U bent hier

De voorzitter

Mevrouw Werbrouck heeft het woord.

Ulla Werbrouck

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister-president, geachte collega’s, ik ben nu zenuwachtiger dan vroeger toen ik judo deed. Het is mijn eerste betoog. Ik heb de daver op het lijf.

Vorige week vrijdag was er in Brussel een betoging van een honderdtal motorcrossers. Ze hadden eigenlijk maar één eis: nieuwe motorcrossterreinen. Er zijn te weinig motorcrossterreinen. In 1990 waren er nog 103 motorcrossterreinen. Nu zijn er nog amper vier. Nochtans heeft Vlaanderen toch een rijkgevuld palmares met veel wereldkampioenen. Door de regelwetgeving van Vlaanderen verdwijnen de motorcrossterreinen een na een. Daarom moeten onze toppers en de gewone liefhebbers uitwijken naar het buitenland, wat heel veel geld kost.

Ik was heel verwonderd over uw reactie tijdens de betoging. Ik had gedacht dat de N-VA een partij van daadkracht was. Ik heb echter een onbeslistheid in uw stem opgemerkt en geen engagement tegenover de sporters. U zei dat u met de provincies zou gaan praten.

Mijnheer de minister, we kunnen nu al zeggen dat u niet moet gaan. De provincies hebben hun kans gehad. Het zou toch maar een dovemansgesprek worden. Zij zijn er mee de oorzaak van dat er heel wat motorcrossterreinen verdwijnen. In 2002 werd door de Vlaamse Regering de ambitie geuit om 12 tot 15 motorcrossterreinen aan te leggen. Er werd een technische werkgroep opgericht die een zoekzonekaart moest maken. Dat is er niet van gekomen. In 2005 werd er aan de provincies opnieuw gevraagd om een voorstel te doen. Er kwam weer niets uit de bus. We zijn zeven jaar verder en het resultaat is nog altijd nul.

Mijnheer de minister, zult u uw verantwoordelijkheid opnemen en lessen trekken uit het verleden? Zult u het niet op de lange baan schuiven? Maar mijn grootste vraag is: het is noodzakelijk dat het dossier verhuist van het provinciale niveau naar het Vlaamse zodat er hier knopen kunnen worden doorgehakt om op korte termijn een paar motorcrossterreinen per provincie te realiseren.

De voorzitter

De heer De Loor heeft het woord.

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, ons land heeft een rijke en indrukwekkende motorcrosstraditie. Niet alleen het voorbije decennium, maar ook de decennia daarvoor hebben ons heel veel wereldkampioenen opgeleverd in die discipline. We merken dat de motorcrossers, in vergelijking met voetbal, basket of judo, onevenredige inspanningen en soms zelfs onredelijke inspanningen moeten doen om hun favoriete sport te kunnen beoefenen.

Uw voorganger, voormalig minister Anciaux, had tijdens de vorige legislatuur de ambitie en het plan om per provincie minimaal in één oefenterrein voor motorcross te voorzien. We hebben voorstellen gedaan om die terreinen te plannen in de buurt van havengebieden, grote industriegebieden of zelfs op gewezen militaire domeinen.

Mijnheer de minister, hebt u dezelfde ambitie om op relatief korte termijn in minimaal één oefenterrein voor motorcross per provincie te voorzien?

De voorzitter

De heer Decaluwe heeft het woord.

Carl Decaluwe

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega’s, de voorgeschiedenis werd door de voorgaande sprekers zeer goed samengevat. Tijdens de voorbije legislatuur werden de toenmalige ministers Anciaux en Van Mechelen ontelbare keren ondervraagd. Tijdens deze legislatuur is er al een discussie geweest over de problematiek van Neeroeteren, was er een vraag om uitleg van mevrouw Vissers en werd de discussie aangezwengeld door de heer Ceyssens.

Vandaag is het de eerste keer dat de motorcrossers naar Brussel komen om hun ongenoegen te uiten. Dat is niet onbegrijpelijk, want ze zijn al sinds 2002 in blijde verwachting van een minimumaantal oefenterreinen per provincie. Vandaag zitten we in een situatie die niet alleen niet vooruitgaat, maar die naar af gaat. Er komen geen terreinen bij. Zelfs motorcrossterreinen die al 30 tot 40 jaar draaien en naam hebben op wereldvlak in die sport, dreigen ten onder te gaan door vereiste milieuvergunningen en andere zaken.

