U bent hier

De voorzitter

Algemene bespreking

Dames en heren, aan de orde is het ontwerp van decreet betreffende de organisatie van de eerstelijnszorg, de regionale zorgplatformen en de ondersteuning van de eerstelijnszorgaanbieders.

De algemene bespreking is geopend.

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Freya Saeys (Open Vld)

Voorzitter, Vlaanderen kreeg naar aanleiding van de zesde staatshervorming heel wat bevoegdheden op het vlak van eerstelijnszorg over van het federale niveau. Dat daagde ons natuurlijk uit om te kijken hoe we met de reeds bestaande Vlaamse organen een goed samenwerkingsverband konden creëren om zo de chaos van overlegtafels te vermijden, om echte samenwerking te promoten en om de muur tussen gezondheidszorg enerzijds en welzijn anderzijds te slopen.

Er zijn voor ons liberalen een aantal zaken heel belangrijk. In de geest van samenwerking tussen zorgverleners blijft de vrije keuze van de patiënt centraal. Zorg dringt zeer ver binnen in het leven en de privacy van de patiënt en zijn gezin. We vergeten in dit debat nogal eens dat die patiënt veelal niet alleen leeft en dat ook het gezin betrokken partij is. Daarom vinden we het heel belangrijk dat expliciet wordt gezegd dat de patiënt zelf de zorgverleners blijft aanduiden en dat hijzelf of de mantelzorger de zorgcoördinator is van het zorgteam. Uit onderzoek blijkt trouwens dat de mantelzorger vandaag veelal die regie ook echt voert.

Zelf kiezen en zelf de regie houden, betekent ook in staat zijn gezondheids- en welzijnsinformatie op te zoeken, te begrijpen, toe te passen en de weg te vinden in het moeilijk te lezen welzijns- en gezondheidszorglandschap. 40 procent van de bevolking blijkt daartoe niet in staat. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat die ongeletterdheid in belangrijke mate samenhangt met de ongelijkheid op het vlak van gezondheid. Hier ligt dus een zeer belangrijk erf, waarop nog heel wat moet worden ingezet in de toekomst.

Voor ons was het bij de totstandkoming van dit ontwerp van decreet ook belangrijk om te gaan naar een rationalisering van de overlegstructuren. Zorgverstrekkers klagen dat ze de overlegfora niet meer belopen krijgen en – nog veel erger – dat ze er de meerwaarde niet van inzien. Dat laatste maakt natuurlijk ook dat er weinig animo is om te participeren aan overleg. In die zin kunnen de zorgraden en zorgplatforms zorgen voor meer geconcentreerde structuren en een efficiëntere tijdsbesteding. Ik zeg wel ‘kunnen’ want het Engelse spreekwoord luidt: ‘the proof of the pudding is in the eating’. De zorgraden en zorgplatforms staan voor de uitdaging om de kwaliteit van zorg voor de patiënt te verbeteren door ervoor te zorgen dat de zorg effectief wordt afgestemd. Dat laatste kan alleen door zorgverstrekkers te ondersteunen in die afstemming, en dit op een efficiënte en pragmatische wijze gebruikmakend van wat nieuwe digitale en technologische middelen mogelijk maken.

Om het met de woorden van de heer Persyn te zeggen: “We mogen niet verzanden in praatbarakken en in de zoveelste zichzelf in stand houdende structuur.” Het is opvallend dat de vraag naar rationalisering van structuren en pragmatisch werken komt van twee huisartsen in de commissie, die met beide voeten in het werkveld hebben gestaan en geloven in samenwerking, maar ook de onzin van de vele overlegorganen hebben ervaren.

Als arts interesseert ons het welzijn van de patiënt. Overleg is alleen maar zinvol als de patiënt er effectief beter van wordt. Veel vergaderen perkt de tijd voor patiënten in, en een gebrek aan tijd hypothekeert natuurlijk het werk van de zorgverstrekker.

Ten derde vragen wij een snelle inkanteling van de bestaande structuren in de regionale zorgraden en regionale zorgplatformen.

In de toelichting spreekt men van een gefaseerde en proportioneel voldoende lange overgangsperiode om naar een eventuele integratie van de structuren te gaan. Ik voel daar enige aarzeling. Ik kom terug op wat ik net heb gezegd. Zorgverstrekkers hebben geen tijd om alle overlegstructuren te belopen. Het lange tijd samen laten bestaan van wat er vandaag bestaat, met daarop de regionale zorgraden en zorgplatformen, legt een enorme hypotheek op wat men met dit ontwerp van decreet wil realiseren. Dat is al zo voor een en ander goed van start is gegaan.

