U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 27 april 2011, 14.04u

De voorzitter

Algemene bespreking

Dames en heren, aan de orde is het ontwerp van decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009.

Ik wijs de vergadering tevens op de reflectienota die mevrouw De Knop, mevrouw Van Volcem en de heer Gatz hebben ingediend en die krachtens artikel 56, punt 2 van ons reglement mee de basis vormt voor de beraadslaging in plenaire vergadering.

De algemene bespreking is geopend.

De heer Wienen, verslaggever, heeft het woord.

Wim Wienen

Ik zie sommige collega’s al naar de klok kijken, maar ik heb vanavond niets gepland. Dus ik denk bij mezelf: ik ga een uitgebreid verslag brengen van dit decreet. Collega’s, in alle ernst, het is ook geen geheel onbelangrijk decreet. Het is zeer belangrijk.

Op woensdag 16 en donderdag 17 maart, woensdag 23 en woensdag 30 maart, en woensdag 6 april 2011 behandelde de Commissie voor Woonbeleid, Stedelijk Beleid en Energie het ontwerp van decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009. De eerste vier vergaderdagen vonden er hoorzittingen plaats met vertegenwoordigers van onder meer Electrabel, Nuon, Eandis, Infrax, de Organisatie voor Duurzame Energie (ODE) Vlaanderen, de sectorvereniging BelPV voor fotovoltaïsche zonne-energie, COGEN, Voka, de Federation of Belgian industrial energy consumers (Febeliec), de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt (VREG), de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV), de Minaraad, Electrawinds, Essenscia, de Unie van Zelfstandige Ondernemers (UNIZO) en E.ON Benelux. Ik denk dat de vergadering mij ontslaat om verslag uit te brengen van al die hoorzittingen. Ik ga liever over naar de algemene bespreking van het decreet zelf, die op 6 april werd gehouden.

In haar toelichting verwijst minister Van den Bossche voor de technische duiding per artikel naar de memorie van toelichting. Zij meldt dat in 2020 13 procent van onze energie uit hernieuwbare bronnen moet worden gewonnen. Elke vorm van energieproductie heeft hoe dan ook een prijs. Het komt er volgens de minister op aan om die prijs zo laag mogelijk te houden en zo eerlijk mogelijk te verdelen. Het eerste doel veronderstelt een correcte inzet van de juiste technologie voor het juiste doel. Zonnepanelen blijken in dat verband niet zo geschikt voor enorme productie-eenheden maar veeleer voor kleinschalige productie via daken van particulieren. Ten tweede moet de steun aangepast zijn aan de nood. Als de technologie zelf goedkoper wordt, moet de steun evenredig dalen. Daarin voorzag het Energiedecreet van 2009 volgens de minister onvoldoende. Ze heeft dit ontwerp van decreet ingediend om deze situatie recht te zetten.

Minister Van den Bossche zegt dat de Vlaamse Regering oorspronkelijk had voorzien om deze aanpassing al in november 2010 door te voeren via een amendement op het programmadecreet, maar het parlement oordeelde dat dit uiteraard niet de meest geschikte procedure was en dat een apart ontwerp van decreet nodig was.

De regering heeft haar ontwerp gebaseerd op de studie van de Vlaamse instelling voor technologisch onderzoek (VITO) over onrendabele toppen. De ontworpen wijzigingen betreffen dan ook niet alleen de fotovoltaïsche (PV)-installaties, maar ook de biovergisting, die meer steun krijgt. Voor warmtekrachtkoppeling (wkk) beoogt het ontwerp van decreet marktstabiliteit door de minimumsteun op te trekken, de quota te verhogen en de boeteprijs te verlagen. Wat biomassa betreft, krijgen nieuwe bijstookcentrales en omgebouwde biomassacentrales voortaan nog 70 procent van de steun. Voor de centrale van Max Green werd in een uitzondering voorzien. Aan die centrale was eerder al een steun van 100 procent beloofd.

De minister is de commissie dankbaar dat zij amendementen heeft ingediend op basis van de hoorzittingen. De amendementen van de meerderheid strekken volgens haar tot een verdere afroming van bepaalde steunvormen, een hogere transparantie in de facturen van de leveranciers en een hogere steun voor de ondergesubsidieerde beloftevolle technologieën.

Ten slotte wijst minister Van den Bossche erop dat dit ontwerp van decreet een tussenstap is naar de grondige evaluatie van het energiebeleid.

Uit de commissie komen er heel wat vragen en opmerkingen.

Mevrouw Irina De Knop gaat in op de uitspraak van de minister dat dit ontwerp maar een tussenstap is. Zij wil de langetermijnvisie van haar fractie te berde brengen. Die bestaat erin dat de logica en rationaliteit moeten terugkeren in het energiedebat. Het energiebeleid moet een echt beleid zijn, en mag niet neerkomen op onderling tegenstrijdige maatregelen. Rechtszekerheid moet alleszins centraal staan met het oog op het aanmoedigen van investeringen. Uiteraard staat Open Vld achter het principe van de koolstofarme samenleving, aangezien die onder andere onze energieafhankelijkheid vermindert. Mevrouw De Knop vindt dat de rechtszekerheid alleszins centraal moet staan met het oog op het aanmoedigen van investeringen. Het huidige beleid is sinds 2002 ontwikkeld en zeker niet alleen de fout van minister Van den Bossche. Maar de dramatische gevolgen worden nu pas echt zichtbaar. Een duurzaam en sociaal energiebeleid kan nooit gratis zijn, maar moet wel streven naar de hoogst mogelijke kostenefficiëntie en transparantie. Daaraan schort het in het huidige beleid, aldus het lid. Hoe efficiënter het beleid, hoe meer middelen er zijn voor de doelstellingen op het vlak van bijvoorbeeld hernieuwbare energie.

Het uitgangspunt van Open Vld, dat ook anderen schijnen te beamen, is dat het beste kilowattuur een niet-gebruikt kilowattuur is. Het Vlaamse energiebeleid trekt daarvoor in verhouding echter niet genoeg middelen uit.

De doelstelling van een performant klimaat- en energiebeleid is een maximale vermijding van de CO2-uitstoot, niet een maximale opwekking van groene stroom.

De Open Vld-fractie vraagt dus om het langetermijnbeleid op energiebesparing toe te spitsen en het leeuwendeel van de beschikbare middelen daarin te investeren. De minister wil de steun afhankelijk maken van het rendement en de kostprijs van de energiebron, en daarbij voorrang geven aan de duurzaamste energiebron. Het huidige beleid staat daar volgens mevrouw De Knop haaks op zonder dat daarvoor een verantwoording te vinden is. Het leeuwendeel van de steun is bestemd voor de duurste en minst efficiënte vorm van hernieuwbare energie, namelijk die uit PV-installaties.

Dat alleen zonnepanelen particulieren de kans bieden om hernieuwbare energie op te wekken, vindt mevrouw De Knop een vals argument. De Vlaamse overheid heeft volgens haar nagelaten om de kosten en de efficiëntie van haar maatregelen systematisch te analyseren en op basis daarvan het beste scenario te berekenen. De overheid moet volgens de Open Vld vooraf bepalen hoeveel haar energiebeleid mag kosten.

Aan het huidige systeem van groenestroomcertificaten moet op lange termijn een einde komen. Het sorteert immers perverse effecten, verhoogt de energiefactuur, is niet erg rendabel en is bovendien asociaal. Mevrouw De Knop stelt dan ook voor om de steun te beperken tot investeringssteun. Ter wille van de transparantie vindt het commissielid dat het energiebeleid uit de Vlaamse of federale begroting moet komen in plaats van uit de energiefactuur. Ook vindt ze dat steun vooral bestemd moet zijn voor innovatie, onderzoek en ontwikkeling.

Uit de beslissing om injectietarieven af te schaffen, leidt mevrouw De Knop af dat de meerderheid vindt dat netinjecties geen geld mogen kosten aan de injector. Maar zouden we niet eerst, vraagt mevrouw De Knop zich af, het net slimmer maken voor we er energiebronnen op injecteren? In het huidige systeem gaat volgens de collega heel wat energie verloren.

Het commissielid concludeert dat de hoorzittingen pijnlijk de dringende nood hebben aangetoond aan een hervorming van het Vlaamse energiebeleid. Het huidige beleid is financieel onhoudbaar, vooral voor de consument. Volgens mevrouw De Knop is dit ontwerp van decreet niet meer dan een doekje voor het bloeden. De ontworpen wijzigingen aan het Energiedecreet zijn ad hoc en missen ambitie. Een wijziging aan dat decreet zou een opportuniteit moeten zijn om drastischer in te grijpen. Gezien de amendementen die de meerderheid tijdens de vergadering indient, is ook die daar volgens mevrouw De Knop de laatste weken van overtuigd geraakt.

Het zou onverantwoord zijn om elke grondige aanpassing uit te stellen tot de voltooiing van de aangekondigde algemene evaluatie. Vandaar dat de Open Vld een tweesporenbeleid voorstelt met enerzijds snelle maatregelen die de verbruiker onmiddellijk in zijn portefeuille voelt. Onder meer de rechtszekerheid van de investeerders worden veilig gesteld en daartoe moeten alle retroactieve bepalingen uit het ontwerp van decreet verdwijnen. Ook dit is belangrijk voor de geloofwaardigheid van de Vlaamse overheid, want die kan zich volgens mevrouw De Knop niet veroorloven dat de stabiliteit van het investeringsklimaat wordt ondermijnd.

De ontworpen regeling maakt een onderscheid tussen de steun aan een kleinschalige en een grootschalige PV-installatie. De grens wordt vastgelegd op 1 megawatt. Voor dat vermogen is er een enorme oppervlakte nodig, die overigens niets te maken heeft met een decentraal gebruik maar alles met injectie van energie op het net. Dat geldt ook voor de wat minder gigantische installaties en daarom pleit de Open Vld er door middel van een amendement voor om de grens op 250 kilowatt te leggen. Met die grens van 250 kilowatt kunnen nog steeds bedrijven en andere niet-residentiële producenten in deze technologie investeren. Het komt er nu op aan te verhinderen dat er ware zonnepanelenplantages worden uitgebouwd die als enige doelstelling hebben om subsidies te verwerven en daardoor een enorme druk leggen op de elektriciteitsprijzen.

Voorts stelt mevrouw De Knop voor om de steun voor installaties van meer dan 250 kilowatt helemaal af te schaffen. Dat zou volgens haar paal en perk stellen aan de oversubsidiëring van deze dure technologie. De partij heeft alleszins niet de intentie om de PV-sector te doden en gelooft dat deze een toekomst heeft, maar het steunbeleid moet volgens Open Vld kostenefficiënt zijn.

De heer Decaluwe vindt dat de fractie van mevrouw De Knop zich constructief opstelt, maar wil haar er wel attent op maken dat deze Vlaamse Regering heeft ingezien dat het in 2002 ingevoerde systeem aan zijn eigen succes ten onder dreigt te gaan. Dit ontwerp van decreet vormt maar een eerste stap, in afwachting van de decretaal vooropgestelde evaluatie die aanleiding kan zijn van een grondige koerswijziging van het beleid.

