U bent hier

De heer De Reuse heeft het woord.

Minister, eerst het goede nieuws: er komen zo’n 2,13 miljoen vaccins onze richting uit. Daar zal Vlaanderen een substantieel deel van krijgen. We houden alvast ons hart vast dat er niets tussenkomt, dat er niets gebeurt. We zullen de broodnodige versnelling richting onze nationale feestdag van 11 juli kunnen inzetten.

We weten ook dat er deze avond een extra overleg is naar aanleiding van de nieuwe berichten uit Duitsland. Momenteel wordt in Frankrijk en Duitsland de vaccinatie van de min 60-jarigen stopgezet. Het kan dus zijn dat wij ook op korte termijn onze strategie zullen moeten aanpassen. Momenteel zijn we nog bezig met de vaccinatie van onze senioren. Die wordt voortgezet in dalende lijn van leeftijd.

Ik wil hier in de marge zeggen dat het belangrijk is dat publieke figuren zich daaraan houden. We hadden al Marc Coucke, deze week hadden we Guy Verhofstadt, die zich hebben laten inenten voor hun beurt. Dit ondermijnt enerzijds de geloofwaardigheid van het Europees Parlement. Goed, dat laat ik voor wat het is. Het ondermijnt anderzijds de geloofwaardigheid van de vaccinatiestrategie. Ik hoop dat zij zich daar goed van bewust zijn.

Zo kom ik tot de reservelijsten. Door die vrij te laten samenstellen door de lokale overheden, zit hier en daar een groot verschil, en wordt de gevraagde volgorde niet gerespecteerd. Minister, wilt u voor de huidige en de komende reservelijsten bindende richtlijnen opstellen zodat in de vaccinatievolgorde eerst de meest kwetsbaren aan de beurt komen?

Mevrouw De Rudder heeft het woord.

Voorzitter, minister, als de vaccins zoals ze verwacht worden, effectief geleverd worden, gaan we de komende weken echt wel een versnelling hoger schakelen. De vaccinatiecentra zijn er klaar voor, ze wachten op de vaccins.

In de loop van de komende maand beginnen we aan een nieuwe fase in onze vaccinatiestrategie. We zijn gestart met de 65-plussers. Daarna komt de groep met onderliggende aandoeningen: mensen met zeldzame ziektes, hartziektes, longaandoeningen enzovoort. De bedoeling is dat vanaf volgende week, 8 april, de mensen met onderliggende aandoeningen de lijst kunnen raadplegen via My Health Viewer. Op die manier zullen zij automatisch worden uitgenodigd. De lijst is nog niet definitief. De huisartsen/specialisten zullen de lijst nog kunnen aanvullen. De mensen moeten niet in paniek slaan als hun naam nog niet op die lijst staat.

Wat betreft het juridische aspect, zullen wij vandaag het ontwerp van decreet over het samenwerkingsakkoord goedkeuren, omdat het juridische luik dan in orde is.

Minister, er zijn nog altijd mensen die zich zorgen maken, mensen met een aandoening, die natuurlijk zo rap mogelijk gevaccineerd willen worden. Ze zijn bang om besmet te worden. Ze snakken naar het vaccin, wat uiteraard goed nieuws is. De mensen vragen dus ook eigenlijk wanneer het aan hen is.

Minister, kunt u bevestigen dat tegen 8 april alles in orde is opdat mensen met een onderliggende aandoening die lijsten kunnen raadplegen en nadien automatisch uitgenodigd worden en dat ze in een snel tempo hun vaccin kunnen krijgen?

De heer Anaf heeft het woord.

Minister, collega's, vorige week hebben we weer heel wat stevige maatregelen moeten nemen in de strijd tegen het coronavirus. We zitten nu allemaal samen al meer dan een jaar in deze crisis en dat weegt. Dat weegt op onze ziekenhuizen, dat weegt op onze zorgverleners, maar eigenlijk op de hele samenleving, op ons allemaal.

