U bent hier

De voorzitter

Aan de orde zijn de samengevoegde actuele vragen van de heren Van Hauthem, Van Dijck en Voorhamme tot de heer Dewael, minister-president van de Vlaamse regering, Vlaams minister van Financiën, Begroting, Buitenlands Beleid en Europese Aangelegenheden en van de heren Denys, Martens en Sannen tot mevrouw Marleen Vanderpoorten, Vlaams minister van Onderwijs en Vorming, over de nieuwe criteria voor de verdeling van de onderwijsmiddelen tussen de gemeenschappen

Joris Van Hauthem

Er komt meer duidelijkheid over de agenda van de conferentie over de staatshervorming. Het debat over de afcentiemen zal hier gevoerd worden. Het Franstalig onderwijs staat blijkbaar niet op de agenda omdat er hierover al een akkoord bestaat. Het Franstalig onderwijs krijgt blijkbaar 2,4 miljard frank extra. De federale premier zegt dat dit geen implicaties zal hebben op de federale begroting. Daaruit blijkt dus dat er Vlaams geld zal gebruikt worden.

Men zal dus niet trachten om de onverklaarbare en onaanvaardbare transfers, die reeds bestaan, af te bouwen maar men zal er nog nieuwe creëren. Door tal van personen worden de Franstalige eisen in verband met onderwijs beschouwd als de hefboom om onder meer de afcentiemen te bekomen. Dit is het enige wapen waarmee met de Franstaligen aan de onderhandelingstafel wil krijgen en behouden. Zowel de vice-premier als de fractieleider van de PS bevestigen dat er een akkoord is. Voor de fractieleider van de PS mag de communautaire problematiek voor de rest in de koelkast. Zij hebben de buit immers al binnen.

Van bij de start van de Financieringswet wordt Vlaanderen voor 6 miljard frank per jaar in de zak gezet. Laat u dit gebeuren? Zal u het Overlegcomité hierover bijeen roepen

De Financieringswet van 1989 bepaalt een verdeelsleutel die gehanteerd moest worden tot 1998. Deze verdeelsleutel is gebaseerd op demografische cijfers en was inderdaad ten nadele van Vlaanderen. Mijn fractie heeft dit steeds gehekeld. Er werd wel over onderhandeld in de Interministeriële Conferentie onder auspiciën van ex-premier Dehaene. Men is niet tot een oplossing gekomen. Blijkbaar zijn er nu wel afspraken of pogingen om tot een politiek vergelijk te komen. In hoeverre wordt hierover overlegd in de Interministeriële Conferentie? Is de Vlaamse regering betrokken bij dit federale initiatief

André Denys

Ik heb mij geërgerd en was verontrust over de commentaren in een Franstalig Brussels weekblad over de verdeling van de onderwijsmiddelen. Binnen welk kader zijn er besprekingen gevoerd en op welke manier was de Vlaamse regering hierbij betrokken?

Ik heb vorige legislatuur steeds gepleit om de financiering van het onderwijs te koppelen aan een algemene staatshervorming. Zelfs indien de meest objectieve criteria gehanteerd worden, zal dit gevolgen hebben voor de inkomsten van de Vlaamse of Franstalige Gemeenschap. Op welke wijze is de Vlaamse regering bij deze onderhandelingen betrokken? Federale loyauteit betekent niet dat er geen overleg meer is met Vlaanderen over materies die gevolgen hebben voor Vlaanderen. De manier van het tellen van de leerlingen is belangrijk. Hierover moeten de ministers van onderwijs overleggen. Dit kan u beschouwen als een oproep om de betrokkenheid van Vlaanderen te verhogen.

Robert Voorhamme

We mogen ons niet laten verleiden tot een discussie onder gedupeerden. De dotaties voor onderwijs krimpen immers. Dit is vastgelegd in de Financieringswet van 1998. Toen waren er problemen bij de onderwijssystemen van beide gemeenschappen. De overgangsperiode is echter achter de rug. Nu moeten we de criteria opnieuw bekijken. De essentiële vraag is niet of een bepaalde gemeenschap een aantal miljarden frank wint of verliest. We moeten ons afvragen of wij ons kunnen veroorloven om deze ontzaglijke behoefte, waarvoor in de begroting van 2000 3 miljard frank bijkomend uitgeetrokken is, te financieren met een krimpende dotatie. Iedereen is het er immers over eens dat structurele investeringen in onderwijs noodzakelijk zijn.

