik ben in die Vlaamse Regering gestapt, net als mijn collega’s, voor een periode van vijf jaar. Dat betekent dat er nog zeventien maanden zijn om te werken. We zullen de timing volhouden en dat betekent dat we zullen proberen om in januari of februari een regeringsnota klaar te hebben die oriënteert over het Loopbaanpact en waar wij het over eens zijn. Dan kunnen we op een meer formele manier met de vakbonden – dat weten de vakbonden eigenlijk ook wel, en dat zullen ze ook dadelijk opnieuw zeggen want ze zitten op mij te wachten – het gesprek opnieuw opnemen, net zoals we dat met de inrichtende machten zullen doen.

Dat staat nu inderdaad in de krant, en ik kan begrijpen dat sommige mensen dat verkeerd lezen. Sommigen zullen dat met wat fantasie invullen, maar als men de nota goed leest, zal men merken dat het een discussienota is, een evolutieve nota. Dit betekent dat, aan de hand van discussies met verschillende partners in de meerderheid en buiten de meerderheid, men evolueert in ideeën. Als men de nota goed leest, merkt men dat dit heel structurele hervormingen zijn.

Dit betekent dat het wat tijd nodig heeft, dat het wat moet rijpen, dat dit niet holderdebolder moet gebeuren, maar we zijn in ons Vlaams onderwijs op een punt gekomen dat cosmetische ingrepen niet meer volstaan. En als we een aantal zaken willen aanpakken, zoals werkzekerheid, zoals zijinstroom, zoals leerkrachtentekort, dan moeten we aan de structuren raken op een juiste, evenwichtige manier en dit over meerdere jaren. Nu moeten we verder werken, een loopbaanpact proberen af te spreken, en tijdens deze legislatuur ook nog beslissingen nemen over een aantal maatregelen.

Minister, ik vind uw positie niet benijdenswaardig, dat moet ik eerlijk toegeven. U hebt duidelijk zelf niet die non-paper in de pers gebracht, hij was zeer vertrouwelijk, en in zeer kleine kring verspreid. Toch komt die paper in de pers, en dat doet de zaak absoluut geen goed. Ik hoop inderdaad dat u met een aantal zaken zult kunnen landen, maar zal dat lukken met alles wat er in de nota staat? U zegt wel dat u nog zeventien maanden hebt, maar als wij lezen over de gehele hervorming van de scholengemeenschappen, en dat deelaspect zou u rond hebben tegen 2013, en zelfs dat is duidelijk niet gelukt. We zullen in het OD XXIII rond de scholengemeenschappen iets moeten regelen, en iets verlengen, en dit is nog maar een deelaspect van het gehele verhaal rond het lerarenloopbaandebat, of wat er ook volgt.

Minister, we zitten met een dreigend leraarstekort, en het zijn vooral de beginnende leerkrachten, één op drie die binnen de vijf jaar het onderwijs verlaat. Dat is het belangrijkste, en dat moet onze eerste doelstelling zijn. Laten we beginnen met een batterij aan maatregelen die ervoor zorgen dat we dit hebben bereikt tegen het einde van de legislatuur. Dit zou al heel mooi zijn.

De voorzitter

De heer Bouckaert heeft het woord.

Boudewijn Bouckaert

Minister, als ik u goed begrijp, was het niet de bedoeling dat de nota werd gelekt. Dit is een nota die explosief is, met heel ingrijpende voorstellen inzake lerarenloopbaan, en ik vind heel wat voorstellen goed, een verandering van het onderwijslandschap, van de onderwijsnetten. U weet zelf uit ervaring dat dit zeer delicate materies zijn, en dat als zo’n nota wordt gepubliceerd, allerlei instanties meteen hun hakken in het zand planten.

En als die nota onbedoeld gelekt wordt, dan kan ik het niet anders zeggen dan dat dit een gebrek is aan professionalisme, want op die manier jaagt u allerlei instanties tegen u in het harnas, en zult u uiteindelijk de hervormingen niet meer rondkrijgen. Het is hetzelfde als met andere nota’s, minister: maak daar een einde aan, en als u naar buiten komt met een discussienota, moet u dat in eigen handen hebben en ook achter die nota staan.

De voorzitter

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer

Ik ben het eens met de minister van Onderwijs dat het hier een bijzonder interessante discussienota betreft. Wie kan er nu tegen de doelstelling zijn om meer werk te bieden aan jonge leerkrachten?

Ik wil gerust de remedies die ik deze morgen gelezen heb vanuit het veld aanhalen, de mails van jonge leerkrachten die zeggen dat het plan van de minister veel positieve elementen bevat, en die daar zeer uitgebreid op ingaan. Men kan het op verschillende manieren lezen. Mijnheer Bouckaert, als u zegt dat het vrij normaal is dat er zo hevig gereageerd wordt vanuit bepaalde hoek, wil ik u toch even zeggen dat ik in de kranten lees dat het gemeenschapsonderwijs stelt voorstander te zijn van intensievere samenwerking tussen de officiële netten. Het OVSG stelt dat het akkoord kan gaan met het idee om de scholengemeenschappen te versterken en met de piste voor meer samenwerking tussen de drie officiële netten.