In de commissie heb ik mijn terughoudendheid al uitgesproken over het gebruik van VIPA-middelen (Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden) voor multidisciplinaire praktijken. Welzijn en gezondheidszorg zijn sectoren in Vlaanderen die heel veel oningevulde basisnoden hebben. Als liberaal pleit ik er dan ook voor om die middelen aan zorg te besteden, in plaats van aan bakstenen.

De bereidheid om samen te werken is echt wel een zaak van instelling en niet van samenhuizen.

De voorzitter

De heer Bertels heeft het woord.

Jan Bertels (sp·a)

De eerstelijnszorg is heel belangrijk in ons gezondheidssysteem. Een goede en toegankelijke zorg – onder andere vanuit de eerste lijn – is dan ook heel belangrijk. Daarom moeten we ook investeren in de eerste lijn. Dit ontwerp van decreet creëert daarvoor een kader, zodat dat beter kan gebeuren.

We kunnen ons dan ook scharen achter de visie en de doelstellingen die in dit ontwerp van decreet staan. Er is een lange voorbereidingsperiode met veel betrokkenheid van de actoren aan voorafgegaan. Wij gaan dus akkoord met dit ontwerp van kaderdecreet. Er is veel draagvlak voor. De basisprincipes van betere zorg – de zorgregie, meer gelijke kansen in de zorg, een betere afstemming tussen de zorgvrager en zorgleverancier, de zorggeletterdheid, de vereenvoudiging en versterking van de eerste lijn, de betere afstemming tussen gezondheids- en welzijnssectoren, de samenwerking of gegevensuitwisseling – zijn allemaal principes waarmee wij akkoord kunnen gaan.

Het komt er nu op aan dit kaderdecreet gevolgd wordt door een operationeel plan en dat we dit op het terrein samen met de actoren kunnen operationaliseren.

In tegenstelling tot wat mevrouw Saeys net zei, willen wij ook dat de middelen naar de zorg gaan, maar het moet ook kunnen dat er VIPA-middelen voor multidisciplinaire centra worden gebruikt. Die multidisciplinaire centra, zoals wijkgezondheidscentra, leveren nu al fantastisch werk in de eerstelijnszorg.

De voorzitter

Mevrouw Van den Brandt heeft het woord.

Elke Van den Brandt (Groen)

Het debat werd in de commissie gevoerd. Ik wil toch nog even herhalen dat we heel blij zijn dat deze stap eindelijk wordt gezet. Er werd ettelijke jaren, zelfs tientallen jaren, naartoe gewerkt. Het is belangrijk dat we dan ook eindelijk met de eerstelijnszones van start gaan.

Toch heb ik mij in de commissie onthouden en dat zal ik ook vandaag doen. De rest van mijn fractie zal dit ontwerp van decreet uiteraard wel goedkeuren. We wilden toch één onthouding geven omdat we een kanttekening maken bij het feit dat men opteert om in alle zorgregio’s verplicht naar een nieuwe organisatie te gaan. Dat betekent dat we 75 nieuwe vzw’s, 75 nieuwe raden van bestuur en 75 nieuwe algemene vergaderingen moeten oprichten. Die moeten allemaal een personeelsbeleid voeren, die moeten hun statuten in het Belgisch Staatsblad publiceren en die moeten allemaal aan dezelfde vzw-verplichtingen voldoen. Dat is volgens ons een heel complexe manier om samenwerking te organiseren. Dat kan op sommige plaatsen het antwoord zijn. Dat kan in sommige zorgregio’s een goed idee zijn. Het lijkt ons echter niet het juiste antwoord om dit automatisch overal te doen. Wij vrezen dat daardoor veel tijd en energie verloren kunnen gaan die eigenlijk naar de coördinatie van die eerstelijnszones zouden moeten gaan.

Ik wil ten tweede een oproep doen, minister, om de stap die u vandaag met dit parlement zet ook radicaal door te trekken.

