U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 4 december 2019, 14.03u

Voorzitter
van Sarah Smeyers aan minister Matthias Diependaele
165 (2019-2020)

Mevrouw Smeyers heeft het woord.

Minister, vanaf 1 januari 2020, binnen een kleine maand, wordt de huurprijs van de ruim 155.000 sociale woningen anders berekend. De nieuwe berekening komt er in de eerste plaats om het goede systeem van een sociale huurwoning betaalbaar te houden en om de noodzakelijke investeringen die de huisvestingsmaatschappijen en sociale huisvestingsmaatschappijen doen, mogelijk te maken.

Er zal rekening worden gehouden met drie parameters: de marktwaarde, de energiekost, waar er een correctie komt, en de inkomens van alle meerderjarige bewoners van eenzelfde huurwoning. Een eerlijker, een correcter en een rechtvaardiger woonbeleid.

De eerste berekeningen leverden al resultaten op. Voor sommige woningen verandert er niets aan de huurprijs, terwijl – evident – in andere gevallen de huurprijs lager of hoger zal worden. Wat ook uit de berekeningen geleerd kan worden, is dat de sociale huurprijs nog altijd, anders zou het geen sociale huurprijs zijn, aanzienlijk lager is dan de huurprijs voor gelijkaardige woningen op de private huurmarkt.

Concreet komt die vraag ook van de sector zelf. U hebt al duidelijk gemaakt dat er geen overgangsperiode komt. Mijn collega zal straks waarschijnlijk iets anders vragen, maar ik vraag u om dat zo te houden: geen overgangsperiode. Dat zou alleen maar voor onduidelijkheid in de sector zorgen en dat zou juridisch tot grote ongelijkheid leiden.

Hoe gaat u dit uitrollen? Het liefst zonder overgangsperiode. Hoe gaat u de huisvestingsmaatschappijen vragen om dit te communiceren aan de sociale huisvestingsmaatschappijen (SHM’s)?

Mevrouw Jans heeft het woord.

U zat er toch een beetje naast.

Voorzitter, de aangekondigde herberekening van de huurprijs van alle sociale huurwoningen die over enkele weken ingaat, zorgt voor de nodige ongerustheid. Alle sociale huurders zullen een nieuwe huurprijs krijgen op basis van drie elementen. Collega Smeyers heeft ernaar verwezen. Men gaat de waarde van de woning bepalen met een objectief wetenschappelijk model, niet langer op basis van de schatting van de notaris, we gaan de energiecorrectie meerekenen en we gaan inderdaad alle inkomens binnen de gezinnen meerekenen. Dat laatste – zo blijkt nu – zorgt voor de grootste prijsschokken.

Minister, wij stonden en staan volledig achter deze hervormingen en de fundamenten waarop ze gestoeld zijn. Alle drie net genoemde stappen gaan voor ons in de goede richting. Dus ik pleit hier niet voor uitstel of ik zal de vraag om uitstel niet steunen, net omdat we het ontzettend belangrijk vinden dat er aan een hoog tempo geïnvesteerd kan blijven worden in de renovatie en in de nieuwbouw van de sociale woningen.

Maar we mogen toch ook niet blind zijn, en ik reken erop dat u dat zeker ook niet bent, voor het feit dat de combinatie van de drie maatregelen nu een groot effect heeft op de huurprijs van heel wat mensen en gezinnen in een sociale woning. Op dit moment, 4 december, zijn de huurprijzen voor volgende maand nog niet allemaal bekend. De sociale huisvestingsmaatschappijen moeten natuurlijk wachten op een heel aantal gegevens vooraleer ze kunnen berekenen. De maandelijkse huur is het belangrijkste deel van het gezinsbudget. We moeten ervoor zorgen, en dat is reden van deze vraag, dat we voldoende aandacht hebben voor de meest kwetsbare huurders, zeker als we zien dat er grote prijsschokken gaan komen.

Minister, zoekt u naar flankerende maatregelen om die kwetsbare sociale huurders bij te staan of om de SHM’s daartoe in staat te stellen, zodat er een overgang of een begeleiding kan zijn voor degenen die hierdoor het meest geraakt zullen worden?

Minister Diependaele heeft het woord.