Het hangt er ook van af hoe men de zaken leest.

De minister stelt ook zeer duidelijk dat het niet de bedoeling is om van vandaag op morgen alles radicaal om te gooien maar om daar de nodige tijd voor te geven. Dat is trouwens ook mijn reactie en vraag aan de minister. Zet het baanbrekende werk verder, maar neem de nodige tijd voor de voorbereiding en het overleg.

De voorzitter

De heer Van Dijck heeft het woord.

Wim Van Dijck

Voorzitter, los van de inhoud en de soms verregaande voorstellen die in de nota staan, ligt er toch maar alweer een discussienota van minister Smet op de straat. Gelekt, wellicht zelfs vanuit de meerderheidswerkgroep die in de luwte zou moeten werken aan de hervorming van het secundair onderwijs en het loopbaanpact. Een week na het debat over zijn positie, heeft men de minister klaarblijkelijk alweer een hak gezet. Ik begin mij af te vragen of de minister niet een hoofdrol heeft gekregen in een nieuw seizoen van ‘De Mol’.

Ook de reacties van de vakbonden zijn veelzeggend. De Christelijke Onderwijscentrale (COC) stelt gewoon: is er een loopbaandebat? De Algemene Centrale der Openbare Diensten (ACOD) en het Vrij Syndicaat van het Openbaar Ambt (VSOA) hebben het over losse flodders en voorbarige voorstellen, en stellen zelfs gewoon andere prioriteiten. Het lijkt er zeer sterk op dat de minister het vertrouwen van een deel van zijn onderhandelingspartners en ook van een deel van de meerderheid kwijt is. Dan rijst uiteraard de vraag: hoe denkt de minister in deze omstandigheden nog enig resultaat te boeken?

De voorzitter

Mevrouw Vanderpoorten heeft het woord.

Marleen Vanderpoorten

Inhoudelijk vind ik wat ik in de krant heb gelezen, erg interessant en veelbelovend, als men daar voldoende draagvlak voor krijgt, wat niet zo eenvoudig is.

Ik vind het echter bijzonder jammer dat ik die notities weer in de krant moet lezen. We hebben vorige week de beleidsbrief besproken. Daar ging het ook over het lerarenloopbaandebat, maar daar hebben wij die dingen niet kunnen horen. Dat was toch de plaats om daar eens iets over te zeggen? Ik word er een beetje moedeloos van. Ik vraag me af wat ik als parlementslid in de commissie Onderwijs soms zit te doen. Wij stellen maar vragen en wij krijgen altijd het antwoord dat het wel komt en dat het wel komt. We zijn nu drieënhalf jaar na het begin van de legislatuur. Er zijn binnenkort 20.000 leraren te kort en er is nog niets gebeurd. De minister heeft gezegd dat begin 2013 een aantal concrete dingen zouden gebeuren, zelfs als er geen vakbondsakkoord is. Wel, het is bijna zo ver. Ik snap het allemaal niet, ondanks wat de heer De Meyer zegt.

Als die nota dan toch gelekt is, dan vind ik dat wij parlementsleden mogen vragen aan de minister om die nota te mogen inzien en daar in de commissie Onderwijs een debat over te voeren. Ik zal dat morgen trouwens ter sprake brengen in de commissie.

Minister Pascal Smet

Voorzitter, daarstraks zei een parlementslid tegen mij: misschien moet u wat minder democratisch worden en wat minder overleggen. Voor alle duidelijkheid: ik zal dat niet doen. Ik zal blijven overleggen.

Ik vind – dat staat niet in ons regeerakkoord – dat ons onderwijs voor grote uitdagingen staat. Nogmaals, ik ben minister geworden om dingen aan te pakken. Als ik dan vaststel dat als we de hervorming van het secundair onderwijs moeten doen, of als we moeten werken aan de werkzekerheid voor jonge leerkrachten, absoluut een van de prioriteiten, of als we de professionalisering van de schoolbesturen moeten aanpakken, of als we het nascholingsbeleid als onderdeel van die professionalisering moeten aanpakken, of als raden van bestuur in scholen, waar we eigenlijk niets aan te zeggen hebben, klankborden moeten worden voor directeurs, meer dan vandaag het geval is, als we de zijinstroom in onderwijs willen mogelijk maken, als ik inhoudelijke directeurs meer ruimte wil geven om inhoudelijk directeur te zijn, dan hebben we een aantal dingen nodig. Daarbij is er altijd één constante, en dat is de schaalvergroting. Die komt in vele dossiers aan bod.

Ik stel vast dat de afgelopen twee jaar het principe van de schaalvergroting aanvaard is. Dat heeft enige tijd gevergd, maar het is ook een fundamentele verandering in de manier waarop wij naar onderwijs kijken. Het is een bestuurlijke schaalvergroting; dat wil ik heel duidelijk onderstrepen. Sommige mensen denken meteen dat we naar mastodontscholen gaan. Dat is niet de bedoeling. De bedoeling is dat er een bestuurlijke schaalvergroting komt met een bestuur voor meerdere scholen.

