U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 7 december 2011, 15.02u

van Eric Van Rompuy aan minister Geert Bourgeois
115 (2011-2012)
De voorzitter

De heer Van Rompuy heeft het woord.

Eric Van Rompuy

Voorzitter, minister, collega’s, er is wat beroering in de regio en ook in de regionale pers. De gemeente Grimbergen heeft een infoblad uitgegeven over een meldpunt voor taalklachten, dat meldpunt bestaat trouwens al een hele tijd. Ik lees even voor: “Heeft u ergens een Frans opschrift gezien of een andere taal horen spreken, dan kan u dat melden via het meldpunt Klachten van de gemeente Grimbergen.”

Het betreft dus een infoblad. De burgemeester stelt dat indien hij verneemt dat in de gemeente in bepaalde handelszaken een andere taal dan het Nederlands wordt gesproken of indien bepaalde opschriften in het ‘niet-Nederlands’ zijn, hij een vriendelijke brief schrijft waarin staat: “Grimbergen is een Nederlandstalige gemeente, gelieve respect te hebben voor de taal van de bevolking”.

Er is een klacht geweest van de handelaarsvereniging en die heeft het over ‘de kliklijn’. Deze morgen heb ik een artikel gelezen van een collega van ons, van de heer Van Der Taelen, ‘le francophone de service’ nu de heer Van Eyken afwezig is. Het gaat om een groot artikel in De Standaard. De heer Van Der Taelen, een man met een internationale visie, heeft plots ontdekt dat het internationaal imago van Vlaanderen geschaad wordt door het meldpunt in Grimbergen en dat het ingaat tegen de vrijheid van het private taalgebruik in Europa. Het is bijna een artikel om klacht in te dienen bij de Europese Commissie tegen het gemeentebestuur van Grimbergen.

Minister, in de pers stelt men dat dit zal worden aangekaart bij de minister van Binnenlands Bestuur. Ik zou dan ook graag vernemen wat het standpunt van de Vlaamse Regering is over het infoblad en over het meldpunt voor taalklachten.

De voorzitter

Minister Bourgeois heeft het woord.

Minister Geert Bourgeois

Voorzitter, mijnheer Van Rompuy, in tegenstelling tot wat in de pers verschenen is, heb ik geen klacht ontvangen. Ik heb nagegaan of er een beslissing genomen is en er is geen beslissing van het college of van de gemeenteraad. Er is dus geen sprake van enig toezicht.

Ondertussen weet u ook dat de gemeente haar communicatie heeft bijgesteld. Ze heeft me laten weten dat de eerste communicatie ongelukkig was, want het is niet de bedoeling een soort van klachtenbank te installeren. Het gebruik der taal is trouwens vrij in dit land. Je kunt dus geen klacht indienen wegens het niet gebruiken van het Nederlands tussen particulieren. De gemeente heeft ook gezegd dat haar beleid heel positief is en gericht is op integratie en het stimuleren van het gebruik en het leren van het Nederlands. Ze heeft de communicatie verkeerd aangepakt en dus nu bijgesteld.

Op de website heeft ze een nieuwe communicatie gedaan. Het is de bedoeling dat er wordt gemeld wanneer handelaars zich systematisch niet bedienen van het Nederlands tegen hun klanten, of wanneer ze niet-Nederlandstalige opschriften gebruiken. De gemeente spreekt hen daarna aan met de mededeling dat ze in Grimbergen wonen, leven en werken en dat de officiële taal Nederlands is, en vraagt dan om zich te conformeren.

Dat is een heel positieve actie die in de hele Vlaamse Rand wordt gevoerd. Ook de vzw ‘de Rand’ voert dat beleid, maar die laat dat nu over aan de gemeenten. In 2008 is dat onderzocht door gouverneur De Witte. Hij heeft gezegd dat daar geen enkel bezwaar tegen is, dat het niet in strijd is met de Grondwet. Nu de communicatie is bijgesteld, is er geen discussie meer mogelijk.

Eric Van Rompuy

Minister, dit is ook een statement, een richtlijn voor andere besturen, want in de Rand worden wij voortdurend geconfronteerd met vragen over meldingen en de repliek van de gemeente. De gemeente kan inderdaad niet repressief optreden, maar alleen vrijwillig wijzen op het Nederlandstalig karakter. Daarmee komt de discussie in de context waar ze thuishoort, namelijk het promoten van het positief Nederlandstalig karakter van de gemeente zonder dat er sprake is van kliklijnen of aantasting van de rechten van de mens. Dat is de ultieme klacht waar de FDF-mandatarissen mee afkomen op de gemeenteraad.

De voorzitter

Mevrouw De Vroe heeft het woord.

