U bent hier

De voorzitter

Mevrouw Vogels heeft het woord.

Mieke Vogels

Mijnheer de voorzitter, mevrouw de minister, mijnheer de minister, collega´s, er is goed nieuws en er is minder goed nieuws. Het goede nieuws is dat na jaren aandacht voor de eigenaar, de huurder opnieuw wordt ontdekt. De politieke wereld ziet eindelijk in dat er een probleem is op de privé-huurmarkt.

Het minder goede of slechte nieuws is dat er met losse flodders wordt geschoten. Eerst kwam minister voor Justitie Onkelinx met een niet-overlegd huurvoorstel om de huurprijzen tijdelijk te blokkeren. Gisteren was het de federale minister zelf, die de huurder ontdekte. Hij kwam met een nieuw voorstel om een fiscale aftrek toe te staan voor eigenaars die hun woning willen renoveren. Tegelijkertijd trok hij de Vlaamse Regering mee het bad in door te stellen dat zij best ook met huursubsidies van start zou gaan.

Dat is merkwaardig, want op het moment dat minister-president Leterme in een zeer mooi Frans met zijn Waalse collega discussieerde over de striptease de la Belgique werd hij door de federale eerste minister in zijn blootje gezet toen hij het over het woonbeleid had. Hij laat zich door de federale regering uitkleden. Hij vergist zich als hij met minister-president Di Rupo gaat spreken. Het is de federale eerste minister die komt vertellen hoe in Vlaanderen het woonbeleid gestalte moet worden gegeven.

Dat kan prettig zijn, maar het is eigenlijk vooral erg voor de steeds groter wordende groep van huurders die op de private huurmarkt terecht moeten. Ik weet niet of u het weet, maar meer dan 20 percent van die huurders betaalt minstens 33 percent van zijn inkomen enkel aan naakte huur. Uit mijn OCMW-praktijk weet ik dat we week na week meer uitdrijvingen hebben, meer mensen die een huurwaarborg komen lenen en dergelijke. Er is dus inderdaad een groot probleem. Ik zou zeggen dat het vijf voor twaalf is. Het is een uitdaging voor de Vlaamse Regering, die eigenlijk heel veel bevoegdheden heeft die met wonen te maken hebben, om niet morgen maar vandaag met een noodplan te komen om iets te doen aan de precaire situatie van de huurders die op de private huurmarkt terechtkomen. Mijnheer de minister, ik had graag geweten wat u denkt over de federale voorstellen, aan de ene kant een blokkering van de huurprijzen en aan de andere kant de huursubsidies, eventueel gecombineerd met fiscale aftrek voor renovatie. Ik wil er direct aan toevoegen dat het niet of/of maar en/en zal zijn. Ik hoop dat de Vlaamse Regering niet in de val loopt en, onder het mom van een kleine verbetering voor de huurder, eigenlijk twee maal de verhuurder of de eigenaar subsidieert, een keer door de fiscale aftrekbaarheid van de renovaties en een tweede keer door huursubsidies. Als u niets doet aan de huurprijzen zelf, dan maakt u eigenlijk de verhuurder en niet de huurder rijker. Met andere woorden: ik nodig zowel de minister van Wonen als het Vlaams Parlement uit om het debat te voeren over het voorstel dat wij hebben ingediend, over een slimme aanpak van die huurrichtprijs. Dat voorstel houdt deels rekening met de markt en beschermt tegelijkertijd de huurder: huursubsidies zorgen ervoor dat die huurder onder betere voorwaarden meer kwalitatieve woningen kan huren.

Mijnheer de minister, wat is uw reactie op de twee voorstellen van de federale excellenties? Wanneer mogen wij uw dringend plan verwachten om iets te doen aan de steeds erger wordende situatie van de huurder op de private huurmarkt?

De voorzitter

De heer Vandenbroucke heeft het woord.

Joris Vandenbroucke

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega's, in 2003 verscheen er een studie genaamd 'Op weg naar een Vlaamse huursubsidie'. Daarin stonden de volgende cijfers. Ongeveer 70.000 mensen stonden op dat moment op de wachtlijst voor een sociale huurwoning en ongeveer 110.000 anderen zouden daarvoor in aanmerking kunnen komen. Met andere woorden: op dat moment waren er 180.000 Vlamingen op zoek naar een betaalbare en kwaliteitsvolle huurwoning. In een ideale wereld zouden we het probleem snel kunnen oplossen door extra te investeren in sociale woningen, maar de middelen daarvoor zijn uiteraard niet zo groot. We moeten dus kunnen rekenen op de private huurmarkt, maar daar stelt zich het probleem van de betaalbaarheid en de kwaliteit.

