U bent hier

De voorzitter

De heer Sintobin heeft het woord.

Minister, het onderwerp van deze actuele vraag is al enkele jaren voorwerp van debat hier in het parlement, in de commissie en in de plenaire vergadering. Ik denk dat het zelfs onze voormalige collega Karlos Callens is geweest die indertijd eigenlijk het debat over die weersverzekering op gang heeft getrokken. Droogte, storm, vorst, overvloedige regen: we hebben het eigenlijk allemaal gehad de afgelopen jaren.

Voor de landbouwers was en is het telkens opnieuw bang afwachten of de ramp als een landbouwramp zou worden erkend. Ik denk dat we het er allemaal over eens zijn dat dit geen duurzame oplossing is. Gedurende de jaren zijn de geesten echter gerijpt en is het draagvlak voor een brede weersverzekering verbreed. Ik heb gehoord en gelezen dat verschillende actoren – de Vlaamse overheid, de landbouworganisaties en de verzekeringsmaatschappijen – hierover onderhandelen.

Minister, u hebt in de krant bevestigd dat er overleg is. Aangezien er nog geen politieke beslissing is genomen, wilde u hierover nog niet verder communiceren. Jammer genoeg heeft de Boerenbond wel al gecommuniceerd over het bedrag dat hiervoor wordt uitgetrokken en over de timing: “Tegen het voorjaar zal er een besluit zijn. Het gaat om 5,1 miljoen euro, gespreid over de komende drie jaar.” De Boerenbond heeft tevens verklaard dat zowel Vlaamse als Europese subsidies zouden worden uitgereikt. Morgen vergadert u met de landbouworganisaties en met de verzekeringsmaatschappijen. Ik zou van u dan ook graag een stand van zaken krijgen in verband met dit dossier.

De voorzitter

De heer Engelbosch heeft het woord.

Jelle Engelbosch (N-VA)

Voorzitter, ik was tevreden toen ik gisteren in de krant las dat er eindelijk werk wordt gemaakt van een brede weersverzekering. Zoals de heer Sintobin heeft verklaard, hebben we de afgelopen jaren zeer vaak over een brede weersverzekering gesproken. Het probleem is duidelijk geschetst. Er is momenteel geen duurzame oplossing voor de landbouwsector. We moeten andere mogelijkheden zoeken. We hebben het er onlangs tijdens een plenaire vergadering nog over gehad dat het geen evidentie zal zijn een verzekeringspolis te vinden die voor de sector betaalbaar is.

Minister, toen ik de titel las, was ik heel tevreden. Er komt een brede weersverzekering. Toen ik het artikel las, was ik iets minder tevreden. De Boerenbond kwam met concrete cijfers over wat allemaal zou zijn beslist. U hebt dat genuanceerd. Het overleg is nog aan de gang.

We moeten u natuurlijk de vraag stellen wat nu de stand van zaken is. Ik heb de indruk dat dit plots zeer concreet wordt. U zult deze week vergaderen. Kunt u iets meer zeggen over het tijdspad? Dit hele verhaal wordt nu toch zeer positief en concreet.

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Voorzitter, het principe van de brede weersverzekering is, voor alle duidelijkheid, niet nieuw. Eigenlijk hebben we dat al in 2013 bij de Europese Commissie aangemeld en een goedkeuring gekregen. Dit maakt deel uit van ons plattelandsontwikkelingsprogramma. De Europese Commissie gaat hiermee akkoord.

Het gaat natuurlijk niet om een brede weersverzekering die we vanuit de overheid aanbieden. Het gaat om private verzekeraars die met een dergelijke verzekering op de markt komen. Wat de overheid zou doen, is bijdragen in de premie die de landbouwers betalen om zich te verzekeren.

Het principe bestaat en is goedgekeurd. Ik ben wel even geschrokken van alle informatie die ik in de krant heb gelezen. Die informatie bestaat uit zaken die in het Vlaams Programmeringsdocument voor Plattelandsontwikkeling (PDPO) staan en die iedereen op de website kan consulteren. Dat is niet nieuw.

