U bent hier

Mevrouw Lambrecht heeft het woord.

Minister-president, we maken ons allemaal zorgen over de brexit voor onze bedrijven en onze werknemers, in welke vorm die brexit er ook zal komen. Gewone mensen dreigen de rekening te moeten betalen. Ook in ons land, en in het bijzonder in West-Vlaanderen, zal de schok zeer groot zijn: tienduizenden banen staan op het spel. We zullen dus schokdempers nodig hebben om de schade aan onze bedrijven en aan onze jobs te kunnen verzachten. U rekent daarvoor op Europese fondsen en zowel in het regeerakkoord als in de beleidsnota spreekt u over het brexitgarantiefonds binnen de EU-begroting, waarmee de schok moet worden opgevangen. We weten allemaal dat zoiets niet evident is. Uit de episode rond Ford Genk weten we bijvoorbeeld dat de fondsen die van Europa moeten komen soms te laat komen en dat het er vaak ook te weinig zijn. Op 22 oktober verklaarde u in de commissie dat de andere lidstaten zo’n brexitgarantiefonds helemaal niet zo goed zien zitten. We moeten dus oppassen voor optimisme, of zoals uw voorganger Geert Bourgeois ooit tweette: we moeten hopen op het beste maar toch voorbereid zijn op het ergste.

Minister-president, wat is de stand van zaken in Europa met betrekking tot dat brexitgarantiefonds? Denkt u dat het er zal komen? Zo ja, over welk bedrag spreken we dan?

De heer Tommelein heeft het woord.

Minister-president, vorige week hebben de Tories onder leiding van premier Boris Johnson een absolute en ruime meerderheid gehaald. We mogen aannemen dat het brexitakkoord van oktober 2019 nu snel zal worden uitgevoerd. Dat zou zelfs deze week al kunnen gebeuren, vrijdag. Dit betekent dat de overgangsperiode start. Tot 31 december 2020 zal het Verenigd Koninkrijk deel van de interne markt en de douane-unie uitmaken, maar niet aan de politieke besluitvorming deelnemen. Boris Johnson heeft al laten weten dat hij de overgangsperiode niet wil verlengen. Collega’s, minister-president, we hebben dus amper één jaar om een allesomvattend akkoord te sluiten over handel, visserij, energie, veiligheid enzovoort. Dit betekent dat we zeer snel en efficiënt zullen moeten schakelen.

Minister-president, mijn vraag is heel eenvoudig. Welke strategie zal de Vlaamse Regering gebruiken om maximaal bij te dragen tot een evenwichtig en goed akkoord voor de toekomstige relatie met onze Britse buren?

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Minister-president, collega’s, de Britten hebben gesproken. Er zijn verkiezingen geweest en de komende jaren zal in Groot-Brittannië waarschijnlijk nog veel over die verkiezingsuitslagen  worden gedebatteerd. Ik denk dat het duidelijk is dat dit echter ook een effect op de EU heeft. We hebben de afgelopen maanden al regelmatig in de commissie en tijdens plenaire vergaderingen van gedachten gewisseld. De economische en politieke impact van de brexit zal gigantisch zijn.

We maken ons zorgen. We hebben er alle vertrouwen in dat u dit op een goede manier in handen zult nemen, maar we maken ons zorgen. Vlaanderen moet hier immers voldoende op zijn voorbereid. De impact op onze economie zal gigantisch zijn, maar er zijn ook een aantal politieke uitdagingen. We hebben dan ook een aantal vragen.

Naar aanleiding van de beleidsnota hebben we in de commissie hierover al van gedachten gewisseld. De middelen die in 2019 voor de overgang en de transitiemaatregelen in de begroting waren opgenomen, staan niet meer in de begroting voor 2020. Op het moment waarop de brexit zal plaatsvinden, is 1 miljoen euro uit de begroting geschrapt. Er is nood aan een actieve brexitstrategie. Wat zijn uw concrete plannen? Wat is de concrete timing in verband met de Vlaamse brexitstrategie? Ik dank u nu al voor uw antwoord. (Applaus bij Groen)

De heer Vanlouwe heeft het woord.

