U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 4 maart 2020, 14.02u

Voorzitter
van Sam Van Rooy aan minister Zuhal Demir, beantwoord door minister Bart Somers
420 (2019-2020)

De heer Van Rooy heeft het woord.

Beste voorzitter, lieve fractiegenoten, ambtsgenoten en minister Somers, ‘Hoe Bart Somers plotseling klimaatminister werd’, dat kopt De Morgen vandaag. Deze linkse pretgazet is, net zoals de linkse en groene partijen in dit parlement, uiteraard zeer opgetogen over deze toch wel gifgroene demarche van minister Somers.

Blijkbaar heeft deze diversiteitsgoeroe niet genoeg werk met het inburgeren en uitburgeren van honderdduizenden niet of nauwelijks integreerbare moslims in Vlaanderen. Want nadat hij zichzelf in deze regering van de N-VA heeft mogen kronen tot zogenaamd minister van samenleven, dringt minister Somers zich nu ook op als minister van klimaat. Mijnheer Somers, wij wachten in spanning tot u uw nieuwe eed aflegt. Want u stoot daarmee natuurlijk op een schaamteloze wijze de Vlaamse klimaatpaus van de N-VA, Zuhal Demir, van haar troon.

Met uw klimaatplannen wilt u zelfs nog verder gaan dan Zuhal Demir, met een CO2-reductie van tot wel 40 procent in amper tien jaar tijd. En daarvoor moeten volgens u de steden en gemeenten in Vlaanderen financieel opdraaien. Per burger moeten er een boom en een halve meter haag worden gepland. En per tweehonderd inwoners moet er een laadpaal komen. Dat is veel meer dan er in het klimaatplan werd voorzien, en dat kost dus ook veel meer belastinggeld. Ik lees dat u zelfs 1 miljoen euro wilt gaan gebruiken om zogenaamde klimaattafels te organiseren.

Mijn vraag aan u is dan ook of u deze klimaatplannen van u als nieuwe klimaatminister kunt toelichten. Kunt u ook uitleggen waarom u, als origineel minister van Binnenlands Bestuur en Inburgering, de oorspronkelijke minister van klimaat Zuhal Demir eigenlijk – laat ons eerlijk zijn – een brevet van onvermogen geeft?

De heer Tobback heeft het woord.

Minister, ik ga mij niet bezighouden met de bevoegdheidsverdeling in de Vlaamse Regering. Dat is lastig genoeg voor de mensen die zich daar wel mee moeten bezighouden. Ik ga bovendien, in tegenstelling tot mijn collega hier daarnet, niet betreuren dat u ambitieus bent. Integendeel. 6 miljoen bomen, 3 miljoen kilometer haag. Of meter haag, excuseer. (Gelach)

Ambitie mag, maar ik laat mij meeslepen.

Ik kan dat alleen maar toejuichen. En ik kan het alleen maar toejuichen dat u tegenover het inderdaad defensieve en negatieve beeld dat deze Vlaamse Regering vaak met betrekking tot het klimaatbeleid oproept, iets voluntaristischers zet. De gemeentebesturen zullen daarover zeer enthousiast zijn. Ik kan u in elk geval zeggen dat in de steden en gemeenten waar sp.a mee bestuurt – u moet dat ook eens proberen – wij dat met heel veel plezier zullen ondersteunen.

Maar als ik naar de concrete feiten kijk, en naar wat u concreet op tafel legt, word ik toch wel een klein beetje ongerust. Aan praatjes groeien geen blaadjes. Met 1 miljoen euro zult u echt geen 6 miljoen bomen planten. Daar hebt u minstens 60 miljoen euro voor nodig. Die 6 miljoen bomen zullen bovendien niet helpen om voor 40 procent reductie van de emissie te zorgen. Daarvoor zult u ook moeten investeren in openbaar vervoer, in renovatie van overheidsgebouwen, noem maar op. En ook daar zullen alle Vlaamse gemeenten ongetwijfeld zeer enthousiast over zijn. Alleen, de Vlaamse Regering waarvan u viceminister-president bent, doet tot nu toe precies het tegenovergestelde.