Voorts vindt de heer Decaluwe dat zich een groot perceptieprobleem voordoet. Tot voor kort was het hip om in zonnepanelen te investeren. Nu worden dezelfde investeerders bijna als profiteurs afgeschilderd. Dat gebeurt ten onrechte. Daarnaast zijn er de grote zonneparken waarin zelfs pensioenfondsen investeren. Met milieudoelstellingen heeft dat volgens de heer Decaluwe niets te maken, met harde rentabiliteit daarentegen alles.

De hoorzittingen hebben volgens de heer Decaluwe uitgewezen dat de gevolgen van dit ontwerp van decreet veel verder reiken dan enkel de sector van de zonnepanelen. Een ongeamendeerde goedkeuring van het ontwerp van decreet zou de rechtszekerheid voor al gedane investeringen op basis van de bestaande regelgeving onderuithalen. Het zou onverstandig zijn dit alles op de helling te zetten. Ook in de toekomst moet iedereen die in hernieuwbare energie investeert, rechtszekerheid kunnen genieten.

De heer Decaluwe vindt transparantie in deze context heel belangrijk. Electrabel maakt reclame voor zijn zogenaamd goedkopere groene energie, maar in de vergelijkende tests blijkt die juist duurder. Er is dus nood aan duidelijkheid.

Het stoort de heer Decaluwe dat de netbeheerders Eandis en Infrax de zwartepiet toegeschoven krijgen. Die bedrijven voeren per slot van rekening alleen uit wat de overheid hen oplegt.

Als het erop aankomt om zowel sociale als milieudoelstellingen te halen, dan zal zeker blijken dat isolatie het meest efficiënte middel vormt. De heer Decaluwe beseft ook dat het voorliggende ontwerp van decreet geen grote revolutie is, maar het is alleszins een stap in de goede richting. Het fundamentele debat en de beslissingen die daaruit voortvloeien, worden voor het najaar gehouden, wanneer de evaluatie is afgeleverd.

De heer Sanctorum constateert dat groene stroom onder vuur ligt. Hij vindt dat de media het debat niet bepaald eerlijk voeren. Niet Eandis maar de mensen met zonnepanelen worden nu geculpabiliseerd, terwijl de overheid hen net had aangezet om te investeren in hernieuwbare energie. Dat de nucleaire winsten een veelvoud van de kosten van zonne-energie bedragen, leidt hooguit tot een gelaten reactie.

Hetzelfde geldt volgens de heer Sanctorum voor de vaststelling dat een omgebouwde steenkoolcentrale structureel wordt overgesubsidieerd. Ook het voorliggende ontwerp van decreet aanvaardt dit principe vanuit het oogpunt van rechtszekerheid. Het beleid hanteert volgens hem twee maten en twee gewichten.

De aanrekening van extra kosten door Eandis wordt intussen afgedaan als een technisch gevolg van politieke beslissingen. Nochtans is hier ook de verdeelsleutel van de kosten van belang.

De voorliggende tekst is de naam ontwerp van decreet onwaardig, aldus de heer Sanctorum.. Het is hooguit wat knip- en plakwerk, zeg maar een draak van een compromis. In plaats van een fundamentele visie bevat het een onontwarbare knoop. Het opstarten van een volwaardige evaluatie maakt hopelijk een einde aan het tot hiertoe gevoerde knip- en plakwerk. Het doel moet erin bestaan dat de ontwikkelingskansen voor groene stroom worden hersteld en dat het maatschappelijke draagvlak opnieuw gestalte krijgt. De heer Sanctorum vreest dat als we wachten op de grondige evaluatie en decretale herziening, een en ander te laat zal komen.

Het ondersteuningsbeleid voor groene stroom op basis van certificaten is op zich waardevol, maar is te duur en vatbaar voor verbetering. De heer Sanctorum haalt het Waalse aan als een goed voorbeeld voor Vlaanderen zou kunnen zijn.

Dat certificaten een effect blijven hebben op de elektriciteitsfactuur, is volgens de heer Sanctorum onvermijdelijk. Er is ook een probleem inzake transparantie. Hij heeft al vaker gepleit om prioriteit te verlenen aan een isolatiebeleid. Tot slot wil hij nog altijd een lans breken voor zonne-energie omdat ondanks onze noordelijke ligging de zon nog altijd de krachtigste duurzame energiebron is. De energetische opbrengst per vierkante meter ligt heel wat hoger dan die van biomassa.

Anderzijds zijn volgens hem de zonnepanelen nog steeds duurder, maar de prijs is aan het dalen, terwijl de brandstofprijzen die een effect hebben op de biomassa-installaties, blijven stijgen.

Ten tweede is ook de CO2-uitstoot ten gevolge van de levenscyclus van het gemiddelde zonnepaneel systematisch aan het dalen. De bewering dat zonne-energie heel inefficiënt en zelfs weinig ecologisch zou zijn, doet de waarheid geweld aan volgens hem.

De heer Penris oordeelt dat dit ontwerp van decreet neerkomt op een bijsturing van een falend beleid. Hij maakt er gewag van dat hij al meermaals heeft gevraagd om daar in de plenaire vergadering een actualiteitsdebat aan te wijden, maar dat het altijd werd verwezen naar de lopende bespreking van het voorliggende ontwerp van decreet. Maar misschien is dat uiteindelijk wel een goede zaak, aangezien de SERV zijn uitgebreide rapport over het energiebeleid bekendmaakte. Mede op basis daarvan zal de heer Penris bij de plenaire behandeling van het ontwerp van decreet de algemene visie van het Vlaams Belang op het energiebeleid bekendmaken.

Vandaag volstaat voor de heer Penris de stelling dat falend beleid moet worden bijgestuurd. Daarom is hij niet tegen het ontwerp van decreet gekant, maar aangezien het beleid heeft gefaald, zal het Vlaams Belang dit niet goedkeuren en zich onthouden bij de stemming.

Mevrouw De Knop heeft volgens de heer Penris een punt door erop te wijzen dat dit beleid een verdoken belasting veroorzaakt. Die viel te vermijden door de kosten van het groenestroombeleid in de Vlaamse begroting onder te brengen. Ook de opmerking van de heer Decaluwe over een perceptieprobleem beaamt de heer Penris. Het beleid is zich er niet van bewust hoe erg het met die perceptie is gesteld. De aangekondigde verhoging van de maandelijkse tarieven van Eandis met 6 euro leidt tot grote ontevredenheid over het gevoerde energiebeleid.

Mevrouw Homans deelt mee dat de meerderheidsfracties belangrijke amendementen hebben ingediend. Zo strekt een amendement ertoe de transparantie te verbeteren, door de leveranciers te verplichten duidelijk te maken welke kosten ze in het kader van de groenestroomverplichtingen aan de consument doorrekenen. Een ander amendement betreft de eindigheid van de steun. In de huidige regeling blijft het voor een producent na het vervallen van de minimumprijs nog steeds mogelijk om certificaten op de markt te verhandelen aan het markttarief. Ook dat komt neer op een vorm van subsidie, die niet oneindig kan worden gerekt. Nog andere amendementen hebben tot doel dat er niet retroactief in investeringen wordt ingegrepen.

Het commissielid beaamt dat energiebesparende maatregelen een hoge prioriteit verdienen, maar herinnert eraan dat Europa naast de doelstellingen op dat vlak ook aparte doelstellingen betreffende hernieuwbare energie heeft opgelegd.

Mevrouw Homans resumeert dat de Vlaamse Regering een nuttig ontwerp van decreet heeft ingediend, dat de meerderheidsfracties via amendering nog willen verbeteren. De minister heeft intussen een grondige beleidsevaluatie aangekondigd, waarin alles bespreekbaar zal zijn. De maatregelen die daaruit voortvloeien, zullen nog verder gaan dan wat tot nu toe is besproken.

De heer Bart Martens stelt vast dat er heel wat misplaatste verontwaardiging is en overloopt de geschiedenis van het energiedecreet, hoe een en ander tot stand is gekomen. Hij gaat ook in op de standpunten die sommige partijen in het verleden hebben ingenomen. Er ontspint zich een debat tussen Open Vld en het lid van Groen! over welke beweringen nu juist zijn en welke niet. Misschien is het voor de bespreking van dit ontwerp van decreet minder nuttig om daarvan exhaustief verslag uit te brengen.

Mevrouw Heeren zegt dat gezinnen met zonnepanelen niet de dupe mogen worden. Het is niet zo dat bijna iedereen zich zonnepanelen kan veroorloven. Dat is volgens haar niet het geval.

Tot slot komt mevrouw Van Volcem ook nog tussen over het feit dat zij de Vlaamse Regering reeds vanaf januari in de commissie op de hoogte heeft gebracht van de problematiek van de financiering en ondersteuning van de zonnepanelen, maar dat de leden blijkbaar geen interesse hadden. Ze brengt dan ook een heel verslag over welke maatregelen ze heeft geprobeerd te nemen om tot hoorzittingen te komen en hoopt dat de commissievoorzitter in het vervolg niet meer zal talmen om hoorzittingen over dergelijke essentiële thema’s te gaan agenderen. Aan de andere kant maakt de commissievoorzitter Penris mevrouw Van Volcem er op attent dat zij als volksvertegenwoordiger natuurlijk over alle middelen beschikt om de nodige initiatieven te nemen en dus eventueel ook een voorstel van decreet in te dienen.

Collega’s, de minister antwoordt op de opmerkingen van de collega’s dat ze absoluut akkoord gaat met de voorkeur voor de oplossingen op lange termijn, zolang die maar gebaseerd zijn op gedegen studiewerk. Ze verwijst daarmee naar de evaluatie van het energiebeleid en de gegevens die daarvoor zouden beschikbaar zijn, nog voor het zomerreces. Ze maakt zich dan ook sterk dat de conclusies van deze evaluatie in het begin van het volgende zittingsjaar getrokken kunnen worden. Dat is voor een dergelijke hervorming een zeer ambitieuze timing.

Wat de kostprijs betreft, merkt de minister op dat energieproductie altijd een prijs zal hebben, ongeacht welke technologie daarvoor moet zorgen.

Tot slot beginnen we dan aan de artikelsgewijze bespreking, ook met de amendementen die zowel door de meerderheid als door de oppositie zijn ingediend. Voor de algemene bespreking en het weergeven van de standpunten van de verschillende fracties is het misschien minder nuttig om daar een uitgebreid verslag van te brengen. Bovendien zijn de ingediende amendementen reeds aan bod gekomen in de algemene besprekingen.

Tijdens de behandeling van het ontwerp van decreet op woensdag 6 april zijn er 22 amendementen ingediend. De commissie stelde voor om de stemming over amendementen uit te stellen tot de volgende dag waar er ook nog een zitting van de commissie was gepland. De meerderheid van de aanwezige commissieleden besliste om de stemming over deze amendementen toch te laten plaatsvinden. Uit protest tegen deze procedure en tegen deze gang van zaken heeft mevrouw De Knop een reflectienota aangekondigd. U kunt ze vinden in bijlage bij dit verslag. (Applaus bij het Vlaams Belang, de N-VA en CD&V)

De voorzitter

Mijnheer Wienen, ik dank u.