Het grote knelpunt blijft dat er spelers op de markt moeten zijn die interesse hebben om dat product aan te bieden. Ik heb geen signalen ontvangen dat het nu plots anders zou zijn. Ik heb in de commissie al een paar keer verklaard dat dit het knelpunt blijkt te zijn. We hebben al onderhandelingen met de verzekeringssector gevoerd. Hieruit blijkt dat de Vlaamse markt natuurlijk klein is. Indien iemand met een dergelijk product op de markt wil komen, moet hij er natuurlijk voor zorgen dat het voor een private verzekeraar rendabel is. Dat is het eerste probleem. Ik heb tot nu toe geen signalen ontvangen dat er op dit vlak een kentering is of dat een private verzekeringsmaatschappij plots interesse zou hebben. Dat is de informatie waarover ik nu beschik.

We weten allemaal dat het een goede zaak zou zijn indien dit product op de markt zou komen. We hebben al gekeken in de richting van Nederland, waar een aantal spelers dit wel aanbieden. Indien wij een premie zouden uitkeren, zouden ze ook interesse hebben om zich op onze markt aan te bieden. Dat wordt nog verder onderzocht. Die premie is niet nieuw. Dit is al aanvaard in het PDPO. De Europese Commissie moet natuurlijk akkoord gaan dat dit niet tegen de regels inzake staatssteun ingaat.

In elk geval sta ik achter het principe. Ik heb al een paar keer in het Vlaams Parlement verklaard dat we dit verder zullen onderzoeken. Indien er een evolutie op de markt zou komen, zullen we klaarstaan met een premie voor de landbouwers die zich aansluiten.

Het spreekt voor zich – we hebben dat ook in de regering al een paar keer uitgesproken – dat we ook globaal moeten kijken hoe zo’n brede weersverzekering past in een andere aanpak op het vlak van landbouwrampen, maar ook algemene rampen, in Vlaanderen. Je moet de twee samen bekijken, want wie zal zich verzekeren als je daarnaast ook iets hebt dat d’office ook een tegemoetkoming doet? We moeten kijken hoe we dat goed organiseren in Vlaanderen, zodat onze landbouwers zekerheid hebben, maar dat het natuurlijk ook betaalbaar blijft voor Vlaanderen en het een goed systeem is.

De voorzitter

De heer Sintobin heeft het woord.

Bedankt voor uw antwoord, minister. Ik denk dat we allemaal achter het principe van een brede weersverzekering staan. Ik begrijp natuurlijk ook wel het standpunt van de verzekeringsmaatschappijen, die wat terughoudend zijn, omdat de risico’s natuurlijk bijzonder groot zijn. We hebben het al verschillende keren aangehaald in de commissie dat we naar het buitenland moeten kijken, of daar eventueel samenwerkingsverbanden mogelijk zijn.

U houdt zich vandaag een beetje op de vlakte en verwijst naar de discussies die we de afgelopen maanden en jaren al gehad hebben, terwijl een landbouworganisatie met concrete cijfers en een concrete timing naar buiten komt. Dat verbaast me toch een beetje. Men zegt bij de Boerenbond ook dat het niet over nieuwe fondsen gaat die zouden worden vrijgemaakt, maar om een overheveling van middelen. Men zegt dat er zowel middelen vanuit Europa als middelen vanuit Vlaanderen ter beschikking zouden worden gesteld. Ik vraag u nogmaals duidelijkheid over die Vlaamse en Europese middelen. En ook de timing is mij nog niet zo duidelijk.

De voorzitter

De heer Engelbosch heeft het woord.