Minister-president, de verkiezingen in het Verenigd Koninkrijk zijn achter de rug. Ondanks wat de media ons soms hebben voorgespiegeld, is het een eclatante overwinning voor de brexiteers geworden. De conservatieven hebben de verkiezingen gewonnen en de remainers hebben de verkiezingen totaal verloren. Het is duidelijk wat de Britten eigenlijk wensen.

We zien natuurlijk dat Boris Johnson met de brexit in een stroomversnelling wil gaan. Hij wil die echtscheiding zo spoedig mogelijk kunnen formaliseren. Hij hoopt dat het Britse parlement het scheidingsverdrag nog deze week of misschien volgende week zal goedkeuren. Tegelijkertijd heeft hij een amendement ingediend waarmee hij misschien een bom legt onder de eventuele deal die de EU en het Verenigd Koninkrijk moeten sluiten. Er valt geen tijd te verliezen. Volgens Boris Johnson moet het handelsakkoord er binnen het jaar zijn. Als dat voor 2021 klaar moet zijn, hebben we maar een klein jaar om een handelsakkoord af te sluiten. We weten echter goed dat de onderhandelingen voor een handelsakkoord, zoals de Transatlantic Trade and Investment Partnership (TTIP), de Comprehensive Economic and Trade Agreement (CETA) en dergelijke, jaren kan aanslepen. Er is dan ook een heel strakke tijdslijn. Met zijn amendement op de brexitwet wil hij bereiken dat de overgangsperiode op 31 december 2020 automatisch afloopt.

Minister-president, na de verkiezingen was de teneur dat een harde brexit was voorkomen. U sprak over het voorkomen van een horrorscenario. Lijken deze nieuwe elementen er eventueel op dat we weer in een negatieve situatie kunnen terechtkomen? Wat is de Vlaamse strategie? Hoe ziet u dit verlopen? Hoe zal de brexitsituatie in het Verenigd Koninkrijk evolueren?

Minister-president Jambon heeft het woord.

Minister-president Jan Jambon

Voorzitter, het is niet de eerste keer dat we hier over de brexit discussiëren. Het is gisteren nog in de commissie gebeurd. Iets zegt me dat het ook niet de laatste keer zal zijn dat we hierover discussiëren. Dit wordt natuurlijk op de voet opgevolgd.

De feiten zijn wat ze zijn. De verkiezingen in het Verenigd Koninkrijk hebben plaatsgevonden. Ik wil de heer Johnson gelukwensen met zijn eclatante overwinning, zoals u het noemde. Dat geeft tenminste het voordeel van de duidelijkheid. We weten met wie we moeten praten in het Verenigd Koninkrijk, en dat is al een kleine stap vooruit. U weet ook allemaal dat nu waarschijnlijk heel snel de beslissing zal worden genomen aan de kant van het Verenigd Koninkrijk om dat scheidingsverdrag te bezegelen, en dan hebben we inderdaad ‘maar’ – we kunnen daarover van mening verschillen – een jaar om tot een definitief akkoord te komen.

Misschien nog even herhalen wat de impact daarvan is voor Vlaanderen. Als binnen het jaar geen akkoord wordt bereikt, zouden we inderdaad nog naar een no-dealbrexit kunnen gaan, dus alle hens aan dek om toch te trachten een akkoord te bewerkstelligen. Een no-dealbrexit zou in Vlaanderen tot een verlies van 28.000 banen leiden. Een deal, maar dan een deal die light is, dus waarbij er geen douaneakkoord wordt gemaakt, waarbij er geen vrijhandelszoneakkoord wordt gemaakt, zou nog leiden tot een verlies van 15.000 banen. In beide scenario’s is dat natuurlijk een aanzienlijke uitdaging voor Vlaanderen.

