U bent hier

De heer Van Dijck heeft het woord.

We hebben maandag kennis kunnen nemen van een zeer interessant proefschrift over de vraag ‘Laten leerkrachten en scholen hun sporen na? Een onderzoek naar langetermijneffecten van scholen en leerkrachten op leerlinguitkomsten.’ Een belangrijke studie, omdat het zeker nuttig is om te meten wat de resultaten zijn. Ik heb de tekst meegebracht om eruit te citeren, want er is één bepaalde conclusie die zeer relevant is, met name: “De groepssamenstelling van de lagere school, de mate waarin veel of weinig leerlingen met een lage sociaaleconomische status, allochtone achtergrond en/of speciale onderwijsbehoeften in de school zitten, heeft geen impact op langere termijn.”

Bepaalde media titelden: ‘Concentratiescholen moeten niet onderdoen.’ Ik was zeer tevreden met een aantal conclusies, omdat er enerzijds de concentratiescholen zijn en anderzijds heel wat niet-concentratiescholen, maar er geen breuklijn tussen beide loopt. Er loopt een breuklijn tussen scholen met goede leerresultaten en scholen met iets minder goede schoolresultaten.

Wij hebben in Vlaanderen een regelgeving waarbij we door middel van een dubbele contingentering de sociale mix als het ware opleggen. We weten ook dat daar in Vlaanderen nogal wat om te doen is, met betrekking tot de maximale keuzevrijheid van ouders. Bent u bereid om de piste van de opgelegde sociale mix door middel van een dubbele contingentering te verlaten?

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Ik heb samen met u kennis genomen van een aantal resultaten van het doctoraat van de onderzoekster, Griet Vanwynsberghe. Ik ben het eens met uw basisconclusie waarbij u zegt dat het haar statement is dat concentratiescholen niet moeten onderdoen, dat leerlingen er geen negatieve impact van ondervinden als ze naar een concentratieschool gaan of als ze schoollopen tussen heel veel andere kinderen die aantikken op socio-economische status (SES). Dat is een zeer positieve zaak. Als u daaruit afleidt om meteen alles wat we doen om de sociale mix te bevorderen, af te schaffen, ben ik het niet met u eens.

In het regeerakkoord staat dat we het Inschrijvingsdecreet willen vereenvoudigen. We hebben dat samen goedgekeurd, maar er staat niet in dat er geen maatregelen meer zouden mogen worden genomen om de sociale mix te bevorderen. Sociale mix bevorderen betekent voor mij dat niet alleen wordt gekeken naar hoe de kinderen op school presteren, maar ook dat ze met diverse kinderen leren samenleven en samen spelen. Dat is het achterliggende idee.

In verband met de verplichting om kinderen met lagere en hogere SES – want daarin wordt de scheidslijn gemaakt – op te nemen op school, stel ik samen met u vast dat dat niet het ideale instrument is. De stad Antwerpen vraagt om die dubbele contingentering af te schaffen. De stad Gent zegt dat ze daar wel goede effecten van heeft en wil daar mee voortwerken. De resultaten zijn niet eenduidig, maar de manier waarop het criterium is ingezet, is ook niet eenduidig.

Ik sta zeker open voor alternatieven, en we hebben al met heel veel mensen gesproken, maar noch de Vlaamse Onderwijsraad (Vlor), noch het afnemende veld legt op dit ogenblik betere alternatieven op tafel die scholen kunnen stimuleren om bijvoorbeeld een echte buurtschool te zijn of om er voor te zorgen dat de populatie op school een beetje meer een doorsnee is van de samenleving.

Ik ben dus samen met u zoekende naar zaken die het beter zouden kunnen maken dan vandaag, maar als u mij vandaag vraagt om alle stimuli af te schaffen die de sociale mix kunnen bevorderen, dan heb ik het daar bijzonder moeilijk mee. Dat zou ik liever niet doen.

Laat het vooreerst duidelijk zijn: ik wil niet in de hoek gedrumd worden dat wij a fortiori tegen een sociale mix van ons onderwijs zouden zijn. Helemaal niet. Zeker wat het basisonderwijs betreft, hoort voor ons vooral de stelling gehanteerd te worden: basisschool, buurtschool – buurtschool, die ook de weerspiegeling is van de sociale leefgemeenschap in de respectieve buurt. In die optiek verschillen we toch enigszins van uitgangspunt, de buurtschool als vertaling van.

