U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 9 mei 2018, 14.06u

Voorzitter
De voorzitter

Mevrouw Gennez heeft het woord.

Collega's, school, dat wordt gemaakt voor leerlingen en door leerlingen en leerkrachten. En het is nogal evident, een open deur intrappen, dat, zonder voldoende gemotiveerde leerkrachten, het heel moeilijk wordt om onze voornaamste grondstof, namelijk de talenten van onze jonge generatie hersenen en handen, goed te ontginnen.

Minister, u onthulde op vraag van mevrouw Celis alarmerende cijfers met betrekking tot de uitstroom uit het lerarenberoep. Bijna één op twee, bijna 50 van de leerkrachten in het secundair onderwijs, verlaat binnen vijf jaar de klas. In het basisonderwijs is het iets minder dramatisch, maar ook daar is één op vier binnen de vijf jaar weg uit ons onderwijs. En dat is, in een context dat we tegen 2030 60.000 bijkomende leerkrachten nodig hebben, toch wel alarmerend.

De redenen voor die uitval zijn uiteraard zeer divers: de praktijkshock na de opleiding, de diversiteit in de klas, maar ook de hoge werkdruk, minister, en dat starters vaak tijdelijke of deeltijdse opdrachten moeten invullen. Er is dan eigenlijk ook maar één heel concrete vraag, waarvoor we, over de grenzen van meerderheid en oppositie heen, een oplossing moeten bieden, namelijk: wat zal deze regering doen om de job van leerkracht aantrekkelijker te maken, zodat die uitstroom van mensen die met passie voor dat beroep hebben gekozen, echt kan worden teruggedrongen?

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Mevrouw Gennez, ik zal proberen kort en bondig antwoord te geven, want wij hebben uw vraag in de commissie al uitgebreid behandeld.

Ik heb een uiteenzetting gegeven over de uitstroomcijfers in het onderwijs. Ik vind deze cijfers zeer problematisch. En ik vind dat we daar met z'n allen op moeten ingrijpen. Maar we doen dat ook. Er zijn een aantal oorzaken – u hebt er zelf een aantal vermeld – waarom leerkrachten uitstromen, zeker in het secundair onderwijs. Ik wil daar nog aan toevoegen dat het diploma leraar voor afgestudeerden aan de universiteit zeer aantrekkelijk is, ook voor andere sectoren, en dat er dus ook vaak kapers op de kust zijn om mensen weg te plukken.

Maar we hebben een goed pakket maatregelen genomen in de cao. Die cao, mevrouw Gennez, is nog niet in werking getreden. We zijn die maatregelen nu aan het uitwerken. Wat zit erin? Heel specifiek voor startende leerkrachten, zal aanvangsbegeleiding een plicht en recht worden, voor elke leraar. We zullen opnieuw mentoruren invoeren. Ik heb dat ook al uitgelegd in het parlement.

We gaan de scholen effectief toelaten om, als ze geen vervanger vinden, die dagen op te sparen. Zo kunnen ze over een langere periode mensen inzetten, wat een heel goede zaak is voor onze leraren.

De cao is tot stand gekomen samen met alle werkgevers- en werknemersorganisaties. De maatregelen die erin zitten, moeten zeker voor de starters wat duurzaamheid geven, maar daar stopt het niet. We keuren ook een nieuwe lerarenopleiding goed. In hun opleiding moeten leerkrachten veel beter worden voorbereid op die superdiverse context waarin we nu zitten. De regering heeft ook hier al knopen doorgehakt.

Het lerarenloopbaandebat is nog niet voltooid. We hebben in de cao wel een pakket maatregelen voor starters, maar de werkgevers en werknemers – de vakbonden – zijn akkoord gegaan met een tijdbestedingsonderzoek. Ik laat dat op een correcte wijze uitvoeren. De resultaten daarvan zullen in de komende maanden bekend zijn. Dan gaan we weer rond de tafel zitten.