Begin deze week zijn er gelukkig een aantal nieuwe tools bij gekomen om te helpen dat virus te verslaan, namelijk de sneltesten en zelftesten, die ons zeker zullen helpen. Maar de beste garantie, dé cruciale factor om hieruit te geraken, is natuurlijk de vaccinatiecampagne. Die nam een voorzichtige start en er waren wat problemen met de leveringen, maar het is nu de hoop dat we echt snelheid zullen kunnen maken als de leveringen zullen blijven komen. Dat is een heel goede zaak. In absolute aantallen springen we normaal gezien naar een 250.000-tal vaccinaties per week. Ook het totale voorziene aantal leveringen voor heel België stijgt in april naar 1,2 miljoen. Johnson & Johnson komt er ook bij, waardoor we een vierde pijler hebben in de vaccinatiestrategie.

Het komt er dan natuurlijk op neer om dit op een vlotte manier te laten verlopen en heel duidelijk te maken wie er nu juist wanneer zijn of haar vaccinatie kan verwachten. Daar, minister, loopt het in de praktijk soms toch nog wel wat fout. Daar moet het echt nog beter. We hebben op zich een duidelijke strategie en duidelijke richtlijnen, maar in de praktijk zien we dat op het einde van de dag, als er vaccins over zijn, er door een bepaald vaccinatiecentrum wel heel consequent mensen worden opgebeld die eigenlijk aan de beurt zijn of mensen op de reservelijsten, maar dat op een aantal andere plaatsen andere inzichten worden gehanteerd, vaak met goede bedoelingen. Op een bepaald moment werd zelfs het gemeentepersoneel opgebeld enzovoort, een beetje afhankelijk van de connecties die je hebt. Dat zorgt voor frustraties, onzekerheid en een gevoel van onrechtvaardigheid.

Minister, we zullen snel van start kunnen gaan met de vaccinatie van de risicopatiënten, nadien de essentiële beroepen en dan de brede bevolking. Wat betekent de versnelling concreet voor hen? Wanneer mogen ze de spuit verwachten? Zijn ze er zeker van dat die niet naar andere mensen zal gaan?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Collega's, we versnellen inderdaad onze vaccinaties, vooral in onze vaccinatiecentra. Dat heeft te maken met twee zaken. Ten eerste zullen we meer leveringen krijgen in de maand april. Deze week zijn er 212.000 uitnodigingen vertrokken voor vaccinatie. Volgende week zijn dat er een dikke 250.000, de week nadien een kleine 260.000, in de week van 19 april in principe 300.000 en in de week van 26 april ongeveer 265.000. Alles samen zijn dat er ongeveer 1,1 miljoen voor de komende vier weken. Dat is het deel van de 2 miljoen voor België, mijnheer Anaf, waarover u hebt gesproken. Dat is wat wij hebben geprogrammeerd, in de hoop dat de leveringen zullen volgen.

Er komen dus grotere leveringen, maar daarnaast hebben we in de vaccinatiestrategie, die we samen hebben afgesproken, intussen ook al heel wat groepen kunnen afvinken. Denk aan de woonzorgcentra, voorzieningen voor personen met een handicap, jeugdhulpvoorzieningen, ziekenhuizen en mensen in de eerste lijn. Die zijn grosso modo afgewerkt. Dat maakt de aanpak natuurlijk ook wel wat anders. De voorbije weken hebben we op die manier bijna dagelijks op een duizendtal plaatsen vaccins moeten leveren. Nu zal dat meer geconcentreerd worden naar de vaccinatiecentra. Ze zullen dus hoe langer hoe meer het centrale punt worden in onze vaccinatiestrategie. Dat is een belangrijke zaak.

Waar we op dit ogenblik gevaccineerd hebben, zien we in Vlaanderen een hoge vaccinatiegraad. We hebben dat gezien in de woonzorgcentra en we zien dat ook in onze ziekenhuizen. We zien dat ook bij de 85-plussers die we tot nu toe hebben gevaccineerd. Daar zitten we aan 77 procent en het zullen er meer zijn, want een aantal onder hen wordt deze week nog gevaccineerd en niet iedereen is al geregistreerd. We halen dus een hoge vaccinatiegraad, wat een goede zaak is. Het komt erop aan om dat in de volgende periode aan te houden.

Men is altijd groot in het aankondigen van extra leveringen, maar wanneer er dan minder leveringen zijn, zie ik eerlijk gezegd geen persberichten van die bedrijven of van de Europese Commissie verschijnen. Dan mogen de ministers die aan de knoppen zitten voor de implementatie, het opsoppen.