Mevrouw De Knop heeft vanmiddag de eed afgelegd als burgemeester van de belangrijke gemeente Lennik en is daardoor vandaag wegens ambtsverplichtingen verontschuldigd.

Wim Wienen

Voorzitter, ik ben de uitslag van de stemming vergeten te vermelden, en dat is toch wel nuttig bij de bespreking van een ontwerp van decreet.

Het geamendeerde ontwerp van decreet tot wijziging van het Energiedecreet van 8 mei 2009 wordt in de commissie aangenomen met 8 stemmen voor en 1 stem tegen, bij 5 onthoudingen.

De voorzitter

Ik denk dat de heer Wienen een zeer uitgebreid verslag heeft gegeven over de werkzaamheden in de commissie. Ik hoop dat u in uw betogen een aantal andere accenten zult leggen. U bent natuurlijk vrij om te zeggen wat u wilt. Het heeft echter weinig zin om datgene wat de heer Wienen heeft verteld, nog eens naar voren te brengen.

De heer Decaluwe heeft het woord.

Carl Decaluwe

Voorzitter, minister, collega’s, ik wil eerst en vooral de heer Wienen van harte danken voor het uitgebreide verslag. Het lijkt misschien langdradig, maar wegens de commotie van de voorbije weken rond die problematiek, is dit verslag meer dan op zijn plaats.

Minister, het heeft nogal wat voeten in de aarde gehad om dit ontwerp van decreet betreffende het Energiedecreet hier in de plenaire vergadering te krijgen. Een pluspunt van het huidige certificatiesysteem is dat er nu bijna twintig keer meer zonnepanelen liggen dan voorheen. Dat kunnen we rustig zeggen. Een minpunt is dat de elektriciteitsverbruiker daarvoor in de komende jaren een enorme kost zal moeten betalen. Voor mij moet er een maatschappelijk evenwicht worden gevonden tussen de groenestroomstimuli en het effect op de eindprijs. Dat evenwicht is moeilijk te vinden. Momenteel is het nog onbestaande.

Sedert de stemming in de commissie zijn er verklaringen afgelegd. Tijdens het paasreces heb ik met bijzondere aandacht veel interviews met u gelezen, minister. Ik stelde vast dat u dezelfde analyse maakte rond dat delicate evenwicht en de kostprijs. Ik heb ook enkele verbazingwekkende paragrafen gelezen. U had blijkbaar enige twijfel rond de politieke keuze voor de steun aan zonnepanelen. De politieke keuze van toen, onder impuls van Steve Stevaert in een vorige regering, was mijns inziens een goede keuze. Op een of ander manier moest die nieuwe technologie in de markt gebracht worden. Ondertussen is de privésector van de zonnepanelen bijzonder succesvol. De politiek heeft misschien verzuimd om die steun voldoende snel af te bouwen. We weten allemaal waarom het zo is gelopen.

Wat me opviel, minister, is dat na het interview en alle mogelijke reacties erop, niemand nog tevreden was. Noch de eigenaars van zonnepanelen, noch de mensen zonder zonnepanelen, noch de producenten, noch de installateurs. Kortom niemand. Dat is natuurlijk spijtig, maar goed. Ik vind het ook spijtig dat door heel de heisa van de voorbije maanden de mensen met zonnepanelen eigenlijk gestigmatiseerd worden. Enkele jaren geleden waren mensen die investeerden in zonnepanelen milieubewust en hip. Vandaag worden ze afgeschilderd als profiteurs. Dat is begonnen met een tv-programma over twee buren, de ene had wel en de andere had geen zonnepanelen.

Ik heb daar misschien een goed voorstel voor. Ik heb het gehaald bij onze partijvoorzitter, Wouter Beke. Hij heeft ook zonnepanelen en zijn buren niet. Hij krijgt ook de commentaar: wij betalen mee voor uw zonnepanelen. Beke heeft een oplossing bedacht. Met de waarde van zijn eerste certificaat gaat hij voor heel de buurt een barbecue geven. Dat is misschien geen slecht idee. Stevaert heeft ook iets met barbecues, het komt uit Limburg, het zal dus niet slecht zijn.

Wat ik als CD&V’er wel wil benadrukken, is dat we aan iedereen rechtszekerheid moeten geven. Wie zonnepanelen heeft, behoudt gegarandeerd zijn certificaat. De media laten uitschijnen dat dat allemaal in vraag wordt gesteld. Dat is niet zo. Wie een certificaat heeft, particulieren en bedrijven, behoudt dat, zoals afgesproken. Dat is tot nu toe onvoldoende naar voren gekomen.

Een andere paragraaf uit uw interview, minister, dat ik met enige verbazing heb gelezen, is de ommezwaai van zonnepanelen naar windmolens. Op zich klinkt dat goed, maar we moeten met onze voeten op de grond blijven en niet de indruk creëren dat windenergie goedkoop zal zijn. Iedereen die het dossier volgt, weet immers dat de aansluitingskosten en de impact op de distributienettarieven nog hoger zal zijn dan bij zonnepanelen. Alles, vooral de offshore-installaties, zal geld kosten. Bovendien is de inplanting van 300 bijkomende windmolens niet zo evident. De vraag is of er ook een maatschappelijk draagvlak is. Het belangrijkste is dat het misschien hoogdringend wordt dat Vlaanderen eindelijk zijn eigen ‘wind plant’ heeft en dat men eindelijk weet dat als men investeert in windmolens, men snel en op een efficiënte manier een investering kan doen. Nu wordt men vaak van het kastje naar de muur gestuurd. Het is belangrijk dat de Vlaamse Regering daar prioritair werk van maakt. Dat is misschien wat terzijde, maar ik hoop dat we het debat over hernieuwbare energie ten gronde kunnen voeren, en zeker de relatie met de distributienettarieven. Dat zal in het najaar gebeuren, denk ik.

Terug naar het Energiedecreet. We weten dat ons certificatensysteem op dit moment een aantal beperkingen heeft die leiden tot onnodige kostenverhogingen, oversubsidiëring en vaak perverse effecten. Ten aanzien van de zonnepanelen mogen we niet vergeten dat de fiscale overheid ook een fiscale aftrek geeft, dat Vlaanderen dat steunt via de certificaten, dat provincies nog altijd op een of andere manier ondersteuning geven voor zonnepanelen en dat ook gemeenten nog eens steun geven. De vraag is of vier verschillende overheidsinstanties niet van het goede te veel is. Getuige hiervan de problematiek in verband met de stijgende distributienettarieven door het succes van de zonnepanelen en het rapport van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV). Het is de verdienste van de minister en het hele parlement dat we al een eerste stap zetten om de druk op de tarieven te doen dalen.

Een belangrijk element is dat de oversubsidiëring van bijvoorbeeld middelgrote en grootschalige fotovoltaïsche installaties wordt aangepakt terwijl andere beloftevolle technologieën op een kostenefficiënte manier meer steun zullen genieten. Dat geldt bijvoorbeeld voor biogas uit vergisting van mest-, landbouw- en tuinbouwstromen of biogas uit de gft-vergisting (groente-, fruit- en tuinafval). Biogas is heel belangrijk voor de landbouwsector. Het nieuwe Mestactieplan (MAP) zal er immers voor zorgen dat er misschien nog een grotere nood is aan mestverwerking. Dit decreet biedt een toekomst aan de bestaande biogasinstallaties om ze levensvatbaar te houden en creëert een bijzonder positief klimaat voor nieuwe investeerders. Vooral het laatste is er gekomen, over partijgrenzen heen, via de commissie na de hoorzittingen. Dat bewijst dat hoorzittingen hun waarde kunnen hebben.

De aanpassingen aan de boetewaarden, de minimumsteun en de quota zorgen ervoor dat grote lopende projecten en contracten niet in het gedrang komen. We hebben dat vooral via amendementen geregeld, over de partijgrenzen heen, omdat de rechtszekerheid ook ten aanzien van investeerders gegarandeerd wordt, zowel voor de bestaande als de nieuwe installaties. Dat is belangrijk voor de CD&V-fractie.

Wat de problematiek van de zonnepanelen zelf betreft, ga ik niet herhalen wat de heer Wienen al naar voren heeft gebracht. We hebben belangrijke stappen gezet bij het opsplitsen tussen kleinere en grote installaties en het ontmoedigen van de grotere installaties omdat het vandaag te veel als een beleggingsproduct wordt gezien. We moeten de kleinschalige zonnepanelen voor de gewone gezinnen blijven aanmoedigen, zij het aan een realistische kostprijs.

Het blijkt dat de energieleveranciers vaak meer kosten voor de groenestroomverplichtingen in de factuur doorrekenen dan ze in werkelijkheid hebben gemaakt. Ook die praktijk wordt via amendementen geregeld. Mevrouw Homans, ere wie ere toekomt. De Vlaamse Reguleringsinstantie voor de Elektriciteits- en Gasmarkt (VREG) zal via die amendementen de werkelijke kosten publiceren op haar website. Zo kan de verbruiker nagaan of de leverancier wel de juiste kosten heeft aangerekend.

Dit decreet anticipeert slechts op een klein gedeelte van de problematiek. We moeten het debat durven opentrekken en veel ruimer bekijken. Het debat moet betrekking hebben op alle beleidsmaatregelen die een invloed op de energieprijzen uitoefenen. De evaluatie in de loop van het najaar moet op dit vlak duidelijkheid scheppen.

Voor de CD&V-fractie moeten dan nagels met koppen worden geslagen. Alle heilige huisjes moeten onder de loep worden genomen. Dit geldt in het bijzonder voor de efficiëntie en de effectiviteit van de prijscomponenten in de diverse beleidsmaatregelen. In de loop van de vorige legislatuur is mijn pleidooi maar al te vaak weggewuifd en gerelativeerd. De argumenten waren dat de DNB-tarieven bedragen slechts een derde van de factuur. De REG-acties vertegenwoordigen slechts 3 procent van de distributienettarieven. De gratis toekenning van 100 kilowattuur betekent slechts 4 procent. De groenestroomcertificaten voor fotovoltaïsche cellen maken slechts 10 procent van de factuur uit.

Die argumenten blijken nu onterecht. Indien de prijsstijging voor het gemengd netgebied in absolute cijfers wordt uitgedrukt, blijkt het om 6 euro per maand of 72 euro per jaar te gaan. Dit is gebleken uit een enquête van Test Aankoop. Iedereen schreeuwt dan moord en brand. In het Vlaams Parlement hebben bepaalde fracties hier twee of drie jaar geleden al voor gewaarschuwd.

