U bent hier

De voorzitter

Algemene bespreking

Dames en heren, aan de orde is de algemene bespreking van het voorstel van decreet.

Mevrouw Eerlingen, verslaggever, heeft het woord.

Tine Eerlingen

Voorzitter, collega’s, ik geef een beknopt verslag van de uitgebreide bespreking in de commissie. Het Milieuvergunningendecreet trad op 1 september 1991 in werking en voegde de vroegere ARAB-vergunning (Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming), lozings- en afvalstoffenvergunning samen tot één milieuvergunning.

Het beperkte meteen ook de looptijd van deze nieuwe milieuvergunningen tot ten hoogste 20 jaar, te tellen vanaf de inwerkingtreding van het decreet. Deze geldigheidsdatum maakt ook dat vergunningen die werden toegekend tussen 1981 en 1991 en oorspronkelijk een langere looptijd hadden, op 1 september 2011 vervallen. Concreet betekent dit dat tegen die datum ongeveer 5.000 klasse 1-vergunningen en 13.000 klasse 2-vergunningen moeten worden vernieuwd.

Om de aanvragen te spreiden, werd er in 2006 al een artikel 45bis aan het Milieuvergunningendecreet toegevoegd, waardoor bedrijven vervroegd, tot 48 maanden voor het verstrijken van de lopende vergunning, aanvragen konden indienen. Zo konden de hernieuwingsaanvragen over 4 jaar worden gespreid. Maar slechts enkele honderden bedrijven hebben van die maatregel gebruikgemaakt, waardoor nog steeds een piek wordt verwacht. Wanneer men rekening houdt met de tijd die de betrokken overheidsdienst per hernieuwingsaanvraag nodig heeft voor de behandeling van een dossier en de opmaak van een degelijk en gefundeerd advies – die bedraagt 2 tot 3 werkdagen – is het volgens de indieners van dit voorstel van decreet duidelijk dat de betrokken overheidsdiensten niet zijn opgewassen tegen de taak om in 2010-2011 zo een groot aantal hervergunningsaanvragen binnen de vastgelegde adviestermijnen te verwerken.

Op 23 februari 2010 gaf een lid van de meerderheid een toelichting bij het voorstel van decreet. In dit voorstel wordt de absolute limiet van 20 jaar in het Milieuvergunningendecreet opgeheven voor de vergunningen afgeleverd voor 1991 en wordt de looptijd ervan verlengd door ze te koppelen aan de oorspronkelijk vastgelegde termijnen voor de ARAB-vergunning. De commissie hield op 2 maart 2010 een hoorzitting over het voorstel van decreet. Na een inleidende uiteenzetting door de afdeling Milieuvergunningen van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE), werden vertegenwoordigers gehoord van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG), de Vereniging van de Vlaamse Provincies (VVP) en de beroepsvereniging van de Vlaamse Milieucoördinatoren (VMC). Op de hoorzitting bleek dat er onduidelijkheid heerst over het precieze aantal te hernieuwen vergunningsaanvragen.

Op 11 mei 2010 werd de bespreking voortgezet. De meerderheidsfracties dienden amendementen in die rekening hielden met de opmerkingen die tijdens de hoorzitting werden gemaakt. Een lid van de meerderheid lichtte de amendementen toe. Hoewel niet alle cijfers beschikbaar zijn, blijkt uit een analyse van de beschikbare gegevens dat bij een spreiding over 10 jaar – zoals in het voorstel van decreet wordt voorgesteld – het aantal te hernieuwen vergunningen in de laatste jaren minder hoog zou zijn. Daarom wordt de termijn voor verlenging van de vergunning in amendement 2 beperkt tot uiterlijk 1 september 2016.

Vervolgens stelde de meerderheid dat bij de bespreking van de maatregelen en ook in de hoorzitting nogmaals duidelijk de noodzaak bleek om over een overkoepelende milieuvergunningendatabank te beschikken. Vandaar een amendement van de indieners om het bijhouden van deze databank bij decreet op te leggen. Ook de leden van de oppositie vinden het amendement over de milieuvergunningendatabank een positief element.

Over de overige amendementen en het hele voorstel van decreet is de oppositie verdeeld. Een deel van de oppositie stelde dat de fundamentele vraag blijft of de piek wordt overschat en of een spreiding wel noodzakelijk is. De meerderheid wijst hierbij op het feit dat reeds in 2006 een grote eensgezindheid was over de te verwachten milieuvergunningenpiek. De decreetwijziging daarover werd toen gesteund door alle toenmalige meerderheidspartijen. Bovendien wordt er door de indieners van het voorstel van decreet en de amendementen uitgegaan van het voorzorgsprincipe.

Tot slot vond een artikelsgewijze bespreking en stemming plaats. Bij de eindstemming werd het voorstel van decreet in de commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed aangenomen met 11 stemmen tegen 1 bij 2 onthoudingen. Voor een gedetailleerder verslag verwijs ik graag naar het schriftelijk verslag.

