U bent hier

De voorzitter

Voorstel tot spoedbehandeling

Dames en heren, vanmiddag heeft de heer De Meyer bij motie van orde een voorstel tot spoedbehandeling gedaan van het voorstel van resolutie van de heer De Meyer en de dames Ceysens, Robeyns, Eerlingen en De Waele betreffende het vrijwaren van de uitvoering van goedgekeurde onafhankelijke onderzoeken in de vorm van veldproeven met genetisch gemodificeerde organismen.

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer

Ik hoef hier niet veel woorden aan vuil te maken. Iedereen weet welke feiten zich zondag hebben voorgedaan. Het is bijzonder belangrijk dat we vanuit het Vlaams Parlement een krachtig signaal geven.

De voorzitter

Vraagt nog iemand het woord? (Neen)

Dan stemmen wij bij zitten en opstaan over het voorstel tot spoedbehandeling.

De volksvertegenwoordigers die het voorstel wensen aan te nemen, wordt verzocht op te staan.

De tegenproef.

Het voorstel tot spoedbehandeling is aangenomen. Dan stel ik voor dat het voorstel van resolutie van de heer De Meyer en de dames Ceysens, Robeyns, Eerlingen en De Waele betreffende het vrijwaren van de uitvoering van goedgekeurde onafhankelijke onderzoeken in de vorm van veldproeven met genetisch gemodificeerde organismen onmiddellijk wordt behandeld.

Is het parlement het daarmee eens? (Instemming)

Het incident is gesloten.

De voorzitter

Bespreking

Dames en heren, aan de orde is de bespreking van het voorstel van resolutie.

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer

In Europa wordt bijna 2 miljoen hectare aardappelen verbouwd. De oogst daarvan vertegenwoordigt een waarde van ongeveer 6 miljard euro.

Geschat wordt dat de aardappelziekte in Europa tot een economische schade leidt van ongeveer 1 miljard euro. Voor de Belgische aardappeltelers betekent de aardappelziekte een jaarlijkse kostenpost van grofweg 55 miljoen euro. In ons land wordt jaarlijks een grote hoeveelheid fungicide gebruikt voor het realiseren van een voldoende controle van phytophthora , ruim 1000 ton werkzame stof per jaar.

De ggo-aardappelproef in Wetteren hoopt deze problemen uit de wereld te helpen. Ze wordt uitgevoerd door een groep onafhankelijke wetenschappers en door de Vlaamse overheid. Het gaat over aardappelen waar het resistentiekenmerk, afkomstig van oude variëteiten, tegen de gevreesde aardappelplaag wordt ingeplant in moderne variëteiten. Op die manier kan er tot dertig jaar sneller worden gewerkt dan de oude klassieke veredeling. Dit betekent dat al die jaren tonnen pesticiden vermeden kunnen worden. Uiteraard moet dat met de nodige zorg en wetenschappelijkheid worden uitgevoerd, maar net daarvoor is het onderzoek zo belangrijk.

In het voorliggende voorstel van resolutie verwijzen we naar het decreet houdende de organisatie van de co-existentie van genetisch gemodificeerde gewassen. Dit is tot stand gekomen na meerdere hoorzittingen in het parlement en uitvoerige besprekingen in de commissie en de parlementaire assemblee.

We verwijzen ook naar het besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van de algemene maatregelen voor de co-existentie. We verwijzen naar de belangrijke resolutie betreffende genetisch gewijzigd voedsel en het geven van nieuwe impulsen aan het debat over genetisch gewijzigd voedsel van 3 maart 2004, waaraan een ruim maatschappelijk debat is voorafgegaan.

Ten slotte verwijzen we ook naar de gedachtewisseling van de Commissie voor Landbouw, Visserij en Plattelandsbeleid, over het veldproefproject met genetisch gewijzigde aardappelen, op 27 maart 2011, met de professoren René Custers, Lieve Gheysen, Geert Haesaert en Marc De Loose. Ten slotte verwijzen we naar het persbericht van 27 april 2011, waarin de commissieleden van de commissie voor Landbouw, Visserij en Plattelandsbeleid over alle fracties heen naar aanleiding van de oproep om de veldproef met ggo-aardappelen te vernietigen, hun publieke afkeuring hebben laten blijken voor die oproep.