Minister Matthias Diependaele

Er zijn twee zaken die ik met betrekking tot de sociale huisvesting in heel de sector voor ogen wil houden. We hebben het er al over gehad bij de bespreking van de beleidsnota. Het zijn twee doelstellingen die we de komende vijf jaar als rode draden in het beleid willen uittekenen.

Het moet om een eerlijk en correct systeem gaan. Dat is zowel in het belang van de sociale huurders zelf, zodat ze weten dat ze op een eerlijke manier behandeld worden. Ik krijg zeer veel mails – daar ben ik het meest van geschrokken – van sociale huurders. Ze gaan meestal over het aanvoelen dat ze niet eerlijk behandeld werden. We willen zorgen dat de prijzen op een correcte manier worden berekend, dat de toewijzingen correct verlopen. Alle andere elementen van het sociale huisvestingsbeleid willen we eerlijk en correct doen. Dat is niet alleen voor de huurders belangrijk, maar ook voor de rest van de Vlamingen die dat systeem betalen. Ook zij willen weten dat hun geld op een eerlijke en correcte manier wordt gebruikt.

Een tweede rode draad is dat zoveel mogelijk mensen die recht hebben op onze hulp die hulp moeten krijgen. Daar hebt u beiden naar verwezen. De inspanningen die we nu doen, zijn er wel degelijk op gericht om meer middelen vrij te maken die we opnieuw kunnen investeren in de renovatie of in de nieuwbouw van sociale woningen.

Hoe beantwoordt die huurprijscorrectie die we nu doorvoeren aan die twee doelstellingen? Eerst en vooral: het eerlijk correctiesysteem – jullie hebben er beide naar verwezen. We gaan inderdaad de inkomens actualiseren, we gaan de marktwaarde actualiseren en de energiescore wordt meegenomen. Ik denk dat het redelijk evident is hoe dat tot een eerlijker en objectiever systeem kan leiden. Mevrouw Jans, ik moet daar een klein beetje nuanceren: het kan zowel in plus als in min gaan. U verwijst naar grote schommelingen, er zitten er een paar bij, maar door de band genomen valt dat redelijk mee. Het gaat niet over zeer veel grote schommelingen. Als er wel een grote schommeling is – en dat zijn we nagegaan –, hangt dat voornamelijk af van die inkomensvoorwaarden of die actualisatie van het inkomen. Dan moet je je natuurlijk afvragen of we dit systeem niet al veel vroeger hadden moeten doorvoeren, want dat betekent toch dat er een groot inkomen is bij de bewoners van die sociale woning, en daar eigenlijk al heel lang heel weinig voor betalen. In die zin wil ik daar toch een zekere nuancering in brengen.

Ten tweede: dat geld komt, voor alle duidelijkheid, niet naar de begroting – dat is ook een misverstand dat ik de laatste tijd op sociale media gezien heb. Dat geld blijft bij de sociale huisvestingsmaatschappijen. Los van de gewestelijke sociale correctie uiteraard, wordt dat geld volledig opnieuw gebruikt voor hun werking, voor het ter beschikking stellen van sociale woningen. Daarmee wordt die tweede doelstelling bereikt.

Het sociale voordeel dat men krijgt, blijft dus zeer groot. Mevrouw Jans, u wijst op de meest kwetsbare groepen. U moet natuurlijk goed weten dat de kwetsbaarheid van die meest kwetsbare groepen reeds verrekend zit in de sociale huurprijs. De gezinsgrootte, al dan niet werkloosheid, leefloon, eventuele handicaps, mensen ten laste: als dat elementen zijn van hun kwetsbaarheid, wordt dat allemaal al meegerekend in de berekening van de sociale huurprijs, waardoor ze in voorkomend geval landen op de minimumprijs. In die zin is daar reeds rekening mee gehouden. Gemiddeld kunnen we ongeveer zeggen dat men huurt aan de helft van de huurprijs die de normale prijs zou zijn op de private huurmarkt. In die zin is er al rekening gehouden met de meest kwetsbaren, dat is de essentie van het sociale huisvestingssysteem.

De vraag om dit te doen – en dat is al in gang gezet in de vorige legislatuur onder toenmalig minister Homans – kwam voornamelijk uit de sociale huisvestingssector zelf, van de sociale huisvestingsverenigingen zelf. Zij hadden een nota opgesteld met de veelzeggende titel ‘Het Hellend Vlak’, die door de Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen (VVH) voorgesteld is en waarmee men aangaf dat het systeem met de huurprijzen zoals ze tot nu toe berekend werden, niet langer houdbaar was op lange termijn.