Mijnheer de minister, we kunnen u totaal niets verwijten, want u bent pas minister. Degenen die het gedurende zeven jaar niet konden, moeten vandaag niet komen zeggen dat het nu moet gebeuren. Het is belangrijk dat u nu het verschil zou kunnen maken ten opzichte van de voorgaande jaren. Mijn concrete vraag is of u bereid bent om de komende maanden, misschien naar aanleiding van uw beleidsnota, een concreet stappenplan per provincie voor te stellen, met daarin plannen van aanpak. U moet hier niet onmiddellijk een antwoord op geven. De provincies zijn er al bij betrokken geweest. Er zijn al zoekzones genoeg. Nu is het een kwestie van handelen. Zou deze aangelegenheid niet beter worden geregeld op gewestelijk niveau, met een aantal randmodaliteiten, om die sport de komende jaren te kunnen vrijwaren?

De voorzitter

Minister Muyters heeft het woord.

Op 8 mei 2009 heeft de Vlaamse Regering een beslissing genomen en een opdracht gegeven aan mijn voorganger om maatregelen te nemen in verband met de motorcrossterreinen. Toen is het nog eens duidelijk geworden dat het best was om het nodige draagvlak te creëren, wat we samen met de provincies moeten doen.

Want laat me duidelijk zijn: er wordt nogal gemakkelijk gezegd dat er een groot draagvlak is, maar uit de praktijk blijkt dat dat heel dikwijls niet het geval is. Zoals ik de motorcrossers vorige vrijdag op mijn kabinet heb gehad, wat ook onder meer bij de minister-president het geval was, zo krijg ik ook mensen bij mij die absoluut tegenstander zijn en schrik hebben dat bij hen in de buurt een terrein komt. Ook die mensen komen langs, maar op een veel eenvoudigere manier, en die halen dan de pers niet.

Het draagvlak is niet altijd even groot als wel eens wordt voorgesteld. Dat belet niet dat ik van oordeel ben dat deze sport ook in de toekomst in Vlaanderen ten volle moet kunnen blijven worden beoefend, zowel door amateurs als door professionelen, en dat we daar de nodige voorzieningen voor moeten kunnen treffen. Ik voer nu overleg met de drie betrokken kabinetten: het kabinet van Economie van minister-president Peeters, mijn eigen kabinet van Ruimtelijke Ordening en het kabinet van Leefmilieu van minister Schauvliege.

U weet immers dat er niet alleen een terrein nodig is, maar dat we daarvoor ook een VLAREM-vergunning moeten kunnen voorleggen.

In het verleden was daar een permanente werkgroep mee bezig. Die bestond onder meer uit mensen van de administratie. We verruimen die nu met medewerkers van de betrokken kabinetten.

Op 26 november, volgende week donderdag, heb ik de vijf gouverneurs uitgenodigd voor een gesprek. Ik wil de gouverneurs drie dingen vragen. Ik wil vragen wat de precieze stand van zaken is in de dossiers zoals voorzien op 8 mei 2009. Ik wil vragen wat volgens hen de slaagkansen zijn om voor elk van die terreinen op provinciaal vlak tot een oplossing te komen. Dat antwoord zou ik graag in de komende weken krijgen. Ik wil ook vragen welke alternatieven zij eventueel zien voor sommige terreinen waarvan ze denken dat die niet kunnen worden gerealiseerd.

Ik wil ook de motorcrossers zelf hierbij betrekken. Om een draagvlak te creëren, moeten zij natuurlijk ook mee bekijken hoe dit kan. Ze moeten bekijken welke bijdrage ze kunnen leveren. Dan denk ik aan de aard van de motors en weet ik veel wat. Ik noem maar wat. Wat kunnen zij doen om een oplossing te vinden voor dat draagvlak, dat vandaag toch wel onvoldoende groot is?

Dat zal ik nu op korte termijn doen, zodat we voor het einde van het jaar weten waar we staan. Ik zal niet vooruitlopen op de conclusies die we zullen trekken uit deze besprekingen, uit het overleg met de gouverneurs en hun antwoorden, uit de elementen die de motorcrossers zullen aanbrengen. Ik zal bekijken welk initiatief moet worden genomen om snel tot een oplossing te komen.