Mijnheer de minister, u beschikt al over een aantal instrumenten om een antwoord te bieden op de prangende situatie. Enerzijds is er de Vlaamse huursubsidie, die eigenlijk een soort verhuissubsidie is, maar waarbij het slechts gaat om 2000 dossiers per jaar. Anderzijds zijn er de 2800 woningen, die door de 37 erkende sociale verhuurkantoren worden aangeboden op de markt. Dat aantal stijgt met ongeveer 400 per jaar. Dat is eigenlijk veel te weinig om de grote nood te lenigen en dus is er behoefte aan een omvattende aanpak.

Net als mevrouw Vogels ben ik verheugd over het feit dat een aantal federale excellenties oplossingen naar voren trachten te schuiven. Eerst was er het linkse voorstel van minister Onkelinx om de huurprijzen in een aantal regio's te bevriezen. Nu is er het liberale antwoord van de premier, die vindt dat eigenaars een bijzondere fiscale aftrek voor de renovatie van woningen moeten kunnen genieten, op voorwaarde natuurlijk dat ze hun huis vervolgens verhuren aan een matige huurprijs en dat het gecombineerd wordt met gewestelijke huursubsidies. Mijnheer de minister, we juichen de voorstellen toe, maar zoals dat met zoveel zaken het geval is, ligt het ideale antwoord in het midden, en dat is het links-liberale voorstel van spirit. We zijn ook een voorstander van meer kwaliteit op de private huurmarkt en pleiten dus ook voor een verhoogde fiscale aftrek voor renovatiekosten.

De woningen van deze eigenaars moeten dan wel binnen het systeem van de huurprijsmaxima passen en de huurders moeten aan een bepaald sociaal profiel voldoen. Op die manier kunnen we de nood lenigen en de druk op de sociale huisvesting verlichten.

Mijnheer de minister, wat vindt u van het voorstel van de premier? Hoe denkt u dit systeem van huursubsidies tot stand te brengen? Hoe zult u het prijsverhogend effect opvangen? Bent u bereid om de premier te vragen om, naast een systeem van huursubsidies, ook huurprijsmaxima in te voeren?

De voorzitter

Mevrouw Guns heeft het woord.

Dominique Guns

Mijnheer de voorzitter, de VLD pleit reeds geruime tijd voor de invoering van een huursubsidie. Door middel van huursubsidies willen we sociale bescherming bieden zonder de Vlaamse overheid te verplichten in bakstenen te investeren. Huursubsidies vormen bovendien een zuinige en snelle manier om een actueel probleem, namelijk de wachtlijsten in de socialehuisvestingssector, aan te pakken. Volgens ons zullen huursubsidies geen verstorend effect op de markt hebben. Bovendien zullen ze mensen met een bescheiden inkomen op een administratief eenvoudige manier aan een kwalitatief goede woning op de privé-markt helpen.

Mijnheer de minister, naar aanleiding van het pleidooi van de premier hebt u gisteren een communiqué verspreid. In dat communiqué staat te lezen dat u, als minister van Wonen, in de meerjarenbegroting reeds budgetten voor huursubsidies hebt ingeschreven. Bovendien blijkt uit diezelfde meerjarenbegroting dat die budgetten jaarlijks enorm stijgen.

Mijn vragen zijn dan ook kort en eenvoudig. Hoe wilt u het systeem van een algemene huursubsidie gestalte geven? Wanneer zal dit systeem volgens u op kruissnelheid zitten?

De voorzitter

Minister Keulen heeft het woord.

Mijnheer de voorzitter, het is evident dat ik achter het voorstel van de premier sta. Zijn voorstel om de renovatiewerken aan privé-huurwoningen fiscaal aftrekbaar te maken, lijkt me een goede zaak. In combinatie met een stelsel van huursubsidies zou deze maatregel de privé-huurmarkt weer kunnen dynamiseren.

Ik krijg in de commissie voor Wonen, Stedelijk Beleid, Inburgering en Gelijke Kansen vaak vragen om uitleg over de zogenaamde crisis in de sociale huisvesting. Ik antwoord steeds dat de crisis zich volgens mij vooral in de sector van de privé-huurmarkt situeert.