Ik ben zaterdag gaan spreken op een congres van Vias in Beveren en heb daar nog heel lang staan praten met sociale huurders. Daar viel mij op wat mij ook opvalt in mijn mailbox: dat mensen vooral willen dat het eerlijk is. Mensen begrijpen dat ze eventueel iets meer moeten betalen. Ik ga niet tegenspreken dat er ook mensen waren die klaagden over de hogere huurprijs, het tegendeel zou vreemd zijn. Maar men wil vooral dat het eerlijk is. En men wil ook zien dat het eerlijk is, men wil dus ook weten dat zijn buur of iemand anders, aan de andere kant van Vlaanderen, op dezelfde manier behandeld wordt en eenzelfde sociaal voordeel krijgt als zij, of zij hetzelfde voordeel krijgen als anderen. Dat is mij daar het meeste opgevallen. Ik denk dat we daar met dit systeem heel hard aan tegemoetkomen.

Mevrouw Smeyers heeft het woord.

Minister, bedankt voor uw antwoord. U verwijst terecht naar het rechtvaardigheidsgevoel van alle Vlamingen, ook van de sociale huurders, en u doet daar appel op. Vlamingen vinden dat systeem van een sociaal woonbeleid goed, en dat is het ook. Het is een sociaal herverdelingssysteem, het is goed dat het er is, maar het moet ook in stand gehouden kunnen worden, dat is met alles zo. Dat vraagt de nodige middelen. U drukt erop dat de middelen die gegenereerd zullen worden uit een verhoging van die huurprijzen, ook naar de investering in het sociaal patrimonium zullen gaan. Ik denk dat het rechtvaardigheidsgevoel inderdaad leeft, dat de huurprijsberekening correct moet zijn, eerlijker, correcter, objectief, transparant. Als die prijsschommelingen inderdaad komen doordat bijvoorbeeld er in een gezin twee meerderjarige kinderen zijn waarvan één ook al een inkomen heeft, spreekt het voor zich dat het niet meer dan rechtvaardig is dat die sociale huurders net iets meer betalen dan de meest zwakke sociale huurders. Ik denk dus dat ‘rechtvaardigheid troef’ hier het goede woord is.

Zoals ik al zei in mijn vraag, steunen wij zeker de fundamenten van deze hervorming. Maar, minister, u gaat toch wel heel snel voorbij aan wat een huurprijsverhoging betekent voor zo'n grote groep mensen.

Ik heb ook niet echt een antwoord gekregen op mijn vraag welke flankerende maatregelen u wilt of kunt nemen voor de huurders voor wie dit een probleem vormt. Ik doe u een aantal concrete voorstellen omdat ik rekening hield met deze optie. Ik sprak gisteren met de mensen van een sociale huisvestingsmaatschappij die vertelden dat ze met de sociale dienst op huisbezoek gaan naar die huurders voor wie er een grote prijsverhoging is of van wie ze weten dat hun situatie precair is. Zomaar 40, 60, 90 euro extra, dat is niet gelachen. Ze schakelen dus hun sociale dienst in. Het is zo evident, maar ik vond het ijzersterk. De mensen van de sociale dienst kunnen het uitleggen en kunnen nagaan welke hulp er kan worden geboden.

Een tweede optie, minister, is dat sociale huisvestingsmaatschappijen nu al 10 procent kunnen afwijken van de marktwaarde. Wilt u de SHM's aansporen om van die afwijking gebruik te maken, ook omdat ik dan niet raak aan de achterliggende filosofie van deze hervorming maar wel tegemoetkom aan de meest kwetsbaren?

Mevrouw Moerenhout heeft het woord.

Minister, de essentie van de problematiek is dat er vandaag heel veel huurders zijn die niet weten hoeveel hun huurprijs zal bedragen over een aantal weken. Ze zijn dan nog sociale huurders, huurders die elke cent twee keer moeten omdraaien, die op voorhand hun budget nauwkeurig moeten uittekenen om het einde van de maand te halen. Dat zij vandaag, een aantal weken voor de nieuwe maatregel, nog niet weten wat zij gaan moeten betalen, is vrij ongezien.