Wat stellen we nu vast? Mevrouw Saeys heeft er correct naar verwezen: heel veel zorgverleners op het terrein lopen van overleg naar overleg. Overleg is belangrijk, maar het moet een middel zijn om tot goede zorg te komen. Het mag niet het merendeel van de tijd in beslag nemen. We hebben vandaag eerstelijnszones gemaakt, waarbij we een geografische afbakening maken die steek houdt. Misschien is ze niet overal perfect maar ze houdt grosso modo steek. Ik roep op om alle andere geografische afbakeningen hierop af te stemmen. Vorige week hebben we in de plenaire vergadering over een decreet rond geestelijke gezondheidszorg gestemd om ervoor te zorgen dat die afbakening, die een andere afbakening is, hierop wordt afgestemd. Ook als we woonzorgzones maken, moeten die hierop zijn afgestemd. Wanneer we – federaal of Vlaams – ziekenhuisnetwerken maken, moeten die hierop zijn afgestemd. En ga zo maar door.

Minister, het zal niet van dag op dag lukken om ervoor te zorgen dat al uw beleid doorgetrokken wordt. Er moet een visie worden ontwikkeld om ervoor te zorgen dat de eerstelijnszones de motor kunnen worden van een sociaal gezondheids- en welzijnsbeleid in Vlaanderen.

De voorzitter

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Katrien Schryvers (CD&V)

Ons gezondheidssysteem hoort zeker op het vlak van toegankelijkheid en kwaliteit tot de beste in heel de wereld. Ik denk dat ik dat mag zeggen. Maar we weten allemaal dat er heel wat uitdagingen zijn: complexe zorgnoden, multimorbiditeit, heel veel technische evoluties, sociaal-economische ongelijkheden en zo verder. De grootste behoeften doen zich vaak daar voor waar gezondheidszorg en welzijn elkaar raken en overlappen. De eerstelijnszones die we vandaag met dit ontwerp van decreet oprichten, kunnen echt worden beschouwd als een hoeksteen van een modern gezondheidsbeleid. Vlaanderen kiest hiermee voor een paradigmashift van een aanbodgestuurde naar een vraaggestuurde zorg. Het ontwerp van decreet stelt de werkingsprincipes ook op scherp. Zo worden personen met een zorg- en ondersteuningsvraag, zorggeletterdheid, toegankelijkheid en sociale rechtvaardigheid centraal gesteld. De personen met een zorg- en ondersteuningsvraag en de mantelzorgers maken volwaardig deel uit van het zorgteam. Dat zijn allemaal elementen die wij heel belangrijk vinden en die ik hier graag nog even wou onderstrepen.

De voorzitter

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

Ik wil iedereen die aan het traject heeft meegewerkt, nog eens van harte danken. Verscheidene collega’s hebben opgemerkt dat dit het resultaat is van heel veel overleg. Ik ben ook heel blij met het manifeste draagvlak voor dit ontwerp van decreet. Ik ben het ook eens met het feit dat dit wellicht nog heel wat ontwikkelingen zal kanaliseren, ook als het gaat over de gebiedsafbakeningen van samenwerkingen en netwerken. Fundamenteel ben ik ervan overtuigd dat als het onze ambitie is om de toegankelijkheid van zorg en ook van gezondheid in deze regio en gemeenschap te realiseren, wij binnen onze bevoegdheden alles moeten doen wat wij kunnen om een sterke eerste lijn mogelijk te maken. Meerdere collega’s hebben dat ook onderstreept. Dit ontwerp van decreet legt daarvoor de fundamenten. Ik ben ook heel blij dat wij na de twee gezondheidsconferenties, eerstelijnsconferenties, die wij in de laatste twee legislaturen hebben kunnen organiseren, uiteindelijk ook kunnen zeggen dat alles wat daar is gebeurd, geen praat voor de vaak is geweest, maar ook effectief uitmondt in een nieuw wettelijk kader.

De voorzitter

Vraagt nog iemand het woord? (Neen)

De algemene bespreking is gesloten.

De voorzitter

Artikelsgewijze bespreking

Dames en heren, aan de orde is de artikelsgewijze bespreking van het ontwerp van decreet. (Zie Parl.St. Vl.Parl. 2018-19, nr. 1878/1)

– De artikelen 1 tot en met 34 worden zonder opmerkingen aangenomen.

De artikelsgewijze bespreking is gesloten.

We zullen straks de hoofdelijke stemming over het ontwerp van decreet houden.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.