U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 28 oktober 2009, 14.07u

van Hermes Sanctorum-Vandevoorde aan minister Joke Schauvliege
44 (2009-2010)
De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde

Mevrouw de minister, het is al langer dan vandaag geweten dat de overcapaciteit van verbrandingsovens een bedreiging vormt voor afvalrecyclage in Vlaanderen. De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) trekt vandaag terecht aan de alarmbel.

Er zijn zes lopende dossiers, dossiers die zullen worden ingediend of al zijn ingediend, in verband met bijkomende capaciteit voor afvalverbranding. Er is trouwens één concreet dossier, namelijk de uitbreiding van Indaver in Beveren, waarmee u waarschijnlijk binnenkort te maken zult krijgen, als men in beroep gaat tegen een eventuele beslissing van de bestendige deputatie. Ongetwijfeld kunt u een belangrijke rol spelen bij de vraag of er een milieuvergunning zal komen voor een bijkomende afvalverbrandingsoven.

De overcapaciteit van die eventuele bijkomende afvalverbrandingsovens zorgt voor problemen en negatieve effecten. Ten eerste is er de vervuiling. Ik heb zelf jarenlang onderzoek gedaan naar dioxines. Mevrouw de minister, in navolging van wat u deze ochtend in een interview zei, ik weet wel degelijk waarover ik het heb. De afvalverbrandingsovens zijn qua dioxine-uitstoot enorm verbeterd. De nieuwe installaties zijn veel beter dan de oude. Maar is er nog altijd een probleem van fijn stof, bijvoorbeeld.

Twee, de hoge investeringskosten van die bijkomende afvalverbrandingsovens worden vaak doorgerekend aan de afvalintercommunales en komen dus uiteindelijk terecht bij de burger.

Drie, bijkomende afvalverbrandingsovens doen de tarieven kelderen. Daardoor wordt afvalrecyclage ontmoedigd. Dat staat in schril contrast met datgene waar we allemaal achter staan en dat u ook stelt in het regeerakkoord, namelijk het cradle-to-cradleprincipe. Afval wordt grondstof en het verbranden van nuttig afval is verspilling.

Mevrouw de minister, wat gaat u daarmee doen? Gaat u een eventueel voorlopig moratorium afkondigen voor bijkomende capaciteit voor afvalverbrandingsovens in Vlaanderen?

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Mijnheer Sanctorum, als ik een vraag krijg voor een milieuvergunning voor bijkomende capaciteit voor verbranding van huishoudelijke afvalstoffen, zijn er criteria op basis waarvan wij daarover moeten oordelen. Er is een uitvoeringsplan betreffende het milieuvriendelijk omgaan met huishoudelijke afvalstoffen. Het is goedgekeurd op 14 december 2007. Daarin staan duidelijke criteria. Die criteria zijn meegenomen en versterkt - dat wil ik benadrukken - in het regeerakkoord en in mijn beleidsnota.

Welke zijn de criteria ter beoordeling van een aanvraag? Eerst en vooral is dat de milieu-impact op de omgeving. De beste beschikbare technieken moeten worden toegepast. Een tweede aspect is het transport van de afvalstoffen en de impact op de omgeving. Verder is er de vraag of de vrijgekomen warmte en energie nuttig kunnen worden aangewend. We willen ook monopolievorming voorkomen. En natuurlijk willen we alles met respect voor het Europese kader inzake afvalverbranding realiseren.

Het uitvoeringsplan dateert van 2007. In dat plan is sprake van een mogelijke extra uitbreidingscapaciteit van 300.000 ton. Er staat wel uitdrukkelijk bij dat dit moet worden geëvalueerd en opgevolgd. Op dit ogenblik is er één aanvraag, van Indaver. Ik ken er geen andere. Indaver heeft bij de provincie Oost-Vlaanderen een aanvraag ingediend. De deputatie moet daar een uitspraak over doen. Als er een beroepsprocedure wordt opgestart, zal ik door dat dossier worden gevat. Als beroepsinstantie zal ik daarover dan een uitspraak moeten doen, en ik kan nu dus moeilijk daarop vooruitlopen.

Die criteria zijn de eerste toetsstenen, maar ik zal verder ook voldoende aandacht besteden aan het feit dat we volledig moeten inzetten op preventie: op het voorkomen van afval en duurzaam materiaalbeheer. U had het daar ook over, toen u het over het cradle-to-cradleprincipe had. Dat zijn dus de criteria die ik zal hanteren als ik door het dossier zal worden gevat.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde

Mevrouw de minister, ik heb hier niets nieuws gehoord. Ik ken de inhoud van het uitvoeringsbesluit over huishoudelijke afvalstoffen. Ik wil vooraf toch benadrukken dat het eigenlijk verouderd is, want het cradle-to-cradleprincipe is daarin niet geïntegreerd. De hoeveelheid te verbranden afval is dus fel overschat.

