U bent hier

Plenaire vergadering

woensdag 23 november 2016, 14.06u

Voorzitter
De voorzitter

De heer Janssens heeft het woord.

Minister, er lijkt maar geen einde te komen aan de stijging van de waterfactuur. Voor een gemiddeld gezin is die prijs in de voorbije jaren al flink toegenomen. Het gaat om een stijging van 30 procent op vijf jaar. Als de nieuwe tariefplannen worden goedgekeurd op 1 januari volgend jaar, zal die prijs opnieuw toenemen en de volgende jaren zal er opnieuw een prijsstijging in de pijplijn zitten. Dat blijkt ten minste uit de tariefplannen die u intussen hebt ontvangen van de watermaatschappijen.

Nochtans stijgt ook het aantal gezinnen met schulden door de oplopende energie- en waterfactuur de voorbije twee jaar met 8 procent. De vrees is dat die groep nog zal groeien door de nieuw aangekondigde prijsstijgingen. Bizar genoeg is de nieuwe tariefstijging het gevolg van het feit dat de Vlaming in principe minder water verbruikt, waardoor die watermaatschappijen minder inkomsten hebben. Het kan toch niet de bedoeling zijn dat de Vlaming meer moet betalen terwijl hij minder verbruikt. Dat kan niet de bedoeling zijn, ook niet van de nieuwe tariefstructuur die u vorig jaar hebt ingevoerd.

De Vlaming wordt ervan bewustgemaakt dat hij spaarzamer en duurzamer met water moet omspringen. Maar als hij dat inderdaad doet, krijgt hij als beloning een hogere factuur in de bus voor water. Dat lijkt me onbillijk, onredelijk en onrechtvaardig. Dat is ook de reden waarom het verzet in de samenleving tegen de nieuwe tariefstijgingen zo groot is.

Minister, gaat u die nieuwe prijsstijgingen tegenhouden? Zult u uw invloed daarvoor aanwenden? Wat zult u doen om in elk geval de prijs voor water betaalbaar te maken of te houden?

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Water is een basisrecht en moet voor iedereen betaalbaar zijn. Sinds de zesde staatshervorming heeft Vlaanderen de bevoegdheid om die waterfactuur gestalte te geven. Juist omdat wij overtuigd zijn dat de waterfactuur betaalbaar moet zijn en dat het om een basisrecht gaat, hebben wij twee jaar geleden de structuur van de waterfactuur hervormd. Wat hebben dat budgetneutraal gedaan.

Door die hervorming is de waterfactuur niet gestegen, we hebben die structuur uniformer gemaakt en we hebben, en dat is uniek, een sterke sociale bescherming ingevoerd. We hebben ervoor gezorgd dat mensen met een minimuminkomen maar 20 procent van de waterfactuur moeten betalen. Het gaat in totaal over 500.000 Vlamingen die deze korting krijgen en over een korting van 50 miljoen euro.

Wat ligt er nu op tafel? Het gaat nu over tariefplannen die de verschillende drinkwatermaatschappijen hebben ingediend en die lopen voor de volgende zes jaar, dus van 2017 tot 2023. Het gaat hier om publieke entiteiten waar de gemeenten in vertegenwoordigd zijn. Deze gemeentelijke vennoten hebben deze tariefplannen goedgekeurd. Die tariefplannen zijn dit jaar in openbaar onderzoek gegaan en daar zijn weinig opmerkingen op gekomen. Het parlement heeft beslist dat die nieuwe tariefplannen in geval van een prijsstijging niet politiek worden beoordeeld, maar dat ze worden beoordeeld door een onafhankelijke waterregulator. Dat is zo beslist en goedgekeurd door het parlement.

Die plannen zijn dus goedgekeurd door de gemeentelijke vennoten, zijn in openbaar onderzoek gegaan en liggen nu voor bij de onafhankelijke waterregulator, die moet beoordelen of die plannen en tarieven billijk zijn en of de doorrekening aan de klant op een correcte manier verloopt. De manier waarop dat moet gebeuren, ligt vast en verschilt per drinkwatermaatschappij. Er staat ook een termijn op.