Mijn vraag is heel simpel: hebt u met uw collega’s en om te beginnen met uw eigen partijgenoten afspraken gemaakt over investeringen in openbaar vervoer, in plaats van lijnen van De Lijn te schrappen, of in renovaties van overheidsgebouwen, in plaats van bezuinigingen? Hebt u garanties van uw collega’s dat er daarvoor middelen zijn? Of – en ik hoop van niet – bent u zich alleen maar aan het profileren? Dat zou heel jammer zijn. (Applaus bij sp.a)

Minister Somers heeft het woord.

Minister Bart Somers

Collega’s, de Vlaamse Regering heeft een ambitieus klimaatplan goedgekeurd. Als u dat goed gelezen hebt, ziet u op pagina 3: de bevoegde minister, collega Demir, nodigt de overige ministers uit “om binnen hun beleidsdomein gerichte en onderbouwde bijkomende maatregelen te formuleren en te nemen die een bijdrage leveren aan de Vlaamse energie- en klimaatdoelstellingen”.

Voor alle duidelijkheid, wat ik de voorbije uren heb gezien van sommigen in de media, is voor een stuk framing, waarbij men in plaats van schouder aan schouder te vechten voor klimaatdoelstellingen probeert de ene minister tegen de andere uit te spelen, terwijl het net de klimaatminister zelf is die daar een zeer voluntaristische rol in speelt, die haar collega’s uitnodigt om elk in zijn of haar domein mee het verschil te helpen maken.

Ik ben minister van Binnenlands Bestuur, verantwoordelijk voor de lokale besturen, en ik zie daar grote mogelijkheden omdat ik heel sterk geloof in die lokale besturen als sterkste besturen van Vlaanderen. 269 gemeentebesturen hebben een burgemeestersconvenant ondertekend. Daarmee engageren ze zich om zelf ook een klimaatplan te maken en om uit te leggen hoe ze dat financieren. In alle meerjarenplannen van onze gemeentebesturen zitten maatregelen. Er zijn er bijna 100 die zeggen dat zij in 2030 min 40 procent willen realiseren. Wel, als ik als minister van Binnenlands Bestuur de good practices kan samenbrengen, onze gemeentebesturen kan mobiliseren en aanmoedigen om extra inspanningen te doen, dan denk ik dat wij daarmee net een dienst bewijzen aan onze klimaatdoelstellingen. We doen dat niet in confrontatie met elkaar, we doen dat samen. We zijn daar even ambitieus in.

Niet elke maatregel die een lokaal bestuur neemt, hoeft geld te kosten. Ik geef een concreet voorbeeld. In een stad die ik heel goed ken, is men heel hard aan het inzetten op deelmobiliteit. Men gaat daar naar 350 deelwagens. Die stad legt daarvoor geen euro op tafel. Wat zij wel doet, is burgers motiveren en meezoeken om te zeggen: ‘Zou u uw tweede en derde wagen niet inruilen voor een deelwagen?’ Tweede concreet voorbeeld. Vandaag hebben in Vlaanderen 66 gemeenten een bomencharter ondertekend. Zij engageren zich om tegen 2024 bijna 700.000 extra bomen aan te planten. Ze hebben dat nu al gedaan. Als we dat kunnen uitbreiden naar de 300 gemeenten, als we onze gemeentebesturen kunnen aanmoedigen om dat allemaal te doen, dan halen we die 6,6 miljoen extra bomen. Die komen dan boven op de 4000 en 10.000 hectare die collega Demir in 2030 wil realiseren.

Het is dus niet het ene tegen het andere, het is het ene met het andere. Klimaat is een verantwoordelijkheid van ons allemaal, van de Vlaamse Regering, van de lokale besturen, van de bedrijven en van de burgers. Wat we allemaal samen zouden moeten doen in plaats van te wijzen naar elkaar en te zoeken naar de verschillen, is de krachten bundelen en schouder aan schouder vooruitgaan. Dan gaan we zeker die 35 procent halen, en misschien zelfs meer. Daar kunnen we alleen maar blij om zijn. (Applaus bij Open Vld)

Minister, ik moet toch concluderen dat het niet veel om het lijf heeft. U pakt groot uit in de media met min 40 procent, en nu moet u de gemeenten aanmoedigen. Ik heb drie concrete vragen voor u. De eerste is een beetje persoonlijk, ik hoop dat u mij dat vergeeft. Eigenlijk mag ik maar één vraag stellen, u kunt dan zelf kiezen welke u beantwoordt. (Gelach)

Minister, ik vraag me af waarom u zo inzet op het aanplanten van bomen, terwijl u in uw eigen stad Mechelen als burgemeester net 7 hectare – dat zijn zeven voetbalvelden – hebt laten omhakken. Zou het kunnen dat u de woestijn van beton die u in Mechelen aan het creëren bent, wilt compenseren door nu bomen te planten in andere Vlaamse steden en gemeenten?