We stellen dat het wetenschappelijk onderzoek op een bepaald moment ook moet kunnen worden getest, en dat die onafhankelijk, wetenschappelijk ondersteunde en begeleide praktijktests, die gebeuren in een gecontroleerde omgeving en worden gefinancierd met overheidsmiddelen – elk woord telt – zeker moeten kunnen worden uitgevoerd.

We stellen dat meningen kunnen verschillen en dat er vele mogelijkheden zijn om, indien men het oneens is met bepaalde ideeën of beslissingen, zijn onvrede te uiten, maar dat het vernietigen van een dergelijke wetenschappelijke praktijktest onverantwoord is en op geen enkele manier te rechtvaardigen.

We vragen aan de Vlaamse Regering haar onafhankelijk overheidsgestuurd onderzoek naar ggo’s voort te zetten en te waarborgen dat Vlaanderen zijn toppositie inzake biotechnologisch onderzoek kan behouden. We vragen ook om het brede, open en constructieve publieke debat over ggo’s onverminderd voort te zetten.

Ten slotte wil ik verwijzen naar de duidelijke stellingname van de Vlaamse Raad voor Wetenschap en Innovatie (VRWI): “De VRWI heeft zich altijd een voorstander getoond van een onderbouwd en breed maatschappelijk debat, gesteund op een open, transparante en kwaliteitsvolle informatie over wetenschappelijk onderzoek. Deze informatie is essentieel voor een zelfstandige, kritische opbouw van ons denken en wereldbeeld. Ze moet een democratische discussie toelaten die met kennis van zaken wordt gevoerd en die een constructieve dialoog op gang kan brengen. Dit staat in schril contrast met de driestheid waarmee de aardappelveldproef zondag werd vernietigd”, besluit de VRWI.

Collega’s, ik denk dat we best een krachtig signaal geven door unaniem het voorliggende voorstel van resolutie goed te keuren. (Applaus bij de meerderheid)

De voorzitter

De heer Sintobin heeft het woord.

Voorzitter, het is zoals mijn collega hier naast mij zegt: het voorstel van resolutie had ook unaniem ingediend kunnen worden. Maar daarvoor werden wij niet gevraagd. Ik wil voor de collega’s die niet op tijd waren toch nog eens mijn ongenoegen herhalen over het feit dat wij dit voorstel van resolutie niet mee mochten ondertekenen, hoewel wij in de voorbije jaren altijd – en de voorzitter van de commissie Landbouw kan dat bevestigen – een constructieve houding hebben aangenomen. Voorzitter, net zoals de heer Van Hauthem daarnet zei, zal ook ik in de commissie Landbouw mijn constructieve houding in de commissie toch wel even herzien. (Applaus bij het Vlaams Belang)

Voorzitter, wat het voorstel van resolutie zelf betreft: de feiten zijn gekend. Afgelopen zondag hebben de ecoterroristen of, zo u wilt, mijnheer Caron, het ongedierte van de schimmige organisatie Field Liberation Movement het veld met ggo-aardappelen bestormd en beschadigd. Voorzitter, ook mijn fractie betreurt en veroordeelt scherp de vernieling van het proefveld. Deze actie illustreert nog maar eens dat het groene, extreem-linkse fundamentalisme bijzonder gevaarlijk is. Mijn fractie eist dan ook dat deze ‘ecofundi’s’ zwaar gestraft worden en veroordeeld worden voor de aangerichte schade.

Collega’s, de discussie vandaag gaat niet over pro of tegen ggo’s, de vraag is of kritisch en wetenschappelijk onderzoek nog mogelijk is in Vlaanderen. Het uitwerken van een goed beleid en het nemen van juiste beslissingen moet gestoeld zijn op alle mogelijke informatie. Mijnheer Watteeuw, als volgens sommigen dergelijke experimenten niet meer kunnen in Vlaanderen, dan moeten de Europese regels veranderen, waardoor de transparantie zeker in gevaar zal komen.