U vraagt me om vanuit de politiek in te grijpen bij die onafhankelijke regulator. Wij moeten de beslissing van die regulator afwachten. Dat is zo bepaald en daar bestaan geen andere mogelijkheden.

Uiteraard willen wij onze verantwoordelijkheid nemen. Wij zijn ook een beroepsinstantie: wanneer er een beroep is, zullen wij dus een uitspraak moeten doen. Daarnaast kunnen wij via de waterstatistieken jaarlijks de evoluties opvolgen, bijvoorbeeld wanneer mensen de waterfactuur niet meer kunnen betalen. Wij zullen dit grondig evalueren en indien nodig bijsturen.

Mijnheer Janssens, u zegt me dat u hebt gehoord dat de waterfactuur stijgt omdat er minder water zou worden verbruikt. Dat klopt niet. Ik ben niet verantwoordelijkheid voor wat de drinkwatermaatschappij op de televisie komt vertellen, maar het klopt niet dat het waterverbruik daalt. Individueel, per gezin daalt het waterverbruik, maar er komen wel gezinnen bij. Het is dus niet waar dat een drinkwatermaatschappij haar prijzen moet verhogen omdat er minder waterverbruik zou zijn. Dat klopt niet, en de statistieken wijzen dat ook niet uit.

Minister, wat ik vooral concreet van u vraag, is dat de Vlaming niet alweer wordt geconfronteerd met een prijsstijging en met een nieuwe verhoogde factuur. Wanneer u de globale waterfactuur bekijkt, verwijst u naar de prijzen voor drinkwater.

Maar er zijn ook andere elementen. De prijs van drinkwater is minder dan de helft, zo’n 40 procent, van de totale waterfactuur. Anderzijds zijn er ook nog elementen waar de Vlaamse Regering wel vat op heeft en die de voorbije jaren een negatief effect hebben gehad door de maatregelen van deze Vlaamse Regering. Het gaat dan over de impact van de vennootschapsbelasting voor de intercommunales, waarvan de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) zei dat het drinkwater er duurder door zou worden, omdat dat wordt doorgerekend aan de consument. Het gaat over de verhoging van de saneringsbijdrage en dergelijke meer. Dat zijn maatregelen van deze Vlaamse Regering waardoor de waterfactuur inderdaad hoger wordt.

En wat dat laatste betreft: de bijdrage voor de zuivering van het water is wel uw bevoegdheid. Kunt u garanderen dat er in deze legislatuur geen verhoogde bijdrage meer zal worden ingevoerd voor de zuivering van water?

De voorzitter

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Minister, u hebt met uw hervorming wel degelijk de waterfactuur verhoogd, vooral voor singles en kleine verbruikers. U hebt het gratis water per gedomicilieerde afgeschaft en u hebt het vast recht verhoogd. Kom hier dus niet zeggen dat de waterfactuur niet gestegen is, want cijfers wijzen uit dat het vooral voor die doelgroep van kleine verbruikers en alleenstaanden wel is gebeurd.

U distantieert zich nu van De Watergroep. Minister, u bent bevoegd voor De Watergroep. U hebt als Vlaamse Regering de voorzitter van De Watergroep aangeduid. U hebt regeringscommissarissen in De Watergroep. En u hebt de helft van de leden van de raad van bestuur van De Watergroep aangeduid. Dus als u niet akkoord gaat met hun uitspraken, distantieer u er dan van. Vandaag zijn mensen er immers van overtuigd dat als ze minder water verbruiken, ze financieel worden gestraft. Ik wil de vraag van de collega dus nog even herhalen. U bent bevoegd voor De Watergroep. Gaat u dan ook akkoord met de tariefstijging van meer dan 30 procent die nu op uw tafel ligt? Als dat niet zo is, distantieer u er dan van en steun onze drie voorstellen die we zo meteen in een voorstel van resolutie aan het parlement voorleggen en die ervoor zorgen dat de waterfactuur weer betaalbaar en eerlijk wordt. (Applaus bij sp.a)

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Minister, nog niet zo lang geleden werd het verbruik van een basishoeveelheid water beschouwd als levensnoodzakelijk. Maar helaas zijn de tijden veranderd. Er waren indertijd maatregelen om elk gezin te laten genieten van een basishoeveelheid water tegen een betaalbare prijs. Uw regering heeft een andere visie. Zij rekent alle kosten door in de factuur. Zelfs het armoedebeleid rond water wordt doorgerekend in de factuur. Dat vinden wij als Groen pervers.

