U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 9 mei 2018, 14.06u

Voorzitter

Algemene bespreking

Dames en heren, aan de orde is het ontwerp van decreet betreffende het niet-dringend liggend ziekenvervoer.

De algemene bespreking is geopend.

Mevrouw Van den Brandt heeft het woord.

Voorzitter, collega's, we hebben hierover in de commissie gediscussieerd, maar ik wil toch nog even onze onthouding straks motiveren.

Waarover gaat het? Als mensen ziek zijn, naar een ziekenhuis moeten en vervoerd moet worden, dan is er het ziekenvervoer. Als het heel dringend is, bel je de 112 en dan komt de ambulance jou halen en dat is een federale bevoegdheid. Als het niet dringend is, bijvoorbeeld omdat je een extra scan moet hebben, dan is dat een Vlaamse bevoegdheid en val je onder het niet-dringend ziekenvervoer. Het kan zijn dat je dat al zittend doet of al liggend. Als je dat al zittend doet, val je onder de bevoegdheid van minister Weyts en als je dat liggend doet, val je onder de bevoegdheid van minister Vandeurzen. Het is een redelijk kafkaiaans systeem. (Applaus bij de N-VA)

Er ligt hier vandaag een ontwerp van decreet voor dat over één deeltje gaat. Wat had er vandaag ook kunnen liggen? Een ontwerp van decreet waarin de heer Vandeurzen en de heer Weyts samen hadden gezeten en van het stuk dat Vlaamse bevoegdheid is, één geheel hadden gemaakt, zoals het Vlaams Patiëntenplatform ook vraagt. Dan zou er ten minste op dat niveau al consequentie zijn. Dat krijgen we niet. Vandaag gaat het enkel over het deel niet-dringend liggend ziekenvervoer.

Wij zullen ons straks onthouden omdat wij denken dat het voor die groep goed is dat er eindelijk kwaliteitscriteria zijn, dat het tijd werd dat er vooruitgang werd geboekt – er wordt al een decennium hierrond gewerkt, collega's van de N-VA. Het is goed dat er vooruitgang is, maar het is jammer dat we niet de hele sector aanpakken en niet voor de hele sector duidelijkheid creëren.

Mevrouw Godderis-T’Jonck heeft het woord.

Onze partij zal dit ontwerp van decreet zeker goedkeuren want de kwaliteitseisen betreffen heel wat aspecten van het niet-dringend liggend ziekenvervoer, zoals hygiënische bepalingen, uitbatingscriteria voor de vervoersdienst, de aanwezigheid van een tweekoppige bemanning. Wat de opleidingsvereisten voor de bemanning betreft, wordt een gemengde werkgroep opleiding opgericht. Die heeft tot taak de vereiste opleiding voor de hulpverleners-ambulanciers te bepalen en te organiseren. We zullen dit blijven opvolgen.

We zijn evenwel bijzonder verheugd, voorzitter, met de expliciete eis die aan de vervoerders wordt gesteld om een gesprek in het Nederlands te kunnen voeren. Op deze manier wordt een stukje structurele oplossing geboden op de aanhoudende taalproblematiek in het ziekenvervoer, althans in het niet-dringend liggend ziekenvervoer. We durven hopen dat deze taaleis in de toekomst ook in andere wetgevende initiatieven zal worden opgenomen voor de andere vormen van ziekenvervoer, maar ook voor andere dienstverlening in de gezondheidssector zodat onze Vlaamse patiënten goede kwalitatieve zorg in het Nederlands kunnen krijgen.

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega's, het ontwerp van decreet dat hier voorligt, is misschien niet het meest omvattende zoals we er andere kennen in de commissie Welzijn, maar het is wel een belangrijk dossier, zeker als we rekening houden met de snel evoluerende maatschappij. Er is de vergrijzing, chronische aandoeningen, multimorbiditeit en het daaraan gekoppelde vervoer van thuis- of residentiële zorg naar ambulante zorg en ziekenhuizen.

Anderzijds zijn er natuurlijk ook de aan de gang zijnde samenwerkingen tussen de ziekenhuizen in het kader van de vorming van de ziekenhuisnetwerken. Ik verwijs daar graag naar.

Zoals de SAR in zijn algemene appreciatie stelt, is met het voorliggende ontwerp van decreet een grote stap vooruit gezet. Het is inderdaad heel goed, zoals ook al door de collega’s is benadrukt, dat er minimale kwaliteitseisen worden gesteld en dat ook de financiële transparantie decretaal wordt verankerd en verplicht. Zorgkwaliteit is altijd een heel belangrijk aandachtspunt geweest van deze Vlaamse Regering en van de minister van Welzijn in het bijzonder, en ziekenvervoerders zullen in de toekomst die kwaliteit dus alleszins moeten leveren. Het feit dat een onafhankelijke commissie met alle stakeholders er zelf op heeft aangedrongen om onder meer die kwaliteitseisen decretaal te verankeren, vinden we ook zeker positief.

Collega’s, we vinden het ook goed dat er een studie komt inzake de prijszetting en dat het ontwerp van decreet stelt dat de Vlaamse Regering daarover kan ingrijpen als men niet tot een akkoord komt.