Het is dus een beetje vreemd dat men nu zeer dringend maatregelen vraagt, terwijl men het traject eigenlijk kent en terwijl men echt weet dat we volop aan het inzetten zijn op die startende leerkrachten, iets wat heel lang niet meer is gebeurd.

Minister, u hebt een cao afgesloten en de Christelijke Onderwijscentrale (COC) zegt heel duidelijk dat het een eerste stap is, om het tij echter doen keren hebben we veel meer nodig.

Deze Vlaamse en Federale Regering nemen het leerkrachtenberoep eigenlijk onder vuur. Men moet langer werken voor minder pensioen. De planlast is gigantisch. De loopbaanonderbreking wordt moeilijker gemaakt. Als u de uitgestoken handen van collega Vandenberghe en van onze fractie blijft weigeren, moeten we meer proberen te doen. Wij hebben duidelijk aangegeven: geef starters, zij-instromers of pas afgestudeerden, werkzekerheid voor een aantal jaar, meer dan één jaar, want binnen de vijf jaar stromen ze uit. Zorg er ook vooral voor dat ze een volledig uurrooster kunnen opnemen, door effectief netoverschrijdend en regionaal een platform of een pool te organiseren zodat jongeren gemotiveerd kunnen blijven in dat beroep en het werkbaar is en blijft. Dat geeft men toch heel sterk aan van op de werkvloer. Het lerarenberoep is een zwaar beroep en wordt door besparingen door de regering alsmaar zwaarder.

De voorzitter

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer (CD&V)

Voorzitter, minister, collega's, 75 procent van de starters blijft werkzaam in het basisonderwijs, 56 procent in het middelbaar onderwijs. We moeten daar niet flauw over doen, het aantal uitstromers is te hoog. Daarvoor moeten we maatregelen treffen. Diverse factoren liggen eigenlijk aan de grondslag van dit complexe probleem.

Voorzitter, soms is het goed dat er mensen zitten die hier al een tijd zitten in het parlement. Ik herinner me nog, mevrouw Gennez, dat toenmalig minister Vandenbroucke het loopbaanpact aankondigde. Vijf jaar later werd dat door voormalig minister Smet met grote trom herhaald. Nu is er eindelijk een minister die in een belangrijke cao een aantal essentiële maatregelen neemt, zoals de lerarenplatforms, de vroegere benoeming, en meer middelen voor begeleiding van leerkrachten.

Minister, we zijn ervan overtuigd dat daarmee niet alle problemen opgelost zijn. Laat dat duidelijk zijn. Onze hoop en vraag blijven: neem deze legislatuur met deze regering alstublieft nog bijkomende stappen. Maar we mogen niet blind zijn, collega’s, voor de maatregelen die deze legislatuur wel genomen zijn.

De voorzitter

Mevrouw Brusseel heeft het woord.

Ann Brusseel (Open Vld)

Ik denk dat de eerste grote lijnen uitgezet zijn, zoals collega’s hebben gezegd: de hervorming van de lerarenopleiding, de begeleiding van starters – die is zeer noodzakelijk om de kloof tussen de opleiding en de start van de loopbaan te dichten – , de platforms – hopelijk netoverschrijdend – , minister.

Ik heb een tijd geleden een schriftelijke vraag gesteld over de uitstromende leerkrachten. Ik kon in het antwoord niet duidelijk zien of de gepensioneerde leerkrachten daarbij hoorden. Het ging specifiek over de regio Brussel omdat we hier geconfronteerd worden met een grote uitstroom omdat de uitdagingen ook zo groot zijn. Het lijkt mij belangrijk dat er inderdaad nog bijkomende maatregelen worden getroffen, in deze legislatuur nog. Daarvoor moeten we een beter zicht hebben op de uitstromers.

Zijn dat startende jongeren of zijn het zijinstromers die eigenlijk hadden gehoopt een tweede beroep te vinden in het onderwijs maar het moeilijk blijken te hebben? Zijn het voornamelijk bachelors of masters? Over welke vakken gaat het in het secundair onderwijs? Ik denk dat het belangrijk is om per regio een beter en gedetailleerd zicht te krijgen op de problemen om bijkomende maatregelen te kunnen nemen.