Maar AstraZeneca heeft voor het tweede kwartaal wel flink wat minder leveringen dan oorspronkelijk voorzien. Europa heeft dat verleden week nog bekendgemaakt. In plaats van 180 miljoen zullen het er maar 70 miljoen zijn. Uiteraard heeft dat ook een impact op de manier waarop wij daarmee moeten omgaan. Johnson & Johnson is versneld, maar de eerste stappen zijn voorzichtige versnellingen. Er zijn er 1,4 miljoen voorzien voor het tweede kwartaal. Maar dat betekent heel concreet, eind april, in de laatste twee weken, zo'n 22.000 voor Vlaanderen. Dat betekent dus nog niet de kwantumsprong.

Maar wij bereiden ons wel voor – en dat heb ik ook altijd gezegd – om datgene wat we hebben, ook in te zetten. En we doen het ook goed. We hebben de voorbije periode – ik verwijs even terug naar onze vaccinatiestrategie – met de verschillende collectiviteiten en voorzieningen sterk ingezet op het tweede vaccin. De komende weken zullen we vooral inzetten op het eerste vaccin. En dan zult u die cijfers ook weer zien stijgen.

Ik ga in op de vragen over de mensen met onderliggende aandoeningen en de 65-plussers. Wat de mensen met een onderlinge aandoening betreft, is er, zoals collega De Rudder heeft gezegd, straks nog een belangrijke opdracht toevertrouwd aan dit parlement: het stemmen van het samenwerkingsakkoord, zodat de juridische basis, waarover sommigen twijfel hebben gezaaid – daarover hebben we het in dit parlement al eens gehad – wordt gedicht. En als dat gestemd is, zullen wij begin volgende week de eerste uitnodigingen versturen voor de mensen met onderliggende aandoeningen. Op die manier kan normaal gezien, in de week van 19 april, de eerste groep daarvan worden uitgenodigd. Wij zullen eind april, gedurende een bepaalde periode, ook nog mensen samen uitnodigen. Dat wil zeggen de groep tussen 65-plus en een beetje ouder en de mensen met onderliggende aandoeningen, om op die manier de overgang te maken. Normaal gezien zouden we dan in de week van 3 mei de 65-plussers een eerste vaccin moeten hebben gegeven.

Ik krijg soms de vraag: wanneer volgt dan het tweede vaccin? Wel, dat hangt ervan af welk vaccin u hebt. Voor sommige vaccins, zoals AstraZeneca, zult u drie maanden mogen wachten. Voor andere zal het wat sneller gaan. Dat is wat klaarligt.

Wat de reservelijsten betreft, wil ik nog eens benadrukken dat we afspraken hebben gemaakt. Ik reken daarbij ook op de verantwoordelijkheidszin van de vaccinatiecentra om de 65-plussers eerst te nemen. Dat hoeft niet in dalende volgorde te zijn. Maar ik vraag wel om die te nemen en daar ook reservelijsten voor aan te leggen. En in het merendeel van de vaccinatiecentra wordt dat ook op een zeer scrupuleuze manier gedaan.

We hadden een paar weken geleden inderdaad problemen. Wat waren die problemen? Die problemen waren toen, op het ogenblik dat we de mensen uit de eerste lijn aan het vaccineren waren, dat er al heel wat mensen gevaccineerd waren. Omdat ze bijvoorbeeld ook als coördinerend en raadgevend arts (CRA) of als kinesist in een woonzorgcentrum werkten of omdat ze deeltijds een praktijk hadden en daarnaast ook nog in een ziekenhuis werkten, waren ze al in die zogenaamde collectiviteiten gevaccineerd. Zij kregen dan ook nog eens een uitnodiging. En dan kwamen er lege plaatsen, veel lege plaatsen. Dan is men beginnen improviseren.

Kunt u stilaan afronden?

Minister Wouter Beke

Ja, ik rond af.

Dat was niet de bedoeling. Het aantal no-shows, mensen die niet komen opdagen, ligt nu veel lager, net omdat we aan de bevolkingsgroep van de 65-plussers zitten in dalende lijn. Maar wanneer er toch lege plaatsen zijn, voorzitter, en de 65-plussers en de reservelijsten zijn al uitgeput, dan kan men nog een back-up organiseren voor de kleuterleiders, de mensen die werken in de kinderopvang en bij de politie. Dat is zoals het is afgesproken.