U bent Vlaams minister van Wonen. U wordt geacht om die sociale huurders net te ondersteunen en te beschermen, maar dat doet u niet. U gaat deze maatregel invoeren zonder oog te hebben voor mogelijk nefaste gevolgen. En het is nefast, menselijk nefast, want er zijn heel veel sociale huurders die vandaag onrust en stress ervaren. Bovendien is het ongelooflijk asociaal. We leven in een Vlaanderen waar de armoede torenhoog is en waar u het met deze maatregel huurders nodeloos moeilijker gaat maken.

Minister, wij roepen u op om deze maatregel tijdelijk terug te schroeven en voor een overgangsperiode te zorgen zodat de huurders zich tenminste degelijk kunnen voorbereiden op deze hogere huurprijzen. (Applaus bij Groen)

De heer Veys heeft het woord.

Voorzitter, ik ben vooral verbaasd dat deze vraag ontvankelijk is verklaard, omdat we het er vorige donderdag over hebben gehad in de commissie. Ik ben blij dat de juiste vragen nu ook door iedereen worden gesteld, al is het soms een doorzichtig een-tweetje.

Waar gaat het over? Het gaat niet over de beslissing, want die is al genomen onder minister Homans. Het gaat erover dat wij controleren of er goed wordt bestuurd en of vooruitziend wordt bestuurd.

De algemene berekeningen zijn er nog altijd niet. Een algemeen beeld volgens simulaties is er nog altijd niet. Ofwel is er dus in die voorbereiding iets misgelopen – ik krijg ook signalen van SHM's die deze of vorige week de info nodig om de berekening te kunnen maken, pas hebben gekregen –, ofwel is het vooraf niet goed ingeschat – ik denk dat dat het geval is. Als je een huurprijsberekening maakt op alle huurders, moet dat vooruitziend gebeuren en vroeger in het proces.

Hoe dan ook is het noodzakelijk om tot een oplossing te komen. Sommige huurders hebben een zeer sterke stijging. In de ene centrumstad spreekt men over 20 procent verhoging, in andere centrumsteden kan dit 86 of 76 procent zijn.

Minister, ik stel voor om toch rekening te houden met die huurders en om een gedachtewisseling te organiseren met de sector en met u om na te gaan of de procedure beter kan worden georganiseerd. (Applaus bij sp.a)

De heer De Meester heeft het woord.

Mevrouw Jans, u moet natuurlijk consequent zijn. U zegt zeer terecht dat de impact van die maatregelen op sociale huurders en op kwetsbare mensen zeer groot is, maar u hebt die maatregelen natuurlijk wel goedgekeurd in de Vlaamse Regering. U pleit voor flankerende maatregelen, maar het is het beleid op zich in deze kwestie dat verkeerd is. Mensen betalen straks veel meer voor een sociale woning. Er zijn wel al cijfers. In mijn stad Gent gaat het over 6500 mensen die in totaal 4 miljoen euro extra mogen ophoesten. In Antwerpen gaat het over 12.000 mensen die gemiddeld iets boven de 50 euro moeten bijbetalen. Minister, je kunt natuurlijk zeggen dat 50 euro wel meevalt, maar je zult het maar zijn, als vrouw met een pensioen van 1200 euro.

Ik las een verhaal in de krant van een vrouw, Rita, die gepensioneerd is en een pensioen van 1200 euro heeft en zei dat ze die 50 euro nodig had om eens iets te kunnen kopen voor haar vier kleinkinderen. Die 50 euro is die mevrouw nu kwijt door die huurprijsverhoging. Minister, u zegt dat we eerlijke en correcte prijzen moeten aanrekenen. U zegt dat het marktconform moet zijn. Maar waarom is dat eerlijker? Waarom is dat correcter? U wilt die prijzen marktconform aanpassen en u kiest ervoor om dat door te rekenen aan de sociale huurders. Maar waarom kiest er u in plaats daarvan niet voor om de huurprijsverhoging in de vuilnisbak te kieperen en te zorgen voor een echte herfinanciering van de sociale huisvestingsmaatschappijen? Waarom kiest u daar niet voor?

De heer D’haeseleer heeft het woord.

Voorzitter, vooreerst moeten we toch eens de begroting en de onkosten van het kabinet-Diependaele nakijken, want ik denk dat door al die getelefoneerde vragen de telecomkosten deze legislatuur wel zullen oplopen.