Ik denk dat wij moeten wegen op die onderhandelingen. U weet dat die onderhandelingen worden gevoerd door Europa. In januari zal de Vlaamse administratie, en dus ook de Vlaamse Regering, komen met een onderhandelingsnota. Ik heb ondertussen contact gehad met mijn collega’s van de andere gewesten, omdat Vlaanderen het meest geïmpacteerde gewest is, maar ook in de andere gewesten de oorzaken niet onbestaande zijn. Iedereen is het erover eens dat we een gemeenschappelijk onderhandelingsstandpunt moeten innemen. De krijtlijnen van het Vlaamse standpunt zijn bekend en worden ook aanvaard door de andere ministers-presidenten. Ook de federale overheid zit op dezelfde golflengte. Zij zal de onderhandelingen moeten voeren om die verscheidene elementen van het Vlaamse standpunt, dat we in januari nog zullen detailleren, mee te verdedigen. Ik maak me dus sterk dat de Belgische onderhandelaars daar het Vlaamse standpunt zullen uitdragen en negotiëren voor voldoende voorwaarden.

Mevrouw Lambrecht, over het brexitgarantiefonds is er binnen Europa op dit moment geen consensus. De onderhandelingen over het meerjarenkader voor 2021 en de jaren daarna zijn nog bezig. Daar is nog geen consensus over. Daarin zou dat brexitgarantiefonds moeten kaderen. Wel is er voor het jaar 2020 in 4 miljard euro voorzien voor de eventuele gevolgen van de brexit. Dat is nog niet nominatim toegekend, maar daarin wordt impliciet voorzien daarvoor. Ook in het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering is in bedragen voorzien voor ontslagen ten gevolge van de brexit, voor 2020. Vanaf 2021, daar wordt nog over onderhandeld.

Om een lang verhaal kort te maken: we bereiden die onderhandelingen voor, en ik maak me sterk dat de Vlaamse positie ook door de collega’s van andere gewesten en de federale overheid zal worden overgenomen. Dit zal een van onze prioriteiten zijn voor 2020, in opvolging. Ik ga ervan uit dat we hierover nog wel een aantal keren van gedachten zullen wisselen.

Minister-president, dank u wel. Ik hoor bedragen, ik hoop dat ze kloppen, maar ik hoop vooral dat ze hier op tijd zullen zijn en zeker die waarde zullen hebben voor onze bedrijven en werknemers. U hebt het immers over 15.000 à 28.000 jobs die op het spel staan. Schokdempers zullen nodig zijn, en die bedrijven, die werknemers willen echt wel voorspelbaarheid. Ik leid uit uw antwoord af dat u het op de voet volgt en dat er toch een mogelijkheid moet zijn om vanuit Vlaanderen op te treden als Europa zijn verantwoordelijkheid niet voldoende neemt. Ik hoop dat de Vlaamse Regering deze taak goed opneemt. (Applaus bij sp.a)

Minister-president, dank u wel voor uw antwoord. Ik ben ervan overtuigd dat de Vlaamse Regering dat daadwerkelijk opvolgt, zoals we dat met de vorige Vlaamse Regering al heel nauwgezet hebben gevolgd, zoals ook uw voorganger, Geert Bourgeois, dat heeft gedaan.

Natuurlijk, één jaar onderhandelingen voor een zeer ambitieus handelsakkoord, dat zal voor onzekerheid zorgen, dat zal voor spanning zorgen, dat zal voor stress zorgen. Daar mogen we al zeker van zijn. Zoals u zegt: Vlaanderen is het meest getroffen door deze brexit. Het is niet toevallig dat hier veel West-Vlamingen staan. Wij beseffen immers dat onze provincie de provincie is die in de frontlinie staat. De gevolgen zouden waarschijnlijk daar het grootst kunnen zijn.

Dus we hebben verschillende mogelijkheden: ofwel een omvattend handelsakkoord, wat zeer positief zou zijn, ofwel een akkoord op het vlak van handel, maar dan heb je nog bijkomende akkoorden nodig, ofwel helemaal niets en dan val je terug op de WTO-regels (World Trade Organization). Daarover heb ik u gisteren al in de commissie ondervraagd. Dat zou helemaal rampzalig zijn.

Het is cruciaal dat we voldoende tijd hebben, iets wat Boris Johnson absoluut niet wil. We staan dus voor een zeer turbulent jaar. 2020 is een schrikkeljaar, maar toch ook wel een schrikjaar.