Kunt u ons ook eens gedetailleerd uitleggen waar de 1 miljoen euro voor de zogenaamde klimaattafels precies naartoe gaat? Gaat dat naar koffiezetapparaten, zijn het reiskostenvergoedingen? Ik weet het niet.

Mijn laatste vraag is ook financieel. Die 20 miljard euro die de steden en gemeenten krijgen, hoeveel moeten ze daarvan volgens u besteden aan het klimaatbeleid om tot die min 40 procent reductie te komen? Met andere woorden: ‘Show me the money.’

Minister, u moet natuurlijk niet klagen dat er wordt gereageerd op een beeld dat u zelf hebt gecreëerd. U positioneert zich met veel lawaai door te zeggen dat u gaat voor 40 procent en dat u daar ambitieuzer in bent dan de Vlaamse Regering.

Wat u nu vertelt in uw antwoord op de vragen is: ik ga bij elkaar optellen wat al die Vlaamse gemeenten al hebben beslist en ik ga hen zeggen dat ze dat ook eens mogen proberen. Ik vroeg u heel concreet wat de afspraken zijn die u hebt gemaakt met uw regeringspartners, te beginnen met uw eigen partijgenoten, als een gemeentebestuur dat wil investeren en meer wagens uit de stad wil, in ruil een bus, een trein en een tram wil. Zijn er afspraken gemaakt dat de lokale overheden een gewillig oor zullen vinden bij uw Vlaamse Regering? Indien ze willen aanplanten, zijn er dan middelen beschikbaar uit het boscompensatiefonds, uit de middelen van de Vlaamse Regering om die bomen ook effectief te planten? Hebt u met andere woorden boter bij de vis, of hebt u alleen maar paar goedbedoelde woorden waarmee u probeert pluimen van iemand anders op uw eigen hoed te steken? Of hebt u geen enkele euro extra middelen om die mooie ambities en die mooie woorden – want dat zijn ze, laat ik dat nog eens herhalen – waar te maken? Dat zou wel heel jammer zijn. (Applaus bij sp.a)

De heer Schiltz heeft het woord.

Minister, u hebt het gehoord. Eigenlijk vraag ik me af waarom het Vlaams Belang hier nog vragen komt stellen over klimaat, want het interesseert hen geen ene moer. Voor de een is het ofwel het dictaat van een regering die alle lokale autonomie miskent, voor de ander mag er eigenlijk gewoon geen klimaatbeleid zijn.

U hebt de klimaattafels aangehaald. Wel, die 1 miljoen euro gaat naar klimaattafels. Mijnheer Van Rooy, u kunt een beetje schamper doen over koffiezetapparaten of reisvergoedingen, maar nu zien we een Vlaamse Regering die het monopolie van De Lijn afbreekt en naar vervoerregio's gaat, die zorgt dat mensen lokaal mee kunnen beslissen over hun vervoersnoden, die met de steden en gemeenten gaat bekijken wat ze zelf kunnen doen. Klimaatbeleid van onderuit opbouwen, dat is wat ik de minister heb horen aankondigen.

Minister, wat zal het vervolgtraject zijn van de klimaattafels zodat wij, burgers en lokale overheden, werk kunnen maken van de beloftes die we hebben gemaakt, en inderdaad misschien wat meer tonen? (Applaus bij Open Vld)

De heer Steenwegen heeft het woord

Minister, we zijn heel positief over het verhaal waarmee u naar buiten komt. We horen een veel voluntaristischer en ambitieuzer minister dan de echte klimaatminister van deze regering. We vinden het ook erg positief dat er een appel wordt gedaan op de gemeenten en steden. We stellen wel degelijk vast dat, terwijl Vlaanderen achterblijft, het vooral in de steden en gemeenten is dat vandaag initiatieven worden genomen, dat er ambitieuze plannen worden ontwikkeld en dat ze zich engageren om op eigen houtje te proberen de klimaatneutraliteit te bereiken.