In welke mate is de Vlaamse regering betrokken bij deze discussie? Heeft men rekening gehouden met de 2,4 miljard frank bij het opstellen van de begroting van 2000? Ook in de volgende jaren zal men hiermee rekening moeten houden.

Luc Martens

De minister-president van de vorige regering heeft altijd een duidelijk standpunt ingenomen, een standpunt dat doelmatig en rechtvaardig was. Er werd namelijk uitgegaan van de noden van het onderwijs en daarom wilde men alle jongeren tussen zes en achttien jaar in rekening brengen. De verschillen die bestaan tussen de jongerenpopulatie in de verschillende gemeenschappen en het niveau van onze bijdrage in het geheel van het BNP moeten zo gering mogelijk zijn, zonder daarom solidariteit onmogelijk te maken. Verder ging men ervan uit dat dit dossier moest gehanteerd worden als pressiemiddel in de onderhandelingen over een algemene staatshervorming. De uitspraken van Franstalige politici dat er een akkoord zou zijn en de woorden van de federale premier doen me vrezen dat we de waarheid niet zullen horen. De federale premier zegt dat er tegen het einde van het jaar een akkoord moet bereikt worden binnen de huidige begroting. Een dergelijk akkoord kan alleen ten koste gaan van de Vlaamse jongeren. Daarom wil ik vragen in welke mate de minister consequent de lijn zal aanhouden die de vorige regering heeft uitgestippeld en die door alle fracties in het Vlaams Parlement werd gesteund?

Ludo Sannen

De dotaties die Vlaanderen ontvangt, zijn belangrijk voor het beleid, ook inzake onderwijs. De verdeling van deze dotaties heeft echter niet te maken met het budget dat we ter beschikking willen stellen van het onderwijs in Vlaanderen. De vraag is hoe we in Vlaanderen voldoende middelen verwerven voor de uitdagingen waarvoor we staan. Is meer fiscale autonomie of meer dotaties de aangewezen weg?. Op dit ogenblik worden zaken met dotaties geregeld. Ee, deel van deze financiering komt uit BTW-inkomsten die volgens bepaalde parameters verdeeld worden. Volgens Agalev moeten dit volgens objectief controleerbare criteria gebeuren. Dat kan concreet betekenen de inschrijving in het bevolkingsregister van leerlingen onder de 18 jaar of van leerlingen die leerplichtig zijn. Heeft de Vlaamse regering voor zichzelf uitgemaakt welke criteria objectief zijn? Is ze betrokken bij de gesprekken met de federale regering?

Minister-president Patrick Dewael

Bepaalde vragen die aan mij gesteld worden, hebben betrekking op bevoegdheid van de federale overheid. Ik heb al vroeger mijn oordeel over deze gewoonte uitgesproken. Als men van mij verwacht dat ik in naam van de federale regering spreek, zal ik u moeten teleurstellen. Dit heeft in het verleden alleen maar aanleiding gegeven tot verwarring.

De veelbejubelde Financieringswet bepaalt in artikel 3 paragraaf 2 dat de verdeelsleutel vanaf het begrotingsjaar 1999 wordt aangepast aan de verdeling van het aantal leerlingen volgens bij wet vastgestelde criteria. De vorige regering is er echter niet in geslaagd de knoop te ontwarren. (Samenspraken) De overlegcommissie die daarover op 15 februari is vergaderd, heeft hiervoor immers geen oplossing gevonden.