Ik blijf een beetje op mijn honger zitten met betrekking tot het element van de opgelegde dubbele contingentering, waarbij we nog niet helemaal tegemoetkomen aan de keuzevrijheid die ouders zouden moeten hebben en waardoor ze op een transparante manier kunnen kiezen voor de school van hun voorkeur.

Mevrouw Helsen heeft het woord.

Kathleen Helsen (CD&V)

Minister, ik ben erg tevreden met uw antwoord.

Mijnheer Van Dijck, we hebben nog maar in zeer beperkte mate kennis kunnen nemen van het doctoraatsonderzoek. In de redenering is het belangrijk om goed te weten dat we binnen onderwijs onze leerlingen moeten voorbereiden op het functioneren in de samenleving. Het is daarbij niet alleen belangrijk om ons te richten op het overdragen van bepaalde kennis, maar ook op het leren samenleven van onze jonge mensen. Vanuit dat oogpunt hebben we altijd vanuit dit parlement geoordeeld dat een sociale mix ook binnen scholen wenselijk is.

Het is niet nieuw dat we vaststellen dat concentratiescholen erin slagen met gepaste maatregelen tot zeer goede resultaten te komen. Gelukkig. Dat is zeer positief. We moeten het leren samenleven blijven vooropstellen in ons onderwijs. Ik vind het dan ook belangrijk om na te gaan of in het doctoraatsonderzoek bekeken is of er invloed is vanuit de sociale mix op de participatie en de inburgering van jonge leerlingen in de samenleving. Als we daar een zicht op hebben, kunnen we een totale beoordeling maken.

De heer De Ro heeft het woord.

Dames en heren, heel veel Vlaamse beleidsmakers en mensen uit het onderwijs hebben de afgelopen twintig jaar ouders moeten geruststellen, moeten motiveren om bewust de keuze te maken in een diverse stedelijke omgeving – Vlaanderen wordt steeds diverser, ik mag gerust het adjectief ‘stedelijk’ binnenkort laten vallen – voor een school die de gemeente of buurt weerspiegelt. Heel veel Vlaamse ouders dachten: “Oei, op een zwarte school, op een concentratieschool” – afhankelijk van de benaming – “zal mijn kind, kansrijker, Nederlandstaliger dan de gemiddelde leerling, het moeilijk hebben of het slechter hebben.” Nu toont een studie aan dat dit geen impact heeft en net nu hoor ik u de vraag stellen of dit niet de aanleiding is om te zeggen dat we niet meer naar een sociale mix moeten gaan. U zegt dit net op een moment dat elke commissie inzake radicalisering en samenleven zegt dat we gettovorming moeten tegengaan. Waarom zouden we dat niet doen in onderwijs?

Mijnheer Van Dijck, ik had eigenlijk gehoopt – wat misschien naïef van mij was – om eindelijk met ons drieën – mevrouw Helsen, u en ik – onze teksten neer te leggen waar we twee jaar aan hebben gewerkt. We hebben nu wetenschappelijk bewijs dat de Vlaming niet bang moet zijn voor concentratiescholen. (Applaus)

Mevrouw Gennez heeft het woord.

Voorzitter, de sfeer is goed. We zijn het er allemaal over eens dat de school een afspiegeling van de buurt moet zijn, dat die school ook best divers is, en een sociale mix heeft om kinderen effectief te leren samenleven. Ik hoor hier drie partijen van de meerderheid aan het woord, waarvan er twee heel erg pleiten voor een versterking van de sociale mix. We sluiten ons daarbij aan. De derde partij echter schijnt eigenlijk terug naar af te willen.

De essentie is dat scholen altijd mensenwerk leveren. Leerwinst boek je als goede leerkrachten goed omkaderd zijn en voldoende werkingsmiddelen hebben om met jongeren vooruitgang te boeken. Laat dat nu net het probleem zijn waar deze Vlaamse Regering dan wel in eensgezindheid uitblinkt: besparen, besparen, besparen! Als het op sociale mix aankomt, mag ze best nog een tandje bij steken. (Applaus bij sp.a en Groen)

Mevrouw Meuleman heeft het woord.