De socialehuisvestingssector is, om het enigszins provocerend te formuleren, in feite het slachtoffer van zijn eigen succes. De huurprijs wordt in functie van het inkomen berekend. De huurders van een sociale woning of appartement betalen dan ook gemiddeld een derde tot de helft minder dan de huurders op de privé-markt. De kwaliteit van onze sociale woningen kan de concurrentie met om het even welke andere woningen aan.

De eigendomssector is in Vlaanderen sterk uitgebouwd. Maar liefst 74 percent van de gezinnen is eigenaar van de eigen woning. Met dit percentage bevinden we ons in de wereldspits. Eigenlijk presteert niemand beter. Dit heeft veel te maken met de spreekwoordelijke baksteen in onze maag. Daarnaast speelt ook een wiskundig gegeven, met name de historisch lage rentestand, een belangrijke rol. Hoewel de vastgoedprijzen heel hoog zijn, maken mensen hun rekening en stellen ze vast dat de huurprijzen en de aflossing van de hypotheek voor het kopen of het bouwen van een eigen woning niet sterk van elkaar verschillen. Veel mensen besluiten dan ook een eigendom te verwerven.

Enkel de mensen die onvoldoende geld hebben om een woning te kopen of te bouwen, blijven over op de privé-huurmarkt.

De sector van de privé-huurmarkt kan gedynamiseerd worden door gebruik te maken van twee instrumenten. De fiscale aftrek kan investeerders ertoe aanzetten opnieuw te investeren in de kwaliteit van hun huurwoningen - wat ook goed is voor de huurder. Ook een stelsel van huursubsidies is mogelijk.

Mevrouw Vogels, er is niks mis met de initiatieven van de federale overheid - noch moreel, noch formeel - want de huurwetgeving is nog altijd een federale materie. De bevoegdheid ligt bij minister van Justitie Onkelinx. Ook over fiscale aftrekken voor dergelijke investeringen kan de federale overheid beslissen.

De federale beslissingen kunnen een locomotief zijn voor wat wij gaan doen, meer bepaald een stelsel van huursubsidies invoeren. Collega´s, we zullen de huursubsidies daadwerkelijk invoeren, want ze staan ook ingeschreven in het regeerakkoord. We hebben dat met elkaar afgesproken, dus pacta sunt servanda.

We zullen de huursubsidies invoeren vanaf 2007. We hebben daar ook de middelen voor. Collega´s, 2006 moeten we vooral gebruiken om een werkbaar systeem uit te dokteren. We kunnen dat heel gemakkelijk beschrijven, maar in de praktijk ligt het toch moeilijker.

Eigenlijk bestaan er vandaag al Vlaamse huursubsidies. In de praktijk komt het neer op een soort verhuispremie. Mensen die moeten verhuizen van een ongeschikte of ongezonde woning naar een geschikte woning, kunnen een subsidie krijgen als de huurprijs voor de nieuwe woning niet hoger is dan 372 euro. Dat bedrag is veel te laag, dus dat moet worden opgetrokken.

Als we praten over het toekennen van huursubsidies, moet ook gewerkt worden aan het kwalitatieve aspect. De woningen moeten voldoen aan de kwaliteitseisen van de Vlaamse Wooncode, wat de bijbel is als het gaat over huisvesting in Vlaanderen. Verhuurders moeten zich conformeren aan het wooncomfort dat in de Vlaamse Wooncode is ingeschreven.

Volgens mij moet een huursubsidie altijd in de tijd beperkt worden. We moeten ervoor zorgen dat een vangnet niet uitgroeit tot een hangmat. Op die manier moeten we er ook voor zorgen dat het betaalbaar blijft. In Nederland wordt gewerkt met een stelsel van huursubsidies. Mijn Nederlandse collega zegt dat het na verloop van tijd een zee wordt waarin men verdrinkt, omdat er enkel bijkomt en er niets meer van afgaat. Dat is dus onbetaalbaar.

Als het gaat over werk, zetten minister Vandenbroucke en de hele regering in op een activeringsbeleid. We moeten opletten dat we geen huursubsidieval creëren. We kennen allemaal de werkloosheidsval, waarbij mensen niet genoeg impulsen voelen, omdat de uitkering vergelijkbaar is met de laagste lonen die op de arbeidsmarkt worden betaald. Als we dezelfde mensen een in de tijd onbeperkte huursubsidie geven, denk ik dat het moeilijk is om ze weer aan de actieve kant van onze samenleving te krijgen.