Ik wil benadrukken dat Eandis niet als de boosdoener moet worden geviseerd. Er zitten trouwens enkele eminente bestuurders van Eandis in de zaal. Dat de distributienettarieven in

verhouding tot de andere gewesten en onze buurlanden hoger liggen, is enkel aan de maatschappelijke kosten van de sociale en ecologische aspecten van het energiebeleid te wijten. Die kosten worden in de tarieven en in de door de politiek opgelegde taksen en heffingen doorgerekend. Dat is de oorzaak.

Ik vind het bijzonder moedig dat de minister in een interview stelt dat de sterk stijgende distributienettarieven de verantwoordelijkheid van de politiek zijn. Ik denk dat het de eerste keer is dat een beleidsvrouw of -man dit zegt. De politiek moet in staat zijn hier iets aan te doen.

Indien we ons strikt op de exploitatiekosten van het net focussen, blijkt dat de Vlaamse distributienetbeheerders als de goedkoopste uit de bus komen. We moeten dringend de hand in eigen boezem steken. In 2011 zal 26 procent van de distributienettarieven in gemengd netgebied uit de maatschappelijke kosten van beleidsmaatregelen bestaan. Ik heb die maatregelen daarnet al opgesomd. Indien we niets doen, dreigen die maatschappelijke kosten tegen 2017 nog eens met de helft te stijgen.

Al deze aspecten moeten een toetsing op hun nut en op hun kosten- en milieu-efficiëntie doorstaan. De federale overheid moet met betrekking tot de energiebijdrage en de federale bijdrage hetzelfde doen. We kennen immers allemaal het spreekwoord over de vele kleintjes.

Bovendien wachten ons nog een aantal grote uitdagingen. Ik heb daarnet al verwezen naar de offshore windparken van Elia, die een aanzienlijk effect op de tarieven zullen hebben. De kosten die uit de groenestroomcertificaten voor de huidige fotovoltaïsche cellen voortvloeien, zullen blijven stijgen. Ik zwijg nog over het slimme elektriciteitsnet en over de slimme meters. Een volledige uitrol over heel Vlaanderen zou 1,5 miljoen meter en 1,3 miljard euro inhouden. De kans dat het distributietarief zal dalen, is bijgevolg zeer klein, om niet te zeggen onbestaande.

We zullen maatregelen moeten treffen om de zaken in de hand te houden. Ik heb daarnet al naar de heilige huisjes verwezen. Elk jaar besteden we 19 miljoen euro aan de gratis bedeling van 100 kilowattuur. Ik wil die discussie nu niet voeren. We zouden dat geld echter kunnen inzetten om de energetische kwaliteit van tienduizenden verouderde woningen te verbeteren. Dit zijn structurele en sociale maatregelen die de kosten- en milieu-efficiëntie ten goede zouden komen. Op die manier zouden we sneller de doelstellingen voor 2020 bereiken. We zullen dit debat nog ten gronde moeten voeren. De CD&V-fractie verwacht, met andere woorden, veel van de evaluatie in het najaar.

Een ander idee dat is aangekondigd om de stijgende distributienettarieven te compenseren, bestaat eruit de dividenden van gemeenten te verlagen. Ik heb niet de indruk dat dit idee zal worden uitgevoerd, maar we moeten het mee in kaart brengen. Dit roept in elk geval vragen op.

Mij lijkt het geen goed idee. Elke goede aandeelhouder wil op een correcte manier worden vergoed. In de termen van distributienetbeheerders wordt dit de billijke vergoeding genoemd.

Als die wegvalt, zullen de aandeelhouders ofwel verdwijnen, ofwel elders compenseren. Als men de dividenden voor de gemeenten vermindert, zullen de gemeenten die veel inkomsten verliezen, de gemeentebelastingen met een bepaald bedrag moeten verhogen. Zij moeten immers ook hun begroting in evenwicht houden. Minister, de oorzaak van het probleem moet worden aangepakt, en die oorzaak is niet het dividend. We hebben er bij de vrijmaking altijd voor gepleit dat de publieke sector een belangrijk aandeel zou hebben in de marktsegmenten met een wettelijk monopolie, zijnde de distributie en de transmissie. Met een dergelijk voorstel zou u de publieke aandeelhouder wel eens kunnen ontmoedigen. De gemeenten hebben recht op een billijke vergoeding, een billijke marge als return van de door hen gedane, correcte investeringen. Als straks de certificaten uit de offshore windparken worden verrekend, of de uitrol van slimme meters, dan gaan we die kosten toch niet compenseren door verlaagde dividenden?

Ik heb de voorbije dagen ook gelezen dat sommige partijen ervoor pleiten om het afgeroomde deel van de nucleaire rente hiervoor aan te wenden en de kosten niet langer door te rekenen in de tarieven. Dat klinkt redelijk, maar dan moeten diezelfde partijen ook durven bekennen dat onze kerncentrales niet zomaar kunnen worden gesloten op de geplande datum, althans niet zonder een aanzienlijke prijsimpact op onze elektriciteitsrekening. Ik geef maar een klein voorbeeld om te stellen dat we dit debat niet mogen laten afglijden tot populisme en slogans. We moeten alle cijfers netjes op papier hebben en bekijken. Het is niet zo evident om het ene naar het andere te verschuiven.

Geachte leden, dit decreet is een dringende en noodzakelijke tussenstap om de problematiek die ik zonet heb geschetst concreet en kordaat aan te pakken, om de druk op de distributienettarieven af te remmen, om een gelijk speelveld te garanderen en om nieuwe beloftevolle technologieën een kans te geven, tegen een realistische kostprijs. Daarom zal de CD&V-fractie dit ontwerp van decreet goedkeuren. (Applaus bij de meerderheid)

De voorzitter

De heer Penris heeft het woord.

Jan Penris

Voorzitter, u hebt me uitgedaagd om niet in herhaling te vallen, om deze interessante commissievergaderingen – want er zijn er heel wat geweest – niet te herhalen. Ik zal proberen om dat niet te doen. Eerst en vooral wil ik de verslaggever, de heer Wienen bedanken. Ik doe dat met een dubbel gevoel. Mijnheer Wienen, u zetelt ook in de Antwerpse gemeenteraad. Als ik u een compliment geef, wordt dat misschien zwaar geïnterpreteerd in sommige kringen. Als ik u echter vandaag feliciteer met het verslag dat u hebt gebracht, dan is dat gemeend en terecht. Geachte leden, tot 24 uur geleden wist de heer Wienen niet dat hij vandaag verslag zou moeten uitbrengen. Hij heeft dus op zeer korte termijn zijn dossier goed ingestudeerd.

Nu zal ik proberen in te gaan op het verzoek van de voorzitter en niet in herhaling te vallen. De heer Wienen heeft gezegd dat ik vandaag onze visie op energiebeleid in Vlaanderen zou brengen. Dat zal ik ook proberen te doen. Het Vlaams Belang gelooft in het feit dat de elektriciteitslevering zeker en betaalbaar moet zijn. Daar komen jammer genoeg maar een paar productievormen voor in aanmerking. De heer Decaluwe heeft de eerlijkheid gehad om de belangrijkste te noemen. Laten we eerlijk zijn: kernenergie is en blijft ter zake de voornaamste factor. Ik weet dat kernenergie vandaag misschien onder vuur kan liggen. Er zijn de zware incidenten in Japan. En we herdenken een klein jubileum van Tsjernobyl, in Oekraïne. Dat zal van de publieke opinie geen sympathisant van deze vorm van energielevering maken.

Maar als we eerlijk zijn tegenover onszelf, moeten we er blijven van uitgaan dat kernenergie de belangrijkste, de zekerste en de goedkoopste vorm van energieproductie is op dit moment.

De tweede vorm zijn de fossiele installaties. Ook hier moeten we niet vies zijn. We moeten op die oude installaties kunnen blijven inzetten, zij het dat we weten dat veel van die installaties en energiebronnen in buitenlandse handen zijn. En dat maakt het voor mij, als nationalist, een beetje moeilijk. Ik geef dat toe. Mevrouw Homans heeft het daar ook moeilijk mee. Als we weten dat de grote kerncentrales en de grote fossiele installaties in handen zijn van Frankrijk, hebben wij het als Vlaams-nationalisten moeilijk met die situatie.

En dus zijn wij geen uitgesproken tegenstander van wat mijn vriend en vroegere collega Freddy Van Gaever het ‘goedbedoelde breigoed’ noemde: het alternatief dat we moeten kunnen vinden, de alternatieven die er zijn op het niveau van windenergie, zonne-energie en dergelijke meer.

Als ik echter een lijstje moet maken van wat de belangrijkste en zekerste productievormen zouden kunnen zijn, zie ik een aantal potentiële energieleveranciers die vandaag de dag nog niet genoemd worden. Ik zie de kernfusie. Ik hoop dat we daar als Vlamingen kunnen blijven op inzetten. Ik hoop dat we daar verder onderzoek naar blijven doen. Ik zie de getijdencentrales als een zekere bron van energiewinning, waar we in Vlaanderen jammer genoeg nog te weinig aan hebben gedaan. Alleen in Schotland is men bezig met dat soort onderzoeken. Ook in de geothermie, een begrip dat ik heb geleerd van de heer Martens, kunnen we nog heel zaken realiseren.

Mijnheer Martens en mijnheer Sanctorum, ik wil u beiden trouwens feliciteren voor uw bijzonder spitante bijdragen aan het debat naar aanleiding van het ontwerp van decreet dat we hier vandaag behandelen. Zonder u was het misschien niet geweest wat het geweest zou kunnen zijn. U zult straks nog uw betoog kunnen houden. Ik hoop dat u even spitant blijft wat dat betreft.

Voor mijn partij komen de biomassacentrales, de wind aan land, de wind op zee en de zonne-energie pas in laatste orde. We weten intussen allemaal waarom, namelijk omdat de maatschappelijke kost van die alternatieven veel te hoog ligt. Dat hebben we ook mogen ervaren in onze hoorzittingen en tijdens het debat ten gronde.

Een aantal collega’s, onder andere van Open Vld, hebben gezegd dat als we dat soort dingen mee bij ons energiebeleid willen betrekken, het niet op kost van de consument mag gaan en dat het ingebed moet zijn in de begroting. Laat het geen verkapte belasting zijn, neem het mee in de visie die u omtrent energie te ontwikkelen hebt, neem het mee in uw algemene begrotingsbeleid.

We hebben een beetje lacherig gedaan over de reflectienota van de dames De Knop en Van Volcem. Ik betreur dat mevrouw De Knop hier vandaag niet is, maar mevrouw Van Volcem heeft in het verleden al bewezen dat ze weet waarover ze spreekt. Ik wil, als uitsmijter, de laatste bladzijde van haar reflectienota even citeren. Ik denk dat ze daar een belangrijke uitspraak doet, en ik hoop ook, mijnheer de nieuwe fractievoorzitter, dat u weet wat er hier wordt gezegd en dat u weet dat uw Open Vld misschien een nieuwe koers aanneemt inzake energiebeleid.