Ik verwacht van u iets concreets. U zegt, zoals ook in het Vlaams regeerakkoord en in uw beleidsnota staat, dat u achter het cradle-to-cradleprincipe staat. Maar dat is onvoldoende. De vraag is wat u gaat doen. De vraag is heel concreet of u de extra capaciteit aan afvalverbrandingsovens zal tegenhouden. Wij vragen dat u concrete maatregelen neemt.

De voorzitter

Mevrouw Van den Eynde heeft het woord.

Marleen Van den Eynde

Ik ben erg blij dat de collega dit probleem aankaart. In de commissie is al verscheidene keren de zaak besproken. U zegt dat u inmiddels één aanvraag hebt ontvangen. U weet echter ook dat verschillende verbrandingsovens van plan zijn een nieuwe milieuvergunning aan te vragen. ISVAG, Bionerga in Houthalen en de oven in Kampenhout willen een nieuwe vergunning. Voor al die plannen is geen maatschappelijk draagvlak. De recyclagesector luidt de alarmbel - bij ons, maar ook in Nederland. De sector meldt dat er een overcapaciteit is, waardoor het verbranden van afval goedkoper wordt dan het recycleren ervan.

Gisteren hebt u in antwoord op mijn vraag over het recycleren van luierafval gezegd dat momenteel geen systeem bestaat om luiers selectief in te zamelen. Nochtans bestaat 10 percent van ons restafval uit luiers. Zo'n systeem is nodig, want wat vandaag gebeurt, staat haaks op de principes van de Ladder van Lansink - principes die de opeenvolgende Vlaamse regeringen hebben nagestreefd en waarbij men eerst denkt aan preventie, dan hergebruik en recyclage, en ten slotte verbranden en storten. Als deze Vlaamse Regering geen moedig initiatief neemt, dan zal deze aanpak waar we al zo lang aan werken, onderuit worden gehaald.

Mijn vraag is deze. U spreekt over één oven. Als nu blijkt dat er toch een overcapaciteit inzake verbranding is, zult u dan toch een milieuvergunning toestaan voor bijkomende ovens?

De voorzitter

De heer Vanden Bussche heeft het woord.

Marc Vanden Bussche

Ik wil even meekwelen met de heer Sanctorum. Ik sta volledig achter zijn vraag. We hebben de plicht om na te gaan of die capaciteit in kaart wordt gebracht. Er is een capaciteitsgebrek in de verschillende intercommunales, want de gemeenten moeten ervoor betalen. In de intercommunale van de verbrandingsoven in de Westhoek is er overcapaciteit. Het zou nuttig zijn om afspraken te maken om na te gaan hoe dat kan worden opgevuld.

De voorzitter

De heer Callens heeft het woord.

Karlos Callens

Mevrouw de minister, als u antwoordt op de vraag over bijkomende verbrandingsafvalinstallaties, dan hoor ik u graag zeggen dat u rekening moet houden met een aantal criteria. Die slaan hoofdzakelijk op het milieu. Wat ik mis in uw antwoord, is het criterium economie. Als er een vraag wordt gesteld over overcapaciteit van een of ander bedrijf of een industrie, dan moet het onmiddellijke antwoord zijn dat u een heel ernstige studie maakt om te vermijden dat we iets subsidiëren dat voor de helft stilligt. Dat zijn centen van onze mensen. Ik zou willen dat u ook rekening houdt met het economische principe van mogelijke toelatingen.

De voorzitter

De heer Martens heeft het woord.

Bart Martens

Mevrouw de minister, u verwijst naar het uitvoeringsplan huishoudelijke afvalstoffen, waarin een tekort aan verwerkingscapaciteit van zo'n 270.000 ton vooropgesteld wordt. We moeten die zaak herbekijken. De VVSG luidt de alarmklok en zegt dat er een sluipmoord bezig is op de afvalrecyclage wegens de overcapaciteit. Als de economie heropleeft, in welke mate zal het afval dan terugkomen? Wat zal het effect zijn van de omzetting van de Europese kaderrichtlijn Afval? Met die richtlijn voor de secundaire brandstoffen, die na voorbehandeling van huishoudelijk afval kunnen ontstaan, zal de Europese markt opengaan. Misschien zullen we met enorme lekstromen zitten naar het buitenland, dat ook met een overcapaciteit aan verbrandingsinstallaties zit. In het licht van die factoren moeten we de capaciteitsberekening van het uitvoeringsplan herbekijken.