Ik moet eerlijk zeggen: wat de snelheid betreft, houd ik mijn hart vast. Ik ga ervan uit dat ook mijn voorgangers met veel animo en veel kracht hebben geprobeerd dat te realiseren. Ze hebben er zeven jaar over gedaan om te staan waar we vandaag staan. Een draagvlak creëren we niet een-twee-drie. Hier en daar moeten er plannen worden gewijzigd. Dat alles vraagt tijd. Ik verbind me er wel toe om zeer snel te bekijken wat we kunnen bereiken.

Ulla Werbrouck

Mijnheer de minister, ik ben blij dat u toch uw engagement tegenover ons verwoordt. De motorcrossers vragen geen tien terreinen per provincie. Ze zouden al heel tevreden zijn met één terrein. Ik denk dat u toch wel eens de provincies op de vingers moet tikken. Zo weigert Oost-Vlaanderen een locatie vast te leggen op het provinciaal ruimtelijk plan, zelfs niet voorwaardelijk. U zult met die mensen praten. Ik vind dat u hen op de vingers moet tikken. U moet hen duidelijk maken dat Vlaanderen die beslissing heeft genomen, dat we die ambitie hebben om dat te realiseren. Er is inderdaad nog heel veel werk aan de winkel. Misschien moeten die zware regels in Vlaanderen toch ook wel een klein beetje worden gewijzigd.

Mijnheer de minister, ik hoop dat ik uit uw antwoord mag afleiden dat u ‘ja’ zegt op mijn vraag, dus dat u inderdaad wilt voorzien in minimaal één motorcrossterrein per provincie. Ik heb nog een bijkomend vraagje. Ziet u een mogelijkheid om dat eventueel te doen in havengebieden, in grote industriegebieden, en op voormalige militaire domeinen? Het geluid van de motoren verdrinkt er immers in het geluid dat er al is in die gebieden.

U hoopt dat ook de motorcrossers inspanningen zullen doen om het lawaai en de uitstoot te reduceren. Ik kan bevestigen dat zij al aanzienlijke inspanningen hebben geleverd.

Carl Decaluwe

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik ben ook tevreden met uw engagement om de motorsport toch enige toekomst te geven. Er is nog een overlegronde met de provincie en anderen nodig. Als die kort en concreet is, heb ik daar geen enkel probleem mee. Mevrouw Werbrouck verwijt de provincies een en ander. De provincie die ik goed ken, heeft echter alle mogelijke inspanningen gedaan om dat maatschappelijk draagvlak te vinden. Dat is tot op heden niet gelukt. Als het gaat over Oost- en West-Vlaanderen, gaat het echter over concrete havengebieden, waarbij het havenbestuur en de motorcrossverenigingen akkoord gaan. Als mijn informatie klopt, zouden ook de provincies akkoord gaan, maar wordt gezegd dat dit nog eens met Bloso moet worden bekeken, en dat er nog andere dingen moeten worden bekeken. U kunt met iedereen op vrij korte termijn overleggen.

Maar dan verwacht ik van u een concreet stappenplan per provincie voor de effectieve aanpak. We mogen de motorcrossers niet nog jaren voor de zot houden.

De voorzitter

Normaal gezien mogen slechts vijf sprekers aansluiten. Ik zal het reglement moeten overtreden als er zo veel leden het woord willen krijgen. Ik zal dat uitzonderlijk toestaan. We moeten dat op het Uitgebreid Bureau nog eens bespreken.

De heer Sauwens heeft het woord.

Johan Sauwens

Ik dank u voor uw antwoord, mijnheer de minister. Ik ben blij dat u de gouverneurs bij u roept. Zij zijn daar jaren mee bezig geweest. De gouverneur van Oost-Vlaanderen is een ex-lid van dit parlement en van de commissie Sport. Hij was daar een hevig pleitbezorger voor meer ruimte voor sport. Toen hij amper een half jaar gouverneur was, zei hij dat er in zijn provincie geen plaats was voor motorcrossterreinen. Dat illustreert wat een moeilijk discussie dit is. Ik denk dat de keuze om de hete aardappel door te schuiven naar de provincies – zoals uw voorganger deed – een heilloze keuze is.

Ik denk dat Vlaanderen, wij dus, moet beslissen of er nog ruimte is, en of we nog ruimte willen creëren voor deze populaire sport. Mijn antwoord is ja. Dus moeten wij daar de verantwoordelijkheid voor nemen via een GRUP. Er bestaan kaarten – mee opgesteld door de milieubeweging – van de ruimtes die zouden kunnen dienen voor dit soort sporten. We zouden er deze legislatuur moeten in slagen daar iets aan te doen. Eric Geboers zei heel treffend dat er in zijn tijd meer dan vijftig terreinen waren en nu hoop en al nog enkele. Dat is nochtans niet zo lang geleden. We zullen dringend moeten ingrijpen.