Voorzitter, ik wil van de gelegenheid ook gebruik maken om de uitspraken van Groen!-Europarlementslid Bart Staes ten zeerste te veroordelen. Mijnheer Watteeuw, parlementsleden die dergelijke acties een vorm van democratische strijd noemen, zijn volgens mij hun mandaat niet waardig. Collega’s, indien ik de logica van Bart Staes zou volgen, dan zou ik op perfect legitieme wijze alle moskeeën in Vlaanderen kunnen platbranden, want ik vind dat moskeeën niet thuishoren in Vlaanderen. Dat de partij Groen! zich nu distantieert van de uitspraken van Bart Staes, is op zich misschien wel een goede zaak, maar het komt bij mij niet echt geloofwaardig over. Deze distantiëring lijkt mij er enkel te zijn gekomen onder druk van de publieke opinie. Ik wil trouwens ook de N-VA oproepen om de uitspraken van Bart Staes te veroordelen, want de N-VA zit samen met Bart Staes en nog enkele andere ‘ecofundi’s’ in de fractie in het Europees Parlement. (Applaus en rumoer)

Voorzitter, mocht daarover onduidelijkheid bestaan: wij veroordelen inderdaad die uitspraken.

Mijnheer Van Dijck, mijn collega Philip Claeys zal in het Europees Parlement een schriftelijke verklaring indienen om dit geweld te veroordelen. Ik ben bijzonder benieuwd of Frieda Brepoels deze verklaring zal ondertekenen. (Applaus bij het Vlaams Belang)

De voorzitter

De heer Watteeuw heeft het woord.

Filip Watteeuw

Voorzitter, wat de heer Sintobin ook zegt, ik voel mij niet aangesproken door zijn citaten van Bart Staes. Er is een officieel standpunt van de partij. Wouter Van Besien heeft zeer duidelijk gezegd dat wij de vernietiging van dit proefveld veroordelen. Ik heb dat de dag zelf ook gedaan. Dirk Peeters heeft dat ook gedaan. De partij heeft maar één standpunt, en dat werd duidelijk verwoord door Wouter Van Besien.

Nogmaals, mijnheer Watteeuw, wellicht onder druk van de publieke opinie. Uw voorzitter roept ook op om naar aanleiding van deze feiten het debat aan te gaan over de problematiek van de ggo’s. Mijnheer Watteeuw, mijnheer Peeters, het debat is al jaren aan de gang. Er worden over dit thema hoorzittingen georganiseerd met alle actoren. In de vorige legislatuur hebben we de discussie gehad over het Co-existentiedecreet. De heer Peeters zal beamen dat ook tijdens deze legislatuur het debat al jaren aan de gang is. De vernieling van dit veld aangrijpen om te pleiten voor dit debat, is in mijn ogen een goedkope verdediging.

Voorzitter, wij kunnen niet anders dan ons stemgedrag te bepalen op basis van de inhoud. Wij zullen dit voorstel van resolutie goedkeuren omdat ook wij aan de Vlaamse Regering vragen om wetenschappelijk onderzoek in Vlaanderen mogelijk te blijven maken. Mijn fractie zal dit voorstel van resolutie goedkeuren, maar ikzelf zal mij onthouden bij wijze van protest tegen het feit dat wij dit voorstel van resolutie niet mee mochten ondertekenen. (Applaus bij het Vlaams Belang)

In de vorige legislatuur hebben we de discussie gehad over het Co-existentiedecreet, en ook tijdens de huidige legislatuur is het debat gevoerd. De heer Peeters kan dat beamen. Het debat is al jaren aan de gang. De vernieling van dit veld nu aangrijpen om te pleiten voor een debat, is in mijn ogen een goedkope verdediging.