Mevrouw de minister, hoe zult u sturend kunnen werken? OVAM heeft een negatief advies gegeven voor de verbrandingsinstallatie van Indaver, maar de provinciale milieuvergunningscommissie, die de verschillende adviezen overkoepelt, zal een positief advies afleveren. Als er niemand in beroep gaat tegen de vergunning die de bestendige deputatie van Oost-Vlaanderen straks misschien zal afleveren, dan hebt u niets in handen om die zaak tegen te houden of aan te sturen. Hoe gaat u dat bemeesteren?

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

De heer Decaluwe en ik hebben een paar weken geleden in Oostende kennisgemaakt met een nieuw initiatief waar afval wordt verbrand, zij het met een heel hoog rendement. Dat werd alom geprezen als groene energie. Dat roept toch vragen op, want dat afval moet eerst gedroogd worden in de Kempen - of all places -, en wordt dan naar Oostende gebracht. Blijkbaar zou men ook in Bree zo'n centrale willen bouwen. De filosofie is hier dat afval brandstof is. Er zijn dus blijkbaar heel verschillende invalshoeken. Het evolueert ook snel.

Mevrouw de minister, we willen vragen dat u de afweging over wel of geen nieuwe verbrandingsovens grondig gebeurt en dat u goed kijkt naar de best beschikbare technologieën en de wetenschappelijke onderbouwing daarvan. Het zou mij verbazen als de aloude logica, eerst voorkomen, dan recycleren en pas dan verbranden, nu plots onderuit zou worden gehaald.

Mijnheer Sanctorum, ik herhaal wat ik daarnet al zei. Het getal van 300.000 ton capaciteit die er zou kunnen bijkomen, zoals vermeld in het uitvoeringsplan, is aan een actualisatie toe. Dat moet dus geëvalueerd worden. Als ik word gevat door de milieuaanvraag, zal ik daar een actualisatie op toepassen. Dat is zeker en vast een van mijn aandachtspunten.

Mijnheer Sanctorum, als ik een beslissing moet nemen in dit dossier, zal het aspect van duurzaam materialenbeheer zeker een criterium zijn waarop ik die aanvraag zal aftoetsen.

Mevrouw Van den Eynde, u vraagt hoe ik een aantal concrete dossiers zal beoordelen. Wanneer de aanvraag die nu bij de deputatie van Oost-Vlaanderen ligt, aan het Vlaams niveau wordt voorgelegd, dan zal met al die afwegingen rekening worden gehouden. Er zal dan ook een uitspraak gedaan worden over de actualisatie van de bijkomende capaciteit die nodig is in Vlaanderen. Dit is ook een antwoord op de andere aanvragen. Ik kan echter onmogelijk als minister van Leefmilieu die eventueel te maken krijgt met een beroepsprocedure, uitspraak doen over heel specifieke dossiers. Dat zou niet verstandig zijn. Ik heb u echt meegedeeld welke toetsstenen ik zal hanteren om die aanvraag te beoordelen.

Mijnheer Martens, op een aantal van uw vragen heb ik al geantwoord. De actualisatie komt er zeker. Uiteraard is er ook de Europese richtlijn die in Vlaanderen nog moet worden omgezet.

Ongeacht de uitspraak op het vlak van de deputatie verwacht ik dat iemand in beroep zal gaan en dat het dan toch op het Vlaamse niveau zal belanden.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde

Mevrouw de minister, u antwoordt eigenlijk niet op mijn vraag. Ik vroeg of u op dit moment achter een moratorium staat voor bijkomende afvalverbrandingsovens. U spreekt altijd over het reageren op een milieuvergunningsaanvraag. Heel dit halfrond verwacht van u een proactieve aanpak in deze materie.

De groenestroomcertificaten moeten dringend worden uitgezuiverd. Op dit moment gaat nog altijd een deel van de groenestroomcertificaten naar afvalverbrandingsinstallaties. Dat is eigenlijk het omgekeerde van wat we willen bereiken. Op die manier wordt afvalverbranding gestimuleerd en gesubsidieerd. Dit is een van de concrete zaken die u kunt aanpakken. Dat heb ik echter niet teruggevonden in het Vlaams regeerakkoord, noch in uw beleidsnota. (Applaus bij Groen!)

De voorzitter

Mevrouw de minister, ik zie dat u nog wilt reageren maar het reglement laat dat niet toe.

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.