U bent hier

De voorzitter

De heer Sintobin heeft het woord.

Minister, dit dossier en deze kwestie van de impact van de aanslagen van 22 maart op het toerisme in Vlaanderen en in Brussel zijn al verschillende keren in de commissie en in de plenaire vergadering geweest.

De aanleiding van mijn vraag zijn de nieuwe cijfers of de voorlopige cijfers van Toerisme Vlaanderen die aangeven dat er toch een heel negatieve impact is op het toerisme in Vlaanderen. Er zijn globaal 5,6 procent minder overnachtingen, en 11 procent minder buitenlandse overnachtingen. De Franse markt daalt met min 9 procent, de Duitse markt met min 10 procent, de Britse met min 20 procent, de Amerikaanse met min 25 procent, en de Japanse met min 45 procent. In Brussel waren er vorig jaar een vijfde minder overnachtingen.

Ik weet wel – ik wil natuurlijk ook geen paniek zaaien – dat er de laatste maanden een heropleving is geweest, maar toch denk ik dat, aan de hand van deze cijfers, er misschien beleidsmatig iets anders moet gebeuren dan het beleid dat nu wordt gevoerd. Minister, ik had graag uw reactie gehoord op deze nieuwe cijfers van Toerisme Vlaanderen.

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Collega's, ik ga nog even schetsen. De daling in 2016 van min 5,6 procent is vooral op het conto van de buitenlandse toeristen, want er was maar een zeer beperkte daling van het aantal overnachtingen van Vlamingen en Walen in Vlaanderen, namelijk min 0,4 procent. De grootste daling was natuurlijk bij de buitenlanders, min 11 procent. 2015 was een topjaar. 2016 diende zich aan als nog beter. In maart was er bijvoorbeeld een stijging van 8 procent van het aantal overnachtingen. Dat was een zeer goed cijfer. Net dan zijn er de aanslagen op 22 maart, in de periode van de boekingen. Ook dat heeft een repercussie gehad: het was net op het moment dat de boekingen voor de grote vakantie werden gedaan. Het was dus dubbele pech.

We hebben een campagne gevoerd van bij de heropstart van Zaventem, vertrekkende vanuit onze troeven. We blijven dat doen. We zien nu ook dat de slinger terugkomt en ook met betrekking tot die buitenlandse markten en die verre markten. De cijfers van december bijvoorbeeld zijn zeer hoopgevend: voor de Verenigde Staten is dat plus 18 procent in vergelijking met 2016; voor China plus 5 procent; voor Canada plus 18 procent; voor Rusland plus 11 procent. Het zijn allemaal plusjes. Voor Japan is er nog altijd een daling, maar die neemt gestaag af. Dat is goed. Wij blijven vertrekken van onze troeven waarbij we heel specifiek focussen op – en u kent het verhaal – Vlaamse Meesters, gastronomie, wielercultuur  en waarbij we bijvoorbeeld specifieke inspanningen doen voor de Aziatische markt. Vorige week is de lijn Mumbai-Zaventem opgestart met vijf vluchten per week.

Vanaf oktober 2017 krijgen we een lijn Shanghai-Zaventem, wat ook zeer goed is. Er volgt ook een economische missie naar Zuid-Korea, een belangrijke cultuurmarkt voor ons met een grote interesse voor Vlaamse meesters. We blijven uitgaan van onze sterktes, van onze troeven. We voeren geen campagne waarbij we smeken om toeristen omdat het slecht gaat met ons. Neen, we denken dat we een sterk aanbod blijven hebben. Daar blijven we op inzetten, heel specifiek ook op de Aziatische markten. Om de markt in Azië te bewerken, geven we ongeveer 1 miljoen euro uit. Om u een idee te geven: voor de Noord-Amerikaanse markt is er een budget van ongeveer 400.000 euro.

De voorzitter

De heer Sintobin heeft het woord.