Jelle Engelbosch (N-VA)

Minister, u hebt mij eigenlijk weer ongelukkig gemaakt, in die zin dat u niet zegt dat we het verhaal van de Boerenbond een beetje moeten nuanceren, maar dat u het eigenlijk zelfs tegenspreekt. U zegt dat we vandaag niet verder staan dan gisteren of bij de vorige discussie. Alles is nog hetzelfde. De problemen die er zijn – en die zijn er wel degelijk – zijn er vandaag nog steeds.

In die zin begrijp ik de communicatie van de Boerenbond niet. U bent in dezen natuurlijk niet verantwoordelijk voor de communicatie die de Boerenbond voert. Maar het enige wat dat volgens mij als gevolg zal hebben, is dat de verzekeringen nog duurder zullen worden, als men zegt dat er subsidies van Vlaanderen en Europa komen. De verzekeringssector leest immers ook kranten. Dan gaat het dus nog moeilijker worden. Ik begrijp dus niet goed vanwaar dat komt. Ik reken op u, minister, om hen ook een beetje op de vingers te tikken. Als zij een gesprekspartner willen zijn daarin, verwachten wij ook discretie van hen, om naar een verzekering te kunnen toewerken.

U spreekt over het bekijken van het Landbouwrampenfonds en het Rampenfonds. Dat is natuurlijk zeer goed. Ondertussen is het ook in het Staatsblad verschenen van de vorst en de droogte van afgelopen voorjaar. Wat is daar de verdere procedure? Als ik het goed begrepen heb, hebben ze nu drie maanden de tijd om een dossier in te dienen. Kunt u mij zeggen wanneer de uitbetaling dan zou volgen?

De voorzitter

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, de discussie die wij vandaag voeren, loopt natuurlijk al een tijdje. Maar ik vrees ook dat ze nog enige tijd zal doorgaan en dat we morgen nog niet dé oplossing zullen hebben.

Minister, belangrijk is hoe dan ook – en bij de laatste bespreking in de commissie is dat ook aan bod gekomen – dat we wel even over de grenzen heen kijken, naar welke samenwerkingen er kunnen zijn met het buitenland.

Betaalbaarheid voor diegene die zich wenst te verzekeren is een fundamenteel element. Ik deel de bezorgdheid van zij die zeggen: opletten dat we met soortgelijke discussies de prijs niet nog hoger maken voor zij die zich wensen te verzekeren. En we weten dat daar een van de probleemsituaties zat.

Naast de weersverzekering, die we hopelijk kunnen realiseren, is het hoe dan ook belangrijk dat het Rampenfonds blijft bestaan, mogelijk als herverzekeraar of als waarborgfonds.

De voorzitter

De heer Vanderjeugd heeft het woord.

Francesco Vanderjeugd (Open Vld)

Minister, als wat u zegt, klopt, is het natuurlijk een beetje ongelukkige communicatie van de Boerenbond. Maar u voert die communicatie niet. Ik ben blij dat collega Sintobin de resolutie van mijn voorganger Karlos Callens en huidig collega Lydia Peeters aanhaalt. Het is inderdaad al een werk van lange adem geweest en het zal inderdaad, zoals collega De Meyer zegt, niet een-twee-drie geregeld zijn. Als we zien welke druk er op de financiële middelen van het Rampenfonds en het Landbouwrampenfonds komt, dan is dat niet oneindig en is een brede weersverzekering echt aan de orde.

Minister, het is goed dat u hebt verklaard dat er vanuit het Programmeringsdocument voor Plattelandsontwikkeling (PDPO) vanuit Europa middelen kunnen worden ingezet voor de premie. Ik wil van deze gelegenheid gebruik maken om een warme oproep te doen aan de verzekeringsmaatschappijen om hun maatschappelijke verantwoordelijkheid in deze zaak op te nemen. Ik ben ervan overtuigd dat u al het nodige zult doen om die verschillende verzekeringsmaatschappijen het licht te laten zien.

De voorzitter

Mevrouw Robeyns heeft het woord.

