U bent hier

De heer Slootmans heeft het woord.

Minister, u weet dat Kind en Gezin eind vorige week nieuwe cijfers bekendmaakte. Het zijn onthutsende cijfers. Het blijkt dat amper een kwart van de moeders die het afgelopen jaar een kind kregen, nog Nederlands spreken binnen hun gezin. Een paar weken daarvoor bleek uit de cijfers van Statbel dat de enorme bevolkingstoename in de Rand voor 80 tot 90 procent het gevolg is van immigratie. Het gaat dan niet om Hollanders of Duitsers; de grootste toename wordt vastgesteld bij Roemenen, Polen en Afrikanen. Bij Roemenen gaat het zelfs om een verachtvoudiging. Het gevolg, minister, is dat ondertussen vier op de tien inwoners in de Rand van vreemde herkomst zijn. In de groep van 0-tot-24-jarigen is de groep van mensen van niet-Belgische herkomst zelfs gegroeid tot 56 procent.

U zult het met mij eens zijn, minister, dat deze bevolkingsexplosie in de Rand, die eigenlijk een immigratie-explosie is, toch een aantal pertinente problemen in de Rand op scherp stelt. Ik heb mij voor mijn opsomming gebaseerd op uw eigen beleidsnota. Ik denk aan het bijna letterlijke afsterven van het Vlaamse en groene karakter, de verhoogde druk op de woningprijzen, de toename van het fileleed en de onveiligheid, het groeiende tekort aan plaatsen in onze scholen, de toenemende islamisering, de pijlsnelle daling van het onderwijsniveau, enzovoort.

U bent, wat het onderwijsniveau betreft, de juiste persoon. Daarvoor verwijs ik naar de dramatische cijfers die naar voren kwamen op het colloquium ‘Stand van de Rand’. Daar bleek nogmaals hoe dramatisch het gesteld is met het onderwijsniveau in de Rand. Ik citeer uw eigen onderwijsbeleidsmedewerkster mevrouw Christel Opdebeeck. Zij had het over “een zeer somber beeld en een situatie die echt wel heel erg is”.  Ik geef één voorbeeld, minister. Bij de leerlingen in het secundair onderwijs in de Rand ligt de schoolse vertraging meer dan een kwart hoger dan in het Vlaamse Gewest.

Minister, zult u de cijfers van Kind en Gezin en van Statbel, die opnieuw een alarmsignaal zijn voor de Rand, aangrijpen om uw Randbeleid te intensifiëren? Ik denk daarbij aan twee zeer concrete beloften: het voorrangsbeleid voor Nederlandstaligen in het Nederlandstalig onderwijs, en het voorbehouden van kavels voor mensen met een streekbinding.

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Ik ben de grootste voorvechter van het groene en Vlaamse karakter van de Vlaamse Rand. Ik doe dat wel graag met correcte cijfers. Op dat vlak wil ik u toch waarschuwen dat het onze zaak geen deugd doet wanneer zaken al dan niet bewust verkeerd worden voorgesteld, en dat u in uw communicatie de cijfers wat verdraait. U zegt dat het aantal anderstalige gezinnen schrikbarend is gestegen. Wat Kind en Gezin bevraagt, is de taal van de moeder. U gooit alle eventueel taalgemengde gezinnen in uw communicatie bij de rest. Vervolgens past u de rekenkunde van de Zweedse kok van The Muppets toe door tot een percentage te komen door gewoon alle percentages van de gemeenten op te tellen en te delen door het aantal gemeenten, even abstractie makend van de bevolking van elke gemeente. Let daarmee toch op, dat doet onze zaak geen deugd, de zaak die we delen: de behartiging van het Vlaamse en groene karakter.

Maar bij uitstek ben ik ook een groot strijder tegen de ontnederlandsing van onze streek. Dat is belangrijk voor de sociale cohesie in onze regio. Ook op het vlak van Onderwijs en aanverwanten is dat belangrijk, net om daar geen leerachterstand te zien en een daling van het niveau in het algemeen. Net daarom hebben we met deze Vlaamse Regering – ik volg dat al heel lang – zowat het sterkste regeerakkoord op het vlak van de verdediging van het groene en Vlaamse karakter van de Vlaamse Rand. Het sterkste regeerakkoord, en niet alleen in woorden, maar ook in daden.

Concrete beleidsinitiatieven, waarvan u er enkele hebt opgesomd, maar ook concrete financiële engagementen, waarbij we alleen voor deze regeerperiode fors meer investeren in de Rand. Voor Halle-Vilvoorde gaat het om 113 miljoen euro extra via allerhande kanalen, ook rechtstreeks via een Vlaams Randfonds waarmee we 20 miljoen euro ter beschikking hebben gesteld om specifieke problematieken aan te pakken in de Vlaamse Rand.

