U bent hier

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Minister, op vraag van het Milieufront Omer Wattez heeft de Raad van State een bouwvergunning vernietigd in Overboelare, Geraardsbergen. Blijkbaar is daar een en ander misgelopen. Bij de vergunningverlening is geen waterparagraaf opgenomen in de stedenbouwkundige vergunning. De verkaveling in kwestie ligt in overstromingsgebied van de Dendervallei en vlakbij Habitatrichtlijngebied, en ligt voor de helft in het Vlaams Ecologisch Netwerk.

We weten dat u naar de regering bent gegaan voor een eerste lezing, met een aantal bijsturingen van de watertoets. We weten ook dat de adviezen van de Milieu- en Natuurraad Vlaanderen (Minaraad) en de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) inmiddels binnen zijn en dat ook de evaluatie van de Coördinatiecommissie Integraal Waterbeheer is afgerond.

Minister, zijn er in het arrest van de Raad van State elementen aangereikt waarvan u vindt dat u die alsnog moet meenemen in de tweede lezing met de regering, elementen die de vergunningverlener en de adviesverlener er, hopelijk meer dan vandaag, toe nopen om die watertoets op een effectieve en correcte manier uit te voeren?

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Mijnheer Vandaele, het betreft hier een aanvraag bij het gemeentebestuur om te mogen bouwen mits een ophoging van het volledige perceel. Er is in dat concrete geval effectief een watertoets gevraagd. De watertoets is afgeleverd en was negatief. Men mocht niet het volledige perceel ophogen, omdat dat een te groot effect zou hebben op de ruimte voor water.

De vergunningverlenende overheid, in dit geval de stad Geraardsbergen, heeft toch een vergunning verleend, zij het dat slechts een deel van het perceel mocht worden opgehoogd. Ze hebben echter onvoldoende gemotiveerd waarom dat minder effect zou hebben op de ruimte voor water. Op dat punt is de vergunning vernietigd door de Raad van State, die zegt dat het stadsbestuur onvoldoende heeft gemotiveerd hoe men tegemoet is gekomen aan het negatieve advies van de watertoets. Het probleem zit hem dus niet in de watertoets, maar in de motivatie door de stad Geraardsbergen.

Hoe kunnen we daar nu aan tegemoetkomen? Wat kunnen we doen? Wat staat er in het besluit dat binnenkort voor een tweede principiële goedkeuring naar de ministerraad zal gaan? Eerst en vooral wordt de watertoets verplicht voor veel meer gebieden. Voordien was het facultatief. Het zal in de toekomst verplicht worden om de watertoets aan te vragen. Ten tweede zal het ook veel eenvoudiger zijn om te zien in welke gebieden men ligt. Er komt één kaart die voor heel Vlaanderen van toepassing is. Er komen ook richtlijnen hoe de watertoets opgesteld moet worden, wat erin moet staan, wat er aan alternatieven voorgelegd moet worden.

Het zal altijd nog in laatste instantie de vergunningverlenende overheid zijn die zal moeten motiveren hoe zij tegemoetgekomen is aan de watertoets. Daar kun je niet onderuit. Het zal altijd de vergunningverlenende overheid zijn die de watertoets moet hanteren.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. De adviezen van de SERV en de Minaraad zijn vrij positief en zeggen dat uw aanpassingen transparantie en efficiëntie in de hand werken.

We hopen natuurlijk ook dat dit parlement op tijd klaar zal zijn met de conclusies van de hoorzittingen zodat u daar een aantal elementen uit kan halen voor een tweede lezing door de regering.

De voorzitter

Mevrouw De Vroe heeft het woord.

Voorzitter, minister, ik dank u voor uw antwoord en ik dank de heer Vandaele voor de vraag.