Voorzitter, wij bepalen ons stemgedrag op basis van de inhoud. Wij zullen dit voorstel van resolutie goedkeuren, omdat ook wij aan de Vlaamse Regering vragen om blijvend wetenschappelijk onderzoek in Vlaanderen mogelijk te maken. Mijn fractie zal dit voorstel van resolutie goedkeuren, ikzelf zal mij bij de stemming onthouden bij wijze van protest tegen het feit dat wij dit voorstel van resolutie niet mee mochten ondertekenen. (Applaus bij het Vlaams Belang)

De voorzitter

Mevrouw Ceysens heeft het woord.

Patricia Ceysens

Voorzitter, collega’s, het is goed dat deze middag de enige echte democratie zich uitspreekt over wat zondag is gebeurd. Voor mijn fractie was zondag een zwarte dag in Vlaanderen op het gebied van wetenschap en biotechnologie.

Wij zijn in Vlaanderen vaak al te bescheiden, maar we hebben wel één parel, namelijk op het gebied van biotechnologie, met professoren als Marc Van Montagu en Dirk Inzé, die wereldvermaard zijn om hun kennis en kunde op het gebied van biotechnologie en gemodificeerde gewassen.

Ik zeg niet zomaar ‘kennis en kunde’, want na het wetenschappelijke – de kennis – moet je op een bepaald moment ook naar de kunde gaan, en daarvoor zijn die veldproeven cruciaal. Je kunt veel dingen doen in laboratoria, in serres en beschermde omgevingen, maar uiteindelijk is voor veel van deze wetenschappers de finale test het moment waarop zij met hun gewassen naar buiten kunnen.

In 2003 al is door het Instituut voor Samenleving en Technologie (IST) hier in het parlement een soort volksjury bijeengebracht. Men heeft toen het debat heel diepgaand gevoerd, tot en met de bevolking. Dat is geen gemakkelijk debat. Als men mensen bang kan maken, begrijp ik dat het soms heel moeilijk is om voor vooruitgang en innovatie te kiezen, maar deze mensen in de volksjury hebben toch de moed gehad om ‘ja’ te zeggen tegen de mogelijkheden van genetisch gemodificeerde gewassen, maar dat natuurlijk altijd met het hanteren van de nodige omzichtigheid.

Als ik dan zie met welke omzichtigheid wij in Vlaanderen deze veldproeven uitvoeren, kunnen we alleen maar zeggen dat die omzichtigheid gigantisch is. Ik heb zelf het hele proces mogen doorlopen van de populieren van het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB). Er waren momenten dat ik dacht: dit kun je bezwaarlijk nog omzichtigheid noemen, dit is gewoon het afkraken en verhinderen van veldproeven. Maar we moeten ons bij die veldproeven op elk moment aan alle mogelijke voorzorgsmaatregelen houden. Maar als er eenmaal toelating is van een academisch-wetenschappelijke raad die zegt dat de omzichtigheid gegarandeerd is, vind ik het ieders plicht om van die veldproef af te blijven.

Wat we zondag hebben gezien, veroordelen wij zeer scherp. We zijn blij dat dat deze namiddag snel gebeurt door de enige echte democratie, namelijk dit parlement, via het goedkeuren van dit voorstel van resolutie, en door een krachtig signaal te geven dat het onaanvaardbaar is dat in Vlaanderen de parels die we hebben op het gebied van biotechnologie, op deze wijze gekraakt en bezoedeld worden.

Ik ben persoonlijk ook gechoqueerd dat men, na de incidenten van zondag en na het krachtige signaal dat vanuit diverse hoeken is gekomen, het hier niet bij laat en zich voorneemt om ook naar de veldproef met de populieren te trekken. Ik kan de regering alleen maar vragen om de voorzorgsmaatregelen met betrekking tot het bewaken van die velden opdrijft en om geen enkele mogelijke maatregel onverlet te laten om ervoor te zorgen dat dit zich niet herhaalt in Vlaanderen. Want het was zondag voor ons een bijzonder zwarte dag op het gebied van wetenschap, kennis en innovatie, nochtans enige bronnen van welvaart voor iedereen in Vlaanderen. (Applaus bij CD&V en Open Vld)

De voorzitter

Mevrouw Robeyns heeft het woord.

