U bent hier

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)

Minister, bijna was het zover of leek het zover en was er in Vlaanderen een wolvenroedel in de maak. Maar het wegverkeer heeft daar een stokje voor gestoken, of beter gezegd een wiel.

Minister, eigenlijk hoeft dat ons niet te verbazen. Dat hoeft ons niet te verbazen, want wegverkeer is een van de grootste doders van dieren in Vlaanderen. Ongeveer om de 300 meter komt zo'n wild dier wel een weg tegen. En dat zorgt natuurlijk voor heel veel aanrijdingen van dieren. U kent de cijfers, via het project ‘Dieren onder de wielen’.  Het zou gaan over tussen de 3,5 en 5 miljoen dieren per jaar in Vlaanderen. Dat zijn heel hoge aantallen. Dat is vergelijkbaar met het aantal dieren die worden geslacht in Vlaanderen. Dat zijn dus heel hoge cijfers.

Minister, vaak gaat het over kleine dieren, maar soms gaat het ook over grotere dieren, zoals everzwijnen en reeën, die dus ook een risico vormen voor de autobestuurder zelf. Spijtig genoeg mogen we nu ook de wolf toevoegen aan het lijstje van aangereden dieren.

De vraag stelt zich: wat kunnen we hieraan doen? De aanrijding van de wolf moet ons, het parlement, eigenlijk laten inzien dat er een en ander moet gebeuren om het aantal aanrijdingen van dieren te verminderen. Minister, wat kunnen we volgens u ondernemen?

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Mijnheer Sanctorum, ik dank u voor uw vraag. U verwijst naar het initiatief www.dierenonderdewielen.be. Dat geeft gewoon een indicatie weer. Het is op basis van vrijwillige rapportering.

Als je de cijfers van 2010 vergelijkt met 2017, zit daar een evolutie in van 3400 naar 3800 meldingen. De verdeling naar de soorten is grosso modo een derde – 37 procent om precies te zijn – zoogdieren, een derde vogels en een derde amfibieën en reptielen.

Op basis van de jongste cijfers, van 2017, zie je echter wel een toename van het aantal zoogdieren. Ik zei dat er van 2010 tot 2017 een evolutie is geweest van 3400 naar 3800 meldingen, maar als het gaat over de grote zoogdieren waren dat er 67 in 2010 en is er een evolutie naar 127 in 2017. Dat is dus een verdubbeling in die tijd van rapportering. Verhoudingsgewijs worden er dus veel meer grote zoogdieren als dood langs de wegen gerapporteerd. Dat stemt natuurlijk overeen met hetgeen we zelf kunnen vaststellen, onder andere op basis van de meldingen in de weekendpers over het aanrijden van everzwijnen en reeën.

Wat doen wij met het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV)? Eigenlijk hebben we via het AWV sinds 2014 wel al heel wat geïnvesteerd, namelijk ongeveer 20 miljoen euro, in allerhande diervriendelijke maatregelen. Dat gaat over ecoducten, over ecotunnels, dus amfibietunnels. Om een voorbeeld te geven, bij de aanleg van de A11 hebben we ongeveer negen van die constructies aangelegd op een afstand van ongeveer 12 kilometer. We houden daar nu dus altijd echt rekening mee bij elk ontwerp. Zeker in bosrijke omgevingen zorgen we er standaard voor dat altijd oplossingen voor de dieren worden meegenomen, in de vorm van ecotunnels of andere dingen.

Dan zijn er de rasters en de begeleidingsschermen. Met de rasters maak je het dieren op bepaalde stukken onmogelijk om over te steken. Begeleidingswanden zijn beschuttingen die ervoor zorgen dat dieren daar niet kunnen oversteken en die hen leiden naar een oversteekplaats. Belangrijk is ook dat we dit jaar nog werk maken van een wilddetectiesysteem. De offerte is uitgeschreven. We installeren in Leopoldsburg op de N73 een systeem waardoor dieren worden geleid naar twee oversteekplaatsen. We installeren detectoren, zodat men chauffeurs verderop via een bord dat oplicht, kan signaleren dat ze moeten opletten omdat er mogelijk dieren in aantocht zijn. Men detecteert dus echt grotere zoogdieren. Dat detectiesysteem gaan we dit jaar uitrollen.

In totaal gaat het dus over 20 miljoen euro, maar ik moet eerlijk toegeven dat dit allemaal maatregelen zijn waarbij de minister van Dierenwelzijn de minister van Openbare Werken opjaagt, en die vervolgens zijn agentschap opjaagt om ervoor te zorgen dat er bij alle wegenwerken die we nu doen in bosrijke omgevingen, maatregelen worden genomen. Er worden dus heel wat maatregelen genomen, ter waarde van ongeveer 20 miljoen euro sinds 2014.

Als u echter vraagt of daar een globale visie, een globaal plan achter zit, dan is het antwoord neen. Ik ga volledig akkoord wat dat betreft. Nu is er wel een instrument van de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) dat ons ter beschikking is gesteld en waarbij men eigenlijk de ontsnippering in kaart heeft gebracht. Dus, waar en hoe kunnen we natuurgebieden die van elkaar zijn gescheiden door wegen, het best opnieuw met elkaar verbinden? Dat kan natuurlijk ook een instrument zijn voor ons, voor het AWV, om heel concreet werk te maken van veilige passages voor dieren.