Mijnheer Van Dijck, ik ben blij dat de meeste partijen hier bevestigen dat het samenleven op school, de diversiteit en het leren kennen van elkaar bevorderlijk zijn voor integratie, voor het aanleren van een taal en een middel kan zijn tegen polarisatie en segregatie in onze maatschappij. We juichen die sociale mix op school nog steeds toe.

Als de vrije schoolkeuze in Vlaanderen al in het gedrang komt, dan is dat omdat er plaats tekort is op scholen. Wanneer scholen overvol zitten kunnen mensen niet meer vrij kiezen naar welke school hun kinderen gaan. Dat is het grote probleem. Daar probeert het Inschrijvingsdecreet iets aan te doen. Het is niet perfect, maar het zorgt er wel voor dat iedereen gelijke kansen heeft en niet alleen de sterken, die alert zijn, goed met computers kunnen werken en zich vroeg inschrijven. We kunnen inderdaad streven naar minder planlast, maar we hebben nu tenminste een instrument om de sociale mix op zachte wijze te bevorderen. Dat willen we bij Groen absoluut niet loslaten. (Applaus bij Groen en sp.a)

Minister Hilde Crevits

Hier loopt inderdaad een breuklijn. Ik heb veel collega’s horen zeggen dat de buurtschool van belang is. Ook voor mij is het van groot belang dat de buurtschool ondersteund wordt en kan blijven bestaan. Er zijn soms verschillende redenen waarom niet iedereen naar de school van zijn dromen kan gaan. Een eerste probleem is al aangehaald: er zijn nog altijd plaatsen te kort.

Mevrouw Meuleman, daarom investeren we voluit in die capaciteit. Soms word ik wat zenuwachtig, als we honderden miljoenen euro uittrekken en dat niet onmiddellijk wordt vertaald in extra scholen en extra klassen. Daar is nog werk aan de winkel.

Mevrouw Gennez, er moeten uiteraard genoeg werkingsmiddelen zijn. We hebben daarover al vaak gedebatteerd en soms verschillen we daarover van mening. Het is goed dat u de vraag naar meer werkingsmiddelen herhaalt, dat zal wellicht ook nog gebeuren in de volgende vraag. Tegelijk kunt u toch niet ontkennen dat deze legislatuur ook effectief al 750 miljoen euro extra per jaar geïnvesteerd wordt in leerkrachten en dat het budget ook boven de 11 miljard euro uitstijgt.

Het is voor mij bijzonder moeilijk vandaag te zeggen dat we die sociale mix laten vallen, en ik zal dat ook niet doen. Er zijn vandaag ook scholen die meer aantrekken dan andere, ook al is daar voldoende plaats. Als we dan zouden zeggen dat wie eerst komt, ingeschreven is en de anderen niet, zitten we ook met een probleem. Net om voorrang te geven aan die criteria van buurt, voldoende mix enzovoort is het Inschrijvingsdecreet er op deze wijze gekomen. Ik sta zeker open voor voorstellen om dat te vereenvoudigen.

Mijnheer De Ro, u weet dat ik een tijd geleden al een aanbod gedaan heb om ook naar het register te kijken, zodat we Vlaanderenbreed iets kunnen doen zonder de papierberg te vergroten. Ik sta daar zeker nog altijd voor open. Zomaar de stimuli afschaffen die tot een grotere sociale mix kunnen leiden, is voor mij evenwel ook een brug te ver.

Minister, het is duidelijk dat er, zoals u zegt, populaire en minder populaire scholen zijn en geen enkel inschrijvingsdecreet aan iedereen altijd zijn voorkeurschool zal kunnen toewijzen. Het is wel belangrijk om een transparant en eenvoudig systeem te hebben, waarbij de keuzevrijheid maximaal is. Ik ben ervan overtuigd dat wanneer we een aantal paramaters hanteren, die bijvoorbeeld de buurt als criterium naar voren schuiven, we die sociale mix wel degelijk creëren. We moeten ons hoeden voor een wij-zijverhaal: zij met SES-kenmerken en anderen zonder SES-kenmerken. De studie die voorligt, bewijst dat leerlingen kansen geven en studievooruitgang los staan van de schoolse populatie. Ik druk mijn waardering uit voor al die leerkrachten in concentratie- en andere scholen die die vooruitgang dagelijks weten te bewerkstelligen. (Applaus bij N-VA)

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.