Voorzitter, collega’s, ik wil namens mijn fractie uitdrukkelijk het geweld en het vandalisme van afgelopen weekend veroordelen. Dergelijke methoden zijn voor ons onaanvaardbaar.

Het geeft echter wel aan dat er in onze maatschappij een zekere angst, bezorgdheid en onzekerheid leeft over ggo’s en de eventuele gevolgen ervan op korte en lange termijn voor mens, milieu en biodiversiteit. Het onderzoek moest daar voor verduidelijking zorgen. We mogen die bezorgdheid niet zomaar negeren. De sp.a-fractie pleit daarom voor een breed maatschappelijk debat over de toekomst van ggo’s, maar zeker over wetenschappelijk onderzoek en duurzame landbouw. Dat gaat uiteraard niet in vier minuten. Ik wil namens mijn fractie alvast enkele belangrijke punten naar voren schuiven.

Een eerste belangrijke vraag in deze discussie gaat over de aard van het wetenschappelijke onderzoek dat wij als overheid willen ondersteunen en financieren: welk onderzoek wel en welk niet? Het maatschappelijke nut is hierbij voor ons een basisvoorwaarde. Wetenschappelijk onderzoek moet ten goede komen van zowel de producent, de consument als het leefmilieu. Het moet vooral gericht zijn op toepassingen die maatschappelijk het meeste nut hebben en niet het meeste winst met zich meebrengen. De maatschappelijke meerwaarde primeert voor ons op eventuele economische winsten. Belangrijk is bovendien dat dit onderzoek in een gecontroleerde omgeving plaatsvindt.

Als ggo-onderzoek dus, net zoals onderzoek in de biolandbouw, leidt tot het aanpakken van voedselproblemen, tot het verminderen van pesticidegebruik en tot een versterking van de leefbaarheid van lokale landbouwgemeenschappen en als het bovendien verloopt in gecontroleerde omstandigheden, dan moeten we onderzoek naar al deze vormen van duurzame landbouw stimuleren en permanent evalueren.

Andere belangrijke elementen in deze discussie zijn de intellectuele eigendomsrechten en de toekomst van onze landbouw. Vandaag investeren multinationals vanuit economisch motief in wetenschappelijk onderzoek. Zodra ze een topproduct gevonden hebben, nemen zij daar een patent op. Zo komt de strategische kennis steeds meer in handen van één bedrijf, dat daardoor dan automatisch een monopoliepositie verwerft. Daar worden de landbouwer en de biodiversiteit uiteindelijk de dupe van.

We moeten vermijden dat er monopolies ontstaan op de productie en de verdeling van voedingsmiddelen. Daarom moet juist de overheid investeren in wetenschappelijk onderzoek op vlak van ggo’s, zoals trouwens in Wetteren gebeurde. Wij willen niet komen tot een niet-duurzame landbouw in handen van een paar multinationals, louter gericht op eigen economisch gewin. De sp.a-fractie wil een landbouwbeleid dat sociaal, economisch en ecologisch duurzaam is. Dat betekent dat er, naast de grote agro-industrie, ook ruimte en steun moet zijn voor de kleine, familiale landbouw en de biolandbouw. Ook in de biologische sector is er grote nood aan onderzoek, ook daar moet de overheid investeren in maatschappelijk zinvol onderzoek.

Ik heb tot zover kort een aantal belangrijke aandachtspunten van onze fractie belicht. Het is geen volledig overzicht, maar hiermee willen wij alvast een aanzet geven tot een breed en diepgaand constructief maatschappelijk debat. Over dit onderwerp zijn de meningen tussen de verschillende partijen hier in dit halfrond verdeeld. Die onderliggende meningsverschillen kunnen zelfs verrijkend zijn voor het debat. Maar met deze resolutie willen wij alvast gezamenlijk onze afkeuring laten blijken voor het actiemiddel dat afgelopen weekend gebruikt werd. Het vernietigen van een dergelijke wetenschappelijke praktijktest is, ongeacht de nood aan een maatschappelijk debat, onverantwoord en niet te rechtvaardigen. (Applaus)

De voorzitter

Mevrouw Eerlingen heeft het woord.