De Vlaamse begroting is opgesteld op basis van de bestaande verdeelsleutel. Het is de federale regering die voorstellen moet doen over een nieuwe verdeelsleutel. Daarom is het voorbarig nu al te spreken over absolute cijfers als men die definitieve verdeelsleutel nog niet kent. Dit is echter wel een belangrijke vraag voor de toekomst van het onderwijs. Ik sta ook achter het algemene principe dat financiering van de regionale overheden door dotaties moet vervangen worden door meer financiële en fiscale autonomie. Naar aanleiding van de opmerkingen op de begroting 2000 met betrekking tot de financiering van het onderwijs werd dit thema besproken op de federale ministerraad van gisteren. Er werd besloten dat er op basis van objectieve criteria een nieuwe verdeelsleutel zou voorgesteld worden. De federale premier verzekerde me dat er overleg met de gewesten en de gemeenschappen zal plaats vinden. Bepaalde vragen die hier werden gesteld zijn dan ook voorbarig. We moeten eerst dat overleg voeren, waarbij we er moeten op toezien dat de criteria objectief zijn. Dan kunnen we met meer kennis van zaken een antwoord geven op de vragen die hier werden gesteld.

Joris Van Hauthem

De minister-president stelt dat we ons moeten bezighouden met onze eigen bevoegdheden. Hij zal moeten leren dat de minister-president van de Vlaamse regering geregeld vragen krijgt over wat de federale regering beslist of onderneemt, zeker wanneer dat invloed heeft op het Vlaamse beleid. Uit zijn antwoord heb ik besloten dat de kwestie van de financiering van het onderwijs besproken wordt op het overlegcomité tussen gewesten en gemeenschappen. Dit betekent dat het niet meer kan besproken worden op de intergouvernementele en interparlementaire conferentie voor de staatshervorming. Die wordt daardoor totaal zinloos, want de Franstaligen hebben hun buit al binnen. Ten slotte stel ik vast dat de minister-president zegt dat financiering via een dotatiesysteem niet geschikt is. Waarom werd er dan in het regeerakkoord opgenomen dat de financiering van de gezondheidszorg federaal moet blijven? Mijn conclusie is dat het dossier reeds uit de agenda van de komende conferentie is gelicht. De Franstaligen haalden hun slag dus thuis.

De cijfers zijn objectief : zij komen uit de statistieken. Waarom zouden wij dan minder krijgen dan waarop wij recht hebben? Als wij te weinig krijgen, dan moet dat onder de vorige regering ook al het geval geweest zijn. Sterker nog, doordat de vorige regering geen beslissing heeft genomen, hebben we dit jaar miljard frank aan onze neus zien voorbij gaan

André Denys

Sommigen trekken overhaaste conclusies. De strategische en verantwoordelijke houding van de minister-president voldoen voor mij

Robert Voorhamme

Het is een geruststelling dat wij terzake niet van een federale beslissing afhankelijk zijn. Overigens wil ik erop wijzen dat het hier niet gaat over de toekomst van ons onderwijs, zoals wel eens gesuggereerd wordt. Die is immers gegarandeerd in de gehele begroting van het Vlaams Gewest en de Vlaamse Gemeenschap. De cijfers hebben wel gevolgen voor de middelenbegroting in zijn geheel. Men verwacht voor volgend jaar een reële groei van 3 percent en een inflatie van minder dan 1 percent. Het zou daarom onverstandig zijn om nu al definitief een financieel plafond voor de financiering vast te leggen. Dat vooruitzicht zal ook een groot deel van het gebakkelei tussen Vlamingen en Franstaligen wegnemen

Luc Martens

Het antwoord van de minister-president was allesbehalve geruststellend en dat gevoel werd nog versterkt door de uitspraken van Agalev en de SP. Het is helemaal niet zo dat het falen van de vorige Vlaamse regering om tot een akkoord met de Franstaligen te komen, tot een vacuüm heeft geleid. De bestaande regeling loopt immers gewoon door. Thans schrijft de nieuwe minister-president zich echter in in een strategie waarin de federale staat beslist wat voor de gemeenschappen wordt georganiseerd. Wat de zogenaamde objectieve criteria betreft : daarvan zijn er vele. Het komt er daarom op aan daartussen het meest rechtvaardige en onderwijskundig doelmatige criterium te kiezen, namelijk : alle jongeren van minder dan achttien jaar.

Helaas haalde de minister-president bakzeil

Ludo Sannen

De criteria zullen objectief en controleerbaar zijn. Dat is geruststellend

De voorzitter

Het incident is gesloten.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.