Minister, dank u voor uw antwoord. Ik zeg het nog eens: mijn vraag was niet negatief bedoeld. Natuurlijk is het wel zo dat men altijd moet reageren op cijfers die voorbijgestreefd zijn. Ik weet ook wel dat de cijfers van de laatste maanden van 2016 al hoopgevend waren.

Minister, u spreekt ook over een stijging van de buitenlandse markten, zoals de Amerikaanse en de Aziatische markt, en als je dat naast de daling legt van 2016, zitten we nog niet positief. We zitten nog in het rood. Vooral het permanente herstel van de buitenlandse markten is het moeilijkst. Vandaar mijn bijkomende vraag. In januari stelden collega Verstreken en anderen de vraag in de commissie, omdat ze vonden dat er extra financiële middelen moesten komen om campagnes te voeren. Daarop hebt u negatief gereageerd. De situatie is nu anders. Moeten we extra middelen inzetten?

De voorzitter

De heer Landuyt heeft het woord.

Renaat Landuyt (sp·a)

Minister, er zijn ook nog recentere cijfers uit Brugge. In samenspraak met Westtoer monitoren we maand per maand via de gsm-mast en we stellen vast dat de dagtoeristen volledig terug zijn in Brugge. Het verblijfstoerisme blijft wel een probleem. Aansluitend op de hoofdopmerking dat je geen speciale campagnes mag doen maar wel ‘het leven gaat verder’-campagnes, pleiten wij ervoor om de kenmerken van de steden nog veel meer in beeld te brengen, omdat dat het beste werkt op de herinnering van de mensen, vooral van Brugge.

Anderzijds zien we dat de nabije landen veel belangrijker zijn geworden omdat Zaventem toch een drempel blijft om naar hier te komen. De strategie vanuit de stad Brugge is volledig op de buurlanden, samen met Italië en Spanje, gericht. Voor de rest gaat er vooral een grote zorg uit naar ordening van de vele campagnes. U hebt er al tientallen in Brussel, laat staan in Vlaanderen. Er moet toch een initiatief worden genomen om een en ander te coördineren, want ik vrees dat we er een beetje te veel zullen hebben.

De voorzitter

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Dat de aanslagen voor een serieuze impact hebben gezorgd, valt niet te ontkennen. Ik wil hier toch benadrukken dat we al een licht herstel kennen sinds december, en ook in de maanden januari, februari en maart gaat dat verder. De strategie om geen paniekvoetbal te spelen, maar met rustige vastheid de positieve aspecten en de echte troeven van Vlaanderen in de kijker te zetten, werkt. We doen dat inderdaad met verschillende promotieacties, en ook met de diplomatieke betrekkingen die we hebben. Ik denk dan vooral aan de verre landen, die niet te miskennen zijn. Daar moeten we verder werk van maken, want verre landen hebben natuurlijk veel minder voeling met ons land, dat ondertussen wel een stuk veiliger is geworden. We moeten en kunnen ook blijven inzetten op de buurlanden.

Inzake de ordening van de campagnes is het logisch dat de promotiecampagne die Toerisme Vlaanderen opzet onder verschillende thema’s zoals Vlaamse meesters en gastronomie, moet worden doorgetrokken, en dat de provinciale promotiecampagnes daarop moeten worden geënt. Van daaruit kunnen we de buurlanden zeker meenemen.

De voorzitter

Mevrouw Jans heeft het woord.

Minister, zoals u in uw antwoord al hebt vermeld, zien we vooral een daling bij de buitenlandse toeristen. Dit is niet of nauwelijks het geval bij de binnenlandse toeristen. Ik wil in dit verband verwijzen naar het pleidooi dat de heer Poschet daarnet heeft gehouden. Hij heeft minister Gatz gevraagd de verschillende campagnes met betrekking tot Brussel te stroomlijnen. De heer Landuyt heeft het al aangehaald en ik zou u dit ook willen vragen. Lijkt het u niet aangewezen de promotie van Vlaanderen beter af stemmen? De buitenlandse en binnenlandse promotie vormen momenteel twee aparte werelden. Staat u ervoor open hierover overleg te plegen? Momenteel zijn verschillende overheden hiervoor bevoegd. Mij lijkt daar een meerwaarde in te schuilen. Komt er een betere stroomlijning van de promotie van onze regio in binnen- en buitenland?