Verder wil ik in alle duidelijkheid zeggen – sommige mensen lezen niet goed wat er staat – dat ik niet één onderwijsnet in Vlaanderen wil. De bedoeling is dat er in Vlaanderen nog altijd een vrij onderwijsnet blijft en dat we daarnaast nadenken over hoe we het publieke onderwijsnet kunnen versterken. Dat kan gaan over een intensieve samenwerking of over een nieuw gemeenschapsonderwijs en hoe je dat op een andere manier invult. Er zijn meerdere varianten.

Sommige gemeentebesturen hebben me overigens uitdrukkelijk gevraagd daarover na te denken. Als iedereen in onze samenleving roept dat we structurele hervormingen nodig hebben, dat politici moeten bezig zijn met de lange termijn, dat we maatregelen moeten nemen in een visie, dan kun je mij niet kwalijk nemen dat we die visie aan het ontwikkelen zijn met veel actoren in Onderwijs, en ook met de meerderheid. Aangezien het om fundamentele zaken gaat, die niet in het regeerakkoord stonden op het moment dat de regering is gevormd, maar wel noodzakelijk zijn om de hervormingsagenda die we moeten uitvoeren te realiseren, hebben we tijd nodig. Dat gaan we verder doen.

Je kunt maatregelen nemen naar rechts, dan naar links, dan naar achter, dan naar voor en dan opzij, en uiteindelijk blijven stilstaan, maar dan zijn we niet vooruitgegaan. Ik wil maatregelen nemen waarmee we vooruitgaan. Dan moet je weten waar je naartoe gaat. Ik heb altijd gezegd dat het loopbaanpact iets is voor meerdere legislaturen. Het moet de bedoeling zijn om principes af te spreken en het zal minstens twee legislaturen duren om dat uit te werken. Ik heb ook gezegd dat we tijdens deze legislatuur een aantal maatregelen moeten nemen. De schaalvergroting is een heel belangrijke maatregel. Tegen september 2014 moeten we een nieuw, operationeel in werking getreden decreet over de scholengemeenschappen hebben. Dat is duidelijk. We hebben een timing en dus moeten we daar in 2013 beslissingen over nemen. De meerderheid zal dat ook doen.

Net zoals u, vind ik de werkzekerheid van jonge leerkrachten heel belangrijk. Een van de belangrijkste redenen waarom jonge leerkrachten het onderwijs verlaten, is juist de werkonzekerheid. Welnu, op 1 september 2012, bij de start van dit schooljaar, heb ik heel duidelijk aangegeven dat dit een prioriteit is. Ook dat zullen we dan moeten beslissen. Hetzelfde met de zijinstroom. Je mag niet doen alsof er nog niets is beslist. Morgen zal in de commissie over OD XXII worden gestemd. We hebben beslissingen genomen. In het kleuteronderwijs zijn er maatregelen genomen om het lerarentekort, in het bijzonder voor de vervangingen, aan te pakken. Je kunt niet zeggen dat er geen zaken zijn gebeurd. We hebben ook over de tbs beslist. Dat betekent dat we leerkrachten twee jaar langer actief in het onderwijs houden. Er zijn al maatregelen genomen, we zullen nog bijkomende maatregelen moeten nemen.

Mevrouw Meuleman heeft medelijden met mij, mevrouw Vanderpoorten wordt moedeloos als ze dat allemaal ziet. Wel, ik kan u geruststellen, na de vele reacties van de afgelopen dagen uit de Vlaamse samenleving ben ik meer dan ooit gemotiveerd om te doen wat ik in mijn leven heb geleerd: ‘stay focused’. Ik zal nu ook ‘focused’ blijven. Dat betekent dat we keihard zullen blijven werken. De werkgroep van de meerderheid werkt op een constructieve manier. Gisterennamiddag hebben we op een heel positieve en constructieve manier over het loopbaanpact vooruitgang geboekt. We gaan dat ook verder blijven doen. Vergeet ook niet, mevrouw Meuleman, de prijzen worden aan de meet uitgereikt. En de meet is wat mij betreft juni 2014.

Aangezien iemand de nota aan journalisten heeft gegeven, zullen we die uiteraard ook aan het parlement bezorgen. Dat lijkt me niet meer dan logisch te zijn. Maar met dien verstande dat het om een evolutieve nota gaat die verder moet rijpen, ook in mijn hoofd en bij iedereen die daarbij is betrokken. De uiteindelijke versie zal anders zijn dan de versie die nu op tafel ligt. Uiteindelijk zullen we samen school maken, zoals we in 2009 in de beleidsnota hebben geschreven.

Minister, dit is inderdaad een heel belangrijk debat met heel interessante elementen. Ik zou het debat graag in de commissie voeren.

Ik trek de conclusie dat iemand uit de meerderheid een ‘Kris Peetersje’ wilde doen, en wilde tonen dat de meerderheid schouder aan schouder de urgentie van de hele zaak wilde duidelijk maken. Dat zal wellicht de bedoeling zijn geweest van die demarche. Ik neem er akte van. Ik neem ook akte van het feit dat ook in dit dossier ‘the best is yet to come’. (Applaus bij Groen)

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.