Tine Eerlingen

Voorzitter, geachte collega’s, het dossier genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) is zo’n typisch sterk geladen thema waarbij voor- en tegenstanders elkaar regelmatig in de haren vliegen. De argumenten die beide groepen hanteren om hun overtuiging te staven, zijn al langer bekend.

Tegenstanders beroepen zich onder meer op de onzekerheid wat betreft voedselveiligheid van de ggo’s, op de potentiële milieuschade die kan optreden bij de teelt van dergelijke gewassen en op het feit dat multinationals de patenten in handen zouden hebben.

Voorstanders daarentegen zien de ggo-technologie dan weer als een mogelijk antwoord op de steeds toenemende vraag naar voedsel. Toevallig stond er vanmorgen een artikel over de stijging van de voedselprijzen in de krant. Het is natuurlijk niet de enige oplossing, maar de ggo-technologie kan een mogelijke oplossing bieden.

Het is niet mijn bedoeling om het debat over de wenselijkheid van de ggo’s hier te voeren, daarvoor is onze tijd hier te kort. Bovendien is het Europa dat de grote lijnen uitzet. Toch moeten we een aantal principes bespreken. Het feit dat de actievoerders met geweld een goedgekeurd wetenschappelijk project vernietigen, kan bij onze partij alleszins op geen begrip rekenen. Iedereen heeft het recht om zijn eigen mening te uiten, maar die vrije meningsuiting wordt voor alle duidelijkheid beperkt door de regels van de rechtsstaat waarin wij leven. Het kan niet zijn dat enkelingen het heft in eigen handen nemen om projecten die gesteund worden door de overheid, zomaar te vernietigen. Niemand is gebaat met het resultaat waartoe de actie van de Field Liberation Movement heeft geleid. De Vlaamse Regering heeft ondertussen beslist om in een financiële compensatie van 250.000 euro te voorzien, geld dat indien de zaak niet was geëscaleerd, aan andere projecten had kunnen worden uitgegeven.

Wat het standpunt van de N-VA betreft, onderschrijven wij zeker de meerwaarde van nieuwe technologieën zoals die van de biotechnologie, omdat die ook een potentiële meerwaarde kunnen betekenen voor onze economie. We moeten dat durven te erkennen. Vlaanderen hanteert al langer een visie op ggo’s die het voorzichtigheidsprincipe respecteert, en die moet absoluut behouden blijven.

We mogen niet blind zijn voor de ontwikkelingen op het vlak van ggo’s in de rest van de wereld. Vlaanderen bekleedt momenteel een vooraanstaande positie inzake onderzoek en ontwikkeling op dit domein. Dat is kennis die we kunnen exporteren naar het buitenland. Laten we dat ook zo houden: de expertise mag niet verloren gaan. Innovatie is iets dat we moeten blijven ondersteunen, dat werd recent nog onderstreept door de nieuwe beleidsruimte die onder meer wordt ingezet op het domein van onderzoek en ontwikkeling.

Aan de andere kant moeten we dit ook ruimer bekijken dan puur vanuit het economische aspect en moeten we blijvend aandacht hebben voor de eventuele risico’s die aan dergelijke teelten verbonden zijn. Duidelijke randvoorwaarden moeten deze risico’s tot een minimum herleiden. Denken we maar aan afstandsregels en effectieve voorschriften bij het oogsten. Een bijsturing van het beleid op basis van resultaten van veldproeven moet te allen tijde mogelijk blijven.

Laat ons ten slotte ook niet blind zijn voor de tegenstand die er momenteel is. Door een goede communicatie en een open debatcultuur moeten we proberen te komen tot een maximaal gedragen klimaat waarin deze technologie zich verder kan ontwikkelen.

Onze fractie verklaart zich dan ook akkoord met de inhoud van het voorliggende voorstel van resolutie waarbij de actie van de Field Liberation Movement sterk wordt afgekeurd en waarbij aan de Vlaamse Regering gevraagd wordt om de sector van de biotechnologie blijvend te ondersteunen, maar om tegelijkertijd ook het debat over ggo’s ten gronde voort te zetten. (Applaus)

De voorzitter

De heer Peeters heeft het woord.