U zegt dat u voor een grote groep mensen corrigeert. Dat klopt, maar wat gaat u doen voor de groep mensen die daar net boven zit? Voor hen is die factuur immers een zeer zware dobber.

De voorzitter

De heer Nevens heeft het woord.

Bart Nevens (N-VA)

Minister, het is niet alleen de prijs per liter water die vandaag de doorslag geeft in de waterfactuur, maar ook de saneringsbijdrage en het bedrag dat de watermaatschappijen vandaag innen om de saneringsbijdrage te ontvangen. Het is ook de overheadkost, de exploitatiekost, die watermaatschappijen vandaag meerekenen in de factuur voor de eindverbruiker.

Hoe staat het met de benchmark, de efficiëntietrajecten die conform het regeerakkoord door de drinkwatermaatschappijen en de rioolnetbeheerders moeten worden uitgestippeld? Zijn daar al resultaten van? Kunnen die resultaten eventueel de pil verzachten voor de eindverbruiker?

De voorzitter

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Valerie Taeldeman (CD&V)

Collega’s, het is belangrijk om twee zaken duidelijk van elkaar gescheiden te houden. Ten eerste: de tariefplannen van de drinkwatermaatschappijen worden ingediend bij de onafhankelijke waterregulator. Het is die regulator die zal oordelen over de tariefplannen. Ten tweede: de nieuwe componenten van de drinkwaterfactuur. Er komt een evaluatie in 2017. Minister, op welke manier zullen de waterarmoedeproblematiek en de sociale flankerende maatregelen die in de nieuwe drinkwaterfactuur zitten, mee opgenomen worden in die evaluatie?

Collega's, alles wordt op een hoopje gegooid. Mijnheer Beenders, het klopt dat deze Vlaamse Regering heeft beslist dat de gratis kubieke meters water die ter beschikking werden gesteld, worden afgeschaft, vanuit het principe dat aan de eerste druppel water die uit de kraan komt een kostprijs is verbonden. Als je voor iedereen 15 kubieke meter water ter beschikking stelt, dan wordt dat door iedereen meebetaald. Dat weet u. Het wordt verrekend in het deel van de factuur dat iedereen betaalt. Dat geeft het valse gevoel gratis te zijn, aangezien je het ook meebetaalt.

Wij zijn voor een heel ander systeem gegaan. Wij laten vanaf de eerste druppel betalen, maar we voeren een heel sterke sociale correctie door en we voeren ook een gezinscorrectie door. Dat is budgetneutraal. Ik herhaal het nog eens en ik zal het nog honderd keer zeggen: dit is een budgetneutrale oefening.

U zegt dat het voor een aantal gevallen duurder geworden is. We zijn naar een andere verdeling gegaan. Waar vroeger inderdaad iedereen meebetaalde voor de singles, zijn we nu voor een meer sociaal beleid en gezinsbeleid gegaan. Dat is een keuze die deze Vlaamse Regering heeft gemaakt. Maar inderdaad, het gaat om een budgetneutrale oefening.

Mijnheer Danen, uw opmerking heeft mij wat verrast. U zegt dat ik sociale correcties doorvoer en dat die worden doorgerekend in de factuur. Dat is natuurlijk nooit anders geweest. Ik heb in jullie verkiezingsprogramma heel duidelijk gelezen dat jullie heel sterk gaan voor het principe ‘de vervuiler betaalt’. Dat is nu net wat wij hebben gedaan met die hervormde waterfactuur: als je water verbruikt, is daaraan ook een saneringskost verbonden, moet het ook worden gezuiverd. Het is dan ook logisch dat je daarvan bewust wordt gemaakt en dat je daarin meebetaalt.