Ik betreur de beslissing over Neeroeteren. Dit soort negatieve beslissingen op basis van de bestaande regelgeving is in feite gemakkelijk. Destijds waren er in alle Vlaamse gemeenten stortplaatsen. We hebben voor alternatieven zoals containerparken gezorgd. Ik pleit ervoor dat we in deze legislatuur samen de verantwoordelijkheid nemen om die ruimtes te creëren. We mogen ons niet laten leiden door iedere tegenkanting en het dossier sluiten, zoals tot nu toe gebeurd is.

De voorzitter

De heer Caron heeft het woord.

Bart Caron

Mijnheer de minister, ik ben blij dat u iets wil doen aan het probleem. Zoals u zegt, sleept het al zeven jaar aan. Een van de fundamentele hinderpalen is dat er geen draagvlak is op die plaatsen waar motorcrossterreinen eventueel aangelegd kunnen worden.

De beslissing van 8 mei bevat een voorstel van uw voorganger. U bent toevallig ook minister van Ruimtelijke Ordening. Het voorstel van uw voorganger luidde om te laten onderzoeken – de heer De Loor heeft er al naar verwezen – of er op industrie- en havengebieden en brownfields motorcrossterreinen mogelijk zijn. Wij steunen dat voorstel. Men kan beter voor plaatsen kiezen waar al verstoring bestaat. Wij zijn vragende partij om die lawaaierige sport – maar laten we dat breed interpreteren – een plaats te geven in de maatschappij zodat ze niet plaatsvindt op plaatsen waar ze ongepast is. We willen zulke sporten richten.

Ik hoop dat deze regering wel de moed heeft, in tegenstelling tot de vorige, om voor die lawaaierige sporten terreinen te creëren in industrie- en havengebieden en op brownfields. Natuurlijk vindt u geen draagvlak in natuur- of recreatiegebied. Laat ons dat wijs en verstandig verbreden. Ik ben er haast zeker van dat we in elke provincie een goede oplossing vinden.

De voorzitter

Mevrouw Vissers heeft het woord.

Linda Vissers

Mijnheer de voorzitter, collega’s, een paar weken geleden heb ik al een vraag gesteld over dit thema. Vrijdag was ik ook aanwezig bij de persconferentie en heb ik deelgenomen aan de mars voor meer motorcrosscircuits. Nu hoor ik de minister pleiten voor één circuit per provincie. In 2002 had de Vlaamse Regering het nog over minimum twaalf en maximum vijftien motorcrosscircuits in Vlaanderen. Mijnheer de minister, de eis van de betogers die u hebt ontvangen, is om die beslissing nu onverwijld uit te voeren en er niet langer mee te wachten. Dat is overigens ook het standpunt van onze fractie.

De heer Decaluwe heeft al opgemerkt dat de betoging van vrijdag werd gehouden naar aanleiding van de plotse sluiting van het motorcrossterrein Waterloos in Neeroeteren. Ik wil me dan ook even richten tot mevrouw Werbrouck. U bent niet van Limburg, mevrouw Werbrouck. Ik ben blij dat u vandaag pleit voor het behoud van de motorcrossterreinen, maar u realiseert zich toch wel dat uw partij, Lijst Dedecker, de oorzaak is van de sluiting van het terrein Waterloos in Neeroeteren? (Applaus bij het Vlaams Belang)

U hebt vrijdag, onmiddellijk na de betoging, een perscommuniqué verspreid. Een van de initiatiefnemers heeft daarop de volgende reactie gegeven: “Dit is zonder meer een bijzonder hypocriete en hermafrodiete houding van een partij die er in haar eigenste persoon juist de oorzaak van is dan een van Vlaanderens meest prestigieuze circuits vandaag klinisch dood is.” Ik kan nog verder gaan, maar ik bespaar u dat, mevrouw Werbrouck. (Rumoer)

In de Limburgse provincieraad lag een gewestplanwijziging voor, die door de unanieme provincieraad is goedgekeurd, behalve door de twee raadsleden van LDD. Hadden zij geen bezwaar ingediend, dan zou er op dit moment nog altijd een motorcrossterrein zijn, want het heeft een milieuvergunning tot 2012. Uw partij heeft dus voor een groot deel schuld aan de sluiting van dit terrein. Ik hoop dat u zich dat realiseert. (Applaus bij CD&V, het Vlaams Belang en de N-VA)

De voorzitter

De heer Van Dijck heeft het woord.

