U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 13 februari 2019, 14.02u

Voorzitter
van Marino Keulen aan minister Geert Bourgeois
281 (2018-2019)

De heer Keulen heeft het woord.

Voorzitter, goede collega's, minister-president, de vakbond staakt voor meer loon, het land ligt lam. Er is ook heel wat tandengeknars, niet alleen aan de kant van de patroons, maar ook bij heel wat arbeiders en bedienden die gewoon aan de slag willen en dat niet kunnen. En laat het duidelijk zijn, goede collega's hier in het hele halfrond: ik ding niets af aan het recht op staken. Dat is een Europees gegarandeerd grondrecht. Daar blijf ik dus van af. Maar als we spreken over een recht op staken, moet er ook een recht op werken zijn en een recht op minimale dienstverlening.

Ik kijk nu recht in de ogen van degene die daar de eerste nota’s ooit rond geproduceerd heeft, Geert Bourgeois. In de periode dat u Vlaams minister van Ambtenarenzaken was, in 2005, was er een omzendbrief waarin u op het Vlaamse niveau, het brede Vlaamse overheidsbestel, de minimale dienstverlening wilde vormgeven: het openhouden van sluizen, De Lijn, de zorg – weliswaar met een aangepast regime, zonder afbreuk te doen aan dat recht op staken, maar er toch voor zorgend dat er dienstverlening is en dat mensen die willen werken ook aan de slag kunnen.

Minister-president, mijn vraag is heel concreet of u, voor de tijd die rest, in de schoot van uw Vlaamse Regering nog werk wilt maken van dat principe van gegarandeerde dienstverlening. Mogen we daar nog stappen verwachten?

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Collega Keulen, de wet op de minimale dienstverlening voor het spoor werkt. Dat hebben we kunnen vaststellen. Er is een zeer grote werkbereidheid. Alle onheilsprofeten ten spijt, rijden er treinen. Ongeveer 50 procent van de treinen rijden, met respect voor het stakingsrecht, zoals u zegt.

Ik heb inderdaad in het allereerste sectorale akkoord dat ik gesloten heb, in 2005-2007, het principe van de minimale dienstverlening kunnen laten opnemen: voor veiligheid, voor gezondheidszorg, voor de gezondheidswerkers in welzijn. Alleen vergt dat ook een akkoord op sectorniveau, in elk van de sectorcomités. Ik heb het nu niet allemaal kunnen controleren, maar bij mijn weten is het tot nu toe alleen doorgevoerd bij de openbare psychiatrische ziekenhuizen, niet in de andere. Ik ben net als u voorstander van een minimale dienstverlening. Op federaal niveau is dat met een wet geregeld. Er bestaat discussie of Vlaanderen de volheid van bevoegdheid heeft daarover. Met de impliciete bevoegdheid, denk ik, kunnen we dat inderdaad doen. Ik ben daar voorstander van.

Dat is niet opgenomen in het Vlaamse regeerakkoord. Dat weet u evenzeer. Ik hoop persoonlijk dat de geesten nu gerijpt zijn. Je ziet bij het spoor dat er na al die jaren toch een grote werkbereidheid blijkt te bestaan. Maar we hebben een coalitieakkoord. We moeten met zijn drieën akkoord gaan om een stap verder te zetten. Wellicht is dat materie voor op de onderhandelingstafel over een viertal maanden.

Minister-president, goede collega's, een conceptnota rond die minimale dienstverlening is ingediend. We willen het sociale model, het overlegmodel zoals ons land dat kent en dat ons land ook kenmerkt, de 21e eeuw inloodsen. We willen niet het kind met het badwater weggooien want ook een vakbond heeft nood aan sympathie en aan een stuk geloofwaardigheid. Dat betekent inderdaad: het recht op staken waarborgen, maar ervoor zorgen dat degenen die willen werken, kansen krijgen. En vooral dat de burger-belastingbetaler dienstverlening geboden krijgt, zij het aangepast, misschien in een minimaal regime. Want dat is onze corebusiness, minister-president en goede collega's. Dat is de taak van elke overheid, om als dienstverlener op te treden. Dat moeten we ook zoveel mogelijk kunnen waarmaken.

Mijn oproep is vooral, zowel aan de regering als aan alle collega's hier in het parlement, om dit gegeven met een open geest te bekijken, en ons niet te begraven in oudbakken links-rechtstegenstellingen. Vandaar de aansporing om in de mate van het mogelijke nu al voorbereidend werk te doen rond de minimale dienstverlening.

De heer Ronse heeft het woord.