Als we verlengingen kunnen afdwingen, zult u daar dan voor vechten?

Bedankt minister-president voor uw antwoord. Ik denk dat u inderdaad de ernst van de situatie inziet en dat het de afgelopen 24 uur duidelijk is geworden dat een harde brexit niet van de baan is, en dat ook een uitstel weinig waarschijnlijk wordt. Je merkt in alle verklaringen van Boris Johnson dat er op dit moment een neiging is om naar een verharding in de strategie te gaan, en dat er voor een akkoord wordt gepleit dat het niet meer heeft over diensten, maar enkel over goederen. Wij zijn daar heel bezorgd over. Daarom verwijs ik naar mijn inleiding voor mijn aansluitende vraag. We hebben het afgelopen jaar beslist, of we zullen dat morgen doen, om 1 miljoen euro af te bouwen op de transitiemiddelen waarin we hadden voorzien voor de brexit. Houdt u die beslissing aan? Vindt u dat wij werk moeten maken van een Vlaams brexitfonds om in transitiemaatregelen voor een aantal sectoren te voorzien, zoals de visserij- en textielsector, die echt in de problemen komen, zowel bij een harde, maar eigenlijk ook bij een iets softere brexit, die even problematisch blijft?

De heer Vanlouwe heeft het woord. Ook een West-Vlaming van geboorte?

Van afkomst ja.

Ik dank u voor uw antwoord. Ik stel vast dat de Vlaamse Regering opnieuw goed voorbereid is. We komen natuurlijk telkens in nieuwe scenario’s terecht. Na de verkiezingen bleek opnieuw dat Boris Johnson met zijn inderdaad eclatante verkiezingsoverwinning een bepaalde weg wil inslaan. Hij wil zo snel mogelijk uit de Europese Unie treden. Tegelijkertijd moeten we voor de toekomst afspraken en een handelsakkoord maken. Gaan we naar een echtscheiding of zullen we terechtkomen in een soort latrelatie, een living apart together met goede afspraken rond handel, en – laat ons hopen – ook over andere aspecten zoals het vrij verkeer?

Het Verenigd Koninkrijk zal altijd onze belangrijkste partner of toch een belangrijke partner blijven. We zijn de vierde belangrijkste partner op het vlak van handelsrelaties. Daar moeten we rekening mee houden. Maar ik heb er alleszins vertrouwen in dat deze Vlaamse Regering, net als de vorige Vlaamse Regering, een heel duidelijk brexitplan, een deal, zal nastreven en dat ze hierbij de belangen zal opvolgen van onze ondernemingen, maar tegelijkertijd ook van de consumenten, studenten, bezoekers, de Vlamingen die naar het Verenigd Koninkrijk gaan en de Britten die naar Vlaanderen komen.

De heer Deckmyn heeft het woord.

Ik wil de collega’s er toch op wijzen dat er wel veel kritische zaken naar voren zijn gebracht, maar dat er één ding duidelijk is en dat is de verkiezingsuitslag. De Tories hebben een duidelijke meerderheid behaald. Kiezers willen vaak ook duidelijkheid. Ik zou toch willen zeggen dat we er hier mogen van uitgaan dat we de democratische wil van de kiezer moeten respecteren. Ik vind dat het belangrijk is dat dit ook gesteld wordt. Waarom gebeurt zoiets? Dat is natuurlijk omdat de EU voor iedereen een ver-van-mijn-bedshow is, zeker voor de Britten. Dat neemt niet weg dat we uiteraard bezorgd zijn over de toekomst en dat we naar een brexit met een goede afloop moeten streven. We hebben daar in de commissie al verschillende keren over gedebatteerd; gisteren, maar ook tijdens verschillende andere zittingen van de commissie. De standpunten zijn gekend. Wij vragen alvast van deze regering dat ze alle zeilen zal bijzetten om de gevolgen van een brexit voor Vlaanderen in zo goed mogelijke banen te leiden.

Minister-president Jan Jambon

Er waren twee heel concrete vragen van de heer Tommelein, kandidaat-voorzitter van Open Vld, maar dat doet hier nu weinig ter zake.