Minister, ik deel de zorg en de verontwaardiging inzake de communicatie over de Boerenbond. Het is toch heel vreemd dat ze met een heel concreet verhaal naar buiten komen, zeggende welke middelen zullen worden vrijgemaakt, wanneer het in werking zal treden, wanneer er met de landbouwers rond de tafel wordt gezeten, wat de randvoorwaarden zijn. En u zegt hier nu dat u na tien jaar discussie nog geen stap vooruit bent gekomen. Dat is toch een heel vreemde gang van zaken.

Minister, zo'n product heeft alleen maar zin als het tegemoetkomt aan wat de landbouwers ervan verwachten en als het betaalbaar is. Anders gaan we iets creëren dat geen oplossing biedt. Je kunt deze discussie niet los zien van de bestaande rampenfondsen, zeker het landbouwrampenfonds. De twee zomaar naast elkaar creëren, lijkt me niet verstandig. Het ene kan misschien een aanvulling zijn op het andere, maar maak geen dubbel spoor, want dan gaan de landbouwers er natuurlijk geen gebruik van maken.

Minister, ook de oorzaken, namelijk de klimaatopwarming, mogen we niet uit het oog verliezen.

De voorzitter

De heer Caron heeft het woord.

Bart Caron (Groen)

Het is zover gekomen dat de Boerenbond communiceert over het overheidsbeleid inzake landbouw. Eigenlijk is dat alleen maar een bevestiging van een realiteit. Bovendien heeft de Boerenbond beslist dat de hectaresteun daarvoor zal worden gebruikt. Dat staat in hun teksten: 51 miljoen euro. Het is dus zelfs geen vers geld, het is een verschuiving van geld van de hectaresteun in het Plattelandsfonds.

Meer nog, de Boerenbond zegt zelfs dat het een opstap is naar een inkomensverzekering voor de landbouw. Ik ben voor alle verzekeringsmodellen gewonnen die vandaag worden bedacht, maar zo'n systeem kan enkel werken – ik ben voor een slechtweerverzekering – als het een solidair systeem is waar iedereen aan participeert en ertoe wordt verplicht. Anders krijg je geen risicospreiding en zijn alleen de kleine risico's verzekerd op goede gronden. Natte gronden vallen er dan uit. Ik geef maar een paar voorbeelden. Het kan alleen werken als de risico's eerlijk worden gespreid over iedereen.

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Al degenen die uit de lucht komen vallen over de cofinanciering vanuit Europa, maar ook over bepaalde modaliteiten, nodig ik uit om toch eens naar de website te kijken van het plattelandsprogramma. Dat is allemaal aangemeld bij Europa in 2013. Die principes staan er allemaal in. Europa gaat akkoord met de cofinanciering, dat ligt allemaal vast. Dat is dus niet iets totaal nieuws, het ligt vast.

Het grote probleem is dat die middelen voorhanden zijn, dat de modaliteiten deels vastliggen, maar dat we privéverzekeraars moeten vinden die het product ook aanbieden. Dat is ook de reden waarom we dat totaal willen bekijken. Ook de algemene rampen, de landbouwrampen, de levensverzekering, dat kunnen we niet los zien van elkaar.

Eigenlijk bestaat het systeem al. We kennen het al voor de hagel. Je kunt je verzekeren tegen hagel. Ben je niet verzekerd, dan zal de uitkering die je krijgt voor een ramp, ook wegvallen. Dat is een typisch voorbeeld van hoe je die beide zaken aan elkaar moet koppelen. Het is logisch dat je dat niet los van elkaar kunt bekijken.

We zijn al een tijdje in overleg met de verzekeringsmaatschappijen, dat heb ik al vaak gezegd in de commissie, om te luisteren naar hun bezorgdheden, waarom ze het niet aanbieden in Vlaanderen. Ook dat is dus niet zo nieuw. Ik heb op dit moment geen indicatie dat er plots een grote wending zal zijn, dat er een verzekeringsmaatschappij geïnteresseerd zou zijn. Ik heb dat gisteren ook gelezen in de krant. Nogmaals, ik ben daar niet verantwoordelijk voor en ik heb die informatie ook niet.