Daar zijn natuurlijk wel middelen voor nodig, minister. De gemeenten hebben hun beleidsplannen en begroting klaar. In een aantal gevallen zullen zij maatregelen opgenomen hebben en daar ook middelen voor opzijgezet hebben. In een aantal andere gevallen zal dat niet gebeurd zijn. De vraag is dan of de Vlaamse Regering die gemeenten en steden die dat nog niet of onvoldoende opgenomen hebben, financieel gaat ondersteunen. Voor zover ik het begrepen heb, voorziet u 1 miljoen euro voor de klimaattafels. Dat is positief, maar volstrekt onvoldoende. U verwijst ook naar het Klimaatfonds, maar bij mijn weten is het gros van het geld uit dat Klimaatfonds uitgegeven door vroegere engagementen en door de compensaties die wij geven aan de ETS-bedrijven. De vraag is dus waar u de middelen gaat vinden om die gemeenten en steden te ondersteunen in hun ambities. (Applaus bij Groen)

De heer Van Miert heeft het woord.

Minister, gisteren hebben in een geanimeerde commissievergadering een aantal lokale dossiers duidelijk ondersteuning gekregen van u. Maar dat is dan ondersteuning als het gaat over expertise, logistiek, uw administratie die bepaalde dossiers mee wil uitrollen en opvolgen. U stelde ook heel duidelijk dat als het over harde euro’s gaat, over de financiële middelen die bij bepaalde dossiers horen, we onze ambitie als lokale besturen niet te hoog mogen leggen. We hebben veel gekregen van deze Vlaamse Regering, waarvoor dank. We gaan niet in de uitgestoken hand spuwen. Wij zijn al mooi ondersteund geweest, maar u mag dan niet verrast zijn, minister, over mijn verbazing toen ik u vanmorgen op de radio hoorde spreken over dit plan. Ik denk dat iedereen in dit halfrond achter het plan op zich en uw ambitie op zich kan staan. Ik denk niet dat daar onenigheid over is. (Opmerkingen van Sam Van Rooy)

Niet iedereen dan blijkbaar, mijnheer Van Rooy. Ik heb dezelfde vraag als de collega voor mij, minister. Ik plooi even terug op mijn eigen stad. Wij hebben in ons beleidsplan 15.000 bomen voorzien. Dat is een derde van ons inwonersaantal. Die hectaren zijn voorzien in ons beleidsplan. Als we die bomen planten, is onze ruimte eigenlijk vrijwel op. En dan moeten we terugplooien op ons binnengebied en moeten we infrastructuurwerken doen om die adaptatie waar te maken. Dat kost heel veel geld. Kunnen wij vanuit de Vlaamse overheid nog geld verwachten om dat ambitieuze klimaatplan verder waar te maken, zoals u het stelt? (Applaus bij de N-VA en van Jeremie Vaneeckhout)

De heer D’Haese heeft het woord.

Minister, vrijdag komen de klimaatbetogers weer op straat. Minister Weyts zal het niet graag horen. U weet dat die altijd veel bordjes meenemen. Een van die bordjes, een evergreen in die betogingen, is: ‘Vier ministers van Klimaat, nul resultaat.’ U weet dat klimaatbetogers ecologische mensen zijn en veel recycleren en zo, maar ik denk dat u hen op dit moment tot wanhoop aan het drijven bent. Want ze zullen tussen nu en overmorgen allemaal nieuwe bordjes moeten maken: ‘Vijf ministers van Klimaat en nul resultaat.’ Want het nulresultaat blijft natuurlijk. (Opmerkingen)

Ik ben grote fan van bomen en hagen, laat dat duidelijk zijn. Maar het probleem met al die plannen van de gemeenten, waar positieve dingen in gebeuren, is dat die één sector vergeten. Eén sector blijft daarbuiten, en dat zijn uitgerekend de grootste vervuilers. Dat zijn uitgerekend die paar honderd puntbronnen van vervuiling die buiten die plannen vallen. Ik vind het dus een beetje jammer dat we hier een nieuwe minister van Klimaat hebben met veel ambitie, maar dat het daar waar er echt maatregelen moeten komen, bij die grote vervuilers, nog altijd stil blijft.

De heer Bothuyne heeft het woord.