De voorzitter

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Voorzitter, collega's, ik dank mevrouw Eerlingen voor het goede verslag. Ik wil er enkel nog aan toevoegen dat ook de hoorzittingen duidelijk hebben aangetoond dat er voor de milieuvergunningenpiek een oplossing moest komen. De oplossing is gezocht in het voorzorgsprincipe om te voorkomen dat bedrijven in een toestand van rechtsonzekerheid zouden verzeild geraken omdat de administratie niet tijdig adviezen zou afleveren of om te voorkomen dat de administratie pro forma, zonder goede controle van de aanvragen, adviezen zou afleveren.

Er is ook verwezen naar de vraag aan de Vlaamse Regering om een milieuvergunningendatabank te installeren. Als de Vlaamse Regering dat doet, moet er zeker over worden gewaakt dat het systeem goed werkt, zodat alle gemeenten hetzelfde systeem kunnen gebruiken en dat er geen hetze ontstaat en dat men zelf op zoek moet gaan naar de ontwikkeling van die databank. We vragen aan de Vlaamse Regering om snel werk te maken van die milieuvergunningendatabank.

In de media was er heel wat onjuiste berichtgeving over dit voorstel van decreet. Het is niet zo dat de vergunningen voor alle bedrijven met 5 jaar worden verlengd. Er wordt teruggegrepen naar de oude vergunningentermijnen. De dossiers die in 1982 waren vergund voor 30 jaar, lopen nu tot 2012, die van 1983 tot 2013. We krijgen dus een spreiding over 5 jaar zodat we in 2016 niet opnieuw met een piek te maken krijgen. We hopen daarmee de piek te hebben weggewerkt, ook in de toekomst.

De voorzitter

De heer Martens heeft het woord.

Bart Martens

Ik dank mevrouw Eerlingen voor het uitmuntende verslag. Dat bespaart ons heel wat tijd bij de bespreking van dit voorstel van decreet.

In onze commissie zijn we niet over één nacht ijs gegaan. Via hoorzittingen hebben we alle betrokken partners gehoord, de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG), de Vereniging van Vlaamse Provincies (VVP), de afdeling Milieuvergunningen, de milieucoördinatoren enzovoort. We hadden gehoopt dat die hoorzitting ons meer duidelijkheid zou verschaffen, maar we hebben het omgekeerde vastgesteld. Aanvankelijk heeft die meer verwarring gecreëerd over de omvang van de milieuvergunningenpiek die zich aandient en die te maken heeft met het feit dat bij de inwerkingtreding van het vergunningendecreet in 1991 alle vergunningen van voor 1991 hun duurtijd van rechtswege zagen ingekort tot 2011.

Over de omvang van die piek is heel wat heisa geweest. Volgens de afdeling Milieuvergunningen ging het om 4000 tot 5000 klasse 1-inrichtingen en 13000 klasse 2-inrichtingen, die allemaal tegen 2011 zouden moeten worden hervergund. Volgens de provincies ging het maar om 1500 klasse 1-inrichtingen. Bijkomende informatie van de afdeling Milieuvergunningen doet ons besluiten dat de kerk weliswaar in het midden staat, maar toch dichter zal aanleunen bij de inschatting van de afdeling Milieuvergunningen.

Men heeft een steekproef gedaan bij meer dan 600 industriële bedrijven en meer dan 500 veeteeltbedrijven die onder de IPPC-richtlijn ( Integrated Pollution Prevention and Control) vallen. Men heeft geconstateerd dat 14 percent van die bedrijven hun vergunning zien aflopen in 2011. Als men dat extrapoleert naar het totaal aantal inrichtingen, dan kunnen we ervan uitgaan dat er 4000 klasse 1-inrichtingen zijn die allemaal hun vergunning in 2011 zullen zien aflopen.

Al die vergunningen opnieuw terdege beoordelen en aftoetsen aan de omgeving zou een bottleneck betekenen bij de afdeling Milieuvergunningen en leiden tot onvoldoende degelijke adviezen van de adviesverlenende overheden. Als meerderheid was het onze bezorgdheid dat de verschillende hervergunningsdossiers terdege opnieuw kunnen worden beoordeeld en getoetst aan de omgeving en de best beschikbare technieken. Daarom hebben we beslist de verschuiving van die piek aan te houden, zij het dat we de piek niet spreiden over 10, maar over 5 jaar. We willen geen 10 jaar lang meer wachten om de vergunning van bepaalde inrichtingen opnieuw tegen het licht te houden.

Op basis van de hoorzittingen hebben we enkele amendementen ingediend, waarbij we de behandeling van de piek spreiden over 5 jaar tot 2016, en waarbij we voorzien in ruimere behandelingstermijnen, en ook in een vergunningendatabank, waar de verschillende vergunningverlenende overheden verplicht aan moeten aanleveren.