“In België”, zeggen de dames De Knop en Van Volcem en de heer Gatz, uw voorganger, “worden we geconfronteerd met een dominante Franse speler in elektriciteitsproductie. Deze dominante producent profiteert bovendien van een historisch opgebouwd voordeel, gefinancierd door de consumenten. Door de onvolmaakte marktwerking moeten we in België de productiemarkt tot meer atomisering dwingen en ondertussen de overstap naar groene stroom voorbereiden. Investeringen stimuleren in een sterk netwerk biedt meer producenten de kans om elektriciteit tot in België te krijgen en is cruciaal om groene stroom rendabel te maken. We kunnen niet aanvaarden dat stimuleringsmechanismen om propere stroom te promoten, misbruikt kunnen worden door over- of missubsidiëring. Groenestroomcertificaten en emissierechten moeten aldus hervormd worden.”

Ik denk, mijnheer de nieuwe fractieleider, dat uw fractiegenoten voor 100 procent gelijk hebben. Ik weet niet of die visie reeds lang door uw fractie wordt gedragen, maar ik was aangenaam verrast dat uw mensen deze visie naar voren mochten brengen. Laat uitgerekend die visie voor een stuk gedeeld worden door mijn fractie. Ook wij hebben het moeilijk met het feit dat de harde stroomproducenten in Vlaanderen in buitenlandse handen zijn. Ook wij zijn amechtig op zoek naar alternatieven. Deze alternatieven mogen echter niet op kost van de consument gevonden worden. Ik denk dat u op het laatste blad van uw misschien toevallig tot stand gekomen reflectienota, verwoordt wat de oppositie in zijn geheel, of althans toch mijn kant van de oppositie, heeft gedacht. Groen! uiteraard niet, maar LDD zal daar volgens mij ook wel mee kunnen leven. Ik denk dus dat we met deze zinnen tot uitdrukking brengen wat de visie was van de oppositie in het debat.

Minister, u weet dat we veel sympathie hebben voor u. Zeker nadat u tot uitdrukking hebt gebracht wat velen van ons al lang dachten. U hebt tot uitdrukking durven te brengen dat uw voorgangers, uw partijgenoten, de onaantastbare goden, zich hebben vergist. U hebt ingezien dat gratis niet bestaat. U hebt ingezien dat de visie die door uw voorgangers is ontwikkeld, onze kleine consumenten heeft belast op een manier die niet meer te verantwoorden is. U neemt daar de verantwoordelijkheid voor en zegt dat u van mening bent dat uw voorgangers, uw partij, de vorige regeringsploegen, zich in dezen hebben vergist en dat u dit wilt rechtzetten. Wel, als u dat wilt rechtzetten, willen we u daar in volgen. Uw rechtzetting gaat echter niet ver genoeg. Wij volgen u voor een stuk, maar niet helemaal. Derhalve blijven wij bij de onthouding die we in de commissie reeds hebben aangekondigd. (Applaus bij het Vlaams Belang)

De voorzitter

De heer van Rouveroij heeft het woord.

Sas van Rouveroij

Mijnheer Penris, dat heet voortschrijdend inzicht. U hebt wijze woorden geciteerd, en ze zullen zo dadelijk nog worden herhaald, maar dan door mevrouw Van Volcem, die onze kleuren zal verdedigen.

Ik wil hier even gebruik van maken om, indien dit nog niet gebeurd zou zijn, mevrouw De Knop te verontschuldigen. Zij heeft vanmiddag in de handen van de gouverneur de eed afgelegd als burgemeester van Lennik. (Applaus)

Carl Decaluwe

Ik heb goed geluisterd naar de heer Penris, vooral naar wat hij in het laatste stuk over de Open Vld zegt. Het is belangrijk dat er nu iets op papier staat. Het moet mij echter van het hart dat we in heel die discussie over dit decreet zelf – want de heer Penris heeft de algemene energiepolitiek benadrukt – over de zonnepanelen tijdens de voorbije maanden drie verschillende stellingen hebben gehoord van de Open Vld. Ik herinner me dat mevrouw Ceysens zich met enorm veel geweld gekant heeft tegen de verlaging van de steun aan de zonnepanelen. Mevrouw Van Volcem heeft een ander verhaal verteld en mevrouw De Knop ten slotte, kwam met nog een ander verhaal. Ik vind het bijzonder positief dat in de reflectienota nu werkelijk op papier staat wat de grote tenoren van de Open Vld over het energiebeleid zeggen. Zo is het voor ons makkelijker om vanuit de meerderheid de oppositie van repliek te dienen.

Ik ga in ieder geval met bijzonder veel interesse luisteren naar het betoog van mevrouw Van Volcem.

De voorzitter

Mevrouw Van Volcem heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, exact een jaar geleden pleitte ik namens Open Vld in de plenaire vergadering voor een tussentijdse wijziging van het Energiedecreet. Dat standpunt was duidelijk, en met mijn fractie doorgesproken. In ons voorstel zouden vanaf september 2010 de bedragen voor groenestroomcertificaten dalen tot 250 euro en vanaf januari 2011 tot 175 euro, in afwachting van een grondige evaluatie en herziening van het Energiedecreet. Ons voorstel werd in mei 2010 koel onthaald. Er waren toen verkiezingen op komst. Collega’s uit de meerderheid vonden het moedig van de oppositie dat hier te zeggen op een ogenblik dat zonnepanelen erg hip waren. Bedrijven en overheden organiseerden persconferenties waar de zonnepanelen de hemel in werden geprezen. Ondernemers die zonnepanelen legden, werden ondernemers van het jaar genoemd.

Het probleem is complex, maar de impact is groot. Iedereen geeft inmiddels toe dat het een moeilijk, niet populair standpunt was, maar wel een zeer correct standpunt. Ik heb steeds hetzelfde standpunt verdedigd, ook in mijn fractie. Iedereen weet hoe het systeem van de groenestroomcertificaten in elkaar zit en wist wat de financiële gevolgen voor de energiefactuur zouden zijn. De Vlaamse Regering wist zeer goed dat het systeem onhoudbaar is en dat de Vlamingen de rekening zouden betalen. U, als vakminister, was het beste geplaatst om de rekening te maken. Googelen op de site van de VREG volstond om te zien hoe laat het was.

Ook in de sp.a-nota van de heer Martens, ter voorbereiding van het partijcongres van oktober 2010, stond de verhoging van de elektriciteitsfactuur al ingeschreven. Begin 2010 al vroeg ik een hoorzitting over de hervorming van de groenestroomcertificaten. De heer Martens was toen mijn partner, maar hij wachtte op een studie van de SERV. Helaas is de studie van de SERV, die een grondige evaluatie bevat, pas nu afgewerkt.

Carl Decaluwe

Ik heb geen probleem met wat u zegt. Maar de geschiedenis heeft haar rechten. U zult toch niet ontkennen dat het verwarrend was toen mevrouw Ceysens plots zich het hardst verzette tegen een daling van de subsidies voor zonepanelen. Ik stel dat vast. Voorts is het zo dat uw partij medearchitect was van het systeem van de groenestroomcertificaten. Het is dus goed dat hier nog altijd mensen zitten die een aantal verkiezingen overleven. Vandaag alles van de meerderheid afbranden volstaat niet. U zegt dat u de eerste was, maar daar gaat het niet over. Wat u zegt is juist, maar er zijn weken geweest dat we echt niet wisten wat nu het standpunt van Open Vld was. Dat wou ik even zeggen. Enige nuance is dus nodig, het klopt niet dat de hele verantwoordelijkheid op de schouders van de meerderheid rust.

Jan Penris

Ik herhaal ons standpunt over die hoorzittingen. Mevrouw Van Volcem kent het. Ik ben, na u, voorzitter, de voorzitter die het meest courant hoorzittingen toestaat. Als er een parlementair initiatief is in het kader waarvan hoorzittingen worden gevraagd en er is een meerderheid voor, dan sta ik dat toe. Ik heb dat herhaaldelijk aan mevrouw Van Volcem meegedeeld. De collega’s in de commissie kunnen dat getuigen. Ik heb haar gezegd een initiatief te nemen en gesteld dat wij haar daarin zouden steunen. Maar ik heb dat initiatief jammer genoeg nooit gezien.

Vandaag is het gemakkelijk om te zeggen dat de commissie haar verantwoordelijkheden niet heeft genomen. Excuseer! Naar aanleiding van dit ontwerp van decreet heeft de commissie talloze instanties gehoord. Ik wil mijn secretaris feliciteren die 180 bladzijden heeft volgeschreven met de verslagen van die hoorzittingen, waarbij mevrouw Van Volcem ook niet altijd aanwezig was.

Sas van Rouveroij

Mijnheer Decaluwe, voor zover mij bekend, gebeurt het toch ook wel eens in uw fractie dat er meningsverschillen zijn. Dat was zo ook in de mijne. Met dat verschil dat wij vervolgens naar elkaar luisteren, we argumenteren en we nemen dan een nieuwe beslissing. Dat omschreef ik daarstraks als voortschrijdend inzicht. Dat is een oefening die ook louterend kan werken voor uw fractie, denk ik.

We hebben allemaal een verleden, de een al wat meer dan de andere. Mijn verleden is relatief beperkt, maar daar ga ik mij niet achter verstoppen. Het is pas fout om fouten uit het verleden vandaag niet te willen herstellen. Daar zijn we nu mee bezig. (Applaus bij Open Vld)

Ik was gebleven bij de sp.a-nota van de heer Martens en de hoorzittingen die ik veelvuldig heb gevraagd maar waarvoor ik geen meerderheid vond. Naar aanleiding van het ontwerp van decreet zijn er twaalf hoorzittingen geweest. Ik ben er zeker van dat ik er tien heb bijgewoond. U mag niet zeggen dat ik niet vaak naar uw commissie kom. Dat neem ik niet.

Minister, u beweerde een jaar geleden dat u niet snel wou gaan en dat u alles doordacht wou doen. Dat kon ik nog begrijpen, maar gelet op de factuur die zou volgen, heb ik toch vaak aangedrongen op een initiatief. Ik vroeg u om niet te wachten op de grondige evaluatie maar een ad-hocbeslissing te nemen, wat ons voorstel was in mei 2010. Een jaar later komt u nu ook met een ad-hocbeslissing. Een jaar verloren tijd. Een jaar te laat. De grondige evaluatie moet nog komen.

In november, mijnheer Decaluwe, kon het opeens niets snel genoeg gaan. Minister Van den Bossche zag opeens het licht en wou alles op een onorthodoxe manier in het programmadecreet verwerken, terwijl het via een wijziging van het Energiedecreet moest. Voorzitter, ik heb in de krant gelezen dat u hebt gezegd dat minister Van den Bossche haar huiswerk opnieuw moest doen. Dat stond in De Standaard.

De voorzitter

Dat zal ik straks even toelichten, mevrouw Van Volcem. Ik wil me nu niet mengen in het debat. Het is niet juist wat u zegt, maar goed.