Het klopt dat de watertarieven moeten worden beoordeeld door een onafhankelijke waterregulator. Mijnheer Beenders, ik heb helemaal niet de intentie om me daarin politiek te gaan mengen. Het is hier anders beslist in het parlement. Nu komt u mij vragen, tegen materies die in dit parlement werden goedgekeurd in, dat ik mij zou gaan moeien met de waterregulator, die een onafhankelijke instantie is. Ik vind dat eerlijk gezegd nogal verregaand. Ik ga er ook van uit dat die onafhankelijke waterregulator de ingediende plannen op een correcte manier zal beoordelen en daarover een uitspraak zal doen.

U vraagt mij wat ik van die tariefstijging vind. Ik kan u daarop niet antwoorden. Ten eerste ligt dat dossier niet op mijn bureau. Ten tweede kan ik die afweging op dit moment niet maken omdat ik die elementen niet heb liggen. Het gaat erover welke kosten eraan verbonden zijn en hoe je die kunt doorrekenen. Dat is iets wat de waterregulator op een correcte manier zal doen. Zoals ik daarnet zei, zijn wij ook een beroepsinstantie.

Mijnheer Nevens, die benchmark is uiteraard zeer belangrijk. We zijn daar volop mee bezig. We hebben de eerste resultaten. Die worden via een aanbeveling aan de drinkwatermaatschappijen overgemaakt. Uiteraard zijn wij bereid om die resultaten met jullie te delen. Ik ben het eens met iedereen die voor performante drinkwatermaatschappijen pleit. We hebben ervoor gekozen om dat publieke entiteiten te laten, met gemeentelijke vennoten. Op die manier wordt de basisvoorziening voor water voldoende gegarandeerd. Ik ben de eerste die ervoor zou pleiten om naar meer rationalisatie op dat vlak te gaan en ervoor te zorgen dat dat meer gestroomlijnd loopt op het terrein. Ik ben dus absoluut voor meer herstructurering van die drinkwatermaatschappijen. Misschien is de tijd ondertussen rijp om daartoe over te gaan.

Mevrouw Taeldeman, u vroeg of dat ook zal worden meegenomen. Het antwoord daarop is: ja. We zullen een grondige evaluatie maken en ervoor zorgen dat we die sociale correcties goed doornemen en doorlichten.

Mijnheer Janssens, we rekenen maar een klein stukje van die saneringsbijdrage door. Het grootste deel wordt in Vlaanderen nog gedragen uit algemene belastingsmiddelen. Die rekenen wij niet door aan de klant, die worden algemeen betaald door de grote pot. Het is niet onze intentie om die saneringsbijdrage vanuit Vlaanderen de komende jaren op te trekken of minder te betalen vanuit algemene middelen.

Minister, anderhalf jaar geleden, namelijk op 22 april 2015, zei u hier, in antwoord op een vraag van een partijgenoot van mij: ‘Wanneer drinkwatermaatschappijen hun tarieven willen aanpassen, hebben wij de sleutel in handen om te zeggen of dat al dan niet goed is.’ Nu zegt u, wanneer we u vragen wat u van de nieuwe tarieven vindt: ‘Ik heb daar geen mening over. Ik ben dan wel de bevoegde minister en dit dossier komt sowieso op mijn bureau terecht, maar ik heb daar helemaal geen mening over.’ De rest van de samenleving, die de kranten leest, heeft daar wel een heel duidelijke mening over, en zegt: ‘Het kan niet dat wij na de zoveelste kostprijsverhoging, na de zoveelste belastingverhoging van de Vlaamse en de Federale Regering, nu alweer meer zullen moeten betalen voor de prijs van water, voor een basisrecht.’ U zegt inderdaad dat water een basisrecht is, en toch vraagt u aan de mensen om daar meer voor te betalen.

Ik vraag u: stuur De Watergroep terug naar af. Stuur de vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering in De Watergroep terug naar af en zeg dat u niet tolereert dat de mensen alweer geconfronteerd worden met een prijsverhoging, met een stijging van de factuur voor water, waarvan u zegt dat het een basisrecht is. Als dat inderdaad zo is, zorg er dan voor dat niemand in de kou blijft staan omdat hij of zij de waterfactuur niet kan betalen.

De voorzitter

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.