De voorzitter

De heer De Meulemeester heeft het woord.

Marnic De Meulemeester (Open Vld)

Voorzitter, de toeristische sector en de horecasector in het bijzonder hebben het in 2015 en zeker in 2016 na de aanslagen bijzonder moeilijk gehad. In 2017 tekent zich een positieve trend af. Dat mag worden gezegd. Met betrekking tot de Vlaamse hotels valt een stijging vast te stellen van maar liefst 55 procent.

Minister, de voorbije jaren heeft Toerisme Vlaanderen een aantal creatieve acties op het getouw gezet die een positieve weerslag hebben gehad op het verblijfstoerisme in Vlaanderen. Nu we vaststellen dat zich een positieve trend aftekent, vraag ik me af of het uw bedoeling is samen met Toerisme Vlaanderen in de onmiddellijke toekomst verdere creatieve en innovatieve promotieacties te plannen ten bate van ons toerisme, en dan in het bijzonder ten bate van onze horecasector.

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Ik geloof niet sterk in een grote overload aan campagnes. Het is een hele wirwar. Ik geloof vooral in een structurele werking op de buitenlandse markten. Ik wil in dit verband even een zijsprong maken.

Er wordt me gevraagd de binnenlandse en buitenlandse campagnes op elkaar af te stemmen. Ik zou dat niet doen. Een campagne of promotieactie moet natuurlijk in functie van de markt worden gevoerd. De promotie en het aanbod moeten worden aangepast. Dit is fundamenteel anders. De provincies bedienen de binnenlandse markt. Dat is fundamenteel anders van aard dan de buitenlandse markten en zeker dan de verre markten. Ik kan nog een gelijkenis zien met Nederland, maar daar stopt het wel. We moeten dan andere zaken benadrukken en naar voren schuiven in het binnenland in vergelijking met het buitenland.

Volgens mij is er geen nood aan bijkomende inspanningen voor de Amerikaanse of Chinese markt. We moeten die markten wel structureel bewerken. Misschien moeten we daarbij nog inspanningen leveren voor Tokyo of de Japanse markt. Vooral voor Brugge zou dat interessant zijn.

Brugge is een atypisch geval in het rijtje. Brugge heeft meer schade ondervonden en verlies geleden dan de anderen. De reden is dat Brugge bij uitstek veel verre markten bedient, zoals de Japanse of Amerikaanse markt. In vergelijking met de andere steden slaat de slinger dan ook het hardst door voor Brugge. In Leuven of Mechelen, om de vergelijking te maken, gaat het om een daling met niet meer dan 1 procent of zo.

Volgens mij moeten we de markten vooral structureel blijven bewerken. We moeten vertrekken vanuit ons aanbod. We moeten structurele en geen conjuncturele campagnes voeren. Op dat vlak zijn we goed bezig. De cijfers tonen dit aan. We moeten ervoor zorgen dat we onze boodschap niet verdrinken in een wirwar van of overload aan allerhande campagnes.

De voorzitter

De heer Sintobin heeft het woord.

Minister, ik ben blij dat zich een positieve trend aftekent. Ik ben het ermee eens dat we geen ondoordachte campagnes moeten voeren. Ik bepleit al jaren in het Vlaams Parlement dat we ervoor moeten zorgen dat er geen wirwar aan campagnes door elkaar loopt.

Wat de aparte campagnes in binnen- en buitenland betreft, moeten u structureel focussen op uw strategische markten. U kunt hierbij specifieke Brugse accenten leggen. Dat zal binnenkort allemaal verbeteren.

Wat ‘100 jaar Groote Oorlog’ betreft, kunt u misschien nog bijkomende inspanningen leveren. Misschien kunt u nog een bijkomende campagne in 2017 en 2018 voeren. Op die manier zouden we erin kunnen slagen nog wat meer toeristen naar Vlaanderen te lokken.

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.