Minister, we zijn blij met uw klimaatambitie. Een hoge klimaatambitie is bijzonder belangrijk. Misschien nog belangrijker zijn meer klimaatacties, want die ambities kunnen we alleen waarmaken als we daar de nodige acties aan koppelen. Deze Vlaamse Regering wil streven naar klimaatneutraliteit. En dat vergt acties op alle niveaus. Op lokaal niveau heeft men dat inderdaad al lang begrepen. Onze burgemeesters, schepenen en raadsleden hebben actieplannen ontwikkeld en een burgemeestersconvenant onderschreven. Zij zijn bezig om op lokaal niveau klimaatbeleid te voeren.

Collega Brecht Warnez, bijvoorbeeld, is klimaatschepen in het mooie Wingene. Hij heeft daar een actieplan met niet minder dan 298 concrete acties gedefinieerd. Dat zet in op laadpalen, op extra bomen, op renovatie van woningen en gebouwen. Maar die lokale besturen kunnen dat niet alleen, minister. Er is nood aan extra middelen en extra ondersteuning. We geven inderdaad al middelen, in het kader van het Openruimtefonds, maar die zijn besteed in het meerjarenplan van elk lokaal bestuur. We hebben het Klimaatfonds, maar dat is ook grotendeels vastgelegd voor heel zinvolle projecten, zowel bij bedrijven als bij andere actoren. Dus, minister, ik zou onze vroegere collega Patricia Ceysens willen citeren: ‘Put your money where your mouth is.’ Waar zullen het geld en de middelen vandaan komen om die verhoogde ambitie waar te maken?

Minister Bart Somers

Eerst en vooral wil ik een aantal voorafgaande bedenkingen maken. Ik stoor mij een klein beetje aan het defaitisme en aan het gebrek aan vertrouwen in de slagkracht van de lokale besturen. Ik ben zelf twintig jaar burgemeester en heb zelf een burgemeestersconvenant ondertekend. Ik heb dat gedaan met mijn gemeenteraad. Als ik dat als lokaal bestuur doe, moet ik aan de Europese Commissie uitleggen wat ik zal doen om die doelstelling te realiseren.

Mijnheer Tobback, als uw stad Leuven, met een uitstekende burgemeester, zich engageert voor min 40 procent in 2030, dan heeft uw burgemeester een plan klaargemaakt om dat in de praktijk te realiseren. Als Antwerpen zegt dat het naar min 55 procent gaat met een becijferd plan, dan is dat geen loze belofte.

Ik heb de gemeenten van de Vlaamse ministers bekeken en gekeken waar men een burgemeestersconvenant heeft afgesloten. Wel, ze hebben dat, behalve één, allemaal gedaan. Versta me niet verkeerd, dat is geen pleidooi om nog meer Vlaamse ministers te hebben, maar men heeft dat overal gedaan en gezegd dat men naar min 40 procent gaat. We hebben dat engagement en we willen ons daar achter scharen. Als minister van Binnenlands Bestuur is het mijn taak dat ik dat aanmoedig, ondersteun, faciliteer en help om meer focussen.

We hebben inderdaad meer nodig dan een klimaatplan en we hebben meer nodig dan een persoon die met klimaat bezig is. We hebben eigenlijk negen klimaatministers. Dat staat letterlijk in het Vlaams klimaatbeleidsplan. Elke gemeente, elk bedrijf zou haar of zijn klimaatplan moeten hebben, elke burger zou geëngageerd moeten raken in de strijd voor een beter klimaat. Dat is niet het werk van één persoon, dat is het werk van heel de samenleving.

Ik heb daarvoor heel duidelijk getracht om een aantal heldere doelstellingen naar voren te schuiven waarvan ik weet en overtuigd ben dat ze niet alleen haalbaar zijn, dat heel veel steden en gemeenten er al aan werken en dat we die ook kunnen realiseren.