Als één zaak duidelijk werd door de hoorzitting, is het dat we vandaag blind moeten varen door het ontbreken van zo’n gewestelijke vergunningendatabank. Het is dus belangrijk dat die databank er snel komt, dat de verschillende lokale besturen ook inspraak krijgen in de wijze waarop die databank moet worden uitgebouwd en dat die databank een opstap kan betekenen naar het elektronisch indienen van vergunningsaanvragen. In ons voorstel van decreet stellen we dat die databank moet worden uitgebouwd door de afdeling Milieuvergunningen. Het spreekt echter voor zich dat zodra we komen tot de ‘permis unique’, tot de eengemaakte bouw- en milieuvergunning, dat desgevallend een andere instantie binnen het ministerie de opdracht kan toevertrouwd krijgen om die databank uit te bouwen en te exploiteren. De regering moet daartoe de nodige delegatie krijgen. We beslissen ook dat de regering nadere regels kan treffen over de wijze waarop die databank moet worden opgebouwd en hoe daaraan de gegevens moeten worden verstrekt.

Samengevat: het voorstel van decreet dat we al in de commissie hebben goedgekeurd en dat we hier straks misschien groen licht kunnen geven, houdt goed het midden tussen enerzijds een tijdige behandeling van dossiers die hervergund moeten worden en anderzijds het geven van de nodige tijd aan de adviserende instanties om op een gedegen manier de hervergunningsdossiers te kunnen beoordelen, zodat we met de nodige informatie tot de hervergunning van al die bedrijven kunnen overgaan.

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde

Voorzitter, ik zal de discussie van in de commissie niet herbeginnen. Mevrouw Eerlingen heeft al een uitgebreide uitleg gegeven.

Ik wil wel iets nuanceren dat zij heeft gezegd. Zij stelde dat uit hoorzittingen bleek dat er onduidelijkheid was over het aantal milieuvergunningen. Dat klopt. Het is onbegrijpelijk dat de milieuvergunningendatabank nog altijd niet bestaat. Het is positief dat dit is opgenomen in het voorstel van decreet. Maar er werd toen meer gezegd dan dat. De Vlaamse milieucoördinatoren, de steden en gemeenten en de provincies stelden eigenlijk dat die milieuvergunningenpiek zeer fel overroepen was of zelfs onbestaand zou zijn. Dat is toch belangrijk. Het is heel spijtig dat het uiteindelijke resultaat hiervan een soort politiek compromis is geworden. Het oorspronkelijke voorstel, blijkbaar gebaseerd op foute cijfers, was: maximaal 10 jaar uitstel. Daar stond tegenover: geen uitstel. Dat heeft men gewoon in twee gesneden en zo kwam men op 5 jaar uitstel. Dat is inderdaad een soort politiek compromis dat niet is gebaseerd op cijfers. Dat valt heel erg te betreuren.

Een zaak is positief aan dit voorstel van decreet: die milieuvergunningendatabank moet er komen, liever vandaag dan morgen.

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Mijnheer Sanctorum, het is inderdaad een politiek compromis. Maar volgens ons is het een eerbaar compromis. Andere compromissen zouden wij trouwens nooit sluiten, collega. (Gelach. Opmerkingen)

Dit dossier heeft heel wat voeten in de aarde gehad. Dat is al geschetst. Er waren heel wat discussies en vragen, vragen over de aantallen te hernieuwen vergunningen. Uiteindelijk waren wij allemaal van mening – en ik denk dat de heer Sanctorum het daar toch ook mee eens kan zijn – dat we als overheid niet het risico kunnen lopen dat er toch een werklast zou zijn die door de administratie niet kan worden gebolwerkt. Daarom passen we hier inderdaad een soort voorzorgsprincipe toe.

Dat nu volop wordt ingezet op de milieuvergunningendatabank, moet in de toekomst vermijden dat we blind moeten varen – en dat is wat we hebben moeten doen: blind varen. Die milieuvergunningendatabank moet dat voor eens en altijd oplossen. Collega’s, u weet dat dit dossier al bijna even oud is als het verdrag dat we straks zullen ratificeren.

De voorzitter

Vraagt nog iemand het woord? (Neen)

De algemene bespreking is gesloten.

De voorzitter

Artikelsgewijze bespreking

Dames en heren, aan de orde is de artikelsgewijze bespreking van het voorstel van decreet.

De door de commissie aangenomen tekst wordt als basis voor de bespreking genomen. (Parl. St. Vl. Parl. 2009-10, nr. 287/4)

– De artikelen 1 tot en met 6 worden zonder opmerkingen aangenomen.

De artikelsgewijze bespreking is gesloten.

We zullen straks de hoofdelijke stemming over het voorstel van decreet houden.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.