We moeten er ook voor zorgen dat de huursubsidies niet leiden tot een evenredige verhoging van de huurprijzen. We moeten vermijden dat de verhuurders het bedrag van de huursubsidie, 100 of 150 euro per maand, gewoon bij de huurprijs tellen, want daarmee komen we geen stap verder.

Koken kost geld. We hebben vandaag een bescheiden stelsel van huursubsidies. Daarvoor is 10 miljoen euro in de begroting ingeschreven. Het is eigenlijk een verhuispremie. Vanaf 2007 beschikken we over 11,5 miljoen euro extra. Dat bedrag groeit verder, tot 20 miljoen euro in 2009. In het laatste jaar van de legislatuur beschikken we over 30 miljoen euro die we kunnen uitkeren in de vorm van huursubsidies.

Als het van mij afhangt, worden de huursubsidies beperkt in de tijd. Mensen kunnen in nood verkeren, maar ze kunnen zich er ook uit loswerken.

De fiscale aftrek, gecombineerd met huursubsidies, levert een drievoudige winst op. Er is een sociale winst, omdat we ervoor zorgen dat mensen die het financieel moeilijk hebben, betaalbaar kunnen huren op de privé-huurmarkt.

Er is ook een economische winst: verhuurders zullen opnieuw bereid zijn te investeren in de kwaliteit van hun woningen want ze krijgen weer een rendement. Er komen opnieuw solvabele huurders op de privé-huurmarkt. Er is tevens een maatschappelijke winst. Je zult maar in een straat wonen waar er een woning verloederd bijligt. Als opnieuw wordt geïnvesteerd in de kwaliteit en het uitzicht van de woning, profiteert iedereen daarvan.

De eerste twee sprekers stelden de pertinente vraag wat we doen met het voorstel van minister Onkelinx om de huurprijzen aan banden te leggen. Ik vind het persoonlijk geen goed idee. Het zal een averechts effect hebben, namelijk het aanbod aan privé-huurwoningen zal gevoelig afnemen. Men vergeet altijd dat de verhuurder dergelijke woningen aanbiedt aan huurders met het oogmerk van rendement. Als hij geen rendement meer heeft, verkoopt hij de woningen en belegt het geld elders. We hebben vastgesteld dat tussen 1995 en nu het aantal eigenaars met 10 percent is toegenomen, namelijk van 65 naar 74 percent, ondanks de hoge vastgoedprijzen. Een van de redenen is dat heel wat verhuurders hun woningen verkocht hebben omdat ze onvoldoende rendement haalden.

Ik ben voorstander van de dubbele aanpak, namelijk van de wortel en de stok. De wortel is de fiscale aftrek bij renovaties, alsook huursubsidies. De stok is dat we niet bang mogen zijn om te werken aan de kwaliteit. De Wooninspectie doet al enkele jaren zeer goed werk. De overheid heeft het thema van de woonkwaliteit zelf op de agenda gezet en nu ziet iedereen dat probleem terwijl het 10 tot 15 jaar geleden veel groter en acuter was. Er is nog veel werk te doen, maar we zetten stappen in de goede richting.

De burgemeesters hebben ook een zeer belangrijke verantwoordelijkheid: zij kunnen woningen ongeschikt of onbewoonbaar verklaren. Men beweert soms dat politici dat niet durven omdat ze bang zijn om stemmen te verliezen, maar we stellen vandaag vast dat burgemeesters dat wel durven. Ze hebben door dat ze er stemmen mee kunnen winnen. Mensen verdragen immers niet meer dat één woning het uitzicht van een hele buurt ontsiert. Ook hier zijn we bezig stappen in de goede richting te zetten.

De voorzitter

Mevrouw Vogels heeft het woord.

Mieke Vogels

Mijnheer de minister, ik dank u voor het omstandige antwoord. Over dit thema is het laatste woord nog lang niet gezegd. U hebt uw persoonlijke mening over het voorstel van minister Onkelinx gegeven, dat is nog niet de mening van de Vlaamse Regering. Na gehoord te hebben wat de heer Vandenbroucke vertelde, meen ik dat er in de meerderheid verschillende visies bestaan. Er zijn heel veel tegenargumenten te geven aan wie beweert dat veel eigenaars hun huizen zullen verkopen door de richthuurprijzen. Het zou me te ver leiden daarover uit te weiden, dat is werk voor de commissie.