Ik ben heel tevreden dat de heer Vandaele in zijn antwoord de hoorzitting heeft vermeld en de commissie die zich bezighoudt met de waterproblematiek van november en van het voorjaar. De werkzaamheden zijn nog niet afgerond. Ik zou een warme oproep willen doen aan de collega’s uit de commissie Wateroverlast om snel tot conclusies te komen. Bij de start van die commissie hebben we afgesproken om te streven naar een gemeenschappelijke resolutie. Tot op heden zijn we daar nog niet in geslaagd.

Ik hoop dat we zo snel mogelijk een overleg kunnen starten om een definitieve oplossing te zoeken voor de wateroverlastproblematiek.

De voorzitter

De heer Sabbe heeft het woord.

Ivan Sabbe

Voorzitter, minister, ik denk dat het door de vraag en door uw antwoord duidelijk is dat we eens temeer moeten streven naar vereenvoudiging en integratie in één aanvraag waardoor de problematiek in de toekomst makkelijker kan worden aangepakt.

De antwoorden van minister Muyters vond ik een maat voor niets. In de commissie kondigde hij wervelende nieuwigheden aan, maar in de artikels in de pers bleek het toch maar een zeer mager beestje te zijn.

Ik vind het eigenaardig dat we in verband met de watertoets een enkel regionaal geval bespreken. De watertoets moet een integraal deel uitmaken van een en dezelfde unieke aanvraag.

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde

Voorzitter, minister, u weet dat de commissie Leefmilieu en de commissie Openbare Werken een aantal experten heeft gehoord inzake waterbeleid. Eigenlijk hadden ze een eensluidende boodschap: de watertoets is als instrument te zwak en er moeten nieuwe instrumenten komen om ruimte te maken voor water in Vlaanderen.

U verwijst naar de regeringsbeslissing. Ik heb die gelezen en ze gaat inderdaad voornamelijk over de vereenvoudiging van de watertoets. Minister, met die vereenvoudiging gaan we het niet halen. Er zal veel meer nodig zijn om maximaal overstromingen te vermijden in Vlaanderen. U hebt in het verleden meermaals gezegd dat u de watertoets zou vereenvoudigen. Minister, dat is een doekje voor het bloeden.

Minister, ik hoop dat u werk zult maken van een echt waterbeleid. Misschien kunt u eens zeggen wanneer u echte beslissingen zult nemen.

De voorzitter

De heer Martens heeft het woord.

Bart Martens

Voorzitter, minister, in antwoord op collega’s De Vroe en Vandaele denk ik dat we de komende weken inderdaad de landing moeten inzetten van de verenigde commissies rond de wateroverlast zodat het parlement aanbevelingen aan de regering kan formuleren.

Dit specifiek geval toont aan dat de watertoets ook moet kunnen leiden tot ingrepen buiten het betreffende perceel of gebied. Als een vergunningverlenende overheid zegt dat men gaat ophogen zodat een specifiek geval geen wateroverlast heeft, dan verschuift men het probleem. Het zou moeten kunnen worden geremedieerd door dan elders stroomopwaarts in bijkomende waterbergingsruimte te voorzien om wateroverlastproblemen te voorkomen. Eigenlijk zou een waterattest of een watertoets ook het karakter moeten kunnen krijgen van een planologisch attest dat uitmondt in een planningsinitiatief om die bijkomende ruimte voor water te garanderen.

De voorzitter

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Voorzitter, minister, waterberging aan de bron is de eerste belangrijke uitdaging van het waterbeleid waarvan de watertoets een belangrijk element is.

Minister, u geeft aan dat we naar richtlijnen en vereenvoudigde procedures gaan. Dat is op zich een belangrijke stap, maar u hebt beklemtoond dat het toezicht op de uitvoering van de watertoets belangrijk is. De vergunningverlenende overheid is een belangrijke partner, zeker wat de motivering betreft.

Als echter uit de watertoets zou blijken dat er negatieve effecten zijn, dan is het natuurlijk belangrijk, als er toch stedenbouwkundige dingen worden opgelegd ten aanzien van een vergunning, dat die ook worden gecontroleerd. Dan denk ik bijvoorbeeld aan as-builtattesten. Daarover hebben we het in de commissie ook gehad. Dat was ook een element bij de hoorzittingen. Wordt er ook aan gedacht om dat zeker mee in overweging te nemen met betrekking tot eventuele maatregelen die worden opgelegd in vergunningen?