Mijnheer de voorzitter, collega’s, deze problematiek is hier al vele jaren aan de orde. In het tijdspad waarin we getracht hebben naar oplossingen te zoeken, zijn er inderdaad al heel wat ministers van Sport en commissies Sport gepasseerd en zijn er al heel wat resoluties goedgekeurd.

Ik wil in dit debat maar twee kernboodschappen meegeven. Mijnheer de minister, de manier waarop u dit dossier verder wilt aanpakken, is goed en moet perspectieven kunnen bieden. Ik wil ook een oproep doen, in plaats van elkaar met de vinger te wijzen. We hebben deze resoluties in het verleden goedgekeurd, over de partijgrenzen heen. Die boodschap dragen we niet alleen uit naar onze huidige minister van Sport, maar ook naar onze partijgenoten, waar ook op het terrein zij verantwoordelijkheid dragen.

Als er in het verleden meerdere crossparcours waren, waren dat vaak parcours die over geen enkele vergunning beschikten en die gedoogd werden. Pas op het moment dat men de puntjes op de i is gaan zetten, is men begonnen met sluitingen en is men naar oplossing moeten gaan zoeken. Ik wil dan ook een oproep doen aan de provincies en de lokale besturen om mee te werken. Als dat geen zoden aan de dijk brengt, mijnheer de minister, kan het in laatste orde inderdaad aangewezen zijn dat wij als Vlaams Gewest de verantwoordelijkheid op ons nemen.

De voorzitter

De heer Gysbrechts heeft het woord.

Peter Gysbrechts

Mijnheer de voorzitter, collega’s, ik sluit me voor een stuk aan bij de uiteenzettingen van de vorige sprekers, maar de vraag die vandaag aan de orde is, is eigenlijk geen actuele vraag. Ik ben heel blij dat ze wordt gesteld, maar dit probleem gaat heel ver terug.

We zaten in 2001 met de sluiting van een omloop in Westerlo. En dat was de start van de problematiek. Deze problematiek is enkele weken terug opnieuw in de commissies besproken naar aanleiding van de sluiting van de omloop van Neeroeteren. In zeven jaar is er van alles gebeurd. Men heeft met zoekzones gewerkt en uiteindelijk waren de locaties bekend.

Dan is het nu inderdaad tijd om de problemen aan te pakken en zeker niet om de aandacht te verslappen, mijnheer de minister. Tot hier toe hebt u dat nog niet gedaan, maar er zal politieke moed aan te pas komen om knopen door te hakken. De minister moet echt de ambitie koesteren om er iets aan te willen doen. Ik hoor graag spreken van overleg met de drie kabinetten. Dat doet men al zeer lang. Het gesprek met de gouverneurs is ook een stap in de goede richting. Maar dan mogen we niet alleen luisteren naar wat de gouverneurs te zeggen hebben of wat de deputaties vertellen.

De heer Decaluwe kan een provincie in zijn gedachten hebben waar men inderdaad stappen heeft gezet. In verschillende provincies blijven de dossiers echter liggen. Dat feit moet men krachtdadig aanpakken. Er is een krachtdadige aanpak nodig en niet alleen maar een aanpak van vragen stellen maar druk zetten. Neem dit zeker mee, mijnheer de minister, de twaalf omlopen zijn zeker nodig.

De voorzitter

De heer Vanden Bussche heeft het woord.

Marc Vanden Bussche

Er wordt nu op LDD geschoten, maar ik herinner er u aan dat LDD al een oplossing had voorgesteld nog voor LDD bestond. (Applaus)

Dat was in het jaar 2002. Dat is al gezegd. Het heeft de provincie West-Vlaanderen ertoe gebracht om een belofte te doen zoals alle provincies. We hebben ons met de gemeente Koksijde kandidaat gesteld om een oefenterrein te organiseren. Daarvoor was de nodige draagkracht in ons schepencollege aanwezig. Dat punt zou erdoor komen. Tot onze grote verwondering werden wij door de provincie niet geselecteerd. Er waren door de provincie twee plaatsen geselecteerd: Ieper en Jabbeke.