We hebben heel wat op stapel staan, we gaan die strijd zo maximaal mogelijk aan tegen de ontnederlandsing en voor een Vlaams en groen karakter van de Vlaamse Rand. (Applaus van de heer Karl Vanlouwe)

Minister, wat de cijfers betreft, hebben we inderdaad kosten noch moeite gespaard om bij Kind en Gezin de nominale cijfers te krijgen, maar die weigert men te geven. Dit voor de vorm.

De budgetten die u aangeeft, zijn ons ondertussen genoegzaam bekend, en de aankondigingen nog meer. Aan aankondigingen is er bij u nooit gebrek. Onlangs las ik in Knack dat collega's van uw eigen meerderheid u de koning van de aankondigingspolitiek noemen. Ik begin steeds beter te begrijpen wat ze daarmee bedoelen. Ik heb het daarom eens opgezocht: de voorrangsregeling voor Nederlandstalige leerlingen in het Nederlandstalig onderwijs, dat kondigt uw partij al aan van in 2012. Ik heb de partijcommuniqués bij.

Minister, de leerkrachten en de ouders willen geen beloften meer, zij willen daden zien. Ik geef een voorbeeld. Een vriendin van mij – u kent de school waar ze lesgeeft – geeft les in een klas van 22 leerlingen. 18 daarvan zijn anderstalig. Bij die 18 heb je dan nog 8 verschillende talen en onder hen nog eens een aantal mensen met gedragsproblemen. Weet u hoe zij 's avonds naar huis komt? Al wenend, al jankend. En weet u waarom? Omdat zij met de beste wil van de wereld haar job niet meer kan uitoefenen als gevolg van de massale influx van anderstaligen. Mijn bijkomende vraag is dan ook heel simpel: wanneer schiet u deze radeloze mensen eindelijk te hulp? (Applaus bij het Vlaams Belang)

De heer Van Rompuy heeft het woord.

Minister, we hebben samen ons best gedaan om zoveel mogelijk middelen te mobiliseren voor de Vlaamse Rand en dat is deze keer meer dan ooit gelukt. Die 113 miljoen euro zullen we wel degelijk ten volle kunnen gebruiken en inzetten.

Het is een goede zaak dat u als minister van de Vlaamse Rand ook minister van Onderwijs bent, want onderwijs is nog altijd de beste motor voor de promotie van de taalkennis. Om de verdringing tegen te gaan in de keuze van de school in de Vlaamse Rand wil ik u het volgende vragen. Binnenkort komt het nieuwe masterplan met de scholenbouw om meer dan ooit rekening te houden met de Vlaamse Rand zodat we daar voldoende extra capaciteit kunnen bouwen.

Mevrouw De Coninck heeft het woord.

Minister, inderdaad, de Rand kent specifieke problemen en dat weet iedereen, zeker ook deze regering. Het is voor het eerst dat deze regering zoveel middelen vrijmaakt voor de Vlaamse Rand. Uiteraard is en blijft het Nederlands de belangrijkste hefboom van het inburgeringsbeleid. Dat applaus daarnet was dus zeer terecht.

Minister, op het colloquium hebt u enkele weken geleden twee concrete projecten aangehaald die daar werk van maken, die specifiek inzetten op de taalproblematiek, op de kennis van het Nederlands. Niet enkel op het Vlaamse niveau gebeuren er zaken, ook op het lokale terrein gebeurt er al heel wat, want in alle randgemeenten worden er op maat en op schaal inspanningen geleverd. Ik noem er twee: in Sint-Pieters-Leeuw gaat men alle nieuwkomers actief contacteren en informeren over het aanbod van Nederlandse lessen, van werk zoeken enzovoort. In mijn eigen gemeente werken we met een gemeentelijke verwervingspremie die toelaat dat onze jongeren dat duwtje in de rug krijgen om in de eigen gemeente te kunnen blijven wonen.

Hebt u een vraag?

Minister, op welke manier kijkt u naar die verschillende lokale initiatieven en zullen die verder worden ondersteund?

De heer Schiltz heeft het woord.

Minister, geen rand zonder stad en geen stad zonder rand. Ik denk dat er in elke grootstad of in elke grote stad een wisselwerking is tussen de stad en de rand. Uiteraard onderschrijven wij de talloze initiatieven die de Vlaamse Regering neemt om de woon- en onderwijskwaliteit in de Rand hoog te houden en ook de budgetten die daarvoor zijn vrijgemaakt.

