U bent hier

De voorzitter

De heer Yüksel heeft het woord.

Veli Yüksel

Voorzitter, collega’s, woonzekerheid is een belangrijke uitdaging en doelstelling van deze regering. Wij kunnen dat alleen maar ondersteunen. Afgelopen maandag, minister, hebt u de oprichting aangekondigd van een huurgarantiefonds. Dat zou tussenkomen bij de betalingsachterstand van huurbetalingen. Dit moet eigenaars beschermen tegen wanbetalers en huurders met betalingsproblemen wat meer respijt geven. Als de vrederechter een financiële bijdrage goedkeurt, zal het fonds gedurende maximum twaalf maanden mee de huur helpen betalen. Dat lijkt me een goed systeem.

We zijn blij, minister, dat u bij deze maatregel zowel rekening houdt met de belangen van de huurders als met die van de eigenaars. De Vlaamse Regering zou 1,5 miljoen euro in dat fonds stoppen. De rest van het geld zal komen van een vrijwillige bijdrage van eigenaars per huurcontract. Het systeem lijkt evenwichtig. Alleen is de vraag hoeveel eigenaars in dat fonds zullen stappen en of hun bijdrage zal volstaan om de uitgaven te dekken.

Ik denk dat u als verantwoordelijk minister een berekening of simulatie hebt laten maken. Kunt u ons meer informatie en cijfers bezorgen over de verwachte stromen in dat huurgarantiefonds, zeker wat de inkomsten en de uitgaven betreft?

De voorzitter

Mevrouw Hostekint heeft het woord.

Michèle Hostekint

Voorzitter, minister, zelf ben ik, net als mijn fractie, altijd een zeer groot voorstander geweest van de verzekering gewaarborgd wonen voor huurders. Destijds heb ik daartoe een voorstel van decreet ingediend, dat hier geen meerderheid heeft gevonden. Ik heb het eigenlijk altijd behoorlijk absurd gevonden dat eigenaars wél een verzekering konden afsluiten om zich in te dekken tegen de mogelijkheid dat ze door ziekte of werkloosheid hun huis niet meer zouden kunnen afbetalen, en dat huurders dat niet zouden kunnen, vooral nu we weten dat het vooral de laagste huurprijzen zijn die de afgelopen jaren zeer sterk zijn gestegen. Het zijn dus vooral de zwakste huurders die zijn getroffen. Het zijn zij die het eerst in betalingsmoeilijkheden komen.

Minister, ik ben dus ook zeer tevreden met het initiatief van het huurgarantiefonds dat u deze week hebt aangekondigd. Uw invalshoek is misschien iets anders dan de mijne destijds, in die zin dat u zegt dat het een bescherming is van de verhuurder tegen wanbetaling door de huurder, maar onze doelstelling is dezelfde, namelijk uithuiszettingen vermijden. Jaarlijks moeten 12.000 mensen voor de vrederechter verschijnen omdat ze hun huur niet meer kunnen betalen. We weten ook dat 3500 mensen daadwerkelijk uit hun huis worden gezet. In dat licht lijkt dit me geen overbodige luxe, maar integendeel een zeer noodzakelijke stap naar woonzekerheid. Minister, hoe en wanneer denkt u dit initiatief te kunnen realiseren en hoe zult u dit financieren?

De voorzitter

Minister Van den Bossche heeft het woord.

Mevrouw Hostekint, zoals u zegt, koppelt dit initiatief inkomenszekerheid voor de verhuurder aan woonzekerheid voor de huurder. Elk jaar opnieuw kunnen duizenden gezinnen hun huur niet meer betalen. Dat is verschrikkelijk voor die huurder, die op straat kan worden gezet, maar ook voor de verhuurder. Niemand trekt met plezier naar de vrederechter om een gezin uit huis te zetten. Dat kost tijd en geld, en dat zijn menselijke drama’s.

Het is de bedoeling dat de verhuurder zich kan verzekeren tegen een probleem dat de huurder zou kunnen hebben om dat huurgeld te blijven betalen. Als de vrederechter beslist dat die huurder nog een tijd in het huis kan blijven wonen, zij het onder voorwaarden, dan kan geld worden geput uit het fonds om een deel van de huur rechtstreeks aan de verhuurder te storten. Zo kan de huurder ondertussen op een leefbare manier zijn achterstallen inhalen en zo mogelijk zelfs in het huis blijven wonen.