Zal ik mij inzetten voor het uitstel? In het akkoord met Europa is er de mogelijkheid om het uitstel te bekijken. We zullen de onderhandelingen op de voet volgen. Ik denk dat het eerlijk gezegd ook in ons voordeel is als we de mogelijkheid hebben om binnen het jaar duidelijkheid te hebben, zodat er een einde komt aan dit aanslepende proces van wel-niet, wel-niet. We zullen dat opvolgen. Iets in mij zegt dat als er geen goed akkoord uitkomt, we nog heel wat partners in Europa zullen hebben om dat uitstel te bepleiten. Daarop is mijn antwoord dus ja.

Ik zie een brexitfonds niet zozeer op Vlaams maar eerder op Europees niveau, omdat Vlaanderen niet de enige getroffen regio is. Alle regio’s rond de Noordzee zijn getroffen. Wanneer we een brexitfonds nodig zouden hebben, is dat op de begroting 2020-2021. Dat geeft ons dus nog enige tijd om de zaken op de voet te volgen en te doen wat nodig is in voorkomend geval.

Minister-president, ik wil u danken voor het antwoord. Ik ben enigszins gerustgesteld dat u het niet loslaat en dat u, wanneer Europa zijn verplichtingen niet nakomt, niet definitief ‘neen’ zegt tegenover die vele jobs en die vele werknemers die momenteel in onzekerheid verkeren. (Applaus bij sp.a)

Minister-president, België moet snel een eendrachtig standpunt innemen, samen met de andere gewesten en solidair met Vlaanderen en West-Vlaanderen. Daarnaast moeten we nagaan hoe we samen met onze buurlanden een eendrachtig standpunt kunnen innemen. Ik suggereer om op het niveau van de Benelux te bekijken wat we samen kunnen doen, want de belangen van Nederland en de Nederlandse provincies die aan de Noordzee gelegen zijn, zijn wellicht dezelfde als die van Vlaanderen op het vlak van visserij en handel.

Minister-president, ik ben blij dat u de ernst inziet en dat u het voortouw zult nemen om op Europees niveau die lijn te trekken. Tegelijkertijd wil ik ervoor pleiten om voldoende vooruitziend te zijn op Vlaams niveau. Ik begrijp dat u zegt dat de situatie zich pas in 2021 zal voordoen, maar het lijkt me toch wel relevant om tijdig te kijken wat er op financieel vlak mogelijk en noodzakelijk zal zijn om dit op te vangen. De kans dat we op Europees niveau eindigen met een perfect handelsakkoord met het Verenigd Koninkrijk en met een perfecte verdeling van het Europees brexitfonds voor onze sector, is nagenoeg nihil, dat beseft u waarschijnlijk ook; er zullen altijd een aantal problemen opduiken.

U hebt de mogelijkheid om morgen en tijdens de volgende jaren in de begroting in voldoende middelen te voorzien om die impact op te vangen en die arbeidsplaatsen in de visserij, de textielsector enzovoort te garanderen. Ik roep u op om niet te wachten tot we in december volgend jaar deze discussie voeren, maar om dergelijke zaken op tijd in gang te zetten. (Applaus bij Groen)

Minister-president, we hebben gisteren al een heel interessant debat gevoerd en daarin hebt u inderdaad al over de begroting 2020 gezegd dat er een soort van reservefonds – zo noem ik het toch – komt om bepaalde zaken op te vangen. Er is al 4 miljard euro uitgetrokken, waar ook Vlaanderen hopelijk van zal kunnen profiteren.

Er blijven natuurlijk heel belangrijke onderhandelingen in het kader van het meerjarig financieel kader (MFK). Ik hoop dat de Vlaamse Regering in overleg met de andere deelstaten en de federale overheid kan pleiten voor een brexitgarantiefonds, een uitbreiding of versoepeling van de voorwaarden van het globalisatie- en solidariteitsfonds. We hebben nog een tweede mogelijkheid om de belangen verder te verdedigen en ik hoop dat ook de Vlaamse Regering deze ingeslagen weg verder zal ingaan. (Applaus bij de N-VA)

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.