De heer De Reuse heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord.

Ja goed, inderdaad, we zullen eerst programmeren. Maar dan is het natuurlijk van groot belang dat de spuit ook in de arm komt. Laat ons hopen dat dat in de komende weken prioritair zal gebeuren en dat er geen strubbelingen meer zijn.

En dan is er het belang van de reservelijsten. Waarom dring ik aan op een soort van bindende richtlijn? Omdat we inderdaad zien dat er op veel plaatsen nog wordt geïmproviseerd. Ik zeg niet dat dat niet met de beste bedoelingen is. Maar, zeker als we het draagvlak voor de vaccinatie willen behouden, is het belangrijk dat het overal op dezelfde manier gebeurt.

Als we een versnelling nemen, zoals u wilt en zoals wij allemaal willen, moeten we ons natuurlijk ook voorbereiden op datgene waar men in bepaalde landen nu al over aan het spreken is, namelijk de derde prik, het zogenaamde boostervaccin in het najaar voor de kwetsbare groepen.

Bent u daar al mee bezig, om dat ook in Vlaanderen te plannen? Zijn daar al zaken rond gebeurd, zodat we in het najaar weten waaraan we kunnen beginnen?

Mevrouw De Rudder heeft het woord.

Bedankt voor uw duidelijke antwoord, minister. Het is zeker een goede zaak dat we na de stemming van het samenwerkingsakkoord verder kunnen gaan met de organisatie van de vaccinaties voor mensen met onderliggende aandoeningen.

U geeft zelf aan, minister, dat de cijfers wat betreft de vaccinatiegraad enorm hoog zijn bij mensen in de woonzorgcentra en de zorgverleners, maar we zien nu ook in de groep van 85-plussers dat mensen zich met heel velen komen aanbieden in een vaccinatiecentrum voor dat vaccin. Maar het zal natuurlijk de kunst blijven om die vaccinatiebereidheid hoog te houden. Zoals de collega aanhaalde, was er vanmorgen alweer het nieuws van AstraZeneca over de beslissingen in Duitsland. Dat heeft natuurlijk allemaal een impact op hoe mensen daarover denken.

Gaat u nog inzetten op extra communicatie om de vaccinatiegraad zo hoog mogelijk te houden en om de mensen te kunnen blijven overtuigen van het belang van het vaccin?

De heer Anaf heeft het woord.

Bedankt voor uw antwoord, minister. De fluctuaties in de leveringen zijn inderdaad enorm vervelend. Ik kan me dat ook voorstellen. U hebt die zelf niet in de hand. En dat maakt het zo moeilijk om te plannen.

Wat u wel zelf in de hand hebt, is dat de vaccins, als ze hier eenmaal zijn, snel in de arm geraken en dat die vooral ook in de juiste arm geraken, zoals dat via de vaccinatiestrategie bepaald is. U zegt dat er op een bepaald moment geïmproviseerd is, omdat er heel veel over waren op het einde van de dag. Het punt is natuurlijk dat die improvisatie niet nodig was geweest, als u sneller werk had gemaakt van een duidelijk stroomschema. Ik herinner mij de discussies in de commissie Welzijn over de woonzorgcentra. Toen waren er op het einde van de dag ook ‘restjes’. Zo werd dat toen een beetje oneerbiedig genoemd. En toen heb ik al gevraagd om ervoor te zorgen dat, als we naar een vaccinatiestrategie voor de volledige bevolking zouden gaan, er dan een duidelijk stroomschema zou zijn, zodat de vaccinatiecentra weten, als er vaccins over zijn op het einde van de dag, dat ze eerst naar die lijst moeten bellen, en dan naar die lijst. Daar is men te laat mee geweest. En dat heeft ervoor gezorgd dat er in de ene gemeente wel al kinderverzorgsters gevaccineerd zijn en in de andere nog niet, dat in de ene gemeente al kleuterleiders gevaccineerd zijn en in de andere nog niet. Dat zorgt voor heel veel onrust en onbegrip in die sectoren. En dat hadden we perfect kunnen vermijden.

De heer Parys heeft het woord.