Dirk Peeters

Voorzitter, collega’s, even een opmerking buiten mijn spreektijd. Neem uw balpen en schrijf in de toelichting bij ons amendement na de letters “GGO” , “-vrij” bij. We hebben het niet over een “GGO-Vlaanderen”, maar over een “GGO-vrij Vlaanderen”.

Veerle Heeren

Mag ik nog een tip geven? Wij hebben in dit parlement ooit een resolutie goedgekeurd tegen het gebruik van afkortingen. Ik ben niet deskundig in de hele milieuproblematiek, maar het is een huzarenstukje om dat te begrijpen, laat staan te lezen.

Dirk Peeters

Voorzitter, collega’s, ik herhaal: Groen! keurt af wat er zondag gebeurd is. Wij hebben daar geen hand in gehad. We hebben vooraf in de commissie unaniem met alle leden de aankondiging van die actie verworpen, omdat een vernieling van het proefveld niet op zijn plaats was.

We verwijten de wetenschappers in dit dossier geen gebrek aan openheid, integendeel. Ze hebben recht op hun onderzoek. Ze hebben dat goed gedaan. Ze hebben ons goed geïnformeerd. Ze zijn het maatschappelijk debat via de media aangegaan. Wat dat betreft, is er voor ons geen probleem. Dat zeg ik voor de duidelijkheid en voor het verslag.

Dit voorstel van resolutie goedkeuren, zoals de collega’s van de meerderheid het nu indienen, is een stap te ver voor ons. In het beschikkende gedeelte, artikel 1, is er sprake van een veralgemening: ‘ggo’s’ in het meervoud, zonder nuancering, zonder specifiëring en zonder randvoorwaarden. Dat zet de deur volledig open en dat willen wij niet.

Daarom dienen we een amendement in. We vragen een breed, open en constructief debat over de toekomst van het ggo, met aandacht voor de afhankelijkheidspositie van boeren ten opzichte van multinationals hier en in het Zuiden, de correcte voorlichting van de consument en het voorzorgsprincipe, om risico’s voor mens, milieu en biodiversiteit te voorkomen. Het ggo-debat gaat veel verder dan dit proefveld met deze aardappelen in Wetteren. Naar aanleiding van dit voorstel van resolutie willen we dat even toelichten.

Willen we evolueren naar een landbouwmodel waarbij de zaden gemaakt worden in een labo, die dan door de boeren bij de multinationals gekocht worden? Nu al hebben tien bedrijven wereldwijd twee derde van de zaadmarkt in handen. Nochtans kan het ook anders, want nu al zijn er door kruising en veredeling aardappelen gekweekt die resistent zijn tegen de gevreesde aardappelschimmel.

Willen we een landbouwmodel waarbij de afhankelijkheid van de boer nog wordt vergroot? Voor de familiale landbouw wordt dit een zeer dure operatie. De grote ggo-giganten zorgen voor een koppelverkoop van zaden en herbicides, met een contractueel verbod op het gebruik van eigen zaaizaad. Dat genetische codes van aardappelen en zaden privé-eigendom worden, is ethisch verwerpelijk en uiterst gevaarlijk voor de landbouwsector zelf.

Collega’s, willen we naar een landbouw waardoor de biodiversiteit nog meer bedreigd wordt dan nu al het geval is? Voor ons landbouwlandschap wordt het een ecologische ramp, want bodem en insectenleven zullen verdwijnen. Ook dit blijkt uit onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek, van de universiteit van Wageningen, ons eigen Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO), de K.U.Leuven en het MINBEE-rapport van professor Jacobs in Gent.