U hebt dus gelijk. We willen werken aan een omvattende visie op dat vlak. Het is niet alleen zaak dat de minister van Dierenwelzijn de minister van Openbare Werken aanvuurt, zoals dat nu tijdelijk zo is.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)

Minister, bedankt voor uw antwoord. Ik ben alvast erg tevreden met uw antwoord. Ik denk dat die overkoepelende visie inderdaad noodzakelijk is. Ik verwijs daarbij ook graag naar Nederland, waar zo’n actieprogramma voor ontsnippering werd opgestart in 2005. Zo werden 178 prioritaire knelpunten in kaart gebracht, en die worden dan systematisch afgehandeld. Dat lijkt me inderdaad iets te zijn dat tot voorbeeld strekt.

Ik ben dus blij met uw antwoord, met uw motivering om er verder aan te werken, en ik hoop dat er in het parlement ook een bereidheid is om dit verder aan te pakken. Ontsnippering is immers heel belangrijk, maar er zijn ongetwijfeld nog heel wat andere maatregelen die we kunnen nemen om het aantal aangereden dieren te verminderen.

De voorzitter

De heer De Bruyn heeft het woord.

Gisteren kwam dit aan bod in de commissie, vandaag in de plenaire vergadering. Niet alleen de wegen van God, maar ook die van de parlementsvoorzitter zijn werkelijk ondoorgrondelijk. Dit thema is terecht aangekaart. Dagelijks sterven duizenden dieren onder de wielen van voertuigen. We staan er allemaal naar te kijken en vragen ons af hoe het beter kan. Eerlijk gezegd ben ik verrast als ik zie hoe ook technologie hierop bijkomend antwoord kan geven.

Minister, uw achterliggende suggestie om dit ruimer te bekijken in een algemene strategie kan onze fractie uiteraard alleen maar toejuichen. Vanzelfsprekend gaan we hieraan onze medewerking verlenen. Gisteren vroegen we in de commissie aan minister Schauvliege om ook vanuit haar bevoegdheden en met haar administratie een bijdrage te leveren.

De voorzitter

De heer Ceyssens heeft het woord.

Minister, het is goed dat u initiatieven neemt voor ecoducten en wilddetectie. Alleen is het probleem natuurlijk dat die dieren de weg naar die ecoducten en wilddetectieplaatsen niet vinden. We hadden voor die wolf geen bordje kunnen plaatsen: gelieve daar over te steken. Ecorasters maken en de dieren daarnaartoe leiden, zijn onontbeerlijk om daar iets aan te doen.

Minister, ik heb u hierover in mei vorig jaar ondervraagd. Ik had toen cijfers van Limburg opgevraagd: 80 geregistreerde ongevallen met aangereden everzwijnen in 2015-2016. Ik heb toen gevraagd welke budgetten er zijn voor rasters op de risicowegen die door beboste gebieden lopen. Daar zitten die dieren namelijk en je ziet ze niet aankomen. U hebt me toen geantwoord dat er geen specifieke budgetten zijn en geen projecten die op til staan voor bijkomende ecorasters.

Minister, ik zie hier vandaag die vragen, en ik zou ze graag mee ondersteunen. We moeten initiatieven nemen. Bent u bereid om daarvoor bijkomend budget vrij te maken?

De voorzitter

De heer Keulen heeft het woord.

Minister, iedereen onderschrijft het belang van dierenwelzijn. Beleid bestaat maar in de mate waarin het wordt vertaald in concrete budgetten. Anders zijn het woorden in de wind. Minister, u moet met een specifiek budgettair programma komen op basis van statistische vaststellingen, en waar je investeert in wilddetectiesystemen, in ecoducten, in ecorasters enzovoort. Op die manier kun je jaar na jaar dit soort van spijtige ongevallen ten nadele van de dieren maar ook van de andere weggebruikers, proberen terug te dringen.

Het is natuurlijk niet alleen een zaak van dierenwelzijn, maar ook van menselijk welzijn. Als we spreken over een verdubbeling van het aantal gerapporteerde ongevallen met grote zoogdieren zoals reeën en everzwijnen in zeven jaar tijd, dan heeft dat natuurlijk ook gevolgen voor de verkeersveiligheid. Dat spreekt voor zich.

We hebben er nu al voor gezorgd dat het Agentschap Wegen en Verkeer bij de aanpak van wegenwerken standaard, en dus niet met een apart budget, initiatieven ten voordele van dieren meeneemt. Dat kunnen rasters zijn, dat kunnen ecoducten of ecotunnels zijn of andere oplossingen zoals het wilddetectiesysteem. Dat zit er nu al mee in, maar ik onderschrijf de vraag naar een beleidsdomeinoverschrijdende visie volledig. Dat komt niet alleen van het AWV, ook vanuit milieu, natuur en de betrokken agentschappen worden de nodige initiatieven genomen. Ik ondersteun deze vraag volledig.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Onafhankelijke)

Zowel vanuit de regering als kamerbreed bestaat er steun om hier verder aan te werken, zowel inzake dierenwelzijn als inzake veiligheid op de weg. Ik ben natuurlijk heel tevreden met die steun. Ik stel voor dat we dit verder bekijken met de bevoegde commissie in dit parlement. Dus wordt vervolgd.

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.