De actuele vraag gaat over de openbare dienstverlening. Ik ben het eens met zowel collega Keulen als met de minister-president, maar wat wel choquerend is, is dat we het vandaag hebben over openbare dienstverlening. Ik heb begrepen dat dit een staking is die gaat over onderhandelingen voor de loonnorm in de private sector. Wat zien we? We zien dat vakbonden in de publieke sector het hele land lamleggen, niet alleen de publieke dienstverlening, maar ook verhinderen dat mensen die willen gaan werken en ondernemen, dit kunnen doen. Ze ontzeggen hun het recht om dat te doen. Intussen zijn er 260.000 jobs bij gekomen, is de koopkracht boven op de index met 5,2 procent gestegen de laatste vijf jaar en ligt er nog een effectieve loonmarge op tafel. Ik begrijp dat echt niet. (Applaus bij de N-VA)

De heer Bothuyne heeft het woord.

Ik denk dat iedereen, ook wij, de staking van vandaag betreuren en hopen dat er snel terug aan tafel kan worden gezeten en dat men in een constructieve dialoog tot een akkoord kan komen. In die zin is het taalgebruik van iedereen bijzonder belangrijk. Het is jammer dat woorden als ‘pure horror’ worden gebruikt. En, minister-president, ook termen als ‘leugenachtig populisme’ zullen niet van dien aard zijn om de dialoog te faciliteren.

De waarheid is uiteraard dat de koopkracht inderdaad is gestegen, dat de inkomensongelijkheid hier laag is. De Vlaamse Regering heeft hieraan meegewerkt, denk maar aan het groeipakket van minister Vandeurzen, aan de sociale correcties in de waterfactuur van oud-minister Schauvliege, aan de bijkomende middelen voor de studietoelagen van minister Crevits.

Toch hebben de laagste inkomens nog altijd nood aan bijkomende ondersteuning en hebben we meer mensen op de arbeidsmarkt nodig. Minister-president, de suggestie komt misschien uit onverwachte hoek in deze tijden, namelijk van de werkgeversorganisatie Voka, die graag een jobstimulans van 100 euro per maand wil invoeren voor de laagste inkomens. Wat vindt u van dat idee? Zou dat kunnen helpen om de koopkracht te laten stijgen van diegenen die het meest nodig hebben?

De heer De Loor heeft het woord.

Collega's, ik vind het jammer dat er door collega Ronse opnieuw wordt verwezen naar de negatieve gevolgen van de staking die ook vandaag als doel heeft te streven naar sterke openbare diensten.

Als wij als volksvertegenwoordigers, maar ook u minister-president, onze job serieus zouden nemen, zouden we vanmorgen zijn gaan luisteren naar de verzuchtingen van de mensen. Ze zijn het immers beu dat ze in de krant moeten lezen dat er steeds meer winsten worden gemaakt terwijl zij op het einde van de maand een factuur moeilijk kunnen betalen. Het enige wat ze willen, is een fair en eerlijk loon, voor alle werknemers, ook voor diegenen die vandaag niet mee staken. Ze willen hun deel van de koek en ze willen geen kruimels. Collega's, we zouden de stakers dankbaar moeten zijn. (Applaus bij sp.a en Groen)

Mevrouw Moerenhout heeft het woord.

Minister-president Bourgeois, u hebt gezegd dat het ‘leugenachtig populistisch’ is als mensen vandaag zeggen dat ze op het einde van de maand moeilijk hebben. Leugenachtig populistisch. Dat is een groteske uitspraak, dat is een ongepaste uitspraak en een incorrecte. De koopkracht is gestegen maar de armoede is in Vlaanderen vandaag ongezien hoog. Kinderarmoede neemt jaar na jaar toe. 160.000 Vlamingen kunnen op het einde van de maand hun huur niet betalen. Huur is ook een factuur.

Mijnheer Bourgeois, u bent minister-president van Vlaanderen. U wordt geacht de stem te zijn van alle Vlamingen, van alle Vlamingen te horen en alle Vlamingen te vertegenwoordigen, ook deze mensen, ook de mensen die het moeilijk hebben. Dat is wat wij van u verwachten, zeker vandaag. (Applaus bij Groen en sp.a)

Minister-president Geert Bourgeois

Voorzitter, ik had verwacht dat Groen opnieuw met dat riedeltje zou komen. We zien het in het klimaatdebat waar de Groenen nooit met cijfers komen, nooit met argumenten komen, alleen maar emoties laten spelen. (Rumoer en applaus)

Alleen maar mensen bang maken, nooit met voorstellen komen. We hebben u herhaaldelijk uitgedaagd, maar u doet dat nooit. Ik heb niet uitgehaald naar mensen. Ik respecteer het recht op staken. Ik heb te doen met elke arme. Ik zeg dat wij met de Vlaamse Regering heel veel heel veel hebben gedaan om armoede te temperen.