Nadien bleek dat daar geen draagkracht aanwezig was. Er waren destijds 35 afwegingscriteria vooropgesteld. Ik denk aan bijvoorbeeld de afstand van woonkernen om lawaaihinder te vermijden, de juiste zones en zo meer. Wij zaten in de juiste stedenbouwkundige zone, dat was allemaal in orde. Toch werd Koksijde niet in aanmerking genomen, echter veeleer uit politieke overwegingen. De conclusie die men daaruit kan trekken, is dat men veel beter met de lokale niveaus kan werken. Er zijn al tussenkomsten naar voren gebracht waarin werd gesteld dat het heilloos is om opnieuw met de provincies te werken. Veel beter is het zich rechtstreeks tot de steden en gemeenten te richten.

Men zou verwonderd staan kijken in steden en gemeenten te constateren dat er wel degelijk een draagkracht aanwezig is om tot oplossingen te komen. U bent er als minister van Sport en Ruimtelijke Ordening zeer goed voor geplaatst. Het gaat hier immers vooral om een probleem van ruimtelijke ordening. U zou twee vliegen in één klap slaan.

De voorzitter

Minister Muyters heeft het woord.

Ik heb niet gezegd dat er een per provincie was. Ik heb verwezen naar 8 mei 2009. In de commissie werd deze vraag ook al gesteld. Op 8 mei 2009 koos men voor 4 terreinen in Limburg, 3 in Antwerpen, 1 in West-Vlaanderen en 1 in Oost-Vlaanderen.

De locaties waren voorzien, men zou ze onderzoeken. Ik wil weten wat de stand van zaken nu is. Ik wil aan de gouverneurs maar ook aan de motorcrossers zelf vragen of ze alternatieven hebben. Ik zal het aan de vijf gouverneurs vragen want voor mij mag ook de vijfde gouverneur voorstellen lanceren. Ik wil daar alle kansen voor openhouden.

Als daar geen resultaat uit voortvloeit, zal ik verder zien wat er moet gebeuren. Laat ons stap voor stap te werk gaan. Voor het einde van het jaar verwacht ik de voorstellen van de gouverneurs, hetzij voor de terreinen die al waren afgesproken, hetzij voor nieuwe voorstellen. Dat is mijn plan.

Ulla Werbrouck

Wij van LDD voelen ons zeker niet verantwoordelijk voor de sluiting van het terrein in Neeroeteren. Het is niet onze schuld. Het is de schuld van de Vlaamse regelgeving. Er is een persoon naar de Raad van State gestapt en dat is inderdaad een LDD’er, maar hij heeft dat in persoonlijke naam gedaan. Hebben jullie aan ieder actiecomité al eens gevraagd welke politieke partij ze aankleven? Er zullen er tussen zitten van CD&V, N-VA en Vlaams Belang. Daar ben ik van overtuigd. Dat is ook zo.

De mensen die tegen hebben gestemd in de provincieraad waren leden van jullie partij! Dat waren mollen van het Vlaams Belang! (Rumoer)

Mijnheer de minister, zorg dat die motorcrossterreinen er komen. (Applaus)

De voorzitter

Mevrouw Werbrouck, proficiat! Voor de eerste keer was dat een schitterend optreden. Ik heb niet veel van plankenkoorts gemerkt.

Mijnheer de minister, ik volg dit dossier al enkele jaren. In tegenstelling tot wat sommige collega’s laten uitschijnen, kan ik bevestigen dat de vorige minister van Sport zeer grote stappen in de goede richting heeft gezet. Ik hoop dat u die stappen voortzet op korte termijn. Als we de rijke motorcrosstraditie van ons land hoog willen houden, hebben we die motorcrossterreinen om te oefenen broodnodig. No time to waste.

Carl Decaluwe

Bedankt voor het concrete antwoord, mijnheer de minister. Hopelijk is er witte rook voor het einde van het jaar. Men moet alle inspanningen doen om er zoveel mogelijk mensen achter te krijgen, maar vergis u niet. Is er vandaag in Vlaanderen nog wel een maatschappelijk draagvlak tout court voor eender wat? Als er voor het einde van het jaar ook van de gouverneurs niets komt, moeten we zelf op het gewestelijk niveau onze verantwoordelijkheid nemen. Er is al veel voorbereid. Het is geweten waar de mogelijke plaatsen zijn. Dan moet u uw verantwoordelijkheid nemen.

De voorzitter

Mijnheer Watteeuw, er hebben zes fracties het woord gevoerd. Gisteren is in de commissie Reglement en Samenwerking beslist dat het reglement in die zin zal worden aangepast. Ik heb niet meer dan één spreker per fractie het woord gegeven.

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.