U bent hier

De voorzitter
De vergadering wordt hervat om 14.59 uur.

Wij hervatten de vergadering.

De heer Roegiers heeft het woord.

Jan Roegiers

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, dames en heren, de situatie in het Midden-Oosten is na de verkiezingsoverwinning van Hamas sterk gewijzigd. Eerst was er veel scepticisme over die overwinning, maar enkele weken geleden bleek toch de mogelijkheid te ontstaan dat er een tweestatenformule uit de bus zou komen.

Helaas: op 9 juli werd de wereld opgeschrikt door het Israëlische bombardement op het strand van Gaza. Het beeld van het meisje dat bij dat bombardement haar ouders, broers en zussen verloor, staat in ieders geheugen gegrift. Enkele dagen later volgde een Israëlische raketaanval waarbij nogmaals zeven doden vielen, waaronder twee kinderen. En het hek lijkt helemaal van de dam door de ontvoering van een Israëlische soldaat.

Wat daarop volgde, lijkt niets minder te zijn dan een collectieve strafexpeditie van het Israëlische leger tegen het Palestijnse volk. Bruggen werden opgeblazen, de drinkwaterleidingen werden vernietigd, de enige elektriciteitscentrale van Gaza is vernietigd, de woning van de eerste ministers is gebombardeerd en ministers en parlementsleden zijn gearresteerd.

Laat me duidelijk zijn. Ik keur sommige standpunten en acties van Hamas af. Maar de reactie van Israël is een rechtsstaat onwaardig. In dat verband wil ik herinneren aan de beslissing die de Vlaamse Regering op uw voorstel op 30 september 2005 heeft genomen. Toen heeft de Vlaamse Regering haar standpunt over het Midden-Oosten van 7 december 2001 geactualiseerd. In 2001 werd het volgende gezegd: 'De Vlaamse Regering kan na een periode van relatieve rust haar bilaterale samenwerking met Israël en de Palestijnse Gebieden herzien.'

In 2005 werd dan deze tekst goedgekeurd: 'De Vlaamse Regering beslist om de relaties van directe bilaterale samenwerking met Israël te normaliseren.' Dat staat zo in het vierde punt van de beslissing. Wat Israël vandaag onderneemt, is echter een flagrante overtreding van het internationale humanitaire recht zoals bepaald in de Vierde Conventie van Genève. Ik stel de minister dan ook twee duidelijke vragen. Een: is hij bereid om samen met de Vlaamse Regering een wapenembargo tegen Israël op te starten? En twee, misschien iets gemakkelijker: is hij bereid om op zeer korte termijn - op de ministerraad van aanstaande vrijdag - de beslissing van 30 september 2005 ten minste te bevriezen en terug te keren naar het standpunt dat op 7 december 2001 is ingenomen?

De voorzitter

De heer Glorieux heeft het woord.

Eloi Glorieux

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, dames en heren, 'Wie haat zaait, zal storm oogsten' is de titel van een vrije tribune van een aantal vooraanstaande Vlaamse professoren die gisteren in De Standaard en De Morgen is verschenen. De heer Roegiers heeft al uit die tekst geciteerd. De auteurs vragen zich af of de actie van Israël buiten alle proporties is. Ik denk dat dit in alle opzichten inderdaad het geval is. De Israëlische regering volgt wel heel letterlijk Carl von Clausewitz in zijn opvatting dat oorlog de voortzetting is van de diplomatie met andere middelen.

De vraag is of het in een beschaafde wereld, die toch wordt beheerst door het internationale recht, verantwoord is dat een officiële staat haar toevlucht neemt tot zulke zaken. Als het de legitieme bedoeling is om het leven van de gekidnapte soldaat te redden, dan zijn er andere, veel efficiëntere mogelijkheden dan wat de Israëlische staat nu doet. Israël zal net het tegenovergestelde bereiken en de gematigde krachten in de Palestijnse gebieden zullen zich weer achter de extremisten scharen. Het zal zeker niet bijdragen tot het redden van het leven van de gevangengenomen Israëlische soldaat.

Wat wel zou bijdragen is bijvoorbeeld het opstarten van onderhandelingen over het uitwisselen van gevangenen. Dat is in het verleden heel vaak gebeurd. Men trachtte toen een toenadering tussen de strijdende partijen te creëren. Misschien moet er worden nagedacht of hier geen rol voor Vlaanderen, of nog andere regio's in Europa, is weggelegd. Ik denk bijvoorbeeld aan Schotland of Catalonië, regio's die evenmin over een eigen leger beschikken en dus ook geen bedreiging vormen en net daarom de rol van bemiddelaar kunnen spelen. In dit concrete geval zou kunnen bemiddeld worden tussen Israël en de Palestijnen over het uitwisselen van gevangenen.