Ik zal een aantal concrete voorbeelden geven die in het plan staan. Ten eerste zijn er de bomen. Vlaanderen zal 10.000 hectare extra bos aanplanten. Die ambitie hebben we. Onze minister van Omgeving is daar op een heel actieve manier mee bezig, ze werkt daar elke dag aan. Wel, als gemeentebesturen zichzelf nu engageren om tegen 2030 per inwoner een extra boom te planten, dan zitten we met 6,6 miljoen bomen meer en zullen we verder raken. Er zijn veel concrete voorbeelden, want de vraag van mijn collega uit Turnhout is een relevante vraag: hoe zullen we dat doen en waar zullen we dat doen? Wel, er zijn heel veel best practices in heel veel gemeenten. Ik zal het voorbeeld geven van een stad in Vlaanderen die zegt dat iedere burger die dat wil, van de stad een boom in de voortuin krijgt. Je kunt ook burgers mobiliseren zodat ze zelf het initiatief nemen. Je kunt dat ook met bedrijven doen. Er zijn lokaal tientallen voorbeelden die we kunnen inzetten.

Ten tweede is er de renovatie. We hebben de ambitie om meer te renoveren, te BENOveren. Stel dat lokale besturen zich engageren en zeggen dat ze 1 procent van de woningen op hun grondgebied per jaar zullen BENOveren. Hoe kun je zoiets financieren? Heel eenvoudig! Pas uw bouwverordening aan, maak betere verkavelingsvergunningen. Een heel concreet voorbeeld: als de gemeente zegt dat wie bij hen renoveert in de bouwvergunning wordt toegelaten om iets hoger te bouwen waardoor het rendement verhoogt, men meer verdicht en minder open ruimte moet aansnijden, dan zal de gemeente niet armer, maar rijker worden, want er komen belastingbetalers bij. Dan moet Vlaanderen daar geen euro voor betalen en de lokale besturen zullen daar geen euro door verliezen. Ze zullen er zelfs beter van worden.

Er is ten derde de deelmobiliteit. Er zijn vandaag 86.000 mensen in Vlaanderen die een beroep doen op deelmobiliteit. Onze wagens staan 96 procent van de tijd stil. We hebben 240.000 hectare parkeerterrein, dat is meer dan heel Antwerpen, inclusief de haven. Als we Vlamingen kunnen overtuigen om met hun tweede en derde wagen, sommigen zelfs met hun eerste, over te stappen naar deelmobiliteit, dan vergroenen we Vlaanderen. Dat kun je niet vanuit de Wetstraat organiseren, je moet dat vanuit het lokale bestuur doen. Er zijn vandaag al 200 gemeenten die dat doen. Als de gemeenten die best practices volgen, dan kost het de gemeente geen euro als ze zich goed organiseert. Dat is mensen bij elkaar brengen.

Ik geef het voorbeeld van BattMobiel uit Gent, die ook in mijn stad gaan beginnen. Ze brengen mensen met verschillende profielen samen om over te stappen naar een deelwagen. Burgers worden er beter van omdat ze minder geld moeten uitgeven aan mobiliteit. Er is minder verkeer en minder verkeerproblemen, en het is goed voor het klimaat.

Nog een voorbeeld, want u vraagt mij naar voorbeelden. (Opmerkingen van Sam Van Rooy)

Mijnheer Van Rooy, ik denk dat u niet goed luistert. Niet elke maatregel kost geld.

Gemeentebesturen willen dingen doen maar botsen vandaag op decretale problemen, wettelijke bepalingen die het onmogelijk maken. Wel, mijn collega Demir heeft een expertencommissie voorzien die als taak zal hebben om voor lokale besturen, wanneer ze botsen op een probleem, te zoeken naar een concrete oplossing. Dat is een Vlaamse Regering die ten dienste staat van de lokale besturen. Ik geloof heel sterk in de kracht van die lokale besturen om dat te doen.

We hebben met de Vlaamse Regering afgesproken om klimaattafels te organiseren. Er is 1 miljoen euro voorzien. We gaan het samen met de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten doen. Wat is de bedoeling van klimaattafels? We gaan in buurten en wijken verenigingen, burgers, bedrijven en lokale overheden samenbrengen om na te gaan hoe men in de buurt een verschil kan maken. Wanneer er projecten zijn die we kunnen uitrollen en opschalen in heel Vlaanderen, dan gaan we die financieren en subsidiëren.

Er gaat natuurlijk geld van het Klimaatfonds naar andere doelstellingen, maar de volgende jaren zal er ook een beroep op kunnen worden gedaan door lokale besturen die goede voorstellen hebben.