Minister, ik ben heel tevreden met uw antwoord, omdat het de geschreven pers in de juiste context plaatst. Mensen die in de Vlaamse Rand wonen, zijn toch bezorgd over het Vlaamse karakter – en terecht. We moeten onze Nederlandse taal koesteren en beschermen. Een handelaar is vrij te communiceren en zijn product te verkopen zoals hij dat nodig vindt. Maar de nieuwkomers en anderstaligen moeten we de kans bieden zich zo goed mogelijk te integreren. Dat moeten we op een heel positieve manier benaderen, en zeker niet met negatieve communicatie. Ik ben dus verheugd dat u dit in een heel positieve benadering hebt gebracht.

De voorzitter

De heer Demesmaeker heeft het woord.

Mark Demesmaeker

We zijn hier niet Quebec, waar de overheid het gebruik van het Frans aan handelaars en bedrijven oplegt bij wet, en afdwingt met de taalpolitie. Nochtans wordt Quebec niet aan de internationale schandpaal genageld. Bij ons geldt de grondwettelijke taalvrijheid, maar dat neemt niet weg dat het volkomen legitiem is om het Nederlandstalige karakter van onze gemeenten te beschermen.

Vzw ‘de Rand’ doet daar inspanningen voor, de provincie Vlaams-Brabant en sommige gemeenten ook, mijn eigen stad, waar ik zelf verantwoordelijk voor teken, doet hetzelfde. Ik zal dat blijven doen tot de laatste minuut, met de uitdrukkelijke steun trouwens van alle fracties, ook die van Groen!, mijnheer Van Der Taelen.

Ik vind het bijzonder jammer dat u in de val trapt van de Franstaligen door de karikatuur die over ons wordt gemaakt, zelf te voeden. Dat heeft niets te maken met bekrompenheid, noch met heksenjacht, noch met kliklijnen. Stop daar alstublieft mee.

Ik ga u een tip geven: in Brussel is er een meldpunt voor taalklachten, l’Office des Consommateurs Francophones (OCF), een onderdeel van la Maison de la Francité. Dat voert actie tegen de overmatige positie van het Nederlands in Brussel. Stel u voor! In plaats van de gemeentebesturen in de Vlaamse Rand in de rug te schieten, zou u beter daartegen reageren! (Applaus bij het Vlaams Belang, de N-VA en LDD)

De voorzitter

De heer Bouckaert heeft het woord.

Boudewijn Bouckaert

Ik sluit me aan bij de opmerking van de heer Demesmaeker. Het doel is uiteraard goed, namelijk het Vlaamse karakter van Vlaams-Brabant bewaren. Het is zo dat een goed doel niet alle middelen heiligt. Overgaan tot meldpunten of intimidatie is niet de juiste methode. Het beleid moet aansporend en integrerend zijn. De heer Van Der Taelen en zijn fractie zijn tegen meldpunten voor de taal, maar voor meldpunten inzake discriminatie zijn ze razend enthousiast. Dan kan het blijkbaar wel.

De voorzitter

De heer Van Der Taelen heeft het woord.

Luckas Van Der Taelen

Zodra iemand probeert – op een opbouwende manier, meen ik – na te denken of een politiek wel efficiënt is, wordt die uitgescholden voor iemand die gemeentebesturen in de rug schiet of de ‘francophone de service’. Ik ben niet de Franstalige van dienst. Ik probeer u gewoon te confronteren met de realiteit. Als de middenstandsorganisatie geen opmerking had gemaakt, stond nog steeds in die informatiekrant ­– het staat er trouwens nog in – dat wie een andere taal hoort, het gemeentebestuur daarvan op de hoogte moet brengen. Dat is toch moeilijk aanvaardbaar.

Mijnheer Demesmaeker, ik kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor een franskiljons initiatief in Brussel. Als u intellectueel eerlijk bent, weet u dat ik me telkens verzet tegen die Fransdolle FDF in Brussel. Ik heb de heer Maingain vorige week nog publiekelijk geschoffeerd over een aloude belediging aan het adres van de Vlamingen.

Wij Vlamingen moeten hier onder ons – zeker op deze verjaardag – niet te beroerd zijn om eens na te denken over wat het belangrijkste is: onszelf continu gelijk geven of de efficiëntie van een bepaald soort politiek bekijken? Ik denk niet dat men met repressie, met een meldpunt, iets bereikt. (Opmerkingen van de heer Mark Demesmaeker)

Het is geen schot in de rug van de gemeentebesturen in de Rand. Ik heb in mijn artikel gesproken over de problemen die daar bestaan, ook in Halle. Er is een gebrek aan middelen in het onderwijs. Daar moeten we iets aan doen. Dat zal veel efficiënter zijn dan meldpunten en kliklijnen.

De voorzitter

De heer Van Hauthem heeft het woord.