Met betrekking tot dit ontwerp van decreet moet er uiteraard nog heel wat verder worden geconcretiseerd, maar het is alleszins een heel belangrijke stap voorwaarts;

Mevrouw Saeys heeft het woord.

De verdienste van dit ontwerp van decreet is inderdaad dat door het invoeren van een vergunningsplicht voor diensten voor niet-dringend liggend ziekenvervoer alle diensten een aantal kwaliteitseisen zullen moeten naleven. Die kwaliteitseisen zijn belangrijk voor de vervoerde patiënt, in het bijzonder de opleidingsvoorwaarde voor ambulanciers. De zelfregulering die tot stand kwam in 2004, was daar maar gedeeltelijk in geslaagd, omdat de financiering niet volgde. Het is trouwens belangrijk te vermelden dat het de sector zelf is geweest die een regulerend optreden heeft gevraagd. Dat betekent ook dat de sector zich bewust is van de noodzaak van kwaliteitseisen. Die financiering is vandaag natuurlijk nog een belangrijk werkpunt. Positief is wel dat de minister het studiebureau de opdracht heeft gegeven om de elementen die de prijs bepalen, in kaart te brengen, en de daadwerkelijke kostprijs ook te bepalen. Midden 2018 zou die studie dan ook zijn afgerond, en dat zou de dialoog over de kostprijs en de prijszetting kunnen doen starten. Ik denk dat het succes van die dialoog zal bepalen of de kwaliteitsverbetering van het niet-dringend liggend ziekenvervoer ook in de praktijk financieel haalbaar is.

De heer Bertels heeft het woord.

Voorzitter, dit is daadwerkelijk een eerste stap voorwaarts, een goede stap voorwaarts. Mede op vraag van de sector zijn er nu kwaliteitsvereisten die afdwingbaar kunnen worden gemaakt door de eis van een vergunning te stellen. Ik zal niet herhalen wat de collega’s daarover hebben verteld, maar wil wel één ding benadrukken. Wat dat betreft, ben ik iets sterker qua uitspraken dan mevrouw Schryvers. Over de financiële toegankelijkheid en de betaalbaarheid hebben we in de commissie ook gediscussieerd. De prijs en de transparantie zijn heel belangrijke aspecten. Mevrouw Schryvers, die zijn nog niet verankerd in het ontwerp van decreet, want het ontwerp voorziet erin dat dat kan, zoals de minister ook ruiterlijk heeft toegegeven in de commissie. Daarom vragen we, en de minister heeft dat ook toegezegd in de commissie, dat dat systeem van prijscontroleregulering niet sine die zou worden verdaagd, dat men dat systeem in werking laat treden na de studie die bezig is, dat daar nog in het najaar van 2018 werk van wordt gemaakt. We weten immers dat zelfregulering in de sector jaren niet voldoende heeft gewerkt. De collega’s hebben daar ook naar verwezen. Daarom ook heeft de sector zelf gevraagd om daar transparantie in te brengen, en vergunningscriteria. We zullen dat ook moeten doen met betrekking tot de prijscontrole als de sector daar zelf niet in slaagt, want de betaalbaarheid van het niet-dringend liggend ziekenvervoer is toch een belangrijk gegeven. Daarmee gaan we allemaal akkoord, hoop ik.

Minister Vandeurzen heeft het woord.

Minister Jo Vandeurzen

De vorige reglementering dateert van april 2004. Ik denk dat dat de regering was waarvan collega Somers toen de leiding had en waarin de groenen ook participeerden. Men heeft toen de ambitie gekoesterd om veel ruimte te geven aan zelfregulering, maar de realiteit is dat de sector er nu om smeekt dat een aantal zaken toch wat meer krijtlijnen zouden krijgen.

Ik ben de eerste om te zeggen dat niet-dringend liggend ziekenvervoer als materie voor iemand die grootste onderscheiding wil halen in institutionele kwesties, een belangrijke oefening zou kunnen zijn. Maar we moeten nu wel door op dit issue. Het is al lang een thema. De sector heeft heel wat inspanningen gedaan. We moeten dat ook niet ontkennen. We moeten een aantal dingen nu echt wel een kader geven om de ontwikkelingen die voor de patiënten toch belangrijk zijn, in de toekomst mogelijk te maken.

Ik ben de eerste om te zeggen dat als daar een zekere dynamiek in is, als de financieringssystemen duidelijker zijn, er misschien nog andere perspectieven en synergieën mogelijk zijn, maar nu was de afweging toch op uitdrukkelijke vraag van de betrokken partners om een kader te geven om hun ambities waar te maken. Dat is de reden waarom het ontwerp van decreet zich beperkt tot het niet-dringend liggend ziekenvervoer.

Vraagt nog iemand het woord? (Neen)

De algemene bespreking is gesloten.

Artikelsgewijze bespreking

Dames en heren, aan de orde is de artikelsgewijze bespreking van het ontwerp van decreet. (Zie Parl.St. Vl.Parl. 2017-18, nr. 1510/1)

– De artikelen 1 tot en met 12 worden zonder opmerkingen aangenomen.

De artikelsgewijze bespreking is gesloten.

We zullen straks de hoofdelijke stemming over het ontwerp van decreet houden.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.