Minister, in de wandelgangen circuleren wat cijfers over de ‘no-shows’, de mensen die niet komen opdagen. In Vlaanderen zitten we, naar wat ik verneem, aan een goed percentage van om en bij de 85 procent. In Wallonië is dat al iets helemaal anders, met ongeveer 56 procent. Maar in Brussel zouden we maar aan een dik kwart zitten van de mensen die worden opgeroepen om zich te laten vaccineren, die ook effectief intekenen op een tijdsslot om de prik in de arm te krijgen. En dat baart mij heel grote zorgen.

Kunt u de grootteorde van die percentages bevestigen? En hoe gaan we ervoor zorgen dat we aan die 70 procent gevaccineerden geraken in dit land, als er zulke grote verschillen zijn in de vaccinatiebereidheid in de verschillende regio's? Want dan komen we natuurlijk in de problemen met maatregelen die voor het hele land gelden, terwijl er misschien één regio is die op het einde van de rit veel meer gevaccineerden zal tellen dan een andere.

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Minister, de vorige spreker, gewaardeerde collega, heeft het over de ‘no-shows’ in de verschillende deelstaten in dit land. Maar wat mij op dit moment het meeste interesseert, is het verschil tussen de regionale vaccinatiecentra bij ons in Vlaanderen, omdat dat iets is waar we natuurlijk echt impact op hebben. We horen dat de reservelijsten op de ene plaats meer ingeschakeld worden dan op de andere, omdat het ene vaccinatiecentrum een veel actiever beleid heeft om mensen te gaan opbellen en te gaan aandringen om een afspraak te maken, en dat het bij andere eigenlijk gewoon afwachten is of mensen op hun vooraf geplande afspraak komen. Hebt u daar inzicht in? Worden goede praktijken uitgewisseld? We horen bijvoorbeeld dat de cijfers in Gent en Antwerpen zeer gunstig zijn. Wilt u die goede praktijken ook meenemen naar andere vaccinatiecentra om daarmee aan de slag te gaan?

Ik wil niet altijd terugkijken, collega's, maar aansluitend bij mijn kritiek dat we met een aantal dingen toch wel laat zijn om ze op het terrein uit te rollen, en aansluitend bij de opmerking over het derde vaccin: kunnen we alstublieft nu, op dit moment, al werk maken van een strategie, die zal evolueren op basis van de inzichten, post de zomer van 2021, rond vaccinatie, derde vaccin, boosters, en wat er in de komende jaren nog zal volgen?

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Minister, we zien elke dag het aantal hospitalisaties en mensen op intensieve zorg stijgen. We zitten momenteel in een nieuwe golf en we zien ook dat het profiel op intensieve zorg verandert. De gemiddelde leeftijd bedraagt 56 jaar. Dat wil zeggen dat we daar met relatief meer jonge mensen zitten, dus een snellere vaccinatie is echt nodig.

Het nieuwe vaccin dat eraan komt van Johnson & Johnson, vereist maar één prik, en dat is voldoende om beschermd te zijn tegen overlijden en opname. We krijgen steeds meer studies en info. Een vaccinatiestrategie is iets dynamisch en verandert continu. Er gaan meer stemmen op om het AstraZenecavaccin, dat net als het Johnson & Johnsonvaccin een vectorvaccin is, ook maar eenmalig toe te dienen bij ouderen en bij mensen die al een bewezen COVID-19-infectie hebben gehad omdat dat ook voldoende effectief zou zijn. Daardoor zouden we alleszins meer tijd winnen. Vanavond zit de taskforce samen om te overwegen het AstraZenecavaccin eventueel alleen bij 60-plussers toe te dienen. Mijn oproep is om ook de one-shot toediening te overwegen omdat we dan opnieuw een versnelling hoger kunnen schakelen.

Mevrouw Vandecasteele heeft het woord.