Moeten we de ggo-ontwikkeling ook niet zien in relatie met het arme Zuiden, in de strijd tegen de honger? Er wordt ons al te gemakkelijk voorgehouden dat ggo’s de uitweg zijn in de strijd tegen de honger. Nochtans weerleggen de cijfers en internationaal wetenschappelijk onderzoek die stelling. Oogstverbetering en veredeling hebben resultaat opgeleverd. Herbicidenresistentie heeft in Zuid-Amerika de opbrengst van soja met 5 procent doen dalen, collega’s, niet doen toenemen. Voor insectenresistentie is er hetzelfde probleem. Er waren zeer slechte resultaten voor katoen in India.

De ggo-import vergroot ook de afhankelijkheid van de plaatselijke boeren. Ze worden vaak in hun voortbestaan bedreigd, zelfs zo erg dat de kweek van hun eigen zaad verloren gaat, verboden wordt en dat hun gronden worden opgekocht.

Om het met de woorden van Monsanto zelf te zeggen: “No food shall be grown that we don’t own.” Dat is duidelijk. De multinationals maken van de honger op de wereld geen prioriteit, van hun eigen kassa wel.

Voorzitter, ik zal afronden. Wetenschappelijk onderzoek en innovatie zijn belangrijk, maar, en dat weten ze zelf dikwijls niet, de wetenschap is niet zo waardevrij en onafhankelijk als ze zelf zou willen. Universiteiten verkopen hun ggo-patent aan, bijvoorbeeld, BASF om het te commercialiseren. Wat men onderzoekt, waarin men geld investeert, dat is vaak een keuze met verstrekkende gevolgen. Ze beperkt tegelijk veel alternatieven. In de biologische landbouw dringt zich ook veel onderzoek op. We voeren het niet uit omdat we ons geld hebben geïnvesteerd in deze ggo-technologie.

Collega’s, we zijn en blijven pleitbezorgers van een breed maatschappelijk debat. Mijnheer Sintobin, dat debat wordt, voor alle duidelijkheid, niet gevoerd in de commissie met een PowerPointpresentatie. Dat debat wordt gevoerd met zowel de landbouw, de consumenten en organisaties als BioForum, die zich aandienen om het debat te voeren. Dat is een taak die de Vlaamse Regering zich moet stellen. Ze moet, net als voor de industrie, een staten-generaal organiseren om dat debat over de toekomst van een duurzame landbouw te voeren. (Applaus bij Groen!)

Voorzitter, de heer Peeters kan er natuurlijk niet aan doen dat hij pas sinds 2009 in het Vlaams Parlement zit. Bij de bespreking van de het Co-existentiedecreet tijdens de vorige legislatuur waren er uitgebreide hoorzittingen met alle actoren. Ik wil er toch op wijzen dat ook bij de totstandkoming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid de kwestie van de ggo’s een belangrijk discussiepunt vormt.

De collega van de N-VA zegt dat de beslissingen over ggo’s Europees genomen worden. Ik moet u tegenspreken. Europa voert daarover een zware discussie en tracht nu de beslissing over het al dan niet toelaten van ggo’s terug te schuiven naar de lidstaten.

Mijnheer Peeters, u hebt gelijk. Het debat moet verder gevoerd worden. Maar het wordt al jaren gevoerd in het Vlaams Parlement met alle betrokken actoren.

Jos De Meyer

Voorzitter, uiteraard zal het debat verder gevoerd moeten worden. Als we over enkele jaren negen miljard mensen moeten voeden, dan zeg ik u dat de landbouw intensief en duurzaam zal zijn. Er zullen geen andere mogelijkheden zijn.

Ik wil even verwijzen naar onze sp.a-collega in de Senaat, mevrouw Temmerman, die deze week het volgende heeft gezegd: “De ggo-technologie doet op een snellere manier wat de natuur ook doet en kan bijdragen tot het reduceren van schadelijke stoffen in ons milieu. Bovendien kan het de hongersnood in de wereld verminderen, maar daar liggen sommige milieujongens blijkbaar niet wakker van.” (Applaus)

De voorzitter

Vraagt nog iemand het woord? (Neen)

De bespreking is gesloten.

We zullen straks de stemming over het amendement en de hoofdelijke stemming over het voorstel van resolutie houden.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.