Joris Van Hauthem

Mijnheer Van Der Taelen, kliklijnen, repressie: het is het typische jargon van Le Soir en La Libre Belgique. In dit geval was er een ongelukkige communicatie van de gemeente Grimbergen. Daarover zijn we het eens. Maar elke keer dat die kranten een maatregel ontdekken in de Rand, springen zij daarop om ons in de hoek van de onverdraagzaamheid te duwen en ons internationaal belachelijk te maken. In die context vind ik het bijzonder jammer dat u dat standpunt inneemt. Wat is er fout aan het stimuleren van uw eigen taalkarakter in uw eigen regio? In landen als Canada of Zwitserland is er een andere taalwetgeving, dat kan ik u verzekeren. Zijn dat dan repressieve landen? Zijn dat dan geen democratieën?

Minister, het wordt tijd dat u eens eindelijk voor die lokale besturen een handleiding uitgeeft met de mogelijkheden die gemeentelijke overheden hebben om iets te doen voor het Nederlandstalige karakter. (Applaus bij het Vlaams Belang)

Minister Geert Bourgeois

Mijnheer Van Hauthem, die vraag heb ik beantwoord in de commissie bij de bespreking van de beleidsbrief. U stelt ze nu opnieuw voor de tribune. Ik heb geantwoord dat we daarmee bezig zijn. De gemeentebesturen zijn geïnformeerd. Alleen zal wat nu al ter beschikking is, nog worden geformaliseerd in een handleiding in boekvorm.

Voor de rest herhaal ik dat wij permanent een beleid voeren van ondersteuning, raadgeving en informatie over wat de gemeentebesturen kunnen.

Collega’s, ik stel vast dat er in dit parlement ten gronde een grote eensgezindheid is. Ik stel ook in de commissie Vlaamse Rand altijd vast dat wij, met inbegrip van de heer Van Der Taelen, het er allemaal over eens zijn dat de ontnederlandsing een groot probleem is en dat we er moeten tegen optreden. Enerzijds moeten we dat doen met een beleid van assertiviteit, want we zijn een klein taalgebied en worden geconfronteerd met uiteenlopende talen en sterke taalgebieden, waar het Nederlands altijd maar voor terugwijkt. We moeten dus een vorm van assertiviteit hebben, en die moet beginnen in onze gemeentebesturen.

Anderzijds moet het een beleid van hoffelijkheid zijn, van aansporing. Ik weet uit ervaring – en mensen die in de Rand wonen, weten het nog veel beter dan ik – dat dit beleid helpt. Als die handelaren aangesproken worden, zeggen zij vaak: excuus, wij hebben ons dat niet gerealiseerd, wij hebben een opschrift aangebracht in het Frans, maar we zijn hier inderdaad in het Nederlandse taalgebied. Er zijn handelaren die hun ‘beleid’ op dat vlak volledig omslaan nadat zij gecontacteerd zijn. We moeten de gemeentebesturen daarin ook ondersteunen.

Mijnheer Van Der Taelen, u weet dat ik af en toe een grote supporter ben van wat u schrijft in de krant. Meestal kan ik uw bijdragen zeer goed appreciëren, maar dit was een van uw minder geïnspireerde stukken. Ik ben het niet eens met de teneur ervan. Ik denk dat wij op dit vlak als Nederlands taalgebied, ook tegenover de internationale gemeenschap, deze houding moeten aannemen: het gaat hier over het vormen van gemeenschap, het zorgen dat er één publieke cultuur kan zijn, waar iedereen aan kan deelnemen, waar iedereen het Nederlands hanteert om deel te nemen aan die samenleving en die democratie, om te kunnen praten met de buren. Het is ook een zaak van gelijke kansen. We weten waar de werkloosheid het hoogst is, precies bij die mensen die geen Nederlands spreken. We moeten daar op een rustige, zelfverzekerde manier kunnen en durven mee om te gaan, ook tegenover de internationale gemeenschap.

De actie van de gemeente is goed en goed bedoeld. Ik ben wel blij dat de gemeente op dit vlak haar communicatie heeft aangepast. Daarover ben ik het met u eens.

Eric Van Rompuy

Ik citeer Luckas Van Der Taelen: “Dit gaat volledig in tegen elke Europese regel over de vrijheid van het private taalgebruik in Europa. En iedereen voelt zo aan dat dit een inbreuk is op het recht op privacy.”

Dat hebt u geschreven, mijnheer Van Der Taelen. Omdat in Grimbergen bepaalde mensen zich aangesproken voelen in een handelszaak, of zaken aan de gemeente signaleren, gebruikt u de grote principes van het FDF, van Le Soir, van La Libre Belgique, en geeft u voedsel aan dat soort mensen om zich inderdaad niet aan te passen en om te zeggen: “Il y a en Flandre encore un grand flamand de service.” U geeft hun op dat vlak gelijk. U speelt volledig in de kaart van dat soort francofonie.

Ik ben ontgoocheld. Ik weet wat uw opvattingen ten gronde over Brussel zijn, maar hier hebt u de bal volledig misgeslagen. Sorry, mijnheer Van Der Taelen. (Applaus bij CD&V, het Vlaams Belang en de N-VA)

De voorzitter

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.