Ik heb het er moeilijk mee dat u steeds weer de idee oppert dat een langdurige huursubsidie ervoor zorgt dat mensen in een hangmat terechtkomen. Dat is de zaken omdraaien. Het is altijd ons voorstel geweest dat je een maximumfactuur voor huur kunt bepalen als mensen meer dan 33 percent van hun inkomen aan naakte huur betalen. Dan hebben ze nog geen energiefactuur en andere vaste kosten betaald. Dan houden ze onvoldoende over om menswaardig te leven. Dat heeft niets met een hangmat te maken maar alles met een beleid waardoor kwalitatieve betaalbare woningen op de privé-markt aanwezig zijn. Het is niet de schuld van de mensen die een huursubsidie krijgen dat die woningen er niet zijn, het is de schuld van de markt. Misschien kunnen politici daarop inspelen. Zo kom ik terug bij mijn uitgangspunt, namelijk het plafonneren van de huurprijzen. Zoals gezegd, is daarover het laatste woord in dit parlement nog niet gezegd.

Dominique Guns

Mijnheer de minister, ik dank u voor uw antwoord en voor uw verduidelijking dat er vandaag al een verhuishuursubsidie bestaat, die u wilt uitbreiden tot een meer algemene huursubsidie. U stelt ook dat u die wilt beperken in de tijd. In de commissie zullen we het daar veel uitgebreider over kunnen hebben, maar ik vind dat er dan ook een systeem moet worden opgezet waarbij mensen die van een huursubsidie kunnen genieten, worden begeleid om opnieuw terecht te komen op de arbeidsmarkt. Dat lijkt me immers het grootste probleem: die mensen worden geholpen aan een goedkopere woning en dergelijke, maar eigenlijk helpt men hen niet met hun echte probleem. Er moet namelijk voor worden gezorgd dat ze opnieuw werk hebben, waardoor ze een hoger inkomen hebben en beter voor zichzelf kunnen zorgen.

Ik vind ook dat met die huursubsidie de verhuurders een zekerheid zullen hebben dat ze de huur kunnen ontvangen. Zo zullen de eigenaars en investeerders opnieuw investeren in het bouwen van woningen of appartementen voor de verhuur, terwijl ze vandaag vooral bouwen voor de verkoop, daar ze daar zeker van zijn. Die huursubsidie zou dat kunnen verhelpen. Wij zullen in de commissie zeker meewerken aan het zoeken naar een werkbaar systeem. Laten we hopen dat de huursubsidie in 2007 van kracht kan worden.

Joris Vandenbroucke

Mijnheer de minister, ook ik dank u voor uw zeer omstandige antwoord. U hebt vele vragen beantwoord, behalve de vraag hoe het gevaar voor een prijsverhoging kan worden afgewend wanneer het systeem van huursubsidies wordt veralgemeend. Voor de duidelijkheid: ik ben geen voorstander van het rigide systeem-Onkelinx, waarbij huurprijsmaxima worden opgelegd voor alles en iedereen. Ik vind echter wel dat er voor die eigenaars die willen genieten van de verhoogde fiscale aftrekbaarheid een stok achter de deur moet zijn. Een huurprijsmaximum lijkt me daartoe een uitstekend instrument. Dan kan men echter wel die eigenaars belonen door ervoor te zorgen dat hun rendement gegarandeerd is.

Het kan inderdaad niet de bedoeling zijn huursubsidies te geven aan iemand die een luxevilla verhuurt. Mijnheer Vandenbroucke, wat dat betreft zijn we het met elkaar eens. Voor wie wil genieten van huursubsidies, zullen er plafonds moeten worden gehanteerd. Dan gaat het wel over een vrijwillig gekozen systeem.

Dan heb ik nog één algemene opmerking. De Vlaamse begroting voor Wonen bedraagt 500 miljoen euro per jaar. Van dat bedrag gaat 80 percent naar de sociaal zwakkeren. Iedere dag zijn we bezig ervoor te zorgen dat die mensen een kwaliteitsvol en betaalbaar dak boven hun hoofd krijgen.

De voorzitter

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.