Hoe zien we die financiering dan precies? Nu al hebben we daarvoor 1,5 miljoen euro aan Vlaams geld uitgetrokken in de begroting 2012. Ik wil ook dat de verhuurder een bijdrage betaalt, maar die mag niet te hoog zijn. Hoe meer eigenaars zich immers laten verzekeren, des te beter, want zo zijn meer huurders er zeker van dat ze de kans krijgen om, bij inkomensverlies door ziekte of werkverlies, in hun huis te kunnen blijven. Hoe groter ook de solidaire basis is van een verzekering, hoe beter die verzekering kan werken. Daarom is het heel belangrijk dat de prijs voor de verhuurder om met een contract in dat fonds in te stappen, laag genoeg zou blijven. Er moet iets worden betaald, maar niet teveel. Mijnheer Yüksel, mocht dus blijken dat dit fonds een groot succes is en dat we er dus veel geld uit moeten putten, meer nog dan de Vlaamse middelen waarin we nu voorzien en de bijdragen die eigenaars zullen storten, dan zal ik graag en bij voorrang in extra geld voorzien uit mijn eigen middelen. Belangrijk is – dat is zo toch gebleken, ook uit overleg met het Algemeen Eigenaars- en Mede-Eigenaars Syndicaat (AES) – dat zo veel mogelijk eigenaars zouden deelnemen. Dat betekent dat de prijs verhogen voor een eigenaar om in te stappen, neerkomt op de drempel verhogen en dus minder huurders en verhuurders de kans geven te genieten van dit huurgarantiesysteem. Dan wijs ik daar liever uit mijn middelen bij voorrang extra geld aan toe.

Veli Yüksel

Minister, ik dank u voor uw antwoord, maar ik zit nog altijd met de vraag wat u van de markt zou halen. U voorziet zelf in 1,5 miljoen euro, maar wat zou u van de markt halen? Wat zult u daartegenover stellen? Het AES is uiteraard tevreden met de maatregel, maar zegt dat dit een tijdelijke maatregel kan zijn. Er zijn mensen die vandaag problemen hebben om rond te komen. Die moeten we helpen, maar we mogen er ook niet blind voor zijn dat heel veel mensen er misschien ook een gewoonte van maken om hun huur niet te betalen. Het Algemeen Eigenaarssyndicaat zegt dat de huurders misschien ook geresponsabiliseerd moeten worden. Wat gaat u uit de markt halen? Is dit een tijdelijke maatregel of is het er een voor altijd?

Michèle Hostekint

Minister, ik dank u voor uw antwoord.

Mijnheer Yüksel, we weten dat vandaag bijna een kwart van de huurders meer dan één derde van zijn inkomen spendeert aan woonkosten. Een kwart van de huurders leeft dus in een permanente staat van woononzekerheid en zij dreigen natuurlijk als eersten met betalingsmoeilijkheden te kampen. Laten we de emotionele impact niet onderschatten van een uithuiszetting voor gezinnen, maar vooral voor kinderen.

Minister, elke stap die meer woonzekerheid kan bieden aan huurders, en in het bijzonder een woongarantiefonds, is een stap in de goede richting. Ik hoop dat het initiatief heel veel succes kent, dat heel veel eigenaars erin zullen stappen, want de woonzekerheid van huurders kan er alleen maar wel bij varen.

De voorzitter

Mevrouw Van Volcem heeft het woord.

Minister, u wilt 3500 mensen helpen die uit huis worden gezet en u rekent met een minimale achterstand van 2500 euro per jaar en dan kom ik na een vlugge berekening uit op 8,7 miljoen euro. Een garantiefonds van 1,5 miljoen euro zal alleszins ontoereikend zijn.