U stelt terecht, minister, in uw laatste interviews in het paasreces dat de keuze voor zonnepanelen een foute keuze was. Het is jammer genoeg een zeer dure en asociale keuze geweest, vooral zo lang wachten en zo slecht uw huiswerk doen. U hebt het systeem inderdaad niet uitgevonden, maar u bent wel verantwoordelijk voor het wachten met een aanpassing op een correcte manier. U hebt de oversubsidiëring niet gestopt, ten koste van elke Vlaming. De mensen die het minst hebben, zullen die kost het meest voelen. Bovendien heeft dat ook een invloed op de inflatie en op de welvaart van Vlaanderen.

Voor mij draagt u een persoonlijke verantwoordelijkheid voor de verhoging van een deel van de elektriciteitsfactuur, niet alleen dit jaar, maar twintig jaar lang. Ik hoop dat u er elke keer aan denkt als u het woord ‘sociaal’ uitspreekt! Ik hoop ook dat u nu zondag rode kaken krijgt!

De voorzitter

Laat mevrouw Van Volcem eerst haar verhaal afmaken en repliceer daarna. Mevrouw Van Volcem, gaat u rustig verder.

Minister, een grondige herziening van het Energiedecreet dringt zich op. U bent daartoe bereid. Dat is goed maar ook noodzakelijk omdat u weet dat de elektriciteitsfactuur nog sterk zal stijgen. De heer Decaluwe haalde het hier al aan: de verhoging van de distributietarieven is nog maar begonnen. In 2013 wachten ons opnieuw verhogingen. Wie zal de 150 miljoen euro betalen voor de hoogspanningskabel van de windmolens op zee? Elia? Maar Elia zal het doorrekenen via het transmissietarief. Dat is niet uw bevoegdheid, maar het komt wel allemaal op dezelfde rekening. Wie zal de investeringen in het slimme netwerk betalen? Inderdaad, mijnheer Decaluwe, dat moeten we ook durven te zeggen. FINIWO? IMEWO? Zal het gebeuren via de participaties van de steden? Dat zal dus ook de inwoner zijn van onze stad, van onze gemeente. Dat zal ook doorgerekend moeten worden. Op welke manier zal dat gebeuren? 1,3 miljard euro? Ik denk niet dat er vandaag zoveel dividenden voorhanden zijn. Wat wacht ons dan? Lokale taksen?

Minister, de Vlaming heeft recht op een Vlaamse visie op het energiebeleid en vooral op een factuur die hij kan betalen. Hij mag tevens verwachten dat hij niet op kosten wordt gejaagd door inefficiëntie. Open Vld wenst dat de logica en de rationaliteit in het energiedebat terugkeren, meer nog, dat er een energiebeleid in de ware zin van het woord wordt uitgewerkt. Er moet een coherent Vlaams energiebeleid worden uitgestippeld, waarbij rekening wordt gehouden met rechtszekerheid, kostenefficiëntie, duurzaamheid en met de andere brandstofprijzen. Dat heeft ook een invloed op de onrendabele toppen. Er moet ook rekening worden gehouden met de prijsevolutie van de technologie. Transparantie moet vooropstaan. In die zin was het amendement van mevrouw Homans een zeer goede zaak, zeker in het licht van de studie van de SERV, waarbij men vermoedt dat men niet weet of bepaalde kosten, tot 110 miljoen euro, worden doorverrekend of niet. Bovendien moet de Vlaamse Regering vooral een taskforce oprichten met innovatie en ruimtelijke ordening als onderwerp. Minister, u moet niet alleen in De zevende dag een taskforce met de collega’s van de federale overheid komen promoten. Ik denk dat er hier in Vlaanderen nog veel werk aan de winkel is.

Een efficiënt duurzaam energiebeleid is nodig en noodzakelijk in een koolstofarme samenleving. Meer nog, het draagt bij tot onze energieonafhankelijkheid. Vlaanderen moet inderdaad ook de transitie maken. De 20-20-20-doelstellingen van de EU moeten worden gehaald door België en de gewesten, maar de vraag is: tegen welke prijs? België heeft een potentieel aan hernieuwbare energie van 13 procent, maar moet ook 13 procent halen. Dit betekent dat de laatste procenten ook de moeilijkste zullen zijn, zeker als we rekening houden met het feit dat waterkracht hierbij bijna niet aan de orde is. We moeten kritisch durven te zijn ten aanzien van alle elementen die kostenverhogend werken en die ontkoppeld kunnen worden van de energieprijs.

Als de Vlaamse Regering erin slaagt om onnodige maatschappelijke kosten te vermijden, maakt zij eigenlijk middelen vrij om de doelstellingen van het energiebeleid beter te realiseren. De essentie is dat een duurzaam sociaal energiebeleid niet gratis kan zijn. Daarom moet het zo kostenefficiënt en transparant mogelijk zijn. We moeten niet de ambitie hebben om de duurste vormen van energie, zoals zonnepanelen, massaal te willen verspreiden. Dit is kosteninefficiënt. Zonnepanelen moeten vooral dienen voor decentrale productie. Dat is hun voordeel en ook hun handelsmerk. Daarom moeten we de zonnepanelen ook niet bannen.

Het uitgangspunt is, dat heeft de heer Wienen uitvoerig in het verslag toegelicht, dat het beste kilowattuur er een is die niet wordt verbruikt. Ook daar is nog veel werk aan de winkel. Ik denk bijvoorbeeld aan een energiebesparingsplan met een actieplan om gevels te isoleren en niet alleen daken.

Volgens de Vlaamse Milieuadministratie ligt de Vlaamse energieconsumptie, zowel per hoofd van de bevolking als per bbp veel hoger dan in de andere Europese landen. Een studie van McKinsey die werd uitgevoerd in opdracht van het Verbond van Belgische Ondernemingen

(VBO) toont aan dat er in België nog een enorm kostenefficiënt energiebesparingspotentieel aanwezig is. Uit de studie blijkt dat het gebouwenpark, het wegtransport en de industrie alle drie minder energie-efficiënt zijn dan hun tegenhangers in onze buurlanden. Volgens het onderzoek kunnen we tegen 2030 29 procent minder energie verbruiken en zo 5,2 miljard euro per jaar besparen.

Energiebesparing en energie-efficiëntie moeten blijvend en op een significant sterkere manier ondersteund worden dan de hernieuwbare energieproductie. Open Vld pleit ervoor om de steun afhankelijk te maken van het rendement en de kostprijs van de energiebron. Om zo kostenefficiënt mogelijk te werk te gaan, moeten bij voorrang technologieën met het hoogste rendement aan de laagste kostprijs worden ondersteund. Volgens recente informatie van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) bedraagt het aandeel van de zonne-energie 50 procent en is de totale kost slechts 15 procent van het totale aandeel in de groenestroomproductie. Technologieën met veel potentieel die onvoldoende scoren qua rendement, kunnen beter worden ondersteund via het innovatiebeleid van de Vlaamse Regering.

De Vlaamse Regering heeft dan ook een fout gemaakt door de kosten en de efficiëntie van de maatregelen niet op een systematische wijze in kaart te brengen. Zo zou de overheid moeten kunnen aantonen welke hernieuwbare technologieën moeten worden ingezet in het meest efficiënte scenario. Op die manier moest niet worden gewacht op de, evenwel heel interessante, hoorzittingen in het kader van het ontwerp van decreet tot wijziging van het Energiedecreet in de commissie om zo snel-snel de puzzelstukjes samen te leggen.

Voor Open Vld is het duidelijk dat we zo snel mogelijk moeten overstappen naar een systeem waarbij in de eerste plaats wordt ingezet op een duurzame technologie met het hoogste rendement aan de laagst mogelijke kost. Daarom is Open Vld van mening dat groene energie moet worden geproduceerd waar de kost het laagst is. We opereren in een Europees kader. Zet samen met energiebesparende maatregelen in op eigen productie in de mate dat dit past in een kostenefficiënte benadering van het energiebeleid. Daar moet door de Vlaamse overheid duidelijk vooraf bepaald worden wat de kostprijs mag en kan zijn voor het globale energiebeleid in Vlaanderen.

Open Vld wil afstappen van het huidige systeem van de groenestroomcertificaten en van de doorrekening ervan in de distributietarieven. Open Vld stelt voor om het systeem van de huidige groenestroomcertificaten definitief achter ons te laten en om een investeringssteun aan te bieden voor de installatie van hernieuwbare energie, gedifferentieerd van kostenefficiëntie. Open Vld wil het energiebeleid vanuit de Vlaamse begroting en niet via de energiefactuur betaald zien. Het is nu als het ware een verdoken belasting. Met andere woorden, ook de distributienettarieven dekken niet enkel de exploitatiekosten om de elektriciteit tot bij de consument thuis te brengen, maar ook de kosten die gepaard gaan met de invulling van de zogeheten openbaredienstverplichtingen.

De openbaredienstverplichtingen zorgen voor een onhoudbare druk op de distributienettarieven. Voor de noodzakelijke herziening bedroeg het aandeel ervan in het distributienettarief ongeveer 15 procent. Nu spreken we al van een verdubbeling.

Als u weet dat de kosten van een netbeheerder sinds 2003 vertienvoudigd zijn, dan begrijpt iedereen dat dit een impact heeft op de tarieven die we betalen. De CREG heeft aangetoond dat daardoor de prijzen voor een modaal gezin tussen 2007 en 2009 zijn gestegen met 65 euro, waarvan de helft verklaard wordt door het gevoerde Vlaamse beleid.

Open Vld vindt dat de openbaredienstverplichtingen op een andere wijze gefinancierd moeten worden. We moeten de Vlaamse Regering aanzetten om duidelijk voorop te stellen wat het energiebeleid mag kosten. Van daaruit moeten de meest kostenefficiënte maatregelen worden genomen. Zoals ook in het betoog van de heer Decaluwe staat, moeten bepaalde maatregelen die ook niet efficiënt zijn, zoals het gratis kilowattuur, op een andere manier worden aangepakt zodat ze efficiënt zijn en minder kosten voor de consument.

Open Vld wil ook dat de Vlaamse Regering extra middelen vrijmaakt op het gebied van innovatie, onderzoek en ontwikkeling en voor technologieën met toekomstpotentieel maar die nog onvoldoende performant zijn inzake rendement. Zonne-energie heeft vast nog heel wat potentieel net als heel wat andere hernieuwbare energiebronnen. Om er echter voor te zorgen dat we die technologieën op termijn kunnen ontplooien tot winstgevende sectoren moeten we inzetten op de ontwikkeling van knowhow, zodat we de technologie op termijn kunnen exporteren. Zo kan het Innovatiefonds worden aangewend om nieuwe of meer performante versies van bestaande technologieën op de markt te brengen.

De Vlaamse Regering moet ook zorgen voor een sterkere netinfrastructuur. Vandaag is ons netwerk niet klaar om de overcapaciteit aan energie te injecteren in het net. Het lijkt er dan ook sterk op dat de overheid te snel en te massaal is gaan investeren in hernieuwbare energie. Volgens Open Vld is het logischer om eerst het net slimmer te maken vooraleer er energiebronnen op aan te schakelen. Ik verwijs naar de windmolens die nu staan te draaien in zee maar nog niet zijn aangesloten. Hoe gek kan de wereld zijn.