Er is op het terrein inderdaad heel wat ongerustheid wat die herberekening van de huurprijzen betreft, omdat veel mensen nog niet weten wat er hun vanaf 2020 te wachten staat. De krantenberichten van de laatste weken hebben dat natuurlijk niet onmiddellijk verholpen. Wij gaan uiteraard akkoord dat het inkomen van iedereen die inwonend is, meegeteld wordt. Dat is inderdaad rechtvaardig. Waar we wel problemen mee hebben, is dat er ook nog eens een energiecorrectie zal worden doorgevoerd, die dan moet dienen om de kosten van investeringen in energiezuinige woningen te recupereren. Minister, ik wil erop aandringen dat u er bij de sociale huisvestingsmaatschappijen zelf op aandringt om de normen ook te respecteren die u oplegt aan de private sector. Ik denk bijvoorbeeld aan de kwestie van de dakisolatie.

Collega Janssens heeft in antwoord op een schriftelijke vraag aan de huidige eerbiedwaardige voorzitter van dit halfrond te horen gekregen dat eind 2018 nog 12.000 woningen niet in orde waren met de norm voor dakisolatie. Minister, wanneer gaat u ervoor zorgen dat die sociale huisvestingsmaatschappijen zelf de normen respecteren die u oplegt aan de privésector? Ik denk dat dat ook een zaak is van marktconformiteit.

Minister Matthias Diependaele

Het zijn redelijk veel vragen, ik probeer er allemaal kort op in te gaan. Eerst is er het systeem om het inkomen van meerderjarige kinderen mee te tellen. Voor alle duidelijkheid: dat systeem bestond al, dat is niets nieuws. Het enige wat we nu doen is dat het ook onder de 25 jaar telt. Tot nu toe was het alleen boven de 25 jaar. Van de jongeren onder de 25 jaar die in de woning wonen en geen recht meer hebben op kinderbijslag, wordt het inkomen meegerekend. Trouwens, dit gebeurt met een vertraging van één tot twee jaar, omdat het aanslagbiljet gebruikt wordt.

Mevrouw Jans, wat betreft de flankerende maatregelen hebt u er zelf een beetje op gewezen dat bij de grote schokken de sociale huisvestingsmaatschappijen in begeleiding willen voorzien. Dat kan ik alleen maar toejuichen, dat is heel goed. Maar zoals ik daarnet heb gezegd, zijn die grote schokken er normaal gezien alleen maar wegens de actualisatie van het inkomen. Dan moet de vraag gesteld worden of we dat niet veel vroeger hadden moeten doen.

Mijnheer D'haeseleer, u hebt verwezen naar de energiescan. Dat is, voor alle duidelijkheid, de kleinste verhoging. Het gaat over niet meer dan ongeveer 20 euro die erbij komt. Voor alle duidelijkheid: als je iets moet bijbetalen voor de energiescan is dat voornamelijk omdat je minder moet betalen door een lager energieverbruik in je woning. In die zin hebben die mensen daar ook een voordeel. U hebt wel gelijk dat we inderdaad werk moeten maken van de klimaatmaatregelen. Ik ben blij dat u zo bezorgd bent over de klimaatmaatregelen die moeten worden genomen. Dit is een van de manieren waardoor we extra geld kunnen bijeenrapen om daarin in te investeren. De huisvestingsmaatschappijen beslissen daar zelf over maar zij kunnen dat gebruiken om de nodige isolatie door te voeren, dat is zeker waar.

Ik ben het eens met de opmerkingen over het belang van communicatie. Het systeem is begin dit jaar goedgekeurd, maar verder is dit de verantwoordelijkheid van de huisvestingsmaatschappijen zelf. Mijnheer Veys, u bent zelf voorzitter van een sociale huisvestingsmaatschappij. Ik neem aan dat u wel uw verantwoordelijkheid hebt genomen. De meeste hebben al heel wat toelichting gegeven. Er is een filmpje verspreid, er zijn gespreksavonden geweest en er zijn brieven verstuurd. Heel wat sociale huisvestingsmaatschappijen hebben wel degelijk communicatie gevoerd. Ik ga ervan uit dat ook de andere daarin hun verantwoordelijkheid nemen.