Een andere oproep van onze fractie is om de leraar te laten focussen op zijn kerntaak, kennis en vaardigheden overbrengen, en het karretje niet verder vol te laden.

De voorzitter

Mevrouw Meuleman heeft het woord.

Minister, er is inderdaad al twee of zelfs drie legislaturen sprake van een echt lerarenloopbaanpact dat de loopbaan van leerkrachten aantrekkelijker moet maken en beginnende leerkrachten moet ondersteunen. Dan kun je een aantal maatregelen die genomen zijn in een cao die voornamelijk een loonsverhoging inhield en waarbij het grootste deel van de budgetten naar die loonsverhoging gaat, niet verkopen als een lerarenloopbaanpact. Het onderwijs pikt dat ook niet, minister. Er zijn doorgedreven maatregelen nodig in een loopbaanpact voor beginnende leerkrachten en voor leerkrachten in het algemeen om de uitstroom te stoppen. Het gaat over een doorgedreven aanvangsbegeleiding en het statuut van junior of senior leerkracht, over mensen die minder lesopdrachten hebben als ze beginnen om het draaglijk te houden, over veel meer werken in teamteaching.

Minister, er is veel meer nodig dan die maatregelen in de marge die u nu hebt afgesloten bij de cao-onderhandelingen.

De voorzitter

Mevrouw Celis heeft het woord.

Vera Celis (N-VA)

Mevrouw Gennez, dank u om toch even mijn naam te vernoemen bij de vraag naar de cijfers.

Minister, ik denk dat dit ook wel voor een stuk te maken heeft met de jobmobiliteit die we ook in andere sectoren zien. Jonge mensen kijken, in vergelijking met een generatie geleden, heel dikwijls anders naar een loopbaan.

Een van de elementen die ook zeker meespelen, is de hoge druk die tot psychische vermoeidheid en burn-out lijdt. Dat er een aantal zaken moeten worden gerealiseerd vanuit de lerarenopleiding, dat is zo, maar het is zeker belangrijk – en onze fractie vindt dat meer dan belangrijk – dat er maatregelen worden genomen die voelbaar zijn bij de leerkrachten op de klasvloer en veel minder in de structuur.

Vandaar, minister, dat buiten de maatregelen die u aan hebt aangehaald in uw antwoord, ik ook nog zou willen vragen om zeker bijkomende maatregelen te nemen rond de psychische druk die de oorzaak kan zijn dat mensen afhaken, dat mee te bewaken en waar mogelijk, iets mee te doen.

Minister Hilde Crevits

Collega's, collega Gennez, ik heb daarnet gezegd dat ik het probleem absoluut onderken. Door hier de vraag te komen stellen, beseft u misschien niet dat u kritiek aan het geven bent op uzelf. Mevrouw Celis heeft cijfers gevraagd die de periode 2016-2017 vergelijken met de periode 2011-2012. We weten allemaal dat de grootste uitstroom aan leraren in het eerste en tweede jaar van hun aanstelling gebeurt. Dat staat ook vast. Collega Gennez, het gaat hier dus over uitstroomcijfers voor 2011, 2012 en 2013, jaren waarvoor ik totaal niet bevoegd was. De cijfers slaan op periodes waarin uw partij zelf de sp.a-minister leverde.

U komt hier op het spreekgestoelte pleiten – en je moet maar durven – om vervangingspools in het leven te roepen. Mevrouw Vanderpoorten heeft ze ingevoerd, de heer Vandenbroucke heeft ze afgeschaft en we voeren ze nu opnieuw in. (Applaus bij de meerderheid)

U komt zeggen dat het zo belangrijk is dat er aanvangsbegeleiding is. Voormalig minister Pascal Smet heeft ze afgeschaft en zo 13 miljoen euro weggesaneerd. Wij voeren ze opnieuw in voor, collega Meuleman, 38 miljoen euro. U komt hier nu zeggen dat het allemaal niets is. Ik ben het daar niet mee eens.