Open Vld wil de producenten ook mee laten betalen voor de injectie van hun elektriciteit op het net. Eind vorig jaar heeft het Vlaams Parlement een decreet goedgekeurd dat de injectietarieven afschaft. De essentie van de injectietarieven moet kostenreflectiviteit zijn, het toewijzen van de kosten die verbonden zijn aan het injecteren van elektriciteit op het net.

In het voorliggend ontwerp van Energiedecreet probeert de Vlaamse Regering opnieuw via de ad-hocmaatregelen om het subsidiëringsverhaal op te lappen. Toch wil ik erop wijzen dat we tegen 2030 5,5 miljard euro zullen hebben uitgegeven voor de zonnepanelen. Daarom stelt Open Vld een tweesporenbeleid voor: de langetermijnprincipes die ik net heb uiteengezet en die nog aan bod zullen komen tijdens de grondige evaluatie die in het najaar zal worden gehouden op initiatief van de minister, en de kortetermijnprincipes die een aantal belangrijke besparingen moeten doorvoeren die de verbruiker ook zal voelen in zijn portemonnee.

Onze fractie heeft een aantal amendementen ingediend. Daarbij zijn een aantal principes heel belangrijk.

Open Vld wil, ondanks het feit dat we hebben aangedrongen om zo snel mogelijk werk te maken van de afbouw, dat de rechtszekerheid boven alles staat. We kunnen ons dus niet vinden in een retroactieve toepassing van de wet. Alle bepalingen die retroactief werken, moeten uit de tekst worden gehaald.

De grootte van een zonnepanelenpark waarop minder steun van toepassing is, lag in het aanvankelijke voorstel op 1 megawatt. Open Vld had een amendement ingediend om dit te differentiëren en op 250 kilowatt te brengen. Gelukkig heeft ook de meerderheid dit ingezien en heeft die ook een amendement in die zin ingediend, evenwel met andere bedragen en versnellingen.

Het ontwerp van decreet bepaalt dat er nog steeds steun wordt verleend aan initiatieven die de opgewekte energie door de zonnepanelen niet zelf gebruiken, maar wel injecteren op het net. In het amendement van de meerderheid wordt de steun voor installaties met een piekvermogen van meer dan 250 kilowatt behouden. Open Vld stelt voor om vanaf 250 kilowatt de steun voor zonnepanelen af te bouwen.

Ook is de hoogte van de minimumgarantie aan de steun voor zonnepanelen nog steeds te hoog. De Vlaamse Regering wil in 2010 nog 330 euro steun per certificaat verlenen tot 90 euro vanaf 2016. Open Vld wil dit bedrag aanpassen tot 250 euro in het eerste jaar en tot 90 euro vanaf het derde jaar. De impact van de groenestroomcertificaten voor zonnepanelen op de distributienettarieven is enorm.

Open Vld is ook voorstander om de periode waarin de steun wordt verleend, te halveren van twintig naar tien jaar. Er moet ook een link worden gemaakt tussen de aangeboden groenestroomcertificaten en de garanties van oorsprong.

Tot slot, een efficiënt en duurzaam energiebeleid is nodig en noodzakelijk. Open Vld denkt dat fundamentele bijsturingen aan het voorliggend ontwerp van decreet noodzakelijk zijn, wil de Vlaamse Regering een verstandig beleid voeren. (Applaus bij Open Vld)

Carl Decaluwe

Het is niet aan mij om de minister – van een andere partij nog wel – te verdedigen, maar mevrouw Van Volcem, als u de minister verwijt dat ze twintig jaar persoonlijk verantwoordelijk is, dan is dat kort door de bocht. Als we aan politique politicienne willen doen en als u ministers persoonlijk beschuldigt dat het hun schuld is dat de elektriciteitsfactuur stijgt, dan zeg ik dat u liegt. Het is een collectieve verantwoordelijkheid. Het is paars-groen geweest die het systeem van certificaten heeft ingevoerd.

Als we nu toch aan platte politiek gaan doen, wie heeft Electrabel verkocht aan Frankrijk? Dat was toch een zekere mijnheer Verhofstadt. Laten we het correct houden, u moet niemand persoonlijk viseren. Het is een collectieve politieke verantwoordelijkheid. Op LDD en het Vlaams Belang na heeft iedereen meegedaan aan het certificatensysteem. (Applaus van de heer Boudewijn Bouckaert)

We kunnen discussiëren over de vraag of het wat sneller moet gaan, maar daar gaat het niet over. Iemand persoonlijk verantwoordelijk stellen, is niet correct.

Als er inhoudelijk moet worden gediscussieerd, dan gaan we dat doen. Ik kan op een aantal punten akkoord gaan, maar andere punten zijn bijzonder vaag, bijvoorbeeld als u simplistisch zegt: we gaan het uit de energiefactuur halen, maar we gaan het wel in de begroting steken.

Alsof die begroting uit de hemel komt vallen! Er zal wel altijd iemand moeten betalen, en in eender welke constructie is het altijd de laatste in de constructie die betaalt. Maar we zijn het volledig eens met de Open Vld als het gaat om kostenefficiëntie. Die oefening is bezig.

U hebt het over retroactiviteit en over dingen goedkeuren met terugwerkende kracht, maar ik begrijp niet waarover u het hebt.

Het is toch met ingang vanaf 1 januari.

Carl Decaluwe

Neen, mevrouw Van Volcem, vanaf 1 juli. Dit decreet is van toepassing vanaf 1 juli, niet vanaf 1 januari. Het zijn maar kleine details, maar u blijft maar kappen op de minister en op de regering.

Ik heb hier ongelooflijk veel gehoord over de nieuwe technologieën van de Open Vld. Wat is dat? Als ik het juist vertaal, dan heeft men hier een warm pleidooi gehouden voor kernenergie. Dat heb ik hier zeer goed gehoord. U hebt constant verwezen naar technologieën. Leg me eens uit wat die concreet zijn.

Voor de rest: geen enkel probleem, mevrouw Van Volcem.

De voorzitter

Mevrouw Homans heeft het woord.

Voorzitter, het is de eerste keer dat ik in dit debat, dat al een uur bezig is, mag spreken waarvoor mijn oprechte dank.

Mevrouw Van Volcem, ik moet u gelijk geven want als er één iemand uit uw partij consequent is geweest in energiestandpunten, dan bent u het wel. Er waren collega’s van u die iedere keer van standpunt veranderden.

U zegt dat men moet inzetten op de meest efficiënte technologie. Ik ben het daar volledig mee eens. Ik zou wel willen weten welke dat is voor Open Vld.

Ik heb wel grote problemen met uw pleidooi om het in de Vlaamse begroting op te nemen. Het is inderdaad een verdoken belasting, maar als u het in de reguliere begroting wilt opnemen, zult u ook middelen moeten hebben. Ik herinner me dat ik aan uw collega De Knop in de commissie de vraag heb gesteld of ze voorstander was van de invoering van een soort groenestroomtaks. Mevrouw De Knop heeft bevestigend geantwoord. Als u geen verdoken belasting wilt via het DNB-tarief maar wel pleit voor de invoering van een nieuwe taks, dan moet iemand die ook betalen.

U hebt het over een retroactieve maatregel, maar ik denk dat u zich vergist. Dat kan altijd gebeuren. Bij mijn weten staat er geen enkele in. We hebben ook een aantal amendementen ingediend om proactief problemen te vermijden die er zouden kunnen komen omdat het gevaar dreigde dat we dit ontwerp van decreet niet op tijd zouden kunnen goedkeuren door het hoge aantal hoorzittingen.

U hebt ook een pleidooi gehouden om groenestroomcertificaten te beperken in de tijd. De meerderheid heeft een amendement ingediend. Nu gaat het over 20 jaar, in 2015 wordt het 15 jaar. Wij willen het eindigen in de tijd. Ik hoop dat we dan ook op de steun van Open Vld kunnen rekenen.

Jan Penris

Mevrouw Van Volcem, ook ik moet u waarderen voor het feit dat u consequent bent geweest in het hele debat.

Ik heb u horen pleiten voor een ‘verslimming’ van het net. Voor u nieuwe energiealternatieven ter beschikking gaat stellen, wilt u het net eerst ‘verslimmen’. Ik denk dat dat een goede stap is. Mijn vraag is hoe u de kost voor die verslimming gaat financieren. Ik ga ervan uit dat u dat in de reguliere begroting wilt opnemen. Ik dacht dat dat het standpunt van de Open Vld was: neem de dingen open en eerlijk op in de begroting. Ik denk dat we daar elkaar kunnen vinden. Ik volg mevrouw Homans niet als ze zegt dat er dan een bijkomende belasting moet komen. Mevrouw Homans, die belasting is er nu al, maar is een verdoken belasting. Er is op dit moment een verdoken consumentenbelasting van 60 tot 120 euro voor de gezinnen in Vlaanderen, maar over die belasting moet u politiek geen verantwoording afleggen. Op het moment dat u die meerkost in uw begroting opneemt, kunt u daar politiek op worden afgerekend.

Ik ben het met u eens. Als u dat goed bedoelt, als u de alternatieve energievormen een meerwaarde wilt geven, neem daar dan de politieke verantwoordelijkheid voor. Neem dat op! Neem dat volledig op in uw begroting! Ga daar op het einde van de rit mee naar de kiezer! Wat u doet, is de meerkost van de hele toestand op een verdoken en slinkse manier verrekenen op de Vlaamse belastingbetaler, op de kleine consument. De minister heeft dat al ingezien. Zij is socialist genoeg om te beseffen dat de kiezer daar niet mee kan leven. Ik hoop dat ook u haar daarin wilt blijven volgen.

De voorzitter

De heer Martens heeft het woord.

Bart Martens

Mevrouw Van Volcem, ik vind het zwaar onder de gordel om alle kostenstijgingen uit het verleden, en nu ook nog eens die van de toekomst, in de schoenen te willen schuiven van één persoon. Dat is er zwaar over. Dat kan niet, zeker niet omdat u ook wijst op alle Eliakosten en de offshorewindmolens. U veegt alles op een hoop en schuift dat in de schoenen van een Vlaams minister van Energie. Ondertussen heeft uitgerekend uw partij in de federale regering geen enkele inspanning geleverd om de kosten onder controle te houden. Wij hebben hier al zoveel keren onrendabeletoppenstudies besteld bij VITO, en in functie daarvan het steunniveau aangepast aan de prijs- en productiekostdaling. De eerste onrendabeletoppenstudie voor de offschorewindturbines moet nog gebeuren. U zit in de regering die nalaat dat te doen.

Verder weigert uw regering om de afgeroomde nucleaire rente te investeren in een nieuwe technologie. Dat is nochtans wat de algemene raad van de CREG vraagt waar alle gebruikers in zitten, werknemers en werkgevers. De CREG vraagt om met dat geld niet de putten in de schatkist te dempen, maar om de nieuwe technologie zoals offshorewindmolens te financieren. Het is uw partij die nalaat dat te doen! En dan ook nog eens de schuld komen schuiven in de schoenen van een Vlaams minister van Energie, dat is er ver over.