Uiteraard zullen we dat ook verder uitwerken en zorgen dat het een goed systeem is. Ik ben het volledig eens met degenen die zeggen dat het voor iedereen toegankelijk moet zijn. Dat is net de reden waarom we vanuit de plattelandsmiddelen ook middelen plannen om diegenen die zich aansluiten mee te financieren en daarin tussen te komen. Het is juist de bedoeling dat het voor iedereen toegankelijk is. Maar daar moeten we ook voorzichtig zijn. Als je zegt: wij komen tussen, dan zou het voor verzekeringsmaatschappijen al te gemakkelijk zijn om de premies te verhogen. Daar moeten we dus voorzichtig en als een goede huisvader mee omgaan.

Daarom denk ik dat het goed is om niet te bruuskeren, om te kijken wat de interesse is uit de markt en hoe we daar vanuit Vlaanderen aan kunnen tegemoetkomen. Het is logisch dat we het totaal bekijken, dat we dat goed aanpakken en zien hoe we tot een goed systeem kunnen komen, goed voor de belastingbetaler, goed voor de landbouwer en een goede verzekering. Op die manier kunnen we in Vlaanderen vooruitziend zijn en op een goede manier daarin bijdragen en mensen aanmoedigen als er een dergelijk product op de markt is, om daar ook in mee te stappen.

Minister, ik begrijp dat u een beetje verveeld zit met onze vragen en ik begrijp dat u vooral verveeld zit met de communicatie van de Boerenbond. Ik wil hier niet het proces maken van de Boerenbond, maar het blijft toch eigenaardig dat de landbouworganisatie hier concreet communiceert. Over de principes zijn we het natuurlijk allemaal eens. Maar ik begrijp niet dat een landbouworganisatie die in overleg is met u en die in overleg is met verzekeringsmaatschappijen, communiceert over concrete cijfers en een concrete timing. Dat is mij echt een raadsel. Ik vind, na uw antwoord en na de hele communicatie rond dit dossier, dat de onduidelijkheid troef is. Inderdaad, zoals collega Robeyns zegt, als ik uw antwoord analyseer, dan staan we vandaag geen stap verder, terwijl een landbouworganisatie de indruk wekt dat alles in kannen en kruiken is, zoals collega Engelbosch zegt, die eerst gelukkig is en dan ongelukkig – maar dat is een beetje zijn leven, waarschijnlijk. (Gelach)

Dat laatste was maar een grapje, hé.

Ik begrijp echt niet goed dat een dergelijke communicatie mogelijk is.

Jelle Engelbosch (N-VA)

Collega Sintobin, om u gerust te stellen: met mij gaat alles goed.

Minister, het klopt natuurlijk wat hier gezegd wordt. Wij lazen gisteren in de krant – de landbouwers lezen dat trouwens ook – dat het eindelijk concreet gaat worden, want er wordt al decennia over gesproken. Nu wordt hier vandaag eigenlijk gezegd dat er nog niets concreet is en dat we nog altijd op hetzelfde punt staan als waar we tien jaar geleden stonden. We zijn het er kamerbreed over eens dat we daar werk van moeten maken want we hebben met de landbouwrampen van het afgelopen jaar gezien dat het niet houdbaar is om dat te blijven doen omdat het een enorme druk op onze begroting geeft. Minister, ik wil u oproepen, kamerbreed gesteund, om van dat thema binnen de landbouw echt wel een prioriteit te maken. Wat in andere landen kan, zou hier in Vlaanderen ook moeten kunnen. Ik wil u oproepen om daar voor de landbouwsector echt wel een prioriteit van te maken. Mijn concrete vraag over het Landbouwrampenfonds hebt u nog niet beantwoord maar dat zult u mij misschien straks wel vertellen. (Applaus bij de N-VA)

De voorzitter

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.