41 procent van de beschikbare beleidsruimte die Vlaanderen heeft, heeft het aan lokale besturen gegeven. In heel veel lokale begrotingen zitten maatregelen. Als men de volgende jaren verder kan focussen en kan dynamiseren, dan geraken we heel ver.

Mij ga je niet kunnen overtuigen van een gebrek aan slagkracht van de lokale besturen. Als er één bestuur in Vlaanderen is dat het verschil maakt, dan is het het lokale bestuur. Geloof je nu echt dat die lokale besturen met hun armen over elkaar blijven zitten als ze geen geld krijgen van Vlaanderen? Is dat het beeld dat we hier naar voren schuiven? Ik kan u zeggen dat in elke gemeente en op elk stadhuis mensen hard aan het werken zijn om het verschil te maken. Wat wij moeten doen, is de best practices samenbrengen, is de goede initiatieven ondersteunen en zelfs subsidiëren, meer focussen maar ook aanreiken.

Als men vandaag in de verkavelingsvergunningen extra voorwaarden inschrijft, dan werkt men het BENOveren en het klimaatneutraal bouwen in de hand. Dat kunnen lokale besturen doen als ze dat willen. Sommige doen dat vandaag al. Het is gewoon zaak om anderen bewust te maken en de mogelijkheden aan te reiken en dan gaat er heel veel gebeuren. Ik geloof in de dynamiek van onderuit. (Applaus bij Open Vld)

Mijnheer Somers, u hebt gehoord dat iedereen die het woord heeft gehad, heeft gevraagd naar middelen en geld. U hebt daar niet op geantwoord. Totaal niet. ‘Show me the money.’

Ik moet het u nageven: ik radicaliseer op het vlak van inburgering en integratie met u aan het bewind, ik radicaliseer ook op het vlak van klimaatbeleid nu met u aan het bewind. En wat ik hier twee weken geleden heb gezegd, is natuurlijk bewaarheid geworden: deze Vlaamse Regering voert het klimaatbeleid uit van het elitaire partijtje Groen en nu zelfs met Bart Somers op kop. En de N-VA laat zich gewillig rollen door deze nieuwe klimaatpaus, Bart Somers, die dus nog heiliger wil zijn dan de vorige klimaatpaus, Zuhal Demir. Wat een afgang voor de N-VA!

Maar het allerergste in dit klimaatbeleid is natuurlijk de kostprijs voor de burger: 1 miljoen euro voor klimaattafels? Wij, van het Vlaams Belang, willen geen miljoen euro voor klimaattafels maar wel voor eettafels: eettafels voor onze daklozen en voor ónze mensen in armoede. Want wij zeggen klaar en duidelijk: 'Eerst ónze mensen!' (Applaus bij het Vlaams Belang)

Minister, het klimaatbeleid en de klimaatuitdaging zijn immens. De ongerustheid daarover bij heel wat mensen is immens, enerzijds over wat we aan onze kinderen achterlaten, anderzijds over de lasten die we zelf gaan moeten dragen. Iedere bijdrage om dat te doen wat men in het Noorden wel kan, namelijk partij- en termijnoverschrijdend gezamenlijke doelstellingen en ambities formuleren, is welkom.

Alleen heb ik het nu al twee keer gevraagd en ik heb als bijkomende bijdrage – en ik heb niet alleen over geld – van u vandaag eigenlijk niets gehoord. En dat vind ik onvoorstelbaar jammer – ik herhaal: onvoorstelbaar jammer –, om de simpele reden dat al wat ik hier nu zie een Vlaamse Regering is waarbinnen de partijen die er deel van uitmaken zich op kap van dit onderwerp aan het profileren zijn, en dan nog meestal tegen elkaar. Daarbij voedt de ene de ongerustheid van mensen die schrik hebben en proberen de anderen mee te liften op de lokale beleidsmaatregelen van diegenen die het wél serieus nemen. Het is onvoorstelbaar hoe men daarmee zijn verantwoordelijkheid ontvlucht. Men denkt met alleen maar profilering en alleen maar uitspraken, met alleen maar praatjes, waaraan geen blaadjes groeien, te moeten scoren.

Minister Somers, ik vind dit een onvoorstelbaar gemiste kans, heel jammer. Want eigenlijk is er veel meer nodig en had u ook veel meer kunnen doen. Maar u staat hier met lege handen en alleen maar grote woorden. (Applaus bij sp.a, Groen en de PVDA)

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.