Een andere vraag die de professoren in het opiniestuk stellen is of het niet nodig is om dringend een fonds op te richten voor de heropbouw en de vergoeding van de oorlogsschade. Binnenkort moeten wij weer ontwikkelingshulp leveren om het herstellen van kapotgeschoten wegen, bruggen en infrastructuur te betalen, terwijl de Israëlische overheid verantwoordelijk is voor de vernietiging ervan. Zo kunnen we vaststellen dat de zes transformatoren van de enige elektriciteitscentrale zijn kapotgeschoten. Alstom, de bouwer van de centrale, stelde dat het vervangen ervan 15 miljoen dollar zou kosten en drie tot zes maanden kan duren. Wie zal dat betalen?

De eis dat Israël zijn aangerichte oorlogsschade vergoedt, is zeker en vast op zijn plaats. De Zwitserse regering heeft een goed standpunt ingenomen en gesteld dat de Israëlische regering in feite een collectieve straf oplegt aan meer dan 1 miljoen inwoners tegelijk. Dat druist in tegen alle internationale rechtsregels. Ik sluit mij dan ook aan bij de terechte vraag van collega Roegiers.

Daarnaast vraag ik aan de minister om in naam van de Vlaamse Regering deze daden op een kordate en duidelijke wijze af te keuren en officieel aan de Israëlische autoriteiten kenbaar te maken. Het is immers belangrijk dat zij signalen krijgen van zo veel mogelijk overheden en landen dat hun acties absoluut niet door de beugel kunnen.

Ten slotte vraag ik aan de minister of hij bereid is om het voorstel van resolutie, dat in de subcommissie voor Wapenhandel al meer dan een jaar geleden unaniem is goedgekeurd maar ten gevolge van een ongeziene inmenging van de Israëlische ambassade in de moedercommissie voor Economie nooit werd geagendeerd, alsnog uit te voeren. En ook vraag ik de minister en de Vlaamse Regering om, zoals collega Roegiers terecht vroeg, de wapenhandel met Israël op te schorten.

De voorzitter

Minister Bourgeois heeft het woord.

Minister Geert Bourgeois

Ik kan u zeggen dat de regering uw humanitaire bekommernissen deelt. We hebben dat al eerder gezegd in de commissie.

We zijn enorm verontrust door de gebeurtenissen die ginds plaatsgrijpen. Israël reageert disproportioneel op de gebeurtenissen. Er is een grootschalige operatie met grondtroepen aan de gang. Dit is de eerste grootschalige operatie sinds de ontruiming van de Gazastrook. Het is duidelijk dat de Gazastrook gedurende heel die tijd in een wurggreep is gehouden. De grootschalige grondtroepenoperatie gaat met intense bombardementen gepaard. Op sommige plaatsen wordt om de drie minuten gebombardeerd. Ik heb daarnet vernomen dat de Israëlische veiligheidsraad heeft beslist deze acties voort te zetten.

De gevolgen van die acties zijn hier daarnet al geschetst. De essentiële infrastructuur wordt vernield en dan heb ik het nog niet gehad over de psychologische effecten, die zeker voor jonge mensen groot moeten zijn. Zoals de heer Roegiers heeft benadrukt, kunnen we ons evenmin akkoord verklaren met de handelingen van Hamas en van bepaalde Palestijnse groeperingen. Tijdens raketaanvallen zijn verschillende Israëlische burgers gedood. Er is iemand ontvoerd. Het bestand is eenzijdig opgeschort. Hamas weigert nog steeds het bestaansrecht van de staat Israël in duidelijke termen te erkennen.

De vraagstellers vragen zich af of de Vlaamse Regering haar standpunt moet herzien. Ik ben van mening dat dit niet nodig is. Ik vind dat we de grondhouding van de Vlaamse Regering moeten handhaven. Om mijn standpunt te verduidelijken, heb ik de tekst van het regeringsstandpunt van 30 september 2005 meegebracht. Ik zou een passage uit deze tekst willen citeren.

In de beslissing van 30 september 2005 staat het volgende te lezen: 'De Vlaamse Regering schakelt zich in in de multilaterale benadering van het Israëlisch-Palestijns conflict en onderschrijft de standpunten ter zake van de Verenigde Naties en de Europese Unie. De Vlaamse Regering veroordeelt alle gebruik van terrorisme en militaire repressie door de in het conflict betrokken partijen. De Vlaamse Regering bepleit de oprichting van een soevereine, democratische, leefbare en vreedzame Palestijnse staat via onderhandelingen tussen de beide partijen en op basis van de resoluties van de Verenigde Naties. De Vlaamse Regering bepleit een actievere diplomatieke rol in het conflict en waardeert de actuele inspanningen van het Belgisch EU-voorzitterschap ter zake.'