Mijnheer Veys, u hebt het over een algemeen beeld met betrekking tot de prijsstijgingen. Voor alle duidelijkheid: de Vlaamse Regering – en ik vind dat een goede zaak – laat zich niet in met de huurprijzen zelf. Als we van alle huisvestingsmaatschappijen voldoende informatie binnenkrijgen om statistisch relevant na te gaan wat de verhoudingen zijn en wat de stijgingen zijn, dan kunnen we dat nagaan. Om redenen van privacy hebben we zelf geen inzicht in de individuele huurprijzen van de verschillende huisvestingsmaatschappijen. In die zin kan het ook niet mijn verantwoordelijkheid zijn om daar nu reeds een overzicht van te maken, want we hebben daar geen zicht op om privacyredenen. Dat lijkt mij ook evident.

Mijnheer De Meester, ik denk dat u het systeem een beetje verkeerd hebt begrepen. We gaan rekening houden met de marktconforme huurprijzen, maar we zullen die, voor alle duidelijkheid, niet opleggen aan die mensen. U verwees daarnaar, maar dat zal dan wel weer een moedwillige vergissing zijn. Het is niet zo dat we aan sociale huurders een marktconforme huurprijs aanrekenen, helemaal niet. Ze staan daar nog heel ver van af. Zoals ik zei, is het gemiddeld net iets onder de helft van de huurprijs op de private huurmarkt.

Mevrouw Moerenhout, mijnheer De Meester en mijnheer Veys, ik begrijp dat u beweert op te komen voor de sociale huurders, en dat is ook mijn bezorgdheid, maar mijn grootste bezorgdheid gaat uit naar die mensen die we nog niet kunnen laten genieten van een sociale woning en die nog op een wachtlijst staan. Het systeem dat we nu doorvoeren, is eerlijk voor de sociale huurders zelf maar helpt ons ook om sneller die mensen te kunnen helpen die we nu nog niet helpen. Dat is mijn grootste bezorgdheid, want die mensen moeten nu nog naar de private huurmarkt, wat dikwijls voor hen een veel groter probleem is dan het extra dat we nu vragen van de sociale huurder. Daar gaat mijn eerste bezorgdheid naar uit. Dit systeem helpt daar wel degelijk bij. Ik kan alleen maar hopen dat zij die dit ondersteunen, er mee achter staan dat we eerst de mensen helpen die het het meeste nodig hebben. (Applaus bij de meerderheid)

Mijnheer D’haeseleer, ik heb proberen te telefoneren, maar de minister nam niet op. Niet gelogen: dit is geen getelefoneerde vraag. Dit komt vanuit mijn terechte bezorgdheid als schepen van Wonen en omdat het sociaal woonbeleid dermate belangrijk is voor Vlaanderen om de sociale herverdeling betaalbaar te houden en om het rechtvaardigheidsgevoel dat speelt bij alle Vlamingen, te honoreren.

Mijnheer De Meester, u hebt namen genoemd. Ik had onlangs ook een vrouw met een leefloon die zes kinderen heeft, waarvan twee meerderjarig en waarvan er één werkt. Ze kon zelf niet gaan werken omdat ze zes kinderen heeft. Ik ga geen namen noemen om de privacy niet te schenden. Het andere kind heeft een leefloon. Dat gezin heeft een gemiddeld inkomen van 3000 euro, meer dan sommige gezinnen die op de private huurmarkt moeten huren. Het is dan toch niet meer dan normaal, niet meer dan logisch en correct, niet meer dan eerlijk, rechtvaardig en sociaal en ik kan zo nog eventjes doorgaan…

Neen, want uw tijd is om. (Gelach)

… dat die mensen een hogere maar nog altijd een sociale huurprijs betalen. Ik weet niet waar u problemen van maakt. (Applaus bij de meerderheid)

Minister, we steunen de aard van deze maatregel naar een eerlijke huurprijs, maar als de huur omhooggaat, moet men daarop kunnen anticiperen, zeker als Sinterklaas en Kerstmis voorbij zijn, als het buiten vriest dat het kraakt en men al elke maand moet tellen en rekenen om rond te komen, ook al is men spaarzaam op verwarming en warm water. Ik steun de geplande hervorming, maar ik vraag uw oprechte aandacht om erover te waken dat de mensen in een sociale woning die nu al hun best doen om rond te komen, op het einde van de maand ook de nodige steun en begeleiding krijgen en verdienen.

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.