Minister, ik hoor dat u blijft vasthouden aan de volgorde van vaccineren tegen 11 juli. Dat is niet de nationale maar de Vlaamse feestdag. Dat wil ik even corrigeren. Volgens dat schema zou de vaccinatie ongeveer rond moeten zijn voor de 85-plussers. U hebt zelf gezegd dat 77 procent van die 85-plussers momenteel gevaccineerd is, mogelijk iets meer. Ik maak me zorgen over de mensen die niet mobiel zijn. U hebt sinds januari gezegd dat er mobiele vaccinatieteams zouden komen vanuit elk vaccinatiecentrum, opdat mensen die niet mobiel zijn of die ernstige problemen of een gezondheidsrisico hebben, thuis gevaccineerd zouden worden. Er is daarvoor zelfs een budget van 25 miljoen euro vrijgemaakt. We hebben ook al via Domus Medica vernomen dat we patiënten kunnen opsommen die we ofwel zelf willen vaccineren ofwel via een mobiel vaccinatieteam. Er blijft altijd maar onduidelijkheid bestaan over wanneer die vaccinatieteams er uiteindelijk zullen komen, in de mate zelfs dat ik een e-mail van de eerstelijnszone heb gekregen dat het niet duidelijk is op dit moment of er effectief in een mobiel team zou worden voorzien voor thuisvaccinatie. Ik maak me, samen met veel collega’s en patiënten, ongerust. Mijn vraag is dus: komen er mobiele teams in elk vaccinatiecentrum en vanaf wanneer?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Collega’s, bedankt voor alle vragen. Er zijn veel vragen en die moeten ook antwoorden krijgen.

Collega Vaneeckhout, u hebt gezegd dat het ons vooral interesseert wat onze eigen vaccinatiecentra doen. Dat is inderdaad waarvoor we bevoegd zijn. Zoals u allicht weet – ik hoop dat u dat weet –, organiseren we op regelmatige tijdstippen webinars. Dat zal ook morgen op 1 april het geval zijn, en dat zal geen 1 aprilgrap zijn. Dat is voor de mensen die werken in de vaccinatiecentra, de verantwoordelijken en de mensen uit de zorgraden. Die worden heel veel bijgewoond en daar antwoorden we op vragen en geven we ook goede praktijken. We geven ook opnieuw aan wat kan en niet kan, zoals we dat in het verleden ook hebben gedaan over de reservelijsten. In die zin, collega Anaf, was het geen improvisatie, dat men niet wist wat men kon doen. Maar sommigen hebben gedaan wat men dacht dat men wilde doen. Er waren wel degelijk richtlijnen gegeven wat men met eventuele overschotten moest doen. Die hebben we nu nog eens op verschillende manieren scherpgesteld, ook in de nieuwsbrieven, en ze zullen ook in de webinars opnieuw aan bod komen.

Daarnaast zullen we ook nog een bijkomend instrument ter beschikking stellen, namelijk een systeem voor de centrale snelboeklijst. Dat is ook op uitdrukkelijk vraag van een aantal vaccinatiecentra. Dat is niet verplicht, maar het zal wel een bijkomend instrument zijn. Dat systeem is nagenoeg klaar en zal uitgetest worden in de vaccinatiecentra van Deinze en Roeselare om het dan verder op punt te stellen.

Wat de no-shows betreft uit de verschillende regio's: die cijfers kan ik niet bevestigen, collega Parys. Maar ik hoop natuurlijk wel dat we met z’n allen een hoge vaccinatiegraad halen, want dat is op het einde van de rit natuurlijk wel belangrijk. De 70 procent moet bereikt worden, en dat geldt voor ons hele land. Ik hoop dat iedereen daar zijn uiterste best voor doet.

Er is een taskforce, en ook het Europees Geneesmiddelenagentschap zal opnieuw een advies uitbrengen over AstraZeneca. Collega Saeys, we zullen die adviezen lezen, en dan zullen we daar op basis van die adviezen ook naar handelen, zoals we dat de voorbije weken ook hebben gedaan. Toen men ons zei om AstraZeneca niet te gebruiken voor vijftigplussers, zijn we dat advies ook gevolgd, ook al heeft dat op het terrein veel miserie teweeggebracht: het betekende dat we opnieuw moesten schakelen, anders moesten inplannen, enzovoort.

Toen men het omgekeerde gezegd heeft – ‘Er is eigenlijk geen reden, tenzij u een politieke reden wilt inroepen, om AstraZeneca op te schorten.’ – hebben we beslist om niet te volgen. We stuck to our plan, en we zijn de experten ter zake gevolgd. En we zullen moeten leren leven met het feit dat dat een dynamisch verhaal is. Of het nu over AstraZeneca of over een aantal andere vaccins gaat, we zullen nog een aantal keren terug moeten gaan naar de Hoge Gezondheidsraad en naar onze experten.

Ik heb vorige week op de interministeriële conferentie de vraag gesteld naar het vaccineren met één spuit. Volstaat één vaccin? U hebt er ook naar verwezen. Ik heb eraan herinnerd dat we daarrond een advies hebben opgevraagd en daarop wachten. Ik heb dat advies dus nog niet, maar als we het hebben zullen we dat aandachtig lezen, en op dat vlak handelen.

Hetzelfde geldt voor nog een aantal andere zaken, zoals jongeren vaccineren. Daar hebben we op dit ogenblik nog geen beslissing rond genomen. Daarrond zijn ook een aantal onderzoeken lopende. Ik vermoed dat dat op een gegeven moment ook mee moet worden ingekanteld in onze vaccinatiestrategie.

Hetzelfde geldt ook voor het derde vaccin. Dat zal dan ten vroegste voor het najaar zijn. U weet dat wij in ons land drie keer zoveel vaccins hebben ingekocht als dat er mensen zijn die gevaccineerd moeten worden. Dus ik denk niet dat volume daar een probleem zal zijn. Maar ik zeg het nog eens: dat zijn zeer goede vragen. Ik kan daar vandaag geen politiek antwoord op geven, maar wij passeren langs onze experten, de Hoge Gezondheidsraad en de Taskforce om op basis van hun adviezen in de interministeriële conferentie antwoorden te geven.

De heer De Reuse heeft het woord.

Voor de leveringen hangen we inderdaad af van externe factoren, dat klopt. Daar kunnen we niet aan doen. Maar voor de zaken waar we wel iets kunnen aan doen, moet u natuurlijk excelleren. Want dat is tenslotte wat deze Vlaamse Regering altijd wil doen. Dus logistiek en administratief moet het vanaf nu perfect lopen, want we kunnen inderdaad geen vertragingen meer tolereren door problemen met reservelijsten. Maar er zijn ook nog problemen met Vaccinnet, waar de registratie nu vertraging oploopt. Daar moet ook nog iets aan worden gedaan, en dat is uw taak, minister Beke. Zorg dat alles goed loopt en dat de schuld niet bij ons ligt.

Mevrouw De Rudder heeft het woord.

Collega’s, we hebben het al een aantal keren gezegd. Enkel door de vaccinaties zullen we door deze pandemie geraken. De vaccinatiestrategie is heel duidelijk, de richtlijnen zijn heel duidelijk en worden goed opgevolgd. De vaccinatiecentra draaien op volle toeren. Dat is goed nieuws. Na de 65-plussers zullen nu ook de risicopatiënten gevaccineerd kunnen worden, dus ook die mensen zijn gerust dat zij binnenkort een uitnodiging in hun brievenbus zullen ontvangen.

Laat ons vooral met z’n allen positief inzetten op die communicatie, zodat we met z’n allen de mensen kunnen blijven overtuigen van het belang van het vaccin. Want nogmaals: enkel het vaccin zal ons terug naar een normaal leven kunnen leiden.

De heer Anaf heeft het woord.

Minister, we hebben altijd de keuze gemaakt om te vaccineren op basis van wetenschappelijke inzichten. We hebben ons daar niet door onder druk laten zetten, zelfs als andere landen dat wel deden. Ik denk dat dat altijd de juiste keuze is geweest. Daarom is het ook zo belangrijk dat die strategie op de juiste manier opgevolgd wordt op het terrein. Dat zorgt dan voor frustraties als dat niet gebeurt, zeker bij mensen met onderliggende aandoeningen die nu soms al een jaar in quarantaine zitten, en die echt snakken naar dat vaccin, om terug een klein beetje die vrijheid te kunnen krijgen. Zeker voor hen is het zeer belangrijk dat ze dat vaccin nu snel kunnen krijgen.

Ik hoop dat collega Saeys en de Open Vld-fractie dat ook niet in vraag stellen – ik kan het ze nu moeilijk vragen –, als er straks een andere beslissing of een ander advies komt. Dan moet er misschien iets anders beslist worden. Maar ik vind echt dat we die wetenschappelijke inzichten moeten blijven volgen.

En voor de rest hoop ik dat overal in Vlaanderen op een juiste manier dezelfde strategie wordt gehanteerd, en natuurlijk dat er geen verdere kinken in de kabels komen, want dat hebt u inderdaad niet helemaal in de hand. Laten we hopen dat die vaccins nu klokvast worden geleverd.

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.