Ik vind het evenwel een goede zaak dat u zorgt voor woonzekerheid voor de allerzwaksten en dat u tegelijk tegemoetkomt aan de mensen die een tweede of een derde woning verhuren aan die allerzwaksten. 39 procent van de mensen die een woning huren op de private huurmarkt, heeft eigenlijk recht op een sociale woning, maar er is te weinig rotatie in het huidige patrimonium.

Uw tegemoetkoming aan de verhuurders en het feit dat u hen als een partner beschouwt, vind ik een positieve zaak. U voert toch wel een beetje een liberaal beleid uit.

De voorzitter

Dames en heren, voor alle duidelijkheid, het is ook niet de bedoeling dat u van op uw zitplaats papier gebruikt. Het Reglement is daar duidelijk over. Ik kan van hier perfect zien wie zijn teksten afleest en wie niet. (Opmerkingen van mevrouw Mercedes Van Volcem)

Mevrouw Van Volcem, ik heb het niet over u, ik viseer u helemaal niet – dat zou ik trouwens niet durven.

De heer Hendrickx heeft het woord.

Marc Hendrickx

Het is uiteraard een goede zaak, minister, dat u het probleem van privatieve huurachterstal probeert aan te pakken. De heer Yüksel stelt dat het een evenwichtig systeem lijkt te zijn, maar dat is volgens mij nog niet het geval, ook niet na uw antwoord. Een aantal modaliteiten lijken me nogal onduidelijk.

Wat met de huurders achteraf? Het kan toch niet de bedoeling zijn dat dit een systeem is waar zomaar uit kan worden geput en waarbij de huurders vrijuit gaan?

Wat met de verhuurders die zich niet zullen aansluiten? Zullen hun huurders ook beschermd blijven?

Gaat het over achterstallige huur of gaat het over huur die nog moet worden betaald als een huurachterstal werd opgelopen?

Over deze modaliteiten kreeg ik graag nog wat meer duidelijkheid.

De voorzitter

Mevrouw Vogels heeft het woord.

Mieke Vogels

Minister, dit is een belangrijke stap, alle beetjes helpen. Sowieso zal dit maar voor een niche bedoeld zijn, namelijk voor mensen die tijdelijk een lager inkomen hebben en daardoor uit huis gezet dreigen te worden. Het fonds biedt echter geen antwoord aan de mensen die een structureel inkomenstekort hebben om hun huis te blijven huren.

Ik sluit me aan bij de collega’s. Het eigenaarssyndicaat heeft positief gereageerd, maar ik heb ook eigenaars aan de lijn gehad die stellen dat het alweer om aankondigingsbeleid gaat. Mensen die vandaag niet kunnen betalen, denken dat het fonds al operationeel is. Het is altijd weer hetzelfde: er wordt iets aangekondigd zonder dat men weet hoe het echt zal werken en zonder dat men weet wanneer het van start gaat. Ook dat heb ik vandaag niet van u vernomen. Ik wil dus de vraag herhalen: wanneer denkt u dat het fonds operationeel wordt?

De voorzitter

De heer Penris heeft het woord.

Jan Penris

Voorzitter, u vergat me bijna, ik meen nochtans dat ik als voorzitter van de commissie ook een stem in dit debat mag hebben. (Opmerkingen van de voorzitter. Gelach)

Minister, als het huurgarantiefonds een verzekeringspolis is voor de verhuurder, dan kan ik daarmee leven. Het mag echter geen vrijbrief worden voor wanbetalers.

Er wordt hier vaak gesproken over mensen die hun huur niet meer kunnen betalen. Er zijn echter ook heel wat huurders die hun huur niet willen betalen. Die mensen mogen natuurlijk niet door dergelijke waarborgen worden gedekt.

De heer Hendrickx heeft al op de mogelijke juridische consequenties van dit dossier gewezen. Mijn vraag is dan ook wat er na dat jaar gebeurt. Hoe gaat het dan verder? Moet de verhuurder na dat jaar opnieuw een procedure starten?

Er zijn nog onduidelijkheden. Ik hoop dat we daarover van de minister nog meer tekst en uitleg kunnen krijgen. Dat zal misschien niet vandaag, maar later in de commissie gebeuren.

Ik zal proberen alle vragen te beantwoorden. Zonder briefje is het echter niet zo gemakkelijk alles te onthouden.