Ik heb van thuis uit geleerd dat een goede Vlaming ook goed Frans spreekt. Ik ben daar misschien uniek in, maar tweetaligheid geeft, zoals u terecht hebt aangehaald, niet per se een indicatie van ontnederlandsing en kan ook een verrijking zijn van diegenen die meerdere talen spreken. (Gelach van Klaas Slootmans)

De heer Schiltz heeft het woord.

Minister, overweegt u om samen te werken met de Brusselse Regering om de kwaliteit van het Nederlands in Brussel en de Rand op peil te houden?

Minister Ben Weyts

Mijnheer Slootmans, het siert u dat u toegeeft dat de cijfers niet accuraat zijn, maar ik zou er dan ook geen gecommuniceerd hebben.

Inzake de voorrangsregeling is het heel duidelijk – we hebben daar al verschillende keren in de commissie over gesproken – dat ik wil dat we bij inschrijving voorrang zouden kunnen geven aan mensen die wonen in een gemeente waar secundair onderwijs wordt gegeven ten opzichte van mensen uit bijvoorbeeld het Waalse Gewest. Ik vind het totaal onrechtvaardig dat leerlingen die uit Wallonië komen, wel ingeschreven geraken in een school in Sint-Genesius-Rode en kinderen van inwoners niet. Ik krijg dat niet uitgelegd.

Onderwijsdecreet XXX komt eraan, waarin de taalscreening is opgenomen. Ook daar ligt opnieuw de focus op het Nederlands, waarbij we er alles aan proberen te doen om te verhinderen dat leerlingen in het lager onderwijs starten met een taalachterstand.

Het masterplan Scholenbouw is een andere categorie. We zullen daar zeker en vast aandacht hebben voor de Vlaamse Rand, gewoon omdat de noden daar het allergrootst zijn. Als je vergelijkt met alle regio's, dan komt de Vlaamse Rand er steeds als de meest noodlijdende uit. We gaan die nood ook lenigen.

Tot slot wil ik ook meegeven dat we taalstimulerende activiteiten allerhande ondersteunen. Ik heb net een open oproep gedaan voor taalstimulerende activiteiten die we zullen subsidiëren tijdens de zomervakantie. We hebben maar liefst tachtig dossiers binnengekregen, waarvan twaalf in de Vlaamse Rand. Het is zeer goed dat we ook tijdens de vakantie zullen focussen op het Nederlands en eventuele achterstand zullen bijspijkeren.

Ja, mijnheer Schiltz, ik werk heel graag samen met de Brusselse Regering en met de Franstalige collega's. Ik hoop vooral dat er ook in het Franstalig onderwijs in Brussel extra investeringen komen en dat men ons investeringspad eindelijk zal volgen, want dat zal er ook toe leiden – aangezien we enigszins communicerende vaten zijn – dat we minder druk zullen hebben op het Nederlandstalig onderwijs in Brussel en de Vlaamse Rand. (Applaus bij de N-VA)

De heer Slootmans heeft het woord.

Minister, het belangrijkste dat ik uit uw antwoord lees inzake de voorrangsregeling, is dat we nog een beetje geduld moeten uitoefenen. Van een timing is nog altijd geen sprake. Geduld: dat zegt uw partij nu al zestien jaar. ‘Geduld, mannekes, het komt wel in orde.’ Maar het geduld in de Rand is op. De cijfers staan op rood. Het huis staat in brand.

Drie op de vier jonge gezinnen is anderstalig en 40 procent van vreemde herkomst. Er zijn de nieuwe herkomstcijfers van Statbel, de taalcijfers van VDAB, de prognoses van het Planbureau. En wat is uw reactie? Dat ik de situatie een beetje verkeerd voorstel. In de krant zei u zelfs: ‘Die Slootmans, dat is eigenlijk niet zijn boodschap. Dat is eigenlijk gitzwarte reclame voor de Rand.’ Het is niet wat ik zeg dat gitzwart is, maar het zijn de feiten die gitzwart zijn. Als er nu niet wordt opgetreden, dan wordt de Rand een kopie van Anderlecht of Schaarbeek. Ik mag hopen dat dat niet uw ministeriële nalatenschap is.

Wat mij daarbij nog het meest verontrust, is dat u daarbij krak dezelfde argumenten gebruikt die destijds tegen de Vlaamse Beweging zijn gebruikt toen ze waarschuwde voor de gevolgen van de faciliteiten: ‘Het zal allemaal wel meevallen, we gooien er wat integratiecheques tegenaan en dan komt het allemaal wel in orde.’ Wel, 57 jaar later zien we dat de Vlamingen een marginale minderheid zijn geworden. U zou dat moeten weten als Vlaams-nationalist.

Kunt u afronden?

We verwachten dan ook actie en geen struisvogelpolitiek. (Applaus bij het Vlaams Belang)

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.