Ik heb de indruk dat Open Vld niet meer weet van welk hout pijlen maken. In het verkiezingsprogramma van uw partij van 13 juni 2010 lees ik: “Open Vld pleit voor een verschuiving van de belastingen op arbeid naar belastingen op vervuiling en verbruik. Zo vermijden we dat de globale belastingdruk stijgt en zorgen we ervoor dat we de klimaatsdoelstellingen halen en zuiniger met energie omspringen.”

Vandaag komt u exact het omgekeerde voorstellen. In uw reflectienota staat exact het omgekeerde. Over de kosten die vandaag aan de verbruiker worden doorgerekend, zegt u dat dat niet mag en dat dat betaald moet worden vanuit de algemenemiddelenbegroting van het Vlaamse Gewest. Het is niet meer de verbruiker die moet betalen, maar de belastingbetaler. Dat is een switch van 180 graden! Het was juist door dit punt in uw programma dat Duchâtelet zich eindelijk thuis voelde bij Open Vld. Eindelijk kon hij vervellen van Vivant’er naar Open Vld’er. Eindelijk had zijn Vivantprogramma het gehaald; eindelijk was het opgenomen in het Open Vld-programma. Nu, nog geen jaar later – die beloftes dateren van 10 juni 2010 – komt u zeggen dat het maar om te zeveren was, dat het toch uit de algemenemiddelenbegroting moet worden betaald, dat het niet de gebruiker is maar de belastingbetaler die dat gaat betalen. Ik snap dat eerlijk gezegd totaal niet meer!

Ten slotte, ik vind dat u eerlijk moet zijn. Aan de ene kant moet het allemaal kostenefficiënt zijn, alleen de goedkoopste vormen van hernieuwbare energie mogen worden ondersteund, we moeten naar een koolstofarme samenleving. Ondertussen stelt u in uw amendementen boetes voor van nog maar 40 of 50 euro. Dat is de helft van de marktwaarde van groenestroomcertificaten. Dat is de stekker er volledig uittrekken! Als die amendementen hier worden goedgekeurd, is er geen sector van hernieuwbare energie meer! Dan is het gedaan. Dan gebeuren er nog 0 euro bijkomende investeringen. Als dat is wat u wilt, voor mij niet gelaten, maar zeg dat dan eerlijk. Als dat niet is wat u bedoelt, dan stel ik u voor om die amendementen in te trekken. Met deze amendementen pleegt u zelf de hold-up op de groene sector die mevrouw Ceysens ons verweet.

De voorzitter

De heer Tommelein heeft het woord.

Ik zal me bescheiden opstellen als eigenaar van zonnepanelen, die trouwens fiscaal nogal flink door die vermaledijde federale regering ondersteund worden, mijnheer Martens. Die regering, die volgens u niets doet, zorgt er wel voor dat ik het nog eens perfect fiscaal kan aftrekken.

Bart Martens

Dat verwijt gaat niet over het subsidiëren.

Ik vind dat u als socialist een aardig toontje lager mag zingen, want u levert met uw socialistische familie nog altijd de minister van Energie in die vermaledijde federale regering. (Applaus bij Open Vld)

Is minister Magnette geen socialist misschien?

De voorzitter

Minister Magnette is van de PS.

Ik ben het beu dat de partij die hier al zestien jaar onafgebroken aan de macht is, telkens als ze een gaatje vindt, de federale regering aanvalt. Dit terzijde.

Ik heb nog een kleine opmerking aan mijn goede vriend, kameraad en collega, de heer Decaluwe. Ik zal niets inhoudelijks zeggen, want mevrouw Van Volcem is mans genoeg om dat te doen, maar ik heb een advies voor u. Ten eerste vind ik het al ontstellend dat u het raar vindt dat u de minister moet verdedigen. Dat is wel uw coalitiepartner, hè, mijnheer Decaluwe. Ten tweede vind ik uw uitval naar mevrouw Van Volcem nogal raar voor een collega die minister Lieten de zwakste mediaminister ooit noemde: als dat niet op de persoon spelen was … Ik vind dat u niet goed geplaatst bent om daar commentaar op te geven. (Applaus bij Open Vld)

De voorzitter

De heer Crombez heeft het woord.

John Crombez

Ik wil nog een korte reactie geven. Als we zo moeten beginnen! Sinds de zomer van 2007 zijn er federaal herhaaldelijk voorstellen ingediend om iets te doen aan de prijzen en iets te doen aan de transparantie, waar u het daarstraks over had, om de slagkracht van de CREG te verhogen.

De CREG is heel content.

John Crombez

Maar u hebt de voorstellen weggestemd, mevrouw Van Volcem.

Als men nu moet zeggen: het is iemand van uw familie die minister is. Open Vld zei in het parlement: hoe komt het dat u hier voorstellen indient tegen wat een minister van uw familie doet? Die dingen zijn weggestemd door Open Vld, door PS, door MR. Kom dan niet zeggen dat het een minister is van de socialistische familie als je de jaren ervoor hebt gezegd: u doet hier voorstellen tegen een minister die socialist is. Alles om de prijzen aan te pakken op federaal niveau, alles om de transparantie te verhogen op federaal niveau, is weggestemd. Alles. U schudt neen, maar ik wil dat nog eens opsommen, we hebben toch tijd, want het is al redelijk laat. Het is verdorie veel!

Mijnheer Martens, u zegt dat wij van geen hout pijlen meer weten te maken. Ik zou maar eens in eigen boezem kijken en zien wat jullie van het Vlaamse energiebeleid maken. Daar weten jullie van geen hout pijlen meer te maken. Wat nu gebeurd is, hoe heel Vlaanderen reageert op de zonnepanelengekte, op de mea culpa’s van de minister! Men komt gewoon weg met een mea culpa, terwijl men wel een jaar niets heeft gedaan, goed wetende – u wist het, ik wist het, en zeker de vakminister wist het – wat de rekening ervan zou zijn! Natuurlijk is men daar verantwoordelijk voor. Men is als minister toch verantwoordelijk voor zijn portefeuille! Men is ook minister als men niet ingrijpt! En ja, ik blijf bij mijn standpunt! En ja, dat is een fout! En ja, ik zou die fout niet gemaakt willen hebben! De consument zal niet twintig jaar lang een verhoging hebben van zijn factuur, maar hij zal wel het jaar waarin niet is ingegrepen, twintig jaar voelen! Ik neem daar geen woord van terug! (Applaus bij Open Vld)

Mevrouw Homans pleit voor transparantie. Dat siert haar. Ik pleit ook voor transparantie. (Opmerkingen)

Die is er in het huidig systeem absoluut niet. Voor de consument is het niet duidelijk. De consument weet niet wat een distributienettarief, een transmissierecht of een openbaredienstverplichting is. Dat staat allemaal op de factuur vermeld. Hij ziet daar verwijzingen naar groene stroom en dergelijke. Ik vind dat geen correcte handelwijze ten aanzien van de inwoners van het Vlaamse Gewest.

Ik pleit voor duidelijkheid. Dat biedt de Vlaamse Regering de gelegenheid verantwoordelijkheid op te nemen en de rug te rechten voor het beleid dat ze wenst te voeren.

De heer Decaluwe heeft opgemerkt dat het systeem in 2002 is ingevoerd. Ik heb geen kritiek op wat in 2002 is geprobeerd. Aanvankelijk zat het systeem van de groenestroomcertificaten nog goed in elkaar. De prijs van de groenestroomcertificaten zou dalen. Die prijsdaling leidde ertoe dat de mensen innovatiever en kostenefficiënter te werk moesten gaan. (Opmerkingen)

Niemand kon toen voorzien dat de zonnepanelen in 2008 en in 2009 een dergelijke boom zouden kennen. Het succes van het systeem heeft ertoe geleid dat deze zeer dure technologie sterk is verspreid. Dit heeft tot een verhoging van de factuur geleid. In 2008 kon iedereen dit al op de website van de VREG uitrekenen. In 2009 was de boom nog groter. De zonnepanelen werden in China gefabriceerd en kosten nog slechts 40 procent van de aanvankelijke kostprijs. Iedereen wist dat het om beleggingsinstrumenten ging. Ik heb niets tegen groene energie. Ik heb wel iets tegen dergelijke beleggingsinstrumenten met een rendement van 25 procent.

Ik vraag me af hoe de situatie offshore was. (Opmerkingen)

We zaten toen nog in de Vlaamse Regering. (Opmerkingen)

Minister Crevits was toen bevoegd voor hernieuwbare energie. Ze heeft een tussentijdse aanpassing doorgevoerd. Ik heb in de kranten gelezen dat de minister vindt dat minister Crevits de tarieven in feite te laat heeft aangepast. Dat staat op de eerste pagina van De Standaard.

Mijnheer Decaluwe, mogen we dan niet verklaren dat minister Van den Bossche heeft getalmd? Misschien mocht ze de tarieven van u niet aanpassen. Misschien reageert u daarom nu zo fel. (Applaus bij Open Vld en LDD)

Carl Decaluwe

Ik heb met veel aandacht naar de repliek van mevrouw Van Volcem geluisterd. Ik bewonder dat ze van de eerste tot de laatste minuut consequent is. Ik neem daar mijn hoed voor af. Ik wil echter iets opmerken over de verwijten van de Open Vld ten aanzien van bepaalde elementen. Ik herinner me nog goed dat bepaalde politici van de Open Vld die hier nu aanwezig zijn, er tijdens de vorige legislatuur in sterke mate voor hebben gepleit voor de havens van Antwerpen en van Gent terreinen van 50 tot 150 hectare voor zonnepanelen te gebruiken. Tegelijkertijd krijgt minister Crevits het verwijt niets of onvoldoende te hebben gedaan.

Tijdens de vorige verkiezingscampagne heeft minister Crevits met veel moeite een eerste stap gezet. We waren, samen met de Open Vld, ongeveer de enigen die deze steun eindig wilden maken. Minister Crevits hoeft nu geen verwijten te krijgen. Ze heeft de aanzet gegeven, met inbegrip van een decretaal initiatief, om dit systeem op regelmatige basis te evalueren.

Mevrouw Van Volcem spreekt consequente taal. Er zijn leden van de Open Vld die een andere taal spreken en die voor andere projecten warmlopen. Als de heer Huts nu als de grote promotor van de hernieuwbare energie naar voren treedt, doet hij dat niet uit milieubewustzijn, maar puur om geld te verdienen. Misschien moet mevrouw Van Volcem de mensen van de Open Vld in Antwerpen overtuigen dat niet langer te doen. Dat zou misschien nog consequenter zijn. (De verlichting valt uit. Opmerkingen)

Veerle Heeren

Voorzitter, de verlichting staat op een timer en valt uit om 21 uur. (Opmerkingen. Gelach)

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.