Ik begin met mevrouw Vogels. Het is zeker de bedoeling dit fonds in 2012 operationeel te maken. Dit is niet zo maar een aankondiging. In de begroting staat een som geld ingeschreven. Het programmadecreet voorziet in de oprichting van dit fonds. Hier is al een traject van een jaar aan voorafgegaan. Het is de eerste keer dat we hierover communiceren. Er is echter voldoende politiek werk verzet om dit ten uitvoer te brengen.

Ik weet dat een dergelijk fonds niet alle problemen van alle mensen zal oplossen. Het biedt een oplossing voor huurders die plots en tijdelijk een inkomstenproblematiek kennen. Het gaat dan om ziekte, werkloosheid of andere omstandigheden die niet kunnen worden voorzien. Voor andere groepen probeert de Vlaamse Regering andere maatregelen te nemen. Dit fonds biedt specifieke mogelijkheden voor een groep die plots in precaire omstandigheden verzeilt.

Er is wat bezorgdheid over eventueel misbruik. Net om die reden koppelen we het toegangsticket voor de uitbetaling aan het voorwaardelijk vonnis van de vrederechter. De vrederechter kan een voorwaardelijk vonnis uitspreken. Hij doet dit trouwens geregeld. Dit voorwaardelijk vonnis laat mensen toe nog een tijd in een huis te wonen indien ze zich aan bepaalde voorwaarden houden. Die voorwaarden kunnen, bijvoorbeeld, bestaan uit een afbetaling van achterstallige schulden en huurgelden of uit het volgen van schuldbemiddeling.

We koppelen de uitbetaling aan een correcte uitvoering van de voorwaarden. Voor wat hoort wat. We helpen mensen in nood met plezier. Tegelijkertijd bieden we de verhuurder een inkomenszekerheid. We verwachten van de huurder evenwel dat hij zijn deel van de inspanningen levert. Hij moet de achterstallen aflossen of andere maatregelen nemen die in het voorwaardelijk vonnis van de vrederechter worden opgelegd. Dit is geen vrijbrief: dit is een begeleidende maatregel voor mensen in nood die zelf hun best doen om opnieuw boven water te komen.

Wat ik van de eigenaars verwacht, is natuurlijk afhankelijk van het aantal eigenaars dat in het systeem wil stappen. Indien de prijs 50 tot 100 euro per contract van drie, zes of negen jaar zou bedragen, is het Algemeen Eigenaars en Mede-eigenaarssyndicaat (AES) van mening dat het mogelijk zal zijn veel eigenaars te overtuigen. Indien het om jaarlijkse bijdragen gaat, zal de prijs een stuk lager moeten zijn.

We hopen voorzichtig op een eigenaarsbijdrage van ongeveer 500.000 euro. Dat is voor mijn geen voorwaarde om dit een goede zaak te noemen. Het gaat er mij niet om hoeveel geld we ontvangen, maar wel hoeveel eigenaars zich aansluiten. Dat moet onze voornaamste betrachting zijn.

Veli Yüksel

De minister heeft al het begin van een antwoord gegeven. De modaliteiten en de voorwaarden moeten volgens mij nog verder worden uitgewerkt. Ik weet dat de verzuchtingen en de problemen van de huurders de minister zorgen baren. Ik hoop dat ze met evenveel enthousiasme naar de door het AES verwoorde grieven en bekommernissen van de eigenaars zal luisteren. We zullen dit in de commissie zeker verder blijven opvolgen.

Michèle Hostekint

Ik dank de minister voor haar antwoord. Volgens mij komt dit tegemoet aan de bezorgdheden van veel verhuurders.

Mijnheer Penris, ik heb er helemaal niet voor gepleit de achterstallen te betalen van huurders die hun huur niet willen betalen. Veel huurders kunnen, omwille van omstandigheden als het verlies van werk of ziekte, hun huur niet meer betalen. Dit staat los van hun eigen wil. Voor die mensen moeten we in een vangnet voorzien. We moeten ervoor zorgen dat die mensen, zeker als het om gezinnen met kinderen gaat, niet op straat komen te staan en uit hun huis worden gezet.

De voorzitter

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.