Er wordt hier gesproken over het feit dat er nog zoveel werk is aan de lerarenopleiding. Wel, deze regering maakt daar werk van. Wij zeggen nu voor het eerst dat bijvoorbeeld anderstaligheid een vakdidactiek wordt. Wij zeggen dat elke afstuderende leerkracht verplicht ook een grootstedelijke context moet kennen. Kom hier alstublieft niet zeggen dat we als regering niets doen, of dat we alles zouden wegsaneren. Deze cao, collega's, bevat voor een pakket van bijna 60 miljoen euro aan maatregelen om de startende leraar te versterken. Eindelijk, zou ik daarop zeggen.

Beste mensen, er is al heel wat te doen geweest over ons onderwijs. Met heel veel plezier ga ik de uitgestoken hand van collega Vandenberghe nemen. Ik hoor hier dat we dat niet willen doen. Dat is niet waar. Op alle banken wordt een legislatuuroverschrijdend plan voor het basisonderwijs gevraagd. Wel, ik steun dat, en ik hoop dat het hele parlement straks het voorstel van resolutie goedkeurt waarin dat specifieke meerjarenplan wordt gevraagd. We zullen er werk van maken met deze regering.

Mevrouw Celis, u hebt inderdaad de cijfers opgevraagd. Ik ken u ook als iemand die heel veel aandacht heeft voor stress en burn-outs, maar heel wat van de maatregelen waarnaar u verwijst, en ook mevrouw Meuleman verwijst, kunnen scholen nu ook al toepassen. Ik zie steeds vaker dat de keuze wordt gemaakt om bijvoorbeeld aan co-teaching te doen. Met alle sympathie voor de vakbond, maar als je de budgetten vergelijkt die wij in Vlaanderen in ons secundair onderwijs investeren met de budgetten overal in Europa, dan staan we aan de top wat die financiering betreft. Ook qua regelgeving en mogelijkheden die er zijn, kan men binnen scholen al heel veel.

Tot slot, als het gaat over loopbaanpact: alle vakbonden en alle werkgevers zijn ermee akkoord gegaan dat we naast de cao ook een tijdsbestedingsonderzoek zouden doen, en dus een taakbelastingsonderzoek. Dat loopt nu. Tegelijk komt men dan vandaag vragen om vandaag dringend maatregelen te nemen. Dat pik ik als minister niet. We moeten de hygiëne en de gemaakte afspraken respecteren, en ik zal er ook op toezien dat dat gebeurt. Het tijdsbestedingsonderzoek heeft nog wat tijd nodig. De vakbonden begeleiden dat mee. Zodra dat er is, nodig ik iedereen mee uit aan tafel om de resultaten te bekijken, en om dan hopelijk ook eindelijk de nodige maatregelen te kunnen nemen, want er zijn maatregelen nodig om een goed loopbaanpact af te sluiten. (Applaus bij de meerderheid)

Minister, elke van uw voorgangers heeft cao’s afgesloten, gelukkig maar, maar u hebt in 2017 aangegeven dat 2017 het jaar van de leerkracht en het jaar van het lerarenloopbaanpact zou worden, en dat u er daadwerkelijk voor zou zorgen dat de werkdruk, de druk op mensen die in een school voor een klas staan, zou afnemen. Wat blijkt uit de werkbaarheidsmonitor van de SERV van deze legislatuur, de jongste? Dat de acuut problematische werkdruk in ons Vlaamse onderwijs nog nooit zo hoog is geweest als vandaag. U kunt inderdaad het probleem nuanceren, zoals u vandaag doet in de pers. De mensen op de werkvloer weten wel beter. Wij reiken de hand. In Mechelen wordt die niet altijd aangenomen. We hopen dat dat hier in het Vlaams Parlement wél het geval zal zijn, omdat er echt meer nodig is dan wat er vandaag in uw cao staat. (Applaus bij sp.a)

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.