Dit standpunt is sindsdien niet gewijzigd. Gezien de gebeurtenissen die sinds 30 september 2005 hebben plaatsgevonden, is de bilaterale samenwerking met Israël niet hervat. Gezien de weigering van Hamas om het bestaansrecht van Israël te erkennen, zetten we momenteel geen verdere stappen om tot een bilateraal akkoord met Palestina te komen. De toestand is in feite bevroren.

Het standpunt dat de Vlaamse Regering op 30 september 2005 heeft ingenomen, handhaaft uitdrukkelijk de beslissing die de Vlaamse Regering in september 2001 heeft genomen. We hoeven helemaal geen nieuwe positie in te nemen. Ik denk dat ons standpunt heel duidelijk is. We veroordelen een aantal zaken.

Ik deel de bekommernis van de vraagstellers. Op een of andere manier moet de internationale gemeenschap een vreedzame oplossing vinden. We moeten naar coëxistentie blijven streven. Zoals ik in mijn antwoord op een vroegere interpellatie al heb verklaard, onderschrijf ik de krijtlijnen van het EU-beleid. De EU gaat voorzichtig te werk en schenkt aandacht aan de fundamentele mensenrechten van het Palestijnse volk. De Vlaamse Regering levert een bescheiden bijdrage. Onze indirecte humanitaire hulp wordt voortgezet. De heer Glorieux kent de projecten waarover het gaat. Indien we een actievere rol in het vredesproces zouden kunnen spelen, zouden we dit gerust willen doen. We moeten echter bescheiden blijven. Gezien de moeilijke omstandigheden, speelt de EU een verstandige rol. Laat ons hopen dat we, daar waar het mogelijk is, ook een bijdrage kunnen leveren.

Jan Roegiers

Ik dank de minister voor zijn antwoord, maar ik ben het niet helemaal met hem eens. De minister beroept zich op de regeringsbeslissing van 30 september 2005. Aangezien de bilaterale contacten niet zijn hernomen en de Palestijnse autoriteiten de staat Israël nog steeds niet hebben erkend, bevinden we ons volgens hem in een bevroren situatie.

Als de situatie op dit ogenblik zo is, waarom kunnen we die dan niet officieel bekrachtigen en die beslissing van 30 september opnieuw bevriezen. Dat zou een veel duidelijker en krachtiger signaal zijn ten aanzien van de Israëlische regering dan ons neerleggen bij de situatie zoals die vandaag is. Voor mij hoeft het geen beslissing te zijn die maanden wordt gehandhaafd, maar tot het tegendeel is bewezen en we een gewijzigde situatie krijgen, denk ik dat het beter is om zeer formeel de beslissing van 30 september terug te schroeven en te bevriezen.

Eloi Glorieux

Mijnheer de minister, ik dank u voor het antwoord. U stelt terecht dat Vlaanderen zich enigszins bescheiden moet opstellen, maar ik merk toch dat een land als Noorwegen, dat minder inwoners telt dan Vlaanderen, in het verleden wel een actieve rol heeft gespeeld in dit conflict. Waarom zouden wij dat dan niet kunnen doen?

Ik zal mijn concrete vraag herhalen, want ik denk dat u er niet op hebt geantwoord. Bent u bereid om duidelijk een officiële afkeuring kenbaar te maken aan de Israëlische autoriteiten namens de Vlaamse Regering? Indien u daartoe bereid bent, vraag ik me af hoe en wanneer u dat zult doen.

Minister Geert Bourgeois

Mijnheer Glorieux, ik denk dat ik de Israëlische acties heel duidelijk heb veroordeeld. Ik heb dat hier officieel op de tribune gedaan voor de vertegenwoordigers van het Vlaamse volk.

Mijnheer Roegiers, eigenlijk bevriezen we de uitvoering van die beslissing. Op dit ogenblik ben ik ook geen voorstander van de optie om te komen tot een samenwerkingsakkoord met de Palestijnse staat. Ik verkies momenteel een bevriezing van de uitvoering van dit akkoord boven het formeel herroepen ervan.

Noorwegen heeft inderdaad een heel actieve vredesrol gespeeld, maar dat gebeurde in de grootste geheimhouding. Indien we zelf een rol kunnen spelen, zullen we dat doen. Indien er een betere situatie ontstaat, wil ik ook werk maken van het tweede deel van dit akkoord en tot een samenwerkingsakkoord komen. Ik wil de beslissing van 30 september op dit ogenblik niet herroepen.

Eloi Glorieux

U zult zelf hierover dus geen contact opnemen met de Israëlische ambassade. Dan moeten we het verslag van dit vragenuurtje opsturen naar de Israëlische autoriteiten opdat ze het standpunt van de Vlaamse Regering zouden kennen. Dat lijkt me eigenaardig, maar goed, indien het niet anders kan…

De voorzitter

Het incident is gesloten..

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.