Collega’s, het mag wel eens gezegd worden: Vlaanderen is de tweede beste van de Europese Unie, na Tsjechië. We gaan met de nieuwe kinderbijslag het risico op kinderarmoede met 15 procent verminderen. De koopkracht is door de samengevoegde maatregelen van de Federale en de Vlaamse Regering in die periode met 5,2 procent gestegen. U focust op de loonsverhogingen. Wel, er is een andere techniek, die ervoor zorgt dat mensen netto meer over hebben. Dat is gebeurd met de taxshift. Weet u dat de laagstverdienenden in 2019 en 2020 op maandbasis meer dan 140 euro netto meer hebben? Dat is meer dan een dertiende maand voor mensen die tot 1500 euro verdienen. Dat is de realiteit. Dat zijn de cijfers. (Applaus bij de N-VA en Open Vld)

Als vakbonden dus spreken over pure horror en sociale neergang, dan heb ik het recht om te zeggen dat dit niet waar is, dat dit onjuist is en dat het populistisch is. Politici worden, terecht, elke keer opnieuw gecontroleerd, fact check na fact check. Welnu, vakbonden moeten ook correcte cijfers gebruiken en politici van de oppositie evenzeer. (Applaus bij de N-VA en Open Vld)

Weet u dat in dit land 28,9 procent van het bnp naar sociale uitgaven gaat? Dit is, op Frankrijk na, het hoogste percentage van de hele Europese Unie. Weet u dat de inkomensongelijkheid in dit land bij de laagste is van de wereld? Weet u dat het verschil niet toegenomen is, dat de inkomens gestegen zijn en de koopkracht ook? Ik wil elk debat aangaan, maar dan op grond van feiten.

Wat we moeten hebben in dit land, dat is nog meer mensen aan het werk, want wij hebben het op een na laagste risico op armoede voor wie werkt, namelijk slechts 3,8 procent. In andere Europese landen is dat veel meer. We hebben 260.000 meer mensen aan het werk gekregen. Welnu, zij verdwijnen uit de armoede. U zou beter samen met ons werken aan het stimuleren van arbeid, om nog meer mensen aan het werk krijgen.

En dus moeten we competitief blijven. Collega Bothuyne, ik ga niet mee in uw voorstel of dat van Voka om 100 euro netto uit te delen vanuit de Vlaamse begroting. U kent de marges voor de volgende periode: amper 1 miljard euro. Dit moet opnieuw via een taxshift gebeuren. Dat is de beste manier om die laagste lonen nog te verhogen. U vindt in mij en in mijn partij een partner om dat te doen.

Ik keer terug naar u, collega Keulen. Ik deel uw mening. Wat mij betreft, mag u het proberen, want we moeten zelfs een decretale basis hebben daarvoor. Nogmaals: het staat niet in het regeerakkoord. Ik ga daar geen initiatief voor nemen. De regel geldt: drie meerderheidspartijen moeten akkoord gaan om initiatieven te nemen. Maar ik deel uw mening dat het echt belangrijk is dat we zorgen voor een minimale dienstverlening. De schade van de staking van vandaag, collega’s, is enorm groot. De haven van Antwerpen ligt plat. De luchthaven ligt plat. De bedrijven zijn gesloten. De loodsen laten weten: wij staken niet, maar we kunnen niet werken omdat de sluiswachters niet werken. Dan, in zulke omstandigheden, moet je kunnen zorgen dat er een minimale dienstverlening is, dat de schade voor de samenleving proportioneel blijft en dat je aan tafel kunt gaan zitten om te onderhandelen. Ik denk dat dat is wat iedereen wil. Persoonlijk sta ik daarachter. Ik vind dat je met respect voor dat stakingsrecht, dat internationaalrechtelijk bezegeld en vastgelegd is, ervoor moet kunnen zorgen dat wie werkwillig is, kan werken en dat er een minimale dienstverlening moet kunnen zijn in openbare diensten. (Applaus bij de N-VA en Open Vld)

Feiten zijn feiten. Wat dat betreft, heeft wiskunde ook nog altijd de overtuigingskracht die uit getallen spreekt. In de Internationale, goede collega en zelfs vriend Kurt De Loor, klinkt ‘sterft, gij oude vormen en gedachten’. Als je ons sociaal model in de 21e eeuw overeind wilt houden, denk ik dat er naast een recht op staken minstens ook, zij het met vertraging, een recht moet zijn op werken en op minimale dienstverlening. We moeten daar, zij het met vertraging, – dat is eigenlijk een schande als Vlaamse regio – aansluiting vinden bij de sterke democratieën in Noord-West-Europa: Duitsland en Nederland. Maar zelfs in Spanje, Portugal en Italië kent men een minimale dienstverlening.

En dan heb ik het niet over de opeisingen. Als er zelfs bij een hypergesyndiceerde omgeving als de NMBS een minimale dienstverlening kan worden gewaarborgd, dan kan ik mij niet inbeelden dat dit voor de Vlaamse overheid een onmogelijke opdracht is. (Applaus bij Open Vld)

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.