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Het besluit dat binnenkort voor een tweede lezing aan de Vlaamse Regering zal worden voorgelegd, heeft net de bedoeling om van die watertoets een instrument te maken dat de vergunningverlenende overheid daadwerkelijk kan hanteren. Dit zal dus gemakkelijker te gebruiken zijn. Er zullen ook een aantal alternatieven in staan. Bij wijze van spreken met één muisklik zal men kunnen zien op welk gebied men die watertoets moet toepassen en of er een negatief effect is. Op dat ogenblik zal het aanvragen van die watertoets ook verplicht zijn. Dat is dus een heel belangrijke stap voorwaarts. Mijnheer Vandaele, het klopt dat zowel de Minaraad als de SERV daar bijzonder positief tegenover staat.

Daarnaast kijk ik uiteraard ook uit naar het voorstel van resolutie van het Vlaams Parlement. We zullen daar ongetwijfeld een aantal elementen in kunnen lezen, op basis van die hoorzittingen. Mijnheer Sanctorum, ik heb een vraag gekregen over de watertoets. Ik kan onmogelijk naar aanleiding van die vraag over de watertoets in twee minuten het volledige waterbeleid uiteenzetten. U weet dat wij daadwerkelijk werk maken van dat waterbeleid. We maken ruimte voor water. U weet ook dat we naar aanleiding van de begrotingscontrole die nu voorligt in het Vlaams Parlement, 6 miljoen euro extra hebben vrijgemaakt om precies die ruimte voor water te kunnen realiseren, om ter zake een inhaalbeweging te kunnen uitvoeren.

Ten slotte is het natuurlijk ook belangrijk dat we samenwerken met andere beleidsdomeinen. Dan denk ik bijvoorbeeld aan Ruimtelijke Ordening, dat een aantal gebieden bijkomend kan afbakenen. Mevrouw Rombouts, het klopt dat, als er sprake is van een passage in de vergunning naar aanleiding van een watertoets, we nadien ook moeten bekijken of de persoon die de vergunning heeft gekregen, in de praktijk met die aanbevelingen rekening heeft gehouden. Wat dat betreft, geloof ik heel sterk in het as-builtattest. Daarbij wordt na het afronden van de werkzaamheden bekeken of men de vergunning heeft nageleefd, of alle maatregelen die daarin zijn opgesomd, ook daadwerkelijk in de praktijk zijn uitgevoerd. Ik weet dat minister Muyters, die bevoegd is voor Ruimtelijke Ordening, bezig is met dat as-builtattest. Dat is een belangrijk element om mee in overweging te nemen.

Wat de heer Sanctorum zegt, klopt in elk geval: het gaat niet alleen over de watertoets. Er is veel meer nodig dan dat om de problematiek van de wateroverlast te beheersen. Dat weten we. Mevrouw Rombouts heeft eveneens gelijk als ze stelt dat de vergunningverlener toch wel enige verantwoordelijkheid heeft wat dit betreft. Ik citeer wat watering De Gavergracht heeft gezegd in het advies over de vergunning in kwestie: “Betreft het vermelde bouwdossier kunnen we u melden dat dit perceel in een zeer watergevoelige en overstromingsgevoelige zone gelegen is. Bouwen op deze plaats is zeer risicovol. Eigenlijk bouwt men hier in de natuurlijke winterbedding van de Dender.” Als een lokaal bestuur dat een vergunning geeft, daaraan voorbijgaat, dan kunnen we hier met zijn allen beslissen wat we willen. Als die laatste schakel niet werkt, dan hebben we een probleem. (Applaus bij de N-VA)

De voorzitter

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

De plenaire vergadering en de commissievergaderingen zijn in principe openbaar, tenzij anders vermeld. 

U wil een vergadering bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.