U bent hier

De heer Maertens heeft het woord.

Collega’s, het ging daarnet over de sprong van code geel naar code oranje in het onderwijs. Er is al veel gezegd. Ik steun dat ook. Ik hoorde de minister van Onderwijs zeggen dat het de bedoeling is dat de scholen hun best doen om hun schoolgebouwen, speelplaatsen, enzovoort coronavrij te organiseren, en dat er buiten de schoolpoort ook acties moeten worden ondernomen door lokale besturen. Dat is zeker zo. Maar ook de weg van thuis naar school moet coronaveilig kunnen worden afgelegd. We zijn hier de afgelopen weken een aantal keren over dat thema aan de slag gegaan.

Om de weg naar school coronaveilig te kunnen organiseren, is er voldoende capaciteit nodig. Dat was een probleem, maar dat is opgelost door een inhaalbeweging, door het extra inzetten van bussen uit het privévervoer. Dat weten we. Ik pleit er ook al weken voor om vanuit De Lijn wat meer te gaan controleren op de bussen en rond de bushaltes, om ervoor te zorgen dat de toestanden daar coronaveilig georganiseerd kunnen worden. Daarvoor alleen op de politie rekenen, wordt moeilijk.

Minister, we schakelen voor het onderwijs naar code oranje. Natuurlijk is het dan de vraag of er binnen die code oranje nog andere extra maatregelen van toepassing zullen zijn op het vervoer van leerlingen en scholieren. Met andere woorden: met welke concrete maatregelen zullen u en De Lijn het leerlingenvervoer tijdens de code oranje zo veilig mogelijk organiseren?

De heer D’Haese heeft het woord.

Mijnheer Maertens, als minister Diependaele hier nog zou zijn, zou hij ons omschrijven als ‘bien étonnés de se trouver ensemble’, want we stellen een actuele vraag over hetzelfde onderwerp.

Zeggen dat de coronacijfers serieus in de lift zitten, is een open deur intrappen. We gaan in de richting van de situaties tijdens de eerste golf in april 2020. We hebben de mobiliteit toen van nabij opgevolgd in de voortgangsrapportages over het coronabeleid. De bezettingscijfers bleven toen heel laag. Ze zijn in het begin naar bijna niets teruggevallen en zijn daarna tot een kwart en een derde opgeklommen. Vandaag is dat niet meer het geval. Hoewel we met veel besmettingen zitten, zitten er veel meer mensen op het openbaar vervoer.

Er zijn heel wat versterkingen gekomen. Het is natuurlijk een goede zaak dat meer bussen zijn ingezet. We zullen die discussie niet opnieuw voeren. Volgens mij is dat een beetje laat gebeurd. Dat is pas op 1 september 2020 ontdekt, maar wij hebben daar in juni 2020 al voor gewaarschuwd.

Jammer genoeg heb ik niet de indruk dat het capaciteitsprobleem is opgelost. Ik ontken niet dat er al allerlei zaken zijn gebeurd. Ik hoor en zie echter dat veel passagiers, zeker tijdens de spitsuren, in de bussen nog steeds dicht op elkaar geplakt staan. In de trams is het vaak nog erger. In steden waar trams rijden, is er echt een grote overbezetting van die toestellen.

Enerzijds hoor ik dat de reizigers het nog wat gewoon moeten worden. Ze stappen nog niet op de bus die achter de lijnbus aanrijdt. Anderzijds kan een passagier op een nieuwe bus niet betalen of zijn abonnement niet ontwaarden. Dat is ook een probleem.

Minister, hoe evolueert de bezettingsgraad op de bussen en de trams van De Lijn? Welke maatregelen zult u verder nog treffen?

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Voorzitter, aangezien dit al meermaals aan bod is gekomen, denk ik dat ik het vrij kort kan houden.

Er is hier al vaker gemeld dat de bezettingsgraad in september 2020 rond 50 procent zet. Begin oktober 2020 is dat percentage weer iets gedaald. Nu zitten we net onder 50 procent. Die bezettingsgraad fluctueert. Onze bussen en onze trams zijn uiteraard drukker tijdens de piekuren van het woon-werkverkeer en het woon-schoolverkeer. Tijdens de daluren is het natuurlijk veel rustiger. Dit wordt door De Lijn continu opgevolgd en gemonitord. Waar mogelijk komen er bijsturingen.

Mijnheer D’Haese, u weet dat we met de private busmaatschappijen versterkte ritten hebben ingezet. Vorige week heb ik in de commissie de cijfers gegeven. Van de initieel voorziene 300 bussen zijn er vandaag al 212 toegewezen. Ik heb recent nog heel wat vragen van lokale mandatarissen en andere mensen gekregen. Er zal straks nog een bijkomend bestek voor nog eens 76 extra bussen vertrekken. We krijgen continu opmerkingen. Dat is een boodschap aan iedereen. Wie vaststelt dat bepaalde ritten overbevolkt zijn, stapt uit gezondheidsoverwegingen het best niet op die bussen. Het is dan best te wachten tot de versterkte rit komt. Als er nog geen versterkte rit is, kan dat worden doorgegeven. Zo kunnen we daar onmiddellijk werk van maken.

Ondanks de communicatie hierover heb ik meerdere reacties gekregen van mensen die me vertellen dat niet iedereen die versterkte ritten begrijpt. Ik heb voorgesteld aan elke halte duidelijk de onderrichtingen door te geven. Zo weten mensen dat er na de eerste bus nog een tweede bus komt die ze ook kunnen gebruiken.

Mijnheer Maertens, wat het leerlingenvervoer betreft, doen we al het mogelijke om alles zo veilig mogelijk te laten verlopen. U kent alle geldende veiligheidsmaatregelen. U hebt ondertussen waarschijnlijk vernomen dat op dit ogenblik nieuw materiaal bij De Lijn is toegekomen om de stuurposten van de chauffeurs nog beter af te schermen. Voor het overige blijven we ten volle inzetten op het hygiënemateriaal en op de desinfectie van de bussen. Daarvoor worden de externe poetsfirma’s continu ingezet. De pachters en diegenen die met de versterkte ritten rijden, doen dat uiteraard ook allemaal.

Nu, als het dan specifiek gaat over het verhaal van code oranje: in het buitengewoon onderwijs zullen we ten volle alles houden wat we hebben ingezet. Ik denk dat u weet dat we daar 180 bussen extra hebben ingezet. Mochten er daar straks in het onderwijs een aantal elementen veranderen, dan kijken we in de richting van het departement Onderwijs om bepaalde richtlijnen te volgen. Maar ik wil alleszins niet terug naar het verhaal van voorheen, waar sommige kinderen vier of vijf uur op een bus zitten. Daar blijven we alleszins vasthouden aan die extra ritten.

Wat het overige betreft: dat zijn de reguliere ritten. Ik denk dat daarvan het verhaal voldoende bekend is. Ik dank u.

De heer Maertens heeft het woord.

Ik dank u voor uw antwoord. Ik denk dat ik er niet naast klop als ik zeg dat ook dat openbaar vervoer echt een hoeksteen is om de scholen in oranje of rood voldoende open te houden, en coronaveilig hun werking te laten organiseren. Dat is bijzonder belangrijk, en dat blijft ook zo. We kennen de context van de extra bussen voor het buitengewoon onderwijs. Er zijn de versterkte ritten die u nu zult opdrijven. Er zijn lokaal hier en daar nog wel problemen qua drukte, maar met die nog eens 76 extra bussen moet dat wel opgelost raken. Ik vraag mij ook af of er nog voldoende privéaanbieders worden gevonden om die ritten te doen.

Maar vooral: u of De Lijn kondigde in de pers aan dat er niet alleen extra versterkte ritten zouden komen, maar dat er ook meer controle zou komen. Het gaat dan om controle op het naleven van de coronaveiligheidsmaatregelen in en rond de bussen en trams. Mijn vraag is hoe ik dat concreet moet zien. Hoeveel mensen worden daarvoor ingezet en waar gebeurt dat? Is dat vooral een verhaal van de grote steden en de drukste assen of gaat het ruimer dan dat?

De heer D’Haese heeft het woord.

Bedankt voor het antwoord. Ik ben blij dat er goed gemonitord wordt en dat er bijgestuurd wordt. Als ik het goed begrijp, zijn er 300 bussen die kunnen worden ingezet: 212 plus de 76 die nu verdeeld zijn. Ik vroeg mij af of die 300 bussen een hard plafond zijn, of kunnen we daar nog boven gaan als dat nodig blijkt? Ik wil nu niet doemdenken, maar ik denk niet dat we er daarmee al gaan zijn.

Ik heb ook een concrete vraag rond de trams, omdat men die niet altijd kan volgen met een volgbus, terwijl het grootste probleem zich daar situeert. Is er daar nog zicht op oplossingen?

Ik heb ten slotte nog een oproep. Ik denk dat we vandaag zien dat we naar die autocarbedrijven moeten stappen om extra bussen in te leggen, omdat er gewoon geen reserve is bij De Lijn zelf. Dat hebben we nu kunnen vaststellen. Ik denk dat de bestelling van die nieuwe bussen die er zit aan te komen, ongelooflijk belangrijk is, maar ik wil er ook voor pleiten om die vergroening, die vernieuwing, van dat wagenpark te versnellen. Zo kunnen we zorgen dat we meer reserve hebben om dit soort zaken op te vangen.

Mevrouw Robeyns heeft het woord.

Minister, we hebben het er in de commissie al vaak over gehad, en we hebben daarstraks een heel debat over de files gehad. Veilig en openbaar vervoer is vandaag meer dan ooit belangrijk. Mensen moeten het openbaar vervoer durven blijven nemen. En daarom moet er inderdaad voldoende capaciteit zijn en moeten we ook garanties hebben dat die veiligheidsmaatregelen worden nageleefd. Ook bij die private autocars moeten dezelfde veiligheidsmaatregelen worden genomen als bij De Lijn.

U hebt de vorige keer in de commissie gezegd dat we voortdurend moeten bijsturen en anticiperen. Dat is in het hele coronaverhaal voor iedereen zo. Maar ik wil toch nog graag eens mijn oproep herhalen naar duidelijke communicatie. Als mensen problemen vaststellen of als er versterking nodig is, waar kunnen ze dat dan melden? U zegt zelf dat er nog wat meer communicatie nodig is.

Tot slot heb ik nog een vraag. Is er ondertussen nog nieuws over de fameuze druktebarometer waaraan De Lijn aan het werken is?

De heer Keulen heeft het woord.

Inderdaad, minister, u hebt een inventaris opgesomd van alle inspanningen die gebeuren om veilig busvervoer te organiseren, en die zijn niet gering. Ik heb nog een randbemerking, maar dat is misschien iets wat u samen met de lokale besturen moet bekijken. Ik stel vast dat het aan bushaltes vaak heel druk is, dat daar ook mensen staan zonder mondmasker, en dat ook de afstand niet altijd wordt gerespecteerd. Misschien kan De Lijn daar op communicatief vlak, eventueel samen met de steden en gemeenten, een campagne voeren, om te sensibiliseren en te motiveren. Uiteraard kan de lokale politie daar ook altijd optreden. Maar ik denk dat we daar ook in de motiverende, sensibiliserende zin samen iets voor elkaar kunnen betekenen. Ik bedoel daarmee: Vlaanderen met De Lijn, en ook met de lokale besturen waar die bushaltes liggen.

De heer Bex heeft het woord.

Minister, ik denkt dat er heel veel inspanningen worden geleverd door u en door De Lijn. U hebt er ook naar verwezen. Ik heb twee aanvullende vragen bij uw uiteenzetting. Ten eerste, hoe staat het met die druktebarometer? Ik denk dat het heel belangrijk is dat mensen kunnen inschatten hoe druk het zal zijn op de bus die zij willen nemen, voor ze naar de bushalte gaan.

Ten tweede, is het niet mogelijk om die pieken waar u zelf ook naar hebt verwezen wat te spreiden? Ik denk dat dat zeker kan voor mensen die in bepaalde jobs werken maar dat het misschien ook kan voor een aantal scholieren van de tweede en de derde graad. Mevrouw Meuleman heeft er daarnet al naar verwezen. Door een spreiding van de starturen van de scholen kunnen ze misschien op andere uren de bus nemen, iets later, zodat er minder drukte is. Hebt u daarover al overleg gehad met minister Weyts?

Mevrouw Brouwers heeft het woord.

Het komt bijna wekelijks aan bod dat de coronacrisis een grote impact heeft op het openbaar vervoer. Zoals u weet, heeft de CD&V-fractie in de zomervakantie een conceptnota ingediend waarin we onder meer naar die druktemeter vroegen. Daarnaast hebben we ook tijdens de zomer de idee gelanceerd, samen met collega Vandromme en collega Ceyssens, die hier vandaag niet mocht zijn – zo gaat dat nu –, over het inzetten van autocars. We hebben vastgesteld dat De Lijn daar niet wilde op ingaan. U hebt dat gelukkig wel gedaan en het is ook nodig gebleken, maar het aanbod is hier en daar nog onvoldoende.

De collega’s geven een aantal zaken door. Zo hoor ik net van collega Vandromme dat ze een hele lijst van West-Vlaamse overvolle bussen had doorgegeven en dat knelpunten intussen voor een groot deel zijn opgelost. Dat is allemaal positief. Nu lezen we dat er na de herfstvakantie of zelfs al eerder extra controleurs zullen komen. Wanneer die controleurs die leerlingen dan verbieden om een bus te nemen omdat die vol zit en de volgende komt pas een half uur later, dan komen die leerlingen te laat op school.

Afronden alstublieft.

Ik herhaal dan ook mijn vraag van vorige week: hoe zit het met de druktemeter waarmee men beter kan inschatten hoe druk het zal zijn op de bus die men wil nemen?

De heer Slagmulder heeft het woord

Minister, ik wil eerst en vooral zeggen dat ik voorstander ben van die samenwerking tussen De Lijn en de private autocarsector. De Vlaamse Regering heeft financiële middelen vrijgemaakt om tot eind december extra bussen te laten rijden. De vraag is natuurlijk wat er na Nieuwjaar zal gebeuren. Ik doe daarom nu al een oproep om na Nieuwjaar, bij nog maar eens een nieuwe golf, verder te blijven werken met de private autocars aangezien toeristische uitstappen toch niet kunnen doorgaan. Op die manier kunnen hopelijk toch faillissementen worden vermeden.

Collega’s, nu de horeca gesloten is als gevolg van het stijgende besmettingsgevaar, is het inderdaad onbegrijpelijk te moeten vaststellen dat er tot op vandaag nog altijd her en der overvolle bussen rondrijden. Momenteel verloopt alles in de scholen relatief veilig en we moeten ook proberen om dat zo te houden. Maar buiten de schoolmuren zitten we blijkbaar nog altijd met die overvolle bussen, wat het besmettingsgevaar alleen maar vergroot. Dat leidt tot heel wat verontwaardiging.

Minister, mijn collega Roosmarijn Beckers, heeft daar in augustus al voor gewaarschuwd in de commissie.

En wat is uw vraag alsjeblieft?

Zij heeft ervoor gewaarschuwd dat dit er zat aan te komen. Het is nu bijna herfstvakantie en het probleem is nog altijd niet van de baan. Dat is onbegrijpelijk. Het wordt dan ook hoog tijd dat het probleem van die overvolle bussen in heel Vlaanderen wordt opgelost.

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Collega’s, bedankt voor de bijkomende vragen. Wat de druktebarometer betreft waar een aantal collega's terecht naar vragen, heeft men me verzekerd dat hij binnen twee weken zal worden geïntroduceerd op de bussen. Ik hoop alleszins er begin november werk van te kunnen maken zodat alle reizigers duidelijk op voorhand kunnen checken hoe druk het is op bepaalde voertuigen en of het aangewezen is om die bepaalde lijn al dan niet te gebruiken. Dat is op zich goed nieuws.

Wat de communicatie betreft en de vraag om nog eens te sensibiliseren, daar heb ik zeker wel oren naar. Gisteravond laat hebben we nog een Teams-vergadering gehad met de andere collega's inzake mobiliteit. Het verhaal van het overvol openbaar vervoer tijdens de piekuren doet zich niet alleen voor bij De Lijn maar ook bij de NMBS, en niet alleen in Vlaanderen maar ook in Brussel en Wallonië. We hebben dan ook afgesproken om nog meer in te zetten op de communicatie over de hygiënemaatregelen die niet altijd worden gehonoreerd. Die moeten ten volle worden gerespecteerd in ieders belang.

Zoals ik daarstraks al zei, willen we zeker ook aan de haltes nog eens duidelijk kenbaar maken dat er op die lijn eventueel nog een versterkte rit komt, zodat men weet dat men niet echt moet drummen op de eerste bus om erbij te kunnen. De geruststelling dat er een tweede bus komt, zullen we nog eens duidelijk kenbaar maken.

Bijkomend: we zijn op dit ogenblik bezig met een dossier, dat zal worden voorgelegd aan de Vlaamse Regering, om onze lijncontroleurs politionele bevoegdheid te geven, zodat zij specifiek inzake het dragen van een mondmasker ook GAS-boetes zullen kunnen opleggen. Nu kunnen ze immers alleen maar opmerkingen maken en iemand berispen, maar voor de rest is het eventueel wachten op bijstand van de politie om al dan niet een boete op te kunnen leggen. Ik hoop uiteraard dat dat eenieders goedkeuring kan wegdragen.

Wat de privéaanbieders betreft: de private autocarbedrijven hadden om en bij de 1700 bussen ter beschikking. Er is dus nog wel ruim voldoende capaciteit om in te zetten. Zoals sommigen al zeiden, is dat inderdaad niet alleen een extra ondersteuning voor De Lijn om ervoor te zorgen dat de capaciteit wordt verhoogd en dat men veilig het openbaar vervoer kan gebruiken, maar het is tegelijkertijd ook een economische maatregel ten aanzien van die private autocarbedrijven, zodat zij toch een klein beetje soelaas hebben. Zij kunnen hun mensen en materieel inzetten en kunnen ook een bijdrage leveren wat het probleem van de overvolle bussen betreft die er soms in de piekmomenten zijn.

Wat volgend jaar betreft: we hadden inderdaad initieel een dossier aan de Vlaamse Regering voorgelegd voor een budget tot en met het einde van dit jaar, omdat dat eigenlijk uit het coronafonds werd genomen. Het zal echter sowieso duidelijk zijn dat we daar na 1 januari ook nog op zullen moeten inzetten als we willen dat onze kinderen veilig met het openbaar vervoer naar school kunnen gaan, als we willen dat het woon-werkverkeer met het openbaar vervoer op een veilige manier kan. We zijn dus een nieuw dossier aan het klaarmaken voor de periode vanaf 1 januari, want, opnieuw, die versterkte ritten, zowel voor het leerlingenvervoer in het buitengewoon onderwijs als voor de reguliere lijnen, zullen we echt wel nodig hebben. Daar blijven we dus zeker ten volle op inzetten.

Mevrouw Robeyns, wat de duidelijke communicatie betreft: we hebben inderdaad zelf ook contact opgenomen. Continu kregen wij nog vragen van mensen over volle lijnen. Opnieuw, het meldpunt van De Lijn dient daartoe, maar ik heb ook wel altijd overal kenbaar gemaakt dat men dat ook gerust naar ons kabinet mag doorsturen, dat wij dat ook zo snel mogelijk zullen doorgeven aan De Lijn. We hopen dus dat we zo die versterkte ritten ten volle kunnen inzetten, in het belang van de veiligheid van iedereen.

De heer Maertens heeft het woord.

Minister, ik ben het eens met het pleidooi van collega Keulen voor meer sensibilisering aan de haltes zelf en in de buurt van die bussen. Ik denk ook dat de controleurs – what’s in a name – van De Lijn daar ook sensibiliserend moeten optreden, in de eerste plaats, maar dat ze inderdaad ook moeten kunnen handhaven. Dan is het een goede zaak dat die politionele bevoegdheid, althans om GAS-boetes uit te reiken, zouden kunnen krijgen. U weet ook wel dat daar een hele opleiding aan voorafgaat, dus dat dat niet voor morgen zal zijn. Dat zal nog wel even op zich laten wachten, dus pleit ik echt voor een doorgedreven sensibilisering.

Ik wil nog één ding vragen, namelijk dat de onderwijssector en De Lijn zeer nauw in contact blijven, niet alleen nu, maar ook in de toekomst, want als er scholen in code oranje bijvoorbeeld op een halvedagregeling gaan overschakelen, dan zal dat een impact hebben op het openbaar vervoer, en dan zullen ook bij grote scholen die versterkte ritten nodig zijn. Ik pleit er dus voor dat men zeer nauw in contact blijft.

De heer D'Haese heeft het woord.

Minister, u zei daarnet dat er in september nog ongeveer de helft bezettingsgraad was. Dat is dan jammer genoeg gedaald in oktober. Het is toch wel een teken aan de wand dat er ondanks de maatregel echt wel een alternatief zou moeten blijven. Corona gaat jammer genoeg nog wel even duren. Ik denk dat er nood is aan duurzame oplossingen en aan snel schakelen.

Los van het feit dat het goed is dat er nu maatregelen zijn, is het toch jammer om te zien hoeveel tijd er verloren is gegaan. Eind augustus zei u nog in de pers: we zullen extra capaciteit voorzien als het nodig is. Natuurlijk was het op voorhand al overduidelijk dat dat nodig zou zijn. Dat kon ieder schoolkind u vertellen. Toch heeft men daarmee gewacht en hebt u pas in oktober voor versterking gezorgd, wat ondertussen een effect heeft op de reizigersaantallen.

Nu horen we dat de druktebarometer er begin november zal zijn. Ja, dat is toch opnieuw onwaarschijnlijk veel tijd verloren. We hebben een rustige zomer gehad waarin het openbaar vervoer minder wordt gebruikt. Men heeft die zomer niet benut om voorbereid te zijn op de tweede golf, op dat nieuwe